Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Mattheüs 23

1 Toen sprak Jezus tot de scharen en tot Zijn discipelen,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 Toen sprakG2980 JezusG2424 tot de scharenG3793 enG2532 tot Zijn discipelenG3101, Toen sprak Jezus tot de scharen en tot Zijn discipelen,

KJV Then1 spake4 Jesus3 to the multitude,6 and7 to his10 disciples,

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 4 ελαλησεν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 5 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 οχλοις G3793 schare, scharen, volk company, multitude, number (of people), people, press 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 μαθηταις G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 10 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Zeggende: De Schriftgeleerden en de Farizeen zijn gezeten op de stoel van Mozes;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 ZeggendeG3004: De SchriftgeleerdenG1122 enG2532 de FarizeenG5330 zijn gezetenG2523 opG1909 de stoelG2515 van MozesG3475; Zeggende: De Schriftgeleerden en de Farizeen zijn gezeten op de stoel van Mozes;

KJV Saying,1 The scribes8 and9 the Pharisees11 sit6 in2 Moses'4 seat:

1 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 3 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 μωσεως G3475 Mozes Moses 5 καθεδρας G2515 zitstoelen, stoel seat 6 εκαθισαν G2523 gezeten, zitten, neder continue, set, sit (down), tarry 7 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Daarom, al wat zij u zeggen, dat gij houden zult, houdt dat en doet het; maar doet niet naar hun werken; want zij zeggen het, en doen het niet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Daarom, alG3956 wat zij u zeggen, dat gijG4771 houdenG5083 zult, houdtG5083 dat en doetG4160 het; maarG1161 doet niet naarG2596 hun werkenG2041; wantG1063 zij zeggen het, en doen het niet. Daarom, al wat zij u zeggen, dat gij houden zult, houdt dat en doet het; maar doet niet naar hun werken; want zij zeggen het, en doen het niet.

Ook in dit vers zeggenG3004

KJV All1 therefore2 whatsoever4 they bid you observe,7 that observe8 and9 do;10 but12 do17 not16 ye after11 their15 works:14 for19 they say,5 and20 do22 not.

1 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 οσα G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 4 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 5 ειπωσιν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 7 τηρειν G5083 bewaard, bewaren, bewaart hold fast, keep(- er), (pre-, re-)serve, watch 8 τηρειτε G5083 bewaard, bewaren, bewaart hold fast, keep(- er), (pre-, re-)serve, watch 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ποιειτε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 11 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 12 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 13 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 15 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 17 ποιειτε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 18 λεγουσιν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 19 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 20 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 21 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 22 ποιουσιν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Want zij binden lasten, die zwaar zijn en kwalijk om te dragen, en leggen ze op de schouderen der mensen; maar zij willen die met hun vinger niet verroeren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 WantG1063 zij bindenG1195 lastenG5413, die zwaarG926 zijn en kwalijk om te dragen, en leggenG2007 ze opG1909 de schouderenG5606 der mensenG444; maarG1161 zijG846 willenG2309 die met hunG846 vingerG1147 nietG3756 verroerenG2795. Want zij binden lasten, die zwaar zijn en kwalijk om te dragen, en leggen ze op de schouderen der mensen; maar zij willen die met hun vinger niet verroeren.

Ook in dit vers kwalijk dragenG1419

KJV For2 they bind1 heavy4 burdens3 and5 grievous to be borne,6 and7 lay8 them on9 men's13 shoulders;11 but15 they themselves will19 not18 move20 them17 with one of their21 fingers.

1 δεσμευουσιν G1195 binden, bindende bind 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 φορτια G5413 lasten, last, pak burden 4 βαρεα G926 zwaar, zware, gewichtig grievous, heavy, weightier 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 δυσβαστακτα G1419 kwalijk dragen, zwaar dragen grievous to be borne 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 επιτιθεασιν G2007 legde, leggen, leide add unto, lade, lay upon, put (up) on, set on (up), + surname, X wound 9 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 10 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ωμους G5606 schouderen, schouders shoulder 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ανθρωπων G444 mensen, mens, Mens certain, man 14 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 16 δακτυλω G1147 vinger, vingeren, vingers finger 17 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 18 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 19 θελουσιν G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 20 κινησαι G2795 schuddende, bewegen, bewogen (re-)move(-r), way 21 αυτα G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 En al hun werken doen zij, om van de mensen gezien te worden; want zij maken hun gedenkcedels breed, en maken de zomen van hun klederen groot.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 En alG3956 hun werkenG2041 doenG4160 zij, om van de mensenG444 gezien te worden; want zij maken hun gedenkcedelsG5440 breedG4115, en maken de zomenG2899 van hunG846 klederenG2440 groot. En al hun werken doen zij, om van de mensen gezien te worden; want zij maken hun gedenkcedels breed, en maken de zomen van hun klederen groot.

Ook in dit vers totG4314

KJV But2 all1 their5 works4 they do6 for7 to be seen9 of men:11 they make broad12 their16 phylacteries,15 and17 enlarge18 the borders20 of their23 garments,

1 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 ποιουσιν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 7 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 8 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 θεαθηναι G2300 aanschouwd, zien, ziende behold, look (upon), see 10 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ανθρωποις G444 mensen, mens, Mens certain, man 12 πλατυνουσιν G4115 uitgebreid, breed make broad, enlarge 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 φυλακτηρια G5440 gedenkcedels phylactery 16 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 μεγαλυνουσιν G3170 achting, bewezen, maakt enlarge, magnify, shew great 19 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 κρασπεδα G2899 zoom, zomen border, hem 21 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 ιματιων G2440 klederen, kleed, kleeds apparel, cloke, clothes, garment, raiment, robe, vesture 23 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En zij beminnen de vooraanzitting in de maaltijden, en de voorgestoelten in de synagogen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En zij beminnenG5368 de vooraanzittingG4411 inG1722 de maaltijdenG1173, enG2532 de voorgestoeltenG4410 inG1722 de synagogenG4864; En zij beminnen de vooraanzitting in de maaltijden, en de voorgestoelten in de synagogen;

KJV And2 love1 the uppermost rooms4 at5 feasts,7 and8 the chief seats10 in11 the synagogues,

1 φιλουσιν G5368 lief, liefheeft, liefheb kiss, love 2 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 3 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 πρωτοκλισιαν G4411 vooraanzittingen, eerste zitplaats, vooraanzitting chief (highest, uppermost) room 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 δειπνοις G1173 avondmaal, maaltijden, avondmaals feast, supper 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πρωτοκαθεδριας G4410 voorgestoelten, voorgestoelte chief (highest, uppermost) seat 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 συναγωγαις G4864 synagoge, synagogen, vergadering assembly, congregation, synagogue
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Ook de begroetingen op de markten, en van de mensen genaamd te worden: Rabbi, Rabbi!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Ook de begroetingenG783 opG1722 de marktenG58, enG2532 vanG5259 de mensenG444 genaamdG2564 te worden: RabbiG4461, RabbiG4461! Ook de begroetingen op de markten, en van de mensen genaamd te worden: Rabbi, Rabbi!

KJV And1 greetings3 in4 the markets,6 and7 to be called8 of9 men,11 Rabbi,12 Rabbi.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ασπασμους G783 groetenis, begroetingen, gegroet greeting, salutation 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αγοραις G58 markten, markt market(-place), street 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 καλεισθαι G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 9 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 10 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ανθρωπων G444 mensen, mens, Mens certain, man 12 ραββι G4461 Rabbi Master, Rabbi 13 ραββι G4461 Rabbi Master, Rabbi
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Doch gij zult niet Rabbi genaamd worden; want Een is uw Meester, namelijk Christus; en gij zijt allen broeders.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Doch gij zult nietG3361 RabbiG4461 genaamdG2564 worden; wantG1063 EenG1520 isG1510 uw MeesterG2519, namelijk ChristusG5547; enG1161 gijG4771 zijtG1510 allenG3956 broedersG80. Doch gij zult niet Rabbi genaamd worden; want Een is uw Meester, namelijk Christus; en gij zijt allen broeders.

KJV But2 be4 not3 ye called Rabbi:5 for7 one6 is your Master,11 even Christ;13 and15 all14 ye are brethren.

1 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 4 κληθητε G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 5 ραββι G4461 Rabbi Master, Rabbi 6 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 7 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 8 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 καθηγητης G2519 Meester, meesters master 12 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 χριστος G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 14 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 15 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 16 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 17 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 18 εστε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 En gij zult niemand uw vader noemen op de aarde; want Een is uw Vader, namelijk Die in de hemelen is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 EnG2532 gijG4771 zult niemandG3361 uw vaderG3962 noemenG2564 op de aardeG1093; wantG1063 EenG1520 isG1510 uw VaderG3962, namelijk Die inG1722 de hemelenG3772 is. En gij zult niemand uw vader noemen op de aarde; want Een is uw Vader, namelijk Die in de hemelen is.

KJV And1 call4 no3 man your father2 upon6 the earth:8 for10 one9 is your Father,13 which7 is in16 heaven.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 πατερα G3962 Vader, vader, vaders father, parent 3 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 4 καλεσητε G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 5 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 6 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 7 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 γης G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 9 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 10 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 11 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 12 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 πατηρ G3962 Vader, vader, vaders father, parent 14 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 15 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ουρανοις G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Noch zult gij meesters genoemd worden; want Een is uw Meester, namelijk Christus.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Noch zult gijG4771 meestersG2519 genoemdG2564 worden; wantG1063 EenG1520 isG1510 uw MeesterG2519, namelijk ChristusG5547. Noch zult gij meesters genoemd worden; want Een is uw Meester, namelijk Christus.

KJV Neither1 be ye called2 masters:3 for5 one4 is your Master,9 even Christ.

1 μηδε G3366 en niet, ook niet, noch neither, nor (yet), (no) not (once, so much as) 2 κληθητε G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 3 καθηγηται G2519 Meester, meesters master 4 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 5 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 6 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 7 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 8 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 καθηγητης G2519 Meester, meesters master 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 χριστος G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Maar de meeste van u zal uw dienaar zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 MaarG1161 de meesteG3187 van uG4771 zal uw dienaarG1249 zijnG1510. Maar de meeste van u zal uw dienaar zijn.

KJV But2 he that is greatest among you shall be your servant.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 μειζων G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 4 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 5 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 7 διακονος G1249 dienaar, dienaars, diakenen deacon, minister, servant

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En wie zichzelven verhogen zal, die zal vernederd worden; en wie zichzelven zal vernederen, die zal verhoogd worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En wie zichzelven verhogenG5312 zal, die zal vernederdG5013 worden; en wie zichzelvenG1438 zal vernederenG5013, die zal verhoogdG5312 worden. En wie zichzelven verhogen zal, die zal vernederd worden; en wie zichzelven zal vernederen, die zal verhoogd worden.

KJV And2 whosoever1 shall exalt3 himself4 shall be abased;5 and6 he7 that shall humble8 himself9 shall be exalted.

1 οστις G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 υψωσει G5312 verhoogd, verhogen, verhoogt exalt, lift up 4 εαυτον G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 5 ταπεινωθησεται G5013 vernederd, Vernedert, vernederen abase, bring low, humble (self) 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 οστις G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 8 ταπεινωσει G5013 vernederd, Vernedert, vernederen abase, bring low, humble (self) 9 εαυτον G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 10 υψωθησεται G5312 verhoogd, verhogen, verhoogt exalt, lift up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Maar wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden! want gij sluit het Koninkrijk der hemelen voor de mensen, overmits gij daar niet ingaat, noch degenen, die ingaan zouden, laat ingaan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 MaarG1161 weeG3759 u, gij SchriftgeleerdenG1122 en FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273! wantG3754 gij sluitG2808 het KoninkrijkG932 der hemelenG3772 voor de mensenG444, overmitsG1063 gijG4771 daar nietG3756 ingaatG1525, noch degenen, die ingaanG1525 zouden, laat ingaanG1525. Maar wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden! want gij sluit het Koninkrijk der hemelen voor de mensen, overmits gij daar niet ingaat, noch degenen, die ingaan zouden, laat ingaan.

KJV But6 woe3 unto you, scribes9 and10 Pharisees,11 hypocrites!12 for13 ye shut up14 the kingdom16 of heaven18 against19 men:21 for23 ye neither26 go in25 yourselves, neither24 suffer ye29 them that are entering28 to go in.

3 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 5 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 6 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 8 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 9 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 12 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 κλειετε G2808 gesloten, sluit, sluiten shut (up) 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 βασιλειαν G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ουρανων G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 19 εμπροσθεν G1715 vóór, voor het aangezicht van against, at, before, (in presence, sight) of 20 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 ανθρωπων G444 mensen, mens, Mens certain, man 22 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 23 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 24 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 25 εισερχεσθε G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 26 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 27 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 εισερχομενους G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 29 αφιετε G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 30 εισελθειν G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij eet de huizen der weduwen op, en dat onder den schijn van lang te bidden; daarom zult gij te zwaarder oordeel ontvangen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 WeeG3759 u, gij SchriftgeleerdenG1122 en FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij eetG2719 de huizenG3614 der weduwenG5503 op, en dat onder den schijnG4392 van langG3117 te biddenG4336; daarom zult gij te zwaarderG4055 oordeelG2917 ontvangenG2983. Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij eet de huizen der weduwen op, en dat onder den schijn van lang te bidden; daarom zult gij te zwaarder oordeel ontvangen.

KJV Woe3 unto you, scribes9 and10 Pharisees,11 hypocrites!12 for13 ye devour14 widows'18 houses,16 and19 for a pretence20 make22 long21 prayer: therefore23 ye shall receive25 the greater damnation.

3 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 4 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 6 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 8 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 9 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 12 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 κατεσθιετε G2719 aten, eet, opeten devour 15 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 οικιας G3614 huis, huizen, huize home, house(-hold) 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 χηρων G5503 weduwen, weduwe, zekere weduwe widow 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 προφασει G4392 schijn, deksel, voorwendsel cloke, colour, pretence, show 21 μακρα G3117 lang, ver, lange far, long 22 προσευχομενοι G4336 bidden, bidt, bad pray (X earnestly, for), make prayer 23 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 24 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 25 ληψεσθε G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 26 περισσοτερον G4053 onnodig, overvloed, voordeel exceeding abundantly above, more abundantly, advantage, exceedingly, very highly, beyond measure, more, superfluous, vehement(-ly) 27 κριμα G2917 oordeel, oordelen, rechtzaken avenge, condemned, condemnation, damnation, + go to law, judgment

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij omreist zee en land, om een Jodengenoot te maken, en als hij het geworden is, zo maakt gij hem een kind der helle, tweemaal meer dan gij zijt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 WeeG3759 u, gijG4771 SchriftgeleerdenG1122 enG2532 FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij omreistG4013 zeeG2281 enG2532 landG3584, om een JodengenootG4339 te maken, enG2532 als hij het gewordenG1096 is, zo maaktG4160 gij hemG846 een kindG5207 der helleG1067, tweemaalG1362 meer dan gij zijt. Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij omreist zee en land, om een Jodengenoot te maken, en als hij het geworden is, zo maakt gij hem een kind der helle, tweemaal meer dan gij zijt.

KJV Woe1 unto you, scribes3 and4 Pharisees,5 hypocrites!6 for7 ye compass8 sea10 and11 land13 to make14 one15 proselyte,16 and17 when18 he is made,19 ye make20 him21 twofold more24 the child22 of hell23 than yourselves.

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 περιαγετε G4013 omging, leiden, omreist compass, go (round) about, lead about 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 θαλασσαν G2281 zee sea 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ξηραν G3584 dorre, dor, droge dry land, withered 14 ποιησαι G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 15 ενα G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 16 προσηλυτον G4339 Jodengenoot, Jodengenoten proselyte 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 οταν G3752 wanneer, zodra as long (soon) as, that, + till, when(-soever), while 19 γενηται G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 20 ποιειτε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 21 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 22 υιον G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 23 γεεννης G1067 hel, helse, helle hell 24 διπλοτερον G1362 dubbel, dubbele, tweemaal double, two-fold more 25 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Wee u, gij blinde leidslieden, die zegt: Zo wie gezworen zal hebben bij den tempel, dat is niets; maar zo wie gezworen zal hebben bij het goud des tempels, die is schuldig.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 WeeG3759 u, gij blindeG5185 leidsliedenG3595, die zegtG3004: Zo wie gezworenG3660 zal hebben bijG1722 den tempelG3485, dat isG1510 nietsG3762; maarG1161 zo wie gezworenG3660 zal hebben bijG1722 het goudG5557 des tempelsG3485, die is schuldigG3784. Wee u, gij blinde leidslieden, die zegt: Zo wie gezworen zal hebben bij den tempel, dat is niets; maar zo wie gezworen zal hebben bij het goud des tempels, die is schuldig.

KJV Woe1 unto you, ye blind4 guides,3 which5 say,6 Whosoever7 shall swear9 by10 the temple,12 it is nothing;13 but16 whosoever15 shall swear18 by19 the gold21 of the temple,23 he is a debtor!

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 οδηγοι G3595 leidslieden, leidsman guide, leader 4 τυφλοι G5185 blinden, blind, blinde blind 5 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 8 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 9 ομοση G3660 gezworen, zweert, zweren swear 10 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 11 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ναω G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 13 ουδεν G3762 niemand, niets, Niemand any (man), aught, man, neither any (thing), never (man), no (man), none (+ of these things), not (any, at all, -thing), nought 14 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 15 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 16 δ G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 17 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 18 ομοση G3660 gezworen, zweert, zweren swear 19 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 20 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 χρυσω G5557 goud gold 22 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 ναου G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 24 οφειλει G3784 schuldig, moet, moeten behove, be bound, (be) debt(-or), (be) due(-ty), be guilty (indebted), (must) need(-s), ought, owe, should
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Gij dwazen en blinden, want wat is meerder, het goud, of de tempel, die het goud heiligt?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Gij dwazenG3474 enG2532 blindenG5185, wantG1063 watG5101 isG1510 meerderG3187, het goudG5557, ofG2228 de tempelG3485, die het goudG5557 heiligtG37? Gij dwazen en blinden, want wat is meerder, het goud, of de tempel, die het goud heiligt?

KJV Ye fools1 and2 blind:3 for5 whether4 is greater, the gold,9 or10 the temple12 that sanctifieth14 the gold?

1 μωροι G3474 dwazen, dwaas, dwaze fool(-ish, X -ishness) 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 τυφλοι G5185 blinden, blind, blinde blind 4 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 5 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 6 μειζων G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 7 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 8 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 χρυσος G5557 goud gold 10 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ναος G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 αγιαζων G37 geheiligd, heiligt, geheiligden hallow, be holy, sanctify 15 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 χρυσον G5557 goud gold

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En zo wie gezworen zal hebben bij het altaar, dat is niets; maar zo wie gezworen zal hebben bij de gave, die daarop is, die is schuldig.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En zoG1437 wieG3739 gezworenG3660 zal hebben bijG1722 het altaarG2379, dat isG1510 nietsG3762; maarG1161 zo wie gezworenG3660 zal hebben bijG1722 de gaveG1435, die daarop is, die is schuldigG3784. En zo wie gezworen zal hebben bij het altaar, dat is niets; maar zo wie gezworen zal hebben bij de gave, die daarop is, die is schuldig.

KJV And,1 Whosoever2 shall swear4 by5 the altar,7 it is nothing;8 but11 whosoever10 sweareth13 by14 the gift16 that is upon18 it,19 he is guilty.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 4 ομοση G3660 gezworen, zweert, zweren swear 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 θυσιαστηριω G2379 altaar, altaars, altaren altar 8 ουδεν G3762 niemand, niets, Niemand any (man), aught, man, neither any (thing), never (man), no (man), none (+ of these things), not (any, at all, -thing), nought 9 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 10 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 δ G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 12 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 13 ομοση G3660 gezworen, zweert, zweren swear 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 δωρω G1435 gave, gaven, geschenken gift, offering 17 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 επανω G1883 boven, op above, more than, (up-)on, over 19 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 οφειλει G3784 schuldig, moet, moeten behove, be bound, (be) debt(-or), (be) due(-ty), be guilty (indebted), (must) need(-s), ought, owe, should
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Gij dwazen en blinden, want wat is meerder, de gave, of het altaar, dat de gave heiligt?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Gij dwazenG3474 enG2532 blindenG5185, wantG1063 watG5101 is meerderG3187, de gaveG1435, ofG2228 het altaarG2379, dat de gaveG1435 heiligtG37? Gij dwazen en blinden, want wat is meerder, de gave, of het altaar, dat de gave heiligt?

KJV Ye fools1 and2 blind:3 for5 whether4 is greater, the gift,8 or9 the altar11 that sanctifieth13 the gift?

1 μωροι G3474 dwazen, dwaas, dwaze fool(-ish, X -ishness) 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 τυφλοι G5185 blinden, blind, blinde blind 4 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 5 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 6 μειζον G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δωρον G1435 gave, gaven, geschenken gift, offering 9 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 10 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 θυσιαστηριον G2379 altaar, altaars, altaren altar 12 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αγιαζον G37 geheiligd, heiligt, geheiligden hallow, be holy, sanctify 14 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 δωρον G1435 gave, gaven, geschenken gift, offering

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Daarom wie zweert bij het altaar, die zweert bij hetzelve, en bij al wat daarop is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Daarom wie zweertG3660 bijG1722 het altaarG2379, die zweertG3660 bijG1722 hetzelveG846, enG2532 bijG1722 alG3956 wat daarop is. Daarom wie zweert bij het altaar, die zweert bij hetzelve, en bij al wat daarop is.

KJV Whoso therefore2 shall swear3 by4 the altar,6 sweareth7 by8 it,9 and10 by11 all things12 thereon.14

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 ομοσας G3660 gezworen, zweert, zweren swear 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θυσιαστηριω G2379 altaar, altaars, altaren altar 7 ομνυει G3660 gezworen, zweert, zweren swear 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 πασιν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 13 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 επανω G1883 boven, op above, more than, (up-)on, over 15 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En wie zweert bij den tempel, die zweert bij denzelven, en bij Dien, Die daarin woont.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 EnG2532 wie zweertG3660 bijG1722 den tempelG3485, die zweertG3660 bijG1722 denzelvenG846, enG2532 bijG1722 Dien, Die daarin woontG2730. En wie zweert bij den tempel, die zweert bij denzelven, en bij Dien, Die daarin woont.

KJV And1 whoso shall swear3 by4 the temple,6 sweareth7 by8 it,9 and10 by11 him that dwelleth13 therein.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ομοσας G3660 gezworen, zweert, zweren swear 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ναω G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 7 ομνυει G3660 gezworen, zweert, zweren swear 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 κατοικουντι G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 14 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 En wie zweert bij den hemel, die zweert bij den troon Gods, en bij Dien, Die daarop zit.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 EnG2532 wie zweertG3660 bijG1722 den hemelG3772, die zweertG3660 bijG1722 den troonG2362 GodsG2316, enG2532 bijG1722 Dien, Die daarop zitG2521. En wie zweert bij den hemel, die zweert bij den troon Gods, en bij Dien, Die daarop zit.

KJV And1 he that shall swear3 by4 heaven,6 sweareth7 by8 the throne10 of God,12 and13 by14 him that sitteth16 thereon.17

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ομοσας G3660 gezworen, zweert, zweren swear 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ουρανω G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 7 ομνυει G3660 gezworen, zweert, zweren swear 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 θρονω G2362 troon, tronen, troons seat, throne 11 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 καθημενω G2521 zittende, zit, zitten dwell, sit (by, down) 17 επανω G1883 boven, op above, more than, (up-)on, over 18 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij vertient de munte, en de dille, en den komijn, en gij laat na het zwaarste der wet, namelijk het oordeel, en de barmhartigheid, en het geloof. Deze dingen moest men doen, en de andere niet nalaten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 WeeG3759 u, gijG4771 SchriftgeleerdenG1122 enG2532 FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij vertientG586 de munteG2238, enG2532 de dilleG432, enG2532 den komijnG2951, en gij laat na het zwaarsteG926 der wetG3551, namelijk het oordeelG2920, enG2532 de barmhartigheidG1656, enG2532 het geloofG4102. DezeG3778 dingen moestG1163 men doenG4160, en de andere nietG3361 nalatenG863. Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij vertient de munte, en de dille, en den komijn, en gij laat na het zwaarste der wet, namelijk het oordeel, en de barmhartigheid, en het geloof. Deze dingen moest men doen, en de andere niet nalaten.

KJV Woe1 unto you, scribes3 and4 Pharisees,5 hypocrites!6 for7 ye pay tithe8 of mint10 and11 anise13 and14 cummin,16 and17 have omitted18 the weightier20 matters of the law,22 judgment,24 mercy,27 and25 faith:30 these ought ye32 to have done,33 and not35 to leave36 the other34 undone.

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 αποδεκατουτε G586 vertient, tienden, tienden nemen (give, pay, take) tithe 9 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ηδυοσμον G2238 munte mint 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ανηθον G432 dille anise 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 κυμινον G2951 komijn cummin 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 αφηκατε G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 19 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 βαρυτερα G926 zwaar, zware, gewichtig grievous, heavy, weightier 21 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 νομου G3551 wet, wetten, Wet law 23 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 κρισιν G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 ελεον G1656 barmhartigheid, Barmhartigheid (+ tender) mercy 28 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 29 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 30 πιστιν G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 31 ταυτα G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 32 εδει G1163 moet, moest, moeten behoved, be meet, must (needs), (be) need(-ful), ought, should 33 ποιησαι G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 34 κακεινα G2548 Dezen, dezen and him (other, them), even he, him also, them (also), (and) they 35 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 36 αφιεναι G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Gij blinde leidslieden, die de mug uitzijgt, en den kemel doorzwelgt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 Gij blindeG5185 leidsliedenG3595, die de mugG2971 uitzijgtG1368, enG1161 den kemelG2574 doorzwelgtG2666. Gij blinde leidslieden, die de mug uitzijgt, en den kemel doorzwelgt.

KJV Ye blind2 guides,1 which strain at4 a gnat,6 and8 swallow10 a camel.

1 οδηγοι G3595 leidslieden, leidsman guide, leader 2 τυφλοι G5185 blinden, blind, blinde blind 3 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 διυλιζοντες G1368 uitzijgt strain at (probably by misprint) 5 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κωνωπα G2971 mug gnat 7 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 9 καμηλον G2574 kemel, kemelshaar camel 10 καταπινοντες G2666 verslonden, doorzwelgt, verdronken devour, drown, swallow (up)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij reinigt het buitenste des drinkbekers, en des schotels, maar van binnen zijn zij vol van roof en onmatigheid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 WeeG3759 u, gijG4771 SchriftgeleerdenG1122 en FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij reinigtG2511 het buitensteG1855 des drinkbekersG4221, en des schotelsG3953, maarG1161 van binnenG2081 zijn zij volG1073 vanG1537 roofG724 en onmatigheidG192. Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij reinigt het buitenste des drinkbekers, en des schotels, maar van binnen zijn zij vol van roof en onmatigheid.

KJV Woe1 unto you, scribes3 and4 Pharisees,5 hypocrites!6 for7 ye make clean8 the outside10 of the cup12 and13 of the platter,15 but17 within16 they are full18 of19 extortion20 and21 excess.

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 καθαριζετε G2511 gereinigd, reinigen, reinigt (make) clean(-se), purge, purify 9 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εξωθεν G1855 buiten, buitenste, uiterlijk out(-side, -ward, - wardly), (from) without 11 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ποτηριου G4221 drinkbeker, drinkbekers, beker cup 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 παροψιδος G3953 schotel, schotels platter 16 εσωθεν G2081 binnen, binnenste, inwendige inward(-ly), (from) within, without 17 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 18 γεμουσιν G1073 vol be full 19 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 20 αρπαγης G724 roof, roving extortion, ravening, spoiling 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 ακρασιας G192 onmatigheid, onthouden excess, incontinency
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 Gij blinde Farizeer, reinig eerst wat binnen in den drinkbeker en den schotel is, opdat ook het buitenste derzelve rein worde.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 Gij blindeG5185 FarizeerG5330, reinigG2511 eerstG4412 wat binnen in den drinkbekerG4221 enG2532 den schotelG3953 is, opdatG2443 ookG2532 het buitensteG1622 derzelve reinG2513 wordeG1096. Gij blinde Farizeer, reinig eerst wat binnen in den drinkbeker en den schotel is, opdat ook het buitenste derzelve rein worde.

KJV Thou blind2 Pharisee,1 cleanse3 first4 that which is within6 the cup8 and9 platter,11 that12 the outside16 of them17 may be13 clean18 also.

1 φαρισαιε G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 2 τυφλε G5185 blinden, blind, blinde blind 3 καθαρισον G2511 gereinigd, reinigen, reinigt (make) clean(-se), purge, purify 4 πρωτον G4412 eerst, eerste, Eerstelijk before, at the beginning, chiefly (at, at the) first (of all) 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 εντος G1787 within 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 ποτηριου G4221 drinkbeker, drinkbekers, beker cup 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 παροψιδος G3953 schotel, schotels platter 12 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 13 γενηται G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 εκτος G1622 buiten, tenzij, buitenste but, except(-ed), other than, out of, outside, unless, without 17 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 18 καθαρον G2513 rein, zuiver, reinen clean, clear, pure
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij zijt den witgepleisterden graven gelijk, die van buiten wel schoon schijnen, maar van binnen zijn zij vol doodsbeenderen en alle onreinigheid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 WeeG3759 u, gijG4771 SchriftgeleerdenG1122 en FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij zijt den witgepleisterdenG2867 gravenG5028 gelijk, die van buitenG1855 wel schoonG5611 schijnenG5316, maarG1161 van binnenG2081 zijn zij volG1073 doodsbeenderenG3498 en alleG3956 onreinigheidG167. Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij zijt den witgepleisterden graven gelijk, die van buiten wel schoon schijnen, maar van binnen zijn zij vol doodsbeenderen en alle onreinigheid.

KJV Woe1 unto you, scribes3 and4 Pharisees,5 hypocrites!6 for7 ye are like8 unto whited10 sepulchres,9 which11 indeed13 appear14 beautiful15 outward,12 but17 are within16 full18 of dead20 men's bones,19 and21 of all22 uncleanness.

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 παρομοιαζετε G3945 be like unto 9 ταφοις G5028 graf, graven sepulchre, tomb 10 κεκονιαμενοις G2867 gewitte, witgepleisterden whiten 11 οιτινες G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 12 εξωθεν G1855 buiten, buitenste, uiterlijk out(-side, -ward, - wardly), (from) without 13 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 14 φαινονται G5316 schijnt, schijnen, mogen appear, seem, be seen, shine, X think 15 ωραιοι G5611 Schone, liefelijk, schoon beautiful 16 εσωθεν G2081 binnen, binnenste, inwendige inward(-ly), (from) within, without 17 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 18 γεμουσιν G1073 vol be full 19 οστεων G3747 benen, been, gebeente bone 20 νεκρων G3498 doden, dood, dode dead 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 πασης G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 23 ακαθαρσιας G167 onreinigheid uncleanness
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Alzo ook schijnt gij wel den mensen van buiten rechtvaardig, maar van binnen zijt gij vol geveinsdheid en ongerechtigheid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 AlzoG3779 ookG2532 schijntG5316 gij wel den mensenG444 van buitenG1855 rechtvaardigG1342, maarG1161 van binnenG2081 zijtG1510 gij volG3324 geveinsdheidG5272 en ongerechtigheidG458. Alzo ook schijnt gij wel den mensen van buiten rechtvaardig, maar van binnen zijt gij vol geveinsdheid en ongerechtigheid.

KJV Even so1 ye also2 outwardly4 appear6 righteous9 unto men,8 but11 within10 ye are full12 of hypocrisy14 and15 iniquity.

1 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 4 εξωθεν G1855 buiten, buitenste, uiterlijk out(-side, -ward, - wardly), (from) without 5 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 6 φαινεσθε G5316 schijnt, schijnen, mogen appear, seem, be seen, shine, X think 7 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 ανθρωποις G444 mensen, mens, Mens certain, man 9 δικαιοι G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous) 10 εσωθεν G2081 binnen, binnenste, inwendige inward(-ly), (from) within, without 11 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 12 μεστοι G3324 vol full 13 εστε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 υποκρισεως G5272 geveinsdheid, oordeel, veinzing condemnation, dissimulation, hypocrisy 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 ανομιας G458 ongerechtigheid, ongerechtigheden, overtredingen iniquity, X transgress(-ion of) the law, unrighteousness
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij bouwt de graven der profeten op, en versiert de graftekenen der rechtvaardigen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 WeeG3759 u, gijG4771 SchriftgeleerdenG1122 enG2532 FarizeenG5330, gij geveinsdenG5273, wantG3754 gij bouwtG3618 de gravenG5028 der profetenG4396 op, enG2532 versiertG2885 de graftekenenG3419 der rechtvaardigenG1342; Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij bouwt de graven der profeten op, en versiert de graftekenen der rechtvaardigen;

KJV Woe1 unto you, scribes3 and4 Pharisees,5 hypocrites!6 because7 ye build8 the tombs10 of the prophets,12 and13 garnish14 the sepulchres16 of the righteous,

1 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 υποκριται G5273 geveinsden, geveinsde hypocrite 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 οικοδομειτε G3618 bouwen, gebouwd, bouwde (be in) build(-er, -ing, up), edify, embolden 9 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ταφους G5028 graf, graven sepulchre, tomb 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 προφητων G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 κοσμειτε G2885 versierd, versieren, bereidden adorn, garnish, trim 15 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 μνημεια G3419 graf, graven, grafs grave, sepulchre, tomb 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 δικαιων G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 En zegt: Indien wij in de tijden onzer vaderen waren geweest, wij zouden met hen geen gemeenschap gehad hebben aan het bloed der profeten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 EnG2532 zegtG3004: IndienG1487 wij inG1722 de tijdenG2250 onzer vaderenG3962 warenG1510 geweest, wij zouden metG1722 henG846 geenG3756 gemeenschapG2844 gehad hebben aan het bloedG129 der profetenG4396. En zegt: Indien wij in de tijden onzer vaderen waren geweest, wij zouden met hen geen gemeenschap gehad hebben aan het bloed der profeten.

KJV And1 say,2 If3 we had been in5 the days7 of our fathers,9 we would12 not11 have been partakers14 with them15 in16 the blood18 of the prophets.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 λεγετε G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 4 ημεν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 πατερων G3962 Vader, vader, vaders father, parent 10 ημων G1473 mij, ik I, me 11 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 12 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 13 ημεν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 κοινωνοι G2844 gemeenschap, deelachtig, metgezel companion, X fellowship, partaker, partner 15 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 αιματι G129 bloed, bloeds, bloede blood 19 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 προφητων G4396 profeten, profeet, Profeet prophet
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 Aldus getuigt gij tegen uzelven, dat gij kinderen zijt dergenen, die de profeten gedood hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 AldusG5620 getuigtG3140 gij tegen uzelven, datG3754 gij kinderenG5207 zijtG1510 dergenen, die de profetenG4396 gedoodG5407 hebben. Aldus getuigt gij tegen uzelven, dat gij kinderen zijt dergenen, die de profeten gedood hebben.

KJV Wherefore1 ye be witnesses2 unto yourselves,3 that4 ye are the children5 of them which killed8 the prophets.

1 ωστε G5620 zodat, daarom (insomuch) as, so that (then), (insomuch) that, therefore, to, wherefore 2 μαρτυρειτε G3140 getuigenis, getuigen, getuigt charge, give (evidence), bear record, have (obtain, of) good (honest) report, be well reported of, testify, give (have) testimony, (be, bear, give, obtain) witness 3 εαυτοις G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 4 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 5 υιοι G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 6 εστε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 7 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 φονευσαντων G5407 doden, gedood, benijdt kill, do murder, slay 9 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 προφητας G4396 profeten, profeet, Profeet prophet
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 Gij dan ook, vervult de mate uwer vaderen!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 GijG4771 dan ookG2532, vervultG4137 de mateG3358 uwer vaderenG3962! Gij dan ook, vervult de mate uwer vaderen!

KJV Fill3 ye up then1 the measure5 of your fathers.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 3 πληρωσατε G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply 4 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 μετρον G3358 maat, mate measure 6 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πατερων G3962 Vader, vader, vaders father, parent 8 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 Gij slangen, gij adderengebroedsels! hoe zoudt gij de helse verdoemenis ontvlieden?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 Gij slangenG3789, gij adderengebroedselsG1081! hoeG4459 zoudt gij de helseG1067 verdoemenisG2920 ontvliedenG575? Gij slangen, gij adderengebroedsels! hoe zoudt gij de helse verdoemenis ontvlieden?

KJV Ye serpents,1 ye generation2 of vipers,3 how4 can ye5 escape6 the damnation8 of hell?

1 οφεις G3789 slang, slangen, Slangen serpent 2 γεννηματα G1081 adderengebroedsels, vrucht, gewas fruit, generation 3 εχιδνων G2191 adder viper 4 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 5 φυγητε G5343 vlieden, vliedt, gevloden escape, flee (away) 6 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 7 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 κρισεως G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment 9 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 γεεννης G1067 hel, helse, helle hell
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Daarom ziet, Ik zend tot u profeten, en wijzen, en schriftgeleerden, en uit dezelve zult gij sommigen doden en kruisigen, en sommigen uit dezelve zult gij geselen in uw synagogen, en zult hen vervolgen van stad tot stad;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 Daarom zietG3708, IkG1473 zendG649 totG4314 uG4771 profetenG4396, enG2532 wijzenG4680, enG2532 schriftgeleerdenG1122, enG2532 uitG1537 dezelve zult gij sommigen dodenG615 enG2532 kruisigenG4717, enG2532 sommigen uitG1537 dezelve zult gijG4771 geselenG3146 in uw synagogenG4864, enG2532 zult henG846 vervolgenG1377 vanG575 stadG4172 totG1519 stadG4172; Daarom ziet, Ik zend tot u profeten, en wijzen, en schriftgeleerden, en uit dezelve zult gij sommigen doden en kruisigen, en sommigen uit dezelve zult gij geselen in uw synagogen, en zult hen vervolgen van stad tot stad;

KJV Wherefore,1 behold, I4 send5 unto6 you prophets,8 and9 wise men,10 and11 scribes:12 and13 some of14 them15 ye shall kill16 and17 crucify;18 and19 some of20 them21 shall ye scourge22 in23 your synagogues,25 and27 persecute28 them from29 city30 to31 city:

1 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 4 εγω G1473 mij, ik I, me 5 αποστελλω G649 gezonden, zond, zonden put in, send (away, forth, out), set (at liberty) 6 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 7 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 8 προφητας G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 σοφους G4680 wijzen, wijs, wijze wise 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 γραμματεις G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 15 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 αποκτενειτε G615 doden, gedood, doodden put to death, kill, slay 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 σταυρωσετε G4717 gekruist, gekruisigd, kruisigen crucify 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 21 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 22 μαστιγωσετε G3146 geselen, gegeseld, geselde scourge 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 συναγωγαις G4864 synagoge, synagogen, vergadering assembly, congregation, synagogue 26 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 27 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 28 διωξετε G1377 vervolgd, vervolgen, vervolgt ensue, follow (after), given to, (suffer) persecute(-ion), press forward 29 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 30 πολεως G4172 stad, steden city 31 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 32 πολιν G4172 stad, steden city
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 Opdat op u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten is op de aarde, van het bloed des rechtvaardigen Abels af, tot op het bloed van Zacharia, den zoon van Barachia, welken gij gedood hebt tussen den tempel en het altaar.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 Opdat opG1909 uG4771 komeG2064 alG3956 het rechtvaardigeG1342 bloedG129, dat vergotenG1632 is opG1909 de aardeG1093, vanG575 het bloedG129 des rechtvaardigenG1342 AbelsG6 af, tot op het bloedG129 van ZachariaG2197, den zoonG5207 van BarachiaG914, welkenG3739 gij gedoodG5407 hebt tussen den tempelG3485 enG2532 het altaarG2379. Opdat op u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten is op de aarde, van het bloed des rechtvaardigen Abels af, tot op het bloed van Zacharia, den zoon van Barachia, welken gij gedood hebt tussen den tempel en het altaar.

KJV That1 upon3 you may come2 all5 the righteous7 blood6 shed8 upon9 the earth,11 from12 the blood14 of righteous17 Abel15 unto18 the blood20 of Zacharias21 son22 of Barachias,23 whom24 ye slew25 between26 the temple28 and29 the altar.

1 οπως G3704 opdat, zodat because, how, (so) that, to, when 2 ελθη G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 3 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 4 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 5 παν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 6 αιμα G129 bloed, bloeds, bloede blood 7 δικαιον G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous) 8 εκχυνομενον G1632 goot, uitgestort, vergoten gush (pour) out, run greedily (out), shed (abroad, forth), spill 9 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 10 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 γης G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 12 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 13 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 αιματος G129 bloed, bloeds, bloede blood 15 αβελ G6 Abel, Abels Abel 16 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 δικαιου G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous) 18 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 αιματος G129 bloed, bloeds, bloede blood 21 ζαχαριου G2197 Zacharias, Zacharia Zacharias 22 υιου G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 23 βαραχιου G914 Barachia Barachias 24 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 25 εφονευσατε G5407 doden, gedood, benijdt kill, do murder, slay 26 μεταξυ G3342 tussen; ondertussen between, mean while, next 27 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 ναου G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 29 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 30 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 31 θυσιαστηριου G2379 altaar, altaars, altaren altar
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Voorwaar zeg Ik u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 VoorwaarG281 zegG3004 Ik uG4771: AlG3956 dezeG3778 dingen zullen komenG2240 overG1909 ditG3778 geslachtG1074. Voorwaar zeg Ik u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.

KJV Verily1 I say2 unto you, All6 these things shall come4 upon7 this generation.

1 αμην G281 Voorwaar, Amen, voorwaar amen, verily 2 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ηξει G2240 komen, kom come 5 ταυτα G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 6 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 7 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 8 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 γενεαν G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 10 ταυτην G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
37 Jeruzalem, Jeruzalem! gij, die de profeten doodt, en stenigt, die tot u gezonden zijn! hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen, gelijkerwijs een hen haar kiekens bijeenvergadert onder de vleugels; en gijlieden hebt niet gewild.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

37 JeruzalemG2419, JeruzalemG2419! gij, die de profetenG4396 doodtG615, enG2532 stenigtG3036, die totG4314 u gezondenG649 zijn! hoe menigmaalG4212 heb Ik uw kinderenG5043 willenG2309 bijeenvergaderenG1996, gelijkerwijsG5158 een hen haar kiekensG3556 bijeenvergadertG1996 onderG5259 de vleugelsG4420; enG2532 gijlieden hebt nietG3756 gewildG2309. Jeruzalem, Jeruzalem! gij, die de profeten doodt, en stenigt, die tot u gezonden zijn! hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen, gelijkerwijs een hen haar kiekens bijeenvergadert onder de vleugels; en gijlieden hebt niet gewild.

KJV O Jerusalem,1 Jerusalem,2 thou that killest4 the prophets,6 and7 stonest8 them which are sent10 unto11 thee,12 how often13 would I14 have gathered15 thy19 children17 together,21 even as20 a hen22 gathereth her25 chickens24 under26 her wings,28 and29 ye would31 not!

1 ιερουσαλημ G2419 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 2 ιερουσαλημ G2419 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 αποκτεινουσα G615 doden, gedood, doodden put to death, kill, slay 5 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 προφητας G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 λιθοβολουσα G3036 gestenigd, stenigden, stenigt stone, cast stones 9 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 απεσταλμενους G649 gezonden, zond, zonden put in, send (away, forth, out), set (at liberty) 11 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 12 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 ποσακις G4212 menigmaal how oft(-en) 14 ηθελησα G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 15 επισυναγαγειν G1996 bijeenvergaderen, bijeenvergaderd, bijeenvergadert gather (together) 16 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 τεκνα G5043 kinderen, kind, zoon child, daughter, son 18 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 19 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 20 τροπον G5158 wijze, gelijkerwijs, Gelijkerwijs (even) as, conversation, (+ like) manner, (+ by any) means, way 21 επισυναγει G1996 bijeenvergaderen, bijeenvergaderd, bijeenvergadert gather (together) 22 ορνις G3733 hen 23 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 νοσσια G3556 kiekens chicken 25 εαυτης G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 26 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 27 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 πτερυγας G4420 vleugelen, vleugels wing 29 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 30 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 31 ηθελησατε G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly))
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
38 Ziet, uw huis wordt u woest gelaten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

38 ZietG3708, uw huisG3624 wordt uG4771 woestG2048 gelatenG863. Ziet, uw huis wordt u woest gelaten.

KJV Behold, your house5 is left2 unto you desolate.

1 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 2 αφιεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 οικος G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 6 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 7 ερημος G2048 woestijn, woeste, woest desert, desolate, solitary, wilderness
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
39 Want Ik zeg u: Gij zult Mij van nu aan niet zien, totdat gij zeggen zult: Gezegend is Hij, Die komt in den Naam des Heeren!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

39 WantG1063 Ik zegG3004 u: Gij zult Mij vanG575 nu aan niet zienG1492, totdat gij zeggenG2036 zult: GezegendG2127 is Hij, Die komtG2064 inG1722 den NaamG3686 des HeerenG2962! Want Ik zeg u: Gij zult Mij van nu aan niet zien, totdat gij zeggen zult: Gezegend is Hij, Die komt in den Naam des Heeren!

KJV For2 I say1 unto you, Ye shall not see me henceforth,8 till10 ye shall say, Blessed13 is he that cometh15 in16 the name17 of the Lord.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 με G1473 mij, ik I, me 7 ιδητε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 8 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 9 αρτι G737 nu, thans, terstond this day (hour), hence(-forth), here(-after), hither(-to), (even) now, (this) present 10 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 11 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 12 ειπητε G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 13 ευλογημενος G2127 gezegend, zegende, Gezegend bless, praise 14 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ερχομενος G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 ονοματι G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 18 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Mattheüs 23:1 Mattheüs 15:10 Lukas 12:1 Markus 12:38 Markus 7:14 Lukas 20:45 Lukas 12:57
Mattheüs 23:2 Lukas 20:46 Ezra 7:25 Markus 12:38 Ezra 7:6 Nehemia 8:4 Maleachi 2:7
Mattheüs 23:3 Titus 1:16 2 Timotheüs 3:5 Exodus 18:19 Mattheüs 21:30 Deuteronomium 17:9 Exodus 18:23 2 Kronieken 30:12 Handelingen 5:29
Mattheüs 23:4 Lukas 11:46 Handelingen 15:10 Mattheüs 11:28 Galaten 6:13 Handelingen 15:28 Mattheüs 23:23 Openbaring 2:24
Mattheüs 23:5 Mattheüs 6:1 Deuteronomium 6:8 Mattheüs 9:20 Johannes 5:44 Exodus 13:9 Deuteronomium 22:12 Filippenzen 2:3 Lukas 20:47
Mattheüs 23:6 Jakobus 2:1 Spreuken 25:6 3 Johannes 1:9 Lukas 11:43 Markus 12:38 Lukas 20:46 Romeinen 12:10 Lukas 14:7
Mattheüs 23:7 Johannes 1:38 Johannes 1:49 Johannes 3:2 Johannes 3:26 Johannes 6:25 Johannes 20:16 Markus 9:5 Markus 10:51
Mattheüs 23:8 Jakobus 3:1 Mattheüs 26:49 Mattheüs 23:10 Lukas 22:32 1 Petrus 5:3 Kolossenzen 1:1 2 Korinthe 1:24 Openbaring 22:9
Mattheüs 23:9 Maleachi 1:6 1 Johannes 3:1 Romeinen 8:14 Hebreeën 12:9 Job 32:21 1 Korinthe 4:15 Mattheüs 7:11 2 Koningen 2:12
Mattheüs 23:11 Galaten 5:13 1 Korinthe 9:19 2 Korinthe 11:23 2 Korinthe 4:5 Lukas 22:26 Markus 10:43 Johannes 13:14 Mattheüs 20:26
Mattheüs 23:12 1 Petrus 5:5 Jakobus 4:6 Lukas 14:11 Lukas 18:14 Mattheüs 18:4 Spreuken 29:23 Daniël 4:37 Job 22:29
Mattheüs 23:13 Lukas 11:52 Mattheüs 23:27 Mattheüs 23:29 Zacharia 11:17 Handelingen 8:1 Mattheüs 23:23 Handelingen 13:8 Johannes 9:22
Mattheüs 23:15 Handelingen 13:43 Handelingen 2:10 Handelingen 6:5 Mattheüs 5:22 Handelingen 14:2 Handelingen 17:5 Handelingen 17:13 Handelingen 14:19
Mattheüs 23:16 Mattheüs 15:14 Mattheüs 23:24 Mattheüs 5:33 Johannes 9:39 Jakobus 5:12 Mattheüs 23:26 Mattheüs 23:19 Mattheüs 23:17
Mattheüs 23:17 Mattheüs 23:19 Psalmen 94:8 Exodus 30:26 Numeri 16:38
Mattheüs 23:19 Exodus 29:37 Exodus 30:29
Mattheüs 23:21 Psalmen 26:8 1 Koningen 8:13 2 Kronieken 6:2 Efeze 2:22 Psalmen 132:13 1 Koningen 8:27 Kolossenzen 2:9 2 Kronieken 7:2
Mattheüs 23:22 Mattheüs 5:34 Jesaja 66:1 Psalmen 11:4 Handelingen 7:49 Openbaring 4:2
Mattheüs 23:23 Lukas 11:42 Micha 6:8 Hosea 6:6 1 Samuël 15:22 Leviticus 27:30 Mattheüs 9:13 Spreuken 21:3 Jeremia 22:15
Mattheüs 23:24 Mattheüs 19:24 Mattheüs 27:6 Lukas 6:7 Mattheüs 15:2 Mattheüs 23:16 Mattheüs 7:4 Johannes 18:40 Johannes 18:28
Mattheüs 23:25 Lukas 11:39 Mattheüs 15:19 Jesaja 28:7 Markus 7:4
Mattheüs 23:26 Jakobus 4:8 2 Korinthe 7:1 Ezechiël 18:31 Mattheüs 12:33 Jeremia 13:27 Lukas 6:45 Hebreeën 10:22 Jesaja 55:7
Mattheüs 23:27 Handelingen 23:3 Lukas 11:44 Jesaja 58:1 Numeri 19:16
Mattheüs 23:28 Mattheüs 23:5 Lukas 16:15 Hebreeën 4:12 1 Samuël 16:7 Mattheüs 15:19 Markus 7:21 Jeremia 17:9 Psalmen 51:6
Mattheüs 23:29 Lukas 11:47 Handelingen 2:29
Mattheüs 23:30 2 Kronieken 36:15 Mattheüs 21:35 Mattheüs 23:34 Jeremia 2:30
Mattheüs 23:31 Handelingen 7:51 1 Thessalonicenzen 2:15 Job 15:5 Psalmen 64:8 Jozua 24:22 Lukas 19:22
Mattheüs 23:32 Genesis 15:16 Numeri 32:14 1 Thessalonicenzen 2:16 Zacharia 5:6
Mattheüs 23:33 Mattheüs 12:34 Mattheüs 3:7 Lukas 3:7 Johannes 8:44 Mattheüs 5:22 Psalmen 58:3 Hebreeën 2:3 Hebreeën 10:29
Mattheüs 23:34 Mattheüs 10:16 Mattheüs 13:52 Handelingen 13:1 Mattheüs 10:23 Handelingen 15:32 Handelingen 5:40 Handelingen 9:1 1 Korinthe 2:6
Mattheüs 23:35 Zacharia 1:1 Genesis 4:8 Hebreeën 11:4 Openbaring 18:24 2 Kronieken 24:20 Jeremia 26:15 Jeremia 2:34 Klaagliederen 4:13
Mattheüs 23:36 Mattheüs 24:34 Mattheüs 10:23 Ezechiël 12:21 Markus 13:30 Lukas 21:32
Mattheüs 23:37 Deuteronomium 32:11 Mattheüs 5:12 Ruth 2:12 Psalmen 63:7 Nehemia 9:26 Jeremia 6:16 Lukas 13:34 Markus 12:3
Mattheüs 23:38 Jeremia 22:5 Markus 13:14 Lukas 21:24 Mattheüs 24:2 Jesaja 64:10 Zacharia 11:1 Psalmen 69:24 Lukas 21:20
Mattheüs 23:39 Mattheüs 21:9 Psalmen 118:26 Romeinen 11:25 Johannes 14:19 Hosea 3:4 Johannes 8:56 Lukas 17:22 Jesaja 40:9
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Mattheüs 23 vers 2

zijn gezeten Dat is, zij zijn daartoe geroepen en gesteld om de wet van Mozes het volk voor te lezen en te verklaren; Hand. 13:15 en Hand. 15:21 .

Hertaald: zijn gezeten Dat is: zij zijn daartoe geroepen en aangesteld om de wet van Mozes aan het volk voor te lezen en uit te leggen; Hand. 13:15 en Hand. 15:21.

Mattheüs 23 vers 3

al wat zij u zeggen Namelijk uit de wet van Mozes en de profeten, want anderszins hetgeen zij daar tegen of buiten leerden, moet Christus den zuurdesem der Farizeën, en vermaant zijne discipelen zich daarvan te wachten; Matt. 16:6 , Matt. 16:12 .

Hertaald: al wat zij u zeggen Namelijk uit de wet van Mozes en de profeten. Want wat zij daartegen of daarbuiten leerden noemt Christus het zuurdeeg van de Farizeeën, en Hij vermaant Zijn discipelen daarvoor op hun hoede te zijn; Matth. 16:6, Matth. 16:12.

Mattheüs 23 vers 4

binden lasten, Een gelijkenis, genomen van bossen of pallen van verscheidene dingen, die men samenbindt om iemand op de schouders te leggen om te dragen.

Hertaald: binden lasten, Een vergelijking, ontleend aan bundels of pakken van allerlei dingen die men samenbindt om iemand op de schouders te leggen om te dragen.

Mattheüs 23 vers 5

gedenkcedels Grieks, Phylacteria; dat is, bewaarcedels, welke briefjes of cedeltjes van perkament waren, waarop de wet Gods of enig deel derzelve geschreven stond, die zij aan hunne voorhoofden en armen vonden, om te schijnen de gedachtenis der wet altijd voor ogen te hebben, en meenden daarin te volgen hetgeen God beveelt Ex. 13:9 , Ex. 13:16 ; Deut. 6:8 .

Hertaald: gedenkcedels Grieks: phylacteria; dat is: bewaarbriefjes. Dat waren briefjes of strookjes perkament waarop de wet van God of een deel daarvan geschreven stond, die zij aan hun voorhoofd en armen bonden om de schijn te wekken dat zij de gedachtenis van de wet altijd voor ogen hadden. Zij meenden daarmee te doen wat God beveelt in Ex. 13:9, Ex. 13:16; Deut. 6:8.

zomen van hunne klederen Dit waren franjes met blauwe snoertjes aan de hoeken van de bovenste klederen, die zij, volgens de wet, Num. 15:38 ; Deut. 22:12 , moesten dragen om daardoor te gedenken aan de hemelse leer der wet.

Hertaald: zomen van hunne klederen Dit waren franjes met blauwe snoertjes aan de hoeken van de bovenkleren, die zij volgens de wet moesten dragen, Num. 15:38; Deut. 22:12, om daardoor aan de hemelse leer van de wet te denken.

Mattheüs 23 vers 7

Rabbi, rabbi Dit is een Hebr. woord, betekende iemand, die geleerdheid en aanzien uitsteekt, en meer is dan anderen, dat is Meester, Meester.

Hertaald: Rabbi, rabbi Dit is een Hebreeuws woord dat iemand aanduidt die uitmunt in geleerdheid en aanzien en meer is dan anderen; dat is: meester, meester.

Mattheüs 23 vers 8

rabbi Het gebruik van deze, alsook van de volgend titels, wordt niet geheel verboden, want zij worden somtijds den profeten en apostelen wel toegeschreven, maar de ijdele eer en heerschappij of meesterschap over het geloof en de conscientie van anderen, die zij daarin zochten, vs.11.

Hertaald: rabbi Het gebruik van deze en van de volgende titels wordt niet volledig verboden, want zij worden soms wel aan de profeten en apostelen toegekend. Verboden wordt de ijdele eer en de heerschappij of het meesterschap over het geloof en het geweten van anderen, die zij daarin zochten, vers 11.

Meester, Grieks, Voorganger, leidsman of leidsmeester. Want hij alleen is de enige wetgever en onze opperste profeet, die in zaken, het geloof en den godsdienst aangaande, alleen moet gehoord en gevolgd worden. Matt. 17:5 , en die den weg der zaligheid niet alleen aanwijst, maar ook zelf met zijn voorbeeld volmaakt voorgaat; Hebr. 2:10 , en Hebr. 12:2 .

Hertaald: Meester, Grieks: voorganger, leidsman of leidsmeester. Want Hij alleen is de enige wetgever en onze hoogste Profeet, Die in zaken van het geloof en de godsdienst als enige gehoord en gevolgd moet worden, Matth. 17:5. Hij wijst de weg van de zaligheid niet alleen aan, maar gaat er ook Zelf met Zijn voorbeeld volmaakt in voor; Hebr. 2:10 en Hebr. 12:2.

Mattheüs 23 vers 9

Een is uw Vader, Overmits wij van Hem alleen ons wezen en onderhoud naar lichaam en ziel oorspronkelijk hebben, van Hem alleen alles goeds moeten verwachten en op Hem alleen vertrouwen.

Hertaald: Een is uw Vader, Omdat wij ons bestaan en ons onderhoud naar lichaam en ziel alleen aan Hem ontlenen, alleen van Hem al het goede moeten verwachten en alleen op Hem moeten vertrouwen.

Mattheüs 23 vers 10

Een is uw Meester Dat is, voorganger. Zie vs.8.

Hertaald: Een is uw Meester Dat is: voorganger. Zie vers 8.

Mattheüs 23 vers 11

meeste van u zal uw dienaar zijn Grieks, meerder of groter.

Hertaald: meeste van u zal uw dienaar zijn Grieks: meerdere of grotere.

Mattheüs 23 vers 13

Degenen, die ingaan zouden, Of, de ingaande; dat is, die op den weg zijn om de leer des Evangelies aan te nemen, belet gij, zoveel in u is, dat zij niet voortgaan.

Hertaald: Degenen, die ingaan zouden, Of: de ingaanden; dat is: zij die op weg zijn om de leer van het Evangelie aan te nemen, belet u zoveel u kunt om verder te gaan.

Mattheüs 23 vers 14

den schijn van Of dekmantel.

Hertaald: den schijn van Of: dekmantel.

lang te bidden; Dat is, onder schijn van godsvrucht en voor haar te bidden, berooft gij haar van hare middelen. Zie ook 2 Tim. 3:6 . Of, onder een schijn of tot een dekmantel, zijt lang biddende.

Hertaald: lang te bidden; Dat is: onder de schijn van godsvrucht en van voor haar te bidden, berooft u haar van haar middelen. Zie ook 2 Tim. 3:6. Of: onder een schijn of als dekmantel bidt u lang.

zwaarder oordeel Grieks, overvloediger.

Hertaald: zwaarder oordeel Grieks: overvloediger.

Mattheüs 23 vers 15

land Grieks, het droge; Gen. 1:10 .

Hertaald: land Grieks: het droge; Gen. 1:10.

Jodengenoot Grieks, Proselyton; dat is, een aankomeling, die namelijk van den heidense godsdienst zich begeeft tot de Joodse, gelijk daar was Nikolaus, een aankomeling van Antiochië; Hand. 6:5 ; zie 1 Kron. 2:55 ; Ezech. 14:7 ; Hand. 2:10 .

Hertaald: Jodengenoot Grieks: proseliet; dat is: een nieuwkomer, namelijk iemand die zich van de heidense godsdienst tot de Joodse wendt, zoals Nicolaüs, een proseliet van Antiochië; Hand. 6:5; zie 1 Kron. 2:55; Ezech. 14:7; Hand. 2:10.

kind der hel, Grieks, zoon; dat is, waardig der helse verdoemenis; 2 Sam. 12:5 .

Hertaald: kind der hel, Grieks: zoon; dat is: iemand die de helse verdoemenis waard is; 2 Sam. 12:5.

Mattheüs 23 vers 16

dat is niets; Dat is, dat geldt niet, of die is niet gehouden te betalen hetgeen hij met zulk een eed beloofd heeft.

Hertaald: dat is niets; Dat is: dat geldt niet, of: hij is niet verplicht te betalen wat hij met zo'n eed beloofd heeft.

die is schuldig Dat is, die is gehouden zijne belofte te betalen.

Hertaald: die is schuldig Dat is: hij is verplicht zijn belofte na te komen.

Mattheüs 23 vers 17

Gij dwazen en blinden; Christus kent hiermede niet voor goed de eden bij de creaturen gedaan, maar toont alleen hoe verkeerdelijk zij daarvan oordeelden, en de conscientiën der mensen kwalijk onderrichtten.

Hertaald: Gij dwazen en blinden; Christus keurt hiermee de eden bij de schepselen niet goed, maar laat alleen zien hoe verkeerd zij daarover oordeelden en hoe slecht zij het geweten van de mensen onderwezen.

Mattheüs 23 vers 18

de gave, Dat is, offerande. Zie Matt. 5:24 .

Hertaald: de gave, Dat is: de offerande. Zie Matth. 5:24.

Mattheüs 23 vers 21

die daarin woont Of, die denzelven bewoont. Hoe God in den tempel woont, zie 1 Kon. 8:27 .

Hertaald: die daarin woont Of: Die hem bewoont. Zie over de manier waarop God in de tempel woont 1 Kon. 8:27.

Mattheüs 23 vers 23

vertient Dat is, tienden geeft, of leert dat men daarvan tienden moet geven.

Hertaald: vertient Dat is: tienden geeft, of leert dat men daarvan tienden moet geven.

de munte Het Griekse woord Hedyosmos heeft zijn naam van zoet of welrieken.

Hertaald: de munte Het Griekse woord hedyosmos ontleent zijn naam aan het zoet of aangenaam ruiken.

het zwaarste der wet, Dat is, de gewichtigste stukken.

Hertaald: het zwaarste der wet, Dat is: de gewichtigste onderdelen.

het oordeel Dat is, hetgeen recht en billijk is.

Hertaald: het oordeel Dat is: wat recht en billijk is.

de barmhartigheid Dat is, de werken der liefde.

Hertaald: de barmhartigheid Dat is: de werken van de liefde.

het geloof Dat is, getrouwheid in alle handelingen met de mensen.

Hertaald: het geloof Dat is: trouw in alle omgang met de mensen.

Mattheüs 23 vers 24

de mug uitzijgt Of, een mug kleinst en een kemel doordrinkt. Dit is een algemeen spreekwoord tegen degenen, die in het kleine nauw zien en het grote niet achten.

Hertaald: de mug uitzijgt Of: een mug uitzeeft en een kameel doorslikt. Dit is een gangbaar spreekwoord tegen hen die in kleine dingen nauw toezien maar de grote niet achten.

Mattheüs 23 vers 25

van roof en onmatigheid Dat is, vol van spijs en drank met onrechtvaardigheid verkregen en met onmatigheid gebruikt.

Hertaald: van roof en onmatigheid Dat is: vol spijs en drank die met onrechtvaardigheid verkregen en met onmatigheid gebruikt is.

Mattheüs 23 vers 26

reinig eerst Dat is, laat af van onrechtvaardigheid en onmatigheid, waardoor uw spijs en drank verontreinigd was, zo zullen uw schotels en drinkbekers ook rein zijn.

Hertaald: reinig eerst Dat is: laat de onrechtvaardigheid en de onmatigheid varen, waardoor uw spijs en drank verontreinigd waren, dan zullen uw schotels en drinkbekers ook rein zijn.

Mattheüs 23 vers 29

graftekenen Dat is, de gebouwen, die over de graven boven de aarde tot gedachtenis der overledenen opgericht worden, die men tomben noemt.

Hertaald: graftekenen Dat is: de bouwwerken die boven de graven ter gedachtenis van de overledenen opgericht worden, en die men tomben noemt.

Mattheüs 23 vers 30

ten tijde onzer vaderen Grieks, in de dagen.

Hertaald: ten tijde onzer vaderen Grieks: in de dagen.

aan het bloed der profeten Grieks, in het bloed; dat is, in het bloedvergieten of doden.

Hertaald: aan het bloed der profeten Grieks: in het bloed; dat is: aan het bloedvergieten of het doden.

Mattheüs 23 vers 31

kinderen zijt dergenen, Grieks, zonen.

Hertaald: kinderen zijt dergenen, Grieks: zonen.

Mattheüs 23 vers 32

vervult de maat uwer vaderen Dat is, gaat zo vrij voort, volgt en voleindigt uwer vaderen boosheid in het doden der profeten, totdat u de verdiende straf zal overkomen.

Hertaald: vervult de maat uwer vaderen Dat is: ga gerust zo door; volg en voltooi de boosheid van uw vaderen in het doden van de profeten, totdat de verdiende straf u zal overkomen.

Mattheüs 23 vers 33

slangen, Zie Rom. 3:13 , enz.

Hertaald: slangen, Zie Rom. 3:13, enzovoort.

helse verdoemenis ontvlieden? Grieks, het oordeel der hel.

Hertaald: helse verdoemenis ontvlieden? Grieks: het oordeel van de hel.

Mattheüs 23 vers 34

schriftgeleerden, Dit woord wordt hier genomen voor oprechte leraars, hoedanig een schriftgeleerde Ezra is geweest; Ezra 7:6 ; Matt. 13:52 .

Hertaald: schriftgeleerden, Dit woord wordt hier gebruikt voor oprechte leraars, zoals Ezra een schriftgeleerde geweest is; Ezra 7:6; Matth. 13:52.

Mattheüs 23 vers 35

bloed, dat vergoten is Dat is, de straffen om al het bloedvergieten der rechtvaardigen, gelijk Matt. 27:25 ; want de kinderen die het kwade voorbeeld van de misdaden hunner ouders volgen, worden derzelver zonde en straf deelachtig; Ex. 20:5 .

Hertaald: bloed, dat vergoten is Dat is: de straffen voor al het vergieten van het bloed van de rechtvaardigen, zoals Matth. 27:25. Want de kinderen die het slechte voorbeeld van de misdaden van hun ouders volgen, krijgen deel aan hun zonde en straf; Ex. 20:5.

Barachia, Deze wordt ook Jochannan genaamd, 1 Kron. 6:9 , en Jojada, 2 Kron. 24:22 , en hier Barachia. En deze Zacharias is een van de laatste profeten geweest, wiens door of vermoorden in het Oude Testament met name verhaald wordt, en wiens bloed, gelijk ook het bloed van Abel, tot God om wraak geroepen heeft.

Hertaald: Barachia, Deze wordt ook Johanan genoemd, 1 Kron. 6:9, en Jojada, 2 Kron. 24:22, en hier Berechja. Deze Zacharia is een van de laatste profeten geweest van wie de dood of moord in het Oude Testament met name verteld wordt, en wiens bloed — evenals het bloed van Abel — tot God om wraak geroepen heeft.

Mattheüs 23 vers 37

uwe kinderen Dat is, uwe inwoners.

Hertaald: uwe kinderen Dat is: uw inwoners.

hebt niet gewild Dat is, gij hebt zulks altijd gezocht te verhinderen, zie vs.13, en nochtans heeft Christus, tegen hun dank, al de zijnen uit hen vergaderd; Jes. 1:8 ; Rom. 9:29 .

Hertaald: hebt niet gewild Dat is: u hebt dat altijd proberen te verhinderen, zie vers 13. En toch heeft Christus, tegen hun zin in, al de Zijnen uit hen vergaderd; Jes. 1:8; Rom. 9:29.

Mattheüs 23 vers 38

wordt u woest gelaten Dat is, zal verwoest worden en verwoest blijven: hetwelk omtrent veertig jaren daarna door de Romeinen geschied is.

Hertaald: wordt u woest gelaten Dat is: het zal verwoest worden en verwoest blijven, wat ongeveer veertig jaar daarna door de Romeinen gebeurd is.

Mattheüs 23 vers 39

totdat gij zeggen zult Namelijk ten uitersten dage, wanneer Hij in zijne heerlijkheid zal komen ten oordeel, en zij alsdan zullen moeten bekennen dat Hij de gezegende des Heeren, dat is de ware Messias is; Openb. 1:7 .

Hertaald: totdat gij zeggen zult Namelijk op de laatste dag, wanneer Hij in Zijn heerlijkheid ten oordeel zal komen en zij dan zullen moeten erkennen dat Hij de Gezegende van de Heere is, dat is: de ware Messias; Openb. 1:7.

is Hij, Of, zij.

Hertaald: is Hij, Of: zij.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Zacharia (zoon van Barachia, in Matth. 23:35)  — de HEERE gedenkt

Door Jezus genoemd als laatste in de reeks rechtvaardigen wier bloed vergoten is, gedood tussen de tempel en het altaar (Matth. 23:35). Deze beschrijving komt overeen met de moord op Zacharia, de zoon van Jojada, in 2 Kron. 24:20-22; de hier genoemde vadersnaam Barachia wijkt daarvan af, en onder geleerden bestaat onzekerheid of het om dezelfde persoon gaat.

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Gehenna (de hel)  — Grieks: geenna, van het Hebreeuwse Ge-Hinnom, "dal van Hinnom" — het dal bij Jeruzalem waar kinderen aan Moloch geofferd waren en dat later een plaats van verbranding werd

Het woord komt in Mattheüs telkens uit de mond van Christus Zelf en steeds als waarschuwing. In de Bergrede staat het driemaal: wie tegen zijn broeder "gij dwaas" zegt, is strafbaar door het helse vuur, en het is beter een oog of hand te verliezen dan dat het gehele lichaam in de hel geworpen wordt (Matt. 5:22,29-30). Verder: vreest niet hen die het lichaam doden, maar Hem die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel (Matt. 10:28), en de scherpste toepassing van alle staat tegen de Schriftgeleerden en Farizeeën (Matt. 23:33). De achtergrond is het dal van Hinnom, waar koningen van Juda kinderen door het vuur lieten gaan — een gruwel die Jeremia een gericht aankondigde (Jer. 7:31-32; 19:5-6; vgl. 2 Kon. 23:10).

Bijbelse betekenis: Het is van gewicht wie hier spreekt. Niet een profeet van het gericht maar de Zaligmaker Zelf gebruikt dit woord het meest, en Hij gebruikt het niet tegen buitenstaanders maar tegen hoorders en tegen godsdienstige mensen. De waarschuwing staat bovendien in het verband van de vreze Gods, niet in dat van willekeur: het gaat om Hem die beide ziel en lichaam kan verderven. Dat de aanduiding aan een dal met een geschiedenis van kinderoffers ontleend is, geeft het woord zijn gewicht — de plaats van de diepste gruwel werd het beeld van het uiterste gericht.

Typologie: Openbaring noemt het einde de tweede dood en de poel des vuurs (Op. 20:14-15; 21:8), en Paulus spreekt van eeuwig verderf van het aangezicht des Heeren (2 Thess. 1:9). Tegenover die ernst staat in hetzelfde Evangelie de enige uitweg die het kent: de Zoon des mensen is gekomen om Zijn ziel te geven tot een rantsoen voor velen (Matt. 20:28). En wie in Hem gelooft, komt niet in het oordeel maar is uit de dood overgegaan in het leven (Joh. 5:24). Wie over dit onderwerp spreekt zonder dat erbij te zeggen, spreekt niet zoals de Schrift spreekt.

Matt. 5:22,29-30; Matt. 10:28; Matt. 23:33; 2 Kon. 23:10; Jer. 7:31-32; Jer. 19:5-6; Joh. 5:24; 2 Thess. 1:9; Op. 20:14-15; Op. 21:8

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Een is uw Meester — 23:8-12, 23-24

Profeet, priester en koning niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe ambt

In de tempel, in Zijn laatste dagen, spreekt Hij over de Schriftgeleerden en Farizeeën. Zij zitten op de stoel van Mozes, zegt Hij — en juist daarom moet er iets over titels gezegd worden.

Er is er maar Eén Die Meester genoemd mag worden, en de grootste in Zijn koninkrijk is dienaar.

**Wat er verboden wordt.** “Doch gij zult niet Rabbi genaamd worden; want Een is uw Meester, namelijk Christus; en gij zijt allen broeders.” En twee verzen verder nog eens: noch zult gij meesters genoemd worden, want Eén is uw Meester.

**Wat er niet verboden wordt.** De kanttekening is hier precies, en dat is nodig: het gebruik van deze titels wordt niet geheel verboden, want zij worden soms aan profeten en apostelen wel toegeschreven. Wat verboden wordt is de ijdele eer en de heerschappij over het geloof en het geweten van anderen die zij daarin zochten.

**Wat het woord betekent.** De kanttekening vertaalt het: voorganger, leidsman. En zij zegt waarom er maar Eén zo heten kan — Hij is de enige wetgever en onze opperste Profeet, Die in zaken van geloof en godsdienst alleen gehoord en gevolgd moet worden. En dan komt er iets bij dat geen mens kan navolgen: Hij wijst de weg der zaligheid niet alleen aan, maar gaat er Zelf volmaakt in voor.

Dat is het onderscheid in dit register tussen Hem en elke profeet vóór Hem. Mozes wees een land aan dat hij zelf niet binnenkwam. Jona preekte bekering en zat er zelf verbolgen bij. Hier valt de boodschapper met de boodschap samen.

**De omkering die volgt.** “Maar de meeste van u zal uw dienaar zijn. En wie zichzelven verhogen zal, die zal vernederd worden.”

Hetzelfde als bij het gesprek over de ereplaatsen: wie in dit koninkrijk hoog wil, moet weten hoe de Koning eraan gekomen is.

**En waar het misging.** Het wee dat het zwaarst weegt is niet over grove zonde maar over verhoudingen: zij vertienden de munt, de dille en de komijn, en lieten het zwaarste van de wet na — het oordeel, de barmhartigheid en het geloof. En Hij voegt er iets aan toe dat men graag overslaat: deze dingen moest men doen, en de andere niet nalaten.

  1. Deuteronomium 18:15 — Een Profeet als Mozes, naar Wie men horen zal.
  2. Mattheüs 17:5 — Op de berg klinkt het: hoort Hem.
  3. Mattheüs 23:8 — Eén is uw Meester; gij zijt allen broeders.
  4. Mattheüs 23:11 — En de meeste onder u zal uw dienaar zijn.
  5. Micha 6:8 — Het zwaarste van de wet: recht doen, weldadigheid liefhebben.
  6. Hebreeën 12:2 — Hij is de Overste Leidsman, Die Zelf voorging.

In het Nieuwe Testament: Deuteronomium 18:15; Mattheüs 17:5; Hebreeën 12:2; Micha 6:8; Mattheüs 20:26; Jakobus 3:1

Hoever dit reikt: De kanttekening waarschuwt uitdrukkelijk tegen een te ruime lezing: de titels zelf worden niet verboden — de Schrift gebruikt ze voor profeten en apostelen — maar wel het zoeken van eer en het heersen over het geloof van anderen. Het tienden geven wordt hier niet afgeschaft, maar ondergeschikt gemaakt.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Mattheüs 23

Mattheüs 23:29-31.KruisverwijzingenHandelingen 7:51Lukas 11:471 Thessalonicenzen 2:15Handelingen 2:292 Kronieken 36:15Mattheüs 21:35Mattheüs 23:34Jeremia 2:30
— Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij bouwt de graven der profeten op, en versiert de graftekenen der rechtvaardigen; En zegt: Indien wij in de tijden onzer vaderen waren geweest, wij zouden met hen geen gemeenschap gehad hebben aan het bloed der profeten. Aldus getuigt gij tegen uzelven, dat gij kinderen zijt dergenen, die de profeten gedood hebben.
“Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeen, gij geveinsden, want gij bouwt de graven der profeten op, en versiert de graftekenen der rechtvaardigen; En zegt: Indien wij in de tijden onzer vaderen waren geweest, wij zouden met hen geen gemeenschap gehad hebben aan het bloed der profeten. Aldus getuigt gij tegen uzelven, dat gij kinderen zijt dergenen, die de profeten gedood hebben.”

Zij spreken op dezelfde verwaande manier en maken dezelfde aanspraak op eigen gerechtigheid als hun vaderen deden. En doodden hun voorouders de profeten, dan versieren deze mannen hun graven en delen zij zo in de daden van hun vaderen.

Hoe vaak gebeurt het dat mensen zeggen dat zij zulke misdaden als anderen bedreven hebben nooit gedaan zouden hebben, terwijl zij de vuilheid van hun eigen hart niet kennen. Verkeerden zij in dezelfde omstandigheden als die anderen, dan zouden zij precies zo handelen.

Het zou een beter teken geweest zijn als de schriftgeleerden en farizeeën voor God geklaagd hadden dat zij Zijn profeten zélf niet behandelden zoals het behoorde.

Wat was onze Meester getrouw! Hij was heel teder van geest, en toch sprak Hij heel scherp. Het oude spreekwoord zegt dat een goed heelmeester dikwijls diep snijdt, en zo was het met de Heere Jezus Christus. Hij bedekte het kwaad niet met een vliesje; Hij opende de wond. Niet hij heeft de meeste liefde die de gladste woorden spreekt. Ware liefde dwingt een eerlijk mens dikwijls te zeggen wat hemzelf veel meer pijn doet dan het zijn verharde hoorders raakt.

Mattheüs 23:32-33.KruisverwijzingenMattheüs 12:34Mattheüs 3:7Lukas 3:7Johannes 8:44Genesis 15:16Mattheüs 5:22Numeri 32:141 Thessalonicenzen 2:16
— Gij dan ook, vervult de mate uwer vaderen! Gij slangen, gij adderengebroedsels! hoe zoudt gij de helse verdoemenis ontvlieden?
“Gij dan ook, vervult de mate uwer vaderen! Gij slangen, gij adderengebroedsels! hoe zoudt gij de helse verdoemenis ontvlieden?”

Dit zijn de woorden van Christus, laat ik u daaraan herinneren. Onze hedendaagse predikers zouden zo niet spreken, zelfs niet tot schriftgeleerden en farizeeën die Christus opnieuw kruisigden en openlijk te schande maakten. Zij zouden het hele woordenboek doorzoeken om heel gladde en fraaie woorden voor de vijanden van Christus te vinden. Wij denken en spreken niet op hun manier, en wij zullen dat ook niet doen zolang wij in de voetstappen van onze Heere wensen te gaan.

Mattheüs 23:34.KruisverwijzingenMattheüs 10:16Mattheüs 13:52Handelingen 13:1Mattheüs 10:23Handelingen 15:32Handelingen 5:40Handelingen 9:11 Korinthe 2:6
— Daarom ziet, Ik zend tot u profeten, en wijzen, en schriftgeleerden, en uit dezelve zult gij sommigen doden en kruisigen, en sommigen uit dezelve zult gij geselen in uw synagogen, en zult hen vervolgen van stad tot stad;
“Daarom ziet, Ik zend tot u profeten, en wijzen, en schriftgeleerden, en uit dezelve zult gij sommigen doden en kruisigen, en sommigen uit dezelve zult gij geselen in uw synagogen, en zult hen vervolgen van stad tot stad;”

En dat deden zij ook. De dienstknechten van Christus werden zo door het hele land opgejaagd en vervolgd.

Mattheüs 23:35-36.KruisverwijzingenZacharia 1:1Mattheüs 24:34Genesis 4:8Hebreeën 11:4Openbaring 18:242 Kronieken 24:20Mattheüs 10:23Jeremia 26:15
— Opdat op u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten is op de aarde, van het bloed des rechtvaardigen Abels af, tot op het bloed van Zacharia, den zoon van Barachia, welken gij gedood hebt tussen den tempel en het altaar. Voorwaar zeg Ik u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.
“Opdat op u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten is op de aarde, van het bloed des rechtvaardigen Abels af, tot op het bloed van Zacharia, den zoon van Barachia, welken gij gedood hebt tussen den tempel en het altaar. Voorwaar zeg Ik u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht.”

En zo is het gegaan. De verwoesting van Jeruzalem was verschrikkelijker dan iets wat de wereld ooit gezien heeft, ervoor of erna. Er moeten tijdens die vreselijke belegering bijna anderhalf miljoen mensen omgekomen zijn.

Zelfs Titus zei, toen hij de ontzettende slachting zag: hoe dwaas moet dit volk wel niet zijn, dat het mij tot zulk werk als dit dwingt! Waarlijk, de hand van een wrekend God moet hierin zijn. Werkelijk, het bloed van de martelaren die in Jeruzalem gedood waren is ruimschoots gewroken toen de hele stad een waar bloedveld werd.

Mattheüs 23:37-38.KruisverwijzingenDeuteronomium 32:11Mattheüs 5:12Ruth 2:12Psalmen 63:7Nehemia 9:26Jeremia 6:16Lukas 13:34Jeremia 22:5
— Jeruzalem, Jeruzalem! gij, die de profeten doodt, en stenigt, die tot u gezonden zijn! hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen, gelijkerwijs een hen haar kiekens bijeenvergadert onder de vleugels; en gijlieden hebt niet gewild. Ziet, uw huis wordt u woest gelaten.
“Jeruzalem, Jeruzalem! gij, die de profeten doodt, en stenigt, die tot u gezonden zijn! hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen, gelijkerwijs een hen haar kiekens bijeenvergadert onder de vleugels; en gijlieden hebt niet gewild. Ziet, uw huis wordt u woest gelaten.”

Wat een beeld van medelijden en teleurgestelde liefde moet het gelaat van de Koning geboden hebben toen Hij deze woorden met stromende tranen sprak! Het was de uitspraak van de rechtvaardige Rechter, verstikt door aandoening. Jeruzalem was te ver heen om nog van zijn zelfgezochte ondergang gered te worden. En zijn schuld stond op het punt haar hoogtepunt te bereiken in de dood van de Zoon van God.

Dit vers laat zien dat de ondergang van mensen bij henzelf ligt. Christus zegt het onomwonden: “hoe menigmaal heb Ik uw kinderen willen bijeenvergaderen … en gijlieden hebt niet gewild”. Wij moeten er onwrikbaar aan vasthouden dat de zaligheid geheel uit genade is. Maar met dezelfde vastheid geloven wij dat de ondergang van een mens geheel het gevolg is van zijn eigen zonde. De wil van God maakt zalig; het is de wil van de mens die veroordeelt.

Jeruzalem stond en werd bewaard door de genade en de gunst van de allerhoogste God. Maar Jeruzalem is uiteindelijk tot de grond toe verbrand en haar stenen zijn geslecht. En dat om de overtreding en de ongerechtigheid van hen die de gerechtigheid van God tergden. Toch heeft Jezus de Messias vóór het zover was gezegd dat Hij hen in een plaats van zegen wilde brengen. En is iemand begerig en verlangend die te ontvangen, dan is Jezus even bereid ook hem die zegen te geven — de zegen van het eeuwige leven.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content