Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Daniël 6

1 Darius, de Meder nu, ontving het koninkrijk, omtrent twee en zestig jaren oud zijnde.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 DariusH1868, de MederH4077 nu, ontvingH6902 het koninkrijkH4437, omtrent tweeH8648 en zestigH8361 jarenH8140 oudH1247 zijnde. Darius, de Meder nu, ontving het koninkrijk, omtrent twee en zestig jaren oud zijnde.

KJV It pleased Darius1 to set over the kingdom4 an hundred and twenty princes, which should be over the whole kingdom;

1 וְדָרְיָ֨וֶשׁ֙ H1868 Darius Darius 2 מָֽדָיָ֔א H4077 Meder Median 3 קַבֵּ֖ל H6902 ontvangen, ontving receive, take 4 מַלְכוּתָ֑א H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 5 כְּבַ֥ר H1247 zoon, oud, zoons [idiom] old, son 6 שְׁנִ֖ין H8140 jaar, jaren year 7 שִׁתִּ֥ין H8361 zestig threescore 8 וְתַרְתֵּֽין H8648 twaalf, twee, tweede second, [phrase] twelve, two
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En het dacht Darius goed, dat hij over het koninkrijk stelde honderd en twintig stadhouders, die over het ganse koninkrijk zijn zouden;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 En het dacht DariusH1868 goed, dat hij over het koninkrijk steldeH6966 honderdH3969 en twintigH6243 stadhoudersH324, die over het ganse koninkrijk zijn zouden; En het dacht Darius goed, dat hij over het koninkrijk stelde honderd en twintig stadhouders, die over het ganse koninkrijk zijn zouden;

Ook in dit vers koninkrijkH4437 dachtH8232 leedH1934 koninkrijkH4437

KJV And over these three presidents; of whom Daniel was first: that the princes7 might11 give accounts unto them, and the king should have no damage.

1 שְׁפַר֙ H8232 behaagt, behagen, dacht be acceptable, please, [phrase] think good 2 קֳדָ֣ם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 3 דָּרְיָ֔וֶשׁ H1868 Darius Darius 4 וַהֲקִים֙ H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 5 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 6 מַלְכוּתָ֔א H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 7 לַאֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּ֖א H324 stadhouders prince 8 מְאָ֣ה H3969 honderd, tweehonderd hundred 9 וְעֶשְׂרִ֑ין H6243 twintig twenty 10 דִּ֥י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 11 לֶהֱוֺ֖ן H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 12 בְּכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 13 מַלְכוּתָֽא H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 En over dezelve drie vorsten, van dewelke Daniel de eerste zou zijn, denwelken die stadhouders zelfs zouden rekenschap geven, opdat de koning geen schade leed.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 En over dezelve drieH8532 vorstenH5632, van dewelke DanielH1841 de eersteH2298 zou zijn, denwelken die stadhoudersH324 zelfsH1934 zouden rekenschapH2941 geven, opdat de koningH4430 geen schadeH5142 leed. En over dezelve drie vorsten, van dewelke Daniel de eerste zou zijn, denwelken die stadhouders zelfs zouden rekenschap geven, opdat de koning geen schade leed.

Ook in dit vers zelfsH1934

KJV Then this Daniel6 was10 preferred above the presidents3 and princes,11 because an excellent spirit was in him; and the king16 thought to set him over the whole realm.

1 וְעֵ֤לָּא H5924 over 2 מִנְּהוֹן֙ H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 3 סָרְכִ֣ין H5632 vorsten president 4 תְּלָתָ֔א H8532 drie, derden third, three 5 דִּ֥י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 6 דָנִיֵּ֖אל H1841 Daniel Daniel 7 חַֽד H2298 eerste, zamen, zevenmaal a, first, one, together 8 מִנְּה֑וֹן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 9 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 10 לֶהֱוֺ֞ן H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 11 אֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּ֣א H324 stadhouders prince 12 אִלֵּ֗ין H459 the, these 13 יָהֲבִ֤ין H3052 gegeven, overgegeven, geef deliver, give, lay, [phrase] prolong, pay, yield 14 לְהוֹן֙ 15 טַעְמָ֔א H2941 bevel, rekenschap, zaak account, [idiom] to be commanded, commandment, matter 16 וּמַלְכָּ֖א H4430 koning, konings, koningen king, royal 17 לָֽא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 18 לֶהֱוֵ֥א H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 19 נָזִֽק H5142 schade, schade aanbrengen, schade aanbrengende have (en-) damage, hurt(-ful)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Toen overtrof deze Daniel die vorsten en die stadhouders, daarom dat een voortreffelijke geest in hem was; en de koning dacht hem te stellen over het gehele koninkrijk.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Toen overtrofH1934 deze DanielH1841 die vorstenH5632 en die stadhoudersH324, daarom dat een voortreffelijkeH3493 geestH7308 in hem was; en de koningH4430 dachtH6246 hem te stellenH6966 over het gehele koninkrijkH4437. Toen overtrof deze Daniel die vorsten en die stadhouders, daarom dat een voortreffelijke geest in hem was; en de koning dacht hem te stellen over het gehele koninkrijk.

Ook in dit vers dezenH1836

KJV Then1 the presidents7 and princes8 sought4 to find occasion against Daniel2 concerning the kingdom;20 but9 they could find none occasion nor fault; forasmuch10 as he was faithful, neither was there any19 error or fault found in him.

1 אֱדַ֨יִן֙ H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 דָּנִיֵּ֣אל H1841 Daniel Daniel 3 דְּנָ֔ה H1836 dezen, aldus, ander (afore-) time, [phrase] after this manner, here (-after), one...another, such, there(-fore), these, this (matter), [phrase] thus, where(-fore), which 4 הֲוָ֣א H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 5 מִתְנַצַּ֔ח H5330 be preferred 6 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 7 סָרְכַיָּ֖א H5632 vorsten president 8 וַאֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּ֑א H324 stadhouders prince 9 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 10 קֳבֵ֗ל H6903 tegenover, aangezien, daarom (Aramees) [phrase] according to, [phrase] as, [phrase] because, before, [phrase] for this cause, [phrase] forasmuch as, [phrase] by this means, over against, by reason of, [phrase] that, [phrase] therefore, [phrase] though, [phrase] wherefore 11 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 12 ר֤וּחַ H7308 geest, wind, winden mind, spirit, wind 13 יַתִּירָא֙ H3493 voortreffelijke, groter exceeding(-ly), excellent 14 בֵּ֔הּ 15 וּמַלְכָּ֣א H4430 koning, konings, koningen king, royal 16 עֲשִׁ֔ית H6246 dacht think 17 לַהֲקָמוּתֵ֖הּ H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 18 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 19 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 20 מַלְכוּתָֽא H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Toen zochten de vorsten en de stadhouders gelegenheid te vinden, tegen Daniel vanwege het koninkrijk; maar zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, dewijl hij getrouw was, en geen vergrijping noch misdaad in hem gevonden werd.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Toen zochten de vorstenH5632 en de stadhoudersH324 gelegenheidH5931 te vindenH7912, tegen DanielH1841 vanwege het koninkrijkH4437; maar zij kondenH3202 geen gelegenheid noch misdaadH7844 vindenH7912, dewijl hij getrouwH540 was, en geen vergrijpingH7960 noch misdaadH7844 in hem gevonden werd. Toen zochten de vorsten en de stadhouders gelegenheid te vinden, tegen Daniel vanwege het koninkrijk; maar zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, dewijl hij getrouw was, en geen vergrijping noch misdaad in hem gevonden werd.

Ook in dit vers gelegenheidH5931 gevondenH7912

KJV Then1 said these men, We shall not14 find7 any11 occasion6 against27 this Daniel,8 except we find16 it against him concerning the law of his God.

1 אֱדַ֨יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 סָֽרְכַיָּ֜א H5632 vorsten president 3 וַאֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּ֗א H324 stadhouders prince 4 הֲו֨וֹ H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 5 בָעַ֧יִן H1156 verzocht, biddende, bidt ask, desire, make (petition), pray, request, seek 6 עִלָּ֛ה H5931 gelegenheid occasion 7 לְהַשְׁכָּחָ֥ה H7912 gevonden, vinden, vonden find 8 לְדָנִיֵּ֖אל H1841 Daniel Daniel 9 מִצַּ֣ד H6655 against, concerning 10 מַלְכוּתָ֑א H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 11 וְכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 12 עִלָּ֨ה H5931 gelegenheid occasion 13 וּשְׁחִיתָ֜ה H7844 misdaad, verdicht corrupt, fault 14 לָא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 15 יָכְלִ֣ין H3202 machtig, kan, konden be able, can, couldest, prevail 16 לְהַשְׁכָּחָ֗ה H7912 gevonden, vinden, vonden find 17 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 18 קֳבֵל֙ H6903 tegenover, aangezien, daarom (Aramees) [phrase] according to, [phrase] as, [phrase] because, before, [phrase] for this cause, [phrase] forasmuch as, [phrase] by this means, over against, by reason of, [phrase] that, [phrase] therefore, [phrase] though, [phrase] wherefore 19 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 20 מְהֵימַ֣ן H540 geloofd, getrouw, zeker believe, faithful, sure 21 ה֔וּא H1932 hij, zij, het (Aramees) [idiom] are, it, this 22 וְכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 23 שָׁלוּ֙ H7960 feil, lastering, vergrijping error, [idiom] fail, thing amiss 24 וּשְׁחִיתָ֔ה H7844 misdaad, verdicht corrupt, fault 25 לָ֥א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 26 הִשְׁתְּכַ֖חַת H7912 gevonden, vinden, vonden find 27 עֲלֽוֹהִי H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Toen zeiden die mannen: Wij zullen tegen dezen Daniel geen gelegenheid vinden, tenzij wij tegen hem iets vinden in te wet zijns Gods.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 Toen zeidenH560 die mannenH1400: Wij zullen tegen dezenH1836 DanielH1841 geen gelegenheidH5931 vinden, tenzij wij tegen hem iets vinden in te wetH1882 zijns GodsH426. Toen zeiden die mannen: Wij zullen tegen dezen Daniel geen gelegenheid vinden, tenzij wij tegen hem iets vinden in te wet zijns Gods.

Ook in dit vers vindenH7912 vindenH7912 tenzijH3861

KJV Then1 these presidents and princes assembled together to the king, and said4 thus unto him,14 King Darius, live for ever.

1 אֱ֠דַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 גֻּבְרַיָּ֤א H1400 mannen, man certain, man 3 אִלֵּךְ֙ H479 deze, die these, those 4 אָֽמְרִ֔ין H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 5 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 6 לָ֧א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 7 נְהַשְׁכַּ֛ח H7912 gevonden, vinden, vonden find 8 לְדָנִיֵּ֥אל H1841 Daniel Daniel 9 דְּנָ֖ה H1836 dezen, aldus, ander (afore-) time, [phrase] after this manner, here (-after), one...another, such, there(-fore), these, this (matter), [phrase] thus, where(-fore), which 10 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 11 עִלָּ֑א H5931 gelegenheid occasion 12 לָהֵ֕ן H3861 daarom; behalve, tenzij (Aramees) but, except, save, therefore, wherefore 13 הַשְׁכַּ֥חְנָֽה H7912 gevonden, vinden, vonden find 14 עֲל֖וֹהִי H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 15 בְּדָ֥ת H1882 wet, vonnis, wetten decree, law 16 אֱלָהֵֽהּ H426 God, Gods, goden God, god
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Zo kwamen deze vorsten en de stadhouders met hopen tot den koning, en zeiden aldus tot hem: O koning Darius, leef in eeuwigheid!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Zo kwamen deze vorstenH5632 en de stadhoudersH324 met hopenH7284 tot den koningH4430, en zeidenH560 aldusH3652 tot hem: O koningH4430 DariusH1868, leefH2418 in eeuwigheidH5957! Zo kwamen deze vorsten en de stadhouders met hopen tot den koning, en zeiden aldus tot hem: O koning Darius, leef in eeuwigheid!

KJV All the presidents2 of the kingdom, the governors, and the princes,3 the counsellors, and the captains, have consulted together to establish a royal7 statute, and to make a firm decree, that whosoever shall ask a petition of any God or man for thirty days, save of thee, O king,12 he shall be cast into the den of lions.

1 אֱ֠דַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 סָרְכַיָּ֤א H5632 vorsten president 3 וַאֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּא֙ H324 stadhouders prince 4 אִלֵּ֔ן H459 the, these 5 הַרְגִּ֖שׁוּ H7284 hopen assemble (together) 6 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 7 מַלְכָּ֑א H4430 koning, konings, koningen king, royal 8 וְכֵן֙ H3652 aldus thus 9 אָמְרִ֣ין H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 10 לֵ֔הּ 11 דָּרְיָ֥וֶשׁ H1868 Darius Darius 12 מַלְכָּ֖א H4430 koning, konings, koningen king, royal 13 לְעָלְמִ֥ין H5957 eeuwigheid, eeuwig, eeuwige for (n-)ever (lasting), old 14 חֱיִֽי H2418 leef live, keep alive
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Al de vorsten des rijks, de overheden en stadhouders, de raadsheren en landvoogden hebben zich beraadslaagd een koninklijke ordonnantie te stellen, en een sterk gebod te maken, dat al wie in dertig dagen een verzoek zal doen van enigen god of mens, behalve van u, o koning! die zal in den kuil der leeuwen geworpen worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Al de vorstenH5632 des rijksH4437, de overhedenH5460 en stadhoudersH324, de raadsheren en landvoogdenH6347 hebben zich beraadslaagdH3272 een koninklijke ordonnantieH7010 te stellenH6966, en een sterkH8631 gebodH633 te maken, dat al wie in dertigH8533 dagenH3118 een verzoekH1159 zal doen van enigenH3606 godH426 of mensH606, behalve van u, o koningH4430! die zal in den kuilH1358 der leeuwenH744 geworpenH7412 worden. Al de vorsten des rijks, de overheden en stadhouders, de raadsheren en landvoogden hebben zich beraadslaagd een koninklijke ordonnantie te stellen, en een sterk gebod te maken, dat al wie in dertig dagen een verzoek zal doen van enigen god of mens, behalve van u, o koning! die zal in den kuil der leeuwen geworpen worden.

Ook in dit vers biddendeH1156 koningH4430 raadsherenH1907 enigenH3606

KJV Now, O king,11 establish9 the decree,13 and sign the writing, that it be not changed, according to the law of the Medes and Persians, which altereth not.

1 אִתְיָעַ֜טוּ H3272 raadsheren, beraadslaagd counsellor, consult together 2 כֹּ֣ל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 3 סָרְכֵ֣י H5632 vorsten president 4 מַלְכוּתָ֗א H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 5 סִגְנַיָּ֤א H5460 overheden governor 6 וַֽאֲחַשְׁדַּרְפְּנַיָּא֙ H324 stadhouders prince 7 הַדָּֽבְרַיָּ֣א H1907 raadsheren counsellor 8 וּפַחֲוָתָ֔א H6347 Thathnai landvoogd, landvoogden, landvoogd captain, governor 9 לְקַיָּמָ֤ה H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 10 קְיָם֙ H7010 ordonnantie decree, statute 11 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 12 וּלְתַקָּפָ֖ה H8631 sterk, verstijfd make firm, harden, be(-come) strong 13 אֱסָ֑ר H633 gebod decree 14 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 15 כָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 16 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 17 יִבְעֵ֣ה H1156 verzocht, biddende, bidt ask, desire, make (petition), pray, request, seek 18 בָ֠עוּ H1159 gebed, verzoek petition 19 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 20 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 21 אֱלָ֨הּ H426 God, Gods, goden God, god 22 וֶֽאֱנָ֜שׁ H606 mensen, mens, man man, [phrase] whosoever 23 עַד H5705 tot, totdat (Aramees) [idiom] and, at, for, (hither-) to, on till, (un-) to, until, within 24 יוֹמִ֣ין H3118 dagen, dag, daags day (by day), time 25 תְּלָתִ֗ין H8533 dertig thirty 26 לָהֵן֙ H3861 daarom; behalve, tenzij (Aramees) but, except, save, therefore, wherefore 27 מִנָּ֣ךְ H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 28 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 29 יִתְרְמֵ֕א H7412 geworpen, wierpen, gezet cast (down), impose 30 לְגֹ֖ב H1358 kuil, kuils den 31 אַרְיָוָתָֽא H744 leeuwen, leeuw lion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Nu, o koning! gij zult een gebod bevestigen, en een schrift tekenen, dat niet veranderd worde, naar de wet der Meden en der Perzen, die niet mag wederroepen worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Nu, o koningH4430! gij zult een gebodH633 bevestigenH6966, en een schriftH3792 tekenenH7560, dat niet veranderdH8133 worde, naar de wetH1882 der MedenH4076 en der PerzenH6540, die niet mag wederroepenH5709 worden. Nu, o koning! gij zult een gebod bevestigen, en een schrift tekenen, dat niet veranderd worde, naar de wet der Meden en der Perzen, die niet mag wederroepen worden.

KJV Wherefore king2 Darius signed5 the writing6 and the decree.

1 כְּעַ֣ן H3705 nu now 2 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 תְּקִ֥ים H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 4 אֱסָרָ֖א H633 gebod decree 5 וְתִרְשֻׁ֣ם H7560 getekend, tekende, tekenen sign, write 6 כְּתָבָ֑א H3792 schrift, voorschrift prescribing, writing(-ten) 7 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 8 לָ֧א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 9 לְהַשְׁנָיָ֛ה H8133 veranderd, verscheiden, veranderde alter, change, (be) diverse 10 כְּדָת H1882 wet, vonnis, wetten decree, law 11 מָדַ֥י H4076 Meden, Medie Mede(-s) 12 וּפָרַ֖ס H6540 Perzen, Perzie Persia, Persians 13 דִּי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 14 לָ֥א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 15 תֶעְדֵּֽא H5709 gegaan, nam, mag herroepen alter, depart, pass (away), remove, take (away)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Daarom tekende de koning Darius dat schrift en gebod.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Daarom tekendeH7560 de koningH4430 DariusH1868 dat schriftH3792 en gebodH633. Daarom tekende de koning Darius dat schrift en gebod.

Ook in dit vers dezenH1836 ganselijkH3606

KJV Now when Daniel knew that the writing7 was signed,6 he went into his house; and his windows being open in his chamber toward Jerusalem, he kneeled upon his knees three times a day, and prayed, and gave thanks before his God, as2 he did aforetime.3

1 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 2 קֳבֵ֖ל H6903 tegenover, aangezien, daarom (Aramees) [phrase] according to, [phrase] as, [phrase] because, before, [phrase] for this cause, [phrase] forasmuch as, [phrase] by this means, over against, by reason of, [phrase] that, [phrase] therefore, [phrase] though, [phrase] wherefore 3 דְּנָ֑ה H1836 dezen, aldus, ander (afore-) time, [phrase] after this manner, here (-after), one...another, such, there(-fore), these, this (matter), [phrase] thus, where(-fore), which 4 מַלְכָּא֙ H4430 koning, konings, koningen king, royal 5 דָּֽרְיָ֔וֶשׁ H1868 Darius Darius 6 רְשַׁ֥ם H7560 getekend, tekende, tekenen sign, write 7 כְּתָבָ֖א H3792 schrift, voorschrift prescribing, writing(-ten) 8 וֶאֱסָרָֽא H633 gebod decree
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Toen nu DanielH1841 verstondH3046, dat dit schriftH3792 getekendH7560 was, ging hij in zijn huisH1005 (hij nu had in zijn opperzaal open venstersH3551 tegen JeruzalemH3390 aan), en hij knielde drieH8532 tijden 's daagsH3118 op zijn knieenH1291, en hij badH6739, en deed belijdenisH3029 voor zijn GodH426, ganselijkH3606 gelijk hij voor dezenH1836 gedaan had. Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had.

Ook in dit vers ) knieldeH1289 tijdenH2166 bemoeideH1934

KJV Then these men assembled, and found Daniel1 praying and making supplication before24 his God.

1 וְ֠דָנִיֵּאל H1841 Daniel Daniel 2 כְּדִ֨י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 3 יְדַ֜ע H3046 bekend, weten, kennen certify, know, make known, teach 4 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 5 רְשִׁ֤ים H7560 getekend, tekende, tekenen sign, write 6 כְּתָבָא֙ H3792 schrift, voorschrift prescribing, writing(-ten) 7 עַ֣ל H5954 inbrengen, ingebracht, bracht bring in, come in, go in 8 לְבַיְתֵ֔הּ H1005 huis, huize, huizen house 9 וְכַוִּ֨ין H3551 vensters window 10 פְּתִיחָ֥ן H6606 geopend open 11 לֵהּ֙ 12 בְּעִלִּיתֵ֔הּ H5952 chamber. Compare H5944 (עֲלִיָּה) 13 נֶ֖גֶד H5049 toward 14 יְרוּשְׁלֶ֑ם H3390 Jeruzalem {Jerusalem} 15 וְזִמְנִין֩ H2166 tijd, tijden, stonden season, time 16 תְּלָתָ֨ה H8532 drie, derden third, three 17 בְיוֹמָ֜א H3118 dagen, dag, daags day (by day), time 18 ה֣וּא H1932 hij, zij, het (Aramees) [idiom] are, it, this 19 בָּרֵ֣ךְ H1289 loofde, knielde, Geloofd bless, kneel 20 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 21 בִּרְכ֗וֹהִי H1291 knieen knee 22 וּמְצַלֵּ֤א H6739 bad, bidden pray 23 וּמוֹדֵא֙ H3029 belijdenis, dank (give) thank(-s) 24 קֳדָ֣ם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 25 אֱלָהֵ֔הּ H426 God, Gods, goden God, god 26 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 27 קֳבֵל֙ H6903 tegenover, aangezien, daarom (Aramees) [phrase] according to, [phrase] as, [phrase] because, before, [phrase] for this cause, [phrase] forasmuch as, [phrase] by this means, over against, by reason of, [phrase] that, [phrase] therefore, [phrase] though, [phrase] wherefore 28 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 29 הֲוָ֣א H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 30 עָבֵ֔ד H5648 doen, maken, bereiden (Aramees) [idiom] cut, do, execute, go on, make, move, work 31 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 32 קַדְמַ֖ת H6928 afore(-time), ago 33 דְּנָֽה H1836 dezen, aldus, ander (afore-) time, [phrase] after this manner, here (-after), one...another, such, there(-fore), these, this (matter), [phrase] thus, where(-fore), which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Toen kwamen die mannen met hopen, en zij vonden Daniel biddende en smekende voor zijn God.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Toen kwamen die mannenH1400 met hopenH7284, en zij vondenH7912 DanielH1841 biddendeH1156 en smekendeH2604 voor zijn GodH426. Toen kwamen die mannen met hopen, en zij vonden Daniel biddende en smekende voor zijn God.

KJV Then1 they came near, and spake before9 the king concerning the king's decree; Hast thou not signed a decree, that every man that shall ask7 a petition of any God10 or man within thirty days, save of thee, O king, shall be cast into the den of lions? The king answered and said, The thing is true, according to the law of the Medes and Persians, which altereth not.

1 אֱ֠דַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 גֻּבְרַיָּ֤א H1400 mannen, man certain, man 3 אִלֵּךְ֙ H479 deze, die these, those 4 הַרְגִּ֔שׁוּ H7284 hopen assemble (together) 5 וְהַשְׁכַּ֖חוּ H7912 gevonden, vinden, vonden find 6 לְדָנִיֵּ֑אל H1841 Daniel Daniel 7 בָּעֵ֥א H1156 verzocht, biddende, bidt ask, desire, make (petition), pray, request, seek 8 וּמִתְחַנַּ֖ן H2604 genade, smekende shew mercy, make supplication 9 קֳדָ֥ם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 10 אֱלָהֵֽהּ H426 God, Gods, goden God, god
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Toen kwamen zij nader, en spraken voor den koning van het gebod des konings: Hebt gij niet een gebod getekend, dat alle man, die in dertig dagen van enigen god of mens iets verzoeken zou, behalve van u, o koning! in den kuil der leeuwen zou geworpen worden? De koning antwoordde en zeide: Het is een vaste rede, naar de wet der Meden en Perzen, die niet mag wederroepen worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Toen kwamen zij naderH7127, en sprakenH560 voor den koningH4430 van het gebodH633 des konings: Hebt gij niet een gebod getekendH7560, dat alle manH606, die in dertigH8533 dagenH3118 van enigenH3606 godH426 of mensH606 iets verzoekenH1156 zou, behalve van u, o koningH4430! in den kuilH1358 der leeuwenH744 zou geworpenH7412 worden? De koning antwoorddeH6032 en zeide: Het is een vasteH3330 redeH4406, naar de wetH1882 der MedenH4076 en PerzenH6540, die niet mag wederroepenH5709 worden. Toen kwamen zij nader, en spraken voor den koning van het gebod des konings: Hebt gij niet een gebod getekend, dat alle man, die in dertig dagen van enigen god of mens iets verzoeken zou, behalve van u, o koning! in den kuil der leeuwen zou geworpen worden? De koning antwoordde en zeide: Het is een vaste rede, naar de wet der Meden en Perzen, die niet mag wederroepen worden.

Ook in dit vers sprakenH560 gebodH633 enigenH3606 koningH4430 koningH4430

KJV Then1 answered30 they and said3 before4 the king,5 That Daniel, which is of17 the children of the captivity of Judah, regardeth not9 thee,6 O king,8 nor the decree7 that thou hast signed,11 but maketh16 his petition three times a day.

1 בֵּ֠אדַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 קְרִ֨יבוּ H7127 naderde, genaderd, nader approach, come (near, nigh), draw near 3 וְאָמְרִ֥ין H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 4 קֳדָם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 5 מַלְכָּא֮ H4430 koning, konings, koningen king, royal 6 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 7 אֱסָ֣ר H633 gebod decree 8 מַלְכָּא֒ H4430 koning, konings, koningen king, royal 9 הֲלָ֧א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 10 אֱסָ֣ר H633 gebod decree 11 רְשַׁ֗מְתָּ H7560 getekend, tekende, tekenen sign, write 12 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 13 כָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 14 אֱנָ֡שׁ H606 mensen, mens, man man, [phrase] whosoever 15 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 16 יִבְעֵה֩ H1156 verzocht, biddende, bidt ask, desire, make (petition), pray, request, seek 17 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 18 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 19 אֱלָ֨הּ H426 God, Gods, goden God, god 20 וֶֽאֱנָ֜שׁ H606 mensen, mens, man man, [phrase] whosoever 21 עַד H5705 tot, totdat (Aramees) [idiom] and, at, for, (hither-) to, on till, (un-) to, until, within 22 יוֹמִ֣ין H3118 dagen, dag, daags day (by day), time 23 תְּלָתִ֗ין H8533 dertig thirty 24 לָהֵן֙ H3861 daarom; behalve, tenzij (Aramees) but, except, save, therefore, wherefore 25 מִנָּ֣ךְ H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 26 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 27 יִתְרְמֵ֕א H7412 geworpen, wierpen, gezet cast (down), impose 28 לְג֖וֹב H1358 kuil, kuils den 29 אַרְיָותָ֑א H744 leeuwen, leeuw lion 30 עָנֵ֨ה H6032 antwoordde, antwoordden, Sprak answer, speak 31 מַלְכָּ֜א H4430 koning, konings, koningen king, royal 32 וְאָמַ֗ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 33 יַצִּיבָ֧א H3330 gewis, vaste, zekerheid certain(-ty), true, truth 34 מִלְּתָ֛א H4406 woord, zaak, woorden commandment, matter, thing. word 35 כְּדָת H1882 wet, vonnis, wetten decree, law 36 מָדַ֥י H4076 Meden, Medie Mede(-s) 37 וּפָרַ֖ס H6540 Perzen, Perzie Persia, Persians 38 דִּי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 39 לָ֥א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 40 תֶעְדֵּֽא H5709 gegaan, nam, mag herroepen alter, depart, pass (away), remove, take (away)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Toen antwoordden zij, en zeiden voor den koning: Daniel, een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda heeft, o koning! op u geen acht gesteld, noch op het gebod dat gij getekend hebt; maar hij bidt op drie tijden 's daags zijn gebed.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 Toen antwoorddenH6032 zij, en zeidenH560 voor den koningH4430: DanielH1841, een van de gevankelijkH1123 weggevoerden uit JudaH3061 heeft, o koning! op u geen achtH2942 gesteldH7761, noch op het gebodH633 dat gij getekendH7560 hebt; maar hij bidtH1156 op drieH8532 tijden 's daagsH3118 zijn gebedH1159. Toen antwoordden zij, en zeiden voor den koning: Daniel, een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda heeft, o koning! op u geen acht gesteld, noch op het gebod dat gij getekend hebt; maar hij bidt op drie tijden 's daags zijn gebed.

Ook in dit vers koningH4430 tijdenH2166

KJV Then1 the king,5 when he heard these words, was sore displeased with himself, and set15 his heart on16 Daniel7 to deliver him: and he laboured till the going down of the sun to deliver

1 בֵּ֠אדַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 עֲנ֣וֹ H6032 antwoordde, antwoordden, Sprak answer, speak 3 וְאָמְרִין֮ H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 4 קֳדָ֣ם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 5 מַלְכָּא֒ H4430 koning, konings, koningen king, royal 6 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 7 דָנִיֵּ֡אל H1841 Daniel Daniel 8 דִּי֩ H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 9 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 10 בְּנֵ֨י H1123 kinderen, gevankelijk, jonge child, son, young 11 גָלוּתָ֜א H1547 gevangenis captivity 12 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 13 יְה֗וּד H3061 Juda, Judea Jewry, Judah, Judea 14 לָא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 15 שָׂ֨ם H7761 gegeven, gesteld, Geeft [phrase] command, give, lay, make, [phrase] name, [phrase] regard, set 16 עֲלָ֤ךְ H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 17 מַלְכָּא֙ H4430 koning, konings, koningen king, royal 18 טְעֵ֔ם H2942 bevel, acht, geproefd [phrase] chancellor, [phrase] command, commandment, decree, [phrase] regard, taste, wisdom 19 וְעַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 20 אֱסָרָ֖א H633 gebod decree 21 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 22 רְשַׁ֑מְתָּ H7560 getekend, tekende, tekenen sign, write 23 וְזִמְנִ֤ין H2166 tijd, tijden, stonden season, time 24 תְּלָתָה֙ H8532 drie, derden third, three 25 בְּיוֹמָ֔א H3118 dagen, dag, daags day (by day), time 26 בָּעֵ֖א H1156 verzocht, biddende, bidt ask, desire, make (petition), pray, request, seek 27 בָּעוּתֵֽהּ H1159 gebed, verzoek petition
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Toen de koning deze rede hoorde, was hij zeer bedroefd bij zichzelven, en hij stelde het hart op Daniel om hem te verlossen; ja, tot den ondergang der zon toe bemoeide hij zich, om hem te redden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Toen de koningH4430 deze redeH4406 hoordeH8086, was hij zeer bedroefdH888 bij zichzelven, en hij steldeH7761 het hartH1079 op DanielH1841 om hem te verlossen; ja, tot den ondergangH4606 der zonH8122 toe bemoeideH1934 hij zich, om hem te reddenH5338. Toen de koning deze rede hoorde, was hij zeer bedroefd bij zichzelven, en hij stelde het hart op Daniel om hem te verlossen; ja, tot den ondergang der zon toe bemoeide hij zich, om hem te redden.

Ook in dit vers verlossenH7804

KJV Then1 these men assembled unto8 the king,2 and said unto the king, Know, O king, that the law of the Medes and Persians is, That no decree nor statute which the king establisheth may be changed.

1 אֱדַ֨יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 מַלְכָּ֜א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 כְּדִ֧י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 4 מִלְּתָ֣א H4406 woord, zaak, woorden commandment, matter, thing. word 5 שְׁמַ֗ע H8086 horen, gehoord, gehoorzamen hear, obey 6 שַׂגִּיא֙ H7690 vele, veel exceeding, great(-ly); many, much, sore, very 7 בְּאֵ֣שׁ H888 bedroefd displease 8 עֲל֔וֹהִי H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 9 וְעַ֧ל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 10 דָּנִיֵּ֛אל H1841 Daniel Daniel 11 שָׂ֥ם H7761 gegeven, gesteld, Geeft [phrase] command, give, lay, make, [phrase] name, [phrase] regard, set 12 בָּ֖ל H1079 hart heart 13 לְשֵׁיזָבוּתֵ֑הּ H7804 verlossen, verlost, verlosse deliver 14 וְעַד֙ H5705 tot, totdat (Aramees) [idiom] and, at, for, (hither-) to, on till, (un-) to, until, within 15 מֶֽעָלֵ֣י H4606 ondergang going down 16 שִׁמְשָׁ֔א H8122 zon sun 17 הֲוָ֥א H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 18 מִשְׁתַּדַּ֖ר H7712 labour 19 לְהַצָּלוּתֵֽהּ H5338 redden, redt, verlossen deliver, rescue
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Toen kwamen die mannen met hopen tot den koning, en zij zeiden tot den koning: Weet, o koning! dat der Meden en der Perzen wet is, dat geen gebod noch ordonnantie, die de koning verordend heeft, mag veranderd worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Toen kwamen die mannenH1400 met hopenH7284 tot den koningH4430, en zij zeidenH560 tot den koningH4430: Weet, o koning! dat der MedenH4076 en der PerzenH6540 wetH1882 is, dat geen gebodH633 noch ordonnantieH7010, die de koning verordendH6966 heeft, mag veranderd worden. Toen kwamen die mannen met hopen tot den koning, en zij zeiden tot den koning: Weet, o koning! dat der Meden en der Perzen wet is, dat geen gebod noch ordonnantie, die de koning verordend heeft, mag veranderd worden.

Ook in dit vers koningH4430 koningH4430 mag veranderdH8133

KJV Then1 the king6 commanded,7 and they brought Daniel, and cast him into the den of lions. Now the king8 spake and said unto Daniel, Thy God whom thou servest continually, he will deliver

1 בֵּאדַ֨יִן֙ H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 גֻּבְרַיָּ֣א H1400 mannen, man certain, man 3 אִלֵּ֔ךְ H479 deze, die these, those 4 הַרְגִּ֖שׁוּ H7284 hopen assemble (together) 5 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 6 מַלְכָּ֑א H4430 koning, konings, koningen king, royal 7 וְאָמְרִ֣ין H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 8 לְמַלְכָּ֗א H4430 koning, konings, koningen king, royal 9 דַּ֤ע H3046 bekend, weten, kennen certify, know, make known, teach 10 מַלְכָּא֙ H4430 koning, konings, koningen king, royal 11 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 12 דָת֙ H1882 wet, vonnis, wetten decree, law 13 לְמָדַ֣י H4076 Meden, Medie Mede(-s) 14 וּפָרַ֔ס H6540 Perzen, Perzie Persia, Persians 15 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 16 כָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 17 אֱסָ֥ר H633 gebod decree 18 וּקְיָ֛ם H7010 ordonnantie decree, statute 19 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 20 מַלְכָּ֥א H4430 koning, konings, koningen king, royal 21 יְהָקֵ֖ים H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 22 לָ֥א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 23 לְהַשְׁנָיָֽה H8133 veranderd, verscheiden, veranderde alter, change, (be) diverse
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Toen beval de koning, en zij brachten Daniel voor, en wierpen hem in den kuil der leeuwen; en de koning antwoordde en zeide tot Daniel: Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Die verlosse u!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Toen bevalH560 de koningH4430, en zij brachtenH858 DanielH1841 voor, en wierpenH7412 hem in den kuilH1358 der leeuwenH744; en de koning antwoorddeH6032 en zeideH560 tot Daniel: Uw GodH426, Dien gij geduriglijkH8411 eertH6399, Die verlosseH7804 u! Toen beval de koning, en zij brachten Daniel voor, en wierpen hem in den kuil der leeuwen; en de koning antwoordde en zeide tot Daniel: Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Die verlosse u!

Ook in dit vers koningH4430 DanielH1841

KJV And a stone was brought,4 and laid upon the mouth of the den;7 and the king2 sealed it with his own signet, and with the signet of his lords; that the purpose might not be changed concerning Daniel.

1 בֵּאדַ֜יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 מַלְכָּ֣א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 אֲמַ֗ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 4 וְהַיְתִיו֙ H858 gebracht, brachten, voorbrengen (be-) come, bring 5 לְדָ֣נִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 6 וּרְמ֕וֹ H7412 geworpen, wierpen, gezet cast (down), impose 7 לְגֻבָּ֖א H1358 kuil, kuils den 8 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 9 אַרְיָוָתָ֑א H744 leeuwen, leeuw lion 10 עָנֵ֤ה H6032 antwoordde, antwoordden, Sprak answer, speak 11 מַלְכָּא֙ H4430 koning, konings, koningen king, royal 12 וְאָמַ֣ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 13 לְדָנִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 14 אֱלָהָ֗ךְ H426 God, Gods, goden God, god 15 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 16 אַ֤נְתְּ H607 gij as for thee, thou 17 פָּֽלַֽח H6399 eren, eert, dienaars minister, serve 18 לֵהּ֙ 19 בִּתְדִירָ֔א H8411 geduriglijk continually 20 ה֖וּא H1932 hij, zij, het (Aramees) [idiom] are, it, this 21 יְשֵׁיזְבִנָּֽךְ H7804 verlossen, verlost, verlosse deliver
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En er werd een steen gebracht, en op den mond des kuils gelegd: en de koning verzegelde denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigen, opdat de wil aangaande Daniel niet zou veranderd worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En er werd een steenH69 gebrachtH858, en op den mondH6433 des kuilsH1358 gelegdH7761: en de koningH4430 verzegeldeH2857 denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigenH7261, opdat de wilH6640 aangaande DanielH1841 niet zou veranderdH8133 worden. En er werd een steen gebracht, en op den mond des kuils gelegd: en de koning verzegelde denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigen, opdat de wil aangaande Daniel niet zou veranderd worden.

Ook in dit vers ringH5824 ringH5824 lietH3809 verreH5922

KJV Then the king9 went to his palace, and passed the night fasting: neither14 were instruments of musick brought before him: and his sleep went from him.

1 וְהֵיתָ֨יִת֙ H858 gebracht, brachten, voorbrengen (be-) come, bring 2 אֶ֣בֶן H69 steen, stenen stone 3 חֲדָ֔ה H2298 eerste, zamen, zevenmaal a, first, one, together 4 וְשֻׂמַ֖ת H7761 gegeven, gesteld, Geeft [phrase] command, give, lay, make, [phrase] name, [phrase] regard, set 5 עַל H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 6 פֻּ֣ם H6433 mond, muil mouth 7 גֻּבָּ֑א H1358 kuil, kuils den 8 וְחַתְמַ֨הּ H2857 verzegelde seal 9 מַלְכָּ֜א H4430 koning, konings, koningen king, royal 10 בְּעִזְקְתֵ֗הּ H5824 ring signet 11 וּבְעִזְקָת֙ H5824 ring signet 12 רַבְרְבָנ֔וֹהִי H7261 geweldigen lord, prince 13 דִּ֛י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 14 לָא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 15 תִשְׁנֵ֥א H8133 veranderd, verscheiden, veranderde alter, change, (be) diverse 16 צְב֖וּ H6640 wil purpose 17 בְּדָנִיֵּֽאל H1841 Daniel Daniel
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Toen ging de koning naar zijn paleis, en overnachtte nuchteren, en liet geen vreugdespel voor zich brengen; en zijn slaap week verre van hem.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Toen ging de koningH4430 naar zijn paleisH1965, en overnachtteH956 nuchterenH2908, en liet geen vreugdespelH1761 voor zich brengenH5954; en zijn slaapH8139 weekH5075 verre van hem. Toen ging de koning naar zijn paleis, en overnachtte nuchteren, en liet geen vreugdespel voor zich brengen; en zijn slaap week verre van hem.

KJV Then1 the king3 arose very early in the morning, and went2 in haste unto the den of lions.

1 אֱ֠דַיִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 אֲזַ֨ל H236 getogen, togen go (up) 3 מַלְכָּ֤א H4430 koning, konings, koningen king, royal 4 לְהֵֽיכְלֵהּ֙ H1965 tempel, paleis palace, temple 5 וּבָ֣ת H956 overnachtte pass the night 6 טְוָ֔ת H2908 nuchteren fasting 7 וְדַחֲוָ֖ן H1761 vreugdespel instrument of music 8 לָא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 9 הַנְעֵ֣ל H5954 inbrengen, ingebracht, bracht bring in, come in, go in 10 קָֽדָמ֑וֹהִי H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 11 וְשִׁנְתֵּ֖הּ H8139 slaap sleep 12 נַדַּ֥ת H5075 week go from 13 עֲלֽוֹהִי H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Toen stond de koning in den vroegen morgenstond met het licht op, en hij ging met haast henen tot den kuil der leeuwen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Toen stondH6966 de koningH4430 in den vroegen morgenstondH8238 met het lichtH5053 op, en hij ging met haastH927 henen tot den kuilH1358 der leeuwenH744. Toen stond de koning in den vroegen morgenstond met het licht op, en hij ging met haast henen tot den kuil der leeuwen.

KJV And when he came to the den,7 he cried with a lamentable voice unto Daniel: and the king2 spake and said to Daniel, O Daniel, servant of the living God, is thy God, whom thou servest continually, able to deliver thee from the lions?

1 בֵּאדַ֣יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 בִּשְׁפַּרְפָּרָ֖א H8238 morgenstond [idiom] very early in the morning 4 יְק֣וּם H6966 opgericht, opstaan, stelde appoint, establish, make, raise up self, (a-) rise (up), (make to) stand, set (up) 5 בְּנָגְהָ֑א H5053 licht morning 6 וּבְהִ֨תְבְּהָלָ֔ה H927 haast, verschrikten, beroerden in haste, trouble 7 לְגֻבָּ֥א H1358 kuil, kuils den 8 דִֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 9 אַרְיָוָתָ֖א H744 leeuwen, leeuw lion 10 אֲזַֽל H236 getogen, togen go (up)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Als hij nu tot den kuil genaderd was, riep hij tot Daniel met een droeve stem; de koning antwoordde en zeide tot Daniel: O Daniel, gij knecht des levenden Gods! heeft ook uw God, Dien gij geduriglijk eert, u van de leeuwen kunnen verlossen?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 Als hij nu tot den kuilH1358 genaderdH7127 was, riepH2200 hij tot DanielH1841 met een droeveH6088 stemH7032; de koningH4430 antwoorddeH6032 en zeideH560 tot Daniel: O Daniel, gij knechtH5649 des levendenH2417 Gods! heeft ook uw God, Dien gij geduriglijkH8411 eertH6399, u van de leeuwenH744 kunnen verlossenH7804? Als hij nu tot den kuil genaderd was, riep hij tot Daniel met een droeve stem; de koning antwoordde en zeide tot Daniel: O Daniel, gij knecht des levenden Gods! heeft ook uw God, Dien gij geduriglijk eert, u van de leeuwen kunnen verlossen?

Ook in dit vers GodH426 GodsH426 DanielH1841 DanielH1841

KJV Then said Daniel3 unto the king,8 O king, live for ever.

1 וּכְמִקְרְבֵ֣הּ H7127 naderde, genaderd, nader approach, come (near, nigh), draw near 2 לְגֻבָּ֔א H1358 kuil, kuils den 3 לְדָ֣נִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 4 בְּקָ֥ל H7032 geluid, stem sound, voice 5 עֲצִ֖יב H6088 droeve lamentable 6 זְעִ֑ק H2200 riep cry 7 עָנֵ֨ה H6032 antwoordde, antwoordden, Sprak answer, speak 8 מַלְכָּ֜א H4430 koning, konings, koningen king, royal 9 וְאָמַ֣ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 10 לְדָנִיֵּ֗אל H1841 Daniel Daniel 11 דָּֽנִיֵּאל֙ H1841 Daniel Daniel 12 עֲבֵד֙ H5649 knechten, knecht servant 13 אֱלָהָ֣א H426 God, Gods, goden God, god 14 חַיָּ֔א H2417 levenden, leven, Eeuwiglevende life, that liveth, living 15 אֱלָהָ֗ךְ H426 God, Gods, goden God, god 16 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 17 אַ֤נְתְּ H607 gij as for thee, thou 18 פָּֽלַֽח H6399 eren, eert, dienaars minister, serve 19 לֵהּ֙ 20 בִּתְדִירָ֔א H8411 geduriglijk continually 21 הַיְכִ֥ל H3202 machtig, kan, konden be able, can, couldest, prevail 22 לְשֵׁיזָבוּתָ֖ךְ H7804 verlossen, verlost, verlosse deliver 23 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 24 אַרְיָוָתָֽא H744 leeuwen, leeuw lion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Toen sprak Daniel tot den koning: O koning, leef in eeuwigheid!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 Toen sprakH4449 DanielH1841 tot den koningH4430: O koning, leefH2418 in eeuwigheidH5957! Toen sprak Daniel tot den koning: O koning, leef in eeuwigheid!

Ook in dit vers koningH4430

KJV My God hath sent his angel, and hath shut the lions' mouths, that they have not hurt me: forasmuch as before him innocency was found in me; and also before thee, O king,4 have I done no hurt.

1 אֱדַ֨יִן֙ H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 דָּנִיֶּ֔אל H1841 Daniel Daniel 3 עִם H5974 met, bij by, from, like, to(-ward), with 4 מַלְכָּ֖א H4430 koning, konings, koningen king, royal 5 מַלִּ֑ל H4449 sprak, spreken, sprekende say, speak(-ing) 6 מַלְכָּ֖א H4430 koning, konings, koningen king, royal 7 לְעָלְמִ֥ין H5957 eeuwigheid, eeuwig, eeuwige for (n-)ever (lasting), old 8 חֱיִֽי H2418 leef live, keep alive
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Mijn God heeft Zijn engel gezonden, en Hij heeft den muil der leeuwen toegesloten, dat zij mij niet beschadigd hebben, omdat voor Hem onschuld in mij gevonden is; ook heb ik, o koning! tegen u geen misdaad gedaan.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Mijn GodH426 heeft Zijn engelH4398 gezondenH7972, en Hij heeft den muilH6433 der leeuwenH744 toegeslotenH5463, dat zij mij niet beschadigdH2255 hebben, omdat voor Hem onschuldH2136 in mij gevondenH7912 is; ook heb ik, o koningH4430! tegen u geen misdaadH2248 gedaan. Mijn God heeft Zijn engel gezonden, en Hij heeft den muil der leeuwen toegesloten, dat zij mij niet beschadigd hebben, omdat voor Hem onschuld in mij gevonden is; ook heb ik, o koning! tegen u geen misdaad gedaan.

KJV Then was the king18 exceeding glad for him, and commanded that they should take Daniel up out of the den. So Daniel was taken up out of the den, and no7 manner9 of hurt was found14 upon him, because he believed in his God.

1 אֱלָהִ֞י H426 God, Gods, goden God, god 2 שְׁלַ֣ח H7972 gezonden, zond, zonden put, send 3 מַלְאֲכֵ֗הּ H4398 engel angel 4 וּֽסֲגַ֛ר H5463 toegesloten shut up 5 פֻּ֥ם H6433 mond, muil mouth 6 אַרְיָוָתָ֖א H744 leeuwen, leeuw lion 7 וְלָ֣א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 8 חַבְּל֑וּנִי H2255 beschadigd, verderfelijk, verderft destroy, hurt 9 כָּל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 10 קֳבֵ֗ל H6903 tegenover, aangezien, daarom (Aramees) [phrase] according to, [phrase] as, [phrase] because, before, [phrase] for this cause, [phrase] forasmuch as, [phrase] by this means, over against, by reason of, [phrase] that, [phrase] therefore, [phrase] though, [phrase] wherefore 11 דִּ֤י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 12 קָֽדָמ֨וֹהִי֙ H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 13 זָכוּ֙ H2136 onschuld innocency 14 הִשְׁתְּכַ֣חַת H7912 gevonden, vinden, vonden find 15 לִ֔י 16 וְאַ֤ף H638 also 17 קָֽדָמָךְ֙ H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 18 מַלְכָּ֔א H4430 koning, konings, koningen king, royal 19 חֲבוּלָ֖ה H2248 misdaad hurt 20 לָ֥א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 21 עַבְדֵֽת H5648 doen, maken, bereiden (Aramees) [idiom] cut, do, execute, go on, make, move, work
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Toen werd de koning bij zichzelven zeer vrolijk, en zeide, dat men Daniel uit den kuil trekken zou. Toen Daniel uit den kuil opgetrokken was, zo werd er geen schade aan hem gevonden, dewijl hij in zijn God geloofd had.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 Toen werd de koningH4430 bij zichzelven zeer vrolijkH2868, en zeideH560, dat men DanielH1841 uit den kuilH1358 trekkenH5267 zou. Toen Daniel uit den kuilH1358 opgetrokkenH5267 was, zo werd er geen schadeH2257 aan hem gevondenH7912, dewijl hij in zijn GodH426 geloofdH540 had. Toen werd de koning bij zichzelven zeer vrolijk, en zeide, dat men Daniel uit den kuil trekken zou. Toen Daniel uit den kuil opgetrokken was, zo werd er geen schade aan hem gevonden, dewijl hij in zijn God geloofd had.

Ook in dit vers DanielH1841

KJV And the king2 commanded,7 and they brought those men which had accused Daniel,6 and they cast them into the den10 of lions, them, their children, and their wives; and the lions had the mastery of them, and brake all15 their bones in pieces or ever17 they came at the bottom of the den.

1 בֵּאדַ֣יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 מַלְכָּ֗א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 שַׂגִּיא֙ H7690 vele, veel exceeding, great(-ly); many, much, sore, very 4 טְאֵ֣ב H2868 vrolijk be glad 5 עֲל֔וֹהִי H5922 op, over, tegen (Aramees) about, against, concerning, for, (there-) fore, from, in, [idiom] more, of, (there-, up-) on, (in-) to, [phrase] why with 6 וּלְדָ֣נִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 7 אֲמַ֖ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 8 לְהַנְסָקָ֣ה H5267 opgeheven, opgetrokken, trekken take up 9 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 10 גֻּבָּ֑א H1358 kuil, kuils den 11 וְהֻסַּ֨ק H5267 opgeheven, opgetrokken, trekken take up 12 דָּנִיֵּ֜אל H1841 Daniel Daniel 13 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 14 גֻּבָּ֗א H1358 kuil, kuils den 15 וְכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 16 חֲבָל֙ H2257 verderf, schade damage, hurt 17 לָא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 18 הִשְׁתְּכַ֣ח H7912 gevonden, vinden, vonden find 19 בֵּ֔הּ 20 דִּ֖י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 21 הֵימִ֥ן H540 geloofd, getrouw, zeker believe, faithful, sure 22 בֵּאלָהֵֽהּ H426 God, Gods, goden God, god
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Toen beval de koning, en zij brachten die mannen voor, die Daniel overluid beschuldigd hadden, en zij wierpen in den kuil der leeuwen hen, hun kinderen, en hun vrouwen; en zij kwamen niet op den grond des kuils, of de leeuwen heersten over hen, zij vermorzelden ook al hun beenderen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 Toen bevalH560 de koningH4430, en zij brachtenH858 die mannenH1400 voor, die DanielH1841 overluidH7170 beschuldigdH399 hadden, en zij wierpenH7412 in den kuil der leeuwen hen, hun kinderenH1123, en hun vrouwenH5389; en zij kwamen niet op den grondH773 des kuils, of de leeuwen heersten over hen, zij vermorzeldenH1855 ook al hun beenderenH1635. Toen beval de koning, en zij brachten die mannen voor, die Daniel overluid beschuldigd hadden, en zij wierpen in den kuil der leeuwen hen, hun kinderen, en hun vrouwen; en zij kwamen niet op den grond des kuils, of de leeuwen heersten over hen, zij vermorzelden ook al hun beenderen.

Ook in dit vers leeuwenH744 kuilH1358 kuilH1358 leeuwenH744 heerstenH5705

KJV Then king2 Darius wrote unto all26 people, nations, and languages, that dwell in all the earth; Peace be multiplied

1 וַאֲמַ֣ר H560 zeide, zeiden, beval command, declare, say, speak, tell 2 מַלְכָּ֗א H4430 koning, konings, koningen king, royal 3 וְהַיְתִ֞יו H858 gebracht, brachten, voorbrengen (be-) come, bring 4 גֻּבְרַיָּ֤א H1400 mannen, man certain, man 5 אִלֵּךְ֙ H479 deze, die these, those 6 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 7 אֲכַ֤לוּ H399 at, beschuldigd, eet [phrase] accuse, devour, eat 8 קַרְצ֨וֹהִי֙ H7170 beschuldigden, overluid [phrase] accuse 9 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 10 דָֽנִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 11 וּלְגֹ֤ב H1358 kuil, kuils den 12 אַרְיָוָתָא֙ H744 leeuwen, leeuw lion 13 רְמ֔וֹ H7412 geworpen, wierpen, gezet cast (down), impose 14 אִנּ֖וּן H581 [idiom] are, them, these 15 בְּנֵיה֣וֹן H1123 kinderen, gevankelijk, jonge child, son, young 16 וּנְשֵׁיה֑וֹן H5389 vrouwen women 17 וְלָֽא H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 18 מְט֞וֹ H4291 reikte, komen, overkwam come, reach 19 לְאַרְעִ֣ית H773 grond bottom 20 גֻּבָּ֗א H1358 kuil, kuils den 21 עַ֠ד H5705 tot, totdat (Aramees) [idiom] and, at, for, (hither-) to, on till, (un-) to, until, within 22 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 23 שְׁלִ֤טֽוּ H7981 heerser, geheerst, heersen have the mastery, have power, bear rule, be (make) ruler 24 בְהוֹן֙ 25 אַרְיָ֣וָתָ֔א H744 leeuwen, leeuw lion 26 וְכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 27 גַּרְמֵיה֖וֹן H1635 beenderen bone 28 הַדִּֽקוּ H1855 verbrijzelde, vermaalde, vermalen break to pieces
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 Toen schreef de koning Darius aan alle volken, natien en tongen, die op de ganse aarde woonden: Uw vrede worde vermenigvuldigd!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 Toen schreefH3790 de koningH4430 DariusH1868 aan alle volkenH5972, natienH524 en tongenH3961, die op de ganse aardeH772 woondenH1753: Uw vredeH8001 worde vermenigvuldigdH7680! Toen schreef de koning Darius aan alle volken, natien en tongen, die op de ganse aarde woonden: Uw vrede worde vermenigvuldigd!

KJV I make a decree, That in every5 dominion of my kingdom men tremble and fear before the God of Daniel: for he is the living God, and stedfast for ever, and his kingdom that which shall not be destroyed, and his dominion shall be even unto the end.

1 בֵּאדַ֜יִן H116 toen, alsdan (Aramees) now, that time, then 2 דָּרְיָ֣וֶשׁ H1868 Darius Darius 3 מַלְכָּ֗א H4430 koning, konings, koningen king, royal 4 כְּ֠תַב H3790 schreef, geschreven, schreven write(-ten) 5 לְֽכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 6 עַֽמְמַיָּ֞א H5972 volken, volk, haalt people 7 אֻמַיָּ֧א H524 natien, natie, volkeren nation 8 וְלִשָּׁנַיָּ֛א H3961 tongen, tong language 9 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 10 דָיְרִ֥ין H1753 inwoners, wonen, woonden dwell 11 בְּכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 12 אַרְעָ֖א H772 aarde, aardbodem, aardrijk earth, interior 13 שְׁלָמְכ֥וֹן H8001 vrede, Vrede peace 14 יִשְׂגֵּֽא H7680 vermenigvuldigd, aanwassen grow, be multiplied
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Van mij is een bevel gegeven, dat men in de ganse heerschappij mijns koninkrijks beve en siddere voor het aangezicht van den God van Daniel; want Hij is de levende God, en bestendig in eeuwigheden, en Zijn koninkrijk is niet verderfelijk, en Zijn heerschappij is tot het einde toe.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 Van mij is een bevelH2942 gegeven, dat men in de ganse heerschappij mijns koninkrijks beveH1934 en siddereH1763 voor het aangezicht van den GodH426 van DanielH1841; want Hij is de levendeH2417 GodH426, en bestendigH7011 in eeuwighedenH5957, en Zijn koninkrijk is niet verderfelijkH2255, en Zijn heerschappij is tot het eindeH5491 toe. Van mij is een bevel gegeven, dat men in de ganse heerschappij mijns koninkrijks beve en siddere voor het aangezicht van den God van Daniel; want Hij is de levende God, en bestendig in eeuwigheden, en Zijn koninkrijk is niet verderfelijk, en Zijn heerschappij is tot het einde toe.

Ook in dit vers koninkrijkH4437 koninkrijksH4437 aangezichtH6925 gegevenH7761 heerschappijH7985 heerschappijH7985

KJV He delivereth and rescueth, and he worketh signs and wonders in heaven and in earth, who hath delivered Daniel16 from1 the power of the lions.

1 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 2 קֳדָמַי֮ H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 3 שִׂ֣ים H7761 gegeven, gesteld, Geeft [phrase] command, give, lay, make, [phrase] name, [phrase] regard, set 4 טְעֵם֒ H2942 bevel, acht, geproefd [phrase] chancellor, [phrase] command, commandment, decree, [phrase] regard, taste, wisdom 5 דִּ֣י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 6 בְּכָל H3606 alles, allerlei, enigen all, any, + (forasmuch) as, + be-(for this) cause, every, + no (manner, -ne), + there (where) -fore, + though, what (where, who) -soever, (the) whole 7 שָׁלְטָ֣ן H7985 heerschappij, heerschappijen dominion 8 מַלְכוּתִ֗י H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 9 לֶהֱוֺ֤ן H1934 zag, geschieden, wilde be, become, [phrase] behold, [phrase] came (to pass), [phrase] cease, [phrase] cleave, [phrase] consider, [phrase] do, [phrase] give, [phrase] have, [phrase] judge, [phrase] keep, [phrase] labour, [phrase] mingle (self), [phrase] put, [phrase] see, [phrase] seek, [phrase] set, [phrase] slay, [phrase] take heed, tremble, [phrase] walk, [phrase] would 10 זָיְעִין֙ H2112 tremble 11 וְדָ֣חֲלִ֔ין H1763 schrikkelijk, gruwelijk, sidderden make afraid, dreadful, fear, terrible 12 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 13 קֳדָ֖ם H6925 voor, in tegenwoordigheid van (Aramees) before, [idiom] from, [idiom] I (thought), [idiom] me, [phrase] of, [idiom] it pleased, presence 14 אֱלָהֵ֣הּ H426 God, Gods, goden God, god 15 דִּי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 16 דָֽנִיֵּ֑אל H1841 Daniel Daniel 17 דִּי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 18 ה֣וּא H1932 hij, zij, het (Aramees) [idiom] are, it, this 19 אֱלָהָ֣א H426 God, Gods, goden God, god 20 חַיָּ֗א H2417 levenden, leven, Eeuwiglevende life, that liveth, living 21 וְקַיָּם֙ H7011 bestendig stedfast, sure 22 לְעָ֣לְמִ֔ין H5957 eeuwigheid, eeuwig, eeuwige for (n-)ever (lasting), old 23 וּמַלְכוּתֵהּ֙ H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 24 דִּֽי H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 25 לָ֣א H3809 niet, geen (Aramees) or even, neither, no(-ne, -r), (can-) not, as nothing, without 26 תִתְחַבַּ֔ל H2255 beschadigd, verderfelijk, verderft destroy, hurt 27 וְשָׁלְטָנֵ֖הּ H7985 heerschappij, heerschappijen dominion 28 עַד H5705 tot, totdat (Aramees) [idiom] and, at, for, (hither-) to, on till, (un-) to, until, within 29 סוֹפָֽא H5491 einde end
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Hij verlost en redt, en Hij doet tekenen en wonderen in den hemel en op de aarde; Die heeft Daniel uit het geweld der leeuwen verlost.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 Hij verlost en redtH5338, en Hij doet tekenenH852 en wonderenH8540 in den hemelH8065 en op de aardeH772; Die heeft DanielH1841 uit het geweldH3028 der leeuwenH744 verlost. Hij verlost en redt, en Hij doet tekenen en wonderen in den hemel en op de aarde; Die heeft Daniel uit het geweld der leeuwen verlost.

Ook in dit vers verlostH7804 verlostH7804

KJV So this Daniel10 prospered in the reign of Darius, and in the reign of Cyrus the Persian.

1 מְשֵׁיזִ֣ב H7804 verlossen, verlost, verlosse deliver 2 וּמַצִּ֗ל H5338 redden, redt, verlossen deliver, rescue 3 וְעָבֵד֙ H5648 doen, maken, bereiden (Aramees) [idiom] cut, do, execute, go on, make, move, work 4 אָתִ֣ין H852 tekenen sign 5 וְתִמְהִ֔ין H8540 wonderen wonder 6 בִּשְׁמַיָּ֖א H8065 hemels, hemel, Hemel heaven 7 וּבְאַרְעָ֑א H772 aarde, aardbodem, aardrijk earth, interior 8 דִּ֚י H1768 die, dat; van (Aramees) [idiom] as, but, for(-asmuch [phrase]), [phrase] now, of, seeing, than, that, therefore, until, [phrase] what (-soever), when, which, whom, whose 9 שֵׁיזִ֣יב H7804 verlossen, verlost, verlosse deliver 10 לְדָֽנִיֵּ֔אל H1841 Daniel Daniel 11 מִן H4481 van, uit (Aramees) according, after, [phrase] because, [phrase] before, by, for, from, [idiom] him, [idiom] more than, (out) of, part, since, [idiom] these, to, upon, [phrase] when 12 יַ֖ד H3028 hand, handen, geweld hand, power 13 אַרְיָוָתָֽא H744 leeuwen, leeuw lion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Deze Daniel nu had voorspoed in het koninkrijk van Darius, en in het koninkrijk van Kores, den Perziaan.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 Deze DanielH1841 nu had voorspoedH6744 in het koninkrijkH4437 van DariusH1868, en in het koninkrijkH4437 van KoresH3567, den PerziaanH6543. Deze Daniel nu had voorspoed in het koninkrijk van Darius, en in het koninkrijk van Kores, den Perziaan.

1 וְדָנִיֵּ֣אל H1841 Daniel Daniel 2 דְּנָ֔ה H1836 dezen, aldus, ander (afore-) time, [phrase] after this manner, here (-after), one...another, such, there(-fore), these, this (matter), [phrase] thus, where(-fore), which 3 הַצְלַ֖ח H6744 voorspoediglijk, voorspoed, voorspoedig promote, prosper 4 בְּמַלְכ֣וּת H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 5 דָּרְיָ֑וֶשׁ H1868 Darius Darius 6 וּבְמַלְכ֖וּת H4437 koninkrijk, Koninkrijk, Rijk kingdom, kingly, realm, reign 7 כּ֥וֹרֶשׁ H3567 Kores Cyrus 8 פָּרְסָאָֽה H6543 Perziaan Persian
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Daniël 6:1 Daniël 5:31 Esther 1:1 Exodus 18:21 1 Petrus 2:14
Daniël 6:2 Daniël 5:29 Daniël 2:48 Daniël 5:16 Ezra 4:22 Esther 7:4 Lukas 19:13 Lukas 16:2 Mattheüs 18:23
Daniël 6:3 Daniël 5:12 Esther 10:3 Daniël 5:14 Prediker 2:13 Genesis 41:38 Nehemia 7:2 Daniël 9:23 Spreuken 22:29
Daniël 6:4 Filippenzen 2:15 1 Petrus 3:16 1 Petrus 2:12 Lukas 23:14 Prediker 4:4 Genesis 43:18 Spreuken 29:27 Jeremia 20:10
Daniël 6:5 Handelingen 24:13 Handelingen 24:20 1 Samuël 24:17 Esther 3:8 Johannes 19:6
Daniël 6:6 Daniël 2:4 Nehemia 2:3 Daniël 6:21 Daniël 5:10 Psalmen 64:2 Mattheüs 27:23 Lukas 23:23 Handelingen 22:22
Daniël 6:7 Daniël 3:6 Daniël 3:2 Psalmen 59:3 Daniël 3:27 Psalmen 62:4 Psalmen 83:1 Psalmen 10:9 Micha 6:5
Daniël 6:8 Esther 1:19 Daniël 6:15 Daniël 6:12 Esther 3:12 Esther 8:10 Jesaja 10:1 Esther 8:3 Esther 8:8
Daniël 6:9 Psalmen 146:3 Psalmen 118:9 Jesaja 2:22 Spreuken 6:2 Psalmen 62:9
Daniël 6:10 Handelingen 5:29 Psalmen 95:6 Psalmen 55:17 Psalmen 5:7 1 Koningen 8:44 Filippenzen 4:6 Psalmen 34:1 1 Koningen 8:48
Daniël 6:11 Psalmen 37:32 Daniël 6:6 Psalmen 10:9
Daniël 6:12 Daniël 6:8 Esther 1:19 Daniël 3:8 Handelingen 16:19 Handelingen 16:24 Handelingen 24:2
Daniël 6:13 Daniël 3:12 Daniël 2:25 Esther 3:8 Daniël 5:13 Daniël 1:6 Handelingen 5:29 Handelingen 17:7
Daniël 6:14 Markus 6:26 Johannes 19:7 2 Samuël 3:28 Mattheüs 27:17 Daniël 3:13 Lukas 23:13
Daniël 6:15 Esther 8:8 Daniël 6:12 Psalmen 94:20 Daniël 6:8
Daniël 6:16 Psalmen 37:39 Job 5:19 Daniël 3:28 Daniël 3:17 Daniël 6:20 Jesaja 43:2 Psalmen 118:8 Psalmen 91:14
Daniël 6:17 Klaagliederen 3:53 Mattheüs 27:60 Handelingen 12:4 Handelingen 16:23
Daniël 6:18 Daniël 2:1 Esther 6:1 2 Samuël 12:16 Psalmen 77:4 Job 21:12 Openbaring 18:22 2 Samuël 19:24 1 Koningen 21:27
Daniël 6:19 2 Korinthe 2:13 Mattheüs 28:1 1 Thessalonicenzen 3:5 Markus 16:2
Daniël 6:20 Daniël 3:17 Hebreeën 7:25 Daniël 6:16 Daniël 6:27 1 Kronieken 16:11 Lukas 18:1 Numeri 11:23 2 Korinthe 1:10
Daniël 6:21 Daniël 2:4 Daniël 6:6 Nehemia 2:3
Daniël 6:22 Hebreeën 11:33 2 Timotheüs 4:17 Psalmen 91:11 Daniël 3:28 Handelingen 12:11 Numeri 20:16 Jesaja 63:9 Micha 7:7
Daniël 6:23 Daniël 3:25 1 Kronieken 5:20 Jesaja 26:3 2 Kronieken 20:20 Daniël 3:27 Psalmen 118:8 1 Koningen 5:7 Daniël 6:14
Daniël 6:24 Jesaja 38:13 Esther 7:10 2 Koningen 14:6 Deuteronomium 24:16 Psalmen 54:5 Esther 9:10 Esther 9:25 Daniël 3:22
Daniël 6:25 Daniël 4:1 Esther 8:9 Ezra 4:17 Ezra 1:1 Esther 3:12 1 Petrus 1:2 2 Petrus 1:2 Judas 1:2
Daniël 6:26 Daniël 4:34 Daniël 3:29 Daniël 7:14 Lukas 1:33 Daniël 2:44 Daniël 4:3 Psalmen 99:1 Daniël 7:27
Daniël 6:27 Daniël 4:2 2 Korinthe 1:8 Jeremia 32:19 Psalmen 35:17 Psalmen 18:48 Lukas 1:74 Job 36:15 Psalmen 18:50
Daniël 6:28 Daniël 1:21 Jesaja 44:28 2 Kronieken 36:22 Daniël 10:1
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Daniël 6 vers 1

het dacht Darius goed, Zie Dan. 4:2 .

Hertaald: het dacht Darius goed, Zie Dan. 4:2.

die over het ganse koninkrijk zijn zouden; Te weten om het wel en bekwamelijk te regeren, een ieder in zijne provincie, waarin hij van den koning zou gesteld worden.

Hertaald: die over het ganse koninkrijk zijn zouden; Namelijk om het goed en doelmatig te regeren, ieder in de provincie waarover hij door de koning aangesteld zou worden.

Daniël 6 vers 2

vorsten, Of, oppervorsten, of overvorsten, presidenten.

Hertaald: vorsten, Of: oppervorsten, of hoofdvorsten, presidenten.

de eerste zou zijn, Dat is, de voornaamste, gelijk blijkt vs.4. Anders, waar Daniël een van was.

Hertaald: de eerste zou zijn, Dat is: de voornaamste, zoals blijkt uit vers 4. Anders: van wie Daniël er één was.

Daniël 6 vers 3

Toen overtrof deze Daniël die vorsten en die stadhouders, Chaldeeuws, toen was Daniël overtreffende over de presidenten en de vorsten, Daniël overtreft hen allen in wijsheid, voorzichtigheid, rechtvaardigheid, matigheid en andere deugden.

Hertaald: Toen overtrof deze Daniël die vorsten en die stadhouders, Chaldeeuws: toen overtrof Daniël de presidenten en de vorsten. Daniël overtrof hen allen in wijsheid, voorzichtigheid, rechtvaardigheid, matigheid en andere deugden.

de koning dacht Het schijnt dat Darius, nu oud zijnde en aanmerkende die voortreffelijke gaven met welke Daniël boven alle andere vorsten begaafd was, meende hem stadhouder te maken over het koninkrijk van Babel. Hieruit is gesproten de haat der vorsten tegen Daniël.

Hertaald: de koning dacht Het lijkt erop dat Darius, die nu oud was en de voortreffelijke gaven opmerkte waarmee Daniël boven alle andere vorsten begiftigd was, van plan was hem stadhouder over het koninkrijk van Babel te maken. Daaruit is de haat van de vorsten tegen Daniël voortgekomen.

Daniël 6 vers 4

Toen zochten de vorsten en de stadhouders Uit nijdigheid, die ene moeder is van doodslag.

Hertaald: Toen zochten de vorsten en de stadhouders Uit afgunst, die een moeder van doodslag is.

gelegenheid te vinden, Of, oorzaak, of aanleiding.

Hertaald: gelegenheid te vinden, Of: oorzaak, of aanleiding.

vanwege het koninkrijk; Chaldeeuws, van de zijde des koninkrijks; dat is, in de bediening, die hem van den koning was opgelegd; zij letten naarstiglijk op al zijn handel en wandel, of hij zijn ambt wel en getrouwelijk bediende, of dat hij zich ergens in vergreep. Maar dit was tevergeefs, zij konden in hem niets vinden, gelijk straks gezegd wordt.

Hertaald: vanwege het koninkrijk; Chaldeeuws: van de zijde van het koninkrijk; dat is: in het ambt dat de koning hem opgedragen had. Zij letten nauwlettend op zijn hele doen en laten, of hij zijn ambt goed en trouw bediende of dat hij zich ergens aan vergreep. Maar dat was tevergeefs: zij konden niets in hem vinden, zoals meteen daarna gezegd wordt.

misdaad vinden, Of, misslag, of corruptie.

Hertaald: misdaad vinden, Of: misslag, of corruptie.

vergrijping Of, dwaling, fout.

Hertaald: vergrijping Of: dwaling, fout.

Daniël 6 vers 5

geen gelegenheid vinden, Zo oprecht, vlijtig, voorzichtig en getrouw gedroeg zich Daniël in die hoge bediening, dat zijne vijanden zelfs den moed verloren gaven, om iets te kunnen uitvinden, dat enigen schijn van misdaad hebben zou.

Hertaald: geen gelegenheid vinden, Zo oprecht, ijverig, voorzichtig en trouw gedroeg Daniël zich in dat hoge ambt, dat zelfs zijn vijanden de moed opgaven om iets te vinden dat ook maar de schijn van een misdaad zou hebben.

in de wet zijns Gods In den godsdienst, die hem in de wet des Heeren voorgeschreven is.

Hertaald: in de wet zijns Gods In de godsdienst die hem in de wet van de HEERE voorgeschreven is.

Daniël 6 vers 6

Zo kwamen deze vorsten en de stadhouders Te weten als zij meenden middel gevonden te hebben om Daniël te betrappen in zijn godsdienst.

Hertaald: Zo kwamen deze vorsten en de stadhouders Namelijk toen zij meenden een middel gevonden te hebben om Daniël in zijn godsdienst te betrappen.

met hopen tot den koning, Anders: met gedruis. En alzo hier onder vs.12, 16; zie de aantekening Ps. 2:1 .

Hertaald: met hopen tot den koning, Anders: met tumult. Zo ook hierna in vers 12 en 16; zie de aantekening bij Ps. 2:1.

Daniël 6 vers 7

de overheden en stadhouders, Of, magistraten.

Hertaald: de overheden en stadhouders, Of: magistraten.

een verzoek doen zal Chaldeeuws, ene begeerte begeren zal, of verzoek verzoeken zal.

Hertaald: een verzoek doen zal Chaldeeuws: een verzoek verzoeken zal, of een begeerte begeren zal.

van enigen god of mens, De groten aan het hof van Darius zijn met zulk een nijdigheid tegen Daniël ingenomen, dat zij alle godzaligheid en godsdienst overhoop werpen, opdat zij Daniël van kant zouden mogen helpen, want dit is eigenlijk met dit plakkaat hun oogmerk geweest. Zij verbieden dengenen, die in nood waren, God aan te roepen; zij verbieden ook den kranken hulp bij de medicijnmeester te zoeken, hetwelk ten enenmale tegen de natuur was; nochtans heeft de koning dit getekend, vs.10, enz.

Hertaald: van enigen god of mens, De groten aan het hof van Darius waren zo vervuld van afgunst tegen Daniël, dat zij alle godzaligheid en godsdienst overhoop gooiden om Daniël uit de weg te kunnen ruimen — want dat was eigenlijk hun bedoeling met dit besluit. Zij verbieden hun die in nood waren God aan te roepen, en zij verbieden zelfs de zieken hulp bij de arts te zoeken, wat volkomen tegen de natuur inging; en toch heeft de koning dit ondertekend, vers 10, enzovoort.

Daniël 6 vers 8

dat niet veranderd worde, Of, opdat het niet veranderd worde.

Hertaald: dat niet veranderd worde, Of: opdat het niet veranderd wordt.

naar de wet Of, volgens het recht der Meden, enz. Vergelijk Est. 1:19 , en Est. 8:8 .

Hertaald: naar de wet Of: volgens het recht van de Meden, enzovoort. Vergelijk Est. 1:19 en Est. 8:8.

der Meden en der Perzen, Die beide volken worden hier bij elkander gevoegd, omdat zij te dien tijde gelijkelijk van Cyrus en Darius werden geregeerd, naar sommiger gevoelen. Anderen houden het daarvoor, dat dit geschied is te Susan, ene provincie van Perzië, Dan. 8:2 ; [hoewel toenmaals den Chaldeën onderworpen] alwaar het recht der Meden en Perzen werd onderhouden.

Hertaald: der Meden en der Perzen, Deze twee volken worden hier samengenomen omdat zij in die tijd volgens sommigen gezamenlijk door Kores en Darius geregeerd werden. Anderen menen dat dit gebeurd is in Susan, een provincie van Perzië (Dan. 8:2) — hoewel die toen aan de Chaldeeën onderworpen was — waar het recht van de Meden en Perzen gehandhaafd werd.

niet mag wederroepen worden Chaldeeuws, die niet passeert, of voorbijgaat; dat is, die niet veranderd wordt; alzo onder vs.13. Vergelijk deze manier van spreken met Matt. 24:35 , en met Marc. 13:31 .

Hertaald: niet mag wederroepen worden Chaldeeuws: die niet voorbijgaat; dat is: die niet veranderd wordt; zo ook vers 13. Vergelijk deze manier van spreken met Matth. 24:35 en Mark. 13:31.

Daniël 6 vers 9

Daarom Of, ten dezen aanzien, of in alle manier. De zin is: de koning maakte gene zwarigheid dit plakkaat te ondertekenen, menende het te zijn een bewijs dat zij hem zo gehoorzaam waren, dat zij liever al hunne goden verloochenen en verzaken wilden dan hem te vertoornen.

Hertaald: Daarom Of: met het oog daarop, of: in alle opzichten. De betekenis is: de koning maakte er geen bezwaar tegen dit besluit te ondertekenen, omdat hij meende dat het een bewijs was dat zij hem zo gehoorzaam waren dat zij liever al hun goden zouden verloochenen dan hem te vertoornen.

Daniël 6 vers 10

opperzaal Of, eetzaal, of zomerhuis.

Hertaald: opperzaal Of: eetzaal, of zomerhuis.

tegen Jeruzalem aan), Dit doet Daniël, achtervolgens hetgeen er staat 1 Kon. 8:44 ; zie de aantekening aldaar, en Ps. 5:8 , met de aantekening.

Hertaald: tegen Jeruzalem aan), Dit doet Daniël overeenkomstig wat staat in 1 Kon. 8:44; zie de aantekening daar, en Ps. 5:8 met de aantekening.

drie tijden 's daags Te weten des morgens eer hij enige zaken bij de hand nam; des middags toen hij inkwam om te eten; en des avonds eer hij te bed ging. Zie de aantekening Ps. 55:18 . Liever wilde Daniël sterven dan deze zijn gewoonlijken godsdienst nalaten.

Hertaald: drie tijden 's daags Namelijk 's morgens voordat hij enige zaken ter hand nam, 's middags wanneer hij binnenkwam om te eten, en 's avonds voordat hij naar bed ging. Zie de aantekening bij Ps. 55:18. Daniël wilde liever sterven dan deze gewoonte in zijn godsdienst nalaten.

deed belijdenis voor zijn God, Of, loofde, dankte.

Hertaald: deed belijdenis voor zijn God, Of: loofde, dankte.

ganselijk Of, in alle manieren, alleszins.

Hertaald: ganselijk Of: in alle opzichten, geheel en al.

Daniël 6 vers 11

met hopen, Of, met gedruis; gelijk vs.7. Vergelijk Ps. 10:8-9 .

Hertaald: met hopen, Of: met tumult, zoals vers 7. Vergelijk Ps. 10:8-9.

voor zijn God Dat is, openlijk, voor het aanschijn van God.

Hertaald: voor zijn God Dat is: openlijk, voor Gods aangezicht.

Daniël 6 vers 12

Het is een vaste rede, De zaak is waar, het is een zekere en vaste zaak. Zij hadden den koning verstrikt eer hij wist of merkte dat het hun om Daniël te doen was.

Hertaald: Het is een vaste rede, De zaak is waar, het is een zekere en vaste zaak. Zij hadden de koning verstrikt voordat hij wist of merkte dat het hun om Daniël te doen was.

Daniël 6 vers 13

Daniël, Zie de arglistigheid van deze boeven: hadden zij eerst laten blijken dat het hun om Daniël te doen was, zo zouden zij in gevaar en vrees gestaan hebben dat de koning hen niet zou gehoord hebben, maar nu openbaren zij zichzelven.

Hertaald: Daniël, Zie de sluwheid van deze booswichten: als zij eerst hadden laten blijken dat het hun om Daniël te doen was, zouden zij het gevaar gelopen hebben dat de koning niet naar hen geluisterd had; maar nu komen zij pas voor de dag.

een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda Dit voegen zij hierbij om Daniël vanwege zijn land en staat [zijnde een gevangen Jood] bij den koning hatelijk te maken, alsof zij zeiden: Dat een Babyloniër, Perziaan, of Meder dus ongehoorzaam ware, hij zou een zware straf verdienen: hoeveel meer een gevangen Jood.

Hertaald: een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda Dit voegen zij eraan toe om Daniël vanwege zijn afkomst en positie — als een gevangen Jood — bij de koning gehaat te maken, alsof zij zeiden: als een Babyloniër, Pers of Meder zo ongehoorzaam was, zou hij een zware straf verdienen; hoeveel te meer dan een gevangen Jood.

heeft, o koning Alsof zij zeiden: Hij heeft uwe majesteit klein, ja van gene waarde geacht, en hij heeft uwe wet niet gehoorzaamd; staat u dat te lijden, heer koning?

Hertaald: heeft, o koning Alsof zij zeiden: hij heeft uw majesteit gering, ja waardeloos geacht en heeft uw wet niet gehoorzaamd; kunt u dat dulden, heer koning?

op drie tijden 's daags zijn gebed Te weten gelijk hij gewoon was te doen eer dit plakkaat afgekondigd was. Zie boven vs.11.

Hertaald: op drie tijden 's daags zijn gebed Namelijk zoals hij gewoon was te doen voordat dit besluit afgekondigd was. Zie hierboven vers 11.

Daniël 6 vers 14

was hij zeer bedroefd bij zichzelven, Chaldeeuws eigenlijk, hij was zeer kwaad, of, was het zeer kwaad bij hem; dat is, hij werd zeer bedroefd, en hij was zeer moeilijk in zichzelven. Nu verstond hij eerst waartoe zijn plakkaat strekte, namelijk om Daniël van kant te helpen.

Hertaald: was hij zeer bedroefd bij zichzelven, Chaldeeuws eigenlijk: hij was zeer boos, of: het was zeer kwaad bij hem; dat is: hij werd zeer bedroefd en was zeer verontrust in zichzelf. Nu pas begreep hij waar zijn besluit toe diende: om Daniël uit de weg te ruimen.

bemoeide hij zich, Of, was hij arbeidende, of bekommerd, of bezig.

Hertaald: bemoeide hij zich, Of: was hij in de weer, of bekommerd, of bezig.

Daniël 6 vers 15

Toen kwamen die mannen Te weten toen zij zagen dat de koning wankelde en zijn best deed om Daniël uit hunne handen te verlossen en voor het werpen in den kuil der leeuwen te bevrijden.

Hertaald: Toen kwamen die mannen Namelijk toen zij zagen dat de koning weifelde en zijn best deed om Daniël uit hun handen te verlossen en te behoeden voor het werpen in de leeuwenkuil.

met hopen tot den koning, Dus sterk kwamen zij, op hun verzoek des te groter aanzien en vermogen bij den koning hebben zou.

Hertaald: met hopen tot den koning, Zij kwamen in zo groten getale, opdat hun verzoek des te meer aanzien en gewicht bij de koning zou hebben.

Weet, o koning Dit spreken zij als dreigende, want de koning wist wel wat der Meden en der Perzen wetten medebrachten, alsook wat er in zijne plakkaten stond.

Hertaald: Weet, o koning Dit zeggen zij bij wijze van dreiging, want de koning wist wel wat de wetten van de Meden en Perzen inhielden, en ook wat er in zijn eigen besluiten stond.

wet is, Het was hun niet te doen om het recht of de wet der Perzen staande te houden, maar om Daniël van kant te helpen. Ook was dit een goddeloos recht of wet, want een besluit niet te willen veranderen als de rede zulks vereist, is tirannie; of, den koning en zijnen raad zulke volkomen wijsheid en bestendige rechtvaardigheid toe te schrijven, dat zij in het maken van wetten of besluiten van de gerechtigheid niet konden afwijken of missen, is hen tot goden maken.

Hertaald: wet is, Het was hun niet te doen om het recht of de wet van de Perzen te handhaven, maar om Daniël uit de weg te ruimen. Bovendien was dit een goddeloos recht of goddeloze wet. Want een besluit niet willen veranderen wanneer de rede dat vereist, is tirannie; en de koning en zijn raad zo'n volmaakte wijsheid en onwrikbare rechtvaardigheid toeschrijven dat zij bij het maken van wetten of besluiten niet van de gerechtigheid zouden kunnen afwijken, is hen tot goden maken.

Daniël 6 vers 16

Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Hier wenst Darius dat God zijn getrouwen dienaar Daniël wilde verlossen, bevindende dat hij [alhoewel hij tevoren geordineerd had, dat men van niemand iets dan van hem zou verzoeken] niet machtig was Daniël te helpen. Te gelijk geeft hier Darius genoegzaam te kennen dat het hem van harte leed was, dat hij Daniël moest laten werpen in den kuil der leeuwen, maar dat hij het niet kon verhinderen, zijnde daartoe gedwongen van de vorsten des rijks.

Hertaald: Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Hier wenst Darius dat God Zijn trouwe dienaar Daniël zou willen verlossen, nu hij ondervindt dat hij zelf — hoewel hij tevoren bepaald had dat men van niemand anders dan van hem iets zou vragen — niet bij machte is Daniël te helpen. Tegelijk geeft Darius hier duidelijk te kennen dat het hem van harte speet dat hij Daniël in de leeuwenkuil moest laten werpen, maar dat hij het niet kon verhinderen omdat de vorsten van het rijk hem daartoe dwongen.

Die verlosse u Of, die zal u verlossen.

Hertaald: Die verlosse u Of: Die zal u verlossen.

Daniël 6 vers 17

een steen gebracht, In den tekst staat opzettelijk uitgedrukt dat het een, of een enige steen was, te weten een grote steen, om den mond, deur, of ingang van den kuil dich en vast toe te stoppen, opdat Daniël elk middel, van daaruit te kunnen komen, zou benomen wezen; want Daniël was vanwege zijne profetieën en uitleggingen der dromen, in groot vertrouwen, en door de bediening zijner grote ambten, bij een iegelijk in groot aanzien. Het schijnt dat die booswichten straks gemerkt hebben, dat de leeuwen zich van Daniël hebben onthouden, daarom hebben zij dezen groten steen en het zegel des konings, en hun aller zegel, daarop gezet.

Hertaald: een steen gebracht, In de tekst staat nadrukkelijk dat het één, of een enkele steen was, namelijk een grote steen, om de mond, deur of ingang van de kuil dicht en vast af te sluiten, opdat Daniël elk middel om eruit te komen ontnomen zou zijn. Want Daniël genoot vanwege zijn profetieën en droomuitleggingen groot vertrouwen en stond door de uitoefening van zijn hoge ambten bij iedereen in groot aanzien. Het lijkt erop dat die booswichten meteen gemerkt hebben dat de leeuwen zich van Daniël onthielden, en dat zij daarom deze grote steen en het zegel van de koning en van henzelf allen daarop gelegd hebben.

de koning verzegelde denzelven met zijn ring, Dit is alzo, door Gods wonderbaarlijken raad geschied, opdat de verlossing van Daniël des te openbaarder zou blijken.

Hertaald: de koning verzegelde denzelven met zijn ring, Dit is zo gebeurd door Gods wonderlijke raad, opdat de verlossing van Daniël des te duidelijker zou blijken.

opdat de wil aangaande Daniël Of, opdat er niets, of geen ding zou veranderd worden, aangaande Daniël. Want zij vertrouwden den koning niet, dewijl hij alrede zoveel moeite had aangewend om Daniël te verlossen.

Hertaald: opdat de wil aangaande Daniël Of: opdat er niets veranderd zou worden aangaande Daniël. Want zij vertrouwden de koning niet, aangezien hij al zoveel moeite gedaan had om Daniël te redden.

Daniël 6 vers 18

geen vreugdespel voor zich brengen; Of, geen vermakelijk spel, of muziekspel, of muziekinstrumenten. Anders: hij liet geen tafel, of spijs, voor zich brengen. De zin is, hij onthield zich van alle dingen, die vermakelijk waren en die hem de droefheid hadden kunnen benemen of verlichten; zulk een zorg en bekommernis had hij over Daniël.

Hertaald: geen vreugdespel voor zich brengen; Of: geen vermakelijk spel, of muziekspel, of muziekinstrumenten. Anders: hij liet geen tafel of spijs voor zich brengen. De betekenis is: hij onthield zich van alles wat vermakelijk was en wat zijn droefheid had kunnen wegnemen of verlichten; zo bezorgd was hij over Daniël.

zijn slaap week verre van hem Dat is, hij kon ook geenszins slapen, zo bekommerd was hij, omdat men hem zo had bedrogen en gedwongen Daniël in den kuil der leeuwen te werpen. Zie wat de conscientie in de mensen kan werken! zie Rom. 2:14-15 .

Hertaald: zijn slaap week verre van hem Dat is: hij kon ook helemaal niet slapen, zo bekommerd was hij, omdat men hem zo bedrogen en gedwongen had Daniël in de leeuwenkuil te werpen. Zie wat het geweten in de mens kan uitwerken; zie Rom. 2:14-15.

Daniël 6 vers 19

met haast henen Anders: met beroering. Zie boven de aantekening Dan. 2:25 .

Hertaald: met haast henen Anders: met ontroering. Zie hierboven de aantekening bij Dan. 2:25.

Daniël 6 vers 20

antwoordde en zeide tot Daniël Dat is, sprak, alzo doorgaans.

Hertaald: antwoordde en zeide tot Daniël Dat is: sprak; zo doorgaans.

des levenden Gods Zie de aantekening Jer. 10:10 .

Hertaald: des levenden Gods Zie de aantekening bij Jer. 10:10.

heeft ook uw God, Aan deze twijfeling blijkt genoegzaam dat de koning Darius tot den waren God nog niet bekeerd is geweest; want die waarlijk aan God geloven, twijfelen in het minst aan zijne almacht niet.

Hertaald: heeft ook uw God, Uit deze twijfel blijkt duidelijk genoeg dat koning Darius nog niet tot de ware God bekeerd was; want wie werkelijk in God gelooft, twijfelt niet in het minst aan Zijn almacht.

Daniël 6 vers 21

leef in eeuwigheid Anders: de koning leve in eeuwigheid; dat is, God verlene den koning een lang leven.

Hertaald: leef in eeuwigheid Anders: de koning leve in eeuwigheid; dat is: God geve de koning een lang leven.

Daniël 6 vers 22

dat zij mij niet beschadigd hebben, Aangaande de geestelijke bewaring, vergelijk Ps. 91:13 , en 1 Petr. 5:7 .

Hertaald: dat zij mij niet beschadigd hebben, Wat de geestelijke bewaring betreft, vergelijk Ps. 91:13 en 1 Petr. 5:7.

onschuld in mij gevonden is; Of, oprechtheid, of zuiverheid. Hoewel de Heere door de godzaligheid der vromen bewogen wordt hun wel te doen, aangezien Hij zelf zich door een genadige belofte daartoe als verbonden heeft, en dat de rechtvaardigheid vereist dat Hij zijn genadige belofte volbrengt, 1 Tim. 4:8 ; 2 Thess. 1:5 , 2 Thess. 1:7 ; Hebr. 6:10 ; nochtans volgt daaruit geenszins dat de godzaligheid der mensen zulks verdient. Want door een genadige belofte ergens toe verbonden te zijn, en door verdienste daartoe eigenlijk verbonden te zijn, kunnen tezamen niet bestaan. Zie Rom. 11:6 . Zodat Daniël hier zijne gerechtigheid niet roemt, maar hij geeft te kennen dat hem God verlost heeft, om te doen blijken dat die godsdienst hem behaagde, die hij [ook met verlies van zijn leven] wilde behouden.

Hertaald: onschuld in mij gevonden is; Of: oprechtheid, of zuiverheid. Hoewel de HEERE door de godzaligheid van de vromen bewogen wordt hun goed te doen — aangezien Hij Zich daartoe door een genadige belofte als het ware verbonden heeft, en de rechtvaardigheid vereist dat Hij Zijn genadige belofte vervult (1 Tim. 4:8; 2 Thess. 1:5, 2 Thess. 1:7; Hebr. 6:10) — volgt daaruit volstrekt niet dat de godzaligheid van de mensen dat verdient. Want ergens toe verbonden zijn door een genadige belofte en er door verdienste toe verplicht zijn, kunnen niet naast elkaar bestaan. Zie Rom. 11:6. Daniël roemt hier dus niet op zijn eigen gerechtigheid, maar hij geeft te kennen dat God hem verlost heeft om te laten blijken dat de godsdienst Hem behaagde die Daniël — zelfs met verlies van zijn leven — wilde behouden.

geen misdaad gedaan Chaldeeuws, gene verderving. Anders: en ook voor u, o koning, heb ik geen leed gedaan, of geen schade, dat de koning òf door mijne onvoorzichtigheid, òf door mijne ongetrouwheid, ergens enige schade zou geleden hebben. Daniël heeft wel het goddeloze plakkaat van den koning overtreden, maar dat heeft hij niet gedaan uit kleinachting van den koning, maar omdat hij den oppersten Koning eerst en vooral moest gehoorzamen. Men moet God vrezen, en den koning eren; 1 Petr. 2:17 .

Hertaald: geen misdaad gedaan Chaldeeuws: geen verderf. Anders: en ook tegen u, o koning, heb ik geen kwaad gedaan of schade toegebracht — dat de koning door mijn onvoorzichtigheid of mijn ontrouw ergens schade zou hebben geleden. Daniël heeft weliswaar het goddeloze besluit van de koning overtreden, maar dat deed hij niet uit geringschatting van de koning, maar omdat hij de hoogste Koning eerst en vooral moest gehoorzamen. Men moet God vrezen en de koning eren; 1 Petr. 2:17.

Daniël 6 vers 23

bij zichzelven Of, over zichzelven, of daarover.

Hertaald: bij zichzelven Of: over zichzelf, of daarover.

zeer vrolijk, Chaldeeuws, zeer goed. Zie de aantekening Richt. 16:25 .

Hertaald: zeer vrolijk, Chaldeeuws: zeer goed. Zie de aantekening bij Richt. 16:25.

trekken zou Vermoedelijk is Daniël met koorden daaruit getrokken, gelijk met Jeremia geschied is, Jer 38 .

Hertaald: trekken zou Vermoedelijk is Daniël er met touwen uitgetrokken, zoals bij Jeremia gebeurd is, Jer. 38.

geen schade aan hem gevonden, Of, verzering, kwetsing, leed.

Hertaald: geen schade aan hem gevonden, Of: verwonding, kwetsing, letsel.

dewijl hij in zijn God geloofd had Dat is, dewijl hij op zijnen God vertrouwd had. Daniël zal wel niet geweten hebben dat hem God door zulk een wonder zou verlossen, maar hij heeft geloofd en vertrouwd dat God hem niet verlaten zou. Zie Fil. 1:21 . Wat het geloof in den almachtigen God vermag, zie ook Hebr. 11:7 , tot het einde van het hoofdstuk.

Hertaald: dewijl hij in zijn God geloofd had Dat is: omdat hij op zijn God vertrouwd had. Daniël zal wel niet geweten hebben dat God hem door zo'n wonder zou verlossen, maar hij heeft geloofd en vertrouwd dat God hem niet zou verlaten. Zie Filipp. 1:21. Wat het geloof in de almachtige God vermag, zie ook Hebr. 11:7 tot het einde van dat hoofdstuk.

Daniël 6 vers 24

overluid beschuldigd hadden, Zie boven Dan. 3:8 .

Hertaald: overluid beschuldigd hadden, Zie hierboven Dan. 3:8.

zij wierpen in den kuil der leeuwen hen, Alzo vallen zij in den put, dien zij voor Daniël gegraven hadden. Zie Est. 7:10 , wat Haman wedervaren is. Zie ook Ps. 7:16-17 , en Ps. 9:16-17 ; Spr. 26:27 , en Pred. 10:8 .

Hertaald: zij wierpen in den kuil der leeuwen hen, Zo vallen zij in de kuil die zij voor Daniël gegraven hadden. Zie Est. 7:10, wat Haman overkomen is. Zie ook Ps. 7:16-17 en Ps. 9:16-17; Spr. 26:27 en Pred. 10:8.

kinderen, en hun vrouwen; Chaldeeuws, zonen. Onder den naam van zonen worden dikwijls in de Heilige Schrift ook de dochters begrepen.

Hertaald: kinderen, en hun vrouwen; Chaldeeuws: zonen. Onder de naam zonen worden in de Heilige Schrift vaak ook de dochters begrepen.

zij kwamen niet op den grond des kuils, Dat is, eer zij op het onderste van den kuil, of op den vloer of bodem des kuils gekomen waren. Zie gelijke straf van God Dan. 3:22 . Zie ook Am. 5:19 .

Hertaald: zij kwamen niet op den grond des kuils, Dat is: voordat zij op de bodem van de kuil gekomen waren. Zie een soortgelijke straf van God in Dan. 3:22. Zie ook Amos 5:19.

heersten over hen, Of, hadden de overhand over hen, of overweldigden hen, of waren meesters over hen.

Hertaald: heersten over hen, Of: hadden de overhand over hen, of overweldigden hen, of waren hun meester.

vermorzelden ook al hun beenderen Of, vermaalden.

Hertaald: vermorzelden ook al hun beenderen Of: vermaalden.

Daniël 6 vers 25

alle volken, natiën en tongen, Te weten staande onder zijn gebied, gelijk vs.27 uitgedrukt wordt; zie Dan. 2:39 , en Dan. 4:1 .

Hertaald: alle volken, natiën en tongen, Namelijk die onder zijn gezag stonden, zoals in vers 27 uitgedrukt wordt; zie Dan. 2:39 en Dan. 4:1.

Daniël 6 vers 26

van den God van Daniël; De ware God [die aller gelovigen God is] wordt genoemd de God van Daniël, gelijk Hij genoemd wordt de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob, omdat Daniël Hem ijverig heeft geëerd en gediend.

Hertaald: van den God van Daniël; De ware God, Die de God van alle gelovigen is, wordt hier de God van Daniël genoemd, zoals Hij ook de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob genoemd wordt, omdat Daniël Hem ijverig geëerd en gediend heeft.

de levende God, Zie boven vs.21.

Hertaald: de levende God, Zie hierboven vers 21.

Zijn koninkrijk is niet verderfelijk, Zie Ps. 93:2 , en Dan. 4:3 .

Hertaald: Zijn koninkrijk is niet verderfelijk, Zie Ps. 93:2 en Dan. 4:3.

is tot het einde toe Of, duurt. Hiermede wordt God onderscheiden van alle schepselen of creaturen, die altegaar vergankelijk of verderflijk zijn.

Hertaald: is tot het einde toe Of: duurt. Hiermee wordt God onderscheiden van alle schepselen, die stuk voor stuk vergankelijk zijn.

Daniël 6 vers 27

het geweld der leeuwen Chaldeeuws, de hand; dat is uit de macht, uit het geweld der leeuwen. Alzo staat er Gen. 9:5 :van de hand aller gedierten; en Job 5:20 :van de hand des zwaards. Zie dergelijke voorbeelden meer in de aantekening aldaar.

Hertaald: het geweld der leeuwen Chaldeeuws: de hand; dat is: uit de macht, uit het geweld van de leeuwen. Zo staat er in Gen. 9:5: van de hand van alle gedierte, en in Job 5:20: van de hand van het zwaard. Zie daar de aantekening voor meer soortgelijke voorbeelden.

verlost Al de voorgaande treffelijke eer, die Darius den waren God geeft, is geen bewijs dat hij dien voor den enigen waren God heeft aangenomen, anders zou hij alle valse godsdiensten hebben afgeschaft; maar het is alleen een eerlijke belijdenis van den waren God, waartoe hij gedrongen werd door de grote wonderheden, die hij voor zijne ogen zag, zonder dat hij nochtans de afgoden heeft verlaten.

Hertaald: verlost Al de voorafgaande voortreffelijke eer die Darius de ware God geeft, is geen bewijs dat hij Hem als de enige ware God aangenomen heeft; anders zou hij alle valse godsdiensten afgeschaft hebben. Het is alleen een eervolle belijdenis van de ware God, waartoe hij gedrongen werd door de grote wonderen die hij voor zijn ogen zag — zonder dat hij de afgoden verlaten heeft.

Daniël 6 vers 28

had voorspoed Dewijl de godzaligheid de belofte heeft, niet alleen van het toekomende, maar ook van het tegenwoordige leven, 1 Tim. 4:8 , naardat God in zijn onfeilbare wijsheid oordeelt zijnen kinderen goed te wezen.

Hertaald: had voorspoed Aangezien de godzaligheid de belofte heeft, niet alleen van het toekomende maar ook van het tegenwoordige leven (1 Tim. 4:8), naar wat God in Zijn onfeilbare wijsheid goed acht voor Zijn kinderen.

in het koninkrijk van Kores, Zie Dan. 1:21 .

Hertaald: in het koninkrijk van Kores, Zie Dan. 1:21.

* De gehele 37ste Ps. past wel op de historie van dit zesde hfdst.

Hertaald: * De hele Psalm 37 past goed bij de geschiedenis van dit zesde hoofdstuk.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Darius (de Meder)  — (Perzisch-Meedse koningsnaam: die het goede bezit)

De Meder, die het koninkrijk van de Chaldeen ontving na Belsazars dood, tweeënzestig jaar oud. Hij stelde Daniël aan tot een van de drie hoogste vorsten, maar werd door jaloerse ambtgenoten misleid tot een verbod op gebed, waardoor Daniël in de leeuwenkuil geworpen werd; toen Daniël ongedeerd bleek, liet Darius zijn belagers zelf in de kuil werpen en eerde hij de God van Daniël in het gehele rijk (Dan. 6).

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Geen gelegenheid dan in de wet zijns Gods  — een man tegen wie zijn tegenstanders geen enkele fout kunnen vinden (Dan. 6:1-9)

Daniël wordt boven de andere vorsten gesteld, "daarom dat een voortreffelijke geest in hem was" (Dan. 6:4). Zijn tegenstanders zoeken een aanklacht, "maar zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, dewijl hij getrouw was" (Dan. 6:5). Hun conclusie is de kern van dit gedeelte: "Wij zullen tegen dezen Daniel geen gelegenheid vinden, tenzij wij tegen hem iets vinden in te wet zijns Gods" (Dan. 6:6). Zij laten daarop de koning een verbod op alle gebed behalve aan hemzelf ondertekenen, "naar de wet der Meden en der Perzen, die niet mag wederroepen worden" (Dan. 6:9).

Bijbelse betekenis: Merk op wat hier over Daniël gezegd wordt door zijn vijanden zelf. Zij zoeken jarenlang naar een misstap in zijn ambt en vinden er geen. Dat een tegenstander niets tegen iemand kan inbrengen dan zijn geloof, is zelf al een getuigenis. Let vervolgens op de wet die zij hem opleggen. Zij richten die niet tegen zijn bestuur maar tegen zijn gebed; zij kennen hem goed genoeg om te weten waar hij niet zal wijken. Let ten slotte op de onherroepelijkheid van de wet der Meden en Perzen. Zij bouwen een val die ook de koning zelf niet meer kan ontmantelen, en daarmee wordt hun eigen middel hun grootste risico, zoals het volgende hoofdstuk laat zien.

Typologie: Petrus wordt in dezelfde positie gebracht en geeft hetzelfde antwoord: "Oordeelt gij, of het recht is voor God, ulieden meer te horen dan God. Want wij kunnen niet laten te spreken, hetgeen wij gezien en gehoord hebben" (Hand. 4:19-20).

Dan. 6:1-9; Hand. 4:19-20

Drie tijden 's daags  — wat Daniël doet zodra hij het verbod verneemt, en wat hij niet doet (Dan. 6:10-11)

"Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had" (Dan. 6:11).

Bijbelse betekenis: Merk op wat hij niet doet. Hij verbergt zich niet, hij bidt niet zachter en hij verandert de richting van zijn vensters niet. Er staat uitdrukkelijk bij dat hij het deed zoals hij het altijd al deed. De wet verandert, zijn gewoonte niet. Let vervolgens op het detail van de open vensters naar Jeruzalem. De stad lag in puin en hij zou er zijn leven lang niet terugkeren. Toch bidt hij in die richting, als een teken dat zijn hart daar bleef; Salomo's gebed bij de tempelinwijding kon hem alleen nog als richting dienen. Let ten slotte op het getal drie. Diezelfde regelmaat staat elders in de Schrift. Driemaal daags klaagt de psalmdichter en Hij hoort zijn stem (Ps. 55:18); zevenmaal daags looft een andere psalm God (Ps. 119:164). Het is een vast ritme van gebed, niet als wet maar als gewoonte.

Typologie: Toen Hizkia ziek was, keerde hij zijn aangezicht naar de wand en bad (Jes. 38:2), en zijn gebed werd verhoord. Vaste gewoonten van gebed hebben in de Schrift een lange geschiedenis, en zij houden stand juist wanneer zij onder druk komen.

Dan. 6:10-11; Ps. 55:18; Ps. 119:164; Jes. 38:2-5

De kuil der leeuwen  — de nacht die Daniël in de kuil doorbrengt, en wat de koning daarvan leert (Dan. 6:16-27)

Tegen zijn wil moet de koning het bevel uitvoeren: "Toen beval de koning, en zij brachten Daniel voor, en wierpen hem in den kuil der leeuwen; en de koning antwoordde en zeide tot Daniel: Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Die verlosse u!" (Dan. 6:17). De koning brengt de nacht slapeloos door (Dan. 6:19) en gaat in alle vroegte terug. Daniël antwoordt: "Mijn God heeft Zijn engel gezonden, en Hij heeft den muil der leeuwen toegesloten, dat zij mij niet beschadigd hebben, omdat voor Hem onschuld in mij gevonden is" (Dan. 6:23). Het hoofdstuk sluit met een brief van de koning aan alle volken: "Hij verlost en redt, en Hij doet tekenen en wonderen in den hemel en op de aarde" (Dan. 6:28).

Bijbelse betekenis: Merk op wie in dit hoofdstuk het meest lijdt. Niet alleen Daniël in de kuil, maar ook de koning, die de hele nacht wakker ligt en zich verwijten maakt over een wet die hij zelf getekend heeft. Wie kwaad in gang zet, blijft er zelf niet buiten. Let vervolgens op de reden die Daniël geeft voor zijn redding: onschuld voor Hem gevonden. Niet zijn eigen verdienste staat voorop, maar wat God van hem vond. Let ten slotte op de uitkomst voor de koning. Hij wordt niet bekeerd op de manier van een profeet die preekt, maar door wat hij ziet; zijn brief aan alle volken is de tegenhanger van die van Nebukadnezar in het vorige boek (reeds behandeld bij Dan. 4:1-2,34-37).

Typologie: Petrus wordt uit de gevangenis gered terwijl de gemeente voor hem bidt (Hand. 12:5-7), en ook daar is het een engel die de verlossing brengt. Wat een leeuwenkuil en een gevangenis gemeen hebben, is dat de mens er niets tegen vermag en God er alles vermag.

Dan. 6:16-28; Dan. 4:1-2,34-37; Hand. 12:5-7

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

De verlossing en de losser niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding uitwerking

De steen op de mond van de kuil — 6:6-24

Daniël is oud en staat aan het hoofd van het rijksbestuur. Zijn ambtgenoten zoeken een aanklacht en vinden er geen, en zij concluderen dat zij hem alleen kunnen pakken op de wet van zijn God. Zij laten de koning een besluit tekenen dat naar Perzisch recht niet meer kan worden ingetrokken.

Een onschuldig veroordeelde gaat de kuil in, er komt een verzegelde steen op, en in de vroege morgen blijkt hij te leven.

De val is met zorg gezet. Wie dertig dagen lang iets vraagt van een god of mens buiten de koning om, gaat de leeuwenkuil in. Daniël hoort het besluit en doet vervolgens precies wat hij altijd deed: hij ging in zijn huis en bad driemaal daags, met de vensters open naar Jeruzalem. Er staat uitdrukkelijk bij dat hij dit deed *gelijk hij van tevoren gedaan had*. Hij verandert niets, en hij verstopt zich niet.

De koning ontdekt te laat dat hij zijn eigen vriend heeft veroordeeld, en hij spant zich tot zonsondergang in om hem te redden. Maar de wet van Meden en Perzen kan niet worden herroepen — de koning is gevangen in zijn eigen besluit.

Wat hij bij het afscheid zegt is opmerkelijk uit de mond van een heiden: uw God, Dien gij geduriglijk eert, Die verlosse u. En dan volgt een detail dat men niet gauw vergeet: “En er werd een steen gebracht, en op den mond des kuils gelegd: en de koning verzegelde denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigen.” Een steen, en een zegel erop, opdat er niets aan veranderd kon worden.

Die nacht eet de koning niet en slaapt hij niet. En dan: “Toen stond de koning in den vroegen morgenstond met het licht op, en hij ging met haast henen tot den kuil der leeuwen.” Hij roept met droeve stem, en er antwoordt een levende.

Daniël legt zelf uit wat er gebeurd is, en hij noemt twee dingen: God heeft Zijn engel gezonden en de muil der leeuwen toegesloten, en de reden dat het gebeurde is dat er onschuld in hem gevonden is. Of dat de Engel des HEEREN was, staat er niet bij, en men doet er goed aan dat open te laten. Wel is het werk dat hier gedaan wordt precies wat die Engel elders doet: leiden en verdedigen.

Wie deze geschiedenis leest met het Evangelie in het achterhoofd, ziet de omtrekken vanzelf. Een man tegen wie geen aanklacht te vinden was, wordt op grond van godsdienst veroordeeld door een gezagsdrager die hem eigenlijk wil vrijlaten en die daar de macht niet toe heeft. Er komt een steen voor de opening en een zegel erop. In de vroege morgen komt men er in haast heen, en men vindt hem levend.

Maar de vergelijking moet niet verder getrokken worden dan zij draagt, en het verschil is groter dan de gelijkenis. Daniël werd bewaard vóór de dood; Christus is er doorheen gegaan. Daniël werd gered omdat er onschuld in hem gevonden was; Christus werd overgegeven hoewel er onschuld in Hem gevonden was. En de leeuwen die Daniël niet aanraakten, verscheurden even later zijn aanklagers — terwijl bij het kruis juist de schuldigen vrijuit gingen.

  1. Daniël 6:5 — Er is geen aanklacht tegen hem te vinden dan in de wet van zijn God.
  2. Daniël 6:15 — De koning wil hem redden en kan het niet: zijn eigen wet bindt hem.
  3. Daniël 6:18 — Een steen op de mond van de kuil, verzegeld met de ring van de koning.
  4. Daniël 6:20 — In de vroege morgenstond gaat men er met haast heen.
  5. Daniël 6:23 — God zond Zijn engel en sloot de muil der leeuwen toe.
  6. Hebreeën 11:33 — Door het geloof hebben zij de muilen der leeuwen toegestopt.

In het Nieuwe Testament: Hebreeën 11:33; Mattheüs 27:60-66; Mattheüs 28:1-6; 1 Petrus 5:8; Lukas 23:14-22

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament noemt Daniël 6 in Hebreeën 11, waar staat dat gelovigen door het geloof de muilen der leeuwen hebben toegestopt; van een afbeelding van Christus is daar geen sprake. Wat hier gelegd wordt is dan ook geen typologie maar een reeks overeenkomsten, en de post noemt zelf de verschillen die zwaarder wegen dan de gelijkenis. Over de engel in vers 23 zegt de tekst alleen dat God hem zond; of het de Engel des HEEREN is, staat er niet.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Daniël 6

Daniël 6:2-4.KruisverwijzingenDaniël 5:12Filippenzen 2:151 Petrus 3:161 Petrus 2:12Daniël 5:29Daniël 2:48Daniël 5:16Ezra 4:22
— En het dacht Darius goed, dat hij over het koninkrijk stelde honderd en twintig stadhouders, die over het ganse koninkrijk zijn zouden; En over dezelve drie vorsten, van dewelke Daniel de eerste zou zijn, denwelken die stadhouders zelfs zouden rekenschap geven, opdat de koning geen schade leed. Toen overtrof deze Daniel die vorsten en die stadhouders, daarom dat een voortreffelijke geest in hem was; en de koning dacht hem te stellen over het gehele koninkrijk.
Koningen zijn nooit tevreden. Het rijk van Darius groeide voortdurend, en een hoofdstuk of twee verder lezen wij dat hij honderdzevenentwintig landschappen had. Er komt geen einde aan de begerigheid van de mens — en wat wint hij er ten slotte mee? Eén paar handen kan maar het werk van één mens doen. Hij wint alleen meer moeiten, en nu moet hij de zorgen van zijn rijk nog over anderen verdelen ook.

Hoe goed is het dan voor iemand wanneer hij aan een rechtschapen, eerlijke en hartelijke helper geholpen wordt! Dat was het deel van Darius. En hoe voordelig kan het ook voor het volk van God zijn wanneer een man als Daniël op de hoge plaatsen van het land gezet wordt! Ongetwijfeld werd hij niet alleen om zijnentwil verhoogd, maar ook om als een koperen schild en bolwerk voor het volk van God in dat vreemde land te zijn. Nu zouden er geen afpersingen meer tegen het Joodse volk gepleegd worden, want zij hadden een vriend aan het hof. Geloofd zij God, ook wij hebben een Vriend aan het hof: Eén Die onze zaak op Zich neemt en voor ons spreekt tot de Koning der koningen.

Daniël 6:5.KruisverwijzingenHandelingen 24:13Handelingen 24:201 Samuël 24:17Esther 3:8Johannes 19:6
— Toen zochten de vorsten en de stadhouders gelegenheid te vinden, tegen Daniel vanwege het koninkrijk; maar zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, dewijl hij getrouw was, en geen vergrijping noch misdaad in hem gevonden werd.
Wie kan staande blijven voor de nijd? Hoge plaatsen bieden zeer ongemakkelijke zetels. Ook al verhoogt God een mens, mensen zullen proberen hem omlaag te halen. Maar het is werkelijk een eerbaar mens die zijn vijanden in verlegenheid brengt voordat zij ook maar iets tegen hem kunnen vinden.

Daniël 6:5-8.KruisverwijzingenHandelingen 24:13Daniël 2:4Esther 1:19Daniël 6:15Nehemia 2:3Daniël 6:21Daniël 3:6Daniël 3:2
— Toen zochten de vorsten en de stadhouders gelegenheid te vinden, tegen Daniel vanwege het koninkrijk; maar zij konden geen gelegenheid noch misdaad vinden, dewijl hij getrouw was, en geen vergrijping noch misdaad in hem gevonden werd. Toen zeiden die mannen: Wij zullen tegen dezen Daniel geen gelegenheid vinden, tenzij wij tegen hem iets vinden in te wet zijns Gods. Zo kwamen deze vorsten en de stadhouders met hopen tot den koning, en zeiden aldus tot hem: O koning Darius, leef in eeuwigheid! Al de vorsten des rijks, de overheden en stadhouders, de raadsheren en landvoogden hebben zich beraadslaagd een koninklijke ordonnantie te stellen, en een sterk gebod te maken, dat al wie in dertig dagen een verzoek zal doen van enigen god of mens, behalve van u, o koning! die zal in den kuil der leeuwen geworpen worden.
Wij weten niet met welke vernuftige redenen zij de koning tot dit besluit bewogen hebben, maar wij kunnen het ons wel voorstellen. Hij had juist Chaldea veroverd. Zij zullen dus gezegd hebben: het zal een uitstekende proef zijn op de gehoorzaamheid van uw nieuwe onderdanen wanneer u hen op het punt van hun godsdienst raakt. Beproef of zij zich dertig dagen lang van het aanroepen van hun goden onthouden.

Misschien ook dit: Darius had een medebestuurder op de troon, de jongere Cyrus, die veel geliefder was dan hij. Zij kunnen hem opgehitst hebben door te suggereren dat Cyrus veel te ijdel was. Stond hij niemand toe zelfs tot Cyrus een verzoek te richten, dan zou blijken wie werkelijk aan Darius trouw was. En het zou meteen de gezindheid van Cyrus beproeven. Ik kan niet zeggen hoe zij het gedaan hebben, maar op de een of andere manier wisten zij de dwaze oude man tot hun opzet te bewegen.

Daniël 6:9.KruisverwijzingenPsalmen 146:3Psalmen 118:9Jesaja 2:22Spreuken 6:2Psalmen 62:9
— Nu, o koning! gij zult een gebod bevestigen, en een schrift tekenen, dat niet veranderd worde, naar de wet der Meden en der Perzen, die niet mag wederroepen worden.
De Babyloniërs vertrouwden hun koning een volstrekte macht toe; hij kon dus willen wat hij wilde. De Perzen geloofden dat hun koningen een volmaakte wijsheid bezaten, en daarom lieten zij nooit toe dat een wet veranderd werd. Dat zou immers veronderstellen dat de koning die haar gemaakt had zich vergist had, en dat kon onmogelijk voorkomen.

Een hedendaagse reiziger vertelt een vermakelijk voorval. Enkele jaren geleden zei een van de latere Perzische koningen dat hij zijn tent in de vlakte niet zou verlaten voordat de sneeuw van bepaalde bergen verdwenen was. Het werd een zeer late zomer en de sneeuw smolt maar niet, en zijne majesteit moest in zijn tent blijven terwijl zijn troepen in een laag moerasgebied aan koortsen bezweken. Ten slotte moesten er mannen gezocht worden om de sneeuw van de bergtoppen te vegen, opdat hij verder kon trekken.

Het is ongemakkelijk voor mensen om voor God te spelen; zij kunnen het niet zonder ernstige moeite en gevaar over zichzelf te brengen. Zo verging het Darius hier. Ik houd nooit van mensen die, wanneer zij een overhaast woord gesproken hebben, zeggen dat zij het niet veranderen kunnen. Onbezonnen geloften kunnen beter gebroken dan gehouden worden. U had niet het recht te zeggen dat u die zaak doen zou. En nog veel minder hebt u het recht haar te dóen omdat u gezegd hebt dat u het doen zou. De wet van de Meden en de Perzen kon echter niet veranderd worden.

Daniël 6:10-11.KruisverwijzingenHandelingen 5:29Psalmen 95:6Psalmen 55:17Psalmen 37:32Psalmen 5:71 Koningen 8:44Filippenzen 4:6Psalmen 34:1
— Daarom tekende de koning Darius dat schrift en gebod. Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had.
Dat is goed: hoe minder wij met mensen te doen hebben en hoe meer met God, hoe beter. Hij ging niet naar de koning om te klagen, maar hij ging zijn huis binnen om het zijn God te vertellen.

Daniël 6:11.KruisverwijzingenPsalmen 37:32Daniël 6:6Psalmen 10:9
— Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had.
Jeruzalem was die zeer geliefde stad, hoewel zij nu in puin lag. Het was dapper gedaan. Iemand in een geringere stand had zijn godsdienstoefening zonder zonde in het verborgen kunnen houden, maar Daniël niet. Hij is een man die anderen vertegenwoordigt; hij mag de lafaard niet spelen. Het is zijn plicht om des te opzettelijker en des te openlijker te zijn in alles wat hij doet. Want als men hem ook maar een klein beetje ziet wegkruipen, verliezen alle heiligen de moed.

Daniël was altijd een man van gebed. Was hij groot voor het volk, dan was dat omdat hij groot was voor zijn God. Hij wist hoe hij de goddelijke sterkte moest aangrijpen, en zo werd hij sterk. Hij wist hoe hij de goddelijke wijsheid moest bestuderen, en zo werd hij wijs.

Er staat dat hij naar zijn huis ging om te bidden. Hij was een groot man, de hoogste in het land, en hij had dus grote openbare plichten. Waarschijnlijk zat hij een groot deel van de dag als rechter, en zijn leven ging op in de verschillende staatsambten waarin hij de gunsten van de koning uitdeelde. Maar hij bad niet in zijn ambtsvertrek — behalve natuurlijk dat zijn hart de hele dag door in aanbidding tot zijn God opklom. Het was zijn gewoonte om naar zijn huis te gaan om te bidden. Daaruit blijkt dat hij van het gebed een zaak van gewicht maakte. En omdat het hem noch gelegen kwam noch aangenaam was om te midden van afgodendienaars te bidden, had hij in zijn eigen huis een kamer voor het gebed afgezonderd.

Toen de koning zei dat hij niet mocht bidden, beraadde Daniël zich geen ogenblik. Hij ging naar zijn huis en bad in de morgen. Hij ging naar zijn huis en bad op de middag. En hij trok zich in zijn huis terug en bad bij het vallen van de avond. Hij veranderde niets aan zijn gewoonte. De tijd was dezelfde, de houding was dezelfde, en het geopende venster was hetzelfde. Er was geen enkele voorzorg om te verbergen dat hij ging bidden, en geen enkele uitvlucht terwijl hij bad. Zijn geloof was standvastig, zijn gemoed onbewogen, zijn gedrag eenvoudig en ongekunsteld.

Laten wij zijn zoals Daniël. Wij leven onder vreemdelingen en buitenlanders, goddeloos in al hun gedachten en gewoonten. God geve ons toch de genade om de inzettingen en geboden van de HEERE begeerlijker te achten dan rijkdom of eer. Zo zullen wij God eren en Christus verheerlijken, op een manier waartoe niets anders dan vastberadenheid van karakter ons brengen kan. God geve ons allen Christus tot Zaligmaker, en dat wij tot Zijn lof leven!

Daniël 6:12-14.KruisverwijzingenDaniël 6:8Markus 6:26Daniël 3:12Daniël 2:25Esther 1:19Daniël 3:8Esther 3:8Daniël 5:13
— Toen kwamen die mannen met hopen, en zij vonden Daniel biddende en smekende voor zijn God. Toen kwamen zij nader, en spraken voor den koning van het gebod des konings: Hebt gij niet een gebod getekend, dat alle man, die in dertig dagen van enigen god of mens iets verzoeken zou, behalve van u, o koning! in den kuil der leeuwen zou geworpen worden? De koning antwoordde en zeide: Het is een vaste rede, naar de wet der Meden en Perzen, die niet mag wederroepen worden. Toen antwoordden zij, en zeiden voor den koning: Daniel, een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda heeft, o koning! op u geen acht gesteld, noch op het gebod dat gij getekend hebt; maar hij bidt op drie tijden 's daags zijn gebed.
Wat een onbeschaamdheid! Maar zij noemden Jezus Christus ook “deze”. Waarom? Daniël was de eerste van de vorsten, de eerste minister van de koning, en toch zeggen zij: “Daniel, een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda”. Kwade harten hebben in de regel kwade monden, en wat kunt u anders verwachten dan kwade woorden uit kwade monden?

Daniël 6:14.KruisverwijzingenMarkus 6:26Johannes 19:72 Samuël 3:28Mattheüs 27:17Daniël 3:13Lukas 23:13
— Toen antwoordden zij, en zeiden voor den koning: Daniel, een van de gevankelijk weggevoerden uit Juda heeft, o koning! op u geen acht gesteld, noch op het gebod dat gij getekend hebt; maar hij bidt op drie tijden 's daags zijn gebed.
Die balling, die slaaf, die lijfeigene — zo lijken zij het te stellen, en zij vergaten dat hij door zijn hoge ambt hun meester was.

Daniël 6:15.KruisverwijzingenEsther 8:8Daniël 6:12Psalmen 94:20Daniël 6:8
— Toen de koning deze rede hoorde, was hij zeer bedroefd bij zichzelven, en hij stelde het hart op Daniel om hem te verlossen; ja, tot den ondergang der zon toe bemoeide hij zich, om hem te redden.
Er was nog een beetje geweten over. Calvijn mag de man in het geheel niet. Hij vraagt: met welk recht tekende hij haastig een besluit dat de besten in zijn rijk het leven kon kosten? En zijn berouw lijkt geen berouw over de dáád te zijn, maar alleen over de gevolgen.

Hier was een groot koning, die zich voor een god uitgaf, en toch kan hij zijn eigen zin niet doen. Die beroemde pottenbakker was een waar christen. Toen hij voor de koning gebracht werd, zei die tegen hem: tenzij u van gedachten verandert, zal ik gedwongen zijn u te laten verbranden. Ach, zei Bernard de Palissy, u bent een koning en u zegt: ik zal gedwongen zijn. En ik ben een arme pottenbakker, maar niemand kan mij die woorden laten gebruiken; ik zal tot niets gedwongen worden dat tegen mijn geweten ingaat.

Och, de heilige dapperheid van mensen die zalig gemaakt zijn! Toen Bonner een van de martelaren voor zich had, zei hij: ik zal u wel overtuigen; een brandende takkenbos zal u overtuigen. Uw takkenbos kan mij niet schelen, zei de man, en een wagenvracht evenmin; ik kan beter staan en branden dan u uw mijter kunt dragen. Zo zijn de heiligen van God sterk en kunnen zij de tegenstander door de goddelijke genade tarten.

Daniël 6:16.KruisverwijzingenPsalmen 37:39Job 5:19Daniël 3:28Daniël 3:17Daniël 6:20Jesaja 43:2Psalmen 118:8Psalmen 91:14
— Toen kwamen die mannen met hopen tot den koning, en zij zeiden tot den koning: Weet, o koning! dat der Meden en der Perzen wet is, dat geen gebod noch ordonnantie, die de koning verordend heeft, mag veranderd worden.
Hier ligt de reden van zijn verlossing: niet zijn onschuld, maar zijn geloof. Paulus zegt ons dat het het geloof was dat “de muilen der leeuwen toegestopt” heeft.

Daniël 6:17-25.KruisverwijzingenHebreeën 11:332 Timotheüs 4:17Daniël 2:1Esther 6:1Daniël 3:17Psalmen 91:11Daniël 3:28Daniël 4:1
— Toen beval de koning, en zij brachten Daniel voor, en wierpen hem in den kuil der leeuwen; en de koning antwoordde en zeide tot Daniel: Uw God, Dien gij geduriglijk eert, Die verlosse u! En er werd een steen gebracht, en op den mond des kuils gelegd: en de koning verzegelde denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigen, opdat de wil aangaande Daniel niet zou veranderd worden. Toen ging de koning naar zijn paleis, en overnachtte nuchteren, en liet geen vreugdespel voor zich brengen; en zijn slaap week verre van hem. Toen stond de koning in den vroegen morgenstond met het licht op, en hij ging met haast henen tot den kuil der leeuwen. Als hij nu tot den kuil genaderd was, riep hij tot Daniel met een droeve stem; de koning antwoordde en zeide tot Daniel: O Daniel, gij knecht des levenden Gods! heeft ook uw God, Dien gij geduriglijk eert, u van de leeuwen kunnen verlossen? Toen sprak Daniel tot den koning: O koning, leef in eeuwigheid! Mijn God heeft Zijn engel gezonden, en Hij heeft den muil der leeuwen toegesloten, dat zij mij niet beschadigd hebben, omdat voor Hem onschuld in mij gevonden is; ook heb ik, o koning! tegen u geen misdaad gedaan. Toen werd de koning bij zichzelven zeer vrolijk, en zeide, dat men Daniel uit den kuil trekken zou. Toen Daniel uit den kuil opgetrokken was, zo werd er geen schade aan hem gevonden, dewijl hij in zijn God geloofd had. Toen beval de koning, en zij brachten die mannen voor, die Daniel overluid beschuldigd hadden, en zij wierpen in den kuil der leeuwen hen, hun kinderen, en hun vrouwen; en zij kwamen niet op den grond des kuils, of de leeuwen heersten over hen, zij vermorzelden ook al hun beenderen.
Dat de vrouwen en de kinderen mee in de kuil geworpen werden, was een stuk onrecht — al kunnen wij dat niet zeggen van het werpen van de mannen zelf.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Spurgeon Citaten

Wanneer wij onze plicht kennen, zijn de eerste gedachten de beste. Is de zaak kennelijk goed, denk er dan geen tweede maal over na, maar ga heen en doe ze.

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content