Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Leviticus 3

1 En indien zijn offer een dankoffer is; zo hij ze van de runderen offert, hetzij mannetje of wijfje, volkomen zal hij die offeren, voor het aangezicht des HEEREN.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 En indienH518 zijn offerH7133 een dankofferH2077 is; zoH518 hij ze vanH4480 de runderenH1241 offertH7126, hetzij mannetjeH2145 ofH518 wijfjeH5347, volkomenH8549 zal hij die offerenH7126, voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068. En indien zijn offer een dankoffer is; zo hij ze van de runderen offert, hetzij mannetje of wijfje, volkomen zal hij die offeren, voor het aangezicht des HEEREN.

KJV And if his oblation4 be a sacrifice2 of peace offering,3 if he offer9 it of the herd;7 whether it be a male11 or female,13 he shall offer15 it without blemish14 before16 the LORD.

1 וְאִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 2 זֶ֥בַח H2077 slachtoffer, dankoffer, slachtofferen offer(-ing), sacrifice 3 שְׁלָמִ֖ים H8002 dankofferen, dankoffer, dankoffers peace offering 4 קָרְבָּנ֑וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 5 אִ֤ם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 6 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 7 הַבָּקָר֙ H1241 runderen, rund, koeien beeve, bull ([phrase] -ock), [phrase] calf, [phrase] cow, great (cattle), [phrase] heifer, herd, kine, ox 8 ה֣וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 9 מַקְרִ֔יב H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 10 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 11 זָכָר֙ H2145 mannelijk, manspersonen, mannetje [idiom] him, male, man(child, -kind) 12 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 13 נְקֵבָ֔ה H5347 vrouw, wijfje, meisje female 14 תָּמִ֥ים H8549 volkomen, oprechten, oprecht without blemish, complete, full, perfect, sincerely (-ity), sound, without spot, undefiled, upright(-ly), whole 15 יַקְרִיבֶ֖נּוּ H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 16 לִפְנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 17 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En hij zal zijn hand op het hoofd zijner offerande leggen, en zal ze slachten voor de deur van de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron, de priesters, zullen het bloed rondom op het altaar sprengen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 En hij zal zijn handH3027 opH5921 het hoofdH7218 zijner offerandeH7133 leggenH5564, en zal ze slachtenH7819 voor de deurH6607 van de tentH168 der samenkomstH4150; en de zonenH1121 van AaronH175, de priestersH3548, zullen het bloedH1818 rondomH5439 opH5921 het altaarH4196 sprengenH2236. En hij zal zijn hand op het hoofd zijner offerande leggen, en zal ze slachten voor de deur van de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron, de priesters, zullen het bloed rondom op het altaar sprengen.

KJV And he shall lay1 his hand2 upon the head4 of his offering,5 and kill6 it at the door7 of the tabernacle8 of the congregation:9 and Aaron's12 sons11 the priests13 shall sprinkle10 the blood15 upon the altar17 round about.

1 וְסָמַ֤ךְ H5564 leggen, leiden, ondersteund bear up, establish, (up-) hold, lay, lean, lie hard, put, rest self, set self, stand fast, stay (self), sustain 2 יָדוֹ֙ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 רֹ֣אשׁ H7218 hoofd, hoofden, hoogte band, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top 5 קָרְבָּנ֔וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 6 וּשְׁחָט֕וֹ H7819 slachten, slachtte, slachtten kill, offer, shoot out, slay, slaughter 7 פֶּ֖תַח H6607 deur, deuren, ingang door, entering (in), entrance (-ry), gate, opening, place 8 אֹ֣הֶל H168 tent, tenten, hutten covering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent 9 מוֹעֵ֑ד H4150 samenkomst, gezette hoogtijden, tijd appointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed) 10 וְזָרְק֡וּ H2236 sprengen, sprengde, sprengden be here and there, scatter, sprinkle, strew 11 בְּנֵי֩ H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 12 אַהֲרֹ֨ן H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 13 הַכֹּהֲנִ֧ים H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 14 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 15 הַדָּ֛ם H1818 bloed, bloeds, bloedschulden blood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent 16 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 17 הַמִּזְבֵּ֖חַ H4196 altaar, altaren, altaars altar 18 סָבִֽיב H5439 rondom, Rondom, omgangen (place, round) about, circuit, compass, on every side
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Daarna zal hij van dat dankoffer een vuuroffer den HEERE offeren, het vet, dat het ingewand bedekt, en al het vet, hetwelk aan het ingewand is.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Daarna zal hij van dat dankofferH2077 een vuurofferH801 den HEEREH3068 offerenH7126, het vetH2459, dat het ingewandH7130 bedektH3680, en alH3605 het vetH2459, hetwelkH834 aanH5921 het ingewandH7130 is. Daarna zal hij van dat dankoffer een vuuroffer den HEERE offeren, het vet, dat het ingewand bedekt, en al het vet, hetwelk aan het ingewand is.

KJV And he shall offer1 of the sacrifice2 of the peace offering3 an offering made by fire4 unto the LORD;5 the fat7 that covereth8 the inwards,10 and all the fat13 that is upon the inwards,

1 וְהִקְרִיב֙ H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 2 מִזֶּ֣בַח H2077 slachtoffer, dankoffer, slachtofferen offer(-ing), sacrifice 3 הַשְּׁלָמִ֔ים H8002 dankofferen, dankoffer, dankoffers peace offering 4 אִשֶּׁ֖ה H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 5 לַיהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 7 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 8 הַֽמְכַסֶּ֣ה H3680 bedekt, bedekken, bedekte clad self, close, clothe, conceal, cover (self), (flee to) hide, overwhelm. Compare H3780 (כָּשָׂה) 9 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 10 הַקֶּ֔רֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 11 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 13 הַחֵ֔לֶב H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 14 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 15 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 16 הַקֶּֽרֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Dan zal hij beide de nieren, en het vet, hetwelk daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever, met de nieren, zal hij afnemen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Dan zal hij beideH8147 de nierenH3629, en het vetH2459, hetwelkH834 daaraan is, datH834 aanH5921 de weekdarmenH3689 is; en het netH3508 overH5921 de leverH3516, met de nierenH3629, zal hij afnemenH5493. Dan zal hij beide de nieren, en het vet, hetwelk daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever, met de nieren, zal hij afnemen.

KJV And the two2 kidneys,3 and the fat5 that is on them, which is by the flanks,10 and the caul12 above the liver,14 with the kidneys,16 it shall he take away.

1 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 2 שְׁתֵּ֣י H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 3 הַכְּלָיֹ֔ת H3629 nieren kidneys, reins 4 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 5 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 6 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 7 עֲלֵהֶ֔ן H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 הַכְּסָלִ֑ים H3689 weekdarmen, hoop, darmen confidence, flank, folly, hope, loin 11 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 הַיֹּתֶ֨רֶת֙ H3508 net caul 13 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 הַכָּבֵ֔ד H3516 lever liver 15 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 16 הַכְּלָי֖וֹת H3629 nieren kidneys, reins 17 יְסִירֶֽנָּה H5493 weg, week, weggenomen be(-head), bring, call back, decline, depart, eschew, get (you), go (aside), [idiom] grievous, lay away (by), leave undone, be past, pluck away, put (away, down), rebel, remove (to and fro), revolt, [idiom] be sour, take (away, off), turn (aside, away, in), withdraw, be without
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 En de zonen van Aaron zullen dat aansteken op het altaar, op het brandoffer, hetwelk op het hout zal zijn, dat op het vuur is; het is een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 En de zonenH1121 van AaronH175 zullen dat aanstekenH6999 op het altaarH4196, opH5921 het brandofferH5930, hetwelkH834 opH5921 het houtH6086 zal zijn, datH834 opH5921 het vuurH784 is; het is een vuurofferH801, tot een liefelijkenH5207 reukH7381 den HEEREH3068. En de zonen van Aaron zullen dat aansteken op het altaar, op het brandoffer, hetwelk op het hout zal zijn, dat op het vuur is; het is een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE.

KJV And Aaron's4 sons3 shall burn1 it on the altar5 upon the burnt sacrifice,7 which is upon the wood10 that is on the fire:13 it is an offering made by fire,14 of a sweet16 savour15 unto the LORD.

1 וְהִקְטִ֨ירוּ H6999 aansteken, roken, gerookt burn (incense, sacrifice) (upon), (altar for) incense, kindle, offer (incense, a sacrifice) 2 אֹת֤וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 4 אַהֲרֹן֙ H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 5 הַמִּזְבֵּ֔חָה H4196 altaar, altaren, altaars altar 6 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 7 הָ֣עֹלָ֔ה H5930 brandoffer, brandofferen, brandoffers ascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל) 8 אֲשֶׁ֥ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 הָעֵצִ֖ים H6086 hout, bomen, boom [phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood 11 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 12 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 13 הָאֵ֑שׁ H784 vuur, vuurs, vurige burning, fiery, fire, flaming, hot 14 אִשֵּׁ֛ה H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 15 רֵ֥יחַ H7381 reuk, reuks savour, scent, smell 16 נִיחֹ֖חַ H5207 liefelijken, liefelijke sweet (odour) 17 לַֽיהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En indien zijn offerande van klein vee is, den HEERE tot een dankoffer, hetzij mannetje of wijfje, volkomen zal hij die offeren.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En indienH518 zijn offerandeH7133 vanH4480 klein veeH6629 is, den HEEREH3068 tot een dankofferH2077, hetzij mannetjeH2145 of wijfjeH5347, volkomenH8549 zal hij die offerenH7126. En indien zijn offerande van klein vee is, den HEERE tot een dankoffer, hetzij mannetje of wijfje, volkomen zal hij die offeren.

KJV And if his offering4 for a sacrifice5 of peace offering6 unto the LORD7 be of the flock;3 male8 or female,10 he shall offer12 it without blemish.

1 וְאִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 2 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 3 הַצֹּ֧אן H6629 schapen, kudde, klein vee (small) cattle, flock ([phrase] -s), lamb ([phrase] -s), sheep(-cote, -fold, -shearer, -herds) 4 קָרְבָּנ֛וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 5 לְזֶ֥בַח H2077 slachtoffer, dankoffer, slachtofferen offer(-ing), sacrifice 6 שְׁלָמִ֖ים H8002 dankofferen, dankoffer, dankoffers peace offering 7 לַיהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 8 זָכָר֙ H2145 mannelijk, manspersonen, mannetje [idiom] him, male, man(child, -kind) 9 א֣וֹ H176 of also, and, either, if, at the least, [idiom] nor, or, otherwise, then, whether 10 נְקֵבָ֔ה H5347 vrouw, wijfje, meisje female 11 תָּמִ֖ים H8549 volkomen, oprechten, oprecht without blemish, complete, full, perfect, sincerely (-ity), sound, without spot, undefiled, upright(-ly), whole 12 יַקְרִיבֶֽנּוּ H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Indien hij een lam tot zijn offerande offert, zo zal hij het offeren voor het aangezicht des HEEREN.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Indien hij een lamH3775 tot zijn offerandeH7133 offertH7126, zo zal hij het offerenH7126 voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068. Indien hij een lam tot zijn offerande offert, zo zal hij het offeren voor het aangezicht des HEEREN.

KJV If he offer4 a lamb2 for his offering,6 then shall he offer7 it before9 the LORD.

1 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 2 כֶּ֥שֶׂב H3775 lammeren, lam, schaap lamb 3 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 4 מַקְרִ֖יב H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 5 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 6 קָרְבָּנ֑וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 7 וְהִקְרִ֥יב H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 8 אֹת֖וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 9 לִפְנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 10 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En hij zal zijn hand op het hoofd zijner offerande leggen, en hij zal die slachten voor de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron zullen het bloed daarvan sprengen op het altaar rondom.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 En hij zal zijn handH3027 opH5921 het hoofdH7218 zijner offerandeH7133 leggenH5564, en hij zal die slachtenH7819 voorH6440 de tentH168 der samenkomstH4150; en de zonenH1121 van AaronH175 zullen het bloedH1818 daarvan sprengenH2236 opH5921 het altaarH4196 rondomH5439. En hij zal zijn hand op het hoofd zijner offerande leggen, en hij zal die slachten voor de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron zullen het bloed daarvan sprengen op het altaar rondom.

KJV And he shall lay1 his hand3 upon the head5 of his offering,6 and kill7 it before9 the tabernacle10 of the congregation:11 and Aaron's14 sons13 shall sprinkle12 the blood16 thereof round about19 upon the altar.

1 וְסָמַ֤ךְ H5564 leggen, leiden, ondersteund bear up, establish, (up-) hold, lay, lean, lie hard, put, rest self, set self, stand fast, stay (self), sustain 2 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 יָדוֹ֙ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 4 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 5 רֹ֣אשׁ H7218 hoofd, hoofden, hoogte band, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top 6 קָרְבָּנ֔וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 7 וְשָׁחַ֣ט H7819 slachten, slachtte, slachtten kill, offer, shoot out, slay, slaughter 8 אֹת֔וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 9 לִפְנֵ֖י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 10 אֹ֣הֶל H168 tent, tenten, hutten covering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent 11 מוֹעֵ֑ד H4150 samenkomst, gezette hoogtijden, tijd appointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed) 12 וְ֠זָרְקוּ H2236 sprengen, sprengde, sprengden be here and there, scatter, sprinkle, strew 13 בְּנֵ֨י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 14 אַהֲרֹ֧ן H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 15 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 16 דָּמ֛וֹ H1818 bloed, bloeds, bloedschulden blood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent 17 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 18 הַמִּזְבֵּ֖חַ H4196 altaar, altaren, altaars altar 19 סָבִֽיב H5439 rondom, Rondom, omgangen (place, round) about, circuit, compass, on every side
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Daarna zal hij van dat dankoffer een vuuroffer den HEERE offeren; zijn vet, den gehele staart, dien hij dicht aan de ruggegraat zal afnemen, en het vet bedekkende het ingewand, en al het vet, dat aan het ingewand is;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Daarna zal hij van dat dankofferH2077 een vuurofferH801 den HEEREH3068 offerenH7126; zijn vetH2459, den gehele staartH451, dien hij dichtH5980 aan de ruggegraatH6096 zal afnemenH5493, en het vetH2459 bedekkendeH3680 het ingewandH7130, en alH3605 het vetH2459, datH834 aanH5921 het ingewandH7130 is; Daarna zal hij van dat dankoffer een vuuroffer den HEERE offeren; zijn vet, den gehele staart, dien hij dicht aan de ruggegraat zal afnemen, en het vet bedekkende het ingewand, en al het vet, dat aan het ingewand is;

KJV And he shall offer1 of the sacrifice2 of the peace offering3 an offering made by fire4 unto the LORD;5 the fat6 thereof, and the whole8 rump,7 it shall he take off11 hard9 by the backbone;10 and the fat13 that covereth14 the inwards,16 and all the fat19 that is upon the inwards,

1 וְהִקְרִ֨יב H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 2 מִזֶּ֣בַח H2077 slachtoffer, dankoffer, slachtofferen offer(-ing), sacrifice 3 הַשְּׁלָמִים֮ H8002 dankofferen, dankoffer, dankoffers peace offering 4 אִשֶּׁ֣ה H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 5 לַיהוָה֒ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 חֶלְבּוֹ֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 7 הָאַלְיָ֣ה H451 staart rump 8 תְמִימָ֔ה H8549 volkomen, oprechten, oprecht without blemish, complete, full, perfect, sincerely (-ity), sound, without spot, undefiled, upright(-ly), whole 9 לְעֻמַּ֥ת H5980 tegenover, Tegenover, dicht (over) against, at, beside, hard by, in points 10 הֶעָצֶ֖ה H6096 ruggegraat backbone 11 יְסִירֶ֑נָּה H5493 weg, week, weggenomen be(-head), bring, call back, decline, depart, eschew, get (you), go (aside), [idiom] grievous, lay away (by), leave undone, be past, pluck away, put (away, down), rebel, remove (to and fro), revolt, [idiom] be sour, take (away, off), turn (aside, away, in), withdraw, be without 12 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 13 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 14 הַֽמְכַסֶּ֣ה H3680 bedekt, bedekken, bedekte clad self, close, clothe, conceal, cover (self), (flee to) hide, overwhelm. Compare H3780 (כָּשָׂה) 15 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 16 הַקֶּ֔רֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 17 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 18 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 19 הַחֵ֔לֶב H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 20 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 21 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 22 הַקֶּֽרֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Ook beide de nieren, en het vet, dat daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever met de nieren, zal hij afnemen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Ook beideH8147 de nierenH3629, en het vetH2459, datH834 daaraan is, datH834 aanH5921 de weekdarmenH3689 is; en het netH3508 overH5921 de leverH3516 met de nierenH3629, zal hij afnemenH5493. Ook beide de nieren, en het vet, dat daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever met de nieren, zal hij afnemen.

KJV And the two2 kidneys,3 and the fat5 that is upon them, which is by the flanks,10 and the caul12 above the liver,14 with the kidneys,16 it shall he take away.

1 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 2 שְׁתֵּ֣י H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 3 הַכְּלָיֹ֔ת H3629 nieren kidneys, reins 4 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 5 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 6 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 7 עֲלֵהֶ֔ן H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 הַכְּסָלִ֑ים H3689 weekdarmen, hoop, darmen confidence, flank, folly, hope, loin 11 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 הַיֹּתֶ֨רֶת֙ H3508 net caul 13 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 הַכָּבֵ֔ד H3516 lever liver 15 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 16 הַכְּלָיֹ֖ת H3629 nieren kidneys, reins 17 יְסִירֶֽנָּה H5493 weg, week, weggenomen be(-head), bring, call back, decline, depart, eschew, get (you), go (aside), [idiom] grievous, lay away (by), leave undone, be past, pluck away, put (away, down), rebel, remove (to and fro), revolt, [idiom] be sour, take (away, off), turn (aside, away, in), withdraw, be without
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En de priester zal dat aansteken op het altaar; het is een spijs des vuuroffers den HEERE.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 En de priesterH3548 zal dat aanstekenH6999 op het altaarH4196; het is een spijsH3899 des vuuroffersH801 den HEEREH3068. En de priester zal dat aansteken op het altaar; het is een spijs des vuuroffers den HEERE.

KJV And the priest2 shall burn1 it upon the altar:3 it is the food4 of the offering made by fire5 unto the LORD.

1 וְהִקְטִיר֥וֹ H6999 aansteken, roken, gerookt burn (incense, sacrifice) (upon), (altar for) incense, kindle, offer (incense, a sacrifice) 2 הַכֹּהֵ֖ן H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 3 הַמִּזְבֵּ֑חָה H4196 altaar, altaren, altaars altar 4 לֶ֥חֶם H3899 brood, broods, spijze (shew-) bread, [idiom] eat, food, fruit, loaf, meat, victuals 5 אִשֶּׁ֖ה H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 6 לַיהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Indien nu zijn offerande een geit is, zo zal hij die offeren voor het aangezicht des HEEREN.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Indien nu zijn offerandeH7133 een geitH5795 is, zoH518 zal hij die offerenH7126 voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068. Indien nu zijn offerande een geit is, zo zal hij die offeren voor het aangezicht des HEEREN.

KJV And if his offering3 be a goat,2 then he shall offer4 it before5 the LORD.

1 וְאִ֥ם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 2 עֵ֖ז H5795 geiten, geit, geitenbok (she) goat, kid 3 קָרְבָּנ֑וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 4 וְהִקְרִיב֖וֹ H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 5 לִפְנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 6 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 En hij zal zijn hand op haar hoofd leggen, en hij zal hem slachten voor de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron zullen haar bloed op het altaar sprengen rondom.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 En hij zal zijn handH3027 opH5921 haar hoofdH7218 leggenH5564, en hij zal hem slachtenH7819 voorH6440 de tentH168 der samenkomstH4150; en de zonenH1121 van AaronH175 zullen haar bloedH1818 opH5921 het altaarH4196 sprengenH2236 rondomH5439. En hij zal zijn hand op haar hoofd leggen, en hij zal hem slachten voor de tent der samenkomst; en de zonen van Aaron zullen haar bloed op het altaar sprengen rondom.

KJV And he shall lay1 his hand3 upon the head5 of it, and kill6 it before8 the tabernacle9 of the congregation:10 and the sons12 of Aaron13 shall sprinkle11 the blood15 thereof upon the altar17 round about.

1 וְסָמַ֤ךְ H5564 leggen, leiden, ondersteund bear up, establish, (up-) hold, lay, lean, lie hard, put, rest self, set self, stand fast, stay (self), sustain 2 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 יָדוֹ֙ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 4 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 5 רֹאשׁ֔וֹ H7218 hoofd, hoofden, hoogte band, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top 6 וְשָׁחַ֣ט H7819 slachten, slachtte, slachtten kill, offer, shoot out, slay, slaughter 7 אֹת֔וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 8 לִפְנֵ֖י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 9 אֹ֣הֶל H168 tent, tenten, hutten covering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent 10 מוֹעֵ֑ד H4150 samenkomst, gezette hoogtijden, tijd appointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed) 11 וְ֠זָרְקוּ H2236 sprengen, sprengde, sprengden be here and there, scatter, sprinkle, strew 12 בְּנֵ֨י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 13 אַהֲרֹ֧ן H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 14 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 15 דָּמ֛וֹ H1818 bloed, bloeds, bloedschulden blood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent 16 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 17 הַמִּזְבֵּ֖חַ H4196 altaar, altaren, altaars altar 18 סָבִֽיב H5439 rondom, Rondom, omgangen (place, round) about, circuit, compass, on every side
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Dan zal hij daarvan zijn offerande offeren, een vuuroffer den HEERE; het vet bedekkende het ingewand, en al het vet, dat aan het ingewand is;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 DanH4480 zal hij daarvan zijn offerandeH7133 offerenH7126, een vuurofferH801 den HEEREH3068; het vetH2459 bedekkendeH3680 het ingewandH7130, en alH3605 het vetH2459, datH834 aanH5921 het ingewandH7130 is; Dan zal hij daarvan zijn offerande offeren, een vuuroffer den HEERE; het vet bedekkende het ingewand, en al het vet, dat aan het ingewand is;

KJV And he shall offer1 thereof his offering,3 even an offering made by fire4 unto the LORD;5 the fat7 that covereth8 the inwards,10 and all the fat13 that is upon the inwards,

1 וְהִקְרִ֤יב H7126 offeren, naderen, naderde (cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take 2 מִמֶּ֨נּוּ֙ H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 3 קָרְבָּנ֔וֹ H7133 offerande, offeranden, offer oblation, that is offered, offering 4 אִשֶּׁ֖ה H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 5 לַֽיהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 7 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 8 הַֽמְכַסֶּ֣ה H3680 bedekt, bedekken, bedekte clad self, close, clothe, conceal, cover (self), (flee to) hide, overwhelm. Compare H3780 (כָּשָׂה) 9 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 10 הַקֶּ֔רֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 11 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 13 הַחֵ֔לֶב H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 14 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 15 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 16 הַקֶּֽרֶב H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Mitsgaders de beide nieren, en het vet, dat daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever, met de nieren, zal hij afnemen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Mitsgaders de beideH8147 nierenH3629, en het vetH2459, datH834 daaraan is, datH834 aanH5921 de weekdarmenH3689 is; en het netH3508 overH5921 de leverH3516, met de nierenH3629, zal hij afnemenH5493. Mitsgaders de beide nieren, en het vet, dat daaraan is, dat aan de weekdarmen is; en het net over de lever, met de nieren, zal hij afnemen.

KJV And the two2 kidneys,3 and the fat5 that is upon them, which is by the flanks,10 and the caul12 above the liver,14 with the kidneys,16 it shall he take away.

1 וְאֵת֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 2 שְׁתֵּ֣י H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 3 הַכְּלָיֹ֔ת H3629 nieren kidneys, reins 4 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 5 הַחֵ֨לֶב֙ H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 6 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 7 עֲלֵהֶ֔ן H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 הַכְּסָלִ֑ים H3689 weekdarmen, hoop, darmen confidence, flank, folly, hope, loin 11 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 הַיֹּתֶ֨רֶת֙ H3508 net caul 13 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 הַכָּבֵ֔ד H3516 lever liver 15 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 16 הַכְּלָיֹ֖ת H3629 nieren kidneys, reins 17 יְסִירֶֽנָּה H5493 weg, week, weggenomen be(-head), bring, call back, decline, depart, eschew, get (you), go (aside), [idiom] grievous, lay away (by), leave undone, be past, pluck away, put (away, down), rebel, remove (to and fro), revolt, [idiom] be sour, take (away, off), turn (aside, away, in), withdraw, be without
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En de priester zal die aansteken op het altaar; het is een spijs des vuuroffers, tot een liefelijken reuk; alle vet zal des HEEREN zijn.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 En de priesterH3548 zal die aanstekenH6999 op het altaarH4196; het is een spijsH3899 des vuuroffersH801, tot een liefelijkenH5207 reukH7381; alleH3605 vetH2459 zal des HEERENH3068 zijn. En de priester zal die aansteken op het altaar; het is een spijs des vuuroffers, tot een liefelijken reuk; alle vet zal des HEEREN zijn.

KJV And the priest2 shall burn1 them upon the altar:3 it is the food4 of the offering made by fire5 for a sweet7 savour:6 all the fat9 is the LORD'S.

1 וְהִקְטִירָ֥ם H6999 aansteken, roken, gerookt burn (incense, sacrifice) (upon), (altar for) incense, kindle, offer (incense, a sacrifice) 2 הַכֹּהֵ֖ן H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 3 הַמִּזְבֵּ֑חָה H4196 altaar, altaren, altaars altar 4 לֶ֤חֶם H3899 brood, broods, spijze (shew-) bread, [idiom] eat, food, fruit, loaf, meat, victuals 5 אִשֶּׁה֙ H801 vuuroffer, vuurofferen, vuuroffers (offering, sacrifice), (made) by fire 6 לְרֵ֣יחַ H7381 reuk, reuks savour, scent, smell 7 נִיחֹ֔חַ H5207 liefelijken, liefelijke sweet (odour) 8 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 9 חֵ֖לֶב H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 10 לַיהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Dit zij een eeuwige inzetting voor uw geslachten, in al uw woningen: geen vet noch bloed zult gij eten.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Dit zij een eeuwigeH5769 inzettingH2708 voor uw geslachtenH1755, in alH3605 uw woningenH4186: geen vetH2459 noch bloedH1818 zult gij etenH398. Dit zij een eeuwige inzetting voor uw geslachten, in al uw woningen: geen vet noch bloed zult gij eten.

KJV It shall be a perpetual2 statute1 for your generations3 throughout all your dwellings,5 that ye eat11 neither fat7 nor blood.

1 חֻקַּ֤ת H2708 inzettingen, inzetting, ordinantien appointed, custom, manner, ordinance, site, statute 2 עוֹלָם֙ H5769 eeuwigheid, eeuwige, eeuwig alway(-s), ancient (time), any more, continuance, eternal, (for, (n-)) ever(-lasting, -more, of old), lasting, long (time), (of) old (time), perpetual, at any time, (beginning of the) world ([phrase] without end). Compare H5331 (נֶצַח), H5703 (עַד) 3 לְדֹרֹ֣תֵיכֶ֔ם H1755 geslacht, geslachten, Geslacht age, [idiom] evermore, generation, (n-) ever, posterity 4 בְּכֹ֖ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 5 מֽוֹשְׁבֹתֵיכֶ֑ם H4186 woningen, woning, zitplaats assembly, dwell in, dwelling(-place), wherein (that) dwelt (in), inhabited place, seat, sitting, situation, sojourning 6 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 7 חֵ֥לֶב H2459 vet, vette, smeer [idiom] best, fat(-ness), [idiom] finest, grease, marrow 8 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 9 דָּ֖ם H1818 bloed, bloeds, bloedschulden blood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent 10 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 11 תֹאכֵֽלוּ H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Leviticus 3:1 Leviticus 1:3 Numeri 6:14 Amos 5:22 Spreuken 7:14 Exodus 29:28 Exodus 20:24 Maleachi 1:8 Kolossenzen 1:20
Leviticus 3:2 Leviticus 1:4 Exodus 29:10 Handelingen 4:26 Leviticus 1:11 1 Johannes 1:9 Handelingen 3:26 Jesaja 53:6 Leviticus 16:21
Leviticus 3:3 Exodus 29:13 Leviticus 4:8 Exodus 29:22 Psalmen 119:70 Romeinen 5:5 Ezechiël 36:26 Spreuken 23:26 Leviticus 3:16
Leviticus 3:4 Leviticus 3:10 Leviticus 9:19 Leviticus 3:15 Leviticus 8:25 Leviticus 4:9 Leviticus 8:16 Leviticus 7:4 Exodus 29:13
Leviticus 3:5 Leviticus 6:12 Exodus 29:13 Leviticus 7:29 Exodus 29:38 Leviticus 1:9 1 Petrus 2:5 Leviticus 4:31 1 Samuël 2:15
Leviticus 3:6 Galaten 3:28 Leviticus 1:2 Efeze 2:13 Handelingen 4:27 Jesaja 60:7 Leviticus 1:10 Efeze 1:10 Galaten 4:4
Leviticus 3:7 1 Koningen 8:62 Hebreeën 9:14 Efeze 5:2 Leviticus 3:1 Efeze 5:12 Leviticus 17:8
Leviticus 3:8 Leviticus 1:5 1 Petrus 2:24 Efeze 2:18 Hebreeën 10:19 Jesaja 53:6 Mattheüs 3:17 Leviticus 1:11 Leviticus 3:2
Leviticus 3:9 Leviticus 9:19 Exodus 29:22 Spreuken 23:26 Leviticus 8:25 Leviticus 7:3 Jesaja 53:10 Leviticus 3:3
Leviticus 3:10 Leviticus 3:4
Leviticus 3:11 Leviticus 21:17 Leviticus 21:6 Leviticus 3:5 Leviticus 21:8 Leviticus 3:16 Maleachi 1:7 Leviticus 21:21 Leviticus 22:25
Leviticus 3:12 Leviticus 10:16 Mattheüs 25:32 Leviticus 1:2 Leviticus 3:1 Jesaja 53:2 2 Korinthe 5:21 Leviticus 1:10 Leviticus 3:7
Leviticus 3:13 Leviticus 3:8 Jesaja 53:11 2 Korinthe 5:21 Jesaja 53:6 Hebreeën 12:24 Romeinen 5:15 1 Petrus 2:24 1 Petrus 1:2
Leviticus 3:14 Leviticus 3:3 Spreuken 23:26 Romeinen 12:1 Mattheüs 22:37 Jeremia 20:18 Mattheüs 26:38 Leviticus 3:9 Psalmen 22:14
Leviticus 3:16 Leviticus 7:23 1 Samuël 2:15 Leviticus 4:8 Leviticus 4:31 Leviticus 17:6 Mattheüs 22:37 Leviticus 9:24 Jesaja 53:10
Leviticus 3:17 Genesis 9:4 Leviticus 17:7 Deuteronomium 15:23 Deuteronomium 12:23 Deuteronomium 12:16 Leviticus 6:18 Handelingen 15:29 Mattheüs 26:28
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Leviticus 3 vers 1

dankoffer is; Het Hebreeuwse woord betekent welvaren en voorspoedigheid, of vergelding; alsof men zeide: Eene offerande, waarmede men God dankzegging vergeldt voor allerlei welstand, voorspoed, vrede en zegening; en vergeldoffer zou kunnen genoemd worden.

Hertaald: dankoffer is; Het Hebreeuwse woord betekent welzijn en voorspoed, of vergelding; alsof men zei: een offer waarmee men God dankzegt voor allerlei welzijn, voorspoed, vrede en zegen; het zou een vergeldoffer genoemd kunnen worden.

volkomen zal hij die offeren, Zie boven, Lev. 1:3.

Hertaald: volkomen zal hij die offeren, Zie hierboven, Lev. 1:3.

Leviticus 3 vers 2

hij zal Namelijk, hij die haar brengt, om geofferd te worden.

Hertaald: hij zal Namelijk: hij die het dier brengt om geofferd te worden.

zijn hand op het hoofd Zie boven, Lev. 1:4.

Hertaald: zijn hand op het hoofd Zie hierboven, Lev. 1:4.

zal ze slachten Namelijk, de priesters, gelijk boven, Lev. 1:5.

Hertaald: zal ze slachten Namelijk: de priesters, zoals hierboven, Lev. 1:5.

Leviticus 3 vers 3

vuuroffer den HEERE offeren Zie boven, Lev. 1:9.

Hertaald: vuuroffer den HEERE offeren Zie hierboven, Lev. 1:9.

aan het ingewand is Anders, over, of op.

Hertaald: aan het ingewand is Ook mogelijk: over, of op.

Leviticus 3 vers 4

weekdarmen is; Versta, de darmen, die in het weke van den buik, bij de Latijnen Ilia genoemd, liggen.

Hertaald: weekdarmen is; Versta: de darmen die zich in de weke zijkant van de buik bevinden, bij de Latijnen ilia genoemd.

met de nieren, Hebreeuws, boven; gelijk Lev. 2:2, enz. Dat is, samen met de nieren, die hij niet alleen tot dit offer afzonderen moest, maar ook tot hetzelfde einde haar vet afnemen enz. en het net der lever.

Hertaald: met de nieren, Hebreeuws: boven; zoals in Lev. 2:2. Dat is: samen met de nieren, die hij niet alleen voor dit offer moest afzonderen, maar waarvan hij ook het vet moest afnemen, evenals van het net van de lever.

afnemen Of, afdoen, aftrekken.

Hertaald: afnemen Of: afdoen, aftrekken.

Leviticus 3 vers 5

op het brandoffer, Te weten, wat men iederen morgen òf avond moest offeren; òf, wat men eerst na dit offer offeren zou; òf, op het brandoffer, dat is, naar de wijze van het brandoffer geofferd moest worden. Alzo onder, Lev. 4:35, en Lev. 5:12.

Hertaald: op het brandoffer, Namelijk: wat men elke morgen of avond moest offeren; of: wat men pas na dit offer zou offeren; of: op de wijze van het brandoffer geofferd moest worden. Zo ook hieronder, Lev. 4:35 en Lev. 5:12.

Leviticus 3 vers 6

klein vee is, Dat is, schapen en geiten, gelijk af te nemen is uit de volgende vs.7, 12; zie boven, Lev. 1:2.

Hertaald: klein vee is, Dat is: schapen en geiten, zoals blijkt uit de volgende verzen 7 en 12; zie hierboven, Lev. 1:2.

Leviticus 3 vers 7

voor het aangezicht des HEEREN Zie boven, Lev. 1:3.

Hertaald: voor het aangezicht des HEEREN Zie hierboven, Lev. 1:3.

Leviticus 3 vers 8

hij zal die slachten Te weten, de priester; zie boven Lev. 1:5.

Hertaald: hij zal die slachten Namelijk: de priester; zie hierboven, Lev. 1:5.

Leviticus 3 vers 9

ruggegraat zal afnemen, Versta hiermede, het uiterste deel of het einde van de ruggegraat, eindigende in het sluitbeen, genoemd bij de Latijnen Os sacrum.

Hertaald: ruggegraat zal afnemen, Versta hiermee: het uiterste deel of het einde van de ruggengraat, eindigend bij het staartbeen, bij de Latijnen os sacrum genoemd.

Leviticus 3 vers 11

spijs Hebreeuws, brood.

Hertaald: spijs Hebreeuws: brood.

des vuuroffers den HEERE Versta, het vlees der offeranden, wat door het vuur, God ter eer, verteerd moest worden, gelijk het brood of de spijs door de mond des mensen: of wat van de offeranden den priesters toekwam, om door hen gegeten te worden. Zie de plaatsen recht te voren aangetekend.

Hertaald: des vuuroffers den HEERE Versta: het vlees van de offers, dat door het vuur, tot Gods eer, verteerd moest worden, zoals het brood of het voedsel door de mond van de mens; of wat van de offers aan de priesters toekwam, om door hen gegeten te worden. Zie de eerder aangehaalde plaatsen.

Leviticus 3 vers 16

een liefelijken reuk; Zie Gen. 8:21.

Hertaald: een liefelijken reuk; Zie Gen. 8:21.

alle vet zal des HEEREN zijn Volgens dien mocht het vet van geen beest, dat tot de offerande geschikt was, noch door den priester, noch door den eigenaar gegeten worden, maar moest den HEERE geheiligd en voor hem aangestoken zijn. Zie onder, Lev. 7:23, enz.

Hertaald: alle vet zal des HEEREN zijn Volgens deze regel mocht het vet van een dier dat bestemd was voor het offer, noch door de priester noch door de eigenaar gegeten worden, maar moest het aan de HEERE geheiligd en voor Hem verbrand worden. Zie hieronder, Lev. 7:23.

Leviticus 3 vers 17

eeuwige inzetting voor uw geslachten, Hebreeuws, inzetting der eeuwigheid. Zie Gen. 13:15.

Hertaald: eeuwige inzetting voor uw geslachten, Hebreeuws: inzetting der eeuwigheid. Zie Gen. 13:15.

woningen Hun wordt verboden het vet te eten van het vee, niet alleen wat in de tent der samenkomst aan God geofferd werd, maar ook wat zij tehuis voor hun eigen gebruik slachtten. Doch men versta niet alle vet zonder onderscheid, maar eigenlijk het smerig en roestig vet, wat aan de einden en vellen der spieren groeit en hangt, en door de koude klonterig, hard en brokkelig wordt, bij de Latijnen genoemd adeps. Welverstaande van die drie soorten, welke uitgedrukt wordt, Lev. 6:23-24.

Hertaald: woningen Het is hun verboden het vet te eten, niet alleen van vee dat in de tent der samenkomst aan God geofferd werd, maar ook van wat zij thuis voor eigen gebruik slachtten. Men moet echter niet al het vet zonder onderscheid verstaan, maar eigenlijk het smerige, taaie vet dat aan de uiteinden en vliezen van de spieren groeit en hangt, en door de koude klonterig, hard en brokkelig wordt, bij de Latijnen adeps genoemd. Namelijk de drie soorten die aangeduid worden in Lev. 6:23-24.

noch bloed zult gij eten Zie Gen. 9:4; Lev. 7:26, en Lev. 17:10.

Hertaald: noch bloed zult gij eten Zie Gen. 9:4; Lev. 7:26 en Lev. 17:10.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Dankoffer (vredeoffer)  — Hebreeuws: zebach sjelamiem, van sjalom, "vrede, welstand" — in de Statenvertaling "dankoffer"

Bij het dankoffer mocht het dier een rund, schaap of geit zijn, mannelijk of vrouwelijk, mits zonder gebrek (Lev. 3:1-17). Het vet, de nieren en het net over de lever werden op het altaar verbrand; de borst en de rechterschouder kwamen de priesters toe; het overige at de offeraar zelf met zijn huis (Lev. 7:11-21,28-34). Er waren drie soorten: het lofoffer, het gelofteoffer en het vrijwillig offer (Lev. 7:11-16). Vet en bloed mochten nooit gegeten worden (Lev. 3:17).

Bijbelse betekenis: Dit was het enige offer waarvan de offeraar zelf at: een maaltijd in de tegenwoordigheid van God, op grond van vergoten bloed. Het diende dus niet om vrede te maken, maar om de vrede te genieten die God geschonken had — gemeenschap met Hem en, aan dezelfde tafel, met de zijnen.

Typologie: Paulus wijst rechtstreeks op deze maaltijd: wie de offeranden eten, hebben gemeenschap met het altaar (1 Kor. 10:18). Juist zo spreekt hij van de drinkbeker en het brood als gemeenschap aan het bloed en het lichaam van Christus (1 Kor. 10:16-21). Die vrede is geen prestatie van de gelovige maar een verworven weldaad. Gerechtvaardigd door het geloof, hebben wij vrede bij God door onze Heere Jezus Christus (Rom. 5:1), Die vrede gemaakt heeft door het bloed van Zijn kruis (Kol. 1:20; Ef. 2:14).

Lev. 3:1-17; Lev. 7:11-21,28-34; Rom. 5:1; Ef. 2:14; Kol. 1:20; 1 Kor. 10:16-21

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Het offer en de plaatsvervanging niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding uitwerking

Het dankoffer, en de maaltijd erna — 3:1-17

Na het brandoffer en het spijsoffer komt het derde van de liefelijke offers. Het heet in de Statenvertaling het dankoffer, en het is het enige offer waarvan de brenger zelf mee mocht eten.

Bij dit offer krijgt God het vet, de priester zijn deel, en de brenger de rest — om er thuis een maaltijd van te houden.

De voorschriften zijn hier ruimer dan bij de andere offers. Het dier mag een mannetje of een wijfje zijn, van welke leeftijd ook, als het maar volkomen is. Het wordt niet binnen maar bij de ingang van de voorhof geslacht, en het bloed wordt rondom op het altaar gesprengd.

Wat er daarna gebeurt, maakt dit offer bijzonder. De beste inwendige delen worden verbrand — het vet, de nieren, het net over de lever. De borst en de schouder gaan naar de priester, en die mocht ze bovendien met zijn gezin delen; dat mocht bij de andere offers niet. En de rest ging terug naar degene die het gebracht had, om er met zijn huisgezin, zijn vrienden en de Levieten van te eten.

Dat maakt van dit offer een maaltijd. God krijgt Zijn deel op het altaar, de priester het zijne, en de brenger zit met de zijnen te eten van hetzelfde dier. In het Oosten was samen eten het zichtbaarste teken dat een geschil bijgelegd was; men at niet met iemand die men niet vertrouwde. Zo werd hier zichtbaar gemaakt dat er vrede was tussen God en de mens.

En er staat één woord bij dat de volgorde vastlegt. Het vet moet verbrand worden op het brandoffer dat al op het hout ligt. De dankmaaltijd komt dus letterlijk bovenop het offer waarin de verzoening lag. Eerst was er de dood van een plaatsvervanger; dan pas is er iets te vieren.

Zo wijst dit offer op Christus, Die de gelovigen met God verzoend heeft en vrede gemaakt door het bloed Zijns kruises. En het is opmerkelijk hoe Paulus daarover schrijft: hij zet de vrede vóórop en de verzoening als grond eronder — wij dan gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede bij God door onzen Heere Jezus Christus.

Aan drie kanten is aan dit offer voldaan. De beledigde God ontvangt wat Hem toekomt, de priester die tussenbeide treedt heeft zijn deel, en de mens die de schuld had zit aan tafel.

Het Nieuwe Testament neemt die maaltijd letterlijk over. In de nacht waarin Hij verraden werd nam Hij brood, en Hij zei dat zij eten moesten. En het laatste beeld van heel de Schrift is opnieuw een maaltijd: zalig zijn zij die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams.

  1. Leviticus 3:1 — De regels zijn ruimer dan bij de andere offers, als het dier maar volkomen is.
  2. Leviticus 3:2 — De hand op het hoofd, en dan het bloed rondom op het altaar.
  3. Leviticus 3:5 — Het vet gaat op het brandoffer dat er al ligt: verzoening eerst.
  4. Leviticus 7:15 — De rest gaat mee naar huis, voor een maaltijd met huisgenoten en Levieten.
  5. Romeinen 5:1 — Gerechtvaardigd uit het geloof, hebben wij vrede bij God.
  6. Openbaring 19:9 — Zalig zijn zij die geroepen zijn tot het avondmaal van de bruiloft des Lams.

In het Nieuwe Testament: Romeinen 5:1, 10; Kolossenzen 1:20; 1 Korinthe 10:18; Openbaring 19:9; Lukas 22:19-20

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament haalt Leviticus 3 niet aan. Wat hier gelegd wordt rust op de inrichting van het offer zelf: God, de priester en de brenger eten van hetzelfde dier, en de dankmaaltijd wordt gebracht op het brandoffer dat er al ligt. Dat dit op de vrede door het bloed van Christus ziet, is een gevolgtrekking van uitleggers. Zij vindt steun in Romeinen 5 en Kolossenzen 1, maar die plaatsen verwijzen niet naar dit hoofdstuk.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Leviticus 3

Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content