Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
i
Over deze StudieBijbel
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.
De Bijbeltekst
De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.
De kanttekeningen
De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.
De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.
De verklaring van Dächsel
Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.
Namen, plaatsen en begrippen
De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.
Christus in dit hoofdstuk
Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.
Waarom deze uitgave bijzonder is
Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.
Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.
1En het geschiedde na deze dingen, dat de schenker des konings van Egypte en de bakker, zondigden tegen hun heer, tegen den koning van Egypte.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1En het geschieddeH1961naH310dezeH428 dingen, dat de schenkerH8248 des koningsH4428 van EgypteH4714 en de bakkerH644, zondigdenH2398 tegen hun heerH113, tegen den koningH4428 van EgypteH4714.En het geschiedde na deze dingen, dat de schenker des konings van Egypte en de bakker, zondigden tegen hun heer, tegen den koning van Egypte.
KJVAnd it came to pass after2these things,3that the butlerof the king7of Egypt8and his baker9had offended5their lord10the king11of Egypt.
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
2Zodat Farao zeer toornig werd op zijn twee hovelingen, op den overste der schenkers, en op den overste der bakkers.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2Zodat FaraoH6547 zeer toornigH7107 werd opH5921 zijn tweeH8147hovelingenH5631, opH5921 den oversteH8269 der schenkersH8248, en opH5921 den oversteH8269 der bakkersH644.Zodat Farao zeer toornig werd op zijn twee hovelingen, op den overste der schenkers, en op den overste der bakkers.
KJVAnd Pharaoh2was wroth1against3two4of his officers,5against the chief7of the butlers,and against the chief10of the bakers.
1וַיִּקְצֹ֣ףH7107toornig, verbolgen, vertoornd(be) anger(-ry), displease, fret self, (provoke to) wrath (come), be wroth2פַּרְעֹ֔הH6547FaraoPharaoh3עַ֖לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with4שְׁנֵ֣יH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two5סָרִיסָ֑יוH5631kamerlingen, hovelingen, kamerlingchamberlain, eunuch, officer. Compare H7249 (רַב־סָרִיס)6עַ֚לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with7שַׂ֣רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward8הַמַּשְׁקִ֔יםH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered9וְעַ֖לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10שַׂ֥רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward11הָאוֹפִֽיםH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
3En hij leverde hen in bewaring, ten huize van den overste der trawanten, in het gevangenhuis, ter plaatse, waar Jozef gevangen was.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
3En hij leverdeH5414 hen in bewaringH4929, ten huizeH1004 van den oversteH8269 der trawantenH2876, in het gevangenhuisH1004, ter plaatseH4725, waar JozefH3130gevangenH631 was.En hij leverde hen in bewaring, ten huize van den overste der trawanten, in het gevangenhuis, ter plaatse, waar Jozef gevangen was.
KJVAnd he put1them in ward3in the house4of the captain5of the guard,6into the prison,8the place10where Joseph12was bound.
1וַיִּתֵּ֨ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield2אֹתָ֜םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3בְּמִשְׁמַ֗רH4929wacht, bewaring, wachtendiligence, guard, office, prison, ward, watch4בֵּ֛יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)5שַׂ֥רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward6הַטַבָּחִ֖יםH2876trawanten, kokcook, guard7אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)8בֵּ֣יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)9הַסֹּ֑הַרH5470gevangenisprison10מְק֕וֹםH4725plaats, plaatsen, plaatsecountry, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever)11אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection12יוֹסֵ֖ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)13אָס֥וּרH631gebonden, verbonden, bindenbind, fast, gird, harness, hold, keep, make ready, order, prepare, prison(-er), put in bonds, set in array, tie14שָֽׁםH8033daar, aldaar, derwaartsin it, [phrase] thence, there (-in, [phrase] of, [phrase] out), [phrase] thither, [phrase] whither
4En de overste der trawanten bestelde Jozef bij hen, dat hij hen diende; en zij waren sommige dagen in bewaring.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
4En de oversteH8269 der trawantenH2876besteldeH6485JozefH3130bijH854 hen, dat hij hen diendeH8334; en zij waren sommige dagenH3117 in bewaringH4929.En de overste der trawanten bestelde Jozef bij hen, dat hij hen diende; en zij waren sommige dagen in bewaring.
KJVAnd the captain2of the guard3charged1Joseph5with them, and he served7them: and they continued a season10in ward.
1וַ֠יִּפְקֹדH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want2שַׂ֣רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward3הַטַּבָּחִ֧יםH2876trawanten, kokcook, guard4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5יוֹסֵ֛ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)6אִתָּ֖םH854met, van, bijagainst, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix7וַיְשָׁ֣רֶתH8334dienen, dienaars, diendeminister (unto), (do) serve(-ant, -ice, -itor), wait on8אֹתָ֑םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9וַיִּהְי֥וּH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use10יָמִ֖יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger11בְּמִשְׁמָֽרH4929wacht, bewaring, wachtendiligence, guard, office, prison, ward, watch
5Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom, in een nacht, elk naar de uitlegging zijns drooms, de schenker en de bakker, die des konings van Egypte waren, die gevangen waren in het gevangenhuis.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
5Zij droomdenH2492 nu beidenH8147 een droomH2472, elkH376 zijn droomH2472, in eenH259nachtH3915, elkH376 naar de uitleggingH6623 zijns droomsH2472, de schenkerH8248 en de bakkerH644, dieH834 des koningsH4428 van EgypteH4714 waren, dieH834gevangenH631 waren in het gevangenhuisH1004.Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom, in een nacht, elk naar de uitlegging zijns drooms, de schenker en de bakker, die des konings van Egypte waren, die gevangen waren in het gevangenhuis.
KJVAnd they dreamed1a dream2both of them,3each man4his dream5in one7night,6each man8according to the interpretation9of his dream,10the butlerand the baker12of the king14of Egypt,15which were bound17in the prison.18
1וַיַּֽחַלְמוּ֩H2492gedroomd, droomde, dromen(cause to) dream(-er), be in good liking, recover2חֲל֨וֹםH2472droom, dromen, droomsdream(-er)3שְׁנֵיהֶ֜םH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two4אִ֤ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)5חֲלֹמוֹ֙H2472droom, dromen, droomsdream(-er)6בְּלַ֣יְלָהH3915nacht, nachts, nachten(mid-)night (season)7אֶחָ֔דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,8אִ֖ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)9כְּפִתְר֣וֹןH6623uitlegging, uitleggingeninterpretation10חֲלֹמ֑וֹH2472droom, dromen, droomsdream(-er)11הַמַּשְׁקֶ֣הH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered12וְהָאֹפֶ֗הH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))13אֲשֶׁר֙H834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection14לְמֶ֣לֶךְH4428koning, konings, koningenking, royal15מִצְרַ֔יִםH4714Egypte, Egyptenaren, EgyptenaarsEgypt, Egyptians, Mizraim16אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection17אֲסוּרִ֖יםH631gebonden, verbonden, bindenbind, fast, gird, harness, hold, keep, make ready, order, prepare, prison(-er), put in bonds, set in array, tie18בְּבֵ֥יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)19הַסֹּֽהַרH5470gevangenisprison
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
6En Jozef kwam des morgens tot hen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
6En JozefH3130kwamH935 des morgensH1242 tot hen, en hij zagH7200 hen aan, en zietH2005, zij waren ontsteldH2196.En Jozef kwam des morgens tot hen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld.
KJVAnd Joseph3came in1unto them in the morning,4and looked5upon them, and, behold, they were sad.
1וַיָּבֹ֧אH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way2אֲלֵיהֶ֛םH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3יוֹסֵ֖ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)4בַּבֹּ֑קֶרH1242morgen, morgens, morgenstond([phrase]) day, early, morning, morrow5וַיַּ֣רְאH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions6אֹתָ֔םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7וְהִנָּ֖םH2005ziet, ziebehold, if, lo, though8זֹעֲפִֽיםH2196toornig, droeviger, ontsteldfret, sad, worse liking, be wroth
7Toen vraagde hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis zijns heren, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld?
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
7Toen vraagdeH7592 hij de hovelingenH5631 van FaraoH6547, dieH834 bij hem waren in hechtenisH4929 van het huisH113 zijns herenH1004, zeggendeH559: Waarom zijn uw aangezichtenH6440hedenH3117kwalijkH7451 gesteld?Toen vraagde hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis zijns heren, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld?
KJVAnd he asked1Pharaoh's4officers3that were with him in the ward7of his lord's9house,8saying,10Wherefore look12ye so sadly13to day?
1וַיִּשְׁאַ֞לH7592vraagde, vragen, begeerdask (counsel, on), beg, borrow, lay to charge, consult, demand, desire, [idiom] earnestly, enquire, [phrase] greet, obtain leave, lend, pray, request, require, [phrase] salute, [idiom] straitly, [idiom] surely, wish2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3סְרִיסֵ֣יH5631kamerlingen, hovelingen, kamerlingchamberlain, eunuch, officer. Compare H7249 (רַב־סָרִיס)4פַרְעֹ֗הH6547FaraoPharaoh5אֲשֶׁ֨רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6אִתּ֧וֹH854met, van, bijagainst, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix7בְמִשְׁמַ֛רH4929wacht, bewaring, wachtendiligence, guard, office, prison, ward, watch8בֵּ֥יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)9אֲדֹנָ֖יוH113heer, heren, Heerelord, master, owner. Compare also names beginning with 'Adoni-'10לֵאמֹ֑רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet11מַדּ֛וּעַH4069waarom?how, wherefore, why12פְּנֵיכֶ֥םH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you13רָעִ֖יםH7451kwaad, kwade, bozeadversity, affliction, bad, calamity, [phrase] displease(-ure), distress, evil((-favouredness), man, thing), [phrase] exceedingly, [idiom] great, grief(-vous), harm, heavy, hurt(-ful), ill (favoured), [phrase] mark, mischief(-vous), misery, naught(-ty), noisome, [phrase] not please, sad(-ly), sore, sorrow, trouble, vex, wicked(-ly, -ness, one), worse(-st), wretchedness, wrong. (Incl. feminine raaah; as adjective or noun.)14הַיּֽוֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger
8En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd, en er is niemand, die hem uitlegge. En Jozef zeide tot hen: Zijn de uitleggingen niet van God? Vertelt ze mij toch.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
8En zij zeidenH559totH413 hem: Wij hebben een droomH2472gedroomdH2492, en er is niemandH369, die hem uitleggeH6622. En JozefH3130zeideH559totH413 hen: Zijn de uitleggingenH6623nietH3808 van GodH430? VerteltH5608 ze mij tochH4994.En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd, en er is niemand, die hem uitlegge. En Jozef zeide tot hen: Zijn de uitleggingen niet van God? Vertelt ze mij toch.
KJVAnd they said1unto him, We have dreamed4a dream,3and there is no interpreter5of it. And Joseph10said8unto them, Do not interpretations13belong to God?12tell me
1וַיֹּאמְר֣וּH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet2אֵלָ֔יוH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3חֲל֣וֹםH2472droom, dromen, droomsdream(-er)4חָלַ֔מְנוּH2492gedroomd, droomde, dromen(cause to) dream(-er), be in good liking, recover5וּפֹתֵ֖רH6622leide, uitlegge, uitgelegdinterpret(-ation, -er)6אֵ֣יןH369geen, niet, niemandelse, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן)7אֹת֑וֹH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)8וַיֹּ֨אמֶרH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet9אֲלֵהֶ֜םH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)10יוֹסֵ֗ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)11הֲל֤וֹאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without12לֵֽאלֹהִים֙H430God, Gods, godenangels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty13פִּתְרֹנִ֔יםH6623uitlegging, uitleggingeninterpretation14סַפְּרוּH5608schrijver, vertellen, tellencommune, (ac-) count; declare, number, [phrase] penknife, reckon, scribe, shew forth, speak, talk, tell (out), writer15נָ֖אH4994toch, doch, OchI beseech (pray) thee (you), go to, now, oh16לִֽי
9Toen vertelde de overste der schenkers Jozef zijn droom, en zeide tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
9Toen verteldeH5608 de oversteH8269 der schenkersH8248JozefH3130 zijn droomH2472, en zeideH559 tot hem: In mijn droomH2472, zieH2009, zo was een wijnstokH1612 voor mijn aangezichtH6440;Toen vertelde de overste der schenkers Jozef zijn droom, en zeide tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht;
KJVAnd the chief2butlertold1his dream5to Joseph,6and said7to him, In my dream,9behold, a vine11was before me;
1וַיְסַפֵּ֧רH5608schrijver, vertellen, tellencommune, (ac-) count; declare, number, [phrase] penknife, reckon, scribe, shew forth, speak, talk, tell (out), writer2שַֽׂרH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward3הַמַּשְׁקִ֛יםH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered4אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5חֲלֹמ֖וֹH2472droom, dromen, droomsdream(-er)6לְיוֹסֵ֑ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)7וַיֹּ֣אמֶרH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet8ל֔וֹ9בַּחֲלוֹמִ֕יH2472droom, dromen, droomsdream(-er)10וְהִנֵּהH2009ziet, ziebehold, lo, see11גֶ֖פֶןH1612wijnstok, wijnstokken, wijnstoksvine, tree12לְפָנָֽיH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
10En aan den wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende, zijn bloeisel ging op, zijn trossen brachten rijpe druiven voort.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
10En aan den wijnstokH1612 waren drieH7969rankenH8299; en hijH1931 was als bottendeH6524, zijn bloeiselH5322 ging op, zijn trossenH811brachtenH5927rijpeH1310druivenH6025 voort.En aan den wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende, zijn bloeisel ging op, zijn trossen brachten rijpe druiven voort.
KJVAnd in the vine1were three2branches:3and it was as though it budded,5and her blossoms7shot forth;6and the clusters9thereof brought forth ripe8grapes:
1וּבַגֶּ֖פֶןH1612wijnstok, wijnstokken, wijnstoksvine, tree2שְׁלֹשָׁ֣הH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)3שָׂרִיגִ֑םH8299rankenbranch4וְהִ֤יאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who5כְפֹרַ֨חַת֙H6524bloeien, groeien, groenen[idiom] abroad, [idiom] abundantly, blossom, break forth (out), bud, flourish, make fly, grow, spread, spring (up)6עָלְתָ֣הH5927optrekken, toog, opkomenarise (up), (cause to) ascend up, at once, break (the day) (up), bring (up), (cause to) burn, carry up, cast up, [phrase] shew, climb (up), (cause to, make to) come (up), cut off, dawn, depart, exalt, excel, fall, fetch up, get up, (make to) go (away, up); grow (over) increase, lay, leap, levy, lift (self) up, light, (make) up, [idiom] mention, mount up, offer, make to pay, [phrase] perfect, prefer, put (on), raise, recover, restore, (make to) rise (up), scale, set (up), shoot forth (up), (begin to) spring (up), stir up, take away (up), work7נִצָּ֔הּH5322sperwer, bloeiselblossom, hawk8הִבְשִׁ֥ילוּH1310koken, gezoden, gekooktbake, boil, bring forth, roast, seethe, sod (be sodden)9אַשְׁכְּלֹתֶ֖יהָH811tros, trossen, beziencluster (of grapes)10עֲנָבִֽיםH6025druiven, wijndruiven, wijn(ripe) grape, wine
11En Farao's beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao's beker, en ik gaf den beker op Farao's hand.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
11En FaraoH6547's bekerH3563 was in mijn hand; en ik namH3947 die druivenH6025, en drukteH7818 ze uit in FaraoH6547's bekerH3563, en ik gafH5414 den bekerH3563opH5921FaraoH6547's hand.En Farao's beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao's beker, en ik gaf den beker op Farao's hand.
Ook in dit vers
handH3027
handH3709
KJVAnd Pharaoh's2cup1was in my hand:3and I took4the grapes,6and pressed7them into Pharaoh's11cup,10and I gave12the cup14into Pharaoh's17hand.
1וְכ֥וֹסH3563beker, bekers, steenuilcup, (small) owl. Compare H3599 (כִּיס)2פַּרְעֹ֖הH6547FaraoPharaoh3בְּיָדִ֑יH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves4וָאֶקַּ֣חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win5אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6הָֽעֲנָבִ֗יםH6025druiven, wijndruiven, wijn(ripe) grape, wine7וָֽאֶשְׂחַ֤טH7818druktepress8אֹתָם֙H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)10כּ֣וֹסH3563beker, bekers, steenuilcup, (small) owl. Compare H3599 (כִּיס)11פַּרְעֹ֔הH6547FaraoPharaoh12וָאֶתֵּ֥ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield13אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)14הַכּ֖וֹסH3563beker, bekers, steenuilcup, (small) owl. Compare H3599 (כִּיס)15עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with16כַּ֥ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon17פַּרְעֹֽהH6547FaraoPharaoh
12Toen zeide Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
12Toen zeideH559JozefH3130 tot hem: DitH2088 is zijn uitleggingH6623: de drieH7969rankenH8299 zijn drieH7969dagenH3117.Toen zeide Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.
KJVAnd Joseph3said1unto him, This is the interpretation5of it: The three6branches7are three8days:
1וַיֹּ֤אמֶרH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet2לוֹ֙3יוֹסֵ֔ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)4זֶ֖הH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)5פִּתְרֹנ֑וֹH6623uitlegging, uitleggingeninterpretation6שְׁלֹ֨שֶׁת֙H7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)7הַשָּׂ֣רִגִ֔יםH8299rankenbranch8שְׁלֹ֥שֶׁתH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)9יָמִ֖יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger10הֵֽםH1992zij, die, hunit, like, [idiom] (how, so) many (soever, more as) they (be), (the) same, [idiom] so, [idiom] such, their, them, these, they, those, which, who, whom, withal, ye
13Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen, en zal u in uw staat herstellen; en gij zult Farao's beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenker waart.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
13Binnen nogH5750drieH7969dagenH3117 zal FaraoH6547 uw hoofdH7218verheffenH5375, en zal u in uw staatH3653herstellenH7725; en gij zult FaraoH6547's bekerH3563 in zijn handH3027gevenH5414, naar de vorigeH7223wijzeH4941, toen gij zijn schenkerH8248waartH1961.Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen, en zal u in uw staat herstellen; en gij zult Farao's beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenker waart.
KJVYet1within three2days3shall Pharaoh5lift up4thine head,7and restore8thee unto thy place:10and thou shalt deliver11Pharaoh's13cup12into his hand,14after the former16manner15when thou wast his butler.
1בְּע֣וֹדH5750meer, nog, wederomagain, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within)2שְׁלֹ֣שֶׁתH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)3יָמִ֗יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger4יִשָּׂ֤אH5375dragen, hief, droegenaccept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield5פַרְעֹה֙H6547FaraoPharaoh6אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7רֹאשֶׁ֔ךָH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top8וַהֲשִֽׁיבְךָ֖H7725wederkeren, keerde, keren((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw9עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10כַּנֶּ֑ךָH3653voet, staat, rechtbase, estate, foot, office, place, well11וְנָתַתָּ֤H5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield12כוֹסH3563beker, bekers, steenuilcup, (small) owl. Compare H3599 (כִּיס)13פַּרְעֹה֙H6547FaraoPharaoh14בְּיָד֔וֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves15כַּמִּשְׁפָּט֙H4941recht, rechten, gericht[phrase] adversary, ceremony, charge, [idiom] crime, custom, desert, determination, discretion, disposing, due, fashion, form, to be judged, judgment, just(-ice, -ly), (manner of) law(-ful), manner, measure, (due) order, ordinance, right, sentence, usest, [idiom] worthy, [phrase] wrong16הָֽרִאשׁ֔וֹןH7223eerste, vorige, eerstenancestor, (that were) before(-time), beginning, eldest, first, fore(-father) (-most), former (thing), of old time, past17אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection18הָיִ֖יתָH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use19מַשְׁקֵֽהוּH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
14Doch gedenk mijner bij uzelven, wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
14DochH3588gedenkH2142 mijner bijH854 uzelven, wanneer het u wel gaan zal, en doeH6213tochH4994weldadigheidH2617aanH413 mij, en doe van mij meldingH2142 bij FaraoH6547, en maakH4480, dat ik uit ditH2088huisH1004komeH3318.Doch gedenk mijner bij uzelven, wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome.
KJVBut think3on me when it shall be well6with thee, and shew8kindness,11I pray thee, unto me, and make mention12of me unto Pharaoh,14and bring me15out of this house:
1כִּ֧יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet2אִםH518zo, indien, of(and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet3זְכַרְתַּ֣נִיH2142gedenken, gedacht, Gedenk[idiom] burn (incense), [idiom] earnestly, be male, (make) mention (of), be mindful, recount, record(-er), remember, make to be remembered, bring (call, come, keep, put) to (in) remembrance, [idiom] still, think on, [idiom] well4אִתְּךָ֗H854met, van, bijagainst, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix5כַּאֲשֶׁר֙H834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6יִ֣יטַבH3190goed, welga, weldoenbe accepted, amend, use aright, benefit, be (make) better, seem best, make cheerful, be comely, [phrase] be content, diligent(-ly), dress, earnestly, find favour, give, be glad, do (be, make) good(-ness), be (make) merry, please ([phrase] well), shew more (kindness), skilfully, [idiom] very small, surely, make sweet, thoroughly, tire, trim, very, be (can, deal, entreat, go, have) well (said, seen)7לָ֔ךְ8וְעָשִֽׂיתָH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use9נָּ֥אH4994toch, doch, OchI beseech (pray) thee (you), go to, now, oh10עִמָּדִ֖יH5978met, bijagainst, by, from, [phrase] me, [phrase] mine, of, [phrase] that I take, unto, upon, with(-in.)11חָ֑סֶדH2617goedertierenheid, weldadigheid, goedertierenhedenfavour, good deed(-liness, -ness), kindly, (loving-) kindness, merciful (kindness), mercy, pity, reproach, wicked thing12וְהִזְכַּרְתַּ֨נִי֙H2142gedenken, gedacht, Gedenk[idiom] burn (incense), [idiom] earnestly, be male, (make) mention (of), be mindful, recount, record(-er), remember, make to be remembered, bring (call, come, keep, put) to (in) remembrance, [idiom] still, think on, [idiom] well13אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)14פַּרְעֹ֔הH6547FaraoPharaoh15וְהוֹצֵאתַ֖נִיH3318uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd[idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter16מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with17הַבַּ֥יִתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)18הַזֶּֽהH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)
15Want ik ben diefelijk ontstolen uit het land der Hebreen; en ook heb ik hier niets gedaan, dat zij mij in dezen kuil gezet hebben.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
15WantH3588 ik ben diefelijkH1589 ontstolen uit het landH776 der HebreenH5680; en ookH1571 heb ik hier nietsH3808gedaanH6213, datH3588 zij mij in dezen kuilH953gezetH7760 hebben.Want ik ben diefelijk ontstolen uit het land der Hebreen; en ook heb ik hier niets gedaan, dat zij mij in dezen kuil gezet hebben.
KJVFor indeed I was stolen away2out of the land4of the Hebrews:5and here also have I done9nothing10that they should put12me into the dungeon.
1כִּֽיH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet2גֻנֹּ֣בH1589gestolen, stelen, steeltcarry away, [idiom] indeed, secretly bring, steal (away), get by stealth3גֻּנַּ֔בְתִּיH1589gestolen, stelen, steeltcarry away, [idiom] indeed, secretly bring, steal (away), get by stealth4מֵאֶ֖רֶץH776land, aarde, lands[idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world5הָעִבְרִ֑יםH5680Hebreen, Hebreer, HebreinnenHebrew(-ess, woman)6וְגַםH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea7פֹּה֙H6311hier, hierheenhere, hither, the one (other, this, that) side8לֹאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without9עָשִׂ֣יתִֽיH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use10מְא֔וּמָהH3972iets, ding, nietsfault, [phrase] no(-ught), ought, somewhat, any (no-)thing11כִּֽיH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet12שָׂמ֥וּH7760stellen, gesteld, zetten[idiom] any wise, appoint, bring, call (a name), care, cast in, change, charge, commit, consider, convey, determine, [phrase] disguise, dispose, do, get, give, heap up, hold, impute, lay (down, up), leave, look, make (out), mark, [phrase] name, [idiom] on, ordain, order, [phrase] paint, place, preserve, purpose, put (on), [phrase] regard, rehearse, reward, (cause to) set (on, up), shew, [phrase] stedfastly, take, [idiom] tell, [phrase] tread down, (over-)turn, [idiom] wholly, work13אֹתִ֖יH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)14בַּבּֽוֹרH953kuil, bornput, kuilscistern, dungeon, fountain, pit, well
16Toen de overste der bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, zo zeide hij tot Jozef: Ik was ook in mijn droom, en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
16Toen de oversteH8269 der bakkersH644zagH7200, datH3588 hij een goedeH2896uitleggingH6622 gedaan had, zo zeideH559 hij totH413JozefH3130: IkH589 was ook in mijn droomH2472, en zieH2009, drieH7969getraliedeH2751korvenH5536 waren opH5921 mijn hoofdH7218.Toen de overste der bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, zo zeide hij tot Jozef: Ik was ook in mijn droom, en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd.
KJVWhen the chief2baker3saw1that the interpretation6was good,5he said7unto Joseph,9I also10was in my dream,12and, behold, I had three14white16baskets15on my head:
1וַיַּ֥רְאH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions2שַׂרH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward3הָאֹפִ֖יםH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))4כִּ֣יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet5ט֣וֹבH2896goed, goede, beterbeautiful, best, better, bountiful, cheerful, at ease, [idiom] fair (word), (be in) favour, fine, glad, good (deed, -lier, -liest, -ly, -ness, -s), graciously, joyful, kindly, kindness, liketh (best), loving, merry, [idiom] most, pleasant, [phrase] pleaseth, pleasure, precious, prosperity, ready, sweet, wealth, welfare, (be) well(-favoured)6פָּתָ֑רH6622leide, uitlegge, uitgelegdinterpret(-ation, -er)7וַיֹּ֨אמֶר֙H559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet8אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)9יוֹסֵ֔ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)10אַףH637ook, ja zelfsalso, [phrase] although, and (furthermore, yet), but, even, [phrase] how much less (more, rather than), moreover, with, yea11אֲנִי֙H589ik, mijI, (as for) me, mine, myself, we, [idiom] which, [idiom] who12בַּחֲלוֹמִ֔יH2472droom, dromen, droomsdream(-er)13וְהִנֵּ֗הH2009ziet, ziebehold, lo, see14שְׁלֹשָׁ֛הH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)15סַלֵּ֥יH5536korf, korvenbasket16חֹרִ֖יH2751getraliedewhite17עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with18רֹאשִֽׁיH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top
17En in den opperste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte at dezelve uit de korf, van boven mijn hoofd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
17En in den opperste korfH5536 was van alleH3605spijzeH3978 van FaraoH6547, die bakkerswerkH4639 is; en het gevogelteH5775atH398 dezelve uitH4480 de korfH5536, van boven mijn hoofdH7218.En in den opperste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte at dezelve uit de korf, van boven mijn hoofd.
Ook in dit vers
opperstenH5945
KJVAnd in the uppermost2basket1there was of all manner4of bakemeats6for Pharaoh;5and the birds8did eat9them out of the basket12upon13my head.
1וּבַסַּ֣לH5536korf, korvenbasket2הָֽעֶלְי֔וֹןH5945Allerhoogste, Allerhoogsten, hoge(Most, on) high(-er, -est), upper(-most)3מִכֹּ֛לH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)4מַאֲכַ֥לH3978spijze, spijs, Spijzefood, fruit, (bake-)meat(-s), victual5פַּרְעֹ֖הH6547FaraoPharaoh6מַעֲשֵׂ֣הH4639werk, werken, dadenact, art, [phrase] bakemeat, business, deed, do(-ing), labor, thing made, ware of making, occupation, thing offered, operation, possession, [idiom] well, (handy-, needle-, net-) work(ing, -manship), wrought7אֹפֶ֑הH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))8וְהָע֗וֹףH5775gevogelte, vogelen, vogelbird, that flieth, flying, fowl9אֹכֵ֥לH398eten, gegeten, eet[idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite10אֹתָ֛םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with12הַסַּ֖לH5536korf, korvenbasket13מֵעַ֥לH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14רֹאשִֽׁיH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top
18Toen antwoordde Jozef, en zeide: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
18Toen antwoorddeH3130JozefH6030, en zeideH559: DitH2088 is zijn uitleggingH6623: de drieH7969korvenH5536 zijn drieH7969dagenH3117.Toen antwoordde Jozef, en zeide: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.
KJVAnd Joseph2answered1and said,3This is the interpretation5thereof: The three6baskets7are three8days:
1וַיַּ֤עַןH6030antwoordde, antwoorden, antwoorddengive account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת)2יוֹסֵף֙H3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)3וַיֹּ֔אמֶרH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet4זֶ֖הH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)5פִּתְרֹנ֑וֹH6623uitlegging, uitleggingeninterpretation6שְׁלֹ֨שֶׁת֙H7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)7הַסַּלִּ֔יםH5536korf, korvenbasket8שְׁלֹ֥שֶׁתH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)9יָמִ֖יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger10הֵֽםH1992zij, die, hunit, like, [idiom] (how, so) many (soever, more as) they (be), (the) same, [idiom] so, [idiom] such, their, them, these, they, those, which, who, whom, withal, ye
19Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, en hij zal u aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
19Binnen nogH5750drieH7969dagenH3117 zal FaraoH6547 uw hoofdH7218verheffenH5375 van boven u, en hij zal u aanH5921 een houtH6086hangenH8518, en het gevogelteH5775 zal uw vleesH1320 van bovenH5921 u etenH398.Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, en hij zal u aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten.
KJVYet within three2days3shall Pharaoh5lift up4thy head7from off thee, and shall hang9thee on a tree;12and the birds14shall eat13thy flesh
1בְּע֣וֹדH5750meer, nog, wederomagain, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within)2שְׁלֹ֣שֶׁתH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)3יָמִ֗יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger4יִשָּׂ֨אH5375dragen, hief, droegenaccept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield5פַרְעֹ֤הH6547FaraoPharaoh6אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7רֹֽאשְׁךָ֙H7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top8מֵֽעָלֶ֔יךָH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with9וְתָלָ֥הH8518hangen, gehangen, hinghang (up)10אוֹתְךָ֖H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with12עֵ֑ץH6086hout, bomen, boom[phrase] carpenter, gallows, helve, [phrase] pine, plank, staff, stalk, stick, stock, timber, tree, wood13וְאָכַ֥לH398eten, gegeten, eet[idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite14הָע֛וֹףH5775gevogelte, vogelen, vogelbird, that flieth, flying, fowl15אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)16בְּשָׂרְךָ֖H1320vlees, vleses, vleselijkebody, (fat, lean) flesh(-ed), kin, (man-) kind, [phrase] nakedness, self, skin17מֵעָלֶֽיךָH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with
20En het geschiedde op den derden dag, den dag van Farao's geboorte, dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief het hoofd van den overste der schenkers, en het hoofd van den overste der bakkers, in het midden zijner knechten.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
20En het geschiedde op den derdenH7992dagH3117, den dagH3117 van FaraoH6547's geboorteH3205, dat hij voor alH3605 zijn knechtenH5650 een maaltijdH4960maakteH6213; en hij verhiefH5375 het hoofdH7218 van den oversteH8269 der schenkersH8248, en het hoofdH7218 van den oversteH8269 der bakkersH644, in het middenH8432 zijner knechtenH5650.En het geschiedde op den derden dag, den dag van Farao's geboorte, dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief het hoofd van den overste der schenkers, en het hoofd van den overste der bakkers, in het midden zijner knechten.
KJVAnd it came to pass the third3day,2which was Pharaoh's7birthday,4that he made8a feast9unto all his servants:11and he lifted up12the head14of the chief15butlerand of the chief19baker20among21his servants.
1וַיְהִ֣יH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use2בַּיּ֣וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger3הַשְּׁלִישִׁ֗יH7992derde, derden, driejarigethird (part, rank, time), three (years old)4י֚וֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger5הֻלֶּ֣דֶתH3205gewon, baarde, geborenbear, beget, birth(-day), born, (make to) bring forth (children, young), bring up, calve, child, come, be delivered (of a child), time of delivery, gender, hatch, labour, (do the office of a) midwife, declare pedigrees, be the son of, (woman in, woman that) travail(-eth, -ing woman)6אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)7פַּרְעֹ֔הH6547FaraoPharaoh8וַיַּ֥עַשׂH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use9מִשְׁתֶּ֖הH4960maaltijd, maaltijden, bruiloftbanquet, drank, drink, feast((-ed), -ing)10לְכָלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)11עֲבָדָ֑יוH5650knechten, knecht, knechts[idiom] bondage, bondman, (bond-) servant, (man-) servant12וַיִּשָּׂ֞אH5375dragen, hief, droegenaccept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield13אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)14רֹ֣אשׁH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top15שַׂ֣רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward16הַמַּשְׁקִ֗יםH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered17וְאֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)18רֹ֛אשׁH7218hoofd, hoofden, hoogteband, beginning, captain, chapiter, chief(-est place, man, things), company, end, [idiom] every (man), excellent, first, forefront, (be-)head, height, (on) high(-est part, (priest)), [idiom] lead, [idiom] poor, principal, ruler, sum, top19שַׂ֥רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward20הָאֹפִ֖יםH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))21בְּת֥וֹךְH8432midden, middelste, binnensteamong(-st), [idiom] between, half, [idiom] (there-, where-), in(-to), middle, mid(-night), midst (among), [idiom] out (of), [idiom] through, [idiom] with(-in)22עֲבָדָֽיוH5650knechten, knecht, knechts[idiom] bondage, bondman, (bond-) servant, (man-) servant
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
21En hij deed den overste der schenkers wederkeren tot zijn schenkambt, zodat hij den beker op Farao's hand gaf.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
21En hij deed den oversteH8269 der schenkersH8248wederkerenH7725 tot zijn schenkambtH4945, zodat hij den bekerH3563opH5921FaraoH6547's handH3709gafH5414.En hij deed den overste der schenkers wederkeren tot zijn schenkambt, zodat hij den beker op Farao's hand gaf.
KJVAnd he restored1the chief3butlerunto his butlership4again;and he gave7the cup8into Pharaoh's11hand:
1וַיָּ֛שֶׁבH7725wederkeren, keerde, keren((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw2אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)3שַׂ֥רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward4הַמַּשְׁקִ֖יםH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered5עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with6מַשְׁקֵ֑הוּH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered7וַיִּתֵּ֥ןH5414gegeven, geven, gafadd, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield8הַכּ֖וֹסH3563beker, bekers, steenuilcup, (small) owl. Compare H3599 (כִּיס)9עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10כַּ֥ףH3709handen, hand, reukschaalbranch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon11פַּרְעֹֽהH6547FaraoPharaoh
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
22Maar den overste der bakkers hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
22Maar den oversteH8269 der bakkersH644hingH8518 hij op; gelijk JozefH3130 hun uitgelegdH6622 had.Maar den overste der bakkers hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had.
KJVBut he hanged4the chief2baker:3as Joseph8had interpreted
1וְאֵ֛תH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)2שַׂ֥רH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward3הָאֹפִ֖יםH644bakkers, bakken, bakkerbake(-r, (-meats))4תָּלָ֑הH8518hangen, gehangen, hinghang (up)5כַּאֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6פָּתַ֛רH6622leide, uitlegge, uitgelegdinterpret(-ation, -er)7לָהֶ֖ם8יוֹסֵֽףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)
23Doch de overste der schenkers gedacht aan Jozef niet, maar vergat hem.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
23Doch de oversteH8269 der schenkersH8248gedachtH2142 aan JozefH3130nietH3808, maar vergatH7911 hem.Doch de overste der schenkers gedacht aan Jozef niet, maar vergat hem.
KJVYet did not the chief3butlerremember2Joseph,6but forgat
1וְלֹֽאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without2זָכַ֧רH2142gedenken, gedacht, Gedenk[idiom] burn (incense), [idiom] earnestly, be male, (make) mention (of), be mindful, recount, record(-er), remember, make to be remembered, bring (call, come, keep, put) to (in) remembrance, [idiom] still, think on, [idiom] well3שַֽׂרH8269vorsten, oversten, overstecaptain (that had rule), chief (captain), general, governor, keeper, lord,(-task-)master, prince(-ipal), ruler, steward4הַמַּשְׁקִ֛יםH4945drank, drinkvaten, bevochtigdebutler(-ship), cupbearer, drink(-ing), fat pasture, watered5אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)6יוֹסֵ֖ףH3130Jozef, JozefsJoseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף)7וַיִּשְׁכָּחֵֽהוּH7911vergeten, vergeet, vergaten[idiom] at all, (cause to) forget
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
KruisverwijzingenSchatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Genesis 40:1— En het geschiedde na deze dingen, dat de schenker des konings van Egypte en de bakker, zondigden tegen hun heer, tegen den koning van Egypte.Genesis 40:13→Esther 6:1→Nehemia 1:11→Genesis 39:20→
Genesis 40:2— Zodat Farao zeer toornig werd op zijn twee hovelingen, op den overste der schenkers, en op den overste der bakkers.Spreuken 16:14→Psalmen 76:10→Spreuken 19:19→Spreuken 19:12→Handelingen 12:20→1 Kronieken 27:27→Spreuken 27:4→
Genesis 40:3— En hij leverde hen in bewaring, ten huize van den overste der trawanten, in het gevangenhuis, ter plaatse, waar Jozef gevangen was.Genesis 39:20→Genesis 39:23→
Genesis 40:4— En de overste der trawanten bestelde Jozef bij hen, dat hij hen diende; en zij waren sommige dagen in bewaring.Genesis 37:36→Genesis 39:1→Psalmen 37:5→Genesis 39:21→
Genesis 40:5— Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom, in een nacht, elk naar de uitlegging zijns drooms, de schenker en de bakker, die des konings van Egypte waren, die gevangen waren in het gevangenhuis.Genesis 41:11→Genesis 40:8→Daniël 4:19→Genesis 41:1→Genesis 20:3→Daniël 4:5→Numeri 12:6→Job 33:15→
Genesis 40:6— En Jozef kwam des morgens tot hen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld.Daniël 4:5→Daniël 5:6→Daniël 7:28→Daniël 8:27→Daniël 2:1→Genesis 40:8→Genesis 41:8→
Genesis 40:7— Toen vraagde hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis zijns heren, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld?Nehemia 2:2→1 Samuël 1:8→Richteren 18:24→2 Samuël 13:4→Lukas 24:17→
Genesis 40:8— En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd, en er is niemand, die hem uitlegge. En Jozef zeide tot hen: Zijn de uitleggingen niet van God? Vertelt ze mij toch.Daniël 2:28→Genesis 41:15→Daniël 2:47→Psalmen 25:14→Daniël 5:11→Jesaja 8:19→Amos 3:7→1 Korinthe 12:10→
Genesis 40:9— Toen vertelde de overste der schenkers Jozef zijn droom, en zeide tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht;Daniël 2:31→Daniël 4:10→Genesis 37:5→Daniël 4:8→Richteren 7:13→
Genesis 40:11— En Farao's beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao's beker, en ik gaf den beker op Farao's hand.Nehemia 1:11→Genesis 40:21→2 Kronieken 9:4→1 Koningen 10:5→Leviticus 10:9→Genesis 49:11→Spreuken 3:10→
Genesis 40:12— Toen zeide Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.Richteren 7:14→Genesis 41:12→Genesis 40:18→Genesis 41:25→Daniël 4:19→Daniël 2:36→Mattheüs 26:26→1 Korinthe 10:4→
Genesis 40:13— Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen, en zal u in uw staat herstellen; en gij zult Farao's beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenker waart.Psalmen 3:3→Jeremia 52:31→2 Koningen 25:27→Genesis 40:19→Genesis 7:4→
Genesis 40:14— Doch gedenk mijner bij uzelven, wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome.Jozua 2:12→1 Koningen 2:7→Lukas 23:42→1 Samuël 20:14→1 Korinthe 7:21→2 Samuël 9:1→1 Samuël 25:31→
Genesis 40:15— Want ik ben diefelijk ontstolen uit het land der Hebreen; en ook heb ik hier niets gedaan, dat zij mij in dezen kuil gezet hebben.Genesis 39:20→Johannes 10:32→Genesis 39:8→Exodus 21:16→1 Petrus 3:17→1 Samuël 24:11→Daniël 6:22→Genesis 37:26→
Genesis 40:16— Toen de overste der bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, zo zeide hij tot Jozef: Ik was ook in mijn droom, en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd.Genesis 40:1→
Genesis 40:17— En in den opperste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte at dezelve uit de korf, van boven mijn hoofd.Genesis 49:20→
Genesis 40:18— Toen antwoordde Jozef, en zeide: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.Genesis 40:12→Genesis 41:26→1 Korinthe 10:4→1 Korinthe 11:24→
Genesis 40:19— Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, en hij zal u aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten.Genesis 40:22→Jozua 8:29→Genesis 40:17→Genesis 40:13→Handelingen 20:27→1 Samuël 17:46→Galaten 3:13→Genesis 41:13→
Genesis 40:20— En het geschiedde op den derden dag, den dag van Farao's geboorte, dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief het hoofd van den overste der schenkers, en het hoofd van den overste der bakkers, in het midden zijner knechten.Genesis 40:19→Genesis 40:13→Mattheüs 14:6→Markus 6:21→2 Koningen 25:27→Esther 1:3→Mattheüs 18:23→Mattheüs 25:19→
Genesis 40:21— En hij deed den overste der schenkers wederkeren tot zijn schenkambt, zodat hij den beker op Farao's hand gaf.Genesis 40:13→Nehemia 2:1→
Genesis 40:22— Maar den overste der bakkers hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had.Genesis 40:19→Daniël 2:30→Genesis 41:11→Genesis 41:16→Jeremia 23:28→Genesis 40:8→Daniël 2:19→Daniël 5:12→
Genesis 40:23— Doch de overste der schenkers gedacht aan Jozef niet, maar vergat hem.Job 19:14→Psalmen 31:12→Psalmen 105:19→Amos 6:6→Prediker 9:15→
KanttekeningenDe oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Genesis 40 vers 1— En het geschiedde na deze dingen, dat de schenker des konings van Egypte en de bakker, zondigden tegen hun heer, tegen den koning van Egypte.
schenker
Dat is de overste van de schenkers, en de overste van de bakkers, gelijk blijkt uit vs.2, Gen. 20:2.
Hertaald:schenker
Dat is: de overste van de schenkers, en de overste van de bakkers, zoals blijkt uit vers 2, Gen. 20:2.
Genesis 40 vers 2— Zodat Farao zeer toornig werd op zijn twee hovelingen, op den overste der schenkers, en op den overste der bakkers.
hovelingen,
Zie boven, Gen. 37:36.
Hertaald:hovelingen,
Zie Gen. 37:36.
Genesis 40 vers 3— En hij leverde hen in bewaring, ten huize van den overste der trawanten, in het gevangenhuis, ter plaatse, waar Jozef gevangen was.
der trawanten,
Zie boven, Gen. 37:36.
Hertaald:der trawanten,
Zie Gen. 37:36.
in het
Zie boven, Gen. 39:20.
Hertaald:in het
Zie Gen. 39:20.
gevangen was
Hebr. gebonden; alzo boven, Gen. 39:20, en onder, vs.5.
Hertaald:gevangen was
Hebreeuws: gebonden; zo ook in Gen. 39:20, en vers 5.
Genesis 40 vers 4— En de overste der trawanten bestelde Jozef bij hen, dat hij hen diende; en zij waren sommige dagen in bewaring.
sommige
Anders, vele dagen; zie boven, Gen. 4:3.
Hertaald:sommige
Anders: vele dagen; zie Gen. 4:3.
Genesis 40 vers 5— Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom, in een nacht, elk naar de uitlegging zijns drooms, de schenker en de bakker, die des konings van Egypte waren, die gevangen waren in het gevangenhuis.
elk naar de
Dat is, het waren geen ijdele dromen, maar elk had zijn beduiding, die Jozef door Gods ingeven aan hen gedaan heeft, en die door de uitkomst bevestigd zijn; zie onder, vs.12, 18-20 enz.
Hertaald:elk naar de
Dat is: het waren geen ijdele dromen, maar elk had zijn betekenis, die Jozef door Gods ingeving aan hen bekendgemaakt heeft, en die door de uitkomst bevestigd zijn; zie vers 12, 18-20 enz.
die des konings
Dat is, die tevoren in den dienst des konings waren geweest, maar nu gevangen lagen.
Hertaald:die des konings
Dat is: die eerder in dienst van de koning geweest waren, maar nu gevangen zaten.
Genesis 40 vers 6— En Jozef kwam des morgens tot hen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld.
ontsteld
Of, verbaasd, beroerd. Het Hebreeuwse woord betekent grote ontsteltenis des gemoeds, komende uit bekommernis, zorg, vrees, droefenis en hevige gramschap. Dit is nu de aard der dromen, die God den mensen toeschikt, dat zij dezen beroeren en ontstellen. Zie onder Gen. 41:8; Dan. 2:1; Matt. 27:19.
Hertaald:ontsteld
Of: verbaasd, beroerd. Het Hebreeuwse woord betekent grote ontsteltenis van het gemoed, voortkomend uit bekommernis, zorg, vrees, droefheid en hevige toorn. Dit is nu de aard van de dromen die God aan mensen toezendt, dat zij hen beroeren en ontstellen. Zie Gen. 41:8; Dan. 2:1; Matt. 27:19.
Genesis 40 vers 7— Toen vraagde hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis zijns heren, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld?
hechtenis
Hebr. bewaring.
Hertaald:hechtenis
Hebreeuws: bewaring.
kwalijk
Hebr. kwaad; dat is, droevig bekommerd. Aldus wordt dit woordje genomen; Neh. 2:1-3; Spr. 25:20.
Hertaald:kwalijk
Hebreeuws: kwaad; dat is: droevig bekommerd. Zo wordt dit woordje gebruikt; Neh. 2:1-3; Spr. 25:20.
Genesis 40 vers 8— En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd, en er is niemand, die hem uitlegge. En Jozef zeide tot hen: Zijn de uitleggingen niet van God? Vertelt ze mij toch.
er is niemand
Dat is, wij hebben hier geen waarzegger of droombeduider bij ons, en het is ons niet geoorloofd uit te gaan om te vragen; want zij hadden veel waarzeggers, gelijk te zien is onder, Gen. 41:8.
Hertaald:er is niemand
Dat is: wij hebben hier geen waarzegger of droomuitlegger bij ons, en het is ons niet toegestaan uit te gaan om te vragen; want zij hadden veel waarzeggers, zoals te zien is in Gen. 41:8.
Zijn de
Jozef trekt hen van de droombeduiders af tot God, als van wien zulke dromen en hun rechte beduiding afkwamen.
Hertaald:Zijn de
Jozef wendt hen af van de droomuitleggers naar God, van Wie zulke dromen en hun juiste uitleg afkomstig waren.
Genesis 40 vers 9— Toen vertelde de overste der schenkers Jozef zijn droom, en zeide tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht;
In mijn
Dat is, toen ik droomde, of, toen ik in mijn droom was.
Hertaald:In mijn
Dat is: toen ik droomde, of: toen ik in mijn droom was.
Zie, zo
Dit woordje wordt in het verhalen van de dromen veel gebruikt, om aan te wijzen, dat deze zeldzaam en wonderlijk zijn, niet alleen dengenen die ze verhalen, maar ook wien ze verhaald worden; zie boven, Gen. 37:7, Gen. 37:9, en onder, vs.16, en Gen. 41:2-3; Richt. 7:13; Dan. 4:10.
Hertaald:Zie, zo
Dit woordje wordt bij het vertellen van dromen veel gebruikt, om aan te geven dat deze zeldzaam en wonderlijk zijn, niet alleen voor hen die ze vertellen, maar ook voor wie ze verteld worden; zie Gen. 37:7, Gen. 37:9, en vers 16, en Gen. 41:2-3; Richt. 7:13; Dan. 4:10.
Genesis 40 vers 10— En aan den wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende, zijn bloeisel ging op, zijn trossen brachten rijpe druiven voort.
zijn trossen
Hebr. zijn trossen rijpten, of volkookten de druiven.
Hertaald:zijn trossen
Hebreeuws: zijn trossen rijpten, of: de druiven werden rijp.
Genesis 40 vers 12— Toen zeide Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.
zijn drie
Dat is, betekenen drie dagen; gelijk ook onder, vs.18, en Gen. 41:26-27; Dan. 2:38, en Dan. 4:22; Matt. 13:19, Matt. 13:38; Luc. 8:11, en 1 Kor. 10:4.
Hertaald:zijn drie
Dat is: betekenen drie dagen; zoals ook in vers 18, en Gen. 41:26-27; Dan. 2:38, en Dan. 4:22; Matt. 13:19, Matt. 13:38; Luc. 8:11, en 1 Kor. 10:4.
Genesis 40 vers 13— Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen, en zal u in uw staat herstellen; en gij zult Farao's beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenker waart.
uw hoofd
Dat is, in het overzien van zijn officieren, zal hij u mede rekenen onder degenen, die in hun ambt zullen blijven, of hersteld worden. Een niet zeer ongelijke manier van spreken vindt men ook Ex. 30:12; Num. 1:2, en Num. 26:2, enz. alwaar de hoofden verheffen zoveel is als optellen, en de som van enige mensen opnemen.
Hertaald:uw hoofd
Dat is: bij het opmaken van de lijst van zijn ambtenaren zal hij u meerekenen onder hen die in hun ambt zullen blijven, of hersteld worden. Een niet erg verschillende uitdrukking vindt men ook in Ex. 30:12; Num. 1:2, en Num. 26:2, enz., waar 'de hoofden verheffen' zoveel betekent als tellen, en het aantal van een groep mensen vaststellen.
wijze, toen
Het Hebreeuwse woord wordt ook aldus genomen, Lev. 5:10, en Lev. 9:16; Num. 15:24, en Num. 29:18; 2 Kron. 35:13, enz.
Hertaald:wijze, toen
Het Hebreeuwse woord wordt ook zo gebruikt, Lev. 5:10, en Lev. 9:16; Num. 15:24, en Num. 29:18; 2 Kron. 35:13, enz.
Genesis 40 vers 14— Doch gedenk mijner bij uzelven, wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome.
bij uzelven,
Hebr. met u.
Hertaald:bij uzelven,
Hebreeuws: met u.
Genesis 40 vers 15— Want ik ben diefelijk ontstolen uit het land der Hebreen; en ook heb ik hier niets gedaan, dat zij mij in dezen kuil gezet hebben.
ik ben
Hebr. ik ben, gestolen wordende, gestolen.
Hertaald:ik ben
Hebreeuws: ik ben, gestolen wordend, gestolen.
Hebreën;
Dat is, het land Kanaän, waar de Hebreën in dien tijd als vreemdelingen woonden, en wat hun door God beloofd was.
Hertaald:Hebreën;
Dat is: het land Kanaän, waar de Hebreeën in die tijd als vreemdelingen woonden, en dat hun door God beloofd was.
Genesis 40 vers 16— Toen de overste der bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, zo zeide hij tot Jozef: Ik was ook in mijn droom, en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd.
dat hij een
Dat hij het goede uitgelegd had; dat is, ten beste en tot voordeel van den schenker.
Hertaald:dat hij een
Dat hij het gunstig uitgelegd had; dat is: ten goede en tot voordeel van de schenker.
Ik was ook
Verg. boven, vs.9, en de aantekeningen daarop.
Hertaald:Ik was ook
Vergelijk vers 9, en de aantekeningen daarbij.
getraliede
Anders, witte, gevlochten, of vol gaten, gelijk de netten.
Hertaald:getraliede
Anders: witte, gevlochten, of vol gaten, zoals netten.
Genesis 40 vers 17— En in den opperste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte at dezelve uit de korf, van boven mijn hoofd.
alle spijze
Dat is, allerlei.
Hertaald:alle spijze
Dat is: allerlei.
Genesis 40 vers 18— Toen antwoordde Jozef, en zeide: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.
zijn drie
Zie boven, vs.12.
Hertaald:zijn drie
Zie vers 12.
Genesis 40 vers 19— Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, en hij zal u aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten.
Faraö
Jozef gebruikt hier wel dezelfde woorden, die hij vs.13 gebruikt heeft, maar in een anderen zin, gelijk blijkt uit de bijgevoegde woorden van u op, welke te kennen geven dat de opperbakker in het overzien der officieren wel mede in rekening zou komen, maar aldus, dat hem zijn officie afgenomen zou worden.
Hertaald:Faraö
Jozef gebruikt hier wel dezelfde woorden die hij in vers 13 gebruikt heeft, maar in een andere betekenis, zoals blijkt uit de toegevoegde woorden 'van u af', die aangeven dat de opperbakker bij het opmaken van de lijst van ambtenaren wel meegerekend zou worden, maar zo, dat hem zijn ambt ontnomen zou worden.
hangen,
Dat is, doen hangen, en zo vs.22. Anders, opheffen; dat van u wegnemen.
Hertaald:hangen,
Dat is: doen hangen; zo ook vers 22. Anders: opheffen; dat wegnemen van u.
Genesis 40 vers 20— En het geschiedde op den derden dag, den dag van Farao's geboorte, dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief het hoofd van den overste der schenkers, en het hoofd van den overste der bakkers, in het midden zijner knechten.
van Faraö's
Hebr. toen Faraö geboren was.
Hertaald:van Faraö's
Hebreeuws: toen Farao geboren was.
dat hij voor
Zie van soortgelijke maaltijd Matt. 14:6.
Hertaald:dat hij voor
Zie over een soortgelijke maaltijd Matt. 14:6.
Genesis 40 vers 21— En hij deed den overste der schenkers wederkeren tot zijn schenkambt, zodat hij den beker op Farao's hand gaf.
schenkambt,
Hebr. schenking.
Hertaald:schenkambt,
Hebreeuws: schenking.
Genesis 40 vers 22— Maar den overste der bakkers hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had.
hing hij op
Te weten, door zijn scherprechter; wat men door een ander doet, wordt men gezegd zelf te doen, zowel het kwade, boven, Gen. 20:3; 1 Sam. 22:21; 2 Sam. 12:9, en 2 Sam. 24:10; 1 Kon. 21:19, als het goede, en middelmatige, onder, Gen. 46:29; 1 Kon. 3:4, en 1 Kon. 7:1-2.
Hertaald:hing hij op
Namelijk: door zijn beul; wat men door een ander laat doen, daarvan wordt gezegd dat men het zelf doet, zowel het kwade, Gen. 20:3; 1 Sam. 22:21; 2 Sam. 12:9, en 2 Sam. 24:10; 1 Kon. 21:19, als het goede en het middelmatige, Gen. 46:29; 1 Kon. 3:4, en 1 Kon. 7:1-2.
Genesis 40 vers 23— Doch de overste der schenkers gedacht aan Jozef niet, maar vergat hem.
vergat hem
Te weten, bij Faraö, en dat twee gehele jaren lang, gelijk blijkt uit het eerste vers van het volgende hoofdstuk, Gen. 41:1.
Hertaald:vergat hem
Namelijk: bij Farao, en dat twee volle jaren lang, zoals blijkt uit het eerste vers van het volgende hoofdstuk, Gen. 41:1.
Bijbelse NamenPersonen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Jozef — Hij (God) voege toe
De eerste zoon van Jakob en Rachel, na lang wachten geboren (Gen. 30:22-24). Zijn naam drukt Rachels hoop uit dat de HEERE haar nog een zoon zou toevoegen — wat later met Benjamin ook gebeurde. Jozef zou later, als lieveling van zijn vader, door zijn broers uit jaloezie verkocht worden, maar door Gods voorzienigheid uiteindelijk heel Egypte en zijn eigen familie redden van de hongersnood (Gen. 37-50).
Er — wakend, waakzaam
De eerstgeboren zoon van Juda, die met Tamar trouwde. Omdat hij 'kwaad was in de ogen des HEEREN', doodde de HEERE hem, kinderloos (Gen. 38:6-7).
Christus in dit hoofdstukHeenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk
De verlossing en de losserniveau 3Verantwoorde typologische of heilshistorische verbindinguitwerking
Twee gevangenen naast hem — 40:1-23
Jozef zit onschuldig in de gevangenis, beschuldigd van iets wat hij niet gedaan heeft. Twee hovelingen van Farao worden bij hem gezet: de opperschenker en de opperbakker. Op een ochtend staan zij er allebei somber bij.
Twee veroordeelden zitten naast een onschuldige, en aan de een wordt leven aangezegd en aan de ander niet.
De vraag waarmee Jozef begint is niet: wat hebt gij gedroomd, maar: waarom ziet gij er zo slecht uit vandaag? Zij antwoorden dat zij gedroomd hebben en dat er niemand is die het uitleggen kan. En dan zegt hij iets dat hem in dit hele boek kenmerkt: “Zijn de uitleggingen niet van God? Vertelt ze mij toch.” Hij eist de gave niet voor zichzelf op.
Wat volgt is bekend. De schenker droomt van een wijnstok met drie ranken, en hij hoort dat hij binnen drie dagen in zijn ambt hersteld zal worden. De bakker droomt van drie korven met bakwerk waar de vogels uit eten, en hij hoort dat hij binnen drie dagen opgehangen zal worden. Twee mannen, dezelfde gevangenis, dezelfde dag — en twee tegengestelde uitkomsten.
Jozef vraagt daarbij maar één ding, en hij vraagt het met nadruk: gedenk mijner bij uzelven wanneer het u wel gaan zal. En hij legt uit waarom hij daar zit: hij is uit zijn land gestolen, en ook hier heeft hij niets gedaan waarvoor men hem in de kuil zetten zou.
Het hoofdstuk eindigt met de kaalste zin die er staat: “Doch de overste der schenkers gedacht aan Jozef niet, maar vergat hem.” Twee jaar lang.
De overeenkomsten met het Evangelie zijn hier moeilijk te missen, en zij lopen door de hele geschiedenis van Jozef heen. Hij werd beschuldigd van iets wat hij niet gedaan had en onrechtvaardig veroordeeld. Terwijl hij zijn straf uitzat, kwamen er twee misdadigers bij hem. Aan één van die twee sprak hij woorden van leven, en die man kwam inderdaad vrij.
Eeuwen later hing er Iemand tussen twee misdadigers, ook onschuldig veroordeeld. Ook Hij sprak woorden van leven tot één van de twee, en ook daar liep het voor de een anders af dan voor de ander. En de bede van de misdadiger klinkt bijna woordelijk als die van Jozef: gedenk mijner, als Gij in Uw Koninkrijk zult gekomen zijn.
En juist daar ligt het verschil, en het is de moeite waard het te noemen. De schenker vergat de man die hem het leven had aangezegd. Van Hem Die aan het kruis om gedachtenis gevraagd werd, staat er dat Hij niet vergat: heden zult gij met Mij in het paradijs zijn.
Genesis 39:20 — Onschuldig beschuldigd en in de gevangenis geworpen.
Genesis 40:8 — Zijn de uitleggingen niet van God? Hij eist de gave niet voor zichzelf op.
Genesis 40:12-19 — Twee gevangenen, dezelfde dag, en twee tegengestelde uitkomsten.
Genesis 40:14 — Gedenk mijner bij uzelven wanneer het u wel gaan zal.
Genesis 40:23 — En de schenker vergat hem, twee jaar lang.
Lukas 23:42-43 — Gedenk mijner — en het antwoord: heden zult gij met Mij in het paradijs zijn.
In het Nieuwe Testament: Lukas 23:39-43; Handelingen 7:9-10; Genesis 50:20; Hebreeën 13:5; Jesaja 53:12
Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament vertelt de geschiedenis van Jozef na in Handelingen 7, maar het noemt hem nergens een afbeelding van Christus. Ook legt het geen verband tussen deze twee gevangenen en de twee misdadigers. Wat hier gelegd wordt is dus een reeks overeenkomsten en geen typologie. Zij moeten niet verder opgerekt worden dan zij dragen: Jozef sprak een uitlegging van een droom uit, en Christus deed een belofte.
Wat betekenen de niveaus?
Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.
niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst
Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.
In de koninklijke staatsgevangenis, waarin Jozef gevangen is, worden na verloop van enige tijd ook de overste van de schenkers en de overste van de bakkers, die bij Farao in ongenade geraakt waren, geworpen, en aan Jozef wordt opgedragen hen te dienen. Zij hebben in één nacht ieder een bijzondere droom, en Jozef, in wie de Heere de wijsheid van een profetische geest gelegd had, verklaart hun die dromen. Gelijk hij het voorzegd heeft, zo geschiedt het: de overste van de schenkers wordt in zijn ambt hersteld, de overste van de bakkers opgehangen; de eerste vergeet Jozef en doet niets voor hem bij Farao.
1. En het geschiedde na deze dingen, die in hoofdstuk. 39:7-20 verhaald zijn, dat de schenken, 1) de opperschenker (Nehemiah. 1:11; 2:1) van de koning van Egypte en de bakker, overste van de bakkers, zondigden 2) tegen hun heer, tegen de koning van Egypte.
1) De Oosterse koningen hadden gewoonlijk een menigte schenkers en bakkers: bijv. die van de Perzen (Xenophon, Hellen 7:1,38). Het ambt van opperschenker bij de koning van de Perzen was zeer geëerd. (Herod.3:34. Cyrop.1:3,8)
2) “Zondigden.” Welke de misdaad was, waarvan deze beide mannen verdacht werden, wordt niet gemeld. Wellicht dat er vergiftiging had plaats gehad, omdat juist de schenken en de bakker verdacht werden. Daarom is het echter niet meegedeeld, omdat niet de aard van het vergrijp in betrekking staat tot de leidingen van de Voorzienigheid met Jozef, maar wel hun komen in dezelfde gevangenis, waarin hij vertoefde.
Er is ongetwijfeld een geruime tijd verlopen na de geschiedenis in het vorige hoofdstuk vermeld, toen deze beide mannen in de gevangenis werden opgesloten.
2. Zodat Farao 1) zeer toornig werd op zijn twee hovelingen op de overste van de schenkers, en op de overste van de bakkers.
1) Farao was de gewone koningstitel bij de Egyptenaren.
3. En hij leverde hen in bewaring in het huis van Pótifar, de overste van de lijfwacht 1) (hoofdstuk. 37:36; 39:1) in het gevangenhuis, ter plaatse waar de gevangenen van de koning zaten, en ook Jozef gevangen was. (hoofdstuk. 39:20).
1) Deze mededeling verklaart, waarom Pótifar Jozef in de staatsgevangenis kon opsluiten. Deze was aan zijn huis verbonden. De gevangenbewaarder zal dan ook wel iets geweten hebben van het hartstochtelijk karakter van Pótifars vrouw en gemeend, dat de gevangenzetting van Jozef alleen door de overste van de lijfwachten was gedaan om de eer van zijn huis voor de wereld te redden.
4. En Pótifar, de overste van de trawanten bestelde 1) Jozef, aan wiens schuld hij waarschijnlijk nooit volkomen geloof geslagen had, bij hen, hij gaf aan Jozef last, dat hij hen, die voorname staatsdienaars, diende, en zij waren sommige dagen in bewaring.
1) In het Hebreeuws Pakad “Benoemde, taakhebber, de bedoeling was, dat, daar het voorname mannen waren, de onderopzichter aangewezen werd om hen te bedienen. Hoe is hier de leiding van de Goddelijke Voorzienigheid merkbaar! Was dat ambt aan een ander opgedragen, dan was Jozef niet straks bij hen gekomen, om hun de dromen uit te leggen. Als gewoon opzichter had hij dan eenvoudig de ronde gedaan, maar nu hij tot hun bediende was aangesteld, kwam hij veel nauwer met hen in aanraking.
5. Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom 1) in één nacht, elk naar de uitlegging van zijn droom, 2) de schenken en de bakker, die van de koning van Egypte waren, die gevangenen waren in het gevangenhuis. Deze dromen verhaalden zij ‘s morgens aan elkaar, en door de wonderbare overeenkomst werden zij ontsteld.
1) De dromen, waarin God op buitengewone wijze Zijn raad aan mensen openbaart, zijn van tweeërlei aard. Het zijn, óf van God gewerkte verschijningen, als de hemelladder, die Jakob in zijn droom zag; óf het zijn buitengewone uitingen van menselijk vóórgevoel, waarbij hun, met beelden, genomen uit de kring van hun eigen gedachten, getoond wordt, wat hen overkomen zal; van deze laatste soort waren de dromen van de beide hovelingen. Overigens is de droom slechts een spel van gedachten en beelden, die tevoren reeds in de ziel aanwezig waren; zodanige dromen hebben even zo min betekenis als de fantasieën van koortslijders.
Bij geen volk van de oude wereld was het droomleven zó opgewekt, zó krachtig en ontwikkeld, als bij de Egyptenaren; de gehele geschiedenis van dit wonderbare volk heeft iets nachtelijks, waarbij de gedaanten van het goddelijke en aardse wonderbaar en verward in elkaar vloeien, en waaruit de Piramiden, Obelisken en Sphynxen, onmetelijke tempels, als droomgestalten te voorschijn treden. Men zou het het volk van dromen, voorgevoelens en raadsels kunnen noemen; ook Jozef’s bestemming voor dit land werd door dromen ingeleid en door dromen bereikt.
2) “Elk naar de uitlegging van zijn droom,” d.w.z. elk een droom, die duidelijk in verband stond met hun vroegere betrekking en voor ieder een bijzondere uitlegging of betekenis had.
6. En Jozef kwam ‘s morgens tot hen, om hen te bedienen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld. 1)
1) Niet ieder kan het schrift van het menselijk aangezicht lezen; dit vermogen is slechts aan de liefde gegeven.
De wijze, waarop de goddelijke Voorzienigheid stille en verborgen, schijnbaar niets betekenende zaken tot aanleiding en uitgangspunt van grote omkeringen maakt, is in onze geschiedenis duidelijk op te merken. Toevallig schijnt de zaak, dat Farao twee hovelingen in de staatsgevangenis werpt, wegens misslagen, die misschien van weinig betekenis waren; nog toevalliger, dat Jozef gesteld wordt, om hen te dienen; wederom nog toevalliger, dat zij beiden een verontrustende droom hebben; en eindelijk bijzonder toevallig, dat Jozef bij zijn intreden de ontsteltenis op hun aangezichten leest. Maar al deze schijnbare toevalligheden heeft Gods Voorzienigheid tot middelen gemaakt voor Jozefs verhoging en Israël’s redding. De Heere kan duizend wegen vinden, waar het verstand niet één weg ziet.
In het Hebreeuws Zoaphiem, boos, treurig, verward.
7. Toen vroeg hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis van zijn heer, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld? 1)
1) De Vulgata vertaalt: Waarom staan uw aangezichten heden treuriger dan gewoonlijk? Deze vertaling drukt zeer juist de betekenis van deze vraag uit.
8. En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd 1) en er is hier, in deze gevangenis, niemand van de waarzeggers en wijzen (hoofdstuk. 41:8), die hem uitlegge; onze dromen zijn zeker gewichtig en kondigen ons ons toekomstig lot aan. En Jozef zei tot hen: Zijn de uitleggingen van de dromen, wanneer zij werkelijk door de Allerhoogste zijn ingegeven, niet van God, die ze gaf? Al is hier geen waarzegger of droomuitlegger, tot Hem staat ook hier de toegang open. Misschien zal die God, die ik dien, mij geven uw dromen uit te leggen. Vertel ze mij toch. 2)
1) Er zijn verschillende dromen: goddelijke (hoofdstuk. 28:12; 41:17 Daniël. 2:28 ), duivelse (Deuteronomium. 13:1 Jer.23:16; 27:9, natuurlijke (Prediker. 5:2), men lere alzo goed te onderscheiden en alle dromen niet gelijk te achten.
2) Jozefs goedhartigheid en zijn zucht om het lijden van anderen te verzachten, maakt hem geen enkel ogenblik ontrouw aan zijn beginsel of doet hem een verdrag aangaan met zijn overtuiging. Aan de mogelijkheid van de zaak en haar betekenis twijfelt hij niet. Trouwens dat had hem de ervaring van zijn eigen jeugd ook wel later geleerd. Maar hij zoekt de zaak in het rechte spoor te leiden, tot de rechte bron terug te brengen en tot het rechte doel te sturen. Daartoe zijn vriendelijke aandrang en zijn redegevende vraag.
Jozef zegt hun, dat de uitlegging van God is, en erkent daarmee, dat er dromen zijn, die van God zijn. Hij verwerpt de uitlegging van de Egyptische waarzeggers en veroordeelt daarmee alle bijgelovige dromen en droomuitleggingen.
9. Toen vertelde de overste van de schenkers Jozef zijn droom, en zei tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht.
10. En aan de wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende; zijn bloeisel ging op; zijn trossen brachten rijpe druiven voort.
11. En Farao’s beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao’s beker, en ik gaf de beker in Farao’s hand. 1)
1) Bij de Arabieren was het reeds in de hoge oudheid, evenals later bij de Islamieten, verboden, gegiste wijn te drinken; men drukte de druiven uit en dronk het sap. Wanneer nu diezelfde gewoonte aan Farao’s hof heerste, terwijl toch bij de eigenlijke Egyptenaren het wijndrinken in gebruik was, zo geeft ons dit aanleiding, om te menen, dat deze Farao tot de dynastie van de uit Arabië afstammende Hyksos behoorde. Nadat toch het Egyptische rijk, sedert Menes, 1070 jaar bestaan had, viel, onder de laatste koning van de dertiende Dynastie, van het noordoosten een volksmenigte in Egypte, aan welke men de naam Hyksos, dat is herderskoningen, gaf. Zij onderwierpen het land, breidden hun heerschappij over Beneden- en Midden-Egypte uit, en legden de koning van Thebe in Opper-Egypte het betalen van schatting op. Nadat zij ruim 500 jaar geheerst hadden, verhief zich de koning van Thebe, Amenofis II tegen hen en begon hen te verdringen; hun verdrijving gelukte eerst volkomen aan diens opvolger Thutmes (Thutmosis) IV. Deze is waarschijnlijk de in Exodus 1:8 vermelde nieuwe koning; hij behoorde tot de 18de Dynastie; en verenigde het Nijldal, van de grenzen van Nubië af tot aan de uitwateringen van de Nijl, onder zijn heerschappij.
Niet alleen de droom was van God, maar ook de wijsheid, om die uit te leggen was van Hem; maar toch de droom zelf bewees Jozef reeds aanvankelijk, dat de schenken onschuldig was. Dat zijn geweten hem vrijsprak van enige misdaad tegen de koning. De droom staat in nauw verband met het zielenleven.
12. Toen zei Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.
Jozef spreekt hier niet uit, wat hij voor waarschijnlijk houd, alsof hij een twijfelachtig vermoeden uitsprak, maar hij spreekt door openbaring van de Geest uit, wat de droom betekende. Want waarom verklaart hij de drie ranken eerder voor drie dagen dan voor drie jaren, indien de Geest Gods hem dit niet geopenbaard had? Door een buitengewone ingeving verheft Jozef zich boven de natuur, als hij de droom uitlegt. En als zo aanstonds hij zich de schenken aanbeveelt, alsof deze reeds in zijn ambt hersteld was, daarmee toont hij wel zijn vertrouwen, dat de uitlegging zeker en ondubbelzinnig is.
13. Binnen drie dagen zal Farao u uit de kerker doen komen (2 Koningen. 25:27) en uw hoofd verheffen 1) en hij zal u in uw staat van opperschenker herstellen, en gij zult Farao’s beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenken waart.
1) “Uw hoofd verheffen” wil zeggen: u uitvoeren uit de duistere kerker. (2 Koningen. 25:27) 2 Samuel.
14. Doch gedenk mij bij uzelf, 1) wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome. 2)
1) Jozef beveelt zich hier aan de welwillendheid van de schenken aan. Hoe herinnert deze uitdrukking aan die van de boetvaardige moordenaar op Golgotha. Werd deze laatste terstond geholpen, Jozef werd vergeten, en zou vergeten gebleven zijn, indien de Heere niet op verwonderlijke wijze tussenbeide gekomen was. Al was het dus geen zonde voor Jozef, om de schenken te vragen zich hem te gedenken, toch wil de Heere hem leren, dat Hij, en Hij alleen het is, die redt en uithelpt op zijn tijd. Later zou Jozef ook het Godsbestuur prijzen, en moeten erkennen, dat, indien God nu schijnbaar niet verhoord had of geholpen, Hij wat beters voor hem had bestemd. Had de schenken terstond om Jozef gedacht, hij ware geen onderkoning van Egypte geworden.
2) Men zou God verzoeken, indien men de middelen niet beproefde, maar verachtte, die God schenkt en waardoor men zou kunnen geholpen worden.
15. Want ik ben in het geheim, ontstolen uit het land van de Hebreeën, en ook heb ik hier niets gedaan, 1) dat zij mij in deze kuil, 2) deze gevangenis gezet hebben.
1) Zijn gevoel verhindert hem uit te spreken, hoe hij van zijn vader is weg geroofd; genoeg, dat hij noch als misdadiger, noch als naar recht verkochte slaaf naar Egypte gekomen is. Even zo voorzichtig spreekt hij over zijn gevangen zetten, zonder het huis van Pótifar tot schande te maken; genoeg, dat hij onschuldig is.
Dat Jozef hier zijn geschiedenis in het kort aan de schenken meedeelt, was, volgens besluit van de Heere, opdat de schenken overtuigd zou worden van Jozefs onschuld en hem straks bij Farao aanbevelen. De ware ziel en geestesadel komt hier zo treffend uit. Noch zijn broeders, noch zijn meesteres, noch zijn meester beschuldigt hij.
2) “Kuil”. De gevangenis wordt hier “kuil” genoemd, omdat dikwijls kuilen, waarin geen water was, tot gevangenis gebruikt werden.
16. Toen de overste van de bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, 1) zo zei hij tot Jozef; wegens de gelijkheid van de dromen voor zich eveneens een voor hem gunstige uitlegging verwachtende: Ik was ook in mijn droom, ik heb ook gedroomd; en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd. 2)
1) De bakker lette er niet op, dat Jozef een goede uitlegger was, maar zag alleen op de goede boodschap. Hij is hierin een treffend beeld van zo velen, die niet letten op het Woord van God als zodanig, maar op de beloften alleen; die wel naar de hemel willen, maar enkel en alleen om van de smarten van de hel bevrijd te worden.
2) In Egypte droegen de mannen op het hoofd, de vrouwen op de schouder. Tegenwoordig dragen ook de vrouwen op het hoofd.
17. En in de bovenste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte1) at deze uit de korf van boven mijn hoofd.
1) Nog heden komt het in Egypte voor, dat vrouwen en kleine gieren de levensmiddelen weg roven, welke mensen op het hoofd dragen.
De bakker droomt niet, dat hij in de tegenwoordigheid van Farao is. Zijn geweten beschuldigt hem wel, dat hij dit recht had verbeurd.
18. Toen antwoordde Jozef en zei: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.
19. Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, 1) uw hoofd van u wegnemen, en hij zal u uw onthoofd lijk aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten. 2)
1) In het Hebreeuws Jise et-rosch Méalegaa. Uw hoofd van u wegnemen, d.i. onthoofden.
2) Toch is hierbij de goddelijke inwerking niet voorbij te zien; de voorafgaande gedachten, de gesprekken met elkaar aan de ene-zowel als het geweten en het voorgevoel aan de andere zijde, zijn aanknopingspunten en hulpmiddelen, waarvan God zich bedient. Het is geen aangename boodschap, aan een aanzienlijke man in zijn aangezicht de galg te profeteren, en hem nog bepaald aan te tonen, hoe spoedig en op welke wijze hij gevonnist zal worden. De anti-Simson, een Delila ontvlucht, Jozef, die van geen gunst ten koste van zijn geweten wil weten, kan en mag de moed hebben, ook nog in zijn banden te profeteren.
Het uitgangspunt voor de dromen van de beide gevangenen laat zich hier met grote waarschijnlijkheid aanwijzen. Zij wisten dat het na drie dagen Farao’s geboortedag was, en volgens vroegere ervaringen konden zij vermoeden, dat die dag voor hun lot beslissend zou zijn. Wanneer zij onder zulke gedachten, onder hoop en vrees, insliepen, waren die dromen een voortzetting van hun denken, terwijl ook hun geweten, gelijk Krummacher opmerkt, een niet geringe invloed zal hebben gehad.
20. En het geschiedde op de derde dag, de dag van Farao’s geboorte (Mark.6:21), dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief, gelijk Jozef voorzegd had, het hoofd van de overste van de schenkers, en het hoofd van de overste van de bakkers, in het midden van zijn knechten. 1)
1) De koningen van de oude wereld pleegden hun geboortedagen te vieren. Volgens Herodotus was dit de enige dag in het jaar, waarop de Perzische koningen zich zalfden en aan hun onderdanen geschenken gaven. Evenzo schonken de Hebreeuwse koningen bij vreugdevolle gebeurtenissen genade.
21. En hij deed de overste van de schenkers, terugkeren tot zijn schenkambt, zodat hij de beker in Farao’s hand gaf;
22. Maar de overste van de bakkers, tegen wie de verdenking, misschien van een aanslag op het leven van de koning te hebben willen doen, zich bevestigde, hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had. 1)
1) Ook de gebeurtenissen, diep in de heidenwereld, ook de geschiedenissen van de vorstelijke hoven, met hun misdaden, kabalen, intriges en geweldenarijen staan onder de hoge heerlijkheid van het goddelijk bestuur; de landstreek, waarin de wijsheid van de wereld zich het meest schijnt losgemaakt te hebben van het bestuur van de goddelijke Voorzienigheid, is daarom het meest aan haar vervallen, en moet de meeste verijdelingen van haar bedoelingen beleven. Ook de gevangenissen met haar donkere kamers en kelders, met haar lijden en haar verborgenheden staan onder de opperleiding van God, en deze kerkers hebben niet alleen misdadigers ontsloten, maar dikwijls ook onschuldigen, meermalen zelfs de beste en heiligste. Christus zelf zegt: “Ik ben in de gevangenis geweest en gij hebt Mij bezocht.” Ook het nachtelijke leven met zijn dromen behoort in het weefsel van de goddelijke Voorzienigheid.
23. Doch de overste van de schenkers dacht niet aan Jozef, die hem om hulp bij Farao gebeden had (vs.14); maar vergat hem. 1)
1) Het was een straal van hoop, die voor Jozef in de gevangenis tot zijn bevrijding lichtte, dat hij zich aan de voorspraak van de vader kon aanbevelen. Toen ook deze straal uitgeblust was, stond hem, naar gewone berekening, niets anders meer te wachten, dan dat hij zijn leven in deze gevangenis zou moeten doorbrengen en daarin omkomen; toch had de vervulling van de dromen van de beide hovelingen hem in zijn hoop op de vervulling van zijn eigen dromen, die hij thuis had gehad, kunnen versterken.
Ten laatste bleek het, waarom de schenken hem vergeten moest. Ware hij door diens voorbede uit de gevangenis verlost, zo had hij toch in zijn vrijheid, als arm vreemdeling, niet geweten, waarheen hij zou gaan, en het doel van God met hem had niet bereikt. Daarom ging het juist goed, dat de schenken hem vergat, hoewel het Jozef smartelijk viel.
Dit was een zeer zware beproeving voor het geduld van Jozef. Want daar hij een voorspraak had verkregen, die hem gemakkelijk uit de gevangenis zou kunnen verlossen, vooral omdat de gelegenheid hem van Godswege was beschikt, zag hij er iedere dag naar uit, nu de vaste hoop op redding in zijn hart had post gevat. Maar terwijl hij twee jaar lang in onzekerheid bleef, verdween die hoop niet alleen, maar verviel hij meer dan vroeger tot wantrouwen. Wij leren dus van deze persoon, dat wij in niets God de tijd van hulp moeten voorschrijven, daar Hij het is, die de Zijnen lang in onzekerheid laat, opdat zij bij eigen ondervinding zullen weten, wat het betekent te hopen.
Niet de schenken, maar God, de Heere, zou op Zijn tijd Jozef verlossen.
Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.
Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!
Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]
Over de Auteur
C.H. Spurgeon
1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.
Genesis 40
Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
JOZEF LEGT DE GEVANGENEN HUN DROMEN UIT.
I. Gen. 40 vers 1-23
In de koninklijke staatsgevangenis, waarin Jozef gevangen is, worden na verloop van enige tijd ook de overste van de schenkers en de overste van de bakkers, die bij Farao in ongenade geraakt waren, geworpen, en aan Jozef wordt opgedragen hen te dienen. Zij hebben in één nacht ieder een bijzondere droom, en Jozef, in wie de Heere de wijsheid van een profetische geest gelegd had, verklaart hun die dromen. Gelijk hij het voorzegd heeft, zo geschiedt het: de overste van de schenkers wordt in zijn ambt hersteld, de overste van de bakkers opgehangen; de eerste vergeet Jozef en doet niets voor hem bij Farao.
1. En het geschiedde na deze dingen, die in hoofdstuk. 39:7-20 verhaald zijn, dat de schenken, 1) de opperschenker (Nehemiah. 1:11; 2:1) van de koning van Egypte en de bakker, overste van de bakkers, zondigden 2) tegen hun heer, tegen de koning van Egypte.
1) De Oosterse koningen hadden gewoonlijk een menigte schenkers en bakkers: bijv. die van de Perzen (Xenophon, Hellen 7:1,38). Het ambt van opperschenker bij de koning van de Perzen was zeer geëerd. (Herod.3:34. Cyrop.1:3,8)
2) “Zondigden.” Welke de misdaad was, waarvan deze beide mannen verdacht werden, wordt niet gemeld. Wellicht dat er vergiftiging had plaats gehad, omdat juist de schenken en de bakker verdacht werden. Daarom is het echter niet meegedeeld, omdat niet de aard van het vergrijp in betrekking staat tot de leidingen van de Voorzienigheid met Jozef, maar wel hun komen in dezelfde gevangenis, waarin hij vertoefde.
Er is ongetwijfeld een geruime tijd verlopen na de geschiedenis in het vorige hoofdstuk vermeld, toen deze beide mannen in de gevangenis werden opgesloten.
2. Zodat Farao 1) zeer toornig werd op zijn twee hovelingen op de overste van de schenkers, en op de overste van de bakkers.
1) Farao was de gewone koningstitel bij de Egyptenaren.
3. En hij leverde hen in bewaring in het huis van Pótifar, de overste van de lijfwacht 1) (hoofdstuk. 37:36; 39:1) in het gevangenhuis, ter plaatse waar de gevangenen van de koning zaten, en ook Jozef gevangen was. (hoofdstuk. 39:20).
1) Deze mededeling verklaart, waarom Pótifar Jozef in de staatsgevangenis kon opsluiten. Deze was aan zijn huis verbonden. De gevangenbewaarder zal dan ook wel iets geweten hebben van het hartstochtelijk karakter van Pótifars vrouw en gemeend, dat de gevangenzetting van Jozef alleen door de overste van de lijfwachten was gedaan om de eer van zijn huis voor de wereld te redden.
4. En Pótifar, de overste van de trawanten bestelde 1) Jozef, aan wiens schuld hij waarschijnlijk nooit volkomen geloof geslagen had, bij hen, hij gaf aan Jozef last, dat hij hen, die voorname staatsdienaars, diende, en zij waren sommige dagen in bewaring.
1) In het Hebreeuws Pakad “Benoemde, taakhebber, de bedoeling was, dat, daar het voorname mannen waren, de onderopzichter aangewezen werd om hen te bedienen. Hoe is hier de leiding van de Goddelijke Voorzienigheid merkbaar! Was dat ambt aan een ander opgedragen, dan was Jozef niet straks bij hen gekomen, om hun de dromen uit te leggen. Als gewoon opzichter had hij dan eenvoudig de ronde gedaan, maar nu hij tot hun bediende was aangesteld, kwam hij veel nauwer met hen in aanraking.
5. Zij droomden nu beiden een droom, elk zijn droom 1) in één nacht, elk naar de uitlegging van zijn droom, 2) de schenken en de bakker, die van de koning van Egypte waren, die gevangenen waren in het gevangenhuis. Deze dromen verhaalden zij ‘s morgens aan elkaar, en door de wonderbare overeenkomst werden zij ontsteld.
1) De dromen, waarin God op buitengewone wijze Zijn raad aan mensen openbaart, zijn van tweeërlei aard. Het zijn, óf van God gewerkte verschijningen, als de hemelladder, die Jakob in zijn droom zag; óf het zijn buitengewone uitingen van menselijk vóórgevoel, waarbij hun, met beelden, genomen uit de kring van hun eigen gedachten, getoond wordt, wat hen overkomen zal; van deze laatste soort waren de dromen van de beide hovelingen. Overigens is de droom slechts een spel van gedachten en beelden, die tevoren reeds in de ziel aanwezig waren; zodanige dromen hebben even zo min betekenis als de fantasieën van koortslijders.
Bij geen volk van de oude wereld was het droomleven zó opgewekt, zó krachtig en ontwikkeld, als bij de Egyptenaren; de gehele geschiedenis van dit wonderbare volk heeft iets nachtelijks, waarbij de gedaanten van het goddelijke en aardse wonderbaar en verward in elkaar vloeien, en waaruit de Piramiden, Obelisken en Sphynxen, onmetelijke tempels, als droomgestalten te voorschijn treden. Men zou het het volk van dromen, voorgevoelens en raadsels kunnen noemen; ook Jozef’s bestemming voor dit land werd door dromen ingeleid en door dromen bereikt.
2) “Elk naar de uitlegging van zijn droom,” d.w.z. elk een droom, die duidelijk in verband stond met hun vroegere betrekking en voor ieder een bijzondere uitlegging of betekenis had.
6. En Jozef kwam ‘s morgens tot hen, om hen te bedienen, en hij zag hen aan, en ziet, zij waren ontsteld. 1)
1) Niet ieder kan het schrift van het menselijk aangezicht lezen; dit vermogen is slechts aan de liefde gegeven.
De wijze, waarop de goddelijke Voorzienigheid stille en verborgen, schijnbaar niets betekenende zaken tot aanleiding en uitgangspunt van grote omkeringen maakt, is in onze geschiedenis duidelijk op te merken. Toevallig schijnt de zaak, dat Farao twee hovelingen in de staatsgevangenis werpt, wegens misslagen, die misschien van weinig betekenis waren; nog toevalliger, dat Jozef gesteld wordt, om hen te dienen; wederom nog toevalliger, dat zij beiden een verontrustende droom hebben; en eindelijk bijzonder toevallig, dat Jozef bij zijn intreden de ontsteltenis op hun aangezichten leest. Maar al deze schijnbare toevalligheden heeft Gods Voorzienigheid tot middelen gemaakt voor Jozefs verhoging en Israël’s redding. De Heere kan duizend wegen vinden, waar het verstand niet één weg ziet.
In het Hebreeuws Zoaphiem, boos, treurig, verward.
7. Toen vroeg hij de hovelingen van Farao, die bij hem waren in hechtenis van het huis van zijn heer, zeggende: Waarom zijn uw aangezichten heden kwalijk gesteld? 1)
1) De Vulgata vertaalt: Waarom staan uw aangezichten heden treuriger dan gewoonlijk? Deze vertaling drukt zeer juist de betekenis van deze vraag uit.
8. En zij zeiden tot hem: Wij hebben een droom gedroomd 1) en er is hier, in deze gevangenis, niemand van de waarzeggers en wijzen (hoofdstuk. 41:8), die hem uitlegge; onze dromen zijn zeker gewichtig en kondigen ons ons toekomstig lot aan. En Jozef zei tot hen: Zijn de uitleggingen van de dromen, wanneer zij werkelijk door de Allerhoogste zijn ingegeven, niet van God, die ze gaf? Al is hier geen waarzegger of droomuitlegger, tot Hem staat ook hier de toegang open. Misschien zal die God, die ik dien, mij geven uw dromen uit te leggen. Vertel ze mij toch. 2)
1) Er zijn verschillende dromen: goddelijke (hoofdstuk. 28:12; 41:17 Daniël. 2:28 ), duivelse (Deuteronomium. 13:1 Jer.23:16; 27:9, natuurlijke (Prediker. 5:2), men lere alzo goed te onderscheiden en alle dromen niet gelijk te achten.
2) Jozefs goedhartigheid en zijn zucht om het lijden van anderen te verzachten, maakt hem geen enkel ogenblik ontrouw aan zijn beginsel of doet hem een verdrag aangaan met zijn overtuiging. Aan de mogelijkheid van de zaak en haar betekenis twijfelt hij niet. Trouwens dat had hem de ervaring van zijn eigen jeugd ook wel later geleerd. Maar hij zoekt de zaak in het rechte spoor te leiden, tot de rechte bron terug te brengen en tot het rechte doel te sturen. Daartoe zijn vriendelijke aandrang en zijn redegevende vraag.
Jozef zegt hun, dat de uitlegging van God is, en erkent daarmee, dat er dromen zijn, die van God zijn. Hij verwerpt de uitlegging van de Egyptische waarzeggers en veroordeelt daarmee alle bijgelovige dromen en droomuitleggingen.
9. Toen vertelde de overste van de schenkers Jozef zijn droom, en zei tot hem: In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht.
10. En aan de wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende; zijn bloeisel ging op; zijn trossen brachten rijpe druiven voort.
11. En Farao’s beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao’s beker, en ik gaf de beker in Farao’s hand. 1)
1) Bij de Arabieren was het reeds in de hoge oudheid, evenals later bij de Islamieten, verboden, gegiste wijn te drinken; men drukte de druiven uit en dronk het sap. Wanneer nu diezelfde gewoonte aan Farao’s hof heerste, terwijl toch bij de eigenlijke Egyptenaren het wijndrinken in gebruik was, zo geeft ons dit aanleiding, om te menen, dat deze Farao tot de dynastie van de uit Arabië afstammende Hyksos behoorde. Nadat toch het Egyptische rijk, sedert Menes, 1070 jaar bestaan had, viel, onder de laatste koning van de dertiende Dynastie, van het noordoosten een volksmenigte in Egypte, aan welke men de naam Hyksos, dat is herderskoningen, gaf. Zij onderwierpen het land, breidden hun heerschappij over Beneden- en Midden-Egypte uit, en legden de koning van Thebe in Opper-Egypte het betalen van schatting op. Nadat zij ruim 500 jaar geheerst hadden, verhief zich de koning van Thebe, Amenofis II tegen hen en begon hen te verdringen; hun verdrijving gelukte eerst volkomen aan diens opvolger Thutmes (Thutmosis) IV. Deze is waarschijnlijk de in Exodus 1:8 vermelde nieuwe koning; hij behoorde tot de 18de Dynastie; en verenigde het Nijldal, van de grenzen van Nubië af tot aan de uitwateringen van de Nijl, onder zijn heerschappij.
Niet alleen de droom was van God, maar ook de wijsheid, om die uit te leggen was van Hem; maar toch de droom zelf bewees Jozef reeds aanvankelijk, dat de schenken onschuldig was. Dat zijn geweten hem vrijsprak van enige misdaad tegen de koning. De droom staat in nauw verband met het zielenleven.
12. Toen zei Jozef tot hem: Dit is zijn uitlegging: de drie ranken zijn drie dagen.
Jozef spreekt hier niet uit, wat hij voor waarschijnlijk houd, alsof hij een twijfelachtig vermoeden uitsprak, maar hij spreekt door openbaring van de Geest uit, wat de droom betekende. Want waarom verklaart hij de drie ranken eerder voor drie dagen dan voor drie jaren, indien de Geest Gods hem dit niet geopenbaard had? Door een buitengewone ingeving verheft Jozef zich boven de natuur, als hij de droom uitlegt. En als zo aanstonds hij zich de schenken aanbeveelt, alsof deze reeds in zijn ambt hersteld was, daarmee toont hij wel zijn vertrouwen, dat de uitlegging zeker en ondubbelzinnig is.
13. Binnen drie dagen zal Farao u uit de kerker doen komen (2 Koningen. 25:27) en uw hoofd verheffen 1) en hij zal u in uw staat van opperschenker herstellen, en gij zult Farao’s beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenken waart.
1) “Uw hoofd verheffen” wil zeggen: u uitvoeren uit de duistere kerker. (2 Koningen. 25:27) 2 Samuel.
14. Doch gedenk mij bij uzelf, 1) wanneer het u wel gaan zal, en doe toch weldadigheid aan mij, en doe van mij melding bij Farao, en maak, dat ik uit dit huis kome. 2)
1) Jozef beveelt zich hier aan de welwillendheid van de schenken aan. Hoe herinnert deze uitdrukking aan die van de boetvaardige moordenaar op Golgotha. Werd deze laatste terstond geholpen, Jozef werd vergeten, en zou vergeten gebleven zijn, indien de Heere niet op verwonderlijke wijze tussenbeide gekomen was. Al was het dus geen zonde voor Jozef, om de schenken te vragen zich hem te gedenken, toch wil de Heere hem leren, dat Hij, en Hij alleen het is, die redt en uithelpt op zijn tijd. Later zou Jozef ook het Godsbestuur prijzen, en moeten erkennen, dat, indien God nu schijnbaar niet verhoord had of geholpen, Hij wat beters voor hem had bestemd. Had de schenken terstond om Jozef gedacht, hij ware geen onderkoning van Egypte geworden.
2) Men zou God verzoeken, indien men de middelen niet beproefde, maar verachtte, die God schenkt en waardoor men zou kunnen geholpen worden.
15. Want ik ben in het geheim, ontstolen uit het land van de Hebreeën, en ook heb ik hier niets gedaan, 1) dat zij mij in deze kuil, 2) deze gevangenis gezet hebben.
1) Zijn gevoel verhindert hem uit te spreken, hoe hij van zijn vader is weg geroofd; genoeg, dat hij noch als misdadiger, noch als naar recht verkochte slaaf naar Egypte gekomen is. Even zo voorzichtig spreekt hij over zijn gevangen zetten, zonder het huis van Pótifar tot schande te maken; genoeg, dat hij onschuldig is.
Dat Jozef hier zijn geschiedenis in het kort aan de schenken meedeelt, was, volgens besluit van de Heere, opdat de schenken overtuigd zou worden van Jozefs onschuld en hem straks bij Farao aanbevelen. De ware ziel en geestesadel komt hier zo treffend uit. Noch zijn broeders, noch zijn meesteres, noch zijn meester beschuldigt hij.
2) “Kuil”. De gevangenis wordt hier “kuil” genoemd, omdat dikwijls kuilen, waarin geen water was, tot gevangenis gebruikt werden.
16. Toen de overste van de bakkers zag, dat hij een goede uitlegging gedaan had, 1) zo zei hij tot Jozef; wegens de gelijkheid van de dromen voor zich eveneens een voor hem gunstige uitlegging verwachtende: Ik was ook in mijn droom, ik heb ook gedroomd; en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd. 2)
1) De bakker lette er niet op, dat Jozef een goede uitlegger was, maar zag alleen op de goede boodschap. Hij is hierin een treffend beeld van zo velen, die niet letten op het Woord van God als zodanig, maar op de beloften alleen; die wel naar de hemel willen, maar enkel en alleen om van de smarten van de hel bevrijd te worden.
2) In Egypte droegen de mannen op het hoofd, de vrouwen op de schouder. Tegenwoordig dragen ook de vrouwen op het hoofd.
17. En in de bovenste korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte1) at deze uit de korf van boven mijn hoofd.
1) Nog heden komt het in Egypte voor, dat vrouwen en kleine gieren de levensmiddelen weg roven, welke mensen op het hoofd dragen.
De bakker droomt niet, dat hij in de tegenwoordigheid van Farao is. Zijn geweten beschuldigt hem wel, dat hij dit recht had verbeurd.
18. Toen antwoordde Jozef en zei: Dit is zijn uitlegging: de drie korven zijn drie dagen.
19. Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, 1) uw hoofd van u wegnemen, en hij zal u uw onthoofd lijk aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten. 2)
1) In het Hebreeuws Jise et-rosch Méalegaa. Uw hoofd van u wegnemen, d.i. onthoofden.
2) Toch is hierbij de goddelijke inwerking niet voorbij te zien; de voorafgaande gedachten, de gesprekken met elkaar aan de ene-zowel als het geweten en het voorgevoel aan de andere zijde, zijn aanknopingspunten en hulpmiddelen, waarvan God zich bedient. Het is geen aangename boodschap, aan een aanzienlijke man in zijn aangezicht de galg te profeteren, en hem nog bepaald aan te tonen, hoe spoedig en op welke wijze hij gevonnist zal worden. De anti-Simson, een Delila ontvlucht, Jozef, die van geen gunst ten koste van zijn geweten wil weten, kan en mag de moed hebben, ook nog in zijn banden te profeteren.
Het uitgangspunt voor de dromen van de beide gevangenen laat zich hier met grote waarschijnlijkheid aanwijzen. Zij wisten dat het na drie dagen Farao’s geboortedag was, en volgens vroegere ervaringen konden zij vermoeden, dat die dag voor hun lot beslissend zou zijn. Wanneer zij onder zulke gedachten, onder hoop en vrees, insliepen, waren die dromen een voortzetting van hun denken, terwijl ook hun geweten, gelijk Krummacher opmerkt, een niet geringe invloed zal hebben gehad.
20. En het geschiedde op de derde dag, de dag van Farao’s geboorte (Mark.6:21), dat hij voor al zijn knechten een maaltijd maakte; en hij verhief, gelijk Jozef voorzegd had, het hoofd van de overste van de schenkers, en het hoofd van de overste van de bakkers, in het midden van zijn knechten. 1)
1) De koningen van de oude wereld pleegden hun geboortedagen te vieren. Volgens Herodotus was dit de enige dag in het jaar, waarop de Perzische koningen zich zalfden en aan hun onderdanen geschenken gaven. Evenzo schonken de Hebreeuwse koningen bij vreugdevolle gebeurtenissen genade.
21. En hij deed de overste van de schenkers, terugkeren tot zijn schenkambt, zodat hij de beker in Farao’s hand gaf;
22. Maar de overste van de bakkers, tegen wie de verdenking, misschien van een aanslag op het leven van de koning te hebben willen doen, zich bevestigde, hing hij op; gelijk Jozef hun uitgelegd had. 1)
1) Ook de gebeurtenissen, diep in de heidenwereld, ook de geschiedenissen van de vorstelijke hoven, met hun misdaden, kabalen, intriges en geweldenarijen staan onder de hoge heerlijkheid van het goddelijk bestuur; de landstreek, waarin de wijsheid van de wereld zich het meest schijnt losgemaakt te hebben van het bestuur van de goddelijke Voorzienigheid, is daarom het meest aan haar vervallen, en moet de meeste verijdelingen van haar bedoelingen beleven. Ook de gevangenissen met haar donkere kamers en kelders, met haar lijden en haar verborgenheden staan onder de opperleiding van God, en deze kerkers hebben niet alleen misdadigers ontsloten, maar dikwijls ook onschuldigen, meermalen zelfs de beste en heiligste. Christus zelf zegt: “Ik ben in de gevangenis geweest en gij hebt Mij bezocht.” Ook het nachtelijke leven met zijn dromen behoort in het weefsel van de goddelijke Voorzienigheid.
23. Doch de overste van de schenkers dacht niet aan Jozef, die hem om hulp bij Farao gebeden had (vs.14); maar vergat hem. 1)
1) Het was een straal van hoop, die voor Jozef in de gevangenis tot zijn bevrijding lichtte, dat hij zich aan de voorspraak van de vader kon aanbevelen. Toen ook deze straal uitgeblust was, stond hem, naar gewone berekening, niets anders meer te wachten, dan dat hij zijn leven in deze gevangenis zou moeten doorbrengen en daarin omkomen; toch had de vervulling van de dromen van de beide hovelingen hem in zijn hoop op de vervulling van zijn eigen dromen, die hij thuis had gehad, kunnen versterken.
Ten laatste bleek het, waarom de schenken hem vergeten moest. Ware hij door diens voorbede uit de gevangenis verlost, zo had hij toch in zijn vrijheid, als arm vreemdeling, niet geweten, waarheen hij zou gaan, en het doel van God met hem had niet bereikt. Daarom ging het juist goed, dat de schenken hem vergat, hoewel het Jozef smartelijk viel.
Dit was een zeer zware beproeving voor het geduld van Jozef. Want daar hij een voorspraak had verkregen, die hem gemakkelijk uit de gevangenis zou kunnen verlossen, vooral omdat de gelegenheid hem van Godswege was beschikt, zag hij er iedere dag naar uit, nu de vaste hoop op redding in zijn hart had post gevat. Maar terwijl hij twee jaar lang in onzekerheid bleef, verdween die hoop niet alleen, maar verviel hij meer dan vroeger tot wantrouwen. Wij leren dus van deze persoon, dat wij in niets God de tijd van hulp moeten voorschrijven, daar Hij het is, die de Zijnen lang in onzekerheid laat, opdat zij bij eigen ondervinding zullen weten, wat het betekent te hopen.
Niet de schenken, maar God, de Heere, zou op Zijn tijd Jozef verlossen.
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel