Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
i
Over deze StudieBijbel
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.
De Bijbeltekst
De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.
De kanttekeningen
De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.
De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.
De verklaring van Dächsel
Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.
Namen, plaatsen en begrippen
De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.
Christus in dit hoofdstuk
Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.
Waarom deze uitgave bijzonder is
Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.
Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1Daarna sprakH1696 de HEEREH3068totH413MozesH4872, zeggendeH559:Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
2Dit zal de wet des melaatsen zijn, ten dage zijner reiniging: dat hij tot den priester zal gebracht worden.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2DitH2063 zal de wetH8451 des melaatsenH6879zijnH1961, ten dageH3117 zijner reinigingH2893: dat hij totH413 den priesterH3548 zal gebrachtH935 worden.Dit zal de wet des melaatsen zijn, ten dage zijner reiniging: dat hij tot den priester zal gebracht worden.
KJVThis shall be the law3of the leper4in the day5of his cleansing:6He shall be brought7unto the priest:
1זֹ֤אתH2063dit, deze, dathereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus2תִּֽהְיֶה֙H1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use3תּוֹרַ֣תH8451wet, wetten, leerlaw4הַמְּצֹרָ֔עH6879melaats, melaatsen, melaatseleper, leprous5בְּי֖וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger6טָהֳרָת֑וֹH2893reiniging, reinigheid[idiom] is cleansed, cleansing, purification(-fying)7וְהוּבָ֖אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way8אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)9הַכֹּהֵֽןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer
3En de priester zal buiten het leger gaan; als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag der melaatsheid van den melaatse genezen is;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
3En de priesterH3548 zal buitenH2351 het legerH4264 gaan; als de priesterH3548merkenH7200 zal, dat, zietH2009, die plaagH5061 der melaatsheidH6883vanH4480 den melaatseH6879genezenH7495 is;En de priester zal buiten het leger gaan; als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag der melaatsheid van den melaatse genezen is;
KJVAnd the priest2shall go forth1out4of the camp;5and the priest7shall look,6and, behold, if the plague10of leprosy11be healed9in the leper;
1וְיָצָא֙H3318uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd[idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter2הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)4מִח֖וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without5לַֽמַּחֲנֶ֑הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents6וְרָאָה֙H7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions7הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer8וְהִנֵּ֛הH2009ziet, ziebehold, lo, see9נִרְפָּ֥אH7495genezen, gezond, helencure, (cause to) heal, physician, repair, [idiom] thoroughly, make whole. See H7503 (רָפָה)10נֶֽגַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound11הַצָּרַ֖עַתH6883melaatsheidleprosy12מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with13הַצָּרֽוּעַH6879melaats, melaatsen, melaatseleper, leprous
4Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
4Zo zal de priesterH3548gebiedenH6680, dat men voor hem, die te reinigenH2891 zal zijn, tweeH8147levendeH2416reineH2889vogelenH6833nemeH3947, mitsgaders cederenhoutH730, en scharlakenH8144, en hysopH231.Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
KJVThen shall the priest2command1to take3for him that is to be cleansed4two5birds6alive7and clean,8and cedar10wood,9and scarlet,11and hyssop:
5De priester zal ook gebieden, dat men den ene vogel slachte, in een aarden vat, over levend water.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
5De priesterH3548 zal ook gebiedenH6680, dat men den ene vogelH6833slachteH7819, in een aardenH2789vatH3627, overH5921levendH2416waterH4325.De priester zal ook gebieden, dat men den ene vogel slachte, in een aarden vat, over levend water.
KJVAnd the priest2shall command1that one6of the birds5be killed3in an earthen9vessel8over running12water:
1וְצִוָּה֙H6680geboden, gebood, gebiedeappoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order2הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3וְשָׁחַ֖טH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5הַצִּפּ֣וֹרH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow6הָאֶחָ֑תH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,7אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)8כְּלִיH3627vaten, gereedschap, vatarmour(-bearer), artillery, bag, carriage, [phrase] furnish, furniture, instrument, jewel, that is made of, [idiom] one from another, that which pertaineth, pot, [phrase] psaltery, sack, stuff, thing, tool, vessel, ware, weapon, [phrase] whatsoever9חֶ֖רֶשׂH2789aarden, potscherf, schervenearth(-en), (pot-) sherd, [phrase] stone10עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with11מַ֥יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))12חַיִּֽיםH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop
6Dien levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en den hysop; en zal die, en den levenden vogel dopen in het bloed des vogels, die boven het levende water geslacht is.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
6Dien levendenH2416vogelH6833 zal hij nemenH3947, en het cederhoutH730, en het scharlakenH8144, en den hysopH231; en zal die, en den levendenH2416vogelH6833dopenH2881 in het bloedH1818 des vogelsH6833, die bovenH5921 het levendeH2416waterH4325geslachtH7819 is.Dien levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en den hysop; en zal die, en den levenden vogel dopen in het bloed des vogels, die boven het levende water geslacht is.
KJVAs for the living3bird,2he shall take4it, and the cedar8wood,7and the scarlet,10and the hyssop,13and shall dip14them and the living18bird17in the blood19of the bird20that was killed21over the running24water:
1אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)2הַצִּפֹּ֤רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow3הַֽחַיָּה֙H2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop4יִקַּ֣חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win5אֹתָ֔הּH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7עֵ֥ץH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood8הָאֶ֛רֶזH730cederen, ceder, cederenhoutcedar (tree)9וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)10שְׁנִ֥יH8144scharlaken, dubbele klederen, scharlakendraadcrimson, scarlet (thread)11הַתּוֹלַ֖עַתH8438scharlaken, worm, karmozijncrimson, scarlet, worm12וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)13הָאֵזֹ֑בH231hysophyssop14וְטָבַ֨לH2881doopte, dopen, indopendip, plunge15אוֹתָ֜םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)16וְאֵ֣תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)17הַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow18הַֽחַיָּ֗הH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop19בְּדַם֙H1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent20הַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow21הַשְּׁחֻטָ֔הH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter22עַ֖לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with23הַמַּ֥יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))24הַֽחַיִּֽיםH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop
7En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en den levenden vogel in het open veld vliegen laten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
7En hij zal overH5921 hem, die vanH4480 de melaatsheidH6883 te reinigenH2891 is, zevenmaalH7651sprengenH5137; daarna zal hij hem rein verklarenH2891, en den levendenH2416vogelH6833 in het openH6440veldH7704vliegenH7971 laten.En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en den levenden vogel in het open veld vliegen laten.
KJVAnd he shall sprinkle1upon him that is to be cleansed3from the leprosy5seven6times,7and shall pronounce him clean,8and shall let the living12bird11loose9into the open14field.
1וְהִזָּ֗הH5137sprengen, gesprengd, besprengensprinkle2עַ֧לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3הַמִּטַּהֵ֛רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)4מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with5הַצָּרַ֖עַתH6883melaatsheidleprosy6שֶׁ֣בַעH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)7פְּעָמִ֑יםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel8וְטִ֣הֲר֔וֹH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)9וְשִׁלַּ֛חH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)10אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11הַצִּפֹּ֥רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow12הַֽחַיָּ֖הH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop13עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14פְּנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you15הַשָּׂדֶֽהH7704veld, velds, akkercountry, field, ground, land, soil, [idiom] wild
8Die nu te reinigen is, zal zijn klederen wassen, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
8Die nu te reinigenH2891 is, zal zijn klederenH899wassenH3526, en alH3605 zijn haar afscherenH1548, en zich in het waterH4325afwassenH7364, zo zal hij reinH2891 zijn; daarnaH310 zal hij in het legerH4264komenH935, maar zal buitenH2351 zijn tentH168zevenH7651dagenH3117 blijven.Die nu te reinigen is, zal zijn klederen wassen, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven.
KJVAnd he that is to be cleansed2shall wash1his clothes,4and shave5off all his hair,8and wash9himself in water,10that he may be clean:11and after12that he shall come13into the camp,15and shall tarry16abroad17out of his tent18seven19days.
1וְכִבֶּס֩H3526wassen, gewassen, vollersfuller, wash(-ing)2הַמִּטַּהֵ֨רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4בְּגָדָ֜יוH899klederen, kleed, ambtsklederenapparel, cloth(-es, ing), garment, lap, rag, raiment, robe, [idiom] very (treacherously), vesture, wardrobe5וְגִלַּ֣חH1548afscheren, beschoor, bescherenpoll, shave (off)6אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)8שְׂעָר֗וֹH8181haren, geschieden, harighair(-y), [idiom] rough9וְרָחַ֤ץH7364baden, wassen, wiesbathe (self), wash (self)10בַּמַּ֨יִם֙H4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))11וְטָהֵ֔רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)12וְאַחַ֖רH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with13יָב֣וֹאH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way14אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)15הַֽמַּחֲנֶ֑הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents16וְיָשַׁ֛בH3427inwoners, wonen, woonden(make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry17מִח֥וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without18לְאָהֳל֖וֹH168tent, tenten, huttencovering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent19שִׁבְעַ֥תH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)20יָמִֽיםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger
9En op den zevenden dag zal het geschieden, dat hij al zijn haar zal afscheren, zijn hoofd, en zijn baard, en de wenkbrauwen zijner ogen; ja, al zijn haar zal hij afscheren, en al zijn klederen wassen, en zijn vlees met water baden, zo zal hij rein zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
9En op den zevendenH7637dagH3117 zal het geschiedenH8181, dat hij alH3605 zijn haar zal afscherenH1548, zijn hoofdH7218, en zijn baardH2206, en de wenkbrauwenH1354 zijner ogenH5869; ja, alH3605 zijn haar zal hij afscherenH1548, en al zijn klederenH899wassenH3526, en zijn vleesH1320 met waterH4325badenH7364, zo zal hij reinH2891 zijn.En op den zevenden dag zal het geschieden, dat hij al zijn haar zal afscheren, zijn hoofd, en zijn baard, en de wenkbrauwen zijner ogen; ja, al zijn haar zal hij afscheren, en al zijn klederen wassen, en zijn vlees met water baden, zo zal hij rein zijn.
KJVBut it shall be on the seventh3day,2that he shall shave4all his hair7off his head9and his beard11and his eyebrows,13even all his hair17he shall shave18off: and he shall wash19his clothes,21also he shall wash22his flesh24in water,25and he shall be clean.
1וְהָיָה֩H1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use2בַיּ֨וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger3הַשְּׁבִיעִ֜יH7637zevenden, zevende, zevenseventh (time)4יְגַלַּ֣חH1548afscheren, beschoor, bescherenpoll, shave (off)5אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)7שְׂעָר֗וֹH8181haren, geschieden, harighair(-y), [idiom] rough8אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9רֹאשׁ֤וֹH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top10וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11זְקָנוֹ֙H2206baard, baards, baardenbeard12וְאֵת֙H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)13גַּבֹּ֣תH1354verwelfsel, hoogten, rugback, body, boss, eminent (higher) place, (eye) brows, nave, ring14עֵינָ֔יוH5869ogen, oog, verfaffliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves)15וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)16כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)17שְׂעָר֖וֹH8181haren, geschieden, harighair(-y), [idiom] rough18יְגַלֵּ֑חַH1548afscheren, beschoor, bescherenpoll, shave (off)19וְכִבֶּ֣סH3526wassen, gewassen, vollersfuller, wash(-ing)20אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)21בְּגָדָ֗יוH899klederen, kleed, ambtsklederenapparel, cloth(-es, ing), garment, lap, rag, raiment, robe, [idiom] very (treacherously), vesture, wardrobe22וְרָחַ֧ץH7364baden, wassen, wiesbathe (self), wash (self)23אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)24בְּשָׂר֛וֹH1320vlees, vleses, vleselijkebody, (fat, lean) flesh(-ed), kin, (man-) kind, [phrase] nakedness, self, skin25בַּמַּ֖יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))26וְטָהֵֽרH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)
10En op den achtsten dag zal hij twee volkomen lammeren, en een eenjarig volkomen schaap nemen, mitsgaders drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, en een log olie.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
10En op den achtstenH8066dagH3117 zal hij tweeH8147volkomenH8549lammerenH3532, en eenH259eenjarigH1323volkomenH8549schaapH3535nemenH3947, mitsgaders drieH7969tiendenH6241meelbloemH5560 ten spijsofferH4503, met olieH8081gemengdH1101, en eenH259logH3849olieH8081.En op den achtsten dag zal hij twee volkomen lammeren, en een eenjarig volkomen schaap nemen, mitsgaders drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, en een log olie.
KJVAnd on the eighth2day1he shall take3two4he lambs5without blemish,6and one8ewe lamb7of the first9year10without blemish,11and three12tenth deals13of fine flour14for a meat offering,15mingled16with oil,17and one19log18of oil.
11De priester nu, die de reiniging doet, zal den man, die te reinigen is, en die dingen, stellen voor het aangezicht des HEEREN, aan de deur van de tent der samenkomst.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
11De priesterH3548 nu, die de reinigingH2891 doet, zal den manH376, die te reinigenH2891 is, en die dingen, stellenH5975 voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068, aan de deurH6607 van de tentH168 der samenkomstH4150.De priester nu, die de reiniging doet, zal den man, die te reinigen is, en die dingen, stellen voor het aangezicht des HEEREN, aan de deur van de tent der samenkomst.
KJVAnd the priest2that maketh him clean3shall present1the man5that is to be made clean,6and those things, before8the LORD,9at the door10of the tabernacle11of the congregation:
1וְהֶעֱמִ֞ידH5975stond, staan, stondenabide (behind), appoint, arise, cease, confirm, continue, dwell, be employed, endure, establish, leave, make, ordain, be (over), place, (be) present (self), raise up, remain, repair, [phrase] serve, set (forth, over, -tle, up), (make to, make to be at a, with-) stand (by, fast, firm, still, up), (be at a) stay (up), tarry2הַכֹּהֵ֣ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3הַֽמְטַהֵ֗רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)4אֵ֛תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5הָאִ֥ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)6הַמִּטַּהֵ֖רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)7וְאֹתָ֑םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8לִפְנֵ֣יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you9יְהוָ֔הH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)10פֶּ֖תַחH6607deur, deuren, ingangdoor, entering (in), entrance (-ry), gate, opening, place11אֹ֥הֶלH168tent, tenten, huttencovering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent12מוֹעֵֽדH4150samenkomst, gezette hoogtijden, tijdappointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed)
12En de priester zal dat ene lam nemen, en hetzelve offeren tot een schuldoffer met den log olie; en zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
12En de priesterH3548 zal dat ene lamH3532nemenH3947, en hetzelve offerenH7126 tot een schuldofferH817 met den logH3849olieH8081; en zal die ten beweegofferH8573 voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068bewegenH5130.En de priester zal dat ene lam nemen, en hetzelve offeren tot een schuldoffer met den log olie; en zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
KJVAnd the priest2shall take1one5he lamb,4and offer6him for a trespass offering,8and the log10of oil,11and wave12them for a wave offering14before15the LORD:
1וְלָקַ֨חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2הַכֹּהֵ֜ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4הַכֶּ֣בֶשׂH3532lammeren, lam, schapenlamb, sheep5הָאֶחָ֗דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,6וְהִקְרִ֥יבH7126offeren, naderen, naderde(cause to) approach, (cause to) bring (forth, near), (cause to) come (near, nigh), (cause to) draw near (nigh), go (near), be at hand, join, be near, offer, present, produce, make ready, stand, take7אֹת֛וֹH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8לְאָשָׁ֖םH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)9וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)10לֹ֣גH3849loglog (of oil)11הַשָּׁ֑מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine12וְהֵנִ֥יףH5130bewegen, bewoog, bewogenlift up, move, offer, perfume, send, shake, sift, strike, wave13אֹתָ֛םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)14תְּנוּפָ֖הH8573beweegoffer, beweegoffers, beweegborstoffering, shaking, wave (offering)15לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you16יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
13Daarna zal hij dat lam slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats; want het schuldoffer, gelijk het zondoffer, is voor den priester; het is een heiligheid der heiligheden.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
13Daarna zal hij dat lamH3532slachtenH7819 in de plaatsH4725, waarH834 men het zondoffer en het brandofferH5930slachtH7819, in de heiligeH6944plaatsH4725; wantH3588 het schuldofferH2403, gelijk het zondoffer, is voor den priesterH3548; het is een heiligheidH6944 der heilighedenH6944.Daarna zal hij dat lam slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats; want het schuldoffer, gelijk het zondoffer, is voor den priester; het is een heiligheid der heiligheden.
Ook in dit vers
zondofferH817
zondofferH2403
KJVAnd he shall slay1the lamb3in the place4where he shall kill6the sin offering8and the burnt offering,10in the holy12place:11for as the sin offering14is the priest's,17so is the trespass offering:15it is most18holy:
1וְשָׁחַ֣טH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַכֶּ֗בֶשׂH3532lammeren, lam, schapenlamb, sheep4בִּ֠מְקוֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)5אֲשֶׁ֨רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6יִשְׁחַ֧טH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter7אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8הַֽחַטָּ֛אתH2403zonde, zondoffer, zondenpunishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)9וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)10הָעֹלָ֖הH5930brandoffer, brandofferen, brandoffersascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל)11בִּמְק֣וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)12הַקֹּ֑דֶשׁH6944heilige, heiligheid, heiligdomsconsecrated (thing), dedicated (thing), hallowed (thing), holiness, ([idiom] most) holy ([idiom] day, portion, thing), saint, sanctuary13כִּ֡יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet14כַּ֠חַטָּאתH2403zonde, zondoffer, zondenpunishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)15הָאָשָׁ֥םH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)16הוּא֙H1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who17לַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer18קֹ֥דֶשׁH6944heilige, heiligheid, heiligdomsconsecrated (thing), dedicated (thing), hallowed (thing), holiness, ([idiom] most) holy ([idiom] day, portion, thing), saint, sanctuary19קָֽדָשִׁ֖יםH6944heilige, heiligheid, heiligdomsconsecrated (thing), dedicated (thing), hallowed (thing), holiness, ([idiom] most) holy ([idiom] day, portion, thing), saint, sanctuary20הֽוּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
14En de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, hetwelk de priester doen zal op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
14En de priesterH3548 zal van het bloedH1818 des schuldoffersH817nemenH3947, hetwelk de priesterH3548 doen zal opH5921 het lapjeH8571 van het rechteroorH3233 desgenen, die te reinigenH2891 is, en opH5921 den duimH931 zijner rechterhandH3233, en opH5921 den groten teenH931 zijns rechtervoetsH3233.En de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, hetwelk de priester doen zal op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.
KJVAnd the priest2shall take1some of the blood3of the trespass offering,4and the priest6shall put5it upon the tip8of the right11ear9of him that is to be cleansed,10and upon the thumb13of his right15hand,14and upon the great toe17of his right19foot:
1וְלָקַ֣חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2הַכֹּהֵן֮H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3מִדַּ֣םH1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent4הָאָשָׁם֒H817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)5וְנָתַן֙H5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield6הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer7עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with8תְּנ֛וּךְH8571lapje, rechteroorlapje, oorlapjetip9אֹ֥זֶןH241oren, oor, Oren[phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show10הַמִּטַּהֵ֖רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)11הַיְמָנִ֑יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)12וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with13בֹּ֤הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe14יָדוֹ֙H3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves15הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)16וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with17בֹּ֥הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe18רַגְל֖וֹH7272voeten, voet, voetstappen[idiom] be able to endure, [idiom] according as, [idiom] after, [idiom] coming, [idiom] follow, (broken-)foot(-ed, -stool), [idiom] great toe, [idiom] haunt, [idiom] journey, leg, [phrase] piss, [phrase] possession, time19הַיְמָנִֽיתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)
15De priester zal ook uit den log der olie nemen, en zal ze op des priesters linkerhand gieten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
15De priesterH3548 zal ook uit den logH3849 der olieH8081nemenH3947, en zal ze opH5921 des priestersH3548linkerhandH3709gietenH3332.De priester zal ook uit den log der olie nemen, en zal ze op des priesters linkerhand gieten.
KJVAnd the priest2shall take1some of the log3of oil,4and pour5it into the palm7of his own8left hand:
1וְלָקַ֥חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3מִלֹּ֣גH3849loglog (of oil)4הַשָּׁ֑מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine5וְיָצַ֛קH3332goot, gieten, gegotencast, cleave fast, be (as) firm, grow, be hard, lay out, molten, overflow, pour (out), run out, set down, stedfast6עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with7כַּ֥ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon8הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer9הַשְּׂמָאלִֽיתH8042linkerzijde, linker, linkerhandleft
16Dan zal de priester zijn rechtervinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprengen, voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
16Dan zal de priesterH3548 zijn rechtervingerH3233indopenH2881, nemende vanH4480 die olieH8081, dieH834 in zijn linkerhandH8042 is, en zal met zijn vingerH676vanH4480 die olieH8081zevenmaalH7651sprengenH5137, voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.Dan zal de priester zijn rechtervinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprengen, voor het aangezicht des HEEREN.
KJVAnd the priest2shall dip1his right5finger4in the oil7that is in his left11hand,10and shall sprinkle12of the oil14with his finger15seven16times17before18the LORD:
1וְטָבַ֤לH2881doopte, dopen, indopendip, plunge2הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4אֶצְבָּע֣וֹH676vinger, vingeren, vingersfinger, toe5הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)6מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with7הַשֶּׁ֕מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine8אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection9עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10כַּפּ֖וֹH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon11הַשְּׂמָאלִ֑יתH8042linkerzijde, linker, linkerhandleft12וְהִזָּ֨הH5137sprengen, gesprengd, besprengensprinkle13מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with14הַשֶּׁ֧מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine15בְּאֶצְבָּע֛וֹH676vinger, vingeren, vingersfinger, toe16שֶׁ֥בַעH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)17פְּעָמִ֖יםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel18לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you19יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
17En van het overige van die olie, die in zijn hand zal zijn, zal de priester doen op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets, boven op het bloed des schuldoffers.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
17En van het overigeH3499 van die olieH8081, dieH834 in zijn handH3709 zal zijn, zal de priesterH3548 doen opH5921 het lapjeH8571 van het rechteroorH3233 desgenen, die te reinigenH2891 is, en opH5921 den duimH931 zijner rechterhandH3233, en opH5921 den groten teenH931 zijns rechtervoetsH3233, boven op het bloedH1818 des schuldoffersH817.En van het overige van die olie, die in zijn hand zal zijn, zal de priester doen op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets, boven op het bloed des schuldoffers.
KJVAnd of the rest1of the oil2that is in his hand5shall the priest7put6upon the tip9of the right12ear10of him that is to be cleansed,11and upon the thumb14of his right16hand,15and upon the great toe18of his right20foot,19upon the blood22of the trespass offering:
1וּמִיֶּ֨תֶרH3499overige, overblijfsel, overgelaten[phrase] abundant, cord, exceeding, excellancy(-ent), what they leave, that hath left, plentifully, remnant, residue, rest, string, with2הַשֶּׁ֜מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine3אֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection4עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with5כַּפּ֗וֹH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon6יִתֵּ֤ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield7הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer8עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9תְּנ֞וּךְH8571lapje, rechteroorlapje, oorlapjetip10אֹ֤זֶןH241oren, oor, Oren[phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show11הַמִּטַּהֵר֙H2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)12הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)13וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14בֹּ֤הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe15יָדוֹ֙H3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves16הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)17וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with18בֹּ֥הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe19רַגְל֖וֹH7272voeten, voet, voetstappen[idiom] be able to endure, [idiom] according as, [idiom] after, [idiom] coming, [idiom] follow, (broken-)foot(-ed, -stool), [idiom] great toe, [idiom] haunt, [idiom] journey, leg, [phrase] piss, [phrase] possession, time20הַיְמָנִ֑יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)21עַ֖לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with22דַּ֥םH1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent23הָאָשָֽׁםH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)
18Dat nog overgebleven zal zijn van die olie, die in de hand des priesters geweest is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is; zo zal de priester over hem verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
18Dat nog overgeblevenH3498 zal zijn van die olieH8081, dieH834 in de handH3709 des priestersH3548 geweest is, zal hij doen opH5921 het hoofdH7218 desgenen, die te reinigenH2891 is; zo zal de priesterH3548overH5921 hem verzoeningH3722 doen voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.Dat nog overgebleven zal zijn van die olie, die in de hand des priesters geweest is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is; zo zal de priester over hem verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
KJVAnd the remnant1of the oil2that is in the priest's6hand5he shall pour7upon the head9of him that is to be cleansed:10and the priest13shall make an atonement11for him before14the LORD.
1וְהַנּוֹתָ֗רH3498overgebleven, overgelaten, overigeexcel, leave (a remnant), left behind, too much, make plenteous, preserve, (be, let) remain(-der, -ing, -nant), reserve, residue, rest2בַּשֶּׁ֨מֶן֙H8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine3אֲשֶׁר֙H834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection4עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with5כַּ֣ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon6הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer7יִתֵּ֖ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield8עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9רֹ֣אשׁH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top10הַמִּטַּהֵ֑רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)11וְכִפֶּ֥רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)12עָלָ֛יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with13הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer14לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you15יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
19De priester zal ook het zondoffer bereiden, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, verzoening doen; en daarna zal hij het brandoffer slachten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
19De priesterH3548 zal ook het zondofferH2403bereidenH6213, en voor hem, die van zijn onreinigheidH2932 te reinigenH2891 is, verzoeningH3722 doen; en daarnaH310 zal hij het brandofferH5930slachtenH7819.De priester zal ook het zondoffer bereiden, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, verzoening doen; en daarna zal hij het brandoffer slachten.
KJVAnd the priest2shall offer1the sin offering,4and make an atonement5for him that is to be cleansed7from his uncleanness;8and afterward9he shall kill10the burnt offering:
1וְעָשָׂ֤הH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use2הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4הַ֣חַטָּ֔אתH2403zonde, zondoffer, zondenpunishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)5וְכִפֶּ֕רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)6עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with7הַמִּטַּהֵ֖רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)8מִטֻּמְאָת֑וֹH2932onreinigheid, onreinigheden, onreinsfilthiness, unclean(-ness)9וְאַחַ֖רH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with10יִשְׁחַ֥טH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter11אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)12הָעֹלָֽהH5930brandoffer, brandofferen, brandoffersascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל)
20En de priester zal dat brandoffer en dat spijsoffer op het altaar offeren; zo zal de priester de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
20En de priesterH3548 zal dat brandofferH5930 en dat spijsofferH4503opH5921 het altaarH4196offerenH5927; zo zal de priesterH3548 de verzoeningH3722 voor hem doen, en hij zal reinH2891 zijn.En de priester zal dat brandoffer en dat spijsoffer op het altaar offeren; zo zal de priester de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn.
KJVAnd the priest2shall offer1the burnt offering4and the meat offering6upon the altar:7and the priest10shall make an atonement8for him, and he shall be clean.
1וְהֶעֱלָ֧הH5927optrekken, toog, opkomenarise (up), (cause to) ascend up, at once, break (the day) (up), bring (up), (cause to) burn, carry up, cast up, [phrase] shew, climb (up), (cause to, make to) come (up), cut off, dawn, depart, exalt, excel, fall, fetch up, get up, (make to) go (away, up); grow (over) increase, lay, leap, levy, lift (self) up, light, (make) up, [idiom] mention, mount up, offer, make to pay, [phrase] perfect, prefer, put (on), raise, recover, restore, (make to) rise (up), scale, set (up), shoot forth (up), (begin to) spring (up), stir up, take away (up), work2הַכֹּהֵ֛ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4הָעֹלָ֥הH5930brandoffer, brandofferen, brandoffersascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל)5וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6הַמִּנְחָ֖הH4503spijsoffer, geschenk, geschenkengift, oblation, (meat) offering, present, sacrifice7הַמִּזְבֵּ֑חָהH4196altaar, altaren, altaarsaltar8וְכִפֶּ֥רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)9עָלָ֛יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer11וְטָהֵֽרH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)
21Maar indien hij arm is, en zijn hand dat niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daartoe een tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer, en een log olie;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
21Maar indienH518 hij armH1800 is, en zijn handH3027 dat nietH369bereiktH5381, zo zal hij eenH259lamH3532 ten schuldofferH817, ter bewegingH8573nemenH3947, om voor hem verzoeningH3722 te doen; daartoe een tiendeH6241meelbloemH5560, met olieH8081gemengdH1101, ten spijsofferH4503, en een logH3849olieH8081;Maar indien hij arm is, en zijn hand dat niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daartoe een tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer, en een log olie;
KJVAnd if he be poor,2and cannot get5so much; then he shall take7one9lamb8for a trespass offering10to be waved,11to make an atonement12for him, and one16tenth deal14of fine flour15mingled17with oil18for a meat offering,19and a log20of oil;
1וְאִםH518zo, indien, of(and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet2דַּ֣לH1800armen, arme, armlean, needy, poor (man), weaker3ה֗וּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who4וְאֵ֣יןH369geen, niet, niemandelse, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן)5יָדוֹ֮H3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves6מַשֶּׂגֶת֒H5381achterhalen, bereikt, achterhaaldenability, be able, attain (unto), (be able to, can) get, lay at, put, reach, remove, wax rich, [idiom] surely, (over-) take (hold of, on, upon)7וְ֠לָקַחH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win8כֶּ֣בֶשׂH3532lammeren, lam, schapenlamb, sheep9אֶחָ֥דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,10אָשָׁ֛םH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)11לִתְנוּפָ֖הH8573beweegoffer, beweegoffers, beweegborstoffering, shaking, wave (offering)12לְכַפֵּ֣רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)13עָלָ֑יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14וְעִשָּׂר֨וֹןH6241tienden, tiendetenth deal15סֹ֜לֶתH5560meelbloem(fine) flour, meal16אֶחָ֨דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,17בָּל֥וּלH1101gemengd, overgoten, verwardeanoint, confound, [idiom] fade, mingle, mix (self), give provender, temper18בַּשֶּׁ֛מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine19לְמִנְחָ֖הH4503spijsoffer, geschenk, geschenkengift, oblation, (meat) offering, present, sacrifice20וְלֹ֥גH3849loglog (of oil)21שָֽׁמֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine
22Mitsgaders twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, welker ene ten zondoffer, en een ten brandoffer zijn zal.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
22Mitsgaders tweeH8147tortelduivenH8449, ofH176tweeH8147jongeH1121duivenH3123, dieH834zijnH1961handH3027bereikenH5381 zal, welker eneH259 ten zondofferH2403, en eenH259 ten brandofferH5930 zijn zal.Mitsgaders twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, welker ene ten zondoffer, en een ten brandoffer zijn zal.
KJVAnd two1turtledoves,2or two4young5pigeons,6such as he is able to get;9and the one11shall be a sin offering,12and the other13a burnt offering.
1וּשְׁתֵּ֣יH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two2תֹרִ֗יםH8449tortelduiven, tortelduif(turtle) dove3א֤וֹH176ofalso, and, either, if, at the least, [idiom] nor, or, otherwise, then, whether4שְׁנֵי֙H8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two5בְּנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth6יוֹנָ֔הH3123duiven, duif, duivedove, pigeon7אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection8תַּשִּׂ֖יגH5381achterhalen, bereikt, achterhaaldenability, be able, attain (unto), (be able to, can) get, lay at, put, reach, remove, wax rich, [idiom] surely, (over-) take (hold of, on, upon)9יָד֑וֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves10וְהָיָ֤הH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use11אֶחָד֙H259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,12חַטָּ֔אתH2403zonde, zondoffer, zondenpunishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)13וְהָאֶחָ֖דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,14עֹלָֽהH5930brandoffer, brandofferen, brandoffersascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל)
23En hij zal die, op den achtsten dag zijner reiniging, tot den priester brengen, aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
23En hij zal die, op den achtstenH8066dagH3117 zijner reinigingH2893, totH413 den priesterH3548brengenH935, aanH413 de deurH6607 van de tentH168 der samenkomstH4150, voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.En hij zal die, op den achtsten dag zijner reiniging, tot den priester brengen, aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN.
KJVAnd he shall bring1them on the eighth4day3for his cleansing5unto the priest,7unto the door9of the tabernacle10of the congregation,11before12the LORD.
1וְהֵבִ֨יאH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way2אֹתָ֜םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3בַּיּ֧וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger4הַשְּׁמִינִ֛יH8066achtsten, achtsteeight5לְטָהֳרָת֖וֹH2893reiniging, reinigheid[idiom] is cleansed, cleansing, purification(-fying)6אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)7הַכֹּהֵ֑ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer8אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)9פֶּ֥תַחH6607deur, deuren, ingangdoor, entering (in), entrance (-ry), gate, opening, place10אֹֽהֶלH168tent, tenten, huttencovering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent11מוֹעֵ֖דH4150samenkomst, gezette hoogtijden, tijdappointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed)12לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you13יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
24En de priester zal het lam des schuldoffers, en den log der olie nemen; en de priester zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
24En de priesterH3548 zal het lamH3532 des schuldoffersH817, en den logH3849 der olieH8081nemenH3947; en de priesterH3548 zal die ten beweegofferH8573 voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068bewegenH5130.En de priester zal het lam des schuldoffers, en den log der olie nemen; en de priester zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
KJVAnd the priest2shall take1the lamb4of the trespass offering,5and the log7of oil,8and the priest11shall wave9them for a wave offering12before13the LORD:
1וְלָקַ֧חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2הַכֹּהֵ֛ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4כֶּ֥בֶשׂH3532lammeren, lam, schapenlamb, sheep5הָאָשָׁ֖םH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)6וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7לֹ֣גH3849loglog (of oil)8הַשָּׁ֑מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine9וְהֵנִ֨יףH5130bewegen, bewoog, bewogenlift up, move, offer, perfume, send, shake, sift, strike, wave10אֹתָ֧םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11הַכֹּהֵ֛ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer12תְּנוּפָ֖הH8573beweegoffer, beweegoffers, beweegborstoffering, shaking, wave (offering)13לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you14יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
25Daarna zal hij het lam des schuldoffers slachten, en de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, en doen op het rechteroorlapje desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
25Daarna zal hij het lamH3532 des schuldoffersH817slachtenH7819, en de priesterH3548 zal van het bloedH1818 des schuldoffersH817nemenH3947, en doen opH5921 het rechteroorlapjeH8571 desgenen, die te reinigenH2891 is, en op den duimH931 zijner rechterhandH3233, en op den groten teenH931 zijns rechtervoetsH3233.Daarna zal hij het lam des schuldoffers slachten, en de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, en doen op het rechteroorlapje desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.
KJVAnd he shall kill1the lamb3of the trespass offering,4and the priest6shall take5some of the blood7of the trespass offering,8and put9it upon the tip11of the right14ear12of him that is to be cleansed,13and upon the thumb16of his right18hand,17and upon the great toe20of his right22foot:
1וְשָׁחַט֮H7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3כֶּ֣בֶשׂH3532lammeren, lam, schapenlamb, sheep4הָֽאָשָׁם֒H817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)5וְלָקַ֤חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win6הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer7מִדַּ֣םH1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent8הָֽאָשָׁ֔םH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)9וְנָתַ֛ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield10עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with11תְּנ֥וּךְH8571lapje, rechteroorlapje, oorlapjetip12אֹֽזֶןH241oren, oor, Oren[phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show13הַמִּטַּהֵ֖רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)14הַיְמָנִ֑יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)15וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with16בֹּ֤הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe17יָדוֹ֙H3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves18הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)19וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with20בֹּ֥הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe21רַגְל֖וֹH7272voeten, voet, voetstappen[idiom] be able to endure, [idiom] according as, [idiom] after, [idiom] coming, [idiom] follow, (broken-)foot(-ed, -stool), [idiom] great toe, [idiom] haunt, [idiom] journey, leg, [phrase] piss, [phrase] possession, time22הַיְמָנִֽיתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)
26Ook zal de priester van die olie op des priesters linkerhand gieten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
26Ook zal de priesterH3548vanH4480 die olieH8081opH5921 des priestersH3548linkerhandH3709gietenH3332.Ook zal de priester van die olie op des priesters linkerhand gieten.
KJVAnd the priest4shall pour3of the oil2into the palm6of his own7left hand:
1וּמִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with2הַשֶּׁ֖מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine3יִצֹ֣קH3332goot, gieten, gegotencast, cleave fast, be (as) firm, grow, be hard, lay out, molten, overflow, pour (out), run out, set down, stedfast4הַכֹּהֵ֑ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer5עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with6כַּ֥ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon7הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer8הַשְּׂמָאלִֽיתH8042linkerzijde, linker, linkerhandleft
27Daarna zal de priester met zijn rechtervinger van die olie, die op zijn linkerhand is, sprengen, zevenmaal, voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
27Daarna zal de priesterH3548 met zijn rechtervingerH3233vanH4480 die olieH8081, dieH834opH5921 zijn linkerhandH8042 is, sprengenH5137, zevenmaalH7651, voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.Daarna zal de priester met zijn rechtervinger van die olie, die op zijn linkerhand is, sprengen, zevenmaal, voor het aangezicht des HEEREN.
KJVAnd the priest2shall sprinkle1with his right4finger3some of the oil6that is in his left10hand9seven11times12before13the LORD:
1וְהִזָּ֤הH5137sprengen, gesprengd, besprengensprinkle2הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3בְּאֶצְבָּע֣וֹH676vinger, vingeren, vingersfinger, toe4הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)5מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with6הַשֶּׁ֕מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine7אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection8עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9כַּפּ֖וֹH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon10הַשְּׂמָאלִ֑יתH8042linkerzijde, linker, linkerhandleft11שֶׁ֥בַעH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)12פְּעָמִ֖יםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel13לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you14יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
28En de priester zal van de olie, die op zijn hand is, doen aan het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en aan den duim zijner rechterhand, en aan den groten teen zijns rechtervoets, op de plaats van het bloed des schuldoffers.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
28En de priesterH3548 zal vanH4480 de olieH8081, dieH834opH5921 zijn handH3709 is, doen aanH5921 het lapjeH8571 van het rechteroorH3233 desgenen, die te reinigenH2891 is, en aanH5921 den duimH931 zijner rechterhandH3233, en aanH5921 den groten teenH931 zijns rechtervoetsH3233, opH5921 de plaatsH4725 van het bloedH1818 des schuldoffersH817.En de priester zal van de olie, die op zijn hand is, doen aan het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en aan den duim zijner rechterhand, en aan den groten teen zijns rechtervoets, op de plaats van het bloed des schuldoffers.
KJVAnd the priest2shall put1of the oil4that is in his hand7upon the tip9of the right12ear10of him that is to be cleansed,11and upon the thumb14of his right16hand,15and upon the great toe18of his right20foot,19upon the place22of the blood23of the trespass offering:
1וְנָתַ֨ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield2הַכֹּהֵ֜ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with4הַשֶּׁ֣מֶןH8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine5אֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with7כַּפּ֗וֹH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon8עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9תְּנ֞וּךְH8571lapje, rechteroorlapje, oorlapjetip10אֹ֤זֶןH241oren, oor, Oren[phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show11הַמִּטַּהֵר֙H2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)12הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)13וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14בֹּ֤הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe15יָדוֹ֙H3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves16הַיְמָנִ֔יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)17וְעַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with18בֹּ֥הֶןH931duim, teen, duimenthumb, great toe19רַגְל֖וֹH7272voeten, voet, voetstappen[idiom] be able to endure, [idiom] according as, [idiom] after, [idiom] coming, [idiom] follow, (broken-)foot(-ed, -stool), [idiom] great toe, [idiom] haunt, [idiom] journey, leg, [phrase] piss, [phrase] possession, time20הַיְמָנִ֑יתH3233rechterzijde, rechterhand, rechteroor(on the) right (hand)21עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with22מְק֖וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)23דַּ֥םH1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent24הָאָשָֽׁםH817schuldoffer, schuldoffers, schuldguiltiness, (offering for) sin, trespass (offering)
29En het overgeblevene van de olie, die in de hand des priesters is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is, om de verzoening voor hem te doen, voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
29En het overgebleveneH3498vanH4480 de olieH8081, dieH834 in de handH3709 des priestersH3548 is, zal hij doen opH5921 het hoofdH7218 desgenen, die te reinigenH2891 is, om de verzoeningH3722 voor hem te doen, voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.En het overgeblevene van de olie, die in de hand des priesters is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is, om de verzoening voor hem te doen, voor het aangezicht des HEEREN.
KJVAnd the rest1of the oil3that is in the priest's7hand6he shall put8upon the head10of him that is to be cleansed,11to make an atonement12for him before14the LORD.
1וְהַנּוֹתָ֗רH3498overgebleven, overgelaten, overigeexcel, leave (a remnant), left behind, too much, make plenteous, preserve, (be, let) remain(-der, -ing, -nant), reserve, residue, rest2מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with3הַשֶּׁ֨מֶן֙H8081olie, olieachtige, Olieanointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine4אֲשֶׁר֙H834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection5עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with6כַּ֣ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon7הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer8יִתֵּ֖ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield9עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10רֹ֣אשׁH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top11הַמִּטַּהֵ֑רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)12לְכַפֵּ֥רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)13עָלָ֖יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you15יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
30Daarna zal hij de ene van de tortelduiven, of van de jonge duiven bereiden, van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
30Daarna zal hij de eneH259 van de tortelduivenH8449, ofH176vanH4480 de jongeH1121duivenH3123bereidenH6213, van hetgeenH834 zijn handH3027bereiktH5381 zal hebben.Daarna zal hij de ene van de tortelduiven, of van de jonge duiven bereiden, van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben.
KJVAnd he shall offer1the one3of the turtledoves,5or of the young8pigeons,9such as10he can get;12
1וְעָשָׂ֤הH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הָֽאֶחָד֙H259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,4מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with5הַתֹּרִ֔יםH8449tortelduiven, tortelduif(turtle) dove6א֖וֹH176ofalso, and, either, if, at the least, [idiom] nor, or, otherwise, then, whether7מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with8בְּנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth9הַיּוֹנָ֑הH3123duiven, duif, duivedove, pigeon10מֵאֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection11תַּשִּׂ֖יגH5381achterhalen, bereikt, achterhaaldenability, be able, attain (unto), (be able to, can) get, lay at, put, reach, remove, wax rich, [idiom] surely, (over-) take (hold of, on, upon)12יָדֽוֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves
31Van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben, zal het een ten zondoffer, en het een ten brandoffer zijn, boven het spijsoffer; zo zal de priester voor hem, die te reinigen is, verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
31Van hetgeenH834 zijn handH3027bereiktH5381 zal hebben, zal het eenH259 ten zondofferH2403, en het eenH259 ten brandofferH5930 zijn, bovenH5921 het spijsofferH4503; zo zal de priesterH3548 voor hem, die te reinigenH2891 is, verzoeningH3722 doen voor het aangezichtH6440 des HEERENH3068.Van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben, zal het een ten zondoffer, en het een ten brandoffer zijn, boven het spijsoffer; zo zal de priester voor hem, die te reinigen is, verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
KJVEven such as he4is able to get,3the one6for a sin offering,7and the other9for a burnt offering,10with the meat offering:12and the priest14shall make an atonement13for him that is to be cleansed16before17the LORD.
1אֵ֣תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)2אֲשֶׁרH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection3תַּשִּׂ֞יגH5381achterhalen, bereikt, achterhaaldenability, be able, attain (unto), (be able to, can) get, lay at, put, reach, remove, wax rich, [idiom] surely, (over-) take (hold of, on, upon)4יָד֗וֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves5אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6הָאֶחָ֥דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,7חַטָּ֛אתH2403zonde, zondoffer, zondenpunishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)8וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9הָאֶחָ֥דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,10עֹלָ֖הH5930brandoffer, brandofferen, brandoffersascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל)11עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with12הַמִּנְחָ֑הH4503spijsoffer, geschenk, geschenkengift, oblation, (meat) offering, present, sacrifice13וְכִפֶּ֧רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)14הַכֹּהֵ֛ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer15עַ֥לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with16הַמִּטַּהֵ֖רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)17לִפְנֵ֥יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you18יְהוָֽהH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
32Dit is de wet desgenen, in wien de plaag der melaatsheid zal zijn, wiens hand in zijn reiniging dat niet bereikt zal hebben.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
32DitH2063 is de wetH8451 desgenen, in wien de plaagH5061 der melaatsheidH6883 zal zijn, wiens handH3027 in zijn reinigingH2893 dat nietH3808bereiktH5381 zal hebben.Dit is de wet desgenen, in wien de plaag der melaatsheid zal zijn, wiens hand in zijn reiniging dat niet bereikt zal hebben.
KJVThis is the law2of him in whom is the plague5of leprosy,6whose hand10is not able to get9that which pertaineth to his cleansing.
1זֹ֣אתH2063dit, deze, dathereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus2תּוֹרַ֔תH8451wet, wetten, leerlaw3אֲשֶׁרH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection4בּ֖וֹ5נֶ֣גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound6צָרָ֑עַתH6883melaatsheidleprosy7אֲשֶׁ֛רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection8לֹֽאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without9תַשִּׂ֥יגH5381achterhalen, bereikt, achterhaaldenability, be able, attain (unto), (be able to, can) get, lay at, put, reach, remove, wax rich, [idiom] surely, (over-) take (hold of, on, upon)10יָד֖וֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves11בְּטָהֳרָתֽוֹH2893reiniging, reinigheid[idiom] is cleansed, cleansing, purification(-fying)
33Verder sprak de HEERE tot Mozes en tot Aaron, zeggende:
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
33Verder sprakH1696 de HEEREH3068totH413MozesH4872 en totH413AaronH175, zeggendeH559:Verder sprak de HEERE tot Mozes en tot Aaron, zeggende:
KJVAnd the LORD2spake1unto Moses4and unto Aaron,6saying,
34Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaan, hetwelk Ik u tot bezitting geven zal, en Ik de plaag der melaatsheid aan een huis van dat land uwer bezitting zal gegeven hebben;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
34AlsH3588 gij zult gekomenH935 zijn in het landH776 van KanaanH3667, hetwelkH834 Ik u tot bezittingH272 geven zal, en Ik de plaagH5061 der melaatsheidH6883 aan een huisH1004 van dat landH776 uwer bezittingH272 zal gegevenH5414 hebben;Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaan, hetwelk Ik u tot bezitting geven zal, en Ik de plaag der melaatsheid aan een huis van dat land uwer bezitting zal gegeven hebben;
KJVWhen ye be come2into the land4of Canaan,5which I give8to you for a possession,10and I put11the plague12of leprosy13in a house14of the land15of your possession;
1כִּ֤יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet2תָבֹ֨אוּ֙H935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way3אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)4אֶ֣רֶץH776land, aarde, lands[idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world5כְּנַ֔עַןH3667Kanaan, koophandel, KanaanietenCanaan, merchant, traffick6אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection7אֲנִ֛יH589ik, mijI, (as for) me, mine, myself, we, [idiom] which, [idiom] who8נֹתֵ֥ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield9לָכֶ֖ם10לַאֲחֻזָּ֑הH272bezitting, erfbegrafenis, erfenispossession11וְנָתַתִּי֙H5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield12נֶ֣גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound13צָרַ֔עַתH6883melaatsheidleprosy14בְּבֵ֖יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)15אֶ֥רֶץH776land, aarde, lands[idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world16אֲחֻזַּתְכֶֽםH272bezitting, erfbegrafenis, erfenispossession
35Zo zal hij, van wien dat huis is, komen, en den priester te kennen geven, zeggende: Het schijnt mij, alsof er een plaag in het huis ware.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
35Zo zal hij, van wien datH834huisH1004 is, komenH935, en den priesterH3548 te kennenH5046 geven, zeggendeH559: Het schijntH7200 mij, alsof er een plaagH5061 in het huisH1004 ware.Zo zal hij, van wien dat huis is, komen, en den priester te kennen geven, zeggende: Het schijnt mij, alsof er een plaag in het huis ware.
KJVAnd he that owneth the house4shall come1and tell5the priest,6saying,7It seemeth9to me there is as it were a plague8in the house:
1וּבָא֙H935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way2אֲשֶׁרH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection3ל֣וֹ4הַבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)5וְהִגִּ֥ידH5046kennen, verkondigen, bekendbewray, [idiom] certainly, certify, declare(-ing), denounce, expound, [idiom] fully, messenger, plainly, profess, rehearse, report, shew (forth), speak, [idiom] surely, tell, utter6לַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer7לֵאמֹ֑רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet8כְּנֶ֕גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound9נִרְאָ֥הH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions10לִ֖י11בַּבָּֽיִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)
36En de priester zal gebieden, dat zij dat huis ruimen, aleer de priester komt, om die plaag te bezien, opdat niet al wat in dat huis is, onrein worde; en daarna zal de priester komen, om dat huis te bezien.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
36En de priesterH3548 zal gebiedenH6680, dat zij dat huisH1004ruimenH6437, aleer de priesterH3548komtH935, om die plaagH5061 te bezienH7200, opdat nietH3808alH3605 wat in dat huisH1004 is, onreinH2930 worde; en daarnaH310 zal de priesterH3548komenH935, om dat huisH1004 te bezienH7200.En de priester zal gebieden, dat zij dat huis ruimen, aleer de priester komt, om die plaag te bezien, opdat niet al wat in dat huis is, onrein worde; en daarna zal de priester komen, om dat huis te bezien.
KJVThen the priest2shall command1that they empty3the house,5before the priest8go7into it to see9the plague,11that all that is in the house16be not made unclean:13and afterward17the priest20shall go19in to see21the house:
1וְצִוָּ֨הH6680geboden, gebood, gebiedeappoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order2הַכֹּהֵ֜ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3וּפִנּ֣וּH6437keerde, keerden, ziendeappear, at (even-) tide, behold, cast out, come on, [idiom] corner, dawning, empty, go away, lie, look, mark, pass away, prepare, regard, (have) respect (to), (re-) turn (aside, away, back, face, self), [idiom] right (early)4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5הַבַּ֗יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)6בְּטֶ֨רֶםH2962eer, terwijlbefore, ere, not yet7יָבֹ֤אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way8הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer9לִרְא֣וֹתH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions10אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11הַנֶּ֔גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound12וְלֹ֥אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without13יִטְמָ֖אH2930onrein, verontreinigd, verontreinigendefile (self), pollute (self), be (make, make self, pronounce) unclean, [idiom] utterly14כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)15אֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection16בַּבָּ֑יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)17וְאַ֥חַרH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with18כֵּ֛ןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you19יָבֹ֥אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way20הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer21לִרְא֥וֹתH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions22אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)23הַבָּֽיִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)
37Als hij die plaag bezien zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis zijn groenachtige of roodachtige kuiltjes, en hun aanzien lager is dan die want;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
37Als hij die plaagH5061bezienH7200 zal, dat, zietH2009, die plaagH5061 aan de wandenH7023 van dat huisH1004 zijn groenachtigeH3422ofH176roodachtigeH125kuiltjesH8258, en hun aanzienH4758lagerH8217 is danH4480 die want;Als hij die plaag bezien zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis zijn groenachtige of roodachtige kuiltjes, en hun aanzien lager is dan die want;
Ook in dit vers
wandH7023
KJVAnd he shall look1on the plague,3and, behold, if the plague5be in the walls6of the house7with hollow strakes,8greenish9or reddish,11which in sight12are lower13than14the wall;
1וְרָאָ֣הH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַנֶּ֗גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound4וְהִנֵּ֤הH2009ziet, ziebehold, lo, see5הַנֶּ֨גַע֙H5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound6בְּקִירֹ֣תH7023wand, wanden, metselaars[phrase] mason, side, town, [idiom] very, wall7הַבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)8שְׁקַֽעֲרוּרֹת֙H8258kuiltjeshollow strake9יְרַקְרַקֹּ֔תH3422groenachtig, groenachtige, uitgegraven geluwengreenish, yellow10א֖וֹH176ofalso, and, either, if, at the least, [idiom] nor, or, otherwise, then, whether11אֲדַמְדַּמֹּ֑תH125roodachtige, roodachtig(somewhat) reddish12וּמַרְאֵיהֶ֥ןH4758gedaante, aanzien, gezicht[idiom] apparently, appearance(-reth), [idiom] as soon as beautiful(-ly), countenance, fair, favoured, form, goodly, to look (up) on (to), look(-eth), pattern, to see, seem, sight, visage, vision13שָׁפָ֖לH8217nederig, lager, nederigenbase(-st), humble, low(-er, -ly)14מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with15הַקִּֽירH7023wand, wanden, metselaars[phrase] mason, side, town, [idiom] very, wall
38De priester zal uit dat huis uitgaan, aan de deur van het huis, en hij zal dat huis zeven dagen doen toesluiten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
38De priesterH3548 zal uitH4480 dat huisH1004uitgaanH3318, aanH413 de deurH6607 van het huisH1004, en hij zal dat huisH1004zevenH7651dagenH3117 doen toesluitenH5462.De priester zal uit dat huis uitgaan, aan de deur van het huis, en hij zal dat huis zeven dagen doen toesluiten.
KJVThen the priest2shall go1out of the house4to the door6of the house,7and shut8up the house10seven11days:
1וְיָצָ֧אH3318uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd[idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter2הַכֹּהֵ֛ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with4הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)5אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)6פֶּ֣תַחH6607deur, deuren, ingangdoor, entering (in), entrance (-ry), gate, opening, place7הַבָּ֑יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)8וְהִסְגִּ֥ירH5462gesloten, sloot, toegeslotenclose up, deliver (up), give over (up), inclose, [idiom] pure, repair, shut (in, self, out, up, up together), stop, [idiom] straitly9אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)10הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)11שִׁבְעַ֥תH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)12יָמִֽיםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger
39Daarna zal de priester op den zevenden dag wederkeren; indien hij merken zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis uitgespreid is;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
39Daarna zal de priesterH3548 op den zevendenH7637dagH3117wederkerenH7725; indien hij merkenH7200 zal, dat, zietH2009, die plaagH5061 aan de wandenH7023 van dat huisH1004uitgespreidH6581 is;Daarna zal de priester op den zevenden dag wederkeren; indien hij merken zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis uitgespreid is;
KJVAnd the priest2shall come again1the seventh4day,3and shall look:5and, behold, if the plague8be spread7in the walls9of the house;
1וְשָׁ֥בH7725wederkeren, keerde, keren((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw2הַכֹּהֵ֖ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3בַּיּ֣וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger4הַשְּׁבִיעִ֑יH7637zevenden, zevende, zevenseventh (time)5וְרָאָ֕הH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions6וְהִנֵּ֛הH2009ziet, ziebehold, lo, see7פָּשָׂ֥הH6581uitgespreid, gans, ganselijkspread8הַנֶּ֖גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound9בְּקִירֹ֥תH7023wand, wanden, metselaars[phrase] mason, side, town, [idiom] very, wall10הַבָּֽיִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)
40Zo zal de priester gebieden, dat zij de stenen, in welke die plaag is, uitbreken, en dezelve tot buiten de stad werpen, aan een onreine plaats;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
40Zo zal de priesterH3548gebiedenH6680, dat zij de stenenH68, in welkeH834 die plaagH5061 is, uitbrekenH2502, en dezelve tot buitenH2351 de stadH5892werpenH7993, aanH413 een onreineH2931plaatsH4725;Zo zal de priester gebieden, dat zij de stenen, in welke die plaag is, uitbreken, en dezelve tot buiten de stad werpen, aan een onreine plaats;
KJVThen the priest2shall command1that they take3away the stones5in whichthe plague8is, and they shall cast9them into an unclean16place15without12the city:
1וְצִוָּה֙H6680geboden, gebood, gebiedeappoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order2הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3וְחִלְּצוּ֙H2502toegerust, toegerusten, bevrijdarm (self), (go, ready) armed ([idiom] man, soldier), deliver, draw out, make fat, loose, (ready) prepared, put off, take away, withdraw self4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5הָ֣אֲבָנִ֔יםH68stenen, steen, gesteente[phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s)6אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection7בָּהֵ֖ן8הַנָּ֑גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound9וְהִשְׁלִ֤יכוּH7993wierp, werpen, geworpenadventure, cast (away, down, forth, off, out), hurl, pluck, throw10אֶתְהֶן֙H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)12מִח֣וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without13לָעִ֔ירH5892stad, steden, vrijstadAi (from margin), city, court (from margin), town14אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)15מָק֖וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)16טָמֵֽאH2931onrein, onreine, onreinsdefiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean
41En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrabben, en zij zullen het stof, dat zij afgeschrabd hebben, tot buiten de stad aan een onreine plaats uitstorten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
41En dat huisH1004 zal hij rondomH5439 van binnen doen schrabbenH7106, en zij zullen het stofH6083, datH834 zij afgeschrabdH7096 hebben, totH413buitenH2351 de stadH5892aanH413 een onreineH2931plaatsH4725uitstortenH8210.En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrabben, en zij zullen het stof, dat zij afgeschrabd hebben, tot buiten de stad aan een onreine plaats uitstorten.
KJVAnd he shall cause the house2to be scraped3within4round about,5and they shall pour6out the dust8that they scrape10off without12the city13into an unclean16place:
1וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)2הַבַּ֛יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)3יַקְצִ֥עַH7106hoekhofjes, schrabbencause to scrape, corner4מִבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)5סָבִ֑יבH5439rondom, Rondom, omgangen(place, round) about, circuit, compass, on every side6וְשָׁפְכ֗וּH8210vergoten, uitgieten, stortcast (up), gush out, pour (out), shed(-der, out), slip7אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8הֶֽעָפָר֙H6083stof, stofs, aardeashes, dust, earth, ground, morter, powder, rubbish9אֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection10הִקְצ֔וּH7096afgeschrabd, afschrabben, kortencut off, cut short, scrape (off)11אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)12מִח֣וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without13לָעִ֔ירH5892stad, steden, vrijstadAi (from margin), city, court (from margin), town14אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)15מָק֖וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)16טָמֵֽאH2931onrein, onreine, onreinsdefiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean
42Daarna zullen zij andere stenen nemen, en in de plaats van gene stenen brengen; en men zal ander leem nemen, en dat huis bestrijken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
42Daarna zullen zij andere stenenH68nemenH3947, en in de plaatsH8478 van gene stenenH68brengenH935; en men zal anderH312leemH6083nemenH3947, en dat huisH1004bestrijkenH2902.Daarna zullen zij andere stenen nemen, en in de plaats van gene stenen brengen; en men zal ander leem nemen, en dat huis bestrijken.
KJVAnd they shall take1other3stones,2and put4them in the place6of those stones;7and he shall take10other9morter,8and shall plaister11the house.
1וְלָקְחוּ֙H3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2אֲבָנִ֣יםH68stenen, steen, gesteente[phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s)3אֲחֵר֔וֹתH312ander, anders, aarde(an-) other man, following, next, strange4וְהֵבִ֖יאוּH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way5אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)6תַּ֣חַתH8478onder, plaats, vooras, beneath, [idiom] flat, in(-stead), (same) place (where...is), room, for...sake, stead of, under, [idiom] unto, [idiom] when...was mine, whereas, (where-) fore, with7הָאֲבָנִ֑יםH68stenen, steen, gesteente[phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s)8וְעָפָ֥רH6083stof, stofs, aardeashes, dust, earth, ground, morter, powder, rubbish9אַחֵ֛רH312ander, anders, aarde(an-) other man, following, next, strange10יִקַּ֖חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win11וְטָ֥חH2902pleisteren, bestreken, gepleisterddaub, overlay, plaister, smut12אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)13הַבָּֽיִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)
43Maar indien die plaag wederkeert, en in dat huis uitbot, nadat men de stenen uitgebroken heeft, en na het afschrabben van het huis, en nadat het zal bestreken zijn;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
43Maar indienH518 die plaagH5061wederkeertH7725, en in dat huisH1004uitbotH6524, nadatH310 men de stenenH68uitgebrokenH2502 heeft, en na het afschrabbenH7096 van het huisH1004, en nadatH310 het zal bestrekenH2902 zijn;Maar indien die plaag wederkeert, en in dat huis uitbot, nadat men de stenen uitgebroken heeft, en na het afschrabben van het huis, en nadat het zal bestreken zijn;
KJVAnd if the plague3come again,2and break4out in the house,5after6that he hath taken7away the stones,9and after10he hath scraped11the house,13and after14it is plaistered;
1וְאִםH518zo, indien, of(and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet2יָשׁ֤וּבH7725wederkeren, keerde, keren((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw3הַנֶּ֨גַע֙H5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound4וּפָרַ֣חH6524bloeien, groeien, groenen[idiom] abroad, [idiom] abundantly, blossom, break forth (out), bud, flourish, make fly, grow, spread, spring (up)5בַּבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)6אַחַ֖רH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with7חִלֵּ֣ץH2502toegerust, toegerusten, bevrijdarm (self), (go, ready) armed ([idiom] man, soldier), deliver, draw out, make fat, loose, (ready) prepared, put off, take away, withdraw self8אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9הָאֲבָנִ֑יםH68stenen, steen, gesteente[phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s)10וְאַחֲרֵ֛יH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with11הִקְצ֥וֹתH7096afgeschrabd, afschrabben, kortencut off, cut short, scrape (off)12אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)13הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)14וְאַחֲרֵ֥יH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with15הִטּֽוֹחַH2902pleisteren, bestreken, gepleisterddaub, overlay, plaister, smut
44Zo zal de priester komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is, het is een knagende melaatsheid in dat huis, het is onrein.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
44Zo zal de priesterH3548komenH935; als hij nu zal merkenH7200, dat, zietH2009, die plaagH5061 aan dat huisH1004uitgespreidH6581 is, het is een knagendeH3992melaatsheidH6883 in dat huisH1004, het is onreinH2931.Zo zal de priester komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is, het is een knagende melaatsheid in dat huis, het is onrein.
KJVThen the priest2shall come1and look,3and, behold, if the plague6be spread5in the house,7it is a fretting9leprosy8in the house:11it is unclean.
1וּבָא֙H935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way2הַכֹּהֵ֔ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer3וְרָאָ֕הH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions4וְהִנֵּ֛הH2009ziet, ziebehold, lo, see5פָּשָׂ֥הH6581uitgespreid, gans, ganselijkspread6הַנֶּ֖גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound7בַּבָּ֑יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)8צָרַ֨עַתH6883melaatsheidleprosy9מַמְאֶ֥רֶתH3992knagende, smartendenfretting, picking10הִ֛ואH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who11בַּבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)12טָמֵ֥אH2931onrein, onreine, onreinsdefiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean13הֽוּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
45Daarom zal men dat huis, zijn stenen, en zijn hout even afbreken, mitsgaders al het leem van het huis, en men zal het tot buiten de stad uitvoeren, aan een onreine plaats.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
45Daarom zal men dat huisH1004, zijn stenenH68, en zijn houtH6086 even afbrekenH5422, mitsgaders alH3605 het leemH6083 van het huisH1004, en men zal het tot buitenH2351 de stadH5892uitvoerenH3318, aanH413 een onreineH2931plaatsH4725.Daarom zal men dat huis, zijn stenen, en zijn hout even afbreken, mitsgaders al het leem van het huis, en men zal het tot buiten de stad uitvoeren, aan een onreine plaats.
KJVAnd he shall break down1the house,3the stones5of it, and the timber7thereof, and all the morter10of the house;11and he shall carry them forth12out14of the city15into an unclean18place.
1וְנָתַ֣ץH5422brak, afbreken, brakenbeat down, break down (out), cast down, destroy, overthrow, pull down, throw down2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַבַּ֗יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5אֲבָנָיו֙H68stenen, steen, gesteente[phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s)6וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7עֵצָ֔יוH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood8וְאֵ֖תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)10עֲפַ֣רH6083stof, stofs, aardeashes, dust, earth, ground, morter, powder, rubbish11הַבָּ֑יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)12וְהוֹצִיא֙H3318uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd[idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter13אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)14מִח֣וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without15לָעִ֔ירH5892stad, steden, vrijstadAi (from margin), city, court (from margin), town16אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)17מָק֖וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)18טָמֵֽאH2931onrein, onreine, onreinsdefiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean
46En die in dat huis gaat te enigen dage, als men hetzelve zal toegesloten hebben, zal onrein zijn tot aan den avond.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
46En die in dat huisH1004 gaat te enigen dageH3117, als men hetzelve zal toegeslotenH5462 hebben, zal onreinH2930 zijn tot aan den avondH6153.En die in dat huis gaat te enigen dage, als men hetzelve zal toegesloten hebben, zal onrein zijn tot aan den avond.
KJVMoreover he that goeth1into the house3all the while5that it is shut6up shall be unclean8until the even.
1וְהַבָּא֙H935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way2אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3הַבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)4כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)5יְמֵ֖יH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger6הִסְגִּ֣ירH5462gesloten, sloot, toegeslotenclose up, deliver (up), give over (up), inclose, [idiom] pure, repair, shut (in, self, out, up, up together), stop, [idiom] straitly7אֹת֑וֹH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8יִטְמָ֖אH2930onrein, verontreinigd, verontreinigendefile (self), pollute (self), be (make, make self, pronounce) unclean, [idiom] utterly9עַדH5704tot, totdat, aanagainst, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet10הָעָֽרֶבH6153avond, avonds, avonden[phrase] day, even(-ing, tide), night
47Die ook in dat huis te slapen ligt, zal zijn klederen wassen; insgelijks, die in dat huis eet, zal zijn klederen wassen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
47Die ook in dat huisH1004 te slapen ligtH7901, zal zijn klederenH899wassenH3526; insgelijks, die in dat huisH1004eetH398, zal zijn klederenH899wassenH3526.Die ook in dat huis te slapen ligt, zal zijn klederen wassen; insgelijks, die in dat huis eet, zal zijn klederen wassen.
KJVAnd he that lieth1in the house2shall wash3his clothes;5and he that eateth6in the house7shall wash8his clothes.
1וְהַשֹּׁכֵ֣בH7901ontsliep, liggen, gelegen[idiom] at all, cast down, (lover-)lay (self) (down), (make to) lie (down, down to sleep, still with), lodge, ravish, take rest, sleep, stay2בַּבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)3יְכַבֵּ֖סH3526wassen, gewassen, vollersfuller, wash(-ing)4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5בְּגָדָ֑יוH899klederen, kleed, ambtsklederenapparel, cloth(-es, ing), garment, lap, rag, raiment, robe, [idiom] very (treacherously), vesture, wardrobe6וְהָאֹכֵ֣לH398eten, gegeten, eet[idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite7בַּבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)8יְכַבֵּ֖סH3526wassen, gewassen, vollersfuller, wash(-ing)9אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)10בְּגָדָֽיוH899klederen, kleed, ambtsklederenapparel, cloth(-es, ing), garment, lap, rag, raiment, robe, [idiom] very (treacherously), vesture, wardrobe
48Maar als de priester zal weder ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgespreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, dewijl die plaag genezen is.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
48Maar als de priesterH3548 zal weder ingegaanH935 zijn, en zal merkenH7200, dat, zietH2009, die plaagH5061 aan dat huisH1004nietH3808uitgespreidH6581 is, nadatH310 het huisH1004 zal bestrekenH2902 zijn; zoH518 zal de priesterH3548 dat huisH1004rein verklarenH2891, dewijlH3588 die plaagH5061genezenH7495 is.Maar als de priester zal weder ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgespreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, dewijl die plaag genezen is.
KJVAnd if the priest4shall come in,2and look5upon it, and, behold, the plague9hath not spread8in the house,10after11the house14was plaistered:12then the priest16shall pronounce the house18clean,15because the plague21is healed.
1וְאִםH518zo, indien, of(and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet2בֹּ֨אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way3יָבֹ֜אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way4הַכֹּהֵ֗ןH3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer5וְרָאָה֙H7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions6וְ֠הִנֵּהH2009ziet, ziebehold, lo, see7לֹאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without8פָשָׂ֤הH6581uitgespreid, gans, ganselijkspread9הַנֶּ֨גַע֙H5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound10בַּבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)11אַחֲרֵ֖יH310na, achter, daarnaafter (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with12הִטֹּ֣חַH2902pleisteren, bestreken, gepleisterddaub, overlay, plaister, smut13אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)14הַבָּ֑יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)15וְטִהַ֤רH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)16הַכֹּהֵן֙H3548priester, priesters, priesterenchief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer17אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)18הַבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)19כִּ֥יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet20נִרְפָּ֖אH7495genezen, gezond, helencure, (cause to) heal, physician, repair, [idiom] thoroughly, make whole. See H7503 (רָפָה)21הַנָּֽגַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound
49Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, twee vogeltjes nemen, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
49Daarna zal hij, om dat huisH1004 te ontzondigenH2398, tweeH8147vogeltjesH6833nemenH3947, mitsgaders cederenhoutH730, en scharlakenH8144, en hysopH231.Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, twee vogeltjes nemen, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
KJVAnd he shall take1to cleanse2the house4two5birds,6and cedar8wood,7and scarlet,9and hyssop:
1וְלָקַ֛חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2לְחַטֵּ֥אH2398gezondigd, zondigen, zondigtbear the blame, cleanse, commit (sin), by fault, harm he hath done, loss, miss, (make) offend(-er), offer for sin, purge, purify (self), make reconciliation, (cause, make) sin(-ful, -ness), trespass3אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)4הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)5שְׁתֵּ֣יH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two6צִפֳּרִ֑יםH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow7וְעֵ֣ץH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood8אֶ֔רֶזH730cederen, ceder, cederenhoutcedar (tree)9וּשְׁנִ֥יH8144scharlaken, dubbele klederen, scharlakendraadcrimson, scarlet (thread)10תוֹלַ֖עַתH8438scharlaken, worm, karmozijncrimson, scarlet, worm11וְאֵזֹֽבH231hysophyssop
50En hij zal den enen vogel slachten in een aarden vat, over levend water.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
50En hij zal den enen vogelH6833slachtenH7819 in een aardenH2789vatH3627, overH5921levendH2416waterH4325.En hij zal den enen vogel slachten in een aarden vat, over levend water.
KJVAnd he shall kill1the one4of the birds3in an earthen7vessel6over running10water:
1וְשָׁחַ֖טH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow4הָאֶחָ֑תH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,5אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)6כְּלִיH3627vaten, gereedschap, vatarmour(-bearer), artillery, bag, carriage, [phrase] furnish, furniture, instrument, jewel, that is made of, [idiom] one from another, that which pertaineth, pot, [phrase] psaltery, sack, stuff, thing, tool, vessel, ware, weapon, [phrase] whatsoever7חֶ֖רֶשׂH2789aarden, potscherf, schervenearth(-en), (pot-) sherd, [phrase] stone8עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9מַ֥יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))10חַיִּֽיםH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop
51Dan zal hij dat cederenhout, en dien hysop, en het scharlaken, en den levenden vogel nemen, en zal die in het bloed des geslachten vogels en in het levende water dopen; en hij zal dat huis zevenmaal besprengen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
51Dan zal hij dat cederenhoutH730, en dien hysopH231, en het scharlakenH8144, en den levendenH2416vogelH6833nemenH3947, en zal die in het bloedH1818 des geslachtenH7819vogelsH6833 en in het levendeH2416waterH4325dopenH2881; en hij zal dat huisH1004zevenmaalH7651besprengenH5137.Dan zal hij dat cederenhout, en dien hysop, en het scharlaken, en den levenden vogel nemen, en zal die in het bloed des geslachten vogels en in het levende water dopen; en hij zal dat huis zevenmaal besprengen.
KJVAnd he shall take1the cedar4wood,3and the hyssop,6and the scarlet,8and the living12bird,11and dip13them in the blood15of the slain17bird,16and in the running19water,18and sprinkle20the house22seven23times:
1וְלָקַ֣חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3עֵֽץH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood4הָ֠אֶרֶזH730cederen, ceder, cederenhoutcedar (tree)5וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6הָ֨אֵזֹ֜בH231hysophyssop7וְאֵ֣תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8שְׁנִ֣יH8144scharlaken, dubbele klederen, scharlakendraadcrimson, scarlet (thread)9הַתּוֹלַ֗עַתH8438scharlaken, worm, karmozijncrimson, scarlet, worm10וְאֵת֮H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11הַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow12הַֽחַיָּה֒H2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop13וְטָבַ֣לH2881doopte, dopen, indopendip, plunge14אֹתָ֗םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)15בְּדַם֙H1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent16הַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow17הַשְּׁחוּטָ֔הH7819slachten, slachtte, slachttenkill, offer, shoot out, slay, slaughter18וּבַמַּ֖יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))19הַֽחַיִּ֑יםH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop20וְהִזָּ֥הH5137sprengen, gesprengd, besprengensprinkle21אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)22הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)23שֶׁ֥בַעH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)24פְּעָמִֽיםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel
52Zo zal hij dat huis ontzondigen met het bloed des vogels, en met dat levend water, en met den levenden vogel, en met dat cederenhout, en met den hysop, en met het scharlaken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
52Zo zal hij dat huisH1004ontzondigenH2398 met het bloedH1818 des vogelsH6833, en met dat levendH2416waterH4325, en met den levendenH2416vogelH6833, en met dat cederenhoutH730, en met den hysopH231, en met het scharlakenH8144.Zo zal hij dat huis ontzondigen met het bloed des vogels, en met dat levend water, en met den levenden vogel, en met dat cederenhout, en met den hysop, en met het scharlaken.
KJVAnd he shall cleanse1the house3with the blood4of the bird,5and with the running7water,6and with the living9bird,8and with the cedar11wood,10and with the hyssop,12and with the scarlet:13
1וְחִטֵּ֣אH2398gezondigd, zondigen, zondigtbear the blame, cleanse, commit (sin), by fault, harm he hath done, loss, miss, (make) offend(-er), offer for sin, purge, purify (self), make reconciliation, (cause, make) sin(-ful, -ness), trespass2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַבַּ֔יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)4בְּדַם֙H1818bloed, bloeds, bloedschuldenblood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent5הַצִּפּ֔וֹרH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow6וּבַמַּ֖יִםH4325water, wateren, waters[phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))7הַֽחַיִּ֑יםH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop8וּבַצִּפֹּ֣רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow9הַחַיָּ֗הH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop10וּבְעֵ֥ץH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood11הָאֶ֛רֶזH730cederen, ceder, cederenhoutcedar (tree)12וּבָאֵזֹ֖בH231hysophyssop13וּבִשְׁנִ֥יH8144scharlaken, dubbele klederen, scharlakendraadcrimson, scarlet (thread)14הַתּוֹלָֽעַתH8438scharlaken, worm, karmozijncrimson, scarlet, worm
53Den levenden vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen, en het zal rein zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
53Den levendenH2416vogelH6833 nu zal hij totH413buitenH2351 de stadH5892, in het openH6440veldH7704, laten vliegenH7971; zo zal hij overH5921 het huisH1004verzoeningH3722 doen, en het zal reinH2891 zijn.Den levenden vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen, en het zal rein zijn.
KJVBut he shall let go1the living4bird3out6of the city7into the open9fields,10and make an atonement11for the house:13and it shall be clean.
1וְשִׁלַּ֞חH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3הַצִּפֹּ֧רH6833vogel, gevogelte, vogelenbird, fowl, sparrow4הַֽחַיָּ֛הH2416leven, leeft, levens[phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop5אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)6מִח֥וּץH2351buiten, straten, straatabroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without7לָעִ֖ירH5892stad, steden, vrijstadAi (from margin), city, court (from margin), town8אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)9פְּנֵ֣יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you10הַשָּׂדֶ֑הH7704veld, velds, akkercountry, field, ground, land, soil, [idiom] wild11וְכִפֶּ֥רH3722verzoening, verzoenen, verzoendappease, make (an atonement, cleanse, disannul, forgive, be merciful, pacify, pardon, purge (away), put off, (make) reconcile(-liation)12עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with13הַבַּ֖יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)14וְטָהֵֽרH2891reinigen, rein, gereinigdbe (make, make self, pronounce) clean, cleanse (self), purge, purify(-ier, self)
54Dit is de wet voor alle plage der melaatsheid, en voor schurftheid;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
54DitH2063 is de wetH8451 voor alleH3605plageH5061 der melaatsheidH6883, en voor schurftheidH5424;Dit is de wet voor alle plage der melaatsheid, en voor schurftheid;
KJVThis is the law2for all manner of plague4of leprosy,5and scall,
1זֹ֖אתH2063dit, deze, dathereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus2הַתּוֹרָ֑הH8451wet, wetten, leerlaw3לְכָלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)4נֶ֥גַעH5061plaag, plage, plagenplague, sore, stricken, stripe, stroke, wound5הַצָּרַ֖עַתH6883melaatsheidleprosy6וְלַנָּֽתֶקH5424schurftheid(dry) scall
55En voor melaatsheid der klederen, en der huizen;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
55En voor melaatsheidH6883 der klederenH899, en der huizenH1004;En voor melaatsheid der klederen, en der huizen;
KJVAnd for the leprosy1of a garment,2and of a house,
56Mitsgaders voor gezwel, en voor gezweer, en voor blaren;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
56Mitsgaders voor gezwelH7613, en voor gezweerH5597, en voor blarenH934;Mitsgaders voor gezwel, en voor gezweer, en voor blaren;
KJVAnd for a rising,1and for a scab,2and for a bright spot:
57Om te leren, op welken dag iets onrein, en op welken dag iets rein is. Dit is de wet der melaatsheid.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
57Om te lerenH3384, op welken dagH3117 iets onreinH2931, en op welken dagH3117 iets reinH2889 is. DitH2063 is de wetH8451 der melaatsheidH6883.Om te leren, op welken dag iets onrein, en op welken dag iets rein is. Dit is de wet der melaatsheid.
KJVTo teach1when2it is unclean,3and when4it is clean:5this is the law7of leprosy.
1לְהוֹרֹ֕תH3384leren, schieten, schutters([phrase]) archer, cast, direct, inform, instruct, lay, shew, shoot, teach(-er,-ing), through2בְּי֥וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger3הַטָּמֵ֖אH2931onrein, onreine, onreinsdefiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean4וּבְי֣וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger5הַטָּהֹ֑רH2889rein, louter, reineclean, fair, pure(-ness)6זֹ֥אתH2063dit, deze, dathereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus7תּוֹרַ֖תH8451wet, wetten, leerlaw8הַצָּרָֽעַתH6883melaatsheidleprosy
KruisverwijzingenSchatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Leviticus 14:2— Dit zal de wet des melaatsen zijn, ten dage zijner reiniging: dat hij tot den priester zal gebracht worden.Lukas 17:14→Numeri 6:9→Markus 1:40→Lukas 5:12→Mattheüs 8:2→Leviticus 13:59→Leviticus 14:54→
Leviticus 14:3— En de priester zal buiten het leger gaan; als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag der melaatsheid van den melaatse genezen is;Leviticus 13:46→Mattheüs 11:5→2 Koningen 5:7→Lukas 17:15→Lukas 4:27→Lukas 7:22→Mattheüs 10:8→Exodus 15:26→
Leviticus 14:4— Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.Numeri 19:6→Leviticus 14:6→Hebreeën 9:19→Exodus 12:22→Psalmen 51:7→Leviticus 12:8→Leviticus 1:14→Numeri 19:18→
Leviticus 14:5— De priester zal ook gebieden, dat men den ene vogel slachte, in een aarden vat, over levend water.Numeri 5:17→Leviticus 14:50→Hebreeën 2:14→2 Korinthe 5:1→2 Korinthe 13:4→2 Korinthe 4:7→
Leviticus 14:6— Dien levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en den hysop; en zal die, en den levenden vogel dopen in het bloed des vogels, die boven het levende water geslacht is.Leviticus 14:4→Romeinen 5:10→Openbaring 1:5→Zacharia 13:1→Filippenzen 2:9→Johannes 14:19→Hebreeën 1:3→Romeinen 4:25→
Leviticus 14:7— En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en den levenden vogel in het open veld vliegen laten.2 Koningen 5:14→Ezechiël 36:25→Jesaja 52:15→2 Koningen 5:10→1 Petrus 1:2→Hebreeën 9:13→Leviticus 16:22→Hebreeën 9:19→
Leviticus 14:8— Die nu te reinigen is, zal zijn klederen wassen, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven.Leviticus 11:25→Numeri 8:7→Leviticus 15:5→Leviticus 8:6→Openbaring 7:14→2 Kronieken 26:21→Exodus 19:10→Numeri 12:14→
Leviticus 14:9— En op den zevenden dag zal het geschieden, dat hij al zijn haar zal afscheren, zijn hoofd, en zijn baard, en de wenkbrauwen zijner ogen; ja, al zijn haar zal hij afscheren, en al zijn klederen wassen, en zijn vlees met water baden, zo zal hij rein zijn.Numeri 6:9→Numeri 8:7→Leviticus 14:8→
Leviticus 14:10— En op den achtsten dag zal hij twee volkomen lammeren, en een eenjarig volkomen schaap nemen, mitsgaders drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, en een log olie.Leviticus 2:1→Leviticus 14:15→Leviticus 14:21→Markus 1:44→Mattheüs 8:4→Lukas 5:14→Leviticus 14:12→Leviticus 1:10→
Leviticus 14:11— De priester nu, die de reiniging doet, zal den man, die te reinigen is, en die dingen, stellen voor het aangezicht des HEEREN, aan de deur van de tent der samenkomst.Judas 1:24→Leviticus 8:3→Efeze 5:26→Numeri 8:6→Exodus 29:1→Numeri 8:21→
Leviticus 14:12— En de priester zal dat ene lam nemen, en hetzelve offeren tot een schuldoffer met den log olie; en zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.Exodus 29:24→Leviticus 6:6→Jesaja 53:10→Leviticus 5:6→Leviticus 8:27→Leviticus 5:18→Leviticus 5:2→
Leviticus 14:13— Daarna zal hij dat lam slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats; want het schuldoffer, gelijk het zondoffer, is voor den priester; het is een heiligheid der heiligheden.Leviticus 4:24→Exodus 29:11→Leviticus 1:11→Leviticus 7:6→Leviticus 1:5→Leviticus 2:3→Leviticus 4:4→Leviticus 21:22→
Leviticus 14:14— En de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, hetwelk de priester doen zal op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.Exodus 29:20→Leviticus 8:23→1 Petrus 2:5→2 Korinthe 7:1→Romeinen 12:1→1 Korinthe 6:20→Openbaring 1:5→1 Petrus 2:9→
Leviticus 14:15— De priester zal ook uit den log der olie nemen, en zal ze op des priesters linkerhand gieten.1 Johannes 2:20→Johannes 3:34→Psalmen 45:7→
Leviticus 14:16— Dan zal de priester zijn rechtervinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprengen, voor het aangezicht des HEEREN.Leviticus 4:6→Leviticus 4:17→Lukas 17:18→1 Korinthe 10:31→
Leviticus 14:17— En van het overige van die olie, die in zijn hand zal zijn, zal de priester doen op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets, boven op het bloed des schuldoffers.Leviticus 8:30→Titus 3:3→1 Petrus 1:2→Leviticus 14:14→Ezechiël 36:27→Johannes 1:16→Exodus 29:20→
Leviticus 14:18— Dat nog overgebleven zal zijn van die olie, die in de hand des priesters geweest is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is; zo zal de priester over hem verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.Leviticus 4:26→Exodus 29:7→Efeze 1:17→Leviticus 4:31→Leviticus 5:16→2 Korinthe 1:21→Leviticus 8:12→
Leviticus 14:19— De priester zal ook het zondoffer bereiden, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, verzoening doen; en daarna zal hij het brandoffer slachten.Leviticus 14:12→Leviticus 12:6→2 Korinthe 5:21→Leviticus 5:6→Romeinen 8:3→Leviticus 5:1→
Leviticus 14:20— En de priester zal dat brandoffer en dat spijsoffer op het altaar offeren; zo zal de priester de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn.Leviticus 14:10→Efeze 5:2→Leviticus 14:8→
Leviticus 14:21— Maar indien hij arm is, en zijn hand dat niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daartoe een tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer, en een log olie;Leviticus 12:8→Leviticus 5:7→Lukas 6:20→Spreuken 17:5→1 Samuël 2:8→2 Korinthe 8:12→Lukas 21:2→Leviticus 1:14→
Leviticus 14:22— Mitsgaders twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, welker ene ten zondoffer, en een ten brandoffer zijn zal.Psalmen 68:13→Jesaja 38:14→Jesaja 59:11→Hooglied 2:14→Ezechiël 7:16→Jeremia 48:28→Leviticus 5:7→
Leviticus 14:23— En hij zal die, op den achtsten dag zijner reiniging, tot den priester brengen, aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN.Leviticus 14:10→
Leviticus 14:24— En de priester zal het lam des schuldoffers, en den log der olie nemen; en de priester zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.Leviticus 14:10→Leviticus 14:12→
Leviticus 14:25— Daarna zal hij het lam des schuldoffers slachten, en de priester zal van het bloed des schuldoffers nemen, en doen op het rechteroorlapje desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets.Psalmen 40:6→Leviticus 14:14→Prediker 5:1→
Leviticus 14:29— En het overgeblevene van de olie, die in de hand des priesters is, zal hij doen op het hoofd desgenen, die te reinigen is, om de verzoening voor hem te doen, voor het aangezicht des HEEREN.Leviticus 14:18→1 Johannes 5:6→Johannes 17:19→Exodus 30:15→Leviticus 14:20→1 Johannes 2:1→
Leviticus 14:30— Daarna zal hij de ene van de tortelduiven, of van de jonge duiven bereiden, van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben.Leviticus 14:22→Romeinen 8:3→Lukas 2:24→Leviticus 12:8→Leviticus 15:14→
Leviticus 14:31— Van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben, zal het een ten zondoffer, en het een ten brandoffer zijn, boven het spijsoffer; zo zal de priester voor hem, die te reinigen is, verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.Leviticus 14:18→Leviticus 5:7→
Leviticus 14:32— Dit is de wet desgenen, in wien de plaag der melaatsheid zal zijn, wiens hand in zijn reiniging dat niet bereikt zal hebben.Leviticus 14:21→Leviticus 14:10→Psalmen 72:12→Leviticus 14:54→Mattheüs 11:5→Leviticus 14:2→Leviticus 13:59→1 Korinthe 1:27→
Leviticus 14:34— Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaan, hetwelk Ik u tot bezitting geven zal, en Ik de plaag der melaatsheid aan een huis van dat land uwer bezitting zal gegeven hebben;Deuteronomium 32:49→Genesis 17:8→Numeri 32:22→Exodus 15:26→Amos 6:11→Deuteronomium 27:3→Genesis 13:17→Deuteronomium 7:1→
Leviticus 14:35— Zo zal hij, van wien dat huis is, komen, en den priester te kennen geven, zeggende: Het schijnt mij, alsof er een plaag in het huis ware.Psalmen 91:10→Zacharia 5:4→Deuteronomium 7:26→1 Samuël 3:12→Jozua 7:21→Spreuken 3:33→1 Koningen 13:34→
Leviticus 14:36— En de priester zal gebieden, dat zij dat huis ruimen, aleer de priester komt, om die plaag te bezien, opdat niet al wat in dat huis is, onrein worde; en daarna zal de priester komen, om dat huis te bezien.Openbaring 18:4→1 Korinthe 15:33→Hebreeën 12:15→2 Timotheüs 2:17→
Leviticus 14:37— Als hij die plaag bezien zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis zijn groenachtige of roodachtige kuiltjes, en hun aanzien lager is dan die want;Leviticus 13:19→Leviticus 13:49→Leviticus 13:3→Leviticus 13:42→
Leviticus 14:38— De priester zal uit dat huis uitgaan, aan de deur van het huis, en hij zal dat huis zeven dagen doen toesluiten.Leviticus 13:50→
Leviticus 14:39— Daarna zal de priester op den zevenden dag wederkeren; indien hij merken zal, dat, ziet, die plaag aan de wanden van dat huis uitgespreid is;Leviticus 13:36→Leviticus 13:51→Leviticus 13:27→Leviticus 13:22→Leviticus 13:7→
Leviticus 14:40— Zo zal de priester gebieden, dat zij de stenen, in welke die plaag is, uitbreken, en dezelve tot buiten de stad werpen, aan een onreine plaats;Mattheüs 18:17→Johannes 15:2→1 Korinthe 5:13→Jesaja 1:25→1 Korinthe 5:5→Psalmen 101:5→Openbaring 22:15→2 Johannes 1:10→
Leviticus 14:41— En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrabben, en zij zullen het stof, dat zij afgeschrabd hebben, tot buiten de stad aan een onreine plaats uitstorten.Mattheüs 8:28→Openbaring 22:15→Mattheüs 24:51→Job 36:13→1 Timotheüs 1:20→Jesaja 65:4→
Leviticus 14:42— Daarna zullen zij andere stenen nemen, en in de plaats van gene stenen brengen; en men zal ander leem nemen, en dat huis bestrijken.Psalmen 101:6→2 Kronieken 29:4→2 Timotheüs 2:2→1 Timotheüs 5:21→Handelingen 1:20→2 Kronieken 19:5→Genesis 18:19→2 Kronieken 17:7→
Leviticus 14:43— Maar indien die plaag wederkeert, en in dat huis uitbot, nadat men de stenen uitgebroken heeft, en na het afschrabben van het huis, en nadat het zal bestreken zijn;Jeremia 6:28→Ezechiël 24:13→2 Petrus 2:22→Judas 1:12→Hebreeën 6:4→2 Petrus 2:20→
Leviticus 14:44— Zo zal de priester komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is, het is een knagende melaatsheid in dat huis, het is onrein.Leviticus 13:51→Zacharia 5:4→
Leviticus 14:45— Daarom zal men dat huis, zijn stenen, en zijn hout even afbreken, mitsgaders al het leem van het huis, en men zal het tot buiten de stad uitvoeren, aan een onreine plaats.Ezechiël 5:4→Openbaring 11:2→Romeinen 11:7→2 Koningen 10:27→2 Koningen 25:4→1 Koningen 9:6→Mattheüs 24:2→2 Koningen 17:20→
Leviticus 14:46— En die in dat huis gaat te enigen dage, als men hetzelve zal toegesloten hebben, zal onrein zijn tot aan den avond.Numeri 19:21→Leviticus 22:6→Leviticus 15:10→Leviticus 15:5→Leviticus 17:15→Numeri 19:7→Leviticus 11:28→Leviticus 11:24→
Leviticus 14:47— Die ook in dat huis te slapen ligt, zal zijn klederen wassen; insgelijks, die in dat huis eet, zal zijn klederen wassen.Leviticus 14:8→Leviticus 11:25→
Leviticus 14:48— Maar als de priester zal weder ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgespreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, dewijl die plaag genezen is.Leviticus 14:3→Job 5:18→Lukas 7:21→Markus 5:29→1 Korinthe 6:11→Markus 5:34→Hosea 6:1→
Leviticus 14:49— Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, twee vogeltjes nemen, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.Leviticus 14:4→
Leviticus 14:51— Dan zal hij dat cederenhout, en dien hysop, en het scharlaken, en den levenden vogel nemen, en zal die in het bloed des geslachten vogels en in het levende water dopen; en hij zal dat huis zevenmaal besprengen.Psalmen 51:7→
Leviticus 14:53— Den levenden vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen, en het zal rein zijn.Leviticus 14:20→Leviticus 14:7→
Leviticus 14:54— Dit is de wet voor alle plage der melaatsheid, en voor schurftheid;Leviticus 13:30→Leviticus 6:14→Leviticus 14:32→Numeri 5:29→Leviticus 11:46→Leviticus 6:25→Deuteronomium 24:8→Leviticus 14:2→
Leviticus 14:55— En voor melaatsheid der klederen, en der huizen;Leviticus 13:47→
Leviticus 14:56— Mitsgaders voor gezwel, en voor gezweer, en voor blaren;Leviticus 13:2→
Leviticus 14:57— Om te leren, op welken dag iets onrein, en op welken dag iets rein is. Dit is de wet der melaatsheid.Leviticus 10:10→Ezechiël 44:23→Jeremia 15:19→Deuteronomium 24:8→
KanttekeningenDe oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Leviticus 14 vers 2— Dit zal de wet des melaatsen zijn, ten dage zijner reiniging: dat hij tot den priester zal gebracht worden.
ten dage zijner reiniging
Dat is, wanneer de priester hem rein zal verklaren.
Hertaald:ten dage zijner reiniging
Dat is: wanneer de priester hem rein zal verklaren.
tot den priester
Te weten, wat nader tot hem, opdat hij niet zeer ver buiten het leger behoefde uit te gaan.
Hertaald:tot den priester
Namelijk: iets dichter bij hem, zodat hij niet ver buiten het kamp hoefde te gaan.
Leviticus 14 vers 3— En de priester zal buiten het leger gaan; als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag der melaatsheid van den melaatse genezen is;
merken zal,
Deze bezichtiging en de verklaring, die er op volgde, moest door den priester naar de wetten, gesteld in Lev. 13, gedaan worden.
Hertaald:merken zal,
Dit onderzoek en de verklaring die daarop volgde, moesten door de priester gedaan worden volgens de wetten die in Lev. 13 gesteld zijn.
Leviticus 14 vers 4— Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
vogelen neme,
Het Hebreeuwse woordje betekent in het algemeen een vogel, Deut. 4:17; Ps. 8:9, in het bijzonder een kleinen vogel; en onder anderen een mus, gelijk het van velen genomen wordt; Ps. 84:4, en Ps. 102:8.
Hertaald:vogelen neme,
Het Hebreeuwse woordje betekent in het algemeen een vogel, Deut. 4:17; Ps. 8:9, en in het bijzonder een kleine vogel; onder andere een mus, zoals velen het opvatten; Ps. 84:4 en Ps. 102:8.
scharlaken,
Versta, enige stof, als wol, die in de scharlaken verf tweemalen ingedoopt is. Zie Gen. 38:28; Ex. 25:4.
Hertaald:scharlaken,
Versta: een stof, zoals wol, die tweemaal in de scharlaken verf gedompeld is. Zie Gen. 38:28; Ex. 25:4.
hysop
Zie Ex. 12:22.
Hertaald:hysop
Zie Ex. 12:22.
Leviticus 14 vers 5— De priester zal ook gebieden, dat men den ene vogel slachte, in een aarden vat, over levend water.
vat,
In hetwelk het bloed van den geslachten vogel druipen moest, en met het water vermengd worden.
Hertaald:vat,
Waarin het bloed van de geslachte vogel moest druppelen en met het water vermengd worden.
levend water
Versta, dat uit een springende fontein, of lopende rivier moest genomen worden, en levend genaamd wordt, omdat het in het vloeien zich roert, alsof het leefde; Gen. 26:19, en de aantekeningen daarop.
Hertaald:levend water
Versta: water dat uit een opborrelende bron of een lopende rivier genomen moest worden, en levend genoemd wordt, omdat het bij het stromen beweegt, alsof het leefde; Gen. 26:19 en de aantekeningen daarbij.
Leviticus 14 vers 7— En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en den levenden vogel in het open veld vliegen laten.
open veld vliegen laten
Hebreeuws, over het aangezicht des velds uitzenden of loslaten.
Hertaald:open veld vliegen laten
Hebreeuws: over het aangezicht van het veld uitzenden of loslaten.
Leviticus 14 vers 8— Die nu te reinigen is, zal zijn klederen wassen, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven.
maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven
Vergelijk boven de aantekeningen op Lev. 13:46, en Num. 12:14, en Num. 31:19.
Hertaald:maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven
Vergelijk hierboven de aantekeningen bij Lev. 13:46, en Num. 12:14 en Num. 31:19.
Leviticus 14 vers 10— En op den achtsten dag zal hij twee volkomen lammeren, en een eenjarig volkomen schaap nemen, mitsgaders drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, en een log olie.
lammeren,
Waarvan het ene ten schuldoffer, het andere ten brandoffer geofferd moest worden. Zie onder, vs.12, 19.
Hertaald:lammeren,
Waarvan het ene als schuldoffer, het andere als brandoffer geofferd moest worden. Zie hieronder, vers 12, 19.
eenjarig volkomen schaap
Hebreeuws, ene dochter van haar jaar.
Hertaald:eenjarig volkomen schaap
Hebreeuws: een dochter van haar jaar.
drie tienden meelbloem
Te weten, van een efa, dat is, drie gomer. Zie Ex. 16:36.
Hertaald:drie tienden meelbloem
Namelijk: van een efa, dat is: drie gomer. Zie Ex. 16:36.
log olie
Een kleine maat van natte waren, houdende vier quadranten, van welke een was de maat van anderhalve eierschaal, zodat een log zes gewone eierschalen heeft gehouden. Her vierde deel van een cab, welke hield vier logen of vier en twintig eierschalen, dat is, zoveel als in vier en twintig eierschalen gaan kan.
Hertaald:log olie
Een kleine maat voor natte waren, gelijk aan vier quadranten, waarvan één de maat was van anderhalve eierschaal, zodat een log gelijk was aan zes gewone eierschalen. Een kwart van een kab, die vier logen of vierentwintig eierschalen bevatte, dat is: zoveel als in vierentwintig eierschalen past.
Leviticus 14 vers 12— En de priester zal dat ene lam nemen, en hetzelve offeren tot een schuldoffer met den log olie; en zal die ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
beweegoffer
Zie boven, Lev. 7:30.
Hertaald:beweegoffer
Zie hierboven, Lev. 7:30.
Leviticus 14 vers 13— Daarna zal hij dat lam slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats; want het schuldoffer, gelijk het zondoffer, is voor den priester; het is een heiligheid der heiligheden.
heilige plaats;
Hebreeuws, plaats der heiligheid. Deze was in den voorhof bij het brandofferaltaar. Zie Ex. 29:11, en boven, Lev. 4:4, en Lev. 6:16, Lev. 6:26.
Hertaald:heilige plaats;
Hebreeuws: plaats der heiligheid. Deze was in de voorhof bij het brandofferaltaar. Zie Ex. 29:11 en hierboven, Lev. 4:4 en Lev. 6:16, Lev. 6:26.
het is een heiligheid der heiligheden
Zie boven, Lev. 2:3.
Hertaald:het is een heiligheid der heiligheden
Zie hierboven, Lev. 2:3.
Leviticus 14 vers 15— De priester zal ook uit den log der olie nemen, en zal ze op des priesters linkerhand gieten.
zal ze op des priesters linkerhand gieten
Alzo ook onder, vs.26, dat is, op zijn eigen hand, en dus niet op de hand desgenen, die gereinigd werd.
Hertaald:zal ze op des priesters linkerhand gieten
Zo ook hieronder, vers 26; dat is: op zijn eigen hand, en dus niet op de hand van degene die gereinigd werd.
Leviticus 14 vers 16— Dan zal de priester zijn rechtervinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprengen, voor het aangezicht des HEEREN.
nemende van die olie,
Dit woord wordt hier ingevoegd, volgens zeker gebruik van de Hebreeuwse taal, waarvan te zien is Gen. 12:15.
Hertaald:nemende van die olie,
Dit woord wordt hier toegevoegd, volgens een bepaald gebruik van de Hebreeuwse taal, waarover te zien is bij Gen. 12:15.
Leviticus 14 vers 17— En van het overige van die olie, die in zijn hand zal zijn, zal de priester doen op het lapje van het rechteroor desgenen, die te reinigen is, en op den duim zijner rechterhand, en op den groten teen zijns rechtervoets, boven op het bloed des schuldoffers.
boven op het bloed
Dat is, op de plaats, waarop het bloed des schuldoffers tevoren gestreken was. Zie boven, vs.14, en onder, vs.28.
Hertaald:boven op het bloed
Dat is: op de plaats waar het bloed van het schuldoffer eerder was aangebracht. Zie hierboven, vers 14, en hieronder, vers 28.
Leviticus 14 vers 19— De priester zal ook het zondoffer bereiden, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, verzoening doen; en daarna zal hij het brandoffer slachten.
brandoffer slachten
Zie boven, vs.10.
Hertaald:brandoffer slachten
Zie hierboven, vers 10.
Leviticus 14 vers 20— En de priester zal dat brandoffer en dat spijsoffer op het altaar offeren; zo zal de priester de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn.
offeren;
Hebreeuws, doen opklimmen.
Hertaald:offeren;
Hebreeuws: doen opklimmen.
Leviticus 14 vers 21— Maar indien hij arm is, en zijn hand dat niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daartoe een tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer, en een log olie;
en zijn hand dat niet bereikt,
Dat is, indien hij door zijne armoede zoveel niet kan doen. Zie boven, Lev. 5:7, en onder, vs.22, 30-32, enz.
Hertaald:en zijn hand dat niet bereikt,
Dat is: als hij vanwege zijn armoede niet zoveel kan opbrengen. Zie hierboven, Lev. 5:7, en hieronder, vers 22, 30-32.
Leviticus 14 vers 22— Mitsgaders twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, welker ene ten zondoffer, en een ten brandoffer zijn zal.
Hertaald:jonge duiven,
Hebreeuws: zonen van een duif. Zo ook hieronder, vers 30.
Leviticus 14 vers 23— En hij zal die, op den achtsten dag zijner reiniging, tot den priester brengen, aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN.
zijner reiniging,
Of, tot zijne reiniging.
Hertaald:zijner reiniging,
Of: tot zijn reiniging.
Leviticus 14 vers 26— Ook zal de priester van die olie op des priesters linkerhand gieten.
des priesters linkerhand gieten
Dat is, op zijn eigen hand. Zie boven, vs.15.
Hertaald:des priesters linkerhand gieten
Dat is: op zijn eigen hand. Zie hierboven, vers 15.
Leviticus 14 vers 32— Dit is de wet desgenen, in wien de plaag der melaatsheid zal zijn, wiens hand in zijn reiniging dat niet bereikt zal hebben.
dat niet bereikt zal hebben
Te weten, wat tot de reiniging der melaatsheid is vereist geweest; boven, vs.10.
Hertaald:dat niet bereikt zal hebben
Namelijk: wat vereist was voor de reiniging van de melaatsheid; hierboven, vers 10.
Leviticus 14 vers 34— Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaan, hetwelk Ik u tot bezitting geven zal, en Ik de plaag der melaatsheid aan een huis van dat land uwer bezitting zal gegeven hebben;
geven zal,
Hebreeuws, ben gevende; dat is, zekerlijk geven zal. Vergelijk boven de aantekeningen op Lev. 9:4.
Hertaald:geven zal,
Hebreeuws: ben gevende; dat is: zeker zal geven. Vergelijk hierboven de aantekeningen bij Lev. 9:4.
Leviticus 14 vers 35— Zo zal hij, van wien dat huis is, komen, en den priester te kennen geven, zeggende: Het schijnt mij, alsof er een plaag in het huis ware.
Het schijnt mij,
Dat is, het dunkt mij, of, het doet zich zo aan mijne ogen voor; het huis wordt als zodanig door mij aangezien.
Hertaald:Het schijnt mij,
Dat is: het lijkt mij, of: het komt zo op mij over; het huis wordt door mij als zodanig beschouwd.
Leviticus 14 vers 36— En de priester zal gebieden, dat zij dat huis ruimen, aleer de priester komt, om die plaag te bezien, opdat niet al wat in dat huis is, onrein worde; en daarna zal de priester komen, om dat huis te bezien.
dat zij dat huis
Namelijk, de bewoners van dat huis.
Hertaald:dat zij dat huis
Namelijk: de bewoners van dat huis.
ruimen,
Te weten, met het huisraad daaruit te nemen en weg te dragen. Het Hebreeuwse woord betekent eigenlijk iets uit het gezicht weg te doen.
Hertaald:ruimen,
Namelijk: door het huisraad eruit te halen en weg te dragen. Het Hebreeuwse woord betekent eigenlijk iets uit het zicht wegdoen.
Leviticus 14 vers 41— En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrabben, en zij zullen het stof, dat zij afgeschrabd hebben, tot buiten de stad aan een onreine plaats uitstorten.
stof,
Dat is, het afgeschrabde leem, kalk, enz.
Hertaald:stof,
Dat is: het afgeschraapte leem, kalk, enzovoort.
Leviticus 14 vers 44— Zo zal de priester komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is, het is een knagende melaatsheid in dat huis, het is onrein.
Leviticus 14 vers 47— Die ook in dat huis te slapen ligt, zal zijn klederen wassen; insgelijks, die in dat huis eet, zal zijn klederen wassen.
te slapen ligt,
Of, slaapt. Zie Gen. 19:4.
Hertaald:te slapen ligt,
Of: slaapt. Zie Gen. 19:4.
Leviticus 14 vers 48— Maar als de priester zal weder ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgespreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, dewijl die plaag genezen is.
weder ingegaan zijn,
Hebreeuws, ingaande ingegaan; dat is, weder of meermalen ingegaan.
Hertaald:weder ingegaan zijn,
Hebreeuws: ingaand ingegaan; dat is: opnieuw of meermalen binnengegaan.
Leviticus 14 vers 49— Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, twee vogeltjes nemen, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop.
ontzondigen,
Dat is, door offerande te reinigen, en tot een eerlijk of rein gebruik te eigenen. Vergelijk boven, Lev. 8:15, en de aantekeningen daarbij; idem onder, vs.52,53.
Hertaald:ontzondigen,
Dat is: door een offer reinigen, en voor eerlijk of rein gebruik toe-eigenen. Vergelijk hierboven, Lev. 8:15, en de aantekeningen daarbij; evenzo hieronder, vers 52, 53.
scharlaken, en hysop
Zie boven, vs.4.
Hertaald:scharlaken, en hysop
Zie hierboven, vers 4.
Leviticus 14 vers 50— En hij zal den enen vogel slachten in een aarden vat, over levend water.
over levend water
Zie boven, vs.5.
Hertaald:over levend water
Zie hierboven, vers 5.
Leviticus 14 vers 53— Den levenden vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen, en het zal rein zijn.
in het open veld,
Hebreeuws, over het aangezicht des velds. Alzo boven, vs.7.
Hertaald:in het open veld,
Hebreeuws: over het aangezicht van het veld. Zo ook hierboven, vers 7.
over het huis verzoening doen,
Dat is, het huis ontzondigen, vs.49; zie daarop de aantekeningen en deze manier van spreken, Ex. 29:37; onder, Lev. 16:16, Lev. 16:33; Ezech. 45:20.
Hertaald:over het huis verzoening doen,
Dat is: het huis reinigen, vers 49; zie de aantekeningen daarbij en deze manier van spreken, Ex. 29:37; hieronder, Lev. 16:16, Lev. 16:33; Ezech. 45:20.
Leviticus 14 vers 57— Om te leren, op welken dag iets onrein, en op welken dag iets rein is. Dit is de wet der melaatsheid.
Om te leren,
Te weten, den priester, en door den priester het volk.
Hertaald:Om te leren,
Namelijk: de priester, en door de priester het volk.
Christus in dit hoofdstukHeenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk
Het offer en de plaatsvervangingniveau 3Verantwoorde typologische of heilshistorische verbindinguitwerking
De twee vogels bij de reiniging — 14:1-20
Melaatsheid betekende in Israël niet alleen ziekte maar uitsluiting: buiten de legerplaats wonen, de klederen gescheurd, en bij nadering roepen dat men onrein was. Dit hoofdstuk gaat over wat er gebeurt wanneer zo iemand genezen blijkt.
Voor de reiniging worden twee vogels genomen: de een wordt geslacht, de ander wordt in dat bloed gedoopt en vrijgelaten.
De priester gaat naar buiten. Dat is het eerste wat opvalt: de wet stuurt de priester tot buiten de legerplaats, naar de plek waar de onreine wacht. De genezene komt niet naar binnen om beoordeeld te worden; er wordt naar hem toe gegaan.
Dan volgt een handeling die in de hele wet geen tweede kent. Er worden twee levende, reine vogels genomen, met cederhout, scharlaken en hysop. De ene vogel wordt geslacht boven een aarden vat met levend water. De andere wordt met het cederhout, de scharlaken en de hysop in het bloed van de geslachte gedoopt.
Daarna wordt de genezene zevenmaal besprengd, rein verklaard — en de tweede vogel wordt losgelaten. De kanttekening geeft het Hebreeuws letterlijk: over het aangezicht van het veld uitzenden of loslaten.
Twee vogels, één ritueel. De een gaat de dood in, de ander gaat vrij — en die tweede vliegt weg met het bloed van de eerste aan zich.
Wat er verder gebeurt is even opvallend. Van het bloed van het schuldoffer wordt gestreken op drie plaatsen: het rechteroor, de duim van de rechterhand, en de grote toon van de rechtervoet. Dat is precies wat er bij de wijding van de priesters gebeurde in Leviticus 8. Wie buiten stond, wordt behandeld als iemand die tot de dienst toegelaten wordt.
De Schrift trekt hier zelf geen lijn naar Christus, en dit hoofdstuk wordt in het Nieuwe Testament niet aangehaald. In de overlevering van de kerk is in die twee vogels wel de dood en de opstanding gelezen. Dat is oud en eerbiedig, maar het hoort als toepassing gegeven te worden.
Wat de evangeliën wél tonen is de omkering van de hele regel. Christus strekt Zijn hand uit en raakt een melaatse aan. Naar de wet zou Hij daarmee onrein worden; wat er gebeurt is het tegendeel — de man wordt rein. En Hij stuurt hem daarna naar de priester, om te doen wat in dit hoofdstuk voorgeschreven staat.
Leviticus 13:46 — De melaatse woont buiten de legerplaats, afgezonderd.
Leviticus 14:3 — De priester gaat tot buiten de legerplaats, naar hem toe.
Leviticus 14:5-7 — Eén vogel geslacht; de ander in dat bloed gedoopt en vrijgelaten.
Leviticus 14:14 — Bloed op oor, duim en toon — zoals bij de wijding van de priesters.
Markus 1:41 — Christus raakt de melaatse aan en wordt zelf niet onrein.
Markus 1:44 — Ga heen, vertoon uzelven den priester — naar dit voorschrift.
In het Nieuwe Testament: Markus 1:40-45; Lukas 17:12-14; Hebreeën 13:12-13; Leviticus 8:23-24
Hoever dit reikt: Niveau 3. Het Nieuwe Testament haalt dit hoofdstuk niet aan. Dat de twee vogels de dood en de opstanding afbeelden, komt uit de overlevering van de kerk en hoort als toepassing gegeven te worden. De Schrift spreekt het niet tegen, maar werkt het ook niet uit.
Wat betekenen de niveaus?
Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.
niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst
Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.
Voor het slechts zelden, maar toch nu en dan voorkomend geval, dat een melaatse gereinigd van deze ziekte wordt, worden enkele voorschriften van handelingen, die hierop betrekking hebben, en door de priester bij de reinverklarlng te volbrengen zijn, voorgesteld. Vooreerst vinden wij hier (vs.2-8) wat geschieden moet bij de wederopname van de als dood verklaarde in de gemeente van de levende leden van het Verbondsvolk; ten tweede (vs.9-32) wat de wederopname van de tot dusver uitgeslotene in de gemeenschap met het heiligdom en de Godsverering bewerkt.
1. Daarna sprak de HEERE verder tot Mozes (Leviticus. 12:1), zeggende:
2. Dit zal de wet van de melaatse zijn, ten dage van zijn reiniging a) als hij na genezing van deze ziekte weer rein verklaard en zowel in de gemeenschap van het volk van het Verbond als in die van het heiligdom opnieuw opgenomen wordt. Mijn gebod is, dat hij tot de priester zal gebrachtworden, zich bij hem als gereinigd zal aanmelden, en wat nader bij de legerplaats of de plaats, waar een priester zich bevindt, komen zal.
a) Matth.8:4 Mark.1:44 Luk.5:14; 17:14
Nu schrijft Mozes voor, hoe zij, die van de melaatsheid genezen zijn, moeten gereinigd worden en in hun vorige toestand hersteld. Tot hiertoe heeft hij geleerd, wie de priester tot de heilige samenkomst mocht toelaten, en onder de reinen optellen; nu schrijft hij het ritueel van de ontzondiging voor, waardoor het volk leert, hoezeer God de onreinheid haat, welke Hij hier door een plechtig zoenoffer beveelt weg te nemen. Vervolgens, dat hij, die genezen was, zou erkennen, dat hij door een bijzondere weldaad van God van de dood werd gered en voor het vervolg meer zich zou inspannen, om rein te blijven. Want de offerande, welke hier wordt voorgeschreven, bestond uit twee delen: een reiniging van de vuile ziekte, en een daad van dankbaarheid. Doch altijd is het ervoor te houden, dat de Israëlieten door deze ceremonie geleerd hebben, God rein en zuiver te dienen en de onreinheden verre van zich te houden, opdat de godsdienst niet zou ontheiligd worden. Daar de melaatsheid een onreinheid was, daarom wilde God, dat zij, die van haar genezen waren, niet in de heilige samenkomst zouden opgenomen worden, dan door tussenkomst van een offerande. Daarom voegt het wel wat waardig is, om aangetekend te worden, nader uiteen te zetten. Aan de priester wordt het ambt van de ontzondiging opgedragen, en echter wordt tegelijk verboden, dat hij niemand zuivert, dan wie reeds zuiver en rein is. Wanneer nu God aan de ene zijde zich de lof van de gezondmaking voorbehoudt, opdat zij niet aan mensen wordt toegeschreven, daar stelt Hij aan de andere zijde de tucht vast, welke Hij wil dat in de Kerk zal van kracht zijn. Opdat het duidelijk in het oog springt, dat het Gode alleen toekomt, de zonden weg te doen. Wat rest daarom de mens, dan dat hij getuige zij en heraut van de ontvangen Goddelijke genade. Want een dienaar van God kan niemand de zonde vergeven, dan wie God reeds de zonde vergeven heeft.
3. En de priester zal buiten het leger gaan, of buiten de stad waar hij woont, de genezene tegemoet, daar deze de legerplaats of de stad nog niet mag binnengaan. Als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag van de melaatsheid van de melaatse genezen is;
4. Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogels 1) neme, die zich in volle levenskracht bevinden, en in hun vlucht opgevangen zijn, alzo geen van de (Leviticus. 11:13-19) opgenoemde soorten, bovendien een stuk cederhout, en een draad scharlaken en een bundel hysop.
1) De Rabbijnen denken hier aan de mussen, maar het is niet waarschijnlijk, dat juist deze bedoeld zijn.
5. De priester zal ook gebieden, wanneer deze dingen daar ter plaatse zullen bijeengebracht zijn, dat men de ene vogel slacht in een aarden vat, over levend water. 1)
1) Luther heeft gemeend de laatste woorden zo te moeten verstaan: het vat, waarin de vogel geslacht wordt, moet boven een stromend water, bron of beek worden gehouden; maar de bedoeling is deze: de vogel moet geslacht worden boven een aarden vat, gevuld met water uit een bron of beek, opdat het daaruit droppelende bloed zich met het water vermengt.
6. Die levende vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en de hysop, de uit cederhout, de bundel hysop en de scharlakenrode wollen draad vervaardigde sprengkwast, en zal die en de levende vogel dopen in hetbloed van de vogel, die over het levende water geslacht is en wiens bloed zich met dat water vermengd heeft.
7. En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprenkelen met de sprengkwast, welke met de levende vogel in het bloedig water gedoopt is; daarna zal hij hem ten gevolge van deze besprenkeling, rein verklaren, en daarna de levende vogel in het open veld vliegen laten. 1)
1) Het is duidelijk dat de beide vogels zinnebeelden zijn van hem, die gereinigd moet worden. De eerste vogel, die geslacht wordt, is het zinnebeeld van de melaatse, in zoverre deze, om zijn tot in het diepst van het leven doorgedrongen onreinheid, had moeten sterven; maar Gods barmhartigheid heeft hem het leven teruggeschonken, daarom moet het bloed van de geslachte vogel, in levend of stromend water opgevangen zich daarmee vermengen. Wanneer de reinverklaring volgt, wordt hij aan het leven en wel aan het leven onder en met het volk, dat tot God in Verbondsbetrekking staat, teruggegeven; daarom wordt hij zevenmaal met dat bloedwater besprenkeld en wordt de andere vogel vrijgelaten. Zoals deze nu heenvliegt, waarheen hij maar wil en naar zijn nest terugkeert, nadat hij vroeger gevangen was geweest, zo mag ook de gereinigde, uit de banden van zijn ziekte verlost, van nu aan zich vrij bewegen en tot de zijnen terugkeren. Het nu geschonken leven wordt als een blijvend, fris en gezond leven, zoals de reine leden van Gods volk het bezitten, zinnebeeldig voorgesteld door de drie bestanddelen, waaruit de sprengkwast is samengesteld. Cederhout, dat het bederf weerstaat (Ezech.17:22) scharlakenrode kleur van de wollen draad, die op een krachtig leven wijst (zie Ex 26.6), hysop die tot bloedzuivering en bevordering van de gezondheid strekt. Niet ten onrechte zien de uitleggers in het dompelen van de levende vogel in het water, dat met het bloed van de geslachte vogel vermengd is en in het later laten vliegen van deze een schaduwbeeld van de heilige Doop (Rom.6:3 1 Joh.5:6)
Het cederhout is, omdat het het bederf tegenhoudt, zinnebeeld van de duur van het leven; het scharlaken, zinnebeeld van de kracht van het leven, en de hysop, zinnebeeld van de reiniging van het ten dode gedoemd zijn. De besprenkeling is een zevenvoudige, om haar het karakter van een goddelijke heilsdaad te schenken, en geschiedt met een mengsel van bloed en water, waarbij het bloed naar het leven, het water naar de reiniging wijst.
Door het bloed van de een, werd de vrijheid van de ander bewerkt, omdat hij niet vrij uitging, tenzij eerst gedompeld in het bloed en water, waarmee de besprenkeling, om de mens te reinigen, plaats had. Zevenmaal werd dit herhaald, opdat de gedurige overdenking van de genade, des te dieper in het geheugen van de mensen werd ingeprent. Want wij weten, dat door het getal zeven in de Schrift dikwijls de volmaking wordt aangeduid. Tot hetzelfde doel schoor zich het haar en waste zich met water, wie genezen was. Echter op de eerste dag mocht hij nog niet naar zijn huis gaan, maar pas op de achtste dag. Ondertussen schoor hij op de zevende dag de baard, de wenkbrauwen van zijn ogen en al het haar, waste zich en zijn kleren, daarop ging hij naar het heiligdom. Zo moeilijk is de mens te gewennen aan de hartelijke erkenning van deze beide zaken, dat hij de ondeugden haat en de genade van God naar waarde schat, waardoor hij gered wordt.
Let men op de samenvoeging van de gemelde dingen met twee vogels, die tevens hiermee werden aangebracht, voorwaar, het kan ons een levendige schildering uitleveren van een boetvaardig en gelovig toevluchtnemende zondaar tot de eeuwig levende en gezegende Zieleborg. Zodanig een toch brengt niet alleen het cederhout als een getuigenis, dat hij Gods genade en de gemeenschap aan de goederen van zijn huis aanmerkt als zijn hoogste goed, en enige troost in leven en in sterven, maar hij voegt daarbij de hysop als een nederige erkentenis, dat hij in een allernaarste staat van ellende ligt neergezonken, vervreemd en afgescheiden van God en Zijn volk, en dat wel naar het allerrechtvaardigst oordeel van God, hetgeen Hij uit aanmerking van zijn bloedzonden vlekken en schulden van harte billijkt en toestemt, hetgeen hij dan ook met nadruk bekrachtigt, wanneer hij twee levende reine vogels aanbrengt, als een erkentenis, dat hij geen waarachtig leven heeft in zichzelf, en dat hij, daar hij dood is door de zonden en de misdaden geen ander leven kent noch begeert, dan datgene, dat alleen door de volkomen onschuldig gestorvenen en weer levend geworden God en Zaligmaker verworven is, en hetgeen de gelovige van het Oude Verbond door de terugwerkende kracht van zijn verdienste werd meegedeeld.
Augustinus in zijn aantekeningen op Psalm. 51 zegt van de hysop: een laag groeiend kruid, dat genezende kracht bezit en geschikt is, om de longen te zuiveren.
8. Die nu te reinigen is, zal, zoals dit bij alle reinigingen moet geschieden, zijn kleren wassen en al zijn haar van het gehele lichaam afscheren en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn en al zijn onreinheid vanzich hebben afgeworpen; daarna zal hij in het leger van de kinderen van Israël, of, wanneer gij het u beloofde land bewonen zult, in zijn stad komen, maar hij zal buiten zijn tent of woning zeven dagen blijven, opdat hij niet in verzoeking kome, gedurende deze tijd van voorbereiding voor de hem wachtende hereniging met de Heere (vs.9 vv.) zich door huwelijksgemeenschap, of op enige andere wijze weer te verontreinigen (Ex.19:15).
9. En op de zevende, de laatste voorbereidingsdag zal het geschieden dat hij nogmaals al zijn haar zal afscheren, voor zover dit inmiddels weer gegroeid is, zijn hoofd en zijn baard en de wenkbrauwen van zijn ogen; ja, al zijn haar op alle plaatsen van zijn lichaam zal hij afscheren, opdat hij niets onreins uit dat oude leven in het nieuwe overneme, en hij zal tot bereiking van dat doel nog eenmaal ook zijn kleren wassen en zijn vlees, het gehele lichaam, met water baden, zo zal hij rein zijn en voor dewederopname in de gemeenschap van het heiligdom zoals het behoort toegerust.
1) Niet alleen op de eerste dag, maar ook op de zevende moest hij nog eens zijn haar afscheren, als teken van voortdurende reiniging en afsterving van de zonde. Daarop doelt ook het zich opnieuw wassen. Niet alleen van de zonde, maar ook van de dagelijkse zonden moet de gelovige gereinigd worden.
10. En op de achtste dag 1) zal hij twee volkomen lammeren, het een tot schuld- en eigenlijke wijoffer, het andere tot zondoffer en éénjarig volkomen schaap ten brandoffer nemen, bovendien drie tienden meelbloem in plaats van het anders gewone een tiende (Numeri. 15:4) ten spijsoffer, met olie gemengd, en behalve dit voor de bij het schuldoffer gevorderde dienst (vs.14 vv.) één log olie. 2)
1) Evenals op de achtste dag de kinderen na de weggenomen onreinheid, welke zij uit de baarmoeder hadden meegenomen, in de Kerk werden ingezet en daarvan leden werden, zo ook wordt de zevende dag voorgeschreven om hen, die, na de gezondheid terug ontvangen te hebben, als het ware opnieuw geboren waren, in hun vorige betrekking te herstellen. Want voor gestorvenen werden zij gehouden, die de melaatsheid van de heilige samenkomst uitsloot. Daarom wordt het offer verordend, dat de besnijdenis aan de ene zijde vernietigde, bevrijde en herstelde. Verder, niet alles, waarvan hier melding wordt gemaakt, is mij de zin duidelijk, en ik zou willen, dat de lezer niet al te nieuwsgierig was. Sommige dingen kunnen beter verklaard worden. Dat de rechtervinger met het bloed van het offerdier in aanraking werd gebracht, de duim van de hand en de teen van de voet tevens, was omdat de melaatse werd hersteld in datgene, wat tot het gewone leven en zijn gewoonten in betrekking stond, opdat hij zou hebben een vrije ingang, vrij zou mogen horen, kortom, vrijelijk aan de samenleving zou mogen deelnemen, omdat wederkerig het ook betrekking heeft op het spreken en horen. Het hoofd werd gezalfd met olie, opdat in het gehele lichaam er niets onreins zou overblijven.
2) Ook: zie Ex 29.40.
Allereerst menen wij, de olie hier te mogen begrijpen als een zinnebeeld van de volheid van genade, vrede en barmhartigheid, die in Christus Jezus uit kracht van zijn borgtochtelijke overneming van en voldoening voor de schuld van het volk is en wordt gegrond, en die de Heilige Geest, door een dadelijke toepassing van de verdienste van de Heiland een gelovige en boetvaardige zondaar tot zijn onuitsprekelijke blijdschap en vertroosting deelachtig maakt en verzegelt.
Zoals het bloed bij het offer van de zonde, zo schaduwt de olie bij de zalving de Geest af. Wanneer door besprenkeling met het verzoenende offerbloed, de zondaar in de genadevolle gemeenschap met de Heere ingezet wordt, zo geldt de zalving met olie de het lichaam en de ziel levensmakende geest, welke daardoor met de kracht van de goddelijke Geest begiftigd wordt. Op deze wijze wordt hij, die van de melaatsheid gereinigd is, met Jehova verzoend en in de rechten en in de genadegaven van het Verbond met zijn God weer ingezet.
11. De priester nu, die de reiniging doet, zal de man, die te reinigen is en die dingen (vs.10) stellen voor het aangezicht des HEEREN, aan de deur van de tent der samenkomst 1) voor het brandofferaltaar, omhem alzo met zijn offergaven voor te stellen.
1) Later bij de tempel werd een dergelijk offer eerst gebracht in de buitenste voorhof, de voorhof van de melaatsen. Van daar werd hij gebracht naar de poort van Nicanor, omdat het hem nog niet geoorloofd was in de voorhof van de Levieten de voet te zetten, voordat voor hem verzoening was aangebracht.
12. En de priester zal het ene lam nemen en op de (Leviticus. 7:1 vv.) voorgeschreven wijze offeren tot een schuldoffer met de log olie, die bij de aan het schuldoffer zich aansluitende daad van de toewijding moet gebruikt worden, en zal die, het lam en de olie, nog voor de eigenlijke offering ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen, door de beweging voorwaarts en terugwaarts (Ex.29:24 Numeri. 3:11).
13. Daarna zal hij dat lam van de gereinigde laten slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats aan de noordzijde van hetaltaar (Leviticus. 1:11), want het schuldoffer, evenals het zondoffer en hetgeen daarvan overblijft, is voor de priester (Leviticus. 7:7); het is een heiligheid der heiligheden, men zal met dat vlees op heilige wijze handelen; de priester zal het op een heilige plaats moeten eten (Leviticus. 10:17).
1) Het eerste dat voor de gereinigde, die nu weer tot het heiligdom en de dienst aldaar toegelaten wordt, moet worden opgeheven, is zijn langdurige verwijdering van dat heiligdom, gedurende welke hij al die plichten en diensten, waartoe ieder lid van Gods volk geroepen is, de Heere is schuldig gebleven; de opheffing volgt uit de aanbieding van een schuldoffer, waardoor bedoeld wordt de schuld te delgen van de roof aan de Heere gepleegd (zie Le 4.2). Het doet niets ter zake, dat de melaatse niet vrijwillig maar gedwongen van het heiligdom en de openlijke godsverering is verwijderd gebleven; hij bleef in ieder geval daarvan verwijderd en is daardoor aan Jehova ontrouw geworden; maar hij zou tot zulk een verwijdering van Jehova niet gedwongen zijn geworden, wanneer er niet wat aan hem geweest ware, dat van de gemeenschap met de Heere uitsluit, namelijk de melaatsheid, dit lichamelijke beeld van de zonde.
14. En de priester zal, nadat hij de hoornen van het altaar bestreken heeft, van het bloed van het schuldoffer nemen, eer hij dit op de grond bij het altaar uitstort, hetgeen de priester doen zal op het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand, en op de grote teen van zijn rechtervoet (Ex.29:20 vv.) om hem die opgehouden heeft een lid van het priesterlijke volk (Ex.19:6) te zijn, opnieuw als zodanig te wijden en zijn gehoor, zowel als zijn handel en wandel voor het geestelijk leven onder dit volk opnieuw te heiligen, nadat hij aangeven tijd buiten het burgerschap van Israël geleefd heeft.
15. De priester zal ook uit de log een deel van de olie nemen en zal ze op de linkerhand van de priester gieten.
16. Dan zal de priester zijn rechterwijsvinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprenkelen voor het aangezicht des HEEREN, in de richting van de plaats, waar de tent der samenkomst is.
17. En van het overige van de olie, die in zijn hand zijn zal en door het sprenkelen (vs.16) nu geheiligd is, zal de priester doen op het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand en op de grote teen van zijn rechtervoet, boven op het bloed van het schuldoffer, boven op de vroege (vs.14), met het bloed van het schuldoffer bestreken plaatsen, opdat de olie met het bloed zich verenige en, zoals dit de Verbondswijding (Ex.24:8), door de melaatsheid vernietigd weer hersteld heeft, zo ook nu weer in betrekking brengt tot de priesterlijke geest, die van nu aan oren, handen en voeten weer zijn invloed zal openbaren.
18. Wat nog overgebleven zal zijn van die olie, die in de hand van de priester geweest is, zal hij doen op het hoofd van hem, die te reinigen is; om alzo nog de gehelepersoonlijkheid tot een nieuw leven in de Kerk van God te heiligen, zo zal door de verdere handeling met het offer, als het aansteken van de vetdelen en verteren van het vlees, de priester over hem verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
19. De priester zal nu ook het zondoffer bereiden; hij zal het tweede van de beide lammeren naar de wijze van een zondoffer (Leviticus. 4:32 vv.) brengen, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, ook nogverzoening doen over zijn andere zonden, afgezien van de schuld van de beroving van God, en daarna zal hij van hem het tot brandoffer bestemde eenjarige schaap later slachten, waarmee deze zich, na meegedeelde gerechtigheid, opnieuw de Heere tot een volkomen en onbepaald eigendom overgeeft.
20. En de priester zal dat brandoffer en dat in drie delen gebrachte spijsoffer, dat de goede wil van de geheiligde te kennen geeft, om van nu aan slechts des te meer op een heilige wandel acht te geven, geheel op het altaar offeren, zo zal de priester ook hierdoor de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn; aan zijn hereniging met de Heere en zijn heiligdom ontbreekt nu verder niets meer; de wederopname, zoals vroeger (vs.4-8) in de burgerlijke, alzo ook nu in de godsdienstige gemeenschap van Israël is volkomen.
Daar het brandoffer voor de Heere dagelijks tweemaal werd gebracht, als geschenk aan de Heere mocht dit in dat geval niet eerder geofferd worden, dan wanneer het zondoffer was gebracht en de melaatse in verzoenende betrekking met God was gekomen.
21. Maar indien hij arm 1) is, en het met hem zó gesteld is, dat zijn hand dat niet bereikt, dat hij niet in staat is, de (vs.10) voorgeschreven offers te brengen, zo zal hij (ten minste) één lam tenschuldoffer, en daarna ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daar op dit offer als het eigenlijke toewijdingsoffer het wel bovenal aankomt; daartoe in plaats van drie, één tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer en daarbij een log olie, daar hem hiervan zelfs niet het minste deel kan worden geschonken.
1) Met de behoeftigen en geringen ging God verschonend te werk, zodat zij geen twee lammeren behoefden te offeren, en Hij hen alzo niet boven vermogen wilde bezwaren. Daaruit blijkt, dat de offerande niet naar de prijs, die het waardig was, werd geschat, maar naar de vrome zin van het hart, wanneer iemand blijmoedig ten offer bracht, naarmate het hem gegeven was.
22. Bovendien twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, daarentegen kunnen in plaats van het andere lam en het schaap om zijn armoedige omstandigheden ook twee duiven worden gebracht, waarvan een ten zondoffer en een ten brandoffer zijn zal.
23. En hij zal die, op de achtste dag van zijn reiniging, tot de priester brengen, en zich met zijn gaven door deze tot aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN bij het brandofferaltaar laten leiden.
24. En de priester zal dan eerst het lam van het schuldoffer en de log olie nemen, en de priester zal die, op de voorgeschreven wijze, ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
25. Daarna ook in alle andere dingen de wijding, zonder welke de wederopname in de gemeenschap van het heiligdom en van de godsverering niet mogelijk is, volkomen naardezelfde wijze, als (vs.13-18) is voorgeschreven, volbrengende, zal hij het lam van het schuldoffer slachten en de priester zal van het bloed van het schuldoffer nemen en doen op de rechteroorlel van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand, en op de grote teen van zijn rechtervoet.
26. Ook zal de priester een deel van die olie op de linkerhand van de priester gieten.
27. Daarna zal de priester met zijn rechterwijsvinger van die olie, die op zijn linkerhand is, sprenkelen, zevenmaal, voor het aangezicht des HEEREN, in de richting van de tent der samenkomst.
28. En de priester zal van de olie, die op zijn hand is, enige druppels doen aan het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en aan de duim van zijnrechterhand, en aan de grote teen van zijn rechtervoet, op de plaats van het bloed van het schuldoffer, dat op die plaatsen reeds gestreken is.
29. En het nog overgeblevene van de olie, dat in de hand van de priester is, zal hij doen op het hoofd van hem, die te reinigen is (vs.18) om de verzoening voor hem te doen, voor het aangezicht des HEEREN.
30. Daarna zal hij de één van de tortelduiven, of van de jonge duiven bereiden, van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben, om daardoor het gebrek van een lam (vs.19) te vergoeden.
31. Van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben zal het ene, (Leviticus. 5:8 vv.) ten zondoffer, en het ene in plaats van het eenjarige schaap gebracht (vs.19 vv.) ten brandoffer (Leviticus. 5:10) zijn, en zal hij dit laatste brengen boven het spijsoffervan een tiende meelbloem met olie gemengd; zo zal de priester voor hem, die te reinigen is, ook op grond van deze drie verminderde offers, verzoening doen 1) voor het aangezicht des HEEREN, zoals hij dit bij een meer vermogend Israëliet met de volkomen offers doet (vs.20).
1) Al had de melaatse zich niet door eigen schuld de ziekte op de hals gehaald, al kon de melaatsheid in de eigenlijke zin geen zonde worden genoemd, toch werd hij geacht tegen Gods wet, tegen Gods volk te hebben gezondigd, en daarom moest er voor hem verzoening worden aangebracht, als had hij zich met een zware daad van overtreding bezoedeld.
Dat in vs.22-31 de wijze van de reiniging van een arme even uitvoerig beschreven wordt als die van een rijke, hoewel hetzelfde ritueel gevraagd werd, bewijst wel van hoeveel gewicht deze daad bij God geacht was.
32. Dit wat gezegd is geworden (vs.21-31), is de wet van hem, in wie de plaag van de melaatsheid zal zijn, wiens hand in hetgeen tot zijn reiniging gevorderd wordt, dat alles niet zal bereikthebben, bij wie alzo daar een verzuim moet zijn, waar verdragen wordt; maar aan het schuld- en toewijdingsoffer mag in geen geval iets ontbreken.
II. Vers 33-57
Zoals hierboven aan de wet op het onderzoek van de melaatsen zich die over de kleermelaatsheid aansluit, zo worden hier de voorschriften over de wederopname van genezen melaatsen door die over de reiniging van door melaatsheid aangestoken huizen gevolgd; deze voorschriften zullen echter pas geldig zijn, als Israël in Kanaän woont, maar worden reeds nu gegeven, omdat zij tot de reiniging van personen, die melaats zijn geweest, in zeer nauwe betrekking staan.
33. Verder sprak de HEERE tot Mozes en tot Aäron, zeggende:
34. Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaän, dat Ik u tot bezitting geven zal en Ik, als Degene, die met uw lichamen ook uw woningen in Mijn macht heb, de plaag van de melaatsheid 1) aan een huis van dat land van uw bezitting zal gegeven hebben, om u op meer dan een wijze de zonde als in waarheid afschuwelijk en haar werkingen als in ieder opzicht verderfelijk voor te stellen.
1) Hier wordt over een ander soort melaatsheid gehandeld, welke, tot onze niet geringe blijdschap, ook heden ten dage onbekend is. Doch evenals God dat volk met een bijzondere privilegie had begiftigd, zo was het ook passende, dat, indien het de genadegaven, waarin het uitmuntte, misbruikte, zijn ondankbaarheid met strengere straffen werd gestraft. Alzo is het niet te verwonderen, dat er straffen zijn opgelegd, waardoor ons, bij het horen alleen, verwondering en schrik overvalt. Het was een treurig schouwspel, de melaatsheid op het menselijke lichaam te zien uitgespreid, maar dit mocht wel een verdichtsel worden genoemd, dat, ook de huizen met melaatsheid werden besmet, welke de bezitters met hun gezinnen uitwierp, omdat, indien zij daarin willens en wetens bleven vertoeven, de besmetting op hun zelf en op al hun vaatwerk oversloeg. Daar nu God hen in het publiek met eerloosheid tekende, wier huizen hij trof met melaatsheid, zo beveelt Hij hen zich schuldig te erkennen, en niet alleen, wanneer de kwaal werkelijk aanwezig was, maar ook, wanneer het vermoeden begon op te komen. Verder blijkt uit deze wet, dat sommigen lichter gekastijd zijn, omdat, indien na het onderzoek van de priester in zeven dagen de plaag niet was vermeerderd, nadat de muren bestreken waren, hij, die bezitter was, naar zijn huis mocht terugkeren. Anderen trof God echter zwaarder, die hun huizen moesten afbreken, omdat de verontreiniging ongeneeslijk was. Ofschoon dit tekenen van Gods toorn waren, heeft Hij echter dat volk in het verzoening aanbrengen voor hun onreinheden geoefend in hun ijver voor hun reinheid, omdat het hetzelfde was, alsof men van de toegang tot het heiligdom was afgesloten, indien men uit een besmet huis kwam. Hoofddoel was daarom, dat men ijverig zich erop moest toeleggen, dat een ieder zijn huis rein en zuiver en van alle onreinheid vrij bewaarde. Indien door de genade van God de plaag week, moest een offerande worden gebracht, evenals voor de mens.
Dat de Heere ook met deze wet kost, daarmee wil Hij het volk leren, dat het niet alleen het bezit van het leven, maar ook het bezit van huizen en goederen Hem verschuldigd is, en dat de reinheid zich daarom moest uitstrekken, tot alles, wat zij uit de handen van de Heilige God hadden ontvangen, om daarmee in alles te betonen een heilig volk te zijn. De melaatsheid aan de huizen werd als een bijzondere straf van God beschouwd. Zij kwam, naar men meent, dan ook alleen in Palestina voor.
35. Zo zal hij van wie dat huis is, komen en dit ongeval de priester te kennen geven, zeggende: het schijnt mij, het komt mij zo voor, alsof er een plaag in het huis is. 1)
1) De melaatsheid is in oude tijden veel algemener en heviger geweest dan tegenwoordig, er is daaromtrent menigmaal veel geschied, wat nu niet kan verklaard worden; daarom kan over de melaatsheid in huizen even weinig als over die aan kleren iets zekers gezegd worden. Onder de uitleggers denken sommigen aan salpeter- of muurverrotting, die zich vooral aan vette of niet goed uitgedroogde muren openbaart, de kalk met blaren omhoog werkt en zo doorvreet, dat zij afvalt en diepe groeven nalaat; anderen denken aan plantaardige vormingen, (ook lichenen genoemd) zoals deze zich op verweerde stenen en afgebrokkelde muren vertonen en daar invreten.
36. En de priester zal gebieden dat zij dat huis ruimen, voordat de priester komt om die plaag te bezien, opdat niet, wanneer hij nu komt en de kwaal als werkelijkemelaatsheid erkent, dadelijk door zijn uitspraak al wat in dat huis is, onrein wordt, en daarna, wanneer alles vooraf opgeruimd en tegen het gevaar van verontreiniging in veiligheid gebracht is, zal de priester komen, om dat huis te bezien.
37. Als hij die plaag bezien zal, dat die plaag aan de wanden van dat huis, zijn groenachtige of roodachtige kuiltjes, holten, en hun aanzien lager is dan die wand:
38. De priester zal uit dat huis, als verdacht van aangestoken te zijn, uitgaan; aan de deur van het huis, en hij zal dat huis, tot verder onderzoek, zeven dagen doen toesluiten.
39. Daarna zal de priester op de zevende dag terugkeren; indien hij merken zal, dat die plaag aan de wanden van dat huis uitgespreid is;
40. Zo zal de priester gebieden dat zij de stenen, waarin die plaag is, uitbreken en deze tot buiten de stad werpen, op een onreine plaats;
41. En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrappen, en zij zullen het stof, leem, puin, dat zij afgeschrapt hebben, tot buiten de stad op een onreine plaatsuitstorten.
42. Daarna zullen zij andere stenen nemen en in de plaats van deze stenen brengen, invoegen, en men zal ander leem nemen en dat huis inwendig daarmee bestrijken.
43. Maar indien die plaag terugkeert en in dat huis uitbot, nadat men de stenen uitgebroken heeft en na het afschrappen van het huis, en nadat het met ander leem, zal bestreken zijn.
44. Zo zal de priester, om het andermaal te bezien, komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is; het is een knagende melaatsheid in dat huis, het (huis) is onrein, zodat allen die het voortaan betreden, of daarin wonen, zich daardoor zullen verontreinigen.
45. Daarom zal men dat huis, zijn stenen en zijn hout eveneens, geheel afbreken, bovendien al het leem van het huis en men zal het tot buiten de stad uitvoeren aan een onreine plaats.
46. En die in dat huis gaat op de dag, dat men het, na het eerste onderzoek (vs.37) zal toegesloten hebben, zal onrein zijn tot aan de avond.
47. Die ook, gedurende die dagen van de sluiting, in dat huis te slapen ligt, zal, als nog meer verontreinigd, niet alleen zichzelf maar ook zijn kleren wassen (Leviticus. 11:24 vv.), evenzo die in dat huis eet, zal zijn kleren wassen.
48. Maar als de priester weer (vs.44) zal ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgebreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, omdat die plaag genezen is.
49. Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, namelijk in zoverre aan dat huis verschijnselen worden waargenomen, die in de mens het wezen van de zonde voorstellen, nemen, zoals ter ontzondiging van de genezen melaatse (vs.4 vv.), twee vogeltjes, bovendien cederhout, en scharlaken, en hysop.
50. En hij zal de een vogel slachten in een aarden vat, over levend water (vs.5).
51. Dan zal hij dat cederhout, en die hysop, en het scharlaken, en de levende vogel nemen en zal die, dat alles in het bloed van de geslachte vogel en in het met bloed vermengde levende water dopen; en hij zal dat huis zevenmaal besprenkelen.
52. Zo zal hij dat huis ontzondigen met het bloed van de vogel, en met dat levend water, en met de levende vogel, en met dat cederhout, en met de hysop, en met het scharlaken.
53. De levende vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen en het zal rein zijn, en weer bestemd totverder gebruik. 1)
1) Het kleed, waarvan de oorsprong (Genesis 3:21) onmiddellijk van God zelf wordt afgeleid, is het lijf van het lichaam (Deuteronomium. 22:5), maar de woning de tent van de aardse tabernakel 2 Corinthiers. 5:1-4)
54. Dit (hoofdstuk 13 en 14) is de wet voor elke plage van de melaatsheid, en voor schurft aan de mens.
55. En voor melaatsheid van de kleren en van de huizen.
56. Bovendien voor gezwel en voor gezweer en voor blaren, alle soorten van uitslag, zoals en waar zij ook voorkomen.
57. Voor de priester, die naar zijn ambt over al deze verschijnselen zijn mening zeggen moet, om te leren op welke dag iets onrein, en op welke dag iets rein is, of hij deze of gene onrein of rein verklaren zal. Dit, zoals gezegd werd, is de wet van de melaatsheid, welke uit het midden van mijn volk zal weggedaan worden, hoe en waar zij zich ook vertoont; opdat Israël rein blijve van datgene, waarin de zonde zich als het ware belichaamd!
In Deuteronomium vinden wij geen herhaling van deze wet; slechts een waarschuwing tegen de melaatsheid zelf. In deze wet blijkt niet alleen de zorg van God voor de lichamelijke reinheid, maar ook voor de geestelijke reinheid van Zijn volk.
Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.
Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!
Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]
Over de Auteur
C.H. Spurgeon
1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.
Leviticus 14
Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
GENEZING VAN DE MELAATSHEID.
I. Vers 1-32
Voor het slechts zelden, maar toch nu en dan voorkomend geval, dat een melaatse gereinigd van deze ziekte wordt, worden enkele voorschriften van handelingen, die hierop betrekking hebben, en door de priester bij de reinverklarlng te volbrengen zijn, voorgesteld. Vooreerst vinden wij hier (vs.2-8) wat geschieden moet bij de wederopname van de als dood verklaarde in de gemeente van de levende leden van het Verbondsvolk; ten tweede (vs.9-32) wat de wederopname van de tot dusver uitgeslotene in de gemeenschap met het heiligdom en de Godsverering bewerkt.
1. Daarna sprak de HEERE verder tot Mozes (Leviticus. 12:1), zeggende:
2. Dit zal de wet van de melaatse zijn, ten dage van zijn reiniging a) als hij na genezing van deze ziekte weer rein verklaard en zowel in de gemeenschap van het volk van het Verbond als in die van het heiligdom opnieuw opgenomen wordt. Mijn gebod is, dat hij tot de priester zal gebrachtworden, zich bij hem als gereinigd zal aanmelden, en wat nader bij de legerplaats of de plaats, waar een priester zich bevindt, komen zal.
a) Matth.8:4 Mark.1:44 Luk.5:14; 17:14
Nu schrijft Mozes voor, hoe zij, die van de melaatsheid genezen zijn, moeten gereinigd worden en in hun vorige toestand hersteld. Tot hiertoe heeft hij geleerd, wie de priester tot de heilige samenkomst mocht toelaten, en onder de reinen optellen; nu schrijft hij het ritueel van de ontzondiging voor, waardoor het volk leert, hoezeer God de onreinheid haat, welke Hij hier door een plechtig zoenoffer beveelt weg te nemen. Vervolgens, dat hij, die genezen was, zou erkennen, dat hij door een bijzondere weldaad van God van de dood werd gered en voor het vervolg meer zich zou inspannen, om rein te blijven. Want de offerande, welke hier wordt voorgeschreven, bestond uit twee delen: een reiniging van de vuile ziekte, en een daad van dankbaarheid. Doch altijd is het ervoor te houden, dat de Israëlieten door deze ceremonie geleerd hebben, God rein en zuiver te dienen en de onreinheden verre van zich te houden, opdat de godsdienst niet zou ontheiligd worden. Daar de melaatsheid een onreinheid was, daarom wilde God, dat zij, die van haar genezen waren, niet in de heilige samenkomst zouden opgenomen worden, dan door tussenkomst van een offerande. Daarom voegt het wel wat waardig is, om aangetekend te worden, nader uiteen te zetten. Aan de priester wordt het ambt van de ontzondiging opgedragen, en echter wordt tegelijk verboden, dat hij niemand zuivert, dan wie reeds zuiver en rein is. Wanneer nu God aan de ene zijde zich de lof van de gezondmaking voorbehoudt, opdat zij niet aan mensen wordt toegeschreven, daar stelt Hij aan de andere zijde de tucht vast, welke Hij wil dat in de Kerk zal van kracht zijn. Opdat het duidelijk in het oog springt, dat het Gode alleen toekomt, de zonden weg te doen. Wat rest daarom de mens, dan dat hij getuige zij en heraut van de ontvangen Goddelijke genade. Want een dienaar van God kan niemand de zonde vergeven, dan wie God reeds de zonde vergeven heeft.
3. En de priester zal buiten het leger gaan, of buiten de stad waar hij woont, de genezene tegemoet, daar deze de legerplaats of de stad nog niet mag binnengaan. Als de priester merken zal, dat, ziet, die plaag van de melaatsheid van de melaatse genezen is;
4. Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogels 1) neme, die zich in volle levenskracht bevinden, en in hun vlucht opgevangen zijn, alzo geen van de (Leviticus. 11:13-19) opgenoemde soorten, bovendien een stuk cederhout, en een draad scharlaken en een bundel hysop.
1) De Rabbijnen denken hier aan de mussen, maar het is niet waarschijnlijk, dat juist deze bedoeld zijn.
5. De priester zal ook gebieden, wanneer deze dingen daar ter plaatse zullen bijeengebracht zijn, dat men de ene vogel slacht in een aarden vat, over levend water. 1)
1) Luther heeft gemeend de laatste woorden zo te moeten verstaan: het vat, waarin de vogel geslacht wordt, moet boven een stromend water, bron of beek worden gehouden; maar de bedoeling is deze: de vogel moet geslacht worden boven een aarden vat, gevuld met water uit een bron of beek, opdat het daaruit droppelende bloed zich met het water vermengt.
6. Die levende vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en de hysop, de uit cederhout, de bundel hysop en de scharlakenrode wollen draad vervaardigde sprengkwast, en zal die en de levende vogel dopen in hetbloed van de vogel, die over het levende water geslacht is en wiens bloed zich met dat water vermengd heeft.
7. En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprenkelen met de sprengkwast, welke met de levende vogel in het bloedig water gedoopt is; daarna zal hij hem ten gevolge van deze besprenkeling, rein verklaren, en daarna de levende vogel in het open veld vliegen laten. 1)
1) Het is duidelijk dat de beide vogels zinnebeelden zijn van hem, die gereinigd moet worden. De eerste vogel, die geslacht wordt, is het zinnebeeld van de melaatse, in zoverre deze, om zijn tot in het diepst van het leven doorgedrongen onreinheid, had moeten sterven; maar Gods barmhartigheid heeft hem het leven teruggeschonken, daarom moet het bloed van de geslachte vogel, in levend of stromend water opgevangen zich daarmee vermengen. Wanneer de reinverklaring volgt, wordt hij aan het leven en wel aan het leven onder en met het volk, dat tot God in Verbondsbetrekking staat, teruggegeven; daarom wordt hij zevenmaal met dat bloedwater besprenkeld en wordt de andere vogel vrijgelaten. Zoals deze nu heenvliegt, waarheen hij maar wil en naar zijn nest terugkeert, nadat hij vroeger gevangen was geweest, zo mag ook de gereinigde, uit de banden van zijn ziekte verlost, van nu aan zich vrij bewegen en tot de zijnen terugkeren. Het nu geschonken leven wordt als een blijvend, fris en gezond leven, zoals de reine leden van Gods volk het bezitten, zinnebeeldig voorgesteld door de drie bestanddelen, waaruit de sprengkwast is samengesteld. Cederhout, dat het bederf weerstaat (Ezech.17:22) scharlakenrode kleur van de wollen draad, die op een krachtig leven wijst (zie Ex 26.6), hysop die tot bloedzuivering en bevordering van de gezondheid strekt. Niet ten onrechte zien de uitleggers in het dompelen van de levende vogel in het water, dat met het bloed van de geslachte vogel vermengd is en in het later laten vliegen van deze een schaduwbeeld van de heilige Doop (Rom.6:3 1 Joh.5:6)
Het cederhout is, omdat het het bederf tegenhoudt, zinnebeeld van de duur van het leven; het scharlaken, zinnebeeld van de kracht van het leven, en de hysop, zinnebeeld van de reiniging van het ten dode gedoemd zijn. De besprenkeling is een zevenvoudige, om haar het karakter van een goddelijke heilsdaad te schenken, en geschiedt met een mengsel van bloed en water, waarbij het bloed naar het leven, het water naar de reiniging wijst.
Door het bloed van de een, werd de vrijheid van de ander bewerkt, omdat hij niet vrij uitging, tenzij eerst gedompeld in het bloed en water, waarmee de besprenkeling, om de mens te reinigen, plaats had. Zevenmaal werd dit herhaald, opdat de gedurige overdenking van de genade, des te dieper in het geheugen van de mensen werd ingeprent. Want wij weten, dat door het getal zeven in de Schrift dikwijls de volmaking wordt aangeduid. Tot hetzelfde doel schoor zich het haar en waste zich met water, wie genezen was. Echter op de eerste dag mocht hij nog niet naar zijn huis gaan, maar pas op de achtste dag. Ondertussen schoor hij op de zevende dag de baard, de wenkbrauwen van zijn ogen en al het haar, waste zich en zijn kleren, daarop ging hij naar het heiligdom. Zo moeilijk is de mens te gewennen aan de hartelijke erkenning van deze beide zaken, dat hij de ondeugden haat en de genade van God naar waarde schat, waardoor hij gered wordt.
Let men op de samenvoeging van de gemelde dingen met twee vogels, die tevens hiermee werden aangebracht, voorwaar, het kan ons een levendige schildering uitleveren van een boetvaardig en gelovig toevluchtnemende zondaar tot de eeuwig levende en gezegende Zieleborg. Zodanig een toch brengt niet alleen het cederhout als een getuigenis, dat hij Gods genade en de gemeenschap aan de goederen van zijn huis aanmerkt als zijn hoogste goed, en enige troost in leven en in sterven, maar hij voegt daarbij de hysop als een nederige erkentenis, dat hij in een allernaarste staat van ellende ligt neergezonken, vervreemd en afgescheiden van God en Zijn volk, en dat wel naar het allerrechtvaardigst oordeel van God, hetgeen Hij uit aanmerking van zijn bloedzonden vlekken en schulden van harte billijkt en toestemt, hetgeen hij dan ook met nadruk bekrachtigt, wanneer hij twee levende reine vogels aanbrengt, als een erkentenis, dat hij geen waarachtig leven heeft in zichzelf, en dat hij, daar hij dood is door de zonden en de misdaden geen ander leven kent noch begeert, dan datgene, dat alleen door de volkomen onschuldig gestorvenen en weer levend geworden God en Zaligmaker verworven is, en hetgeen de gelovige van het Oude Verbond door de terugwerkende kracht van zijn verdienste werd meegedeeld.
Augustinus in zijn aantekeningen op Psalm. 51 zegt van de hysop: een laag groeiend kruid, dat genezende kracht bezit en geschikt is, om de longen te zuiveren.
8. Die nu te reinigen is, zal, zoals dit bij alle reinigingen moet geschieden, zijn kleren wassen en al zijn haar van het gehele lichaam afscheren en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn en al zijn onreinheid vanzich hebben afgeworpen; daarna zal hij in het leger van de kinderen van Israël, of, wanneer gij het u beloofde land bewonen zult, in zijn stad komen, maar hij zal buiten zijn tent of woning zeven dagen blijven, opdat hij niet in verzoeking kome, gedurende deze tijd van voorbereiding voor de hem wachtende hereniging met de Heere (vs.9 vv.) zich door huwelijksgemeenschap, of op enige andere wijze weer te verontreinigen (Ex.19:15).
9. En op de zevende, de laatste voorbereidingsdag zal het geschieden dat hij nogmaals al zijn haar zal afscheren, voor zover dit inmiddels weer gegroeid is, zijn hoofd en zijn baard en de wenkbrauwen van zijn ogen; ja, al zijn haar op alle plaatsen van zijn lichaam zal hij afscheren, opdat hij niets onreins uit dat oude leven in het nieuwe overneme, en hij zal tot bereiking van dat doel nog eenmaal ook zijn kleren wassen en zijn vlees, het gehele lichaam, met water baden, zo zal hij rein zijn en voor dewederopname in de gemeenschap van het heiligdom zoals het behoort toegerust.
1) Niet alleen op de eerste dag, maar ook op de zevende moest hij nog eens zijn haar afscheren, als teken van voortdurende reiniging en afsterving van de zonde. Daarop doelt ook het zich opnieuw wassen. Niet alleen van de zonde, maar ook van de dagelijkse zonden moet de gelovige gereinigd worden.
10. En op de achtste dag 1) zal hij twee volkomen lammeren, het een tot schuld- en eigenlijke wijoffer, het andere tot zondoffer en éénjarig volkomen schaap ten brandoffer nemen, bovendien drie tienden meelbloem in plaats van het anders gewone een tiende (Numeri. 15:4) ten spijsoffer, met olie gemengd, en behalve dit voor de bij het schuldoffer gevorderde dienst (vs.14 vv.) één log olie. 2)
1) Evenals op de achtste dag de kinderen na de weggenomen onreinheid, welke zij uit de baarmoeder hadden meegenomen, in de Kerk werden ingezet en daarvan leden werden, zo ook wordt de zevende dag voorgeschreven om hen, die, na de gezondheid terug ontvangen te hebben, als het ware opnieuw geboren waren, in hun vorige betrekking te herstellen. Want voor gestorvenen werden zij gehouden, die de melaatsheid van de heilige samenkomst uitsloot. Daarom wordt het offer verordend, dat de besnijdenis aan de ene zijde vernietigde, bevrijde en herstelde. Verder, niet alles, waarvan hier melding wordt gemaakt, is mij de zin duidelijk, en ik zou willen, dat de lezer niet al te nieuwsgierig was. Sommige dingen kunnen beter verklaard worden. Dat de rechtervinger met het bloed van het offerdier in aanraking werd gebracht, de duim van de hand en de teen van de voet tevens, was omdat de melaatse werd hersteld in datgene, wat tot het gewone leven en zijn gewoonten in betrekking stond, opdat hij zou hebben een vrije ingang, vrij zou mogen horen, kortom, vrijelijk aan de samenleving zou mogen deelnemen, omdat wederkerig het ook betrekking heeft op het spreken en horen. Het hoofd werd gezalfd met olie, opdat in het gehele lichaam er niets onreins zou overblijven.
2) Ook: zie Ex 29.40.
Allereerst menen wij, de olie hier te mogen begrijpen als een zinnebeeld van de volheid van genade, vrede en barmhartigheid, die in Christus Jezus uit kracht van zijn borgtochtelijke overneming van en voldoening voor de schuld van het volk is en wordt gegrond, en die de Heilige Geest, door een dadelijke toepassing van de verdienste van de Heiland een gelovige en boetvaardige zondaar tot zijn onuitsprekelijke blijdschap en vertroosting deelachtig maakt en verzegelt.
Zoals het bloed bij het offer van de zonde, zo schaduwt de olie bij de zalving de Geest af. Wanneer door besprenkeling met het verzoenende offerbloed, de zondaar in de genadevolle gemeenschap met de Heere ingezet wordt, zo geldt de zalving met olie de het lichaam en de ziel levensmakende geest, welke daardoor met de kracht van de goddelijke Geest begiftigd wordt. Op deze wijze wordt hij, die van de melaatsheid gereinigd is, met Jehova verzoend en in de rechten en in de genadegaven van het Verbond met zijn God weer ingezet.
11. De priester nu, die de reiniging doet, zal de man, die te reinigen is en die dingen (vs.10) stellen voor het aangezicht des HEEREN, aan de deur van de tent der samenkomst 1) voor het brandofferaltaar, omhem alzo met zijn offergaven voor te stellen.
1) Later bij de tempel werd een dergelijk offer eerst gebracht in de buitenste voorhof, de voorhof van de melaatsen. Van daar werd hij gebracht naar de poort van Nicanor, omdat het hem nog niet geoorloofd was in de voorhof van de Levieten de voet te zetten, voordat voor hem verzoening was aangebracht.
12. En de priester zal het ene lam nemen en op de (Leviticus. 7:1 vv.) voorgeschreven wijze offeren tot een schuldoffer met de log olie, die bij de aan het schuldoffer zich aansluitende daad van de toewijding moet gebruikt worden, en zal die, het lam en de olie, nog voor de eigenlijke offering ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen, door de beweging voorwaarts en terugwaarts (Ex.29:24 Numeri. 3:11).
13. Daarna zal hij dat lam van de gereinigde laten slachten in de plaats, waar men het zondoffer en het brandoffer slacht, in de heilige plaats aan de noordzijde van hetaltaar (Leviticus. 1:11), want het schuldoffer, evenals het zondoffer en hetgeen daarvan overblijft, is voor de priester (Leviticus. 7:7); het is een heiligheid der heiligheden, men zal met dat vlees op heilige wijze handelen; de priester zal het op een heilige plaats moeten eten (Leviticus. 10:17).
1) Het eerste dat voor de gereinigde, die nu weer tot het heiligdom en de dienst aldaar toegelaten wordt, moet worden opgeheven, is zijn langdurige verwijdering van dat heiligdom, gedurende welke hij al die plichten en diensten, waartoe ieder lid van Gods volk geroepen is, de Heere is schuldig gebleven; de opheffing volgt uit de aanbieding van een schuldoffer, waardoor bedoeld wordt de schuld te delgen van de roof aan de Heere gepleegd (zie Le 4.2). Het doet niets ter zake, dat de melaatse niet vrijwillig maar gedwongen van het heiligdom en de openlijke godsverering is verwijderd gebleven; hij bleef in ieder geval daarvan verwijderd en is daardoor aan Jehova ontrouw geworden; maar hij zou tot zulk een verwijdering van Jehova niet gedwongen zijn geworden, wanneer er niet wat aan hem geweest ware, dat van de gemeenschap met de Heere uitsluit, namelijk de melaatsheid, dit lichamelijke beeld van de zonde.
14. En de priester zal, nadat hij de hoornen van het altaar bestreken heeft, van het bloed van het schuldoffer nemen, eer hij dit op de grond bij het altaar uitstort, hetgeen de priester doen zal op het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand, en op de grote teen van zijn rechtervoet (Ex.29:20 vv.) om hem die opgehouden heeft een lid van het priesterlijke volk (Ex.19:6) te zijn, opnieuw als zodanig te wijden en zijn gehoor, zowel als zijn handel en wandel voor het geestelijk leven onder dit volk opnieuw te heiligen, nadat hij aangeven tijd buiten het burgerschap van Israël geleefd heeft.
15. De priester zal ook uit de log een deel van de olie nemen en zal ze op de linkerhand van de priester gieten.
16. Dan zal de priester zijn rechterwijsvinger indopen, nemende van die olie, die in zijn linkerhand is, en zal met zijn vinger van die olie zevenmaal sprenkelen voor het aangezicht des HEEREN, in de richting van de plaats, waar de tent der samenkomst is.
17. En van het overige van de olie, die in zijn hand zijn zal en door het sprenkelen (vs.16) nu geheiligd is, zal de priester doen op het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand en op de grote teen van zijn rechtervoet, boven op het bloed van het schuldoffer, boven op de vroege (vs.14), met het bloed van het schuldoffer bestreken plaatsen, opdat de olie met het bloed zich verenige en, zoals dit de Verbondswijding (Ex.24:8), door de melaatsheid vernietigd weer hersteld heeft, zo ook nu weer in betrekking brengt tot de priesterlijke geest, die van nu aan oren, handen en voeten weer zijn invloed zal openbaren.
18. Wat nog overgebleven zal zijn van die olie, die in de hand van de priester geweest is, zal hij doen op het hoofd van hem, die te reinigen is; om alzo nog de gehelepersoonlijkheid tot een nieuw leven in de Kerk van God te heiligen, zo zal door de verdere handeling met het offer, als het aansteken van de vetdelen en verteren van het vlees, de priester over hem verzoening doen voor het aangezicht des HEEREN.
19. De priester zal nu ook het zondoffer bereiden; hij zal het tweede van de beide lammeren naar de wijze van een zondoffer (Leviticus. 4:32 vv.) brengen, en voor hem, die van zijn onreinigheid te reinigen is, ook nogverzoening doen over zijn andere zonden, afgezien van de schuld van de beroving van God, en daarna zal hij van hem het tot brandoffer bestemde eenjarige schaap later slachten, waarmee deze zich, na meegedeelde gerechtigheid, opnieuw de Heere tot een volkomen en onbepaald eigendom overgeeft.
20. En de priester zal dat brandoffer en dat in drie delen gebrachte spijsoffer, dat de goede wil van de geheiligde te kennen geeft, om van nu aan slechts des te meer op een heilige wandel acht te geven, geheel op het altaar offeren, zo zal de priester ook hierdoor de verzoening voor hem doen, en hij zal rein zijn; aan zijn hereniging met de Heere en zijn heiligdom ontbreekt nu verder niets meer; de wederopname, zoals vroeger (vs.4-8) in de burgerlijke, alzo ook nu in de godsdienstige gemeenschap van Israël is volkomen.
Daar het brandoffer voor de Heere dagelijks tweemaal werd gebracht, als geschenk aan de Heere mocht dit in dat geval niet eerder geofferd worden, dan wanneer het zondoffer was gebracht en de melaatse in verzoenende betrekking met God was gekomen.
21. Maar indien hij arm 1) is, en het met hem zó gesteld is, dat zijn hand dat niet bereikt, dat hij niet in staat is, de (vs.10) voorgeschreven offers te brengen, zo zal hij (ten minste) één lam tenschuldoffer, en daarna ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daar op dit offer als het eigenlijke toewijdingsoffer het wel bovenal aankomt; daartoe in plaats van drie, één tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer en daarbij een log olie, daar hem hiervan zelfs niet het minste deel kan worden geschonken.
1) Met de behoeftigen en geringen ging God verschonend te werk, zodat zij geen twee lammeren behoefden te offeren, en Hij hen alzo niet boven vermogen wilde bezwaren. Daaruit blijkt, dat de offerande niet naar de prijs, die het waardig was, werd geschat, maar naar de vrome zin van het hart, wanneer iemand blijmoedig ten offer bracht, naarmate het hem gegeven was.
22. Bovendien twee tortelduiven, of twee jonge duiven, die zijn hand bereiken zal, daarentegen kunnen in plaats van het andere lam en het schaap om zijn armoedige omstandigheden ook twee duiven worden gebracht, waarvan een ten zondoffer en een ten brandoffer zijn zal.
23. En hij zal die, op de achtste dag van zijn reiniging, tot de priester brengen, en zich met zijn gaven door deze tot aan de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN bij het brandofferaltaar laten leiden.
24. En de priester zal dan eerst het lam van het schuldoffer en de log olie nemen, en de priester zal die, op de voorgeschreven wijze, ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN bewegen.
25. Daarna ook in alle andere dingen de wijding, zonder welke de wederopname in de gemeenschap van het heiligdom en van de godsverering niet mogelijk is, volkomen naardezelfde wijze, als (vs.13-18) is voorgeschreven, volbrengende, zal hij het lam van het schuldoffer slachten en de priester zal van het bloed van het schuldoffer nemen en doen op de rechteroorlel van hem, die te reinigen is, en op de duim van zijn rechterhand, en op de grote teen van zijn rechtervoet.
26. Ook zal de priester een deel van die olie op de linkerhand van de priester gieten.
27. Daarna zal de priester met zijn rechterwijsvinger van die olie, die op zijn linkerhand is, sprenkelen, zevenmaal, voor het aangezicht des HEEREN, in de richting van de tent der samenkomst.
28. En de priester zal van de olie, die op zijn hand is, enige druppels doen aan het lelletje van het rechteroor van hem, die te reinigen is, en aan de duim van zijnrechterhand, en aan de grote teen van zijn rechtervoet, op de plaats van het bloed van het schuldoffer, dat op die plaatsen reeds gestreken is.
29. En het nog overgeblevene van de olie, dat in de hand van de priester is, zal hij doen op het hoofd van hem, die te reinigen is (vs.18) om de verzoening voor hem te doen, voor het aangezicht des HEEREN.
30. Daarna zal hij de één van de tortelduiven, of van de jonge duiven bereiden, van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben, om daardoor het gebrek van een lam (vs.19) te vergoeden.
31. Van hetgeen zijn hand bereikt zal hebben zal het ene, (Leviticus. 5:8 vv.) ten zondoffer, en het ene in plaats van het eenjarige schaap gebracht (vs.19 vv.) ten brandoffer (Leviticus. 5:10) zijn, en zal hij dit laatste brengen boven het spijsoffervan een tiende meelbloem met olie gemengd; zo zal de priester voor hem, die te reinigen is, ook op grond van deze drie verminderde offers, verzoening doen 1) voor het aangezicht des HEEREN, zoals hij dit bij een meer vermogend Israëliet met de volkomen offers doet (vs.20).
1) Al had de melaatse zich niet door eigen schuld de ziekte op de hals gehaald, al kon de melaatsheid in de eigenlijke zin geen zonde worden genoemd, toch werd hij geacht tegen Gods wet, tegen Gods volk te hebben gezondigd, en daarom moest er voor hem verzoening worden aangebracht, als had hij zich met een zware daad van overtreding bezoedeld.
Dat in vs.22-31 de wijze van de reiniging van een arme even uitvoerig beschreven wordt als die van een rijke, hoewel hetzelfde ritueel gevraagd werd, bewijst wel van hoeveel gewicht deze daad bij God geacht was.
32. Dit wat gezegd is geworden (vs.21-31), is de wet van hem, in wie de plaag van de melaatsheid zal zijn, wiens hand in hetgeen tot zijn reiniging gevorderd wordt, dat alles niet zal bereikthebben, bij wie alzo daar een verzuim moet zijn, waar verdragen wordt; maar aan het schuld- en toewijdingsoffer mag in geen geval iets ontbreken.
II. Vers 33-57
Zoals hierboven aan de wet op het onderzoek van de melaatsen zich die over de kleermelaatsheid aansluit, zo worden hier de voorschriften over de wederopname van genezen melaatsen door die over de reiniging van door melaatsheid aangestoken huizen gevolgd; deze voorschriften zullen echter pas geldig zijn, als Israël in Kanaän woont, maar worden reeds nu gegeven, omdat zij tot de reiniging van personen, die melaats zijn geweest, in zeer nauwe betrekking staan.
33. Verder sprak de HEERE tot Mozes en tot Aäron, zeggende:
34. Als gij zult gekomen zijn in het land van Kanaän, dat Ik u tot bezitting geven zal en Ik, als Degene, die met uw lichamen ook uw woningen in Mijn macht heb, de plaag van de melaatsheid 1) aan een huis van dat land van uw bezitting zal gegeven hebben, om u op meer dan een wijze de zonde als in waarheid afschuwelijk en haar werkingen als in ieder opzicht verderfelijk voor te stellen.
1) Hier wordt over een ander soort melaatsheid gehandeld, welke, tot onze niet geringe blijdschap, ook heden ten dage onbekend is. Doch evenals God dat volk met een bijzondere privilegie had begiftigd, zo was het ook passende, dat, indien het de genadegaven, waarin het uitmuntte, misbruikte, zijn ondankbaarheid met strengere straffen werd gestraft. Alzo is het niet te verwonderen, dat er straffen zijn opgelegd, waardoor ons, bij het horen alleen, verwondering en schrik overvalt. Het was een treurig schouwspel, de melaatsheid op het menselijke lichaam te zien uitgespreid, maar dit mocht wel een verdichtsel worden genoemd, dat, ook de huizen met melaatsheid werden besmet, welke de bezitters met hun gezinnen uitwierp, omdat, indien zij daarin willens en wetens bleven vertoeven, de besmetting op hun zelf en op al hun vaatwerk oversloeg. Daar nu God hen in het publiek met eerloosheid tekende, wier huizen hij trof met melaatsheid, zo beveelt Hij hen zich schuldig te erkennen, en niet alleen, wanneer de kwaal werkelijk aanwezig was, maar ook, wanneer het vermoeden begon op te komen. Verder blijkt uit deze wet, dat sommigen lichter gekastijd zijn, omdat, indien na het onderzoek van de priester in zeven dagen de plaag niet was vermeerderd, nadat de muren bestreken waren, hij, die bezitter was, naar zijn huis mocht terugkeren. Anderen trof God echter zwaarder, die hun huizen moesten afbreken, omdat de verontreiniging ongeneeslijk was. Ofschoon dit tekenen van Gods toorn waren, heeft Hij echter dat volk in het verzoening aanbrengen voor hun onreinheden geoefend in hun ijver voor hun reinheid, omdat het hetzelfde was, alsof men van de toegang tot het heiligdom was afgesloten, indien men uit een besmet huis kwam. Hoofddoel was daarom, dat men ijverig zich erop moest toeleggen, dat een ieder zijn huis rein en zuiver en van alle onreinheid vrij bewaarde. Indien door de genade van God de plaag week, moest een offerande worden gebracht, evenals voor de mens.
Dat de Heere ook met deze wet kost, daarmee wil Hij het volk leren, dat het niet alleen het bezit van het leven, maar ook het bezit van huizen en goederen Hem verschuldigd is, en dat de reinheid zich daarom moest uitstrekken, tot alles, wat zij uit de handen van de Heilige God hadden ontvangen, om daarmee in alles te betonen een heilig volk te zijn. De melaatsheid aan de huizen werd als een bijzondere straf van God beschouwd. Zij kwam, naar men meent, dan ook alleen in Palestina voor.
35. Zo zal hij van wie dat huis is, komen en dit ongeval de priester te kennen geven, zeggende: het schijnt mij, het komt mij zo voor, alsof er een plaag in het huis is. 1)
1) De melaatsheid is in oude tijden veel algemener en heviger geweest dan tegenwoordig, er is daaromtrent menigmaal veel geschied, wat nu niet kan verklaard worden; daarom kan over de melaatsheid in huizen even weinig als over die aan kleren iets zekers gezegd worden. Onder de uitleggers denken sommigen aan salpeter- of muurverrotting, die zich vooral aan vette of niet goed uitgedroogde muren openbaart, de kalk met blaren omhoog werkt en zo doorvreet, dat zij afvalt en diepe groeven nalaat; anderen denken aan plantaardige vormingen, (ook lichenen genoemd) zoals deze zich op verweerde stenen en afgebrokkelde muren vertonen en daar invreten.
36. En de priester zal gebieden dat zij dat huis ruimen, voordat de priester komt om die plaag te bezien, opdat niet, wanneer hij nu komt en de kwaal als werkelijkemelaatsheid erkent, dadelijk door zijn uitspraak al wat in dat huis is, onrein wordt, en daarna, wanneer alles vooraf opgeruimd en tegen het gevaar van verontreiniging in veiligheid gebracht is, zal de priester komen, om dat huis te bezien.
37. Als hij die plaag bezien zal, dat die plaag aan de wanden van dat huis, zijn groenachtige of roodachtige kuiltjes, holten, en hun aanzien lager is dan die wand:
38. De priester zal uit dat huis, als verdacht van aangestoken te zijn, uitgaan; aan de deur van het huis, en hij zal dat huis, tot verder onderzoek, zeven dagen doen toesluiten.
39. Daarna zal de priester op de zevende dag terugkeren; indien hij merken zal, dat die plaag aan de wanden van dat huis uitgespreid is;
40. Zo zal de priester gebieden dat zij de stenen, waarin die plaag is, uitbreken en deze tot buiten de stad werpen, op een onreine plaats;
41. En dat huis zal hij rondom van binnen doen schrappen, en zij zullen het stof, leem, puin, dat zij afgeschrapt hebben, tot buiten de stad op een onreine plaatsuitstorten.
42. Daarna zullen zij andere stenen nemen en in de plaats van deze stenen brengen, invoegen, en men zal ander leem nemen en dat huis inwendig daarmee bestrijken.
43. Maar indien die plaag terugkeert en in dat huis uitbot, nadat men de stenen uitgebroken heeft en na het afschrappen van het huis, en nadat het met ander leem, zal bestreken zijn.
44. Zo zal de priester, om het andermaal te bezien, komen; als hij nu zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis uitgespreid is; het is een knagende melaatsheid in dat huis, het (huis) is onrein, zodat allen die het voortaan betreden, of daarin wonen, zich daardoor zullen verontreinigen.
45. Daarom zal men dat huis, zijn stenen en zijn hout eveneens, geheel afbreken, bovendien al het leem van het huis en men zal het tot buiten de stad uitvoeren aan een onreine plaats.
46. En die in dat huis gaat op de dag, dat men het, na het eerste onderzoek (vs.37) zal toegesloten hebben, zal onrein zijn tot aan de avond.
47. Die ook, gedurende die dagen van de sluiting, in dat huis te slapen ligt, zal, als nog meer verontreinigd, niet alleen zichzelf maar ook zijn kleren wassen (Leviticus. 11:24 vv.), evenzo die in dat huis eet, zal zijn kleren wassen.
48. Maar als de priester weer (vs.44) zal ingegaan zijn, en zal merken, dat, ziet, die plaag aan dat huis niet uitgebreid is, nadat het huis zal bestreken zijn; zo zal de priester dat huis rein verklaren, omdat die plaag genezen is.
49. Daarna zal hij, om dat huis te ontzondigen, namelijk in zoverre aan dat huis verschijnselen worden waargenomen, die in de mens het wezen van de zonde voorstellen, nemen, zoals ter ontzondiging van de genezen melaatse (vs.4 vv.), twee vogeltjes, bovendien cederhout, en scharlaken, en hysop.
50. En hij zal de een vogel slachten in een aarden vat, over levend water (vs.5).
51. Dan zal hij dat cederhout, en die hysop, en het scharlaken, en de levende vogel nemen en zal die, dat alles in het bloed van de geslachte vogel en in het met bloed vermengde levende water dopen; en hij zal dat huis zevenmaal besprenkelen.
52. Zo zal hij dat huis ontzondigen met het bloed van de vogel, en met dat levend water, en met de levende vogel, en met dat cederhout, en met de hysop, en met het scharlaken.
53. De levende vogel nu zal hij tot buiten de stad, in het open veld, laten vliegen; zo zal hij over het huis verzoening doen en het zal rein zijn, en weer bestemd totverder gebruik. 1)
1) Het kleed, waarvan de oorsprong (Genesis 3:21) onmiddellijk van God zelf wordt afgeleid, is het lijf van het lichaam (Deuteronomium. 22:5), maar de woning de tent van de aardse tabernakel 2 Corinthiers. 5:1-4)
54. Dit (hoofdstuk 13 en 14) is de wet voor elke plage van de melaatsheid, en voor schurft aan de mens.
55. En voor melaatsheid van de kleren en van de huizen.
56. Bovendien voor gezwel en voor gezweer en voor blaren, alle soorten van uitslag, zoals en waar zij ook voorkomen.
57. Voor de priester, die naar zijn ambt over al deze verschijnselen zijn mening zeggen moet, om te leren op welke dag iets onrein, en op welke dag iets rein is, of hij deze of gene onrein of rein verklaren zal. Dit, zoals gezegd werd, is de wet van de melaatsheid, welke uit het midden van mijn volk zal weggedaan worden, hoe en waar zij zich ook vertoont; opdat Israël rein blijve van datgene, waarin de zonde zich als het ware belichaamd!
In Deuteronomium vinden wij geen herhaling van deze wet; slechts een waarschuwing tegen de melaatsheid zelf. In deze wet blijkt niet alleen de zorg van God voor de lichamelijke reinheid, maar ook voor de geestelijke reinheid van Zijn volk.
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel