Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Handelingen 2

1 En als de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 EnG2532 als de dagG2250 van het PinksterG4005 feest vervuldG4845 werd, waren zij allen eendrachtelijkG3661 bijeenG846. En als de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen.

KJV And1 when2 the day6 of Pentecost8 was fully come,4 they were all10 with one accord11 in12 one place.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 συμπληρουσθαι G4845 vervuld, vol (fully) come, fill up 5 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ημεραν G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 7 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 πεντηκοστης G4005 Pinkster, pinkster Pentecost 9 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 10 απαντες G537 alles all (things), every (one), whole 11 ομοθυμαδον G3661 eendrachtelijk with one accord (mind) 12 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 13 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En er geschiedde haastelijk uit den hemel een geluid, gelijk als van een geweldigen, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 EnG2532 er geschieddeG1096 haastelijkG869 uitG1537 den hemelG3772 een geluidG2279, gelijk als van een geweldigenG972, gedrevenG5342 windG4157, enG2532 vervuldeG4137 het gehele huisG3624, waar zijG1510 zatenG2258. En er geschiedde haastelijk uit den hemel een geluid, gelijk als van een geweldigen, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten.

KJV And1 suddenly3 there came2 a sound7 from4 heaven6 as8 of a rushing9 mighty11 wind,10 and12 it filled13 all14 the house16 where17 they were sitting.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 3 αφνω G869 haastelijk, snellijk, terstond suddenly 4 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 5 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ουρανου G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 7 ηχος G2279 geklank, geluid, gerucht fame, sound 8 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 9 φερομενης G5342 brachten, draagt, gebracht be, bear, bring (forth), carry, come, + let her drive, be driven, endure, go on, lay, lead, move, reach, rushing, uphold 10 πνοης G4157 adem, wind breath, wind 11 βιαιας G972 geweldigen mighty 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 επληρωσεν G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply 14 ολον G3650 geheel, alles, gansen all, altogether, every whit, + throughout, whole 15 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 οικον G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 17 ου G3757 waar where(-in), whither(-soever) 18 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 19 καθημενοι G2521 zittende, zit, zitten dwell, sit (by, down)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 En van hen werden gezienG3708 verdeeldeG1266 tongenG1100 als van vuurG4442, en het zat opG1909 eenG1520 iegelijkG1538 van hen. En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen.

KJV And1 there appeared unto them3 cloven4 tongues5 like as6 of fire,7 and9 it sat8 upon10 each12 of them.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ωφθησαν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 3 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 διαμεριζομεναι G1266 verdeeld, verdeelden, deelt cloven, divide, part 5 γλωσσαι G1100 talen, tong, taal tongue 6 ωσει G5616 als, gelijk; ongeveer about, as (it had been, it were), like (as) 7 πυρος G4442 vuur, vuurs, vurigen fiery, fire 8 εκαθισεν G2523 gezeten, zitten, neder continue, set, sit (down), tarry 9 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 10 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 11 ενα G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 12 εκαστον G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 13 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 En zij werden allen vervuldG4130 met den HeiligenG40 GeestG4151, enG2532 begonnenG756 te spreken met andere talenG1100, zoalsG2531 de GeestG4151 hunG846 gafG1325 uit te spreken. En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.

Ook in dit vers sprekenG669 sprekenG2980

KJV And1 they were2 all3 filled with the Holy5 Ghost,4 and6 began7 to speak with8 other9 tongues,10 as11 the Spirit13 gave14 them15 utterance.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 επλησθησαν G4130 vervuld, vulden, gevuld accomplish, full (…come), furnish 3 απαντες G537 alles all (things), every (one), whole 4 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 5 αγιου G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 ηρξαντο G756 begon, begonnen, beginnen (rehearse from the) begin(-ning) 8 λαλειν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 9 ετεραις G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 10 γλωσσαις G1100 talen, tong, taal tongue 11 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 12 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 14 εδιδου G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 15 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 αποφθεγγεσθαι G669 sprak, spreek, spreken say, speak forth, utterance
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 EnG1161 er warenG1510 JodenG2453, te JeruzalemG2419 wonendeG2730, godvruchtigeG2126 mannenG435 van allenG3956 volkeG1484 dergenen, die onder den hemelG3772 zijn. En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn.

KJV And2 there were dwelling5 at3 Jerusalem4 Jews,6 devout8 men,7 out of9 every10 nation11 under13 heaven.

1 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 ιερουσαλημ G2419 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 5 κατοικουντες G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 6 ιουδαιοι G2453 Joden, Jood, JODEN Jew(-ess), of Judæa 7 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 8 ευλαβεις G2126 godvruchtige, godvrezende devout 9 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 10 παντος G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 εθνους G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 14 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ουρανον G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En als dezeG3778 stemG5456 geschiedG1096 was, kwam de menigteG4128 samenG4905, en werd beroerdG4797, wantG3754 eenG1520 iegelijkG1538 hoordeG191 henG846 in zijn eigenG2398 taalG1258 sprekenG2980. En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken.

KJV Now2 when this was1 noised abroad,4 the multitude8 came together,6 and9 were confounded,10 because11 that every14 man13 heard12 them19 speak18 in his own16 language.

1 γενομενης G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 φωνης G5456 stem, stemmen, stemme noise, sound, voice 5 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 6 συνηλθεν G4905 samengekomen, samenkomt, samen accompany, assemble (with), come (together), come (company, go) with, resort 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 πληθος G4128 menigte, hoop, menigten bundle, company, multitude 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 συνεχυθη G4797 beroerd, beroerden, overtuigde confound, confuse, stir up, be in an uproar 11 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 12 ηκουον G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 13 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 14 εκαστος G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 15 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ιδια G2398 eigen, bijzonder, eigenen X his acquaintance, when they were alone, apart, aside, due, his (own, proper, several), home, (her, our, thine, your) own (business), private(-ly), proper, severally, their (own) 17 διαλεκτω G1258 taal language, tongue 18 λαλουντων G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 19 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 En zij ontzetten zich allen, en verwonderden zich, zeggende tot elkander: Ziet, zijn niet alle dezen, die daar spreken, Galileers?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 En zij ontzettenG1839 zich allenG3956, en verwonderdenG2296 zich, zeggendeG3004 totG4314 elkanderG240: ZietG3708, zijnG1510 nietG3756 alleG3956 dezenG3778, die daar sprekenG2980, GalileersG1057? En zij ontzetten zich allen, en verwonderden zich, zeggende tot elkander: Ziet, zijn niet alle dezen, die daar spreken, Galileers?

KJV And2 they were1 all3 amazed and4 marvelled,5 saying6 one to another,7 Behold, are not9 all11 these12 which14 speak15 Galilaeans?

1 εξισταντο G1839 ontzetten, oud ontzetten, buiten zinnen amaze, be (make) astonished, be beside self (selves), bewitch, wonder 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 εθαυμαζον G2296 verwonderden, verwonderde, verwonderd admire, have in admiration, marvel, wonder 6 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 8 αλληλους G240 elkander, ander, onderlinge each other, mutual, one another, (the other), (them-, your-)selves, (selves) together (sometimes with G3326 (μετά) or G4314 (πρός)) 9 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 11 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 ουτοι G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 13 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 λαλουντες G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 16 γαλιλαιοι G1057 Galileer, Galileers, Galilese Galilean, of Galilee
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 EnG2532 hoeG4459 horenG191 wij hen een iegelijkG1538 in onze eigenG2398 taalG1258, inG1722 welkeG3739 wij geborenG1080 zijn? En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn?

KJV And1 how2 hear4 we every5 man in our own7 tongue,8 wherein10 we were born?

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 3 ημεις G1473 mij, ik I, me 4 ακουομεν G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 εκαστος G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 6 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ιδια G2398 eigen, bijzonder, eigenen X his acquaintance, when they were alone, apart, aside, due, his (own, proper, several), home, (her, our, thine, your) own (business), private(-ly), proper, severally, their (own) 8 διαλεκτω G1258 taal language, tongue 9 ημων G1473 mij, ik I, me 10 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 11 η G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 12 εγεννηθημεν G1080 geboren, gewon, gegenereerd bear, beget, be born, bring forth, conceive, be delivered of, gender, make, spring
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Parthers, en Meders, en Elamieten, en de inwoners zijn van Mesopotamie, en Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 ParthersG3934, enG2532 MedersG3370, enG2532 ElamietenG1639, enG2532 de inwonersG2730 zijn van MesopotamieG3318, en JudeaG2449, enG2532 CappadocieG2587, PontusG4195 enG2532 AzieG773. Parthers, en Meders, en Elamieten, en de inwoners zijn van Mesopotamie, en Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie.

KJV Parthians,1 and2 Medes,3 and4 Elamites,5 and6 the dwellers8 in Mesopotamia,10 and12 in Judaea,11 and13 Cappadocia,14 in Pontus,15 and16 Asia,

1 παρθοι G3934 Parthers Parthian 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 μηδοι G3370 Meders Mede 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 ελαμιται G1639 Elamieten Elamite 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 κατοικουντες G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 μεσοποταμιαν G3318 Mesopotamie Mesopotamia 11 ιουδαιαν G2449 Judea Judæa 12 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 καππαδοκιαν G2587 Cappadocie, Kappadocie Cappadocia 15 ποντον G4195 Pontus Pontus 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ασιαν G773 Azie Asia
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt, en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 En FrygieG5435, en PamfylieG3828, EgypteG125, enG2532 de delenG3313 van LibyeG3033, hetwelk bij CyreneG2957 ligt, enG2532 uitlandseG1927 RomeinenG4514, beidenG5037 JodenG2453 enG2532 JodengenotenG4339; En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt, en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten;

KJV Phrygia,1 and2 Pamphylia,4 in Egypt,5 and3 in the parts8 of Libya10 about12 Cyrene,13 and6 strangers16 of Rome,17 Jews18 and19 proselytes,

1 φρυγιαν G5435 Frygie Phrygia 2 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 παμφυλιαν G3828 Pamfylie Pamphylia 5 αιγυπτον G125 Egypte, Egypteland Egypt 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 μερη G3313 deel, dele, delen behalf, course, coast, craft, particular (+ -ly), part (+ -ly), piece, portion, respect, side, some sort(-what) 9 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 λιβυης G3033 Libye Libya 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 13 κυρηνην G2957 Cyrene Cyrene 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 επιδημουντες G1927 uitlandse (be) dwelling (which were) there, stranger 17 ρωμαιοι G4514 Romeinen, Romein, Romeinsen Roman, of Rome 18 ιουδαιοι G2453 Joden, Jood, JODEN Jew(-ess), of Judæa 19 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 20 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 21 προσηλυτοι G4339 Jodengenoot, Jodengenoten proselyte
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods spreken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 KretenzenG2912 enG2532 ArabierenG690, wij horenG191 henG846 in onze talenG1100 de grote werkenG3167 GodsG2316 sprekenG2980. Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods spreken.

KJV Cretes1 and2 Arabians,3 we do hear4 them6 speak5 in our8 tongues9 the wonderful works11 of God.

1 κρητες G2912 Kretensen, Kretenzen Crete, Cretian 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 αραβες G690 Arabieren Arabian 4 ακουομεν G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 λαλουντων G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 6 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 ημετεραις G2251 onze, het onze our, your (by a different reading) 9 γλωσσαις G1100 talen, tong, taal tongue 10 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μεγαλεια G3167 werken great things, wonderful works 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En zij ontzetten zich allen, en werden twijfelmoedig, zeggende, de een tegen den ander: Wat wil toch dit zijn?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En zij ontzettenG1839 zich allenG3956, en werden twijfelmoedigG1280, zeggendeG3004, de een tegen den anderG243: WatG5101 wilG2309 toch ditG3778 zijnG1510? En zij ontzetten zich allen, en werden twijfelmoedig, zeggende, de een tegen den ander: Wat wil toch dit zijn?

Ook in dit vers totG4314

KJV And2 they were1 all3 amazed, and4 were in doubt,5 saying9 one6 to7 another,8 What10 meaneth12 this?

1 εξισταντο G1839 ontzetten, oud ontzetten, buiten zinnen amaze, be (make) astonished, be beside self (selves), bewitch, wonder 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 διηπορουν G1280 twijfelmoedig, twijfelde (be in) doubt, be (much) perplexed 6 αλλος G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 7 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 8 αλλον G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 9 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 11 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 12 θελοι G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 13 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 14 ειναι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 En anderen, spottende, zeiden: Zij zijn vol zoeten wijns.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 EnG1161 anderen, spottendeG5512, zeidenG3004: Zij zijn volG3325 zoeten wijnsG1098. En anderen, spottende, zeiden: Zij zijn vol zoeten wijns.

KJV Others1 mocking3 said,4 These men are full7 of new wine.

1 ετεροι G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 χλευαζοντες G5512 spotten, spottende mock 4 ελεγον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 6 γλευκους G1098 zoeten wijns new wine 7 μεμεστωμενοι G3325 vol fill 8 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 MaarG1161 PetrusG4074, staandeG2476 met de elvenG1733, verhiefG1869 zijnG1510 stemG5456, en sprakG669 tot henG846: Gij JoodseG2453 mannenG435, en gij allen, die te JeruzalemG2419 woontG2730, ditG3778 zij uG4771 bekendG1110, en laat mijn woordenG4487 tot uw oren ingaanG1801. Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan.

KJV But2 Peter,3 standing up1 with4 the eleven,6 lifted up7 his10 voice,9 and11 said12 unto them,13 Ye men14 of Judaea,15 and16 all20 ye that dwell18 at Jerusalem,19 be this known23 unto you, and25 hearken26 to my words:

1 σταθεις G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 πετρος G4074 Petrus Peter, rock 4 συν G4862 met, samen met beside, with 5 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ενδεκα G1733 elven, elf eleven 7 επηρεν G1869 opheffende, verheft, verhieven exalt self, poise (lift, take) up 8 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 φωνην G5456 stem, stemmen, stemme noise, sound, voice 10 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 απεφθεγξατο G669 sprak, spreek, spreken say, speak forth, utterance 13 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 15 ιουδαιοι G2453 Joden, Jood, JODEN Jew(-ess), of Judæa 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 κατοικουντες G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 19 ιερουσαλημ G2419 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 20 απαντες G537 alles all (things), every (one), whole 21 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 22 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 23 γνωστον G1110 bekend, bekenden, kennelijk acquaintance, (which may be) known, notable 24 εστω G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 ενωτισασθε G1801 oren ingaan hearken 27 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 ρηματα G4487 woorden, woord, Woord + evil, + nothing, saying, word 29 μου G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 WantG1063 dezeG3778 zijn nietG3756 dronkenG3184, gelijkG5613 gijG4771 vermoedtG5274; wantG1063 het is eerst de derdeG5154 ureG5610 van de dagG2250. Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag.

KJV For2 these6 are7 not1 drunken, as3 ye suppose,5 seeing9 it is but the third11 hour10 of the day.

1 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 4 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 5 υπολαμβανετε G5274 acht, antwoordende, nam answer, receive, suppose 6 ουτοι G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 7 μεθυουσιν G3184 dronken, dronkaards, gedronken drink well, make (be) drunk(-en) 8 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 10 ωρα G5610 ure, uur, uren day, hour, instant, season, X short, (even-)tide, (high) time 11 τριτη G5154 derde, derden third(-ly) 12 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 MaarG235 ditG3778 is het, wat gesprokenG2046 is doorG1223 den profeetG4396 JoelG2493: Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel:

KJV But1 this is that which was spoken5 by6 the prophet8 Joel;

1 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 ειρημενον G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 6 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 προφητου G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 9 ιωηλ G2493 Joel Joel
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 En het zal zijnG1510 inG1722 de laatsteG2078 dagenG2250, (zegtG3004 GodG2316) IkG1473 zal uitstortenG1632 vanG575 Mijn GeestG4151 op alleG3956 vleesG4561; en uw zonenG5207 enG2532 uw dochtersG2364 zullen profeterenG4395, enG2532 uw jongelingenG3495 zullen gezichtenG3706 zienG3700, enG2532 uw oudenG4245 zullen dromen dromen. En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen.

Ook in dit vers dromenG1797

KJV And1 it shall come to pass in3 the last5 days,6 saith7 God,9 I will pour out10 of11 my Spirit13 upon15 all16 flesh:17 and18 your sons21 and23 your daughters25 shall prophesy,19 and27 your young men29 shall see visions,31 and33 your old men35 shall dream37 dreams:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εσχαταις G2078 laatste, laatsten, Laatste ends of, last, latter end, lowest, uttermost 6 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 7 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 8 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 10 εκχεω G1632 goot, uitgestort, vergoten gush (pour) out, run greedily (out), shed (abroad, forth), spill 11 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 14 μου G1473 mij, ik I, me 15 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 16 πασαν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 17 σαρκα G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 προφητευσουσιν G4395 profeteren, geprofeteerd, profeteert prophesy 20 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 υιοι G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 22 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 23 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 24 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 θυγατερες G2364 dochter, dochters, Dochter daughter 26 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 27 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 28 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 νεανισκοι G3495 jongeling, jongelingen, Jongeling young man 30 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 31 ορασεις G3706 aanzien, gezicht, gezichten sight, vision 32 οψονται G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 33 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 34 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 35 πρεσβυτεροι G4245 ouderlingen, ouden, ouderling elder(-est), old 36 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 37 ενυπνια G1798 dream 38 ενυπνιασθησονται G1797 dromen, slaap gebracht dream(-er)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En ook op Mijn dienstknechtenG1401, enG2532 op Mijn dienstmaagdenG1399, zal IkG1473 inG1722 dieG1565 dagenG2250 vanG575 Mijn GeestG4151 uitstortenG1632, enG2532 zij zullen profeterenG4395. En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren.

KJV And1 on3 my servants5 and7 on8 my handmaidens10 I will pour out16 in12 those15 days14 of17 my Spirit;19 and21 they shall prophesy:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 γε G1065 toch, immers and besides, doubtless, at least, yet 3 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 4 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 δουλους G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 6 μου G1473 mij, ik I, me 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 9 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 δουλας G1399 dienstmaagd, dienstmaagden handmaid(-en) 11 μου G1473 mij, ik I, me 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 15 εκειναις G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 16 εκχεω G1632 goot, uitgestort, vergoten gush (pour) out, run greedily (out), shed (abroad, forth), spill 17 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 18 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 20 μου G1473 mij, ik I, me 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 προφητευσουσιν G4395 profeteren, geprofeteerd, profeteert prophesy
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En Ik zal wonderenG5059 gevenG1325 inG1722 den hemelG3772 boven, enG2532 tekenenG4592 op de aardeG1093 benedenG2736, bloedG129 enG2532 vuurG4442, enG2532 rookdampG822. En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp.

KJV And1 I will shew2 wonders3 in4 heaven6 above,7 and8 signs9 in10 the earth12 beneath;13 blood,14 and15 fire,16 and17 vapour18 of smoke:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 3 τερατα G5059 wonderen, wonderheden wonder 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ουρανω G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 7 ανω G507 boven, opwaarts above, brim, high, up 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 σημεια G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 10 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 γης G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 13 κατω G2736 beneden, nederwaarts, oud beneath, bottom, down, under 14 αιμα G129 bloed, bloeds, bloede blood 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 πυρ G4442 vuur, vuurs, vurigen fiery, fire 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 ατμιδα G822 damp, rookdamp vapour 19 καπνου G2586 rook smoke
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 De zonG2246 zal veranderdG3344 worden inG1519 duisternisG4655, enG2532 de maanG4582 inG1519 bloedG129, eerG4250 dat de groteG3173 enG2532 doorluchtigeG2016 dagG2250 des HeerenG2962 komtG2064. De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt.

KJV The sun2 shall be turned3 into4 darkness,5 and6 the moon8 into9 blood,10 before12 that great18 and19 notable20 day15 of the Lord16 come:

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 ηλιος G2246 zon + east, sun 3 μεταστραφησεται G3344 veranderd, verkeren pervert, turn 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 σκοτος G4655 duisternis darkness 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 σεληνη G4582 maan moon 9 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 10 αιμα G129 bloed, bloeds, bloede blood 11 πριν G4250 eer, Eer before (that), ere 12 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 13 ελθειν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 14 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ημεραν G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 16 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 17 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 μεγαλην G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 επιφανη G2016 doorluchtige notable
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 EnG2532 het zal zijnG1510, dat een iegelijkG3956, die den NaamG3686 des HeerenG2962 zal aanroepenG1941, zaligG4982 zal worden. En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

KJV And1 it shall come to pass, that whosoever4 shall call on6 the name8 of the Lord9 shall be saved.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 πας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 5 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 6 επικαλεσηται G1941 toegenaamd, aanroepen, beroepen appeal (unto), call (on, upon), surname 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 ονομα G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 9 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 10 σωθησεται G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Gij Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 Gij IsraelietischeG2475 mannenG435, hoortG191 dezeG3778 woordenG3056: JezusG2424 den NazarenerG3480, een ManG435 vanG575 GodG2316, onderG1722 ulieden betoondG584 door krachtenG1411, enG2532 wonderenG5059, enG2532 tekenenG4592, die GodG2316 door Hem gedaanG4160 heeft, in het middenG3319 van uG4771, gelijk ookG2532 gijzelvenG846 weetG1492; Gij Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet;

KJV Ye men1 of Israel,2 hear3 these words;5 Jesus7 of Nazareth,9 a man10 approved14 of11 God13 among15 you by miracles17 and18 wonders19 and20 signs,21 which22 God27 did23 by24 him25 in28 the midst29 of you, as31 ye yourselves33 also32 know:

1 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 2 ισραηλιται G2475 Israelietische, Israeliet, Israelieten Israelite 3 ακουσατε G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 4 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 λογους G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 6 τουτους G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 7 ιησουν G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 8 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ναζωραιον G3480 Nazarener, NAZARENER, Nazarenen Nazarene, of Nazareth 10 ανδρα G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 11 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 14 αποδεδειγμενον G584 betoond, bewijzen, toon gesteld (ap-)prove, set forth, shew 15 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 16 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 17 δυναμεσιν G1411 kracht, krachten, vermogen ability, abundance, meaning, might(-ily, -y, -y deed), (worker of) miracle(-s), power, strength, violence, mighty (wonderful) work 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 τερασιν G5059 wonderen, wonderheden wonder 20 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 21 σημειοις G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 22 οις G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 23 εποιησεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 24 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 25 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 26 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 28 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 29 μεσω G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 30 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 31 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 32 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 33 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 34 οιδατε G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 DezenG5126, door den bepaaldenG3724 raadG1012 enG2532 voorkennisG4268 GodsG2316 overgegevenG1560 zijnde, hebt gij genomenG2983, en doorG1223 de handenG5495 der onrechtvaardigenG459 aan het kruis gehechtG4362 en gedoodG337; Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;

KJV Him, being delivered9 by the determinate3 counsel4 and5 foreknowledge6 of God,8 ye have taken,10 and by11 wicked13 hands12 have crucified14 and slain:

1 τουτον G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 2 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ωρισμενη G3724 bepaalden, bepaalt, bescheiden declare, determine, limit, ordain 4 βουλη G1012 raad, geraden, raadslag + advise, counsel, will 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 προγνωσει G4268 voorkennis foreknowledge 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 9 εκδοτον G1560 overgegeven delivered 10 λαβοντες G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 11 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 χειρων G5495 handen, hand hand 13 ανομων G459 wet, ongerechtige, onrechtvaardigen without law, lawless, transgressor, unlawful, wicked 14 προσπηξαντες G4362 gehecht crucify 15 ανειλετε G337 omgebracht, doden, gedood put to death, kill, slay, take away, take up

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 WelkenG3739 GodG2316 opgewektG450 heeft, de smartenG5604 des doodsG2288 ontbondenG3089 hebbende, alzo het nietG3756 mogelijkG1415 wasG1510, dat Hij vanG5259 denzelven doodG2902 zou gehouden worden. Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden.

KJV Whom1 God3 hath raised up,4 having loosed5 the pains7 of death:9 because10 it was not11 possible13 that he15 should be holden14 of16 it.

1 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 4 ανεστησεν G450 stond, opgestaan, opstaan arise, lift up, raise up (again), rise (again), stand up(-right) 5 λυσας G3089 ontbonden, ontbinden, ontbindt break (up), destroy, dissolve, (un-)loose, melt, put off 6 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ωδινας G5604 smarten, barensnood pain, sorrow, travail 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 θανατου G2288 dood, doods, dodelijke X deadly, (be…) death 10 καθοτι G2530 nademaal (according, forasmuch) as, because (that) 11 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 12 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 δυνατον G1415 machtig, mogelijk, krachtig able, could, (that is) mighty (man), possible, power, strong 14 κρατεισθαι G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 15 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 υπ G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 17 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 Want DavidG1138 zegtG3004 vanG1537 HemG846: Ik zagG4308 den HeereG2962 allenG3956 tijdG1799 voor mijG1473; want Hij isG1510 aanG1519 mijn rechterG1188 hand, opdatG2443 ikG1473 nietG3361 bewogenG4531 worde. Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde.

KJV For2 David1 speaketh3 concerning4 him,5 I foresaw6 the Lord8 always11 before9 my face, for13 he is on14 my right hand,15 that I should20 not be moved:

1 δαβιδ G1138 David, Davids David 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 προωρωμην G4308 voren, zag foresee, see before 7 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 κυριον G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 9 ενωπιον G1799 voor het aangezicht van, in tegenwoordigheid van before, in the presence (sight) of, to 10 μου G1473 mij, ik I, me 11 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 παντος G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 15 δεξιων G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 16 μου G1473 mij, ik I, me 17 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 18 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 19 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 20 σαλευθω G4531 bewogen, bewegelijk, bewegelijke move, shake (together), which can(-not) be shaken, stir up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 Daarom is mijn hartG2588 verblijdG2165; en mijn tongG1100 verheugtG21 zich; ja, ookG2532 mijn vleesG4561 zal rustenG2681 in hopeG1680; Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope;

KJV Therefore1 did3 my heart5 rejoice, and7 my tongue10 was glad;8 moreover13 also14 my flesh16 shall rest18 in19 hope:

1 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 ευφρανθη G2165 vrolijk, vreugde, Wees vrolijk fare, make glad, be (make) merry, rejoice 4 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 καρδια G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 6 μου G1473 mij, ik I, me 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 ηγαλλιασατο G21 verheugt, verheugde, verheugen be (exceeding) glad, with exceeding joy, rejoice (greatly) 9 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 γλωσσα G1100 talen, tong, taal tongue 11 μου G1473 mij, ik I, me 12 ετι G2089 nog, verder after that, also, ever, (any) further, (t-)henceforth (more), hereafter, (any) longer, (any) more(-one), now, still, yet 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 σαρξ G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 17 μου G1473 mij, ik I, me 18 κατασκηνωσει G2681 nestelen, nestelden, rusten lodge, rest 19 επ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 20 ελπιδι G1680 hoop, hope, Hoop faith, hope
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 WantG3754 GijG4771 zult mijn zielG5590 inG1519 de helG86 nietG3756 verlatenG1459, noch zult Uw HeiligeG3741 over gevenG1325, om verdervingG1312 te zienG1492. Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien.

KJV Because1 thou wilt3 not2 leave my soul5 in7 hell,8 neither9 wilt thou suffer10 thine Holy One12 to see corruption.

1 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 2 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 3 εγκαταλειψεις G1459 verlaten, nalaten, overgelaten forsake, leave 4 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 ψυχην G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 6 μου G1473 mij, ik I, me 7 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 8 αδου G86 hel grave, hell 9 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 10 δωσεις G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 11 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 οσιον G3741 heilig, Heilige, getrouw holy, mercy, shalt be 13 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 14 ιδειν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 15 διαφθοραν G1312 verderving corruption

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Gij hebt mij de wegen des levens bekend gemaakt; Gij zult mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 Gij hebt mij de wegenG3598 des levensG2222 bekendG1107 gemaakt; Gij zult mijG1473 vervullenG4137 metG3326 verheugingG2167 door Uw aangezichtG4383. Gij hebt mij de wegen des levens bekend gemaakt; Gij zult mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht.

KJV Thou hast made known1 to me the ways3 of life;4 thou shalt make5 me full of joy7 with8 thy countenance.

1 εγνωρισας G1107 bekend, maak, verkondigd certify, declare, make known, give to understand, do to wit, wot 2 μοι G1473 mij, ik I, me 3 οδους G3598 weg, wegen, Weg journey, (high-)way 4 ζωης G2222 leven, levens, Leven life(-time) 5 πληρωσεις G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply 6 με G1473 mij, ik I, me 7 ευφροσυνης G2167 verheuging, vrolijkheid gladness, joy 8 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 9 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 προσωπου G4383 aangezicht, aangezichten, aangezichts (outward) appearance, X before, countenance, face, fashion, (men's) person, presence 11 σου G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 Gij mannenG435 broedersG80, het is mijG1473 geoorloofdG1832 vrijG3326 uit totG4314 uG4771 te sprekenG2036 vanG4012 den patriarchG3966 DavidG1138, dat hijG846 beide gestorvenG5053 enG2532 begravenG2290 is, enG2532 zijn grafG3418 is onder ons tot op dezenG5026 dagG2250. Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag.

KJV Men1 and brethren,2 let me3 freely5 speak unto7 you of9 the patriarch11 David,12 that13 he is15 both14 dead and16 buried,17 and18 his21 sepulchre20 is with23 us unto25 this day.

1 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 2 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 3 εξον G1832 geoorloofd be lawful, let, X may(-est) 4 ειπειν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 6 παρρησιας G3954 vrijmoedigheid, vrijuit, vrijmoedigheid bold (X -ly, -ness, -ness of speech), confidence, X freely, X openly, X plainly(-ness) 7 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 8 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 9 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 πατριαρχου G3966 patriarch, patriarchen patriarch 12 δαβιδ G1138 David, Davids David 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ετελευτησεν G5053 gestorven, sterft, sterven be dead, decease, die 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 εταφη G2290 begraven, begroeven, begrave bury 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 μνημα G3418 graf, graven grave, sepulchre, tomb 21 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 22 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 ημιν G1473 mij, ik I, me 25 αχρι G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 26 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 28 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 Alzo hij dan een profeet was, en wist, dat God hem met ede gezworen had, dat hij uit de vrucht zijner lenden, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou, om Hem op zijn troon te zetten;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 Alzo hij danG3767 een profeetG4396 was, enG2532 wistG1492, datG3754 GodG2316 hem met edeG3727 gezworenG3660 had, dat hij uitG1537 de vruchtG2590 zijner lendenG3751, zoveelG2596 het vleesG4561 aangaatG2596, den ChristusG5547 verwekkenG450 zou, om HemG846 opG1909 zijn troonG2362 te zettenG2523; Alzo hij dan een profeet was, en wist, dat God hem met ede gezworen had, dat hij uit de vrucht zijner lenden, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou, om Hem op zijn troon te zetten;

KJV Therefore2 being3 a prophet,1 and4 knowing5 that6 God11 had sworn8 with an oath7 to him,9 that of12 the fruit13 of his16 loins,15 according to18 the flesh,19 he would raise up20 Christ22 to sit23 on24 his27 throne;

1 προφητης G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 υπαρχων G5225 zijn, bestaan, aanwezig zijn; bezitting after, behave, live 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 ειδως G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 6 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 7 ορκω G3727 eed, eden, ede oath 8 ωμοσεν G3660 gezworen, zweert, zweren swear 9 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 12 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 13 καρπου G2590 vrucht, vruchten, oorbaar fruit 14 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 οσφυος G3751 lenden, lendenen loin 16 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 17 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 19 σαρκα G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 20 αναστησειν G450 stond, opgestaan, opstaan arise, lift up, raise up (again), rise (again), stand up(-right) 21 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 23 καθισαι G2523 gezeten, zitten, neder continue, set, sit (down), tarry 24 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 25 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 θρονου G2362 troon, tronen, troons seat, throne 27 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 Zo heeft hijG846, dit voorziendeG4275, gesprokenG2980 vanG4012 de opstandingG386 van ChristusG5547, datG3754 Zijn zielG5590 nietG3756 is verlatenG2641 inG1519 de helG86, noch Zijn vleesG4561 verdervingG1312 heeft gezienG3708. Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien.

KJV He seeing this before spake2 of3 the resurrection5 of Christ,7 that8 his13 soul12 was10 not9 left in14 hell,15 neither16 his19 flesh18 did see corruption.

1 προιδων G4308 voren, zag foresee, see before 2 ελαλησεν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 3 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 4 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 αναστασεως G386 opstanding, Opstanding raised to life again, resurrection, rise from the dead, that should rise, rising again 6 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 8 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 9 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 κατελειφθη G2641 verlaten, gelaten, verlatende forsake, leave, reserve 11 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ψυχη G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 15 αδου G86 hel grave, hell 16 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 17 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 σαρξ G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 19 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 ειδεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 21 διαφθοραν G1312 verderving corruption

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 DezenG5126 JezusG2424 heeft GodG2316 opgewektG450; waarvan wij allenG3956 getuigenG3144 zijnG1510. Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.

KJV This Jesus3 hath4 God6 raised up, whereof7 we all8 are witnesses.

1 τουτον G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 2 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 ιησουν G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 4 ανεστησεν G450 stond, opgestaan, opstaan arise, lift up, raise up (again), rise (again), stand up(-right) 5 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 8 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 9 ημεις G1473 mij, ik I, me 10 εσμεν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 11 μαρτυρες G3144 getuigen, getuige, Getuige martyr, record, witness

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 Hij dan, door de rechter hand Gods verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 Hij danG3767, door de rechterG1188 hand GodsG2316 verhoogdG5312 zijnde, en de belofteG1860 des HeiligenG40 GeestesG4151, ontvangenG2983 hebbende van den VaderG3962, heeft ditG3778 uitgestortG1632, dat gijG4771 nu ziet enG2532 hoortG191. Hij dan, door de rechter hand Gods verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort.

KJV Therefore3 being6 by the right hand2 of God5 exalted, and8 having received13 of14 the Father16 the promise9 of the Holy11 Ghost,12 he hath shed forth17 this, which19 ye now20 see22 and23 hear.

1 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δεξια G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 3 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 4 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 6 υψωθεις G5312 verhoogd, verhogen, verhoogt exalt, lift up 7 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 9 επαγγελιαν G1860 belofte, beloftenis, beloftenissen message, promise 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 αγιου G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 12 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 13 λαβων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 14 παρα G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 πατρος G3962 Vader, vader, vaders father, parent 17 εξεχεεν G1632 goot, uitgestort, vergoten gush (pour) out, run greedily (out), shed (abroad, forth), spill 18 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 19 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 20 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 21 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 22 βλεπετε G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed 23 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 24 ακουετε G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Want David is niet opgevaren in de hemelen; maar hij zegt: De Heere heeft gesproken tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechter hand.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 WantG1063 DavidG1138 is nietG3756 opgevarenG305 inG1519 de hemelenG3772; maarG1161 hijG846 zegtG3004: De HeereG2962 heeft gesprokenG2036 tot Mijn HeereG2962: ZitG2521 aan Mijn rechterG1188 hand. Want David is niet opgevaren in de hemelen; maar hij zegt: De Heere heeft gesproken tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechter hand.

Ook in dit vers uit/metG1537

KJV For2 David3 is not1 ascended4 into5 the heavens:7 but9 he saith8 himself,10 The LORD13 said unto my Lord,15 Sit thou17 on18 my right hand,

1 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 δαβιδ G1138 David, Davids David 4 ανεβη G305 klom, opgevaren, gingen arise, ascend (up), climb (go, grow, rise, spring) up, come (up) 5 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 6 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ουρανους G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 10 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 12 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 14 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 κυριω G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 16 μου G1473 mij, ik I, me 17 καθου G2521 zittende, zit, zitten dwell, sit (by, down) 18 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 19 δεξιων G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 20 μου G1473 mij, ik I, me

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 Totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 Totdat Ik Uw vijandenG2190 zal gezetG5087 hebben tot een voetbankG5286 Uwer voetenG4228. Totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten.

KJV Until1 I make2 thy foes5 thy footstool.9

1 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 2 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 3 θω G5087 gelegd, gesteld, gezet + advise, appoint, bow, commit, conceive, give, X kneel down, lay (aside, down, up), make, ordain, purpose, put, set (forth), settle, sink down 4 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εχθρους G2190 vijanden, vijand, vijandig enemy, foe 6 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 7 υποποδιον G5286 voetbank footstool 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ποδων G4228 voeten, voet, voetstap foot(-stool) 10 σου G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 Zo weteG1097 danG3767 zekerlijkG806 het ganseG3956 huisG3624 IsraelsG2474, dat GodG2316 HemG846 tot een HeereG2962 enG2532 ChristusG5547 gemaaktG4160 heeft, namelijk dezenG5126 JezusG2424, DienG3739 gijG4771 gekruistG4717 hebt. Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt.

KJV Therefore2 let3 all4 the house5 of Israel6 know assuredly,1 that7 God14 hath made15 that same Jesus,18 whom19 ye have crucified,21 both8 Lord9 and10 Christ.

1 ασφαλως G806 zekerlijk assuredly, safely 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 γινωσκετω G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 4 πας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 5 οικος G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 6 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 κυριον G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 12 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 15 εποιησεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 16 τουτον G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 17 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ιησουν G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 19 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 20 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 21 εσταυρωσατε G4717 gekruist, gekruisigd, kruisigen crucify

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
37 En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

37 En als zij dit hoordenG191, werden zij verslagenG2660 in het hartG2588, en zeidenG2036 totG4314 PetrusG4074 en de andereG3062 apostelenG652: WatG5101 zullen wij doenG4160 mannenG435 broedersG80? En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders?

KJV Now2 when they heard1 this, they were pricked3 in their heart,5 and7 said unto8 Peter10 and11 to the rest13 of the apostles,14 Men17 and brethren,18 what15 shall we do?

1 ακουσαντες G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 κατενυγησαν G2660 verslagen prick 4 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 καρδια G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 6 ειπον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 8 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 9 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πετρον G4074 Petrus Peter, rock 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 λοιπους G3062 anderen, andere, overige other, which remain, remnant, residue, rest 14 αποστολους G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 15 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 16 ποιησομεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 17 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 18 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
38 En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

38 En PetrusG4074 zeideG5346 totG4314 henG846: BekeertG3340 u, en een iegelijkG1538 van u worde gedooptG907 inG1519 den NaamG3686 van JezusG2424 ChristusG5547, tot vergevingG859 der zondenG266; en gij zult de gaveG1431 des HeiligenG40 GeestesG4151 ontvangenG2983. En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.

KJV Then2 Peter1 said3 unto4 them,5 Repent,6 and7 be baptized8 every one9 of you in11 the name13 of Jesus14 Christ15 for16 the remission17 of sins,18 and19 ye shall receive20 the gift22 of the Holy24 Ghost.

1 πετρος G4074 Petrus Peter, rock 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εφη G5346 zeide, zeg, zegt affirm, say 4 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 5 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 μετανοησατε G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 βαπτισθητω G907 gedoopt, doopte, dopen Baptist, baptize, wash 9 εκαστος G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 10 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 11 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 12 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ονοματι G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 14 ιησου G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 15 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 16 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 17 αφεσιν G859 vergeving, loslating, vrijheid deliverance, forgiveness, liberty, remission 18 αμαρτιων G266 zonde, zonden, zondigen offence, sin(-ful) 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 ληψεσθε G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 21 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 δωρεαν G1431 gave gift 23 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 αγιου G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 25 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
39 Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

39 WantG1063 uG4771 komtG2076 de belofteG1860 toe, enG2532 uw kinderenG5043, enG2532 allenG3956, die daar verreG1519 zijnG1510, zo velenG3745 als er de HeereG2962, onze GodG2316, toe roepenG302 zal. Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal.

KJV For2 the promise5 is unto you, and6 to your children,8 and10 to all11 that are afar off,13 even as many as15 the Lord18 our God20 shall call.16

1 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 επαγγελια G1860 belofte, beloftenis, beloftenissen message, promise 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 τεκνοις G5043 kinderen, kind, zoon child, daughter, son 9 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 πασιν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 14 μακραν G3117 lang, ver, lange far, long 15 οσους G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 16 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 17 προσκαλεσηται G4341 geroepen, riep, kinderkens call (for, to, unto) 18 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 19 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 21 ημων G1473 mij, ik I, me

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
40 En met veel meer andere woorden betuigde hij, en vermaande hen, zeggende: Wordt behouden van dit verkeerd geslacht!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

40 En met veelG4119 meer andere woordenG3056 betuigdeG1263 hij, enG2532 vermaandeG3870 hen, zeggendeG3004: Wordt behoudenG4982 vanG575 ditG3778 verkeerdG4646 geslachtG1074! En met veel meer andere woorden betuigde hij, en vermaande hen, zeggende: Wordt behouden van dit verkeerd geslacht!

KJV And2 with many other1 words3 did he testify5 and6 exhort,7 saying,8 Save yourselves9 from10 this untoward14 generation.

1 ετεροις G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 2 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 3 λογοις G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 4 πλειοσιν G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 5 διεμαρτυρετο G1263 betuigd, betuig, betuigde charge, testify (unto), witness 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 παρεκαλει G3870 baden, bid, vertroost beseech, call for, (be of good) comfort, desire, (give) exhort(-ation), intreat, pray 8 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 σωθητε G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 10 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 γενεας G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 13 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 σκολιας G4646 harden, krom, kromme crooked, froward, untoward 15 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
41 Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

41 Die danG3767 zijn woordG3056 gaarneG780 aannamenG588, werden gedooptG907; enG2532 er werden op dienG1565 dagG2250 tot henG846 toegedaanG4369 omtrent drie duizendG5153 zielenG5590. Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.

KJV Then2 they that gladly4 received5 his8 word7 were baptized:9 and10 the same14 day13 there were added11 unto them about16 three thousand17 souls.

1 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 3 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 4 ασμενως G780 blijdelijk, gaarne gladly 5 αποδεξαμενοι G588 ontvangen, ontving, aannamen accept, receive (gladly) 6 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 λογον G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 8 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 εβαπτισθησαν G907 gedoopt, doopte, dopen Baptist, baptize, wash 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 προσετεθησαν G4369 toegedaan, toedoen, toegeworpen add, again, give more, increase, lay unto, proceed further, speak to any more 12 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 14 εκεινη G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 15 ψυχαι G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 16 ωσει G5616 als, gelijk; ongeveer about, as (it had been, it were), like (as) 17 τρισχιλιαι G5153 drie duizend three thousand
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
42 En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

42 En zij waren volhardendeG4342 in de leerG1322 der apostelenG652, en in de gemeenschapG2842, en in de brekingG2800 des broodsG740, en in de gebedenG4335. En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden.

KJV And2 they continued stedfastly3 in the apostles'7 doctrine5 and8 fellowship,10 and11 in breaking13 of bread,15 and16 in prayers.

1 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 προσκαρτερουντες G4342 volhardende, gedurig, Volhardt attend (give self) continually (upon), continue (in, instant in, with), wait on (continually) 4 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 διδαχη G1322 leer, lering, leringen doctrine, hath been taught 6 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αποστολων G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 κοινωνια G2842 gemeenschap, handreiking, mededeelzaamheid (to) communicate(-ation), communion, (contri-)distribution, fellowship 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 κλασει G2800 breken, breking breaking 14 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 αρτου G740 brood, broden, Brood (shew-)bread, loaf 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 προσευχαις G4335 gebeden, gebed, bidden X pray earnestly, prayer
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
43 En een vreze kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedden door de apostelen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

43 En een vrezeG5401 kwam over alleG3956 zielG5590; en veleG4183 wonderenG5059 en tekenenG4592 geschieddenG1096 doorG1223 de apostelenG652. En een vreze kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedden door de apostelen.

KJV And2 fear5 came upon1 every3 soul:4 and7 many6 wonders8 and9 signs10 were done14 by11 the apostles.

1 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 παση G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 ψυχη G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 5 φοβος G5401 vreze, vrees, schrik be afraid, + exceedingly, fear, terror 6 πολλα G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 7 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 8 τερατα G5059 wonderen, wonderheden wonder 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 σημεια G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 11 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αποστολων G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 14 εγινετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
44 En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

44 En allen, die geloofdenG4100, warenG1510 bijeenG1909, en haddenG2192 alle dingen gemeenG2839; En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen;

KJV And2 all1 that believed4 were together,6 and9 had10 all things11 common;

1 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 πιστευοντες G4100 gelooft, geloven, geloofd believe(-r), commit (to trust), put in trust with 5 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ειχον G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 11 απαντα G537 alles all (things), every (one), whole 12 κοινα G2839 gemeen, onrein, gemene common, defiled, unclean, unholy
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
45 En zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden dezelve aan allen, naar dat elk van node had.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

45 En zij verkochtenG4097 hun goederenG2933 enG2532 haveG5223, en verdeeldenG1266 dezelveG846 aan allenG3956, naar dat elk van nodeG5532 hadG2192. En zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden dezelve aan allen, naar dat elk van node had.

KJV And1 sold7 their possessions3 and4 goods,6 and8 parted9 them10 to all11 men, as12 every man14 had13 need.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 κτηματα G2933 goederen, have possession 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 υπαρξεις G5223 goed, have goods, substance 7 επιπρασκον G4097 verkocht, verkochte, verkochten sell 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 διεμεριζον G1266 verdeeld, verdeelden, deelt cloven, divide, part 10 αυτα G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 πασιν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 καθοτι G2530 nademaal (according, forasmuch) as, because (that) 13 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 14 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 15 χρειαν G5532 node, nooddruft, nood business, lack, necessary(-ity), need(-ful), use, want 16 ειχεν G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
46 En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

46 En dagelijksG2596 eendrachtelijkG3661 inG1722 den tempelG2411 volhardendeG4342, en van huisG3624 tot huis broodG740 brekendeG2806, aten zij te zamen metG1722 verheugingG20 enG2532 eenvoudigheidG858 des hartenG2588; En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten;

Ook in dit vers aten zamenG3335

KJV And3 they, continuing4 daily1 with one accord5 in6 the temple,8 and10 breaking9 bread13 from11 house to house,12 did eat14 their meat15 with16 gladness17 and18 singleness19 of heart,

1 καθ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 2 ημεραν G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 3 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 4 προσκαρτερουντες G4342 volhardende, gedurig, Volhardt attend (give self) continually (upon), continue (in, instant in, with), wait on (continually) 5 ομοθυμαδον G3661 eendrachtelijk with one accord (mind) 6 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 7 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 ιερω G2411 tempel, tempels, heilige temple 9 κλωντες G2806 brak, gebroken, breken break 10 τε G5037 en, ook also, and, both, even, then, whether 11 κατ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 12 οικον G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 13 αρτον G740 brood, broden, Brood (shew-)bread, loaf 14 μετελαμβανον G3335 aten zamen, deelachtig, genieten eat, have, be partaker, receive, take 15 τροφης G5160 spijze, voedsel, spijs food, meat 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 αγαλλιασει G20 vreugde, verheuging gladness, (exceeding) joy 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 αφελοτητι G858 eenvoudigheid singleness 20 καρδιας G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
47 En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

47 En prezenG134 GodG2316, en haddenG2192 genadeG5485 bij het ganse volkG2992. En de HeereG2962 deed dagelijksG2596 totG4314 de GemeenteG1577, die zaligG4982 werden. En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden.

KJV Praising1 God,3 and4 having5 favour6 with7 all8 the people.10 And12 the Lord13 added14 to the church20 daily17 such as should be saved.

1 αινουντες G134 Looft, loven, lovende praise 2 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 θεον G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 εχοντες G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 6 χαριν G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 7 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 8 ολον G3650 geheel, alles, gansen all, altogether, every whit, + throughout, whole 9 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 λαον G2992 volk, volks, volke people 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 13 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 14 προσετιθει G4369 toegedaan, toedoen, toegeworpen add, again, give more, increase, lay unto, proceed further, speak to any more 15 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 σωζομενους G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 17 καθ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 18 ημεραν G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 19 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 εκκλησια G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Handelingen 2:1 Handelingen 20:16 1 Korinthe 16:8 Romeinen 15:6 Filippenzen 1:27 Handelingen 4:32 Handelingen 1:13 Exodus 34:22 Filippenzen 2:2
Handelingen 2:2 Handelingen 4:31 Jesaja 65:24 Psalmen 18:10 1 Koningen 19:11 Ezechiël 3:12 Handelingen 16:25 Hooglied 4:16 Lukas 2:13
Handelingen 2:3 Mattheüs 3:11 Johannes 1:32 Handelingen 2:4 Maleachi 3:2 1 Korinthe 12:10 Jeremia 23:29 Openbaring 14:6 Jesaja 11:2
Handelingen 2:4 Handelingen 13:52 Handelingen 4:31 Markus 16:17 Efeze 5:18 Handelingen 9:17 1 Korinthe 12:10 Handelingen 13:9 Handelingen 4:8
Handelingen 2:5 Lukas 2:25 Handelingen 8:2 Exodus 23:16 Handelingen 8:27 Kolossenzen 1:23 Johannes 12:20 Lukas 17:24 Mattheüs 24:14
Handelingen 2:6 Handelingen 2:2 Handelingen 3:11 Mattheüs 2:3 2 Korinthe 2:12 1 Korinthe 16:9
Handelingen 2:7 Handelingen 1:11 Handelingen 2:12 Markus 1:27 Mattheüs 26:73 Handelingen 14:11 Mattheüs 4:18 Johannes 7:52 Mattheüs 21:11
Handelingen 2:9 1 Petrus 1:1 Handelingen 18:2 Handelingen 16:6 2 Koningen 17:6 Handelingen 6:9 Jesaja 11:11 Daniël 8:2 Openbaring 1:4
Handelingen 2:10 Handelingen 16:6 Handelingen 13:13 Handelingen 15:38 Handelingen 18:23 Zacharia 8:20 Markus 15:21 Jeremia 46:9 Daniël 11:43
Handelingen 2:11 1 Korinthe 12:10 Exodus 15:11 Handelingen 27:12 Psalmen 71:17 Psalmen 107:15 Handelingen 27:7 Psalmen 107:8 Daniël 4:2
Handelingen 2:12 Handelingen 10:17 Lukas 15:26 Lukas 18:36 Handelingen 17:20 Handelingen 2:7
Handelingen 2:13 1 Korinthe 14:23 Handelingen 2:15 Jesaja 25:6 Job 32:19 Efeze 5:18 Hooglied 7:9 Zacharia 9:17 Zacharia 9:15
Handelingen 2:14 Handelingen 2:22 Handelingen 1:26 Handelingen 5:35 Handelingen 7:2 Jesaja 55:2 Jesaja 58:1 Hosea 8:1 Jesaja 52:8
Handelingen 2:15 Mattheüs 20:3 1 Thessalonicenzen 5:5 1 Samuël 1:15
Handelingen 2:16 Joël 2:28
Handelingen 2:17 Jesaja 44:3 Handelingen 10:45 Handelingen 21:9 Johannes 7:39 Joël 2:28 Hebreeën 1:2 Titus 3:4 Zacharia 12:10
Handelingen 2:18 Galaten 3:28 Kolossenzen 3:11 1 Korinthe 7:21 Handelingen 21:10
Handelingen 2:19 Joël 2:30 Maleachi 4:1 Sefanja 1:14
Handelingen 2:20 Mattheüs 24:29 2 Petrus 3:10 Amos 8:9 1 Thessalonicenzen 5:2 Joël 2:1 2 Petrus 3:7 Maleachi 4:5 Lukas 21:25
Handelingen 2:21 Romeinen 10:12 Handelingen 22:16 Mattheüs 28:19 Joël 2:32 Psalmen 86:5 Hebreeën 4:16 1 Korinthe 1:2 Handelingen 9:15
Handelingen 2:22 Johannes 3:2 Johannes 14:10 Mattheüs 12:28 Hebreeën 2:4 Handelingen 4:10 Lukas 11:20 Mattheüs 9:8 Handelingen 21:28
Handelingen 2:23 Handelingen 4:28 Lukas 22:22 Handelingen 3:18 1 Petrus 1:20 Mattheüs 26:24 Psalmen 76:10 Jesaja 46:10 Handelingen 5:30
Handelingen 2:24 1 Korinthe 6:14 2 Korinthe 4:14 Handelingen 2:32 Efeze 1:20 Kolossenzen 2:12 1 Petrus 1:21 Hebreeën 13:20 Galaten 1:1
Handelingen 2:25 Psalmen 16:8 Jesaja 50:7 Psalmen 62:6 Jesaja 41:13 Psalmen 109:31 Psalmen 62:2 Psalmen 30:6 Psalmen 21:7
Handelingen 2:26 Psalmen 63:5 Psalmen 30:11 Psalmen 16:9 Psalmen 71:23 Psalmen 22:22
Handelingen 2:27 Handelingen 2:31 Psalmen 89:19 Lukas 1:35 Psalmen 49:15 Psalmen 86:13 Openbaring 20:13 Openbaring 1:18 Psalmen 116:3
Handelingen 2:28 Psalmen 21:6 Psalmen 16:11 Psalmen 21:4 Spreuken 8:20 Psalmen 42:5 Spreuken 2:19 Johannes 14:6 Johannes 11:25
Handelingen 2:29 Handelingen 13:36 1 Koningen 2:10 Handelingen 7:8 Hebreeën 7:4 Nehemia 3:16 Handelingen 26:26
Handelingen 2:30 2 Samuël 23:2 2 Petrus 1:21 2 Samuël 7:11 Psalmen 132:11 Psalmen 89:3 Jeremia 23:5 Hebreeën 4:7 Hebreeën 7:1
Handelingen 2:31 Psalmen 16:10 Handelingen 2:27 Handelingen 13:35 1 Petrus 1:11
Handelingen 2:32 Handelingen 2:24 Handelingen 1:8 Handelingen 3:15 Handelingen 1:22 Handelingen 4:33 Johannes 20:26 Johannes 15:27 Handelingen 10:39
Handelingen 2:33 Handelingen 1:4 Handelingen 5:31 Handelingen 10:45 Markus 16:19 Handelingen 2:17 Johannes 14:26 1 Petrus 3:22 Johannes 14:16
Handelingen 2:34 Psalmen 110:1 Mattheüs 22:42 1 Korinthe 15:25 Markus 12:36 Lukas 20:42 Efeze 1:22 Hebreeën 1:13
Handelingen 2:35 Lukas 20:16 Psalmen 72:9 Jesaja 60:14 Psalmen 2:8 Psalmen 18:40 Jesaja 49:23 Jozua 10:24 Openbaring 20:8
Handelingen 2:36 2 Thessalonicenzen 1:7 2 Korinthe 5:10 Johannes 5:22 Jeremia 33:14 Handelingen 10:36 Jeremia 31:31 Lukas 2:11 Handelingen 2:22
Handelingen 2:37 Lukas 3:10 Handelingen 7:54 Handelingen 5:33 Johannes 16:8 Handelingen 1:16 Handelingen 22:10 Handelingen 9:5 Romeinen 7:9
Handelingen 2:38 Handelingen 22:16 Lukas 24:47 Handelingen 8:12 Handelingen 10:48 1 Petrus 3:21 Handelingen 3:19 Markus 16:16 Handelingen 8:36
Handelingen 2:39 Joël 2:32 Handelingen 15:8 Efeze 4:4 Romeinen 8:30 1 Korinthe 7:14 Hebreeën 3:1 2 Petrus 1:10 Jesaja 44:3
Handelingen 2:40 Mattheüs 17:17 Deuteronomium 32:5 Galaten 5:3 Hebreeën 3:12 Lukas 21:36 Handelingen 15:32 2 Korinthe 5:20 Spreuken 9:6
Handelingen 2:41 Handelingen 4:4 Handelingen 2:47 Handelingen 2:37 Handelingen 16:31 Handelingen 13:48 Handelingen 1:15 Handelingen 8:6 Lukas 5:5
Handelingen 2:42 Hebreeën 10:25 Handelingen 20:7 Handelingen 1:14 Handelingen 2:46 1 Johannes 1:3 Hebreeën 10:39 Johannes 8:31 1 Johannes 1:7
Handelingen 2:43 Handelingen 5:11 Handelingen 4:33 Handelingen 9:34 Handelingen 9:40 Lukas 8:37 Lukas 7:16 Handelingen 3:6 Hosea 3:5
Handelingen 2:44 Handelingen 4:32 1 Johannes 3:16 Handelingen 6:1 2 Korinthe 8:9 2 Korinthe 8:14 2 Korinthe 9:6 Handelingen 5:4
Handelingen 2:45 Handelingen 4:34 1 Johannes 3:17 Handelingen 11:29 1 Timotheüs 6:18 Jesaja 58:7 Lukas 18:22 Jakobus 2:14 Spreuken 19:17
Handelingen 2:46 Handelingen 5:42 Handelingen 20:7 Lukas 24:53 Handelingen 2:42 Handelingen 3:1 Handelingen 1:13 Handelingen 16:34 Romeinen 12:8
Handelingen 2:47 Handelingen 2:41 Handelingen 16:5 Handelingen 11:24 Lukas 2:52 Handelingen 2:39 Romeinen 14:18 Handelingen 5:13 Handelingen 13:48
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Handelingen 2 vers 1

Pinkster- feest Het woord Pinkster is een gebroken woord van het Griekse woord Pentecoste, dat is, de vijftigste dag; waarmede genaamd werd het tweede grote jaarfeest, op hetwelk de eerstelingen der vruchten geofferd werden, Num. 28:26 , omdat het begon op den vijftigsten dag na den tweeden paaschdag, Lev. 23:15-16 , op welken vijftigsten dag na het eerste pasen en den uitgang der kinderen Israëls uit Egypte, ook de wet van God op den berg Sinaï is gegeven; Ex. 19:1 , Ex. 19:11 . Zie van dit feest ook Hand. 20:16 ; 1 Kor. 16:8 .

Hertaald: Pinkster- feest Het woord Pinkster is een verbastering van het Griekse woord Pentecoste, dat is: de vijftigste dag. Zo werd het tweede grote jaarfeest genoemd, waarop de eerstelingen van de vruchten geofferd werden (Num. 28:26), omdat het begon op de vijftigste dag na de tweede paasdag (Lev. 23:15-16). Op die vijftigste dag na het eerste pascha en de uittocht van de kinderen Israëls uit Egypte is ook de wet van God op de berg Sinaï gegeven; Ex. 19:1, Ex. 19:11. Zie over dit feest ook Hand. 20:16; 1 Kor. 16:8.

vervuld werd, Dat is, gekomen was.

Hertaald: vervuld werd, Dat is: gekomen was.

zij allen Namelijk de twaalf apostelen, wien deze belofte voornamelijk was gedaan. Zie hierna vs.4, 14,15.

Hertaald: zij allen Namelijk de twaalf apostelen, aan wie deze belofte vooral gedaan was. Zie hierna vers 4, 14 en 15.

bijeen Dat is, in eene plaats vergaderd, namelijk in ene opperzaal binnen Jeruzalem; Hand. 1:13 .

Hertaald: bijeen Dat is: op één plaats vergaderd, namelijk in een bovenzaal binnen Jeruzalem; Hand. 1:13.

Handelingen 2 vers 2

haastelijk uit Dat is, onvoorziens.

Hertaald: haastelijk uit Dat is: onverwachts.

gedreven Dat is, met sterk gedruis waaiende.

Hertaald: gedreven Dat is: met sterk gedruis waaiende.

wind, en Of, blas. Deze wind beduidde den Heiligen Geest, die den apostelen gegeven is, en door den dienst der apostelen zou worden gegeven, en doordringen tegen alle geweld.

Hertaald: wind, en Of: blazen. Deze wind duidde de Heilige Geest aan, Die aan de apostelen gegeven is en Die door de dienst van de apostelen gegeven zou worden en tegen alle geweld in zou doordringen.

Handelingen 2 vers 3

van hen werden Aan hen; namelijk de apostelen.

Hertaald: van hen werden Namelijk aan hen, de apostelen.

verdeelde tongen Dat is, gedaanten van tongen, die gedeeld of gespleten waren; waarmede te kennen gegeven werden de menigerlei talen, met welke de apostelen zouden spreken, en het Evangelie onder alle volken verkondigen. Zie vs.4.

Hertaald: verdeelde tongen Dat is: gedaanten van tongen die verdeeld of gespleten waren. Daarmee werden de vele talen aangeduid waarin de apostelen zouden spreken en het Evangelie onder alle volken zouden verkondigen. Zie vers 4.

van vuur, en Dat is, vurig; waarmede beduid werd dat de Heilige Geest de harten der apostelen en van hunne toehoorders ontsteken zou met een licht der kennis Gods, met vurige liefde Gods en des naasten, en ijver tot Gods eer en der mensen zaligheid.

Hertaald: van vuur, en Dat is: vurig. Daarmee werd aangeduid dat de Heilige Geest de harten van de apostelen en van hun toehoorders zou ontsteken met een licht van de kennis van God, met vurige liefde tot God en tot de naaste, en met ijver voor Gods eer en voor de zaligheid van de mensen.

het zat op Namelijk het vuur der verdeelde tongen.

Hertaald: het zat op Namelijk het vuur van de verdeelde tongen.

van hen Namelijk van de apostelen. Zie vs.1.

Hertaald: van hen Namelijk van de apostelen. Zie vers 1.

Handelingen 2 vers 4

met den Heiligen Dat is, met de buitengewone gaven des Heiligen Geestes.

Hertaald: met den Heiligen Dat is: met de buitengewone gaven van de Heilige Geest.

andere Dat is, vreemde, den apostel tevoren onbekende talen. Markus zegt nieuwe; Marc. 16:17 .

Hertaald: andere Dat is: vreemde talen, die de apostelen tevoren onbekend waren. Markus noemt ze nieuwe talen; Mark. 16:17.

talen, zoals Grieks tongen; gelijk vs.11.

Hertaald: talen, zoals Grieks: tongen; zoals vers 11.

de Geest hun Dat is, de Heilige Geest; 2 Petr. 1:21 .

Hertaald: de Geest hun Dat is: de Heilige Geest; 2 Petr. 1:21.

uit te spreken Het Griekse woord betekent enige treffelijke zaken of spreuken voortbrengen. Zie vs.11.

Hertaald: uit te spreken Het Griekse woord betekent: bepaalde uitnemende zaken of uitspraken voortbrengen. Zie vers 11.

Handelingen 2 vers 5

wonende, Dat is, zich onthoudende voor een tijd, òf om in den Joodsen godsdienst onderwezen te worden; Hand. 6:9 , en Hand. 9:29 , òf om het feest van Pinkster te houden; Ex. 23:17 .

Hertaald: wonende, Dat is: die zich daar een tijd ophielden, óf om in de Joodse godsdienst onderwezen te worden (Hand. 6:9 en Hand. 9:29), óf om het pinksterfeest te vieren (Ex. 23:17).

die onder den Dat is, die door de vervolgingen der Assyrische, Babylonische, Egyptische en Syrische koningen in alle landen verstrooid waren, 1 Petr. 1:1 , en alzo is vervuld hetgeen tevoren gezegd was; Jes. 43:5-6 .

Hertaald: die onder den Dat is: zij die door de vervolgingen van de Assyrische, Babylonische, Egyptische en Syrische koningen over alle landen verstrooid waren (1 Petr. 1:1); en zo is vervuld wat tevoren gezegd was in Jes. 43:5-6.

Handelingen 2 vers 6

deze stem Dat is, dit geluid van dezen wind, of als dit gerucht verbreid was.

Hertaald: deze stem Dat is: dit geluid van deze wind, of: toen dit gerucht verbreid was.

beroerd, want Of, verward; namelijk òf in dit samenkomen, òf in hun gemoed door verwondering van deze vreemde zaak.

Hertaald: beroerd, want Of: verward; namelijk óf in dit samenkomen, óf in hun gemoed door de verbazing over deze vreemde zaak.

in zijn eigen Zo spraken dan de apostelen niet in eene taal, gelijk sommigen menen; want zo zou dit wonder in de toehoorders geweest zijn, en niet in de apostelen; maar in verscheidene, naar de verscheidenheid der talen, die de toehoorders spraken en verstonden. Zie Hand. 10:46 , en Hand. 19:6 ; 1 Kor. 12:13-14 .

Hertaald: in zijn eigen De apostelen spraken dus niet in één taal, zoals sommigen menen; want dan zou het wonder bij de toehoorders gelegen hebben en niet bij de apostelen. Zij spraken in verschillende talen, naar de verscheidenheid van de talen die de toehoorders spraken en verstonden. Zie Hand. 10:46 en Hand. 19:6; 1 Kor. 12:13-14.

Handelingen 2 vers 7

ontzetten zich Namelijk alsof zij buiten hunne zinnen verrukt waren.

Hertaald: ontzetten zich Namelijk alsof zij buiten zichzelf waren van verbazing.

Galileërs? Dat is, die in Galilea geboren zijn en altijd gewoond hebben, en onkundige en ongeleerde lieden zijn, geen andere taal dan hunne moedertaal geleerd hebbende.

Hertaald: Galileërs? Dat is: mensen die in Galilea geboren zijn en er altijd gewoond hebben, onkundige en ongeletterde lieden die geen andere taal dan hun moedertaal geleerd hadden.

Handelingen 2 vers 9

Elamieten, Elam was een deel van Perzië, alzo genaamd van Elam, een zoon van Sem; Gen. 10:22 ; 1 Kron. 1:17 .

Hertaald: Elamieten, Elam was een deel van Perzië, zo genoemd naar Elam, een zoon van Sem; Gen. 10:22; 1 Kron. 1:17.

Mesopotámië, Dat is, zowel die in Mesopotamië als die in Judea wonen en geboren zijn. Mesopotamië is een deel van Syrië alzo in het Grieks genaamd, omdat het ligt midden tussen de twee rivieren Tiger en Eufraat; Gen. 24:10 , en Gen. 35:9 .

Hertaald: Mesopotámië, Dat is: zowel zij die in Mesopotamië wonen en geboren zijn als zij die in Judea wonen. Mesopotamië is een deel van Syrië, dat in het Grieks zo genoemd wordt omdat het midden tussen de twee rivieren de Tigris en de Eufraat ligt; Gen. 24:10 en Gen. 35:9.

Azië Azië wordt in het algemeen genaamd het derde deel der wereld toen bekend, en in het bijzonder dat deel, hetwelk eertijds Klein-Azië en nu Natolië genaamd wordt, waarvan ook Cappadocië, Pontus, Frygië en Pamfylië delen waren; maar hier schijnt het nog bijzonderlijker genomen te worden voor het deel van Klein-Azië, hetwelk ligt omtrent de Egeïse zee tegenover Macedonië en Thracië.

Hertaald: Azië Azië wordt in het algemeen het derde werelddeel genoemd dat toen bekend was, en in het bijzonder dat deel dat vroeger Klein-Azië en nu Anatolië heet, waarvan ook Kappadocië, Pontus, Frygië en Pamfylië delen waren. Maar hier lijkt het nog specifieker gebruikt te worden voor het deel van Klein-Azië dat aan de Egeïsche Zee ligt, tegenover Macedonië en Thracië.

Handelingen 2 vers 10

Cyrene Dit was ene stad in Lybië of Afrika, van welke het omliggende land Libya Cyrenaica genoemd werd. In al deze landen waren de Joden overlang verstrooid, en spraken de talen van die landen; 1 Petr. 1:1 .

Hertaald: Cyrene Dit was een stad in Libië of Afrika, waarnaar het omliggende land Libya Cyrenaica genoemd werd. In al deze landen waren de Joden al lang verstrooid en spraken zij de talen van die landen; 1 Petr. 1:1.

uitlandse Dat is, die te Rome of daaromtrent geboren of woonachtig waren, en te Jeruzalem om hunne zaken of om den godsdienst gekomen waren.

Hertaald: uitlandse Dat is: zij die in Rome of in de omgeving daarvan geboren waren of woonden en die voor hun zaken of voor de godsdienst naar Jeruzalem gekomen waren.

Joden en Namelijk niet alleen van godsdienst, maar ook van afkomst en geslacht.

Hertaald: Joden en Namelijk niet alleen naar godsdienst, maar ook naar afkomst en geslacht.

Jodengenoten; Grieks Proselitoy; dat is, aankomelingen, Joden niet van geslacht, maar van religie. Zie Matt. 23:15 .

Hertaald: Jodengenoten; Grieks: proselieten; dat is: mensen die zich hebben aangesloten, Joden niet naar geslacht maar naar godsdienst. Zie Matth. 23:15.

Handelingen 2 vers 11

Kretensen Dat is, geboren of wonende in het eiland Kreta, nu Kandia genaamd. Zie Hand. 27:7 , Hand. 27:12 ; Tit. 1:5 .

Hertaald: Kretensen Dat is: geboren of wonend op het eiland Kreta, dat nu Candia heet. Zie Hand. 27:7, Hand. 27:12; Tit. 1:5.

talen Grieks tongen; vs.4.

Hertaald: talen Grieks: tongen; vers 4.

de grote werken Of, de heerlijke daden Gods; namelijk die Hij door Jezus Christus gedaan heeft tot der mensen zaligheid; Luc. 1:49 .

Hertaald: de grote werken Of: de heerlijke daden van God; namelijk die Hij door Jezus Christus gedaan heeft tot zaligheid van de mensen; Luk. 1:49.

Handelingen 2 vers 12

twijfelmoedig, Dat is, zij twijfelen wat dit toch wezen mocht, en wat zij daarvan zouden geloven.

Hertaald: twijfelmoedig, Dat is: zij twijfelden wat dit toch kon zijn en wat zij ervan moesten geloven.

Handelingen 2 vers 13

anderen, Eenigen, mogelijk uit de schriftgeleerden, Farizeën, Sadduceën, en huns gelijken.

Hertaald: anderen, Namelijk sommigen, mogelijk uit de schriftgeleerden, farizeeën, sadduceeën en hun gelijken.

zoeten wijns Dat is, zij zijn dronken. Sommigen zetten dit over: Zij zijn vol most. Doch het was toen nog de tijd niet van most, dat is van nieuwen gepersten wijn.

Hertaald: zoeten wijns Dat is: zij zijn dronken. Sommigen vertalen dit met: zij zijn vol most. Maar het was toen nog niet de tijd van de most, dat is: van nieuw geperste wijn.

Handelingen 2 vers 15

de derde Namelijk na den opgang der zon, gelijk de Joden hunne uren van den dag rekenden. Zie Matt. 20:3 ; Joh. 11:9 , en komt overeen met onze negende ure. De Joden, gelijk sommigen zeggen, plachten op de feestdagen nuchter te blijven zonder eten en drinken, tot de zesde ure toe, dat is tot den middag.

Hertaald: de derde Namelijk na zonsopgang, zoals de Joden hun uren van de dag rekenden. Zie Matth. 20:3; Joh. 11:9. Dat komt overeen met ons negen uur. Volgens sommigen plachten de Joden op de feestdagen nuchter te blijven zonder eten en drinken tot het zesde uur, dat is: tot de middag.

Handelingen 2 vers 17

in de laatste Zo worden genaamd de tijden van het rijk van Christus, naar Zijne toekomst; 1 Kor. 10:11 ; Hebr. 1:1 , die alzo genaamd worden, omdat in dezelve gene verandering meer zal geschieden in den dienst van God, en na dezelve het einde der wereld zal volgen.

Hertaald: in de laatste Zo worden de tijden van het rijk van Christus na Zijn komst genoemd; 1 Kor. 10:11; Hebr. 1:1. Zij heten zo omdat er in die tijd geen verandering meer zal komen in de dienst van God, en omdat daarna het einde van de wereld zal volgen.

alle vlees; Dat is, allerlei mensen, van wat staat, ouderdom, of geslacht zij zijn; Luc. 11:42 ; 1 Tim. 2:1 , 1 Tim. 2:4 .

Hertaald: alle vlees; Dat is: allerlei mensen, van welke stand, leeftijd of geslacht zij ook zijn; Luk. 11:42; 1 Tim. 2:1, 1 Tim. 2:4.

profeteren, Dat is, God klaarlijk kennen, en anderen van hem onderrichten. Onder de manier van onderwijzing, die in het Oude Testament aan weinigen gebruikelijk was, Num. 12:6 , wordt beschreven de overvloedige onderwijzing en kennis, die in het Nieuwe Testament zou wezen tot het einde der wereld.

Hertaald: profeteren, Dat is: God duidelijk kennen en anderen over Hem onderwijzen. Met de aanduiding van een manier van onderwijzen die in het Oude Testament maar bij weinigen voorkwam (Num. 12:6), wordt de overvloedige onderwijzing en kennis beschreven die in het Nieuwe Testament tot aan het einde van de wereld zou bestaan.

Handelingen 2 vers 19

wonderen geven Dat is, wonderbaarlijke tekenen van Gods toorn tegen de vijanden en vervolgers der kerk Gods. Zie Matt. 24:29 ; Luc. 21:25 .

Hertaald: wonderen geven Dat is: wonderbaarlijke tekenen van Gods toorn tegen de vijanden en vervolgers van Gods kerk. Zie Matth. 24:29; Luk. 21:25.

Handelingen 2 vers 20

dag des Heeren Dat is, de dag in welken de Heere Jezus Christus zal komen om te oordelen de levenden en de doden.

Hertaald: dag des Heeren Dat is: de dag waarop de Heere Jezus Christus zal komen om de levenden en de doden te oordelen.

Handelingen 2 vers 21

aanroepen, Dat is, Hem voor den Zaligmaker met waar geloof erkennen, de zaligheid in Hem alleen zoeken, Hem om dezelve, alsook in alle noden, aanroepen, en Hem recht dienen.

Hertaald: aanroepen, Dat is: Hem met waar geloof als de Zaligmaker erkennen, de zaligheid alleen in Hem zoeken, Hem daarom en ook in alle nood aanroepen, en Hem naar behoren dienen.

Handelingen 2 vers 22

onder ulieden Grieks in, of tot, of aan u.

Hertaald: onder ulieden Grieks: in, of tot, of aan u.

betoond door Dat is, klaarlijk bewezen dat Hij van God gezonden en de ware Messias was.

Hertaald: betoond door Dat is: duidelijk bewezen dat Hij door God gezonden en de ware Messias was.

Handelingen 2 vers 23

bepaalden raad Dat is, niet bij geval, of naar den moedwil van Zijne vijanden alleen, maar naar het besluit, de beschikking en toelating Gods.

Hertaald: bepaalden raad Dat is: niet bij toeval of alleen naar de moedwil van Zijn vijanden, maar naar het besluit, de beschikking en de toelating van God.

door de handen Of, door onrechtvaardige handen; namelijk der heidense en goddeloze soldaten van Pilatus; Matt. 20:19 .

Hertaald: door de handen Of: door onrechtvaardige handen; namelijk van de heidense en goddeloze soldaten van Pilatus; Matth. 20:19.

Handelingen 2 vers 24

de smarten Dat is, van den dood, die Hem met en na vele smarten was aangedaan. Petrus schijnt hier te zien op de woorden, die gebruikt worden Ps. 18:6 , waar staat, de strikken, banden, of zielen des doods, hetwelk op het woord ontbonden bekwamelijk past.

Hertaald: de smarten Dat is: van de dood, die Hem met en na veel smarten was aangedaan. Petrus lijkt hier te zien op de woorden die gebruikt worden in Ps. 18:6, waar staat: de strikken, banden of zielen van de dood — wat goed past bij het woord ontbonden.

Handelingen 2 vers 25

Ik zag den Zie de verklaring van deze woorden, Ps. 16:8 .

Hertaald: Ik zag den Zie de verklaring van deze woorden bij Ps. 16:8.

Handelingen 2 vers 26

rusten Of wonen; namelijk in het graf, als in een tabernakel, gelijk het Griekse woord medebrengt.

Hertaald: rusten Of: wonen; namelijk in het graf als in een tent, zoals het Griekse woord aangeeft.

in hope; Namelijk van haast wederom uit het graf op te staan.

Hertaald: in hope; Namelijk in de hoop spoedig weer uit het graf op te staan.

Handelingen 2 vers 27

mijn ziel in Dat is mij, een deel voor het geheel genomen zijnde; Gen. 46:26 ; Ps. 3:3 ; Hand. 27:37 , en wederom het geheel voor een deel verstaan zijnde, mijn lichaam. Alzo wordt het woord ziel dikwijls genomen; Lev. 19:28 , en Lev. 21:11 ; Num. 5:2 , en Num. 9:10 ; Hag. 2:14 . Eenigen verstaan door deze woorden mijne ziel, Christus den Messias, alsof David zeide: Gij zult mijne ziel, dat is, den Christus, die in mij leeft, Gal. 2:20 , en die het leven en de opstanding is, Joh. 11:25 , niet laten in de hel. Doch het eerste gevoelen is het algemeenste.

Hertaald: mijn ziel in Dat is: mij, waarbij een deel voor het geheel genomen wordt (Gen. 46:26; Ps. 3:3; Hand. 27:37); en waarbij het geheel weer voor een deel opgevat wordt, namelijk mijn lichaam. Zo wordt het woord ziel vaak gebruikt; Lev. 19:28 en Lev. 21:11; Num. 5:2 en Num. 9:10; Hagg. 2:14. Sommigen verstaan onder deze woorden mijn ziel de Messias Christus, alsof David zei: U zult mijn ziel, dat is: de Christus Die in mij leeft (Gal. 2:20) en Die het leven en de opstanding is (Joh. 11:25), niet in de hel laten. Maar de eerste opvatting is de meest gangbare.

hel niet Het Hebreeuwse woord Scheol en het Griekse Hades, hetwelk hier wordt gebruikt, betekent somwijlen de plaats der verdoemden, Deut. 32:22 ; Job 11:8 ; Matt. 11:23 ; Luc. 16:23 , in welke betekenis het hier niet kan genomen worden, overmits Christus' ziel, van het lichaam door den dood gescheiden zijnde, niet in die plaats, maar in het paradijs geweest is; Luc. 23:43 . Somwijlen betekent het de helse smarten en benauwdheden; 1 Sam. 2:6 ; Ps. 18:6 , en Ps. 116:3 ; in welke betekenis sommigen menen dat dit woord alhier zou kunnen genomen worden, alzo Christus vóór zijn dood zodanige smarten in Zijne ziel geleden heeft. Doch alzo hetzelfde woord ook dikwijls genomen wordt voor het graf, Gen. 37:35 ; Job 17:13 ; Ps. 6:6 , en Ps. 30:4 ; Spr. 1:12 , en Spr. 27:20 ; Jes. 5:14 , en Jes. 38:18 ; Openb. 20:13 , en vs.27 gesproken wordt van den staat van Christus na Zijn dood en van Zijne opstanding uit denzelven, zo wordt het wel allerbekwaamst hier verstaan van het graf in hetwelk Christus' ziel, dat is Christus, doch naar Zijn lichaam, gelegen heeft tot op den derden dag.

Hertaald: hel niet Het Hebreeuwse woord scheol en het Griekse hades, dat hier gebruikt wordt, betekenen soms de plaats van de verdoemden (Deut. 32:22; Job 11:8; Matth. 11:23; Luk. 16:23). In die betekenis kan het hier niet opgevat worden, omdat de ziel van Christus, die door de dood van het lichaam gescheiden was, niet op die plaats maar in het paradijs geweest is (Luk. 23:43). Soms betekent het de helse smarten en benauwdheden (1 Sam. 2:6; Ps. 18:6 en Ps. 116:3); in die betekenis menen sommigen dat het woord hier opgevat zou kunnen worden, aangezien Christus vóór Zijn dood zulke smarten in Zijn ziel geleden heeft. Maar omdat hetzelfde woord ook vaak gebruikt wordt voor het graf (Gen. 37:35; Job 17:13; Ps. 6:6 en Ps. 30:4; Spr. 1:12 en Spr. 27:20; Jes. 5:14 en Jes. 38:18; Openb. 20:13), en omdat in vers 27 gesproken wordt over de staat van Christus na Zijn dood en over Zijn opstanding daaruit, wordt het hier het beste verstaan van het graf, waarin de ziel van Christus, dat is: Christus naar Zijn lichaam, tot op de derde dag gelegen heeft.

Heilige Dat is, den Messias, die heilig, onnozel, onbesmet moest wezen, en afgezonderd van de zondaren, en dien de Vader tot dat ambt geheiligd heeft. Zo wordt dezelve doorgaans genoemd, Dan. 9:24 ; Marc. 1:24 ; 1 Joh. 2:20 ; Openb. 3:7 .

Hertaald: Heilige Dat is: de Messias, Die heilig, onschuldig en onbesmet moest zijn en afgezonderd van de zondaars, en Die de Vader tot dat ambt geheiligd heeft. Zo wordt Hij doorgaans genoemd; Dan. 9:24; Mark. 1:24; 1 Joh. 2:20; Openb. 3:7.

zien Dat is, gevoelen, of onderworpen te zijn.

Hertaald: zien Dat is: ondervinden, of eraan onderworpen zijn.

Handelingen 2 vers 28

bekend gemaakt; Dat is, medegedeeld, gegeven.

Hertaald: bekend gemaakt; Dat is: meegedeeld, gegeven.

Handelingen 2 vers 29

den patriarch Dat is, een van de voornaamste voorvaders des Ouden Testaments, hoedanige ook geweest zijn Abraham, Izak, Jakob op de twaalf hoofden van de stammen Israëls.

Hertaald: den patriarch Dat is: een van de voornaamste voorvaders van het Oude Testament, zoals ook Abraham, Izak en Jakob dat geweest zijn, en de twaalf hoofden van de stammen van Israël.

zijn graf is Waaruit blijkt dat Hij niet gesproken heeft van Zijn eigen vlees, hetwelk verrotting in het graf gezien heeft, en niet is opgewekt.

Hertaald: zijn graf is Daaruit blijkt dat hij niet over zijn eigen vlees gesproken heeft, dat wél verderf in het graf gezien heeft en niet is opgewekt.

Handelingen 2 vers 30

uit de vrucht Dat is, uit een van Zijne nakomelingen. Zie 2 Sam. 7:12 , en Ps. 132:11 , hetwelk in de maagd Maria vervuld is.

Hertaald: uit de vrucht Dat is: uit een van zijn nakomelingen. Zie 2 Sam. 7:12 en Ps. 132:11, wat in de maagd Maria vervuld is.

het vlees Dat is, de menselijke natuur; Rom. 1:3 .

Hertaald: het vlees Dat is: de menselijke natuur; Rom. 1:3.

troon te zetten; Namelijk Zijn koninklijken troon. Doch dit wordt verstaan niet van een werelds koninkrijk, hoedanig dat van David was, maar van een geestelijk en eeuwig koninkrijk, waarvan Davids koninkrijk een voorbeeld was; Luc. 1:32-33 ; Joh. 18:36 .

Hertaald: troon te zetten; Namelijk Zijn koninklijke troon. Dat moet echter niet verstaan worden van een werelds koninkrijk zoals dat van David was, maar van een geestelijk en eeuwig koninkrijk, waarvan Davids koninkrijk een voorbeeld was; Luk. 1:32-33; Joh. 18:36.

Handelingen 2 vers 31

ziel niet is Zie der verklaring van deze woorden vs.27.

Hertaald: ziel niet is Zie de verklaring van deze woorden bij vers 27.

Handelingen 2 vers 32

opgewekt; Namelijk uit de doden.

Hertaald: opgewekt; Namelijk uit de doden.

Handelingen 2 vers 33

door de Dat is, door Gods almachtige kracht; Ps. 44:4 . Anders, tot de rechterhand Gods verhoogd zijnde; namelijk als Hij opgestaan en ten hemel gevaren zijnde, gezeten is ter rechterhand Gods; Marc. 16:19 .

Hertaald: door de Dat is: door Gods almachtige kracht; Ps. 44:4. Anders: tot de rechterhand van God verhoogd zijnde, namelijk toen Hij na Zijn opstanding en hemelvaart aan de rechterhand van God gezeten is; Mark. 16:19.

belofte des Dat is, den beloofden Heiligen Geest.

Hertaald: belofte des Dat is: de beloofde Heilige Geest.

dit uitgestort, Dat is, de buitengewone gaven des Heiligen Geestes.

Hertaald: dit uitgestort, Dat is: de buitengewone gaven van de Heilige Geest.

Handelingen 2 vers 34

niet opgevaren Namelijk naar zijn lichaam, hetwelk in het graf overlang verrot is, en nog rust.

Hertaald: niet opgevaren Namelijk naar zijn lichaam, dat allang in het graf vergaan is en daar nog rust.

Zit aan Mijn Door het zitten ter rechterhand Gods wordt verstaan de allerhoogste eer, heerlijkheid en macht; gelijk onder de mensen gebruikelijk is, als men iemand op het hoogste wil vereren, dat men hem stelt aan zijne rechterhand; 1 Kon. 2:19 ; Ps. 45:10 . De verdere verklaring van deze woorden, zie Ps. 110:1 , enz.

Hertaald: Zit aan Mijn Met het zitten aan de rechterhand van God wordt de allerhoogste eer, heerlijkheid en macht bedoeld, zoals het onder de mensen gebruikelijk is dat men iemand die men het hoogst wil eren aan zijn rechterhand plaatst; 1 Kon. 2:19; Ps. 45:10. Zie voor de verdere verklaring van deze woorden Ps. 110:1, enzovoort.

Handelingen 2 vers 36

huis Israëls, Dat is, geslacht, of volk.

Hertaald: huis Israëls, Dat is: geslacht, of volk.

een Heere en Namelijk van zijne gemeente, of van het volk Gods.

Hertaald: een Heere en Namelijk van Zijn gemeente, of van het volk van God.

Christus Dat is, Messias, Gezalfde.

Hertaald: Christus Dat is: Messias, Gezalfde.

gemaakt heeft, Dat is, gesteld en verhoogd; Fil. 2:9 .

Hertaald: gemaakt heeft, Dat is: aangesteld en verhoogd; Filipp. 2:9.

Handelingen 2 vers 37

verslagen in Grieks werden doorstoken, of doorprikkeld; namelijk door het leedwezen hunner zonden aan Hem begaan.

Hertaald: verslagen in Grieks: werden doorstoken of doorpriemd; namelijk door het berouw over hun zonden die zij tegen Hem begaan hadden.

doen mannen broeders? Namelijk om de verdiende straf te ontvlieden, vergeving onzer zonden te verkrijgen, en zalig te worden.

Hertaald: doen mannen broeders? Namelijk om de verdiende straf te ontgaan, vergeving van onze zonden te verkrijgen en zalig te worden.

Handelingen 2 vers 38

Bekeert u, Namelijk van uw ongeloof en andere zonden.

Hertaald: Bekeert u, Namelijk van uw ongeloof en uw andere zonden.

in den Naam Zie Matt. 28:19 ; hoewel hier des Zoons naam alleen genoemd wordt, overmits Hij de Middelaar is des verbonds, waarvan de doop een zegel is, zo worden daarmede niet uitgesloten de Vader, die Hem gezonden heeft, en de Heilige Geest, die Hem gezalfd heeft. Zie ook de aantekeningen Hand. 8:16 .

Hertaald: in den Naam Zie Matth. 28:19. Hoewel hier alleen de naam van de Zoon genoemd wordt, omdat Hij de Middelaar van het verbond is waarvan de doop een zegel is, worden daarmee de Vader, Die Hem gezonden heeft, en de Heilige Geest, Die Hem gezalfd heeft, niet uitgesloten. Zie ook de aantekeningen bij Hand. 8:16.

tot vergeving Dat is, tot verzekering, dat uwe zonden om Christus' wil vergeven zijn, Hand. 22:16 ; want niet het water des doops, maar het bloed van Christus reinigt ons eigenlijk van al onze zonden; 1 Joh. 1:7 .

Hertaald: tot vergeving Dat is: tot verzekering dat uw zonden om Christus' wil vergeven zijn (Hand. 22:16); want niet het water van de doop, maar het bloed van Christus reinigt ons eigenlijk van al onze zonden; 1 Joh. 1:7.

de gave des Namelijk niet alleen de gaven des Heiligen Geestes, die alle gelovigen gemeen en ter zaligheid nodig zijn, maar ook deze buitengewone gaven, die wij nu ontvangen hebben, want deze werden toen ook aan andere gelovigen medegedeeld, tot verbreiding en bevestiging des Evangelies; Hand. 8:17 ; en Hand. 19:6 .

Hertaald: de gave des Namelijk niet alleen de gaven van de Heilige Geest die alle gelovigen gemeen hebben, en die tot zaligheid nodig zijn, maar ook die buitengewone gaven die wij nu ontvangen hebben; want die werden toen ook aan andere gelovigen meegedeeld tot verbreiding en bevestiging van het Evangelie; Hand. 8:17 en Hand. 19:6.

Handelingen 2 vers 39

de belofte Namelijk, die tevoren is verhaald uit Joël 2:28 , en dat ook volgens het verbond Gods, dat Hij met Abraham en zijn zaad gemaakt heeft; Gen. 17:7 .

Hertaald: de belofte Namelijk de belofte die tevoren uit Joël 2:28 aangehaald is, en dat ook overeenkomstig het verbond dat God met Abraham en zijn zaad gemaakt heeft; Gen. 17:7.

uw kinderen, Dat is, uwe zonen en dochteren; gelijk er staat Joël 2:28 .

Hertaald: uw kinderen, Dat is: uw zonen en dochters, zoals er staat in Joël 2:28.

verre zijn, Dat is, die nog namaals zullen geboren worden, van geslacht tot geslacht; of den heidenen; want die worden ook gezegd verre geweest te zijn; Jes. 57:19 ; Ef. 2:13 .

Hertaald: verre zijn, Dat is: zij die later nog geboren zullen worden, van geslacht tot geslacht; of de heidenen, want van hen wordt ook gezegd dat zij verre geweest zijn; Jes. 57:19; Ef. 2:13.

toe roepen zal Namelijk tot de uitverkoren Joden, door de predikatie des Evangelies.

Hertaald: toe roepen zal Namelijk tot de uitverkoren Joden, door de prediking van het Evangelie.

Handelingen 2 vers 40

Wordt behouden Dat is, onttrekt u, of scheidt u af, opdat gij behouden moogt worden.

Hertaald: Wordt behouden Dat is: onttrek u, of zonder u af, opdat u behouden mag worden.

verkeerd geslacht Grieks krom, slim; geslacht der schriftgeleerden en Farizeën, en der andere ongelovige Joden.

Hertaald: verkeerd geslacht Grieks: krom, verdraaid; namelijk het geslacht van de schriftgeleerden en farizeeën en van de andere ongelovige Joden.

Handelingen 2 vers 41

gaarne aannamen, Of, met behagen, gewilliglijk; daartoe door de genade Gods gewillig gemaakt zijnde.

Hertaald: gaarne aannamen, Of: met welgevallen, gewillig; namelijk doordat zij daartoe door de genade van God gewillig gemaakt waren.

zielen Dat is, personen; Gen. 46:27 .

Hertaald: zielen Dat is: personen; Gen. 46:27.

Handelingen 2 vers 42

volhardende in Zie Hand. 1:14 .

Hertaald: volhardende in Zie Hand. 1:14.

in de gemeenschap, Namelijk der heiligen in het algemeen, of in het bijzonder van de goederen, gelijk verklaard wordt vs.44,45.

Hertaald: in de gemeenschap, Namelijk de gemeenschap van de heiligen in het algemeen, of in het bijzonder die van de goederen, zoals verklaard wordt in vers 44 en 45.

in de breking Daardoor wordt verstaan, òf dat zij tezamen aten en dronken, òf dat zij het heilige Avondmaal met elkander hielden, Hand. 20:7 , hetwelk zij somwijlen beide tezamen deden, gelijk men zien kan 1 Kor. 11:21-22 .

Hertaald: in de breking Daaronder wordt verstaan óf dat zij samen aten en dronken, óf dat zij samen het heilig Avondmaal hielden (Hand. 20:7), wat zij soms allebei tegelijk deden, zoals men kan zien in 1 Kor. 11:21-22.

gebeden Namelijk die openlijk in de vergaderingen van de ganse gemeente geschiedden.

Hertaald: gebeden Namelijk de gebeden die openlijk plaatsvonden in de samenkomsten van de hele gemeente.

Handelingen 2 vers 43

ziel; en Zie vs.41.

Hertaald: ziel; en Zie vers 41.

Handelingen 2 vers 44

waren bijeen, Dat is, vergaderden dikwijls bij elkander in eene plaats.

Hertaald: waren bijeen, Dat is: zij kwamen vaak op één plaats bij elkaar.

gemeen; Namelijk wat aangaat het gebruik der goederen in tijd van nood, maar niet wat aangaat den eigendom derzelve, eer ze aan de apostelen waren overgeleverd; gelijk te zien is Hand. 5:4 .

Hertaald: gemeen; Namelijk wat het gebruik van de goederen in tijd van nood betreft, maar niet wat het eigendom ervan betreft voordat zij aan de apostelen waren overgedragen, zoals te zien is in Hand. 5:4.

Handelingen 2 vers 45

goederen en Grieks bezittingen.

Hertaald: goederen en Grieks: bezittingen.

Handelingen 2 vers 46

van huis tot Dat is, in de huizen, nu in het ene, dan in het andere.

Hertaald: van huis tot Dat is: in de huizen, nu eens in het ene en dan weer in het andere.

brood brekende, Zie vs.42.

Hertaald: brood brekende, Zie vers 42.

aten zij te Namelijk elkeen zijn deel toebrengende, om zich alzo matig met elkander te verheugen en onderling te stichten. Grieksn namen zij tezamen voedsel.

Hertaald: aten zij te Namelijk terwijl ieder zijn deel meebracht, om zich zo met elkaar met mate te verheugen en elkaar te stichten. Grieks: namen zij samen voedsel.

Handelingen 2 vers 47

genade bij het Dat is, gunst, aangenaamheid.

Hertaald: genade bij het Dat is: gunst, welgevallen.

deed dagelijks Dat is, wrocht krachtiglijk door Zijn Heiligen Geest in de harten der mensen, dat zij zich tot de gemeente der gelovigen voegden.

Hertaald: deed dagelijks Dat is: Hij werkte krachtig door Zijn Heilige Geest in de harten van de mensen, zodat zij zich bij de gemeente van de gelovigen voegden.

tot de Gemeente, die zalig werden Namelijk door het geloof in Christus.

Hertaald: tot de Gemeente, die zalig werden Namelijk door het geloof in Christus.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Doop met de Heilige Geest  — Onderscheiden van de waterdoop — de belofte van Christus dat de discipelen met/door de Heilige Geest gedoopt zouden worden, vervuld met Pinksteren en later herhaald bij de opname van de heidenen

Vlak voor Zijn hemelvaart gebiedt Jezus de discipelen niet uit Jeruzalem te vertrekken, maar de belofte des Vaders te verwachten. Die belofte zet Hij scherp tegenover de doop van Johannes: "Johannes doopte wel met water, maar gij zult met den Heiligen Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen" (Hand. 1:5). Daarop volgt de belofte van kracht om getuigen te zijn tot het uiterste der aarde (Hand. 1:8). Dit woord wordt vervuld op de Pinksterdag (hfst. 2). Petrus haalt het later, wanneer hij verantwoording aflegt over zijn optreden bij Cornelius, letterlijk terug: "Johannes doopte wel met water, maar gijlieden zult gedoopt worden met den Heiligen Geest" (Hand. 11:16) — en erkent daarmee dat de heidenen "evengelijke gave" ontvangen hadden als de Joden met Pinksteren (Hand. 11:17). Een derde, weer andere gelegenheid volgt te Efeze (hfst. 19), waar discipelen van Johannes, na christelijk onderricht en de doop in de Naam van Jezus, door handoplegging de Heilige Geest ontvangen.

Bijbelse betekenis: Dit is niet hetzelfde als de waterdoop zelf (reeds behandeld bij Doop, Matt. 3) en ook niet zonder meer hetzelfde als de voortdurende inwoning van de Trooster (Joh. 14, reeds behandeld). Het gaat om de historische, eenmalige gebeurtenissen waarin de Geest eerst zichtbaar en hoorbaar aan de Joodse gemeente werd gegeven (Pinksteren), en vervolgens met dezelfde tekenen onmiskenbaar aan de heidenen (Cornelius). Daarmee werd buiten twijfel gesteld dat heidengelovigen dezelfde Geest ontvangen en volwaardig lid zijn van het ene lichaam, zonder eerst Jood te worden of het juk van de wet te dragen (verder uitgewerkt bij het Jeruzalemse Concilie, Hand. 15). In Handelingen functioneert het dus als het goddelijk zegel op de uitbreiding van de zending (Jeruzalem, Samaria, het uiterste der aarde, Hand. 1:8). Het is dus geen herhaalbare, individueel na te streven tweede zegening los van de bekering zelf: te Efeze (hfst. 19) gaat het samen met het geloof en de doop, en niet ver daarna.

Typologie: Paulus trekt de leerstellige conclusie voor heel de gemeente-tijd: "ook wij allen zijn door een Geest tot een lichaam gedoopt; hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen" (1 Kor. 12:13). De eenmalige gebeurtenissen van Handelingen worden zo de grond voor de leer dat elke gelovige, zonder uitzondering, door de ene Geest met het lichaam van Christus verenigd is.

Hand. 1:4-5,8; Hand. 2:1-4; Hand. 10:44-47; Hand. 11:15-18; Hand. 19:1-6; 1 Kor. 12:13

Pinksteren / Uitstorting van de Heilige Geest  — Het Joodse Wekenfeest (vijftig dagen na Pascha), waarop de Heilige Geest zichtbaar en hoorbaar over de vergaderde gelovigen werd uitgestort en de nieuwtestamentische gemeente geboren werd

Terwijl de gelovigen eensgezind bijeen zijn, komt er uit de hemel een geluid als van een geweldige, gedreven wind, en verschijnen verdeelde tongen als van vuur op ieder van hen. Zij beginnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken (Hand. 2:1-4). Petrus verklaart de gebeurtenis onmiddellijk vanuit de Schrift: "dit is het, wat gesproken is door den profeet Joël" (Hand. 2:16), en citeert de belofte dat God Zijn Geest zal uitstorten op alle vlees (Hand. 2:17-21; Joël 2:28-32). De grond van de uitstorting ligt in Christus' verhoging: "Hij dan, door de rechter hand Gods verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort" (Hand. 2:33). Petrus roept op tot bekering en doop "tot vergeving der zonden" met de belofte van de gave des Heiligen Geestes. Daaraan voegt hij toe: "Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal" (Hand. 2:38-39). De belofte strekt zich dus uit tot ieder die de HEERE metterdaad roepen zal, niet automatisch tot ieder natuurlijk nageslacht. Drieduizend zielen worden diezelfde dag toegevoegd (Hand. 2:41).

Bijbelse betekenis: Pinksteren is de geboorte van de nieuwtestamentische gemeente als een door de Geest vervulde, aanbiddende en getuigende gemeenschap. De verscheidenheid van talen die nu eenstemmig Gods grote daden verkondigt, staat in schril contrast met de verwarring van talen bij Babel (Gen. 11).

Typologie: Paulus trekt de lijn van allen die verre zijn (Hand. 2:39) door in Rom. 10:12-13: "een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden" — geen onderscheid meer tussen Jood en Griek.

Hand. 2:1-4,16-21,33,38-41; Joël 2:28-32; Rom. 10:12-13

Gemeenschap der heiligen (eerste gemeente)  — De vier kenmerken van de eerste gemeente te Jeruzalem: volharding in de leer der apostelen, de gemeenschap, de breking des broods en de gebeden (Hand. 2:42), met een vrijwillige, radicale onderlinge goederengemeenschap

Na Pinksteren volhardt de gemeente "in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden" (Hand. 2:42), en verkopen gelovigen bezittingen om uit te delen naar ieders behoefte (Hand. 2:44-45). Dezelfde beschrijving keert terug in Hand. 4:32-35: "de menigte van degenen, die geloofden, was een hart en een ziel; en niemand zeide, dat iets van hetgeen hij had, zijn eigen ware, maar alle dingen waren hun gemeen." Dat dit vrijwillig was en geen afschaffing van particulier eigendom betekende, blijkt uit wat Petrus tot Ananias zei na diens leugen: "Zo het gebleven ware, bleef het niet uw, en verkocht zijnde, was het niet in uw macht?" (Hand. 5:4). De zonde lag dus niet in het achterhouden van geld, maar in het liegen tegen de Heilige Geest.

Bijbelse betekenis: Dit tekent de kenmerken van een ware, door de Geest vervulde gemeente: gezonde leer, onderlinge gemeenschap, de sacramenten/ordinantiën (de breking des broods) en het gebed, uitlopend in een vrijwillige, uit liefde voortkomende vrijgevigheid. Het is geen bindend patroon van gedwongen goederengemeenschap voor de kerk van alle tijden en plaatsen, maar een eenmalige Geestwerking van dat bijzondere moment en die bijzondere plaats.

Typologie: Paulus' collecte voor de armen te Jeruzalem (2 Kor. 8-9) toont dezelfde geest voortgezet als vrijwillige christelijke vrijgevigheid, niet als een herhaalde afschaffing van eigendom.

Hand. 2:42-47; Hand. 4:32-35; Hand. 5:4

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

De verlossing en de losser niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Door den bepaalden raad Gods, en door uw handen — 2:14-41

Vijftig dagen na het pascha staat Petrus op voor een menigte uit alle volken onder de hemel. Zeven weken eerder had hij zijn Meester nog verloochend bij een vuurtje. Nu houdt hij de eerste christelijke preek.

Petrus legt uit wat er gebeurd is met woorden uit Joël en David, en zet twee dingen naast elkaar die niet lijken te kunnen.

Hij begint met de profeet Joël, om de uitstorting van de Geest te verklaren. Daarna gaat het over Jezus van Nazareth, en dan valt de zin die het hart van de preek is: Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood.

Twee waarheden in één adem. God had het bepaald, van tevoren, in Zijn raad. En zíj hebben het gedaan, met eigen handen, schuldig. Petrus zwakt geen van beide af — hij zegt niet dat het toch Gods wil was en daarom niet zo erg, en ook niet dat God er verder buiten stond.

Dat is dezelfde gestalte als bij Jozef, die tegen zijn broers zei: gij hebt kwaad gedacht, doch God heeft dat ten goede gedacht. Alleen staat het hier scherper, omdat het om de grootste misdaad gaat die ooit begaan is.

Dan komt de opstanding, en Petrus onderbouwt haar niet met zijn eigen ooggetuigenis maar met Psalm 16: Gij zult Uw Heilige niet overgeven om verderving te zien. David is gestorven en begraven en zijn graf is er nog, redeneert hij; hij sprak dus niet over zichzelf. En hij haalt Psalm 110 aan over het zitten aan de rechterhand.

Het slot is een vaststelling: God heeft Hem tot een Heere en Christus gemaakt, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt. Zij worden verslagen in het hart en vragen wat zij doen moeten — dezelfde mannen die het gedaan hebben, krijgen te horen dat er vergeving is.

  1. Genesis 50:20 — Gij hebt kwaad gedacht, doch God heeft dat ten goede gedacht.
  2. Joël 2:28 — Ik zal Mijn Geest uitgieten over alle vlees.
  3. Psalm 16:10 — Gij zult Uw Heilige niet overgeven om verderving te zien.
  4. Handelingen 2:23 — Door den bepaalden raad Gods overgegeven — en door uw handen gedood.
  5. Handelingen 2:36 — God heeft Hem tot een Heere en Christus gemaakt.
  6. Handelingen 4:27-28 — Zij deden wat Uw raad tevoren bepaald had dat geschieden zou.

In het Nieuwe Testament: Handelingen 4:27-28; Lukas 24:44-47; 1 Korinthe 15:3-4; Romeinen 8:28

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Handelingen 2

Handelingen 2:1-8

KruisverwijzingenHandelingen 20:161 Korinthe 16:8Romeinen 15:6Handelingen 13:52Handelingen 4:31Markus 16:17Efeze 5:18Handelingen 9:17
— En als de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen. En er geschiedde haastelijk uit den hemel een geluid, gelijk als van een geweldigen, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten. En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen. En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken. En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn. En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken. En zij ontzetten zich allen, en verwonderden zich, zeggende tot elkander: Ziet, zijn niet alle dezen, die daar spreken, Galileers? En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn?

Deze mannen waren er verre van, veel talen te kunnen spreken. Zij konden op zichzelf niet eens één taal goed spreken. Het Galilese dialect was een grove verbastering van het echte Joodse taalgebruik. De Galileërs waren daarom altijd het mikpunt van spot om hun verkeerde uitspraak. In de oude rabbijnse geschriften staan verschillende verhalen die de Galileërs belachelijk maken. Toch hadden deze mannen nu geleerd hun eigen taal volmaakt te spreken. En, nog wonderlijker: talen die zij nooit gehoord hadden, stroomden nu met de grootste vloeiendheid uit hun mond. Hoe breed het bereik van die vreemde talen was, leren wij uit de volgende verzen.

Handelingen 2:1-13

KruisverwijzingenHandelingen 20:161 Korinthe 16:8Romeinen 15:6Handelingen 13:521 Petrus 1:1Handelingen 4:31Markus 16:17Efeze 5:18
— En als de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen. En er geschiedde haastelijk uit den hemel een geluid, gelijk als van een geweldigen, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten. En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen. En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken. En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn. En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken. En zij ontzetten zich allen, en verwonderden zich, zeggende tot elkander: Ziet, zijn niet alle dezen, die daar spreken, Galileers? En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn? Parthers, en Meders, en Elamieten, en de inwoners zijn van Mesopotamie, en Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie. En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt, en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten; Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods spreken. En zij ontzetten zich allen, en werden twijfelmoedig, zeggende, de een tegen den ander: Wat wil toch dit zijn? En anderen, spottende, zeiden: Zij zijn vol zoeten wijns.

De mensen die samenkwamen, waren zeer verbaasd de discipelen van Christus in hun eigen taal te horen spreken. Alle sprekers waren Joden, en kenden van nature geen andere taal dan hun eigen taal. Toch konden zij in allerlei talen spreken. Daarom zeiden sommige toehoorders spottend: “Zij zijn vol zoeten wijns.”

Handelingen 2:1

KruisverwijzingenHandelingen 20:161 Korinthe 16:8Romeinen 15:6Filippenzen 1:27Handelingen 4:32Handelingen 1:13Exodus 34:22Filippenzen 2:2
— En als de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eendrachtelijk bijeen.

De eerste les die wij uit dit geïnspireerde verslag van Pinksteren moeten leren, is dat wij geen opwekking mogen verwachten voordat er eenheid onder christenen is. De Geest van God zal een gemeente waar strijd heerst, niet bezoeken en zegenen. Deze discipelen in Jeruzalem “waren allen eendrachtelijk bijeen”, zoals vers 14 van het vorige hoofdstuk ons vertelt.

Handelingen 2:2-6

KruisverwijzingenHandelingen 13:52Handelingen 4:31Markus 16:17Efeze 5:18Handelingen 9:17Mattheüs 3:11Handelingen 13:9Handelingen 4:8
— En er geschiedde haastelijk uit den hemel een geluid, gelijk als van een geweldigen, gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten. En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen. En zij werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken. En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn. En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken.

Het was een grote reden tot verbazing dat mensen zonder enige voorafgaande scholing in vreemde talen konden spreken. Het geluid was buiten de opperzaal te horen, waar zij bijeen waren. Velen drongen naar de deur om te luisteren, en gingen dan weg om het vreemde nieuws te vertellen. Zo “kwam de menigte samen” —

Handelingen 2:6-7

KruisverwijzingenHandelingen 1:11Handelingen 2:12Handelingen 2:2Handelingen 3:11Mattheüs 2:32 Korinthe 2:121 Korinthe 16:9Markus 1:27
— En als deze stem geschied was, kwam de menigte samen, en werd beroerd, want een iegelijk hoorde hen in zijn eigen taal spreken. En zij ontzetten zich allen, en verwonderden zich, zeggende tot elkander: Ziet, zijn niet alle dezen, die daar spreken, Galileers?

“Deze mannen zijn Joden, en zij komen uit een plattelandsstreek waar de mensen meer dan gewoon ongeletterd zijn. Het is vreemd dat zij in vreemde talen kunnen spreken.”

Handelingen 2:8-11

Kruisverwijzingen1 Petrus 1:1Handelingen 18:2Handelingen 16:6Handelingen 13:13Handelingen 15:38Handelingen 18:232 Koningen 17:6Handelingen 6:9
— En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal, in welke wij geboren zijn? Parthers, en Meders, en Elamieten, en de inwoners zijn van Mesopotamie, en Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie. En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt, en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten; Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods spreken.

“Ik denk, goede heer, dat u uit Parthië komt?” “Inderdaad, en ik ben verbaasd deze Joden de Parthische taal te horen spreken.” “En u, heer?” “Ik kom uit Medië, en ik ben verwonderd hen de taal van de Meden te horen spreken; het is vreemd, hoogst vreemd. Wij horen ieder in onze eigen taal, waarin wij geboren zijn.”

Handelingen 2:9-11

Kruisverwijzingen1 Petrus 1:1Handelingen 18:2Handelingen 16:6Handelingen 13:13Handelingen 15:38Handelingen 18:232 Koningen 17:6Handelingen 6:9
— Parthers, en Meders, en Elamieten, en de inwoners zijn van Mesopotamie, en Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie. En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt, en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten; Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods spreken.

De vloek van Babel was nu weggenomen. Niet doordat Gods vloek zelf ongedaan gemaakt werd, want Gods vloeken en zegeningen zijn beide onveranderlijk, als de wetten van de Meden en Perzen. De mensen spraken nog altijd de talen van de verwarring. Maar de apostelen konden hen, na de wonderbare gave van tongen ontvangen te hebben, allen aanspreken. Zo werd de belofte van Jezus vervuld: “die in Mij gelooft, de werken, die Ik doe, zal hij ook doen; en zal meerder doen, dan deze; want Ik ga heen tot Mijn Vader.” Christus sprak zelf nooit in vele talen, en gaf Zijn discipelen die gave ook niet tijdens Zijn leven op aarde. Maar toen Hij naar de hemel was teruggekeerd tot Zijn Vader, en gaven voor de mensen ontvangen had, konden zij grotere werken doen. Zij deden meer dan Hijzelf hier beneden, in Zijn eigen bediening, had verricht.

Handelingen 2:12-13

Kruisverwijzingen1 Korinthe 14:23Handelingen 10:17Lukas 15:26Lukas 18:36Handelingen 17:20Handelingen 2:7Handelingen 2:15Jesaja 25:6
— En zij ontzetten zich allen, en werden twijfelmoedig, zeggende, de een tegen den ander: Wat wil toch dit zijn? En anderen, spottende, zeiden: Zij zijn vol zoeten wijns.

Stel dat een Libiër geluisterd had naar iemand die in de taal van Cappadocië sprak. Hij had dan kunnen denken dat de man slechts vreemde klanken uitsloeg, zonder enige betekenis. Voor anderen leek de geïnspireerde spraak van de apostelen alleen maar op het onsamenhangende gebrabbel van dronken mensen.

Zij hoorden talen die zij niet verstonden, net zo goed als talen die zij wel verstonden. Zo legden zij het wonderlijke schouwspel op de slechtst denkbare manier uit, en zeiden dat de sprekers dronken waren. Het is een teken van een boosaardig gemoed, wanneer wij bereid zijn kwade redenen toe te schrijven, terwijl er geen andere voorhanden is. Laten wij dat nooit doen, maar altijd bereid zijn al het goede van mensen te geloven dat wij kunnen.

Handelingen 2:14-20

KruisverwijzingenJesaja 44:3Handelingen 10:45Mattheüs 24:292 Petrus 3:10Joël 2:28Handelingen 21:9Johannes 7:39Hebreeën 1:2
— Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan. Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag. Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel: En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen. En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren. En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp. De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt.

Dit slaat ongetwijfeld eerst op de belegering van Jeruzalem, toen die vreemde tekenen aan de hemel gezien werden. Daarna slaat het op die veel grotere en beroemdere dag van de Heere, de dag van het oordeel. Dan zal de maan als bloed worden, en de zon zwart als een zak van ruw geitenhaar.

Handelingen 2:14-21

KruisverwijzingenJesaja 44:3Handelingen 10:45Mattheüs 24:292 Petrus 3:10Romeinen 10:12Joël 2:28Handelingen 21:9Johannes 7:39
— Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan. Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag. Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel: En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen. En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren. En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp. De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt. En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

Ik hield u niet op om te spreken over de maan die in bloed verandert, of de zon die tot middernacht verduisterd wordt. Die zaken zijn van weinig belang voor u en mij, vergeleken met deze zin: “een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Wat een gezegende deur van hoop is dit! Wat een venster, dat het licht van de hemel laat schijnen in de donkerste moedeloosheid! Wie zich tot God wendt door bekering, door geloof, door gebed, zal zalig worden.

Handelingen 2:14-15

KruisverwijzingenHandelingen 2:22Handelingen 1:26Handelingen 5:35Handelingen 7:2Jesaja 55:2Jesaja 58:1Hosea 8:1Jesaja 52:8
— Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan. Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag.

“Het is nog maar negen uur in de morgen; u kunt onmogelijk denken dat deze mannen dronken zijn.” Wij zouden het nauwelijks de moeite waard hebben gevonden zo’n opmerking op te merken. Maar Petrus wist de menigte te winnen, en hen op hun eigen terrein tegemoet te treden. Hij begon waar zij ophielden, maar ging verder met te zeggen wat zij weinig verwachtten te horen.

Handelingen 2:14

KruisverwijzingenHandelingen 2:22Handelingen 1:26Handelingen 5:35Handelingen 7:2Jesaja 55:2Jesaja 58:1Hosea 8:1Jesaja 52:8
— Maar Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem, en sprak tot hen: Gij Joodse mannen, en gij allen, die te Jeruzalem woont, dit zij u bekend, en laat mijn woorden tot uw oren ingaan.

Een grote menigte had zich op straat verzameld, en de apostelen spraken hen, onder goddelijke ingeving, in verschillende talen toe. Petrus trad als leider op de voorgrond: “Petrus, staande met de elven, verhief zijn stem.” Zij waren twaalf getuigen van de opstanding van Christus uit de doden, want zij hadden Hem gezien na Zijn opstanding, en met Hem gegeten. Zij vormden als het ware een jury van twaalf eerlijke en betrouwbare mannen, en Petrus gaf, als hun voorman, “staande met de elven”, hun oordeel!

Handelingen 2:15

KruisverwijzingenMattheüs 20:31 Thessalonicenzen 5:51 Samuël 1:15
— Want deze zijn niet dronken, gelijk gij vermoedt; want het is eerst de derde ure van de dag.

Om negen uur in de morgen kon men onmogelijk veronderstellen dat zij dronken waren geworden.

Handelingen 2:16-21

KruisverwijzingenJesaja 44:3Handelingen 10:45Mattheüs 24:292 Petrus 3:10Romeinen 10:12Joël 2:28Handelingen 21:9Johannes 7:39
— Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel: En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen. En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren. En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp. De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt. En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

Petrus sprak tot een Joods gehoor, en begon daarom met een aanhaling uit het Oude Testament. Hij deed er verstandig aan hun aandacht te winnen met een lang gedeelte uit een van hun eigen profeten. Nu komt hij dichter bij zijn hoofdpunt:

Handelingen 2:16-18

KruisverwijzingenJesaja 44:3Handelingen 10:45Joël 2:28Handelingen 21:9Johannes 7:39Hebreeën 1:2Titus 3:4Zacharia 12:10
— Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel: En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen. En ook op Mijn dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten, en zij zullen profeteren.

Elk lid van de christelijke gemeenschap zou door de Heilige Geest gezalfd moeten worden. De zegen zou niet zomaar hier en daar aan iemand gegeven worden, maar er zou een wonderlijke uitstorting komen, die op de hele menigte van gelovigen zou vallen.

Handelingen 2:19-21

KruisverwijzingenMattheüs 24:292 Petrus 3:10Romeinen 10:12Handelingen 22:16Mattheüs 28:19Joël 2:32Joël 2:30Amos 8:9
— En Ik zal wonderen geven in den hemel boven, en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur, en rookdamp. De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt. En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

Dit is een wonderlijk verband om zo’n belofte in te vinden: een verduisterde zon, een bloedrode maan — en toch: “een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Als het ergste tot het ergste komt, zal het gebed nog steeds gehoord worden, en zal het geloof tot zaligheid leiden! O, weergaloze genade van God! Is er niemand hier die nu Gods Naam wil aanroepen, voordat die boze dag in al zijn volheid aanbreekt? “Een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Ach, mocht ieder van u die belofte vastgrijpen! Men zegt dat een drenkeling naar een strohalm grijpt. Dit is geen strohalm, maar een heerlijk sterke reddingsboei; stap er slechts in, en zij zal u naar de heerlijkheid dragen.

Handelingen 2:20-27

KruisverwijzingenPsalmen 16:8Mattheüs 24:292 Petrus 3:10Romeinen 10:12Handelingen 4:28Lukas 22:22Handelingen 3:18Jesaja 50:7
— De zon zal veranderd worden in duisternis, en de maan in bloed, eer dat de grote en doorluchtige dag des Heeren komt. En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden. Gij Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet; Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood; Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden. Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde. Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope; Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien.

De hades, de wereld van de afgescheiden geesten —

Handelingen 2:21

KruisverwijzingenRomeinen 10:12Handelingen 22:16Mattheüs 28:19Joël 2:32Psalmen 86:5Hebreeën 4:161 Korinthe 1:2Handelingen 9:15
— En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

Wat een heerlijk evangelievers is dit! Dit is een van de grote reddingsboottekst en van de Bijbel. Wie in deze boot kan komen, zal zeker veilig naar de heerlijkheid varen. “Een iegelijk” — er is geen uitzondering naar karakter; hoe zijn verleden ook geweest mag zijn. “Die den Naam des Heeren zal aanroepen” — hier zijn geen harde voorwaarden. Gebed, vertrouwen, belijdenis van dat vertrouwen: dat alles samen is het aanroepen van de Naam van de Heere. En wie dat doet, zal niet slechts kunnen, maar “zal zalig worden.” Er is geen misschien bij, geen wellicht: “Een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.”

Handelingen 2:22-23

KruisverwijzingenHandelingen 4:28Lukas 22:22Handelingen 3:18Johannes 3:2Johannes 14:10Mattheüs 12:281 Petrus 1:20Mattheüs 26:24
— Gij Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet; Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;

Dit was gedurfd spreken, want Petrus richtte zich ongetwijfeld tot velen van diezelfde mensen die de Heere ter dood gebracht hadden. Hij beschuldigde hen er rechtstreeks van. Merk op hoe hij verklaart dat Christus’ dood overeenkwam met “den bepaalden raad en voorkennis Gods”, en toch uitdrukkelijk zegt dat zij Hem “door de handen der onrechtvaardigen” gekruisigd en gedood hadden. Het kwam bij Petrus niet op dat Gods raadsbesluit de mensen van de verantwoordelijkheid en schuld van hun daden zou ontslaan. Ook bij u hoeft dat niet op te komen. Mocht iemand u zeggen: “Als iets overeenkomt met Gods voorkennis en raad, hoe kan God dan wie het doet, de schuld geven?”, dan mag u hem vragen eerst uit te leggen wat hij bedoelt. Zegt hij dat er een moeilijkheid in zit, vraag hem dan die moeilijkheid te benoemen. Zij die het beter wisten dan de tegenwerper, konden er geen zien. Ook de geïnspireerde apostel Petrus zag er geen. En juist toen hij deze mannen het felst van schuld beschuldigde, zei hij tegelijk dat het door de bepaalde raad en voorkennis van God gebeurd was.

Waarlijk, hij was een vreemde pleiter, om in zijn betoog iets in te brengen dat gemakkelijk als verontschuldiging voor de beschuldigden uitgelegd kon worden. Maar er zit geen werkelijke verontschuldiging in. De vrije wil van de mens is even waar als de voorbeschikking van God; beide waarheden staan voor eeuwig vast. Het is de dwaasheid van de mens, te menen dat zij elkaar tegenspreken. Doet u kwaad, dan bent u voor dat kwaad verantwoordelijk. En al is er een voorzienigheid die alles beschikt — want die is er zeker — toch neemt die voorzienigheid geen mens de volle verantwoordelijkheid af voor wat hij doet. Zo sprak Petrus waarlijk tot deze Joden over Christus: “Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood.”

Hoe stoutmoedig legt hij de waarheid voor zijn hoorders neer! Hij wijt hun de moord op Christus rechtstreeks toe, en verzacht dat toch bekwaam met die inleiding over “den bepaalden raad en voorkennis Gods.” Dit is een zeer wonderlijk vers, want het toont ons dat alles door God voorbeschikt en voorzien is, en dat toch de mensen, wanneer zij goddeloos handelen, daarvoor verantwoordelijk zijn. Er is niemand op aarde die weet waar deze twee grote waarheden — de vrije wil van de mens en de goddelijke voorbeschikking — elkaar raken. Er zijn allerlei stelsels en vindingen geweest om de twee leerstukken met elkaar te verenigen; de ene groep heeft de ene waarheid ontkend, de andere groep de andere. Doe u zoiets nooit. Geloof ze beide, maar doe niet alsof u ze kunt verzoenen. Misschien zullen wij, in een andere staat, met een groter bevattingsvermogen dan wij nu bezitten, deze twee waarheden kunnen verzoenen. Ik weet niet zeker of wij dat zullen doen; en ik weet niet of zelfs engelen dit grote geheimenis begrijpen. Maar het is een grootse zaak om het geloof te oefenen, waar wij niet kunnen begrijpen wat ons geopenbaard is. Wie alleen gelooft wat hij kan begrijpen, zal een zeer kort geloofsbelijdenis hebben, en al spoedig geen enkele meer. Maar wie gelooft wat hij niet kan begrijpen, alleen omdat het hem door openbaring van God geleerd is, is de man die nederig met zijn God wandelt. Hij zal aangenomen worden. Ik dank God voor het geheimenis dat zoveel voor ons verbergt; waar zou er plaats zijn voor geloof, als alles zo klaar was als het abc?

Handelingen 2:22

KruisverwijzingenJohannes 3:2Johannes 14:10Mattheüs 12:28Hebreeën 2:4Handelingen 4:10Lukas 11:20Mattheüs 9:8Handelingen 21:28
— Gij Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft, in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet;

Merk op dat Petrus niet begint met de Godheid van Christus. Hij zal daar spoedig toe komen. Maar, als een wijs spreker, begint hij met punten waarover zij het allen eens waren, of die zij niet konden ontkennen. Hij noemt Christus daarom “een Man van God”, en herinnert hen aan “krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft” in hun midden. Zij wisten dat God Zijn zending zo bevestigd had, dus deed hij een beroep op hen ter bevestiging: “gelijk ook gijzelven weet.”

Handelingen 2:23

KruisverwijzingenHandelingen 4:28Lukas 22:22Handelingen 3:181 Petrus 1:20Mattheüs 26:24Psalmen 76:10Jesaja 46:10Handelingen 5:30
— Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood;

Er is in dit vers een wonderlijke vermenging van Gods voorbeschikking en toch de verantwoordelijkheid van de mens. Ik veronderstel dat onze beperkte vermogens nog niet kunnen onderscheiden waar deze twee zaken elkaar raken. Maar het geloof, bij gebrek aan elk ander vermogen, gelooft ze beide. Gods voorbeschikking verandert de morele aard van de daden van goddeloze mensen niet. De mens handelt vrij, even vrij alsof er geen goddelijke voorbeschikking was. Toch tast de vrije wil van de mens de voorkennis en voorbeschikking van God niet aan.

Handelingen 2:24-32

KruisverwijzingenPsalmen 16:8Jesaja 50:7Psalmen 62:61 Korinthe 6:142 Korinthe 4:14Handelingen 2:32Efeze 1:20Kolossenzen 2:12
— Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden. Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde. Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope; Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien. Gij hebt mij de wegen des levens bekend gemaakt; Gij zult mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht. Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag. Alzo hij dan een profeet was, en wist, dat God hem met ede gezworen had, dat hij uit de vrucht zijner lenden, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou, om Hem op zijn troon te zetten; Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien. Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.

Hier deed Petrus een beroep op de elf, en op alle discipelen die daar aanwezig waren en Jezus gezien hadden na Zijn opstanding uit de doden. Het moet een zeer indrukwekkend gezicht geweest zijn, toen zij allen opstonden om te getuigen dat zij de Christus, Die gekruisigd was, na Zijn dood levend gezien hadden. Het was een wonderlijk openbaar getuigenis van dat grootste van alle feiten: de opstanding uit de doden van Jezus van Nazareth, de Zoon van God.

Handelingen 2:24-28

KruisverwijzingenPsalmen 16:8Jesaja 50:7Psalmen 62:61 Korinthe 6:142 Korinthe 4:14Handelingen 2:32Efeze 1:20Kolossenzen 2:12
— Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden. Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde. Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope; Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien. Gij hebt mij de wegen des levens bekend gemaakt; Gij zult mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht.

Merk op hoe Petrus zich aan het Oude Testament houdt. Die aanhalingen gaven zijn betoog extra kracht, want zijn hoorders geloofden dat de oude Schriften de eigen stem van God waren, en daarom haalde hij er veel uit aan. Nadat hij uit de Psalmen had aangehaald, geeft Petrus dit commentaar op Davids woorden.

Handelingen 2:24

Kruisverwijzingen1 Korinthe 6:142 Korinthe 4:14Handelingen 2:32Efeze 1:20Kolossenzen 2:121 Petrus 1:21Hebreeën 13:20Galaten 1:1
— Welken God opgewekt heeft, de smarten des doods ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat Hij van denzelven dood zou gehouden worden.

Het was voor Hem mogelijk te sterven, maar het was niet mogelijk dat Hij in de banden van de dood gehouden zou worden.

Handelingen 2:25

KruisverwijzingenPsalmen 16:8Jesaja 50:7Psalmen 62:6Jesaja 41:13Psalmen 109:31Psalmen 62:2Psalmen 30:6Psalmen 21:7
— Want David zegt van Hem: Ik zag den Heere allen tijd voor mij; want Hij is aan mijn rechter hand, opdat ik niet bewogen worde.

Hij spreekt hier over Christus, in een Psalm die op het eerste gezicht op David zelf zou kunnen slaan. Maar zelfs de rabbijnen geloofden dat hij ook op de Messias sloeg, en wij weten dat hij inderdaad op de Messias sloeg.

Handelingen 2:27

KruisverwijzingenHandelingen 2:31Psalmen 89:19Lukas 1:35Psalmen 49:15Psalmen 86:13Openbaring 20:13Openbaring 1:18Psalmen 116:3
— Want Gij zult mijn ziel in de hel niet verlaten, noch zult Uw Heilige over geven, om verderving te zien.

David sprak over iemand die, hoewel hij zou sterven, in zijn lichaam nooit het natuurlijke gevolg van de dood zou voelen, namelijk verderving.

Handelingen 2:28-29

KruisverwijzingenHandelingen 13:361 Koningen 2:10Handelingen 7:8Hebreeën 7:4Psalmen 21:6Psalmen 16:11Nehemia 3:16Psalmen 21:4
— Gij hebt mij de wegen des levens bekend gemaakt; Gij zult mij vervullen met verheuging door Uw aangezicht. Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag.

Petrus vraagt de vrijheid om vrijuit te spreken. Dan geeft hij David, heel schrander, de hoge titel van patriarch, die hem gewoonlijk niet gegeven wordt, om zo hun aandacht en instemming te winnen: “Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag.” Daarom sprak hij, in de woorden die hij aanhaalde, niet over zichzelf.

Handelingen 2:29-32

KruisverwijzingenHandelingen 13:36Psalmen 16:10Handelingen 2:271 Koningen 2:10Handelingen 7:8Hebreeën 7:4Handelingen 2:24Handelingen 1:8
— Gij mannen broeders, het is mij geoorloofd vrij uit tot u te spreken van den patriarch David, dat hij beide gestorven en begraven is, en zijn graf is onder ons tot op dezen dag. Alzo hij dan een profeet was, en wist, dat God hem met ede gezworen had, dat hij uit de vrucht zijner lenden, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou, om Hem op zijn troon te zetten; Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien. Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.

Staande met de elf apostelen, en met de grotere groep discipelen achter hen, sprak Petrus deze nobele woorden: “Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.”

Handelingen 2:30-32

KruisverwijzingenPsalmen 16:10Handelingen 2:27Handelingen 2:24Handelingen 1:8Handelingen 3:152 Samuël 23:22 Petrus 1:212 Samuël 7:11
— Alzo hij dan een profeet was, en wist, dat God hem met ede gezworen had, dat hij uit de vrucht zijner lenden, zoveel het vlees aangaat, den Christus verwekken zou, om Hem op zijn troon te zetten; Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien. Dezen Jezus heeft God opgewekt; waarvan wij allen getuigen zijn.

Petrus wijst naar de elf om hem heen. Daar stonden zij, standvastig te midden van de golvende menigte, instemmend met de stoutmoedige verklaring van hun leider.

Handelingen 2:33

KruisverwijzingenHandelingen 1:4Handelingen 5:31Handelingen 10:45Markus 16:19Handelingen 2:17Johannes 14:261 Petrus 3:22Johannes 14:16
— Hij dan, door de rechter hand Gods verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort.

Was dat niet genoeg om hen te overtuigen? Zij zagen en hoorden de bewijzen van het werk van de Geest onder hen. En Petrus vertelde hun dat “dit” de gave was van Christus, Die naar omhoog was opgevaren. Het moet zeer aangrijpend geweest zijn, daar te staan, en deze tekenen te horen en te zien van Gods bevestiging op het werk van Jezus.

“Dit, wat voor u een geheimenis is, is het gevolg van Christus’ verhoging aan de rechterhand van Zijn Vader.”

Handelingen 2:33-35

KruisverwijzingenHandelingen 1:4Psalmen 110:1Handelingen 5:31Handelingen 10:45Markus 16:19Handelingen 2:17Johannes 14:261 Petrus 3:22
— Hij dan, door de rechter hand Gods verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort. Want David is niet opgevaren in de hemelen; maar hij zegt: De Heere heeft gesproken tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechter hand. Totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten.

Zie hoe hij zijn betoog met heldere en overtuigende redenering opbouwt.

Handelingen 2:34-36

KruisverwijzingenPsalmen 110:1Mattheüs 22:422 Thessalonicenzen 1:72 Korinthe 5:101 Korinthe 15:25Markus 12:36Lukas 20:42Efeze 1:22
— Want David is niet opgevaren in de hemelen; maar hij zegt: De Heere heeft gesproken tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechter hand. Totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten. Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt.

Wat een hoogtepunt van Petrus’ preek! Hoe eenvoudig en toch zegevierend is het betoog! Het verbaast ons niet dat mensen erdoor overtuigd werden.

Er lijkt niet veel oorspronkelijks of opvallends in die preek te zitten; het is zeker geen zeer sensationele preek; er zit geen fraaie beeldspraak in, geen dichterlijke versiering. Maar in eenvoudige, heldere taal bewijst Petrus dat Jezus Christus Degene is over Wie David in de Psalmen sprak. Dat was precies wat de mensen bewezen wilden zien; velen van hen waren gereed zulk een bewijs te aanvaarden, en zij aanvaardden het.

Handelingen 2:36

Kruisverwijzingen2 Thessalonicenzen 1:72 Korinthe 5:10Johannes 5:22Jeremia 33:14Handelingen 10:36Jeremia 31:31Lukas 2:11Handelingen 2:22
— Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt.

Hoe moeten deze mannen opgeschrikt zijn, toen hij bij het slot van zijn toespraak kwam, het punt waarop hij heel de tijd gemikt had!

Handelingen 2:36-37

KruisverwijzingenLukas 3:102 Thessalonicenzen 1:72 Korinthe 5:10Handelingen 7:54Handelingen 5:33Johannes 5:22Jeremia 33:14Handelingen 10:36
— Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus, Dien gij gekruist hebt. En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders?

Iets later in datzelfde boek lezen wij over hen die naar Stefanus’ scherpe, zwaardachtige woorden luisterden: “Als zij nu dit hoorden, berstten hun harten”, en spoedig daarna stenigden zij Stefanus dood. “Bersten van het hart” is niet genoeg, maar “verslagen in het hart” te zijn, is een dodelijke wond te ontvangen. Gelukkig is de man wiens zonde gedood is, doordat hij een dodelijke wond ontving van het zwaard van de Geest, dat het Woord van God is. Deze mensen, die naar Petrus’ prediking luisterden, werden verslagen in hun hart. Eerst wisten zij niet wat zij moesten doen, maar daarna waren zij vastbesloten, wat hun ook gezegd zou worden te doen, dat dadelijk te doen.

Handelingen 2:37

KruisverwijzingenLukas 3:10Handelingen 7:54Handelingen 5:33Johannes 16:8Handelingen 1:16Handelingen 22:10Handelingen 9:5Romeinen 7:9
— En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders?

Er is een groot verschil tussen bersten van het hart en verslagen zijn in het hart. Zij van wie het hart barstte, stenigden de prediker. Maar zij die verslagen zijn in het hart, geven een zoete gehoorzaamheid aan Gods wil: “Zij dan werden verslagen in het hart” —

De doeltreffende waarheid was tot in hun hart doorgedrongen, en zij waren erdoor gewond.

Dit waren misschien dezelfde mensen die spottend gezegd hadden: “Zij zijn vol zoeten wijns.” Zij begonnen slecht, maar eindigden goed. Ik hoop dat niemand van u hier gekomen is om te spotten. Maar had u dat wel gedaan, en ging u vervolgens naar buiten, verslagen in uw hart door de waarheid die u gehoord had, dan zou dat beter zijn. Dat is beter dan met aandacht binnen te komen, en dan onaangedaan naar buiten te gaan, zoals zovelen doen. God verhoede het!

Handelingen 2:37-40

KruisverwijzingenHandelingen 22:16Lukas 24:47Handelingen 8:12Handelingen 10:481 Petrus 3:21Handelingen 3:19Markus 16:16Handelingen 8:36
— En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders? En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal. En met veel meer andere woorden betuigde hij, en vermaande hen, zeggende: Wordt behouden van dit verkeerd geslacht!

Niet: “behoud uzelven”, maar: “behoud uzelven van dit verkeerde geslacht.” Kom uit hun midden vandaan. Zij zijn schuldig aan de dood van Christus; ook u zult daaraan schuldig bevonden worden, tenzij u zich nu losmaakt van de mensen die die vreselijke misdaad begingen. Kom recht uit hun midden vandaan, en scheid u geheel van hen af.

Dat wil zeggen: “Kom uit het midden van de goddelozen vandaan; laat de wereld achter u, en red uw leven.”

Handelingen 2:37-38

KruisverwijzingenHandelingen 22:16Lukas 24:47Handelingen 8:12Handelingen 10:481 Petrus 3:21Handelingen 3:19Markus 16:16Handelingen 8:36
— En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders? En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.

Niemand dan een dopersgezind voorganger had die preek kunnen houden. Wij zullen tenminste lang moeten wachten voordat wij een ander tegen een hele gemeente horen zeggen: “Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt.” Dit is inderdaad de volledige verkondiging van het evangelie, en wij hebben evenmin het recht de doop weg te laten als de bekering. “Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt.” Petrus was niet als die hyper-Calvinisten, die bang zijn een zondaar te vermanen omdat hij geestelijk dood is. Hij sprak vrijmoedig tot hen die gevraagd hadden: “Wat zullen wij doen?”, en zei hun: “Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden.”

Handelingen 2:38

KruisverwijzingenHandelingen 22:16Lukas 24:47Handelingen 8:12Handelingen 10:481 Petrus 3:21Handelingen 3:19Markus 16:16Handelingen 8:36
— En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen.

Verander uw denken geheel, wees bedroefd over wat u gedaan hebt, wijs uw daden af door een heilige bekering ervan: “Bekeert u” —

Petrus drong er bij hen op aan zich te bekeren, en riep hen op hun geloof te belijden door zich op Gods aangewezen wijze te laten dopen.

“U zult delen in deze wonderlijke openbaring, die u zo heeft verbaasd.”

Handelingen 2:39

KruisverwijzingenJoël 2:32Handelingen 15:8Efeze 4:4Romeinen 8:301 Korinthe 7:14Hebreeën 3:12 Petrus 1:10Jesaja 44:3
— Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal.

Welke belofte bedoelde Petrus? Wel, die belofte uit vers 21: “een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Die belofte is ook aan u gegeven, mijn hoorders, en aan uw kinderen, en aan allen die verre zijn, zelfs in het verste heidenland. Want het “een iegelijk” in de belofte geldt voor ieder die “den Naam des Heeren zal aanroepen.” Sluit uzelf dus niet buiten, en probeer ook anderen niet buiten te sluiten. Geloof de belofte, roep God aan, en u zult zalig worden.

Dit is een zeer gezegend vers. De belofte is voor ons, en voor onze nakomelingen; niet slechts voor onze kinderen, maar ook voor onze kleinkinderen, ja, en voor ons geslacht, zolang het nog voortduurt. En de volgende zinsnede, “en allen, die daar verre zijn”, bewijst dat de belofte ook voor de verafgelegenen is, met slechts deze beperking: “zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal.”

Handelingen 2:40

KruisverwijzingenMattheüs 17:17Deuteronomium 32:5Galaten 5:3Hebreeën 3:12Lukas 21:36Handelingen 15:322 Korinthe 5:20Spreuken 9:6
— En met veel meer andere woorden betuigde hij, en vermaande hen, zeggende: Wordt behouden van dit verkeerd geslacht!

Petrus getuigde eerst van de waarheid, en pleitte daarna bij zijn hoorders om zijn getuigenis aan te nemen. Elke ware voorganger zal beide doen: “getuigen en vermanen.” Sommigen vermanen voortdurend; zij roepen: “Geloof, geloof”, maar zeggen hun hoorders niet wat zij moeten geloven. Anderen getuigen voortdurend; zij prediken goede leer, maar willen zondaars niet vermanen zich te bekeren en het evangelie te geloven. Elk van beide is een bediening op één been, maar wij moeten twee benen hebben aan onze bediening, en, zoals Petrus, “getuigen en vermanen, zeggende: Wordt behouden van dit verkeerd geslacht.” “Kom uit het midden van hen die Christus kruisigden; verlaat het geslacht dat schuldig is aan het bloed van de Zoon van God; laat uw bekering en uw openbare doop tussen u en hen instaan; verklaar dat u niet bij hen hoort, maar bij Hem, Dien zij gekruisigd hebben, en Dien God verhoogd heeft.”

Niet: “behoud uzelven van de hel” — dat kan alleen Christus voor u doen — maar: “behoud uzelven van dit geslacht”, Behoud uzelf door moedig uit het midden van de goddelozen te komen. Neem het onderscheidende kenmerk van de christen op u, en scheid u zo af van hen op wie het vonnis van de dood zal vallen.

Handelingen 2:41-47

KruisverwijzingenHebreeën 10:25Handelingen 20:7Handelingen 1:14Handelingen 4:32Handelingen 2:46Handelingen 5:421 Johannes 1:3Hebreeën 10:39
— Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen. En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden. En een vreze kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedden door de apostelen. En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen; En zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden dezelve aan allen, naar dat elk van node had. En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten; En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden.

Ach, mochten wij dezelfde gezegende ervaring hebben! God geve het, om Christus’ wil! Amen.

Handelingen 2:41

KruisverwijzingenHandelingen 4:4Handelingen 2:47Handelingen 2:37Handelingen 16:31Handelingen 13:48Handelingen 1:15Handelingen 8:6Lukas 5:5
— Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.

Zij geloofden niet alleen wat hij zei, maar waren ook blij het te geloven. Zij erkenden dat zij zwaar gezondigd hadden, en verheugden zich dat er een belofte was die zelfs hun zonde bedekte: “een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.” Nadat zij zich bekeerd en geloofd hadden, werden zij gedoopt op belijdenis van hun geloof, volgens de ware Schriftuurlijke orde.

Handelingen 2:41-45

KruisverwijzingenHebreeën 10:25Handelingen 20:7Handelingen 1:14Handelingen 4:32Handelingen 2:461 Johannes 1:3Hebreeën 10:39Handelingen 4:4
— Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen. En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden. En een vreze kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedden door de apostelen. En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen; En zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden dezelve aan allen, naar dat elk van node had.

Wat een opmerkelijk voorbeeld was dit van de kracht van goddelijke genade! Gewoonlijk zouden wij niet verwachten dat het Joodse volk zo geneigd zou zijn tot enige overvloed van gemeenschappelijk bezit. Maar zie tot welke wonderen van vrijgevigheid de genade de eerste gelovigen aanzette, toen zij pas begon te dagen! Mochten wij tegenwoordig meer van diezelfde gulle geest hebben!

Handelingen 2:42

KruisverwijzingenHebreeën 10:25Handelingen 20:7Handelingen 1:14Handelingen 2:461 Johannes 1:3Hebreeën 10:39Johannes 8:311 Johannes 1:7
— En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden.

Zij geloofden de leer die door de apostelen onderwezen werd, en hadden gemeenschap met hen en met alle andere christenen met wie zij zich verbonden hadden. Zij probeerden niet, langs een soort ondergrondse weg naar de hemel te gaan zonder Christus te belijden. Nadat zij hun geloof in Christus beleden hadden, toonden zij hun toewijding aan Hem verder ook “in de breking des broods, en in de gebeden.” Ik weet niet hoeveel bidstonden zij hadden; zij moeten wel de hele dag door gebeden, geprezen en gepreekt hebben.

Handelingen 2:46

KruisverwijzingenHandelingen 5:42Handelingen 20:7Lukas 24:53Handelingen 2:42Handelingen 3:1Handelingen 1:13Handelingen 16:34Romeinen 12:8
— En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten;

Ik geloof dat, waar twee of drie discipelen van Christus ook samenkomen, zij bevoegd zijn het Avondmaal van de Heere te vieren. Die instelling is niet, zoals sommigen denken, een instelling van de gemeente, gebonden aan de officiële samenkomst van alle gelovigen. Waar twee of drie in Christus’ Naam samen zijn, daar is Hij. En waar Hij is, daar mogen de tekenen van Zijn gebroken lichaam en vergoten bloed genuttigd worden, tot Zijn gedachtenis.

Handelingen 2:47

KruisverwijzingenHandelingen 2:41Handelingen 16:5Handelingen 11:24Lukas 2:52Handelingen 2:39Romeinen 14:18Handelingen 5:13Handelingen 13:48
— En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente, die zalig werden.

Moge Hij hetzelfde doen aan al onze gemeenten, en Hij zal de eer hebben, tot in eeuwigheid! Amen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Verdiepende artikelen

Pinksteren

Preken

Een preek uitgesproken door C.H. Spurgeon, op zondagmorgen 24 mei 1863, in de Metropolitan Tabernacle, Newington. En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen…

Jouw strijdkreet

Voor Iedere Dag

Zing voor de HEERE een nieuw lied, want Hij heeft wonderen gedaan; Zijn rechterhand en Zijn heilige arm hebben Hem overwinning gebracht. (Psalm 98:1, EV) Lees verder Galaten…

Zeg dat zij verder moeten trekken

Voor Iedere Dag

Toen zei de HEERE tegen Mozes: Wat roept u tot Mij? Spreek tot de Israëlieten en zeg dat zij verder moeten trekken. (Exodus 14:15) Lees verder Mattheüs 28:16—20. Hoe…

Hand. 2:37‭ - Levenaanbrengende wonden

Preekaantekeningen

En als zij dit hoorden werden zij geprikt in hun hart." (1) Hand. 2:37 De rede van Petrus was geen tentoonspreiding van welsprekendheid; Het was ook evenmin een aandoenlijke pleitrede;…

Hand. 2:24‭ - Banden, die niet konden binden

Preekaantekeningen

"Welke God opgewekt heeft, de smarten van de dood ontbonden hebbende, alzo het niet mogelijk was, dat hij van zijn eigen dood gehouden zou worden." Hand. 2:24 Onze Heere…

Marc. 10:49,50‭ - De blinde bedelaar van Jericho

Preekaantekeningen

En Jezus stilstaande, zei, dat men hem roepen zou; en zij riepen de blinde, zeggende tot hem: Heb goede moed, sta op, hij roept u. "En hij, zijn…

De kracht van de Heilige Geest

Voor Iedere Dag

De kracht van de Heilige Geest. Romeinen 15:13 Verder lezen: Handelingen 2:1-21 Binnen een paar jaar, ik weet niet wanneer en ik weet niet hoe, zal de Heilige Geest worden…

Een belofte voor ons en onze kinderen

Voor Iedere Dag

Want Ik zal water gieten op het dorstige… Ik zal Mijn Geest op uw nageslacht gieten… Zij zullen opkomen tussen het gras, als wilgen aan de waterstromen. De…

Een gezicht van een jongeling

Preken

Uw jongelingen zullen gezichten zien. Handelingen 2:17 Veel gezichten hebben tot de rampzaligste gevolgen geleid. Toen Napoleon een gezicht zag van een wereldrijk, waarover hij, met de Franse adelaar…

Tot in eeuwigheid Dezelfde

Nabij De Zon

Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien. Handelingen 2:31 Wat…

De gezegende gemeenschap

Aan De Voeten Van De Meester

En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden. Handelingen 2:42 Jullie, die nog…

En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest. Handelingen 2:4 Als wij vandaag allemaal met de Heilige Geest vervuld werden,…

Het teken van het discipelschap

Aan De Voeten Van De Meester

En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de…

Godzijdank is het zo!

Aan De Voeten Van De Meester

En het zal zijn, dat een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden. Handelingen 2:21 Er is hier een ruim woord, een zeer Ruim…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content