Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Amos 7

1 De Heere HEERE deed mij aldus zien; en ziet, Hij formeerde sprinkhanen, in het begin des opkomens van het nagras; en ziet, het was het nagras, na des konings afmaaiingen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 De HeereH136 HEEREH3069 deed mij aldusH3541 zienH7200; en zietH2009, Hij formeerdeH3335 sprinkhanenH1462, in het beginH8462 des opkomensH5927 van het nagrasH3954; en zietH2009, het was het nagrasH3954, naH310 des koningsH4428 afmaaiingenH1488. De Heere HEERE deed mij aldus zien; en ziet, Hij formeerde sprinkhanen, in het begin des opkomens van het nagras; en ziet, het was het nagras, na des konings afmaaiingen.

KJV Thus hath the Lord3 GOD4 shewed2 unto me; and, behold, he formed6 grasshoppers7 in the beginning8 of the shooting up9 of the latter growth;10 and, lo, it was the latter growth12 after13 the king's15 mowings.

1 כֹּ֤ה H3541 zo, alzo, aldus also, here, + hitherto, like, on the other side, so (and much), such, on that manner, (on) this (manner, side, way, way and that way), + mean while, yonder 2 הִרְאַ֨נִי֙ H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 3 אֲדֹנָ֣י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 4 יְהוִ֔ה H3069 HEERE, HEEREN, Heere God 5 וְהִנֵּה֙ H2009 ziet, zie behold, lo, see 6 יוֹצֵ֣ר H3335 geformeerd, formeert, pottenbakker [idiom] earthen, fashion, form, frame, make(-r), potter, purpose 7 גֹּבַ֔י H1462 kevers, sprinkhanen grasshopper, [idiom] great 8 בִּתְחִלַּ֖ת H8462 begin, eerst, vooreerst begin(-ning), first (time) 9 עֲל֣וֹת H5927 optrekken, toog, opkomen arise (up), (cause to) ascend up, at once, break (the day) (up), bring (up), (cause to) burn, carry up, cast up, [phrase] shew, climb (up), (cause to, make to) come (up), cut off, dawn, depart, exalt, excel, fall, fetch up, get up, (make to) go (away, up); grow (over) increase, lay, leap, levy, lift (self) up, light, (make) up, [idiom] mention, mount up, offer, make to pay, [phrase] perfect, prefer, put (on), raise, recover, restore, (make to) rise (up), scale, set (up), shoot forth (up), (begin to) spring (up), stir up, take away (up), work 10 הַלָּ֑קֶשׁ H3954 nagras latter growth 11 וְהִ֨נֵּה H2009 ziet, zie behold, lo, see 12 לֶ֔קֶשׁ H3954 nagras latter growth 13 אַחַ֖ר H310 na, achter, daarna after (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with 14 גִּזֵּ֥י H1488 afmaaiingen, beschering, nagras fleece, mowing, mown grass 15 הַמֶּֽלֶךְ H4428 koning, konings, koningen king, royal
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En het geschiedde, als zij het kruid des lands geheel zouden hebben afgegeten, dat ik zeide: Heere HEERE! vergeef toch; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 En het geschieddeH1961, als zij het kruidH6212 des landsH776 geheelH3615 zouden hebben afgegetenH398, dat ik zeideH559: HeereH136 HEEREH3069! vergeefH5545 tochH4994; wieH4310 zou er van JakobH3290 blijven staanH6965; wantH3588 hijH1931 is kleinH6996! En het geschiedde, als zij het kruid des lands geheel zouden hebben afgegeten, dat ik zeide: Heere HEERE! vergeef toch; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!

KJV And it came to pass, that when they had made an end3 of eating4 the grass6 of the land,7 then I said,8 O Lord9 GOD,10 forgive,11 I beseech thee: by whom shall Jacob15 arise?14 for he is small.

1 וְהָיָ֗ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 3 כִּלָּה֙ H3615 geeindigd, voleind, verteerd accomplish, cease, consume (away), determine, destroy (utterly), be (when... were) done, (be an) end (of), expire, (cause to) fail, faint, finish, fulfil, [idiom] fully, [idiom] have, leave (off), long, bring to pass, wholly reap, make clean riddance, spend, quite take away, waste 4 לֶֽאֱכוֹל֙ H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 5 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 6 עֵ֣שֶׂב H6212 kruid, gras, kruiden grass, herb 7 הָאָ֔רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 8 וָאֹמַ֗ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 9 אֲדֹנָ֤י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 10 יְהוִה֙ H3069 HEERE, HEEREN, Heere God 11 סְֽלַֽח H5545 vergeven, vergeef, vergeve forgive, pardon, spare 12 נָ֔א H4994 toch, doch, Och I beseech (pray) thee (you), go to, now, oh 13 מִ֥י H4310 wie, wien, wiens any (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God 14 יָק֖וּם H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 15 יַֽעֲקֹ֑ב H3290 Jakob, Jakobs Jacob 16 כִּ֥י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 17 קָטֹ֖ן H6996 kleinste, kleine, klein least, less(-er), little (one), small(-est, one, quantity, thing), young(-er, -est) 18 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Toen berouwde zulks den HEERE; het zal niet geschieden, zeide de HEERE.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Toen berouwdeH5162 zulks den HEEREH3068; het zal nietH3808 geschiedenH1961, zeideH559 de HEEREH3068. Toen berouwde zulks den HEERE; het zal niet geschieden, zeide de HEERE.

KJV The LORD2 repented1 for this: It shall not be, saith7 the LORD.

1 נִחַ֥ם H5162 troosten, berouwde, berouw comfort (self), ease (one's self), repent(-er,-ing, self) 2 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 זֹ֑את H2063 dit, deze, dat hereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus 5 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 6 תִהְיֶ֖ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 אָמַ֥ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 8 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Wijders deed mij de Heere HEERE aldus zien; en ziet, de Heere HEERE riep uit, dat Hij wilde twisten met vuur; en het verteerde een groten afgrond, ook verteerde het een stuk lands.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Wijders deed mij de Heere HEEREH3069 aldusH3541 zienH7200; en zietH2009, de Heere HEEREH3069 riepH7121 uit, dat Hij wilde twistenH7378 met vuurH784; en het verteerdeH398 een groten afgrondH8415, ook verteerdeH398 het een stukH2506 lands. Wijders deed mij de Heere HEERE aldus zien; en ziet, de Heere HEERE riep uit, dat Hij wilde twisten met vuur; en het verteerde een groten afgrond, ook verteerde het een stuk lands.

Ook in dit vers HeereH136 HeereH136

KJV Thus hath the Lord3 GOD4 shewed2 unto me: and, behold, the Lord9 GOD10 called6 to contend7 by fire,8 and it devoured11 the great14 deep,13 and did eat up15 a part.

1 כֹּ֤ה H3541 zo, alzo, aldus also, here, + hitherto, like, on the other side, so (and much), such, on that manner, (on) this (manner, side, way, way and that way), + mean while, yonder 2 הִרְאַ֨נִי֙ H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 3 אֲדֹנָ֣י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 4 יְהוִ֔ה H3069 HEERE, HEEREN, Heere God 5 וְהִנֵּ֥ה H2009 ziet, zie behold, lo, see 6 קֹרֵ֛א H7121 riep, noemde, roepen bewray (self), that are bidden, call (for, forth, self, upon), cry (unto), (be) famous, guest, invite, mention, (give) name, preach, (make) proclaim(-ation), pronounce, publish, read, renowned, say 7 לָרִ֥ב H7378 twisten, twist, getwist adversary, chide, complain, contend, debate, [idiom] ever, [idiom] lay wait, plead, rebuke, strive, [idiom] thoroughly 8 בָּאֵ֖שׁ H784 vuur, vuurs, vurige burning, fiery, fire, flaming, hot 9 אֲדֹנָ֣י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 10 יְהוִ֑ה H3069 HEERE, HEEREN, Heere God 11 וַתֹּ֨אכַל֙ H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 12 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 13 תְּה֣וֹם H8415 afgrond, afgronden, afgronds deep (place), depth 14 רַבָּ֔ה H7227 vele, veel, grote (in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent) 15 וְאָכְלָ֖ה H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 16 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 17 הַחֵֽלֶק H2506 deel, delen, stuk flattery, inheritance, part, [idiom] partake, portion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Toen zeide ik: Heere HEERE! houd toch op; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Toen zeideH559 ik: HeereH136 HEEREH3069! houdH2308 tochH4994 op; wieH4310 zou er van JakobH3290 blijven staanH6965; wantH3588 hijH1931 is kleinH6996! Toen zeide ik: Heere HEERE! houd toch op; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!

KJV Then said1 I, O Lord2 GOD,3 cease,4 I beseech thee: by whom shall Jacob8 arise?7 for he is small.

1 וָאֹמַ֗ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 2 אֲדֹנָ֤י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 3 יְהוִה֙ H3069 HEERE, HEEREN, Heere God 4 חֲדַל H2308 ophouden, hielden, nalaten cease, end, fall, forbear, forsake, leave (off), let alone, rest, be unoccupied, want 5 נָ֔א H4994 toch, doch, Och I beseech (pray) thee (you), go to, now, oh 6 מִ֥י H4310 wie, wien, wiens any (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God 7 יָק֖וּם H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 8 יַעֲקֹ֑ב H3290 Jakob, Jakobs Jacob 9 כִּ֥י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 10 קָטֹ֖ן H6996 kleinste, kleine, klein least, less(-er), little (one), small(-est, one, quantity, thing), young(-er, -est) 11 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Toen berouwde zulks den HEERE. Ook dit zal niet geschieden, zeide de Heere HEERE.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 Toen berouwdeH5162 zulks den HEEREH3068. OokH1571 ditH2063 zal nietH3808 geschiedenH1961, zeideH559 de HeereH136 HEEREH3069. Toen berouwde zulks den HEERE. Ook dit zal niet geschieden, zeide de Heere HEERE.

KJV The LORD2 repented1 for this: This also shall not be, saith9 the Lord10 GOD.

1 נִחַ֥ם H5162 troosten, berouwde, berouw comfort (self), ease (one's self), repent(-er,-ing, self) 2 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 זֹ֑את H2063 dit, deze, dat hereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus 5 גַּם H1571 ook, zelfs, ja again, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea 6 הִיא֙ H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 7 לֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 8 תִֽהְיֶ֔ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 9 אָמַ֖ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 10 אֲדֹנָ֥י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 11 יְהוִֽה H3069 HEERE, HEEREN, Heere God
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Nog deed Hij mij aldus zien; en ziet, de Heere stond op een muur, die naar het paslood gemaakt was, en een paslood was in Zijn hand.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Nog deed Hij mij aldusH3541 zienH7200; en zietH2009, de HeereH136 stondH5324 opH5921 een muurH2346, die naar het pasloodH594 gemaakt was, en een pasloodH594 was in Zijn handH3027. Nog deed Hij mij aldus zien; en ziet, de Heere stond op een muur, die naar het paslood gemaakt was, en een paslood was in Zijn hand.

KJV Thus he shewed2 me: and, behold, the Lord4 stood5 upon a wall7 made by a plumbline,8 with a plumbline10 in his hand.

1 כֹּ֣ה H3541 zo, alzo, aldus also, here, + hitherto, like, on the other side, so (and much), such, on that manner, (on) this (manner, side, way, way and that way), + mean while, yonder 2 הִרְאַ֔נִי H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 3 וְהִנֵּ֧ה H2009 ziet, zie behold, lo, see 4 אֲדֹנָ֛י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 5 נִצָּ֖ב H5324 gesteld, stonden, stond appointed, deputy, erect, establish, [idiom] Huzzah (by mistake for a proper name), lay, officer, pillar, present, rear up, set (over, up), settle, sharpen, establish, (make to) stand(-ing, still, up, upright), best state 6 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 7 חוֹמַ֣ת H2346 muur, muren, muurs wall, walled 8 אֲנָ֑ךְ H594 paslood plumb-line 9 וּבְיָד֖וֹ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 10 אֲנָֽךְ H594 paslood plumb-line
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En de HEERE zeide tot mij: Wat ziet gij, Amos? En ik zeide: Een paslood. Toen zeide de HEERE: Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk Israel; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 En de HEEREH136 zeideH559 totH413 mij: WatH4100 ziet gijH859, AmosH5986? En ik zeideH559: Een pasloodH594. Toen zeideH559 de HEEREH3068: ZieH2009, Ik zal het pasloodH594 stellenH7760 in het middenH7130 van Mijn volkH5971 IsraelH3478; Ik zal het voortaanH3254 nietH3808 meerH5750 voorbijgaanH5674. En de HEERE zeide tot mij: Wat ziet gij, Amos? En ik zeide: Een paslood. Toen zeide de HEERE: Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk Israel; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan.

KJV And the LORD2 said1 unto me, Amos,7 what seest6 thou? And I said,8 A plumbline.9 Then said10 the Lord,11 Behold, I will set13 a plumbline14 in the midst15 of my people16 Israel:17 I will not again19 pass by

1 וַיֹּ֨אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 2 יְהוָ֜ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 אֵלַ֗י H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 4 מָֽה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 5 אַתָּ֤ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 6 רֹאֶה֙ H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 7 עָמ֔וֹס H5986 Amos Amos 8 וָאֹמַ֖ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 9 אֲנָ֑ךְ H594 paslood plumb-line 10 וַיֹּ֣אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 11 אֲדֹנָ֗י H136 Heere, HEERE, Heeren (my) Lord 12 הִנְנִ֨י H2005 ziet, zie behold, if, lo, though 13 שָׂ֤ם H7760 stellen, gesteld, zetten [idiom] any wise, appoint, bring, call (a name), care, cast in, change, charge, commit, consider, convey, determine, [phrase] disguise, dispose, do, get, give, heap up, hold, impute, lay (down, up), leave, look, make (out), mark, [phrase] name, [idiom] on, ordain, order, [phrase] paint, place, preserve, purpose, put (on), [phrase] regard, rehearse, reward, (cause to) set (on, up), shew, [phrase] stedfastly, take, [idiom] tell, [phrase] tread down, (over-)turn, [idiom] wholly, work 14 אֲנָךְ֙ H594 paslood plumb-line 15 בְּקֶ֨רֶב֙ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 16 עַמִּ֣י H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 17 יִשְׂרָאֵ֔ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 18 לֹֽא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 19 אוֹסִ֥יף H3254 voortaan, toedoen, voort add, [idiom] again, [idiom] any more, [idiom] cease, [idiom] come more, [phrase] conceive again, continue, exceed, [idiom] further, [idiom] gather together, get more, give more-over, [idiom] henceforth, increase (more and more), join, [idiom] longer (bring, do, make, much, put), [idiom] (the, much, yet) more (and more), proceed (further), prolong, put, be (strong-) er, [idiom] yet, yield 20 ע֖וֹד H5750 meer, nog, wederom again, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within) 21 עֲב֥וֹר H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 22 לֽוֹ

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Maar Izaks hoogten zullen verwoest, en Israels eigendommen verstoord worden; en Ik zal tegen Jerobeams huis opstaan met het zwaard.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Maar IzaksH3446 hoogtenH1116 zullen verwoestH8074, en IsraelsH3478 eigendommenH4720 verstoordH2717 worden; en Ik zal tegenH5921 JerobeamsH3379 huisH1004 opstaanH6965 met het zwaardH2719. Maar Izaks hoogten zullen verwoest, en Israels eigendommen verstoord worden; en Ik zal tegen Jerobeams huis opstaan met het zwaard.

KJV And the high places2 of Isaac3 shall be desolate,1 and the sanctuaries4 of Israel5 shall be laid waste;6 and I will rise7 against the house9 of Jeroboam10 with the sword.

1 וְנָשַׁ֨מּוּ֙ H8074 verwoest, verwoeste, ontzetten make amazed, be astonied, (be an) astonish(-ment), (be, bring into, unto, lay, lie, make) desolate(-ion, places), be destitute, destroy (self), (lay, lie, make) waste, wonder 2 בָּמ֣וֹת H1116 hoogten, hoogte, Bamoth height, high place, wave 3 יִשְׂחָ֔ק H3446 Izak, Izaks Isaac. Compare H3327 (יִצְחָק) 4 וּמִקְדְּשֵׁ֥י H4720 heiligdom, heiligdoms, heiligdommen chapel, hallowed part, holy place, sanctuary 5 יִשְׂרָאֵ֖ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 6 יֶחֱרָ֑בוּ H2717 verwoest, woest, verdroogd decay, (be) desolate, destroy(-er), (be) dry (up), slay, [idiom] surely, (lay, lie, make) waste 7 וְקַמְתִּ֛י H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 8 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 9 בֵּ֥ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 10 יָרָבְעָ֖ם H3379 Jerobeam, Jerobeams, jerobeam Jeroboam 11 בֶּחָֽרֶב H2719 zwaard, zwaards, zwaarden axe, dagger, knife, mattock, sword, tool
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Toen zond Amazia, de priester te Beth-El, tot Jerobeam, den koning van Israel, zeggende: Amos heeft een verbintenis tegen u gemaakt, in het midden van het huis Israels; het land zal al zijn woorden niet kunnen verdragen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Toen zondH7971 AmaziaH558, de priesterH3548 te Beth-ElH1008, totH413 JerobeamH3379, den koningH4428 van IsraelH3478, zeggendeH559: AmosH5986 heeft een verbintenisH5921 tegen u gemaakt, in het middenH7130 van het huisH1004 IsraelsH3478; het landH776 zal alH3605 zijn woordenH1697 niet kunnen verdragenH3557. Toen zond Amazia, de priester te Beth-El, tot Jerobeam, den koning van Israel, zeggende: Amos heeft een verbintenis tegen u gemaakt, in het midden van het huis Israels; het land zal al zijn woorden niet kunnen verdragen.

KJV Then Amaziah2 the priest3 of Bethel4 sent1 to Jeroboam7 king8 of Israel,9 saying,10 Amos13 hath conspired11 against thee in the midst14 of the house15 of Israel:16 the land19 is not able18 to bear20 all his words.

1 וַיִּשְׁלַ֗ח H7971 zond, gezonden, zenden [idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out) 2 אֲמַצְיָה֙ H558 Amazia Amaziah 3 כֹּהֵ֣ן H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 4 בֵּֽית H1008 Beth-el, huis Gods Beth-el 5 אֵ֔ל H1008 Beth-el, huis Gods Beth-el 6 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 7 יָרָבְעָ֥ם H3379 Jerobeam, Jerobeams, jerobeam Jeroboam 8 מֶֽלֶךְ H4428 koning, konings, koningen king, royal 9 יִשְׂרָאֵ֖ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 10 לֵאמֹ֑ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 11 קָשַׁ֨ר H7194 verbintenis, binden, maakten bind (up), (make a) conspire(-acy, -ator), join together, knit, stronger, work (treason) 12 עָלֶ֜יךָ H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 13 עָמ֗וֹס H5986 Amos Amos 14 בְּקֶ֨רֶב֙ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 15 בֵּ֣ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 16 יִשְׂרָאֵ֔ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 17 לֹא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 18 תוּכַ֣ל H3201 konden, kan, kon be able, any at all (ways), attain, can (away with, (-not)), could, endure, might, overcome, have power, prevail, still, suffer 19 הָאָ֔רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 20 לְהָכִ֖יל H3557 onderhouden, verdragen, hield (be able to, can) abide, bear, comprehend, contain, feed, forbearing, guide, hold(-ing in), nourish(-er), be present, make provision, receive, sustain, provide sustenance (victuals) 21 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 22 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 23 דְּבָרָֽיו H1697 woord, woorden, zaak act, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Want alzo zegt Amos: Jerobeam zal door het zwaard sterven, en Israel zal voorzeker uit zijn land gevankelijk worden weggevoerd.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 WantH3588 alzoH3541 zegtH559 AmosH5986: JerobeamH3379 zal door het zwaardH2719 stervenH4191, en IsraelH3478 zal voorzekerH1540 uit zijn landH127 gevankelijkH1540 worden weggevoerd. Want alzo zegt Amos: Jerobeam zal door het zwaard sterven, en Israel zal voorzeker uit zijn land gevankelijk worden weggevoerd.

KJV For thus Amos4 saith,3 Jeroboam7 shall die6 by the sword,5 and Israel8 shall surely9 be led away captive10 out of their own land.

1 כִּי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 כֹה֙ H3541 zo, alzo, aldus also, here, + hitherto, like, on the other side, so (and much), such, on that manner, (on) this (manner, side, way, way and that way), + mean while, yonder 3 אָמַ֣ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 4 עָמ֔וֹס H5986 Amos Amos 5 בַּחֶ֖רֶב H2719 zwaard, zwaards, zwaarden axe, dagger, knife, mattock, sword, tool 6 יָמ֣וּת H4191 sterven, stierf, gedood [idiom] at all, [idiom] crying, (be) dead (body, man, one), (put to, worthy of) death, destroy(-er), (cause to, be like to, must) die, kill, necro(-mancer), [idiom] must needs, slay, [idiom] surely, [idiom] very suddenly, [idiom] in (no) wise 7 יָרָבְעָ֑ם H3379 Jerobeam, Jerobeams, jerobeam Jeroboam 8 וְיִ֨שְׂרָאֵ֔ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 9 גָּלֹ֥ה H1540 gevankelijk, ontdekken, ontdekt [phrase] advertise, appear, bewray, bring, (carry, lead, go) captive (into captivity), depart, disclose, discover, exile, be gone, open, [idiom] plainly, publish, remove, reveal, [idiom] shamelessly, shew, [idiom] surely, tell, uncover 10 יִגְלֶ֖ה H1540 gevankelijk, ontdekken, ontdekt [phrase] advertise, appear, bewray, bring, (carry, lead, go) captive (into captivity), depart, disclose, discover, exile, be gone, open, [idiom] plainly, publish, remove, reveal, [idiom] shamelessly, shew, [idiom] surely, tell, uncover 11 מֵעַ֥ל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 12 אַדְמָתֽוֹ H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Daarna zeide Amazia tot Amos: Gij ziener! ga weg, vlied in het land van Juda, en eet aldaar brood, en profeteer aldaar.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Daarna zeideH559 AmaziaH558 totH413 AmosH5986: Gij zienerH2374! ga wegH3212, vliedH1272 in het landH776 van JudaH3063, en eetH398 aldaarH8033 broodH3899, en profeteerH5012 aldaarH8033. Daarna zeide Amazia tot Amos: Gij ziener! ga weg, vlied in het land van Juda, en eet aldaar brood, en profeteer aldaar.

KJV Also Amaziah2 said1 unto Amos,4 O thou seer,5 go,6 flee thee away7 into the land10 of Judah,11 and there eat12 bread,14 and prophesy

1 וַיֹּ֤אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 2 אֲמַצְיָה֙ H558 Amazia Amaziah 3 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 4 עָמ֔וֹס H5986 Amos Amos 5 חֹזֶ֕ה H2374 ziener, zieners, zien agreement, prophet, see that, seer, (star-) gazer 6 לֵ֥ךְ H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 7 בְּרַח H1272 vluchtte, vlood, gevloden chase (away); drive away, fain, flee (away), put to flight, make haste, reach, run away, shoot 8 לְךָ֖ 9 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 10 אֶ֣רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 11 יְהוּדָ֑ה H3063 Juda Judah 12 וֶאֱכָל H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 13 שָׁ֣ם H8033 daar, aldaar, derwaarts in it, [phrase] thence, there (-in, [phrase] of, [phrase] out), [phrase] thither, [phrase] whither 14 לֶ֔חֶם H3899 brood, broods, spijze (shew-) bread, [idiom] eat, food, fruit, loaf, meat, victuals 15 וְשָׁ֖ם H8033 daar, aldaar, derwaarts in it, [phrase] thence, there (-in, [phrase] of, [phrase] out), [phrase] thither, [phrase] whither 16 תִּנָּבֵֽא H5012 profeteren, profeteer, profeteerde prophesy(-ing), make self a prophet
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Maar te Beth-El zult gij voortaan niet meer profeteren; want dat is des konings heiligdom, en dat is het huis des koninkrijks.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Maar te Beth-ElH1008 zult gij voortaanH3254 nietH3808 meerH5750 profeterenH5012; wantH3588 dat is des koningsH4428 heiligdomH4720, en dat is hetH1931 huisH1004 des koninkrijksH4467. Maar te Beth-El zult gij voortaan niet meer profeteren; want dat is des konings heiligdom, en dat is het huis des koninkrijks.

KJV But prophesy6 not again4 any more at Bethel:1 for it is the king's9 chapel,8 and it is the king's12 court.

1 וּבֵֽית H1008 Beth-el, huis Gods Beth-el 2 אֵ֔ל H1008 Beth-el, huis Gods Beth-el 3 לֹֽא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 4 תוֹסִ֥יף H3254 voortaan, toedoen, voort add, [idiom] again, [idiom] any more, [idiom] cease, [idiom] come more, [phrase] conceive again, continue, exceed, [idiom] further, [idiom] gather together, get more, give more-over, [idiom] henceforth, increase (more and more), join, [idiom] longer (bring, do, make, much, put), [idiom] (the, much, yet) more (and more), proceed (further), prolong, put, be (strong-) er, [idiom] yet, yield 5 ע֖וֹד H5750 meer, nog, wederom again, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within) 6 לְהִנָּבֵ֑א H5012 profeteren, profeteer, profeteerde prophesy(-ing), make self a prophet 7 כִּ֤י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 8 מִקְדַּשׁ H4720 heiligdom, heiligdoms, heiligdommen chapel, hallowed part, holy place, sanctuary 9 מֶ֨לֶךְ֙ H4428 koning, konings, koningen king, royal 10 ה֔וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 11 וּבֵ֥ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 12 מַמְלָכָ֖ה H4467 koninkrijk, koninkrijken, koninkrijks kingdom, king's, reign, royal 13 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Toen antwoordde Amos, en zeide tot Amazia: Ik was geen profeet, en ik was geen profetenzoon; maar ik was een ossenherder, en las wilde vijgen af.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 Toen antwoorddeH6030 AmosH5986, en zeideH559 totH413 AmaziaH558: IkH595 was geenH3808 profeetH5030, en ikH595 was geenH3808 profetenzoonH5030; maarH3588 ikH595 was een ossenherderH951, en lasH1103 wilde vijgenH8256 af. Toen antwoordde Amos, en zeide tot Amazia: Ik was geen profeet, en ik was geen profetenzoon; maar ik was een ossenherder, en las wilde vijgen af.

KJV Then answered1 Amos,2 and said3 to Amaziah,5 I was no prophet,7 neither was I a prophet's11 son;10 but I was an herdman,14 and a gatherer16 of sycomore fruit:

1 וַיַּ֤עַן H6030 antwoordde, antwoorden, antwoordden give account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת) 2 עָמוֹס֙ H5986 Amos Amos 3 וַיֹּ֣אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 4 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 5 אֲמַצְיָ֔ה H558 Amazia Amaziah 6 לֹא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 7 נָבִ֣יא H5030 profeet, profeten, Profeet prophecy, that prophesy, prophet 8 אָנֹ֔כִי H595 ik, mij I, me, [idiom] which 9 וְלֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 10 בֶן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 11 נָבִ֖יא H5030 profeet, profeten, Profeet prophecy, that prophesy, prophet 12 אָנֹ֑כִי H595 ik, mij I, me, [idiom] which 13 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 14 בוֹקֵ֥ר H951 ossenherder herdman 15 אָנֹ֖כִי H595 ik, mij I, me, [idiom] which 16 וּבוֹלֵ֥ס H1103 las gatherer 17 שִׁקְמִֽים H8256 wilde vijgebomen, wilde vijgen sycamore (fruit, tree)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Maar de HEERE nam mij van achter de kudde; en de HEERE zeide tot mij: Ga henen, profeteer tot Mijn volk Israel.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Maar de HEEREH3068 namH3947 mij van achterH310 de kuddeH6629; en de HEEREH3068 zeideH559 totH413 mij: GaH3212 henen, profeteerH5012 totH413 Mijn volkH5971 IsraelH3478. Maar de HEERE nam mij van achter de kudde; en de HEERE zeide tot mij: Ga henen, profeteer tot Mijn volk Israel.

KJV And the LORD2 took1 me as I followed3 the flock,4 and the LORD7 said5 unto me, Go,8 prophesy9 unto my people11 Israel.

1 וַיִּקָּחֵ֣נִי H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 2 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 מֵאַחֲרֵ֖י H310 na, achter, daarna after (that, -ward), again, at, away from, back (from, -side), behind, beside, by, follow (after, -ing), forasmuch, from, hereafter, hinder end, [phrase] out (over) live, [phrase] persecute, posterity, pursuing, remnant, seeing, since, thence(-forth), when, with 4 הַצֹּ֑אן H6629 schapen, kudde, klein vee (small) cattle, flock ([phrase] -s), lamb ([phrase] -s), sheep(-cote, -fold, -shearer, -herds) 5 וַיֹּ֤אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 6 אֵלַי֙ H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 7 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 8 לֵ֥ךְ H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 9 הִנָּבֵ֖א H5012 profeteren, profeteer, profeteerde prophesy(-ing), make self a prophet 10 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 11 עַמִּ֥י H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 12 יִשְׂרָאֵֽל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Nu dan, hoor des HEEREN woord: Gij zegt: Gij zult niet profeteren tegen Israel, noch druppen tegen het huis van Izak.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Nu dan, hoorH8085 des HEERENH3068 woordH1697: GijH859 zegtH559: Gij zult nietH3808 profeterenH5012 tegenH5921 IsraelH3478, nochH3808 druppenH5197 tegenH5921 het huisH1004 van IzakH3446. Nu dan, hoor des HEEREN woord: Gij zegt: Gij zult niet profeteren tegen Israel, noch druppen tegen het huis van Izak.

KJV Now therefore hear2 thou the word3 of the LORD:4 Thou sayest,6 Prophesy8 not against Israel,10 and drop12 not thy word against the house14 of Isaac.

1 וְעַתָּ֖ה H6258 nu, dan henceforth, now, straightway, this time, whereas 2 שְׁמַ֣ע H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 3 דְּבַר H1697 woord, woorden, zaak act, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work 4 יְהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 אַתָּ֣ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 6 אֹמֵ֗ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 7 לֹ֤א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 8 תִנָּבֵא֙ H5012 profeteren, profeteer, profeteerde prophesy(-ing), make self a prophet 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 יִשְׂרָאֵ֔ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 11 וְלֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 12 תַטִּ֖יף H5197 druppen, profeteren, dropen drop(-ping), prophesy(-et) 13 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 בֵּ֥ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 15 יִשְׂחָֽק H3446 Izak, Izaks Isaac. Compare H3327 (יִצְחָק)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Daarom zegt de HEERE alzo: Uw vrouw zal in de stad hoereren, en uw zonen en uw dochteren zullen door het zwaard vallen, en uw land zal door het snoer uitgedeeld worden; en gij zult in een onrein land sterven, en Israel zal voorzeker uit zijn land gevankelijk worden weggevoerd.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 DaaromH3651 zegtH559 de HEEREH3068 alzo: Uw vrouwH802 zal in de stadH5892 hoererenH2181, en uw zonenH1121 en uw dochterenH1323 zullen door het zwaardH2719 vallenH5307, en uw landH127 zal door het snoerH2256 uitgedeeldH2505 worden; en gijH859 zult in een onreinH2931 landH127 stervenH4191, en IsraelH3478 zal voorzekerH1540 uit zijn landH127 gevankelijkH1540 worden weggevoerd. Daarom zegt de HEERE alzo: Uw vrouw zal in de stad hoereren, en uw zonen en uw dochteren zullen door het zwaard vallen, en uw land zal door het snoer uitgedeeld worden; en gij zult in een onrein land sterven, en Israel zal voorzeker uit zijn land gevankelijk worden weggevoerd.

KJV Therefore thus saith3 the LORD;4 Thy wife5 shall be an harlot7 in the city,6 and thy sons8 and thy daughters9 shall fall11 by the sword,10 and thy land12 shall be divided14 by line;13 and thou shalt die19 in16 a polluted18 land:17 and Israel20 shall surely21 go into captivity22 forth of his land.

1 לָכֵ֞ן H3651 daarom, alzo, zo [phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you 2 כֹּה H3541 zo, alzo, aldus also, here, + hitherto, like, on the other side, so (and much), such, on that manner, (on) this (manner, side, way, way and that way), + mean while, yonder 3 אָמַ֣ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 4 יְהוָ֗ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 אִשְׁתְּךָ֞ H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 6 בָּעִ֤יר H5892 stad, steden, vrijstad Ai (from margin), city, court (from margin), town 7 תִּזְנֶה֙ H2181 hoer, hoereren, gehoereerd (cause to) commit fornication, [idiom] continually, [idiom] great, (be an, play the) harlot, (cause to be, play the) whore, (commit, fall to) whoredom, (cause to) go a-whoring, whorish 8 וּבָנֶ֤יךָ H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 9 וּבְנֹתֶ֨יךָ֙ H1323 dochter, dochteren, onderhorige plaatsen apple (of the eye), branch, company, daughter, [idiom] first, [idiom] old, [phrase] owl, town, village 10 בַּחֶ֣רֶב H2719 zwaard, zwaards, zwaarden axe, dagger, knife, mattock, sword, tool 11 יִפֹּ֔לוּ H5307 vallen, viel, gevallen be accepted, cast (down, self, (lots), out), cease, die, divide (by lot), (let) fail, (cause to, let, make, ready to) fall (away, down, -en, -ing), fell(-ing), fugitive, have (inheritance), inferior, be judged (by mistake for H6419 (פָּלַל)), lay (along), (cause to) lie down, light (down), be ([idiom] hast) lost, lying, overthrow, overwhelm, perish, present(-ed, -ing), (make to) rot, slay, smite out, [idiom] surely, throw down 12 וְאַדְמָתְךָ֖ H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land 13 בַּחֶ֣בֶל H2256 snoer, koorden, landstreek band, coast, company, cord, country, destruction, line, lot, pain, pang, portion, region, rope, snare, sorrow, tackling 14 תְּחֻלָּ֑ק H2505 delen, uitgedeeld, verdeeld deal, distribute, divide, flatter, give, (have, im-) part(-ner), take away a portion, receive, separate self, (be) smooth(-er) 15 וְאַתָּ֗ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 16 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 17 אֲדָמָ֤ה H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land 18 טְמֵאָה֙ H2931 onrein, onreine, onreins defiled, [phrase] infamous, polluted(-tion), unclean 19 תָּמ֔וּת H4191 sterven, stierf, gedood [idiom] at all, [idiom] crying, (be) dead (body, man, one), (put to, worthy of) death, destroy(-er), (cause to, be like to, must) die, kill, necro(-mancer), [idiom] must needs, slay, [idiom] surely, [idiom] very suddenly, [idiom] in (no) wise 20 וְיִ֨שְׂרָאֵ֔ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 21 גָּלֹ֥ה H1540 gevankelijk, ontdekken, ontdekt [phrase] advertise, appear, bewray, bring, (carry, lead, go) captive (into captivity), depart, disclose, discover, exile, be gone, open, [idiom] plainly, publish, remove, reveal, [idiom] shamelessly, shew, [idiom] surely, tell, uncover 22 יִגְלֶ֖ה H1540 gevankelijk, ontdekken, ontdekt [phrase] advertise, appear, bewray, bring, (carry, lead, go) captive (into captivity), depart, disclose, discover, exile, be gone, open, [idiom] plainly, publish, remove, reveal, [idiom] shamelessly, shew, [idiom] surely, tell, uncover 23 מֵעַ֥ל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 24 אַדְמָתֽוֹ H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Amos 7:1 Joël 1:4 Amos 8:1 Amos 4:9 Jeremia 1:11 Exodus 10:12 Amos 7:4 Jesaja 33:4 Zacharia 1:20
Amos 7:2 Exodus 10:15 Jesaja 37:4 Ezechiël 11:13 Jeremia 14:20 Jeremia 14:7 Ezechiël 9:8 Jeremia 42:2 Openbaring 9:4
Amos 7:3 Deuteronomium 32:36 Jona 3:10 Hosea 11:8 Joël 2:14 Psalmen 106:45 Amos 7:6 Jeremia 26:19 Jakobus 5:16
Amos 7:4 Jesaja 66:15 Amos 7:1 Micha 1:4 Amos 5:6 Leviticus 10:2 Hebreeën 1:7 Amos 7:7 Amos 1:7
Amos 7:5 Psalmen 85:4 Amos 7:2 Jeremia 30:19 Jesaja 1:9 Joël 2:17 Jesaja 10:25
Amos 7:6 Psalmen 135:14 Richteren 10:16 Richteren 2:18 Jona 4:2 Psalmen 90:13 Jona 3:10 Amos 7:3 Jeremia 26:19
Amos 7:7 2 Koningen 21:13 Zacharia 2:1 2 Samuël 8:2 Ezechiël 40:3 Openbaring 21:15 Jesaja 34:11 Openbaring 11:1 Jesaja 28:17
Amos 7:8 Amos 8:2 Ezechiël 7:2 Jeremia 15:6 Klaagliederen 2:8 Jesaja 28:17 Nahum 1:8 2 Koningen 21:13 Jeremia 1:11
Amos 7:9 2 Koningen 15:8 Genesis 46:1 Genesis 26:23 Jesaja 63:18 Amos 8:14 Amos 5:5 Amos 3:14 Leviticus 26:30
Amos 7:10 Jeremia 38:4 1 Koningen 12:31 2 Koningen 14:23 Jeremia 26:8 1 Koningen 13:33 Genesis 37:8 1 Koningen 18:17 Jeremia 37:13
Amos 7:11 2 Koningen 17:6 Amos 7:9 Jeremia 26:9 Handelingen 6:14 Amos 6:7 Psalmen 56:5 Jeremia 28:10 Mattheüs 26:61
Amos 7:12 Mattheüs 8:34 1 Samuël 9:9 Lukas 13:31 2 Kronieken 16:10 1 Korinthe 2:14 1 Samuël 2:36 Handelingen 16:39 Jesaja 56:11
Amos 7:13 1 Koningen 12:32 Amos 2:12 1 Koningen 12:29 1 Koningen 13:1 Handelingen 4:17 Handelingen 5:28 Handelingen 5:40
Amos 7:14 Amos 1:1 2 Koningen 4:38 2 Koningen 2:5 2 Kronieken 19:2 1 Koningen 20:35 Zacharia 13:5 2 Koningen 2:3 2 Kronieken 20:34
Amos 7:15 Ezechiël 2:3 2 Samuël 7:8 Jeremia 1:7 Psalmen 78:70 Mattheüs 4:18 Lukas 24:46 Handelingen 1:8 Handelingen 5:20
Amos 7:16 Ezechiël 20:46 Micha 2:6 Ezechiël 21:2 Amos 7:13 Deuteronomium 32:2 Jeremia 28:15 1 Koningen 22:19 Jesaja 30:10
Amos 7:17 2 Koningen 17:6 Hosea 9:3 Jeremia 28:16 Hosea 4:13 Ezechiël 4:13 Jeremia 29:31 Amos 7:11 Jeremia 29:21
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Amos 7 vers 1

zien; Dat is, openbaarde mij dit volgende gezicht. Zie Jer. 24:1 .

Hertaald: zien; Dat is: openbaarde mij het volgende gezicht. Zie Jer. 24:1.

Hij formeerde De Heere.

Hertaald: Hij formeerde Namelijk de HEERE.

sprinkhanen, betekenende een grote aanstaanden hongersnood, vermits het verderf der landvruchten door ongedierte, gelijk Joël 1:4 , enz. of, [gelijk sommigen] den overval der Assyriërs, die alles, als wilde sprinkhanen, zouden bederven, zo God het niet verhoedde.

Hertaald: sprinkhanen, Die een grote naderende hongersnood aanduiden, doordat de veldvruchten door ongedierte verwoest worden, zoals Joël 1:4, enzovoort. Volgens sommigen: de inval van de Assyriërs, die alles als wilde sprinkhanen zouden verwoesten wanneer God het niet verhinderde.

afmaaiingen Dat is, nadat de koning had laten maaien, misschien tot voeder voor zijne paarden, of omdat de eerste maaiing hem mag hebben toebehoord. Hebr. scheringen; maar het Hebr. woord wordt alzo van afgemaaid gras ook gebruikt; Ps. 72:6 .

Hertaald: afmaaiingen Dat is: nadat de koning had laten maaien, misschien als voer voor zijn paarden, of omdat de eerste snede hem toekwam. Hebreeuws: scheringen; maar het Hebreeuwse woord wordt ook voor afgemaaid gras gebruikt, Ps. 72:6.

Amos 7 vers 2

zij het kruid des lands Hebr. hij, te weten, de sprinkhaan, dat is, de voorzeide sprinkhanen.

Hertaald: zij het kruid des lands Hebreeuws: hij, namelijk de sprinkhaan, dat is: de genoemde sprinkhanen.

geheel zouden hebben afgegeten, Hebr. geëindigd, of volbracht zou hebben af te eten. Anders: als zij het gans afgegeten hadden.

Hertaald: geheel zouden hebben afgegeten, Hebreeuws: geëindigd of volbracht zou hebben af te eten. Anders: toen zij het geheel afgegeten hadden.

vergeef toch; Te weten, de zonden van het volk, en houd op van deze straf, of ga zo niet voort te plagen.

Hertaald: vergeef toch; Namelijk de zonden van het volk, en houd op met deze straf, of ga niet zo voort met plagen.

Jakob De Israëlieten, Jakobs nakomelingen.

Hertaald: Jakob De Israëlieten, de nakomelingen van Jakob.

blijven staan; Dat is, overblijven, in het leven kunnen blijven, wanneer het land van vruchten gans zou beroofd zijn? Anders: hoedanig [dat is, in wat staat] zou Jakob [dan] staan? Wie zou hij dan wezen? Hoe zou hij er uitzein; of, hoe zou hij kunnen opstaan, weder rijzen? Zie vs.5.

Hertaald: blijven staan; Dat is: overblijven, in leven kunnen blijven wanneer het land geheel van zijn vruchten beroofd zou zijn? Anders: hoe zou Jakob er dan aan toe zijn? Wie zou hij dan zijn, hoe zou hij eruitzien? Of: hoe zou hij weer kunnen opstaan? Zie vers 5.

klein Of, gering; dat is, daar is, of zijn, weinig overig.

Hertaald: klein Of: gering; dat is: er is weinig van over.

Amos 7 vers 3

berouwde zulks den HEERE; Zie Gen. 6:6 .

Hertaald: berouwde zulks den HEERE; Zie Gen. 6:6.

geschieden, Te weten, dat zij het alles afeten.

Hertaald: geschieden, Namelijk dat zij alles zouden afeten.

Amos 7 vers 4

twisten Of, pleiten, rechten; en vervolgens straffen. Zie Hos. 4:1 , met de aantekening.

Hertaald: twisten Of: pleiten, rechten, en vervolgens straffen. Zie Hos. 4:1 met de aantekening.

vuur; Van krijg en oorlog, gelijk in Am. 1:4 , Am. 1:7 , Am. 1:10 . Sommigen verstaan het naar de letter van een hemelsen brand, gelijk Sodom en Gomorra overkwam, of anderen gemenen brand, of grote droogte. Zie Joël 1:19 , met de aantekening.

Hertaald: vuur; Het vuur van krijg en oorlog, zoals Amos 1:4, Amos 1:7, Amos 1:10. Sommigen verstaan het letterlijk van een hemelse brand, zoals Sodom en Gomorra overkwam, of van een gewone brand of een grote droogte. Zie Joël 1:19 met de aantekening.

groten afgrond, Dat is, diepte van wateren; waarvan Syrië verwoest door Tiglath-Pilezer, 2 Kon. 16:9 , en door het stuk land een gedeelte van Israël, in Gilead, over de Jordaan. Zie 2 Kon. 15:29 ; 1 Kron. 5:26 .

Hertaald: groten afgrond, Dat is: een diepte van wateren; daarmee wordt Syrië bedoeld, dat door Tiglath-Pileser verwoest is (2 Kon. 16:9), en met het stuk land een deel van Israël in Gilead, aan de overzijde van de Jordaan. Zie 2 Kon. 15:29; 1 Kron. 5:26.

Amos 7 vers 6

geschieden, Dat het ganse land op ditmaal zou verteerd worden door het vuur.

Hertaald: geschieden, Namelijk dat het hele land dit keer door het vuur verteerd zou worden.

Amos 7 vers 7

die naar het paslood gemaakt was, Hebr. een muur des pasloods; dat is, die naar het richtsnoer wel gemaakt was. Waardoor men [met sommigen] kan verstaan de republiek van Israël, die God door zijn heilige wetten en zijn genadigen zegen wel en heerlijk gesticht en gebouwd had; en door het paslood, dat God ni in zijne hand had, zijn streng en rechtvaardig oordeel, dat Hij na langdurige verdraagzaamheid en verschoning [waarvan in het voorgaande] over Israël wilde uitvoeren; omdat zij alles omgekeerd en geschonden hadden, gelijk in Am. 6:12 , enz. Verg. Am. 8:2 .

Hertaald: die naar het paslood gemaakt was, Hebreeuws: een muur van het paslood; dat is: een muur die naar het richtsnoer goed gebouwd was. Daaronder kan men met sommigen de staat van Israël verstaan, die God door Zijn heilige wetten en Zijn genadige zegen goed en heerlijk gesticht en gebouwd had; en onder het paslood dat God nu in Zijn hand had, Zijn strenge en rechtvaardige oordeel, dat Hij na langdurige verdraagzaamheid en sparen — waarover het voorgaande — over Israël wilde uitvoeren, omdat zij alles omgekeerd en geschonden hadden, zoals Amos 6:12, enzovoort. Vergelijk Amos 8:2.

paslood was in Zijn hand Het Hebr. woord wordt alleenlijk hier in deze beide verzen gevonden.

Hertaald: paslood was in Zijn hand Het Hebreeuwse woord komt alleen hier in deze twee verzen voor.

Amos 7 vers 8

paslood Van mijn rechtvaardig oordeel.

Hertaald: paslood Namelijk van Mijn rechtvaardige oordeel.

het Mijn volk.

Hertaald: het Namelijk Mijn volk.

voortaan Hebr. Ik zal niet meer voortgaan, of voortvaren voorbij, of over te gaan.

Hertaald: voortaan Hebreeuws: Ik zal niet meer voortgaan voorbij of over te gaan.

voorbijgaan Dat is, ongestraft laten overzien, verschonen, gelijk Ik tot nog toe gedaan heb. Verg. de manier van spreken met Spr. 19:11 ; Mi. 7:18 , en zie de aantekening aldaar. Alzo in Am. 8:2 .

Hertaald: voorbijgaan Dat is: ongestraft laten, door de vingers zien, sparen, zoals Ik tot nu toe gedaan heb. Vergelijk de manier van spreken met Spr. 19:11; Micha 7:18, en zie de aantekening daar. Zo ook Amos 8:2.

Amos 7 vers 9

Izaks hoogten Daar zij hunne voorvaders en het voorbeeld van hunne voorvaders Izak en Jakob, als welken aldaar in voortijden den waren God altaren opgericht en geofferd hadden. Zie Gen. 26:25 , en Gen. 35:7 .

Hertaald: Izaks hoogten Daar hielden zij zich aan het voorbeeld van hun voorvaders Izak en Jakob, die daar vroeger de ware God altaren opgericht en geofferd hadden. Zie Gen. 26:25 en Gen. 35:7.

heiligdommen verstoord worden; Afgodische tempels.

Hertaald: heiligdommen verstoord worden; Afgodische tempels.

Jeróbeams Die een zoon was van Joas, zie Am. 1:1 .

Hertaald: Jeróbeams Die een zoon van Joas was; zie Amos 1:1.

huis opstaan Zijn zoon Zacharia [die maar zes maanden regeerde] is van Sallum in het openbaar, in tegenwoordigheid van het volk verslagen, 2 Kon. 15:10 .

Hertaald: huis opstaan Zijn zoon Zacharia, die maar zes maanden regeerde, is door Sallum in het openbaar en in tegenwoordigheid van het volk verslagen, 2 Kon. 15:10.

zwaard Het is aanmerkelijk dat de profeet hier tegen het oordeel Gods niet meer antwoordt, gelijk hij in de twee voorgaande gezichten zijne voorbede had gedaan en was verhoord.

Hertaald: zwaard Het is opmerkelijk dat de profeet hier niet meer tegen Gods oordeel in antwoordt, terwijl hij bij de twee vorige gezichten wel voorbede gedaan had en verhoord was.

Amos 7 vers 10

Toen zond Amázia, Als de profeet deze gezichten het volk had voorgedragen.

Hertaald: Toen zond Amázia, Toen de profeet deze gezichten aan het volk voorgehouden had.

verbintenis tegen u gemaakt, Ennbehoort dienvolgens [wil hij zeggen] als een samenzweerder gestraft te worden; voorts ook als een opreormaker, omdat hij in het openbaar voor al het volk tegen u profeteert.

Hertaald: verbintenis tegen u gemaakt, En daarom behoort hij, wil hij zeggen, als een samenzweerder gestraft te worden; en bovendien als een oproermaker, omdat hij in het openbaar voor heel het volk tegen u profeteert.

verdragen Het volk [wil hij zeggen] zal tot oproer tegen u door hem verwekt worden. De staat van het land en het gezag des konings vereisen dan dat hierin voorzien worde. Hebr. vatten, houden.

Hertaald: verdragen Het volk, wil hij zeggen, zal door hem tot oproer tegen u aangezet worden. De toestand van het land en het gezag van de koning eisen dus dat hierin voorzien wordt. Hebreeuws: vatten, houden.

Amos 7 vers 11

Jeróbeam zal door het zwaard sterven, Amo had gesproken van Jerobeams huis, vs.3.

Hertaald: Jeróbeam zal door het zwaard sterven, Amos had gesproken over het huis van Jerobeam, vers 9.

voorzeker Hebr. gevankelijk weggevoerd wordende, gevankelijk worden weggevoerd.

Hertaald: voorzeker Hebreeuws: gevankelijk weggevoerd wordend gevankelijk weggevoerd worden.

Amos 7 vers 12

ziener Zie 1 Sam. 9:9 .

Hertaald: ziener Zie 1 Sam. 9:9.

vlied Hebr. vlied u, of voor u; het woordje u, of voor u, wordt gehouden als overtollig en dienende tot sieraad der spraak, anderzins moest met het hier nemen, voor u; dat is, tot uw best, om in geen lijden te komen. Verg. Gen. 12:1 ; Jer. 5:5 ; Mi. 1:11 , met de aantekening.

Hertaald: vlied Hebreeuws: vlied u, of: voor u. Het woordje u of voor u wordt beschouwd als overtollig en als versiering van de zin; anders zou men het hier moeten opvatten als: voor u, dat is: tot uw eigen bestwil, om niet in het lijden te komen. Vergelijk Gen. 12:1; Jer. 5:5; Micha 1:11 met de aantekening.

Juda, Waar Thekoa was gelegen, het vaderland van den profeet, zie Am. 1:1 .

Hertaald: Juda, Waar Thekoa lag, het vaderland van de profeet; zie Amos 1:1.

eet aldaar brood, Dat is, geneer, onderhoud u aldaar. Zie Gen. 3:19 .

Hertaald: eet aldaar brood, Dat is: verdien daar uw brood, onderhoud u daar. Zie Gen. 3:19.

Amos 7 vers 13

voortaan Hebr. niets toedoen, of voortvaren meer te profeteren.

Hertaald: voortaan Hebreeuws: niets toedoen of voortgaan meer te profeteren.

niet meer profeteren; Verg. Am. 2:12 .

Hertaald: niet meer profeteren; Vergelijk Amos 2:12.

heiligdom, Dat is, de plaats, die de koning voor zijn heiligdom houdt, daar hij zijn plechtigen godsdienst bij het gouden kalf verricht, waartegen men hier geen profeteren mag lijden. Sommigen verstaan hierdoor den koning Melech, of Molech, den groten afgod en koning van Israël; zie Am. 5:26 .

Hertaald: heiligdom, Dat is: de plaats die de koning voor zijn heiligdom houdt, waar hij zijn plechtige godsdienst bij het gouden kalf verricht en waar men geen profeteren tegen die dienst mag dulden. Sommigen verstaan hieronder de koning Melech of Molech, de grote afgod en koning van Israël; zie Amos 5:26.

huis des koninkrijks Dit kan men verstaan van een koninklijk hof, dat de koning ongetwijfeld te Bethel mede gehad heeft, als hij daar woonde, om zijn afgoderij te plegen: of van de plaats waar het opperste recht en de koniklijke rijksraad geweest zijn; of men kan het alzo verstaan, dat gans Israël hier in den afgodischen tempel [huis voor tempel ] gewoon was te komen, enz.; zulks dat het, naar zijnen zin, voor Amos niet alleen niet veilig, maar ook zulke profetieën aldaar gans onlijdelijk waren.

Hertaald: huis des koninkrijks Dit kan men verstaan van een koninklijk hof dat de koning ongetwijfeld ook in Bethel gehad heeft, wanneer hij daar verbleef om zijn afgoderij te bedrijven; of van de plaats waar het hoogste gerechtshof en de koninklijke rijksraad zetelden. Of men kan het zo opvatten dat heel Israël hier in de afgodische tempel — huis in de betekenis van tempel — placht samen te komen, zodat het naar zijn oordeel voor Amos niet alleen niet veilig was, maar zulke profetieën daar ook volstrekt ondraaglijk waren.

Amos 7 vers 14

ossenherder, Het Hebr. woord komt, naar sommiger gevoelen, van een ander, dat runderen, ossen, of groot vee betekent. Verg. Am. 1:1 . Anders: maar ik zocht en las af wilde vijgen; alzo het Hebr. woord eigenlijk zoeken betekent, en in het volgende vers staat dat hij achter het kleinvee of de schapen ging.

Hertaald: ossenherder, Het Hebreeuwse woord komt volgens sommigen van een ander woord dat runderen, ossen of grootvee betekent. Vergelijk Amos 1:1. Anders: maar ik zocht en las wilde vijgen, aangezien het Hebreeuwse woord eigenlijk zoeken betekent en in het volgende vers staat dat hij achter het kleinvee liep.

las Het Hebr. woord wordt alleenlijk hier gevonden. Versta, òf voor zichzelven tot spijs, òf voor de beesten tot voedsel.

Hertaald: las Het Hebreeuwse woord komt alleen hier voor. Versta: hetzij voor zichzelf tot voedsel, hetzij voor de dieren als voer.

wilde vijgen af Of, vijgmoerbeziën. Zulke bomen waren er bij menigte in Kanaän. Zie 1 Kon. 10:27 ; Jes. 9:9 .

Hertaald: wilde vijgen af Of: vijgmoerbeien. Zulke bomen waren er in Kanaän in menigte. Zie 1 Kon. 10:27; Jes. 9:9.

Amos 7 vers 15

kudde; Het Hebr. woord wordt eiegelijk van kleinvee gebruikt, maar is hier breder genomen.

Hertaald: kudde; Het Hebreeuwse woord wordt eigenlijk voor kleinvee gebruikt, maar is hier ruimer genomen.

HEERE Dien ik meer moet gehoorzamen dan mensen. Verg. Hand. 4:19 . Hieruit leiden sommigen af dat Amos niet is gevlucht. De Joden menen dat de koning Jerobeam de aanklacht van Amazia niet heeft aangenomen, maar de profeet laten begaan.

Hertaald: HEERE Die ik meer moet gehoorzamen dan de mensen. Vergelijk Hand. 4:19. Hieruit leiden sommigen af dat Amos niet gevlucht is. De Joden menen dat koning Jerobeam de aanklacht van Amazia niet aangenomen heeft, maar de profeet zijn gang heeft laten gaan.

Amos 7 vers 16

druppen tegen het huis van Izak Zie Deut. 32:2 ; Ezech. 21:2 , met de aantekening.

Hertaald: druppen tegen het huis van Izak Zie Deut. 32:2; Ezech. 21:2 met de aantekening.

Amos 7 vers 17

hoereren, Dat is, òf zij zal zachtmoedigen tot hoererij begeven, òf als ene hoer van den vijand misbruikt worden.

Hertaald: hoereren, Dat is: óf zij zal zich uit eigen beweging aan hoererij overgeven, óf zij zal als een hoer door de vijand misbruikt worden.

snoer uitgedeeld worden; Te weten, voor anderen. Zie Deut. 3:4 , en Ps. 16:5 .

Hertaald: snoer uitgedeeld worden; Namelijk aan anderen. Zie Deut. 3:4 en Ps. 16:5.

onrein land sterven, Het afgodisch Assyrië.

Hertaald: onrein land sterven, Namelijk het afgodische Assyrië.

voorzeker Gelijk in vs.11.

Hertaald: voorzeker Zoals vers 11.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Amos  — lastdrager

Een veehoeder en vijgenkweker uit Thekoa in Juda, die door de HEERE geroepen werd om in Israël te profeteren, in de dagen van Uzzia van Juda en Jerobeam II van Israël. Hij kondigde oordeel aan over de omliggende volken en vooral over Israël, vanwege sociale onrechtvaardigheid en valse godsdienst, en werd door de priester Amazia uit Beth-El weggejaagd (Amos 1-9).

Amazia (priester van Beth-El)  — de HEERE is sterkte

De priester van het gouden kalf-heiligdom te Beth-El, die Amos bij koning Jerobeam II aanklaagde wegens samenzwering en hem gebood naar Juda te vluchten en daar te profeteren; Amos kondigde hem daarop persoonlijk oordeel aan (Amos 7:10-17). Niet te verwarren met koning Amazia van Juda.

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Toen berouwde zulks den HEERE  — twee gezichten die door Amos' voorbede worden afgewend (Amos 7:1-6)

Het eerste gezicht: "Hij formeerde sprinkhanen, in het begin des opkomens van het nagras" (Amos 7:1). Toen de sprinkhanen het kruid van het land dreigden op te eten, bad Amos: "Heere HEERE! vergeef toch; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!" (Amos 7:2). Het antwoord: "Toen berouwde zulks den HEERE; het zal niet geschieden, zeide de HEERE" (Amos 7:3). Het tweede gezicht herhaalt hetzelfde patroon met vuur: de HEERE riep uit dat Hij wilde twisten met vuur, en het verteerde een grote afgrond (Amos 7:4). Amos bidt opnieuw met dezelfde woorden (Amos 7:5), en weer volgt: "Toen berouwde zulks den HEERE. Ook dit zal niet geschieden" (Amos 7:6).

Bijbelse betekenis: Merk op de herhaling in deze twee gezichten: hetzelfde gebed, met dezelfde woorden, en hetzelfde antwoord. Amos vraagt niet om vergeving voor de zonde zelf, maar om verschoning van het oordeel, met als enige grond: "hij is klein." Let vervolgens op wat er over Gods berouw gezegd wordt. Dat woord is elders in het register al onderzocht (reeds behandeld bij Jer. 18:7-8): het gaat niet om spijt over een fout, maar om een verandering in Zijn handelen in antwoord op wat Hem wordt voorgelegd. Let ten slotte op wat er hierna verandert. Bij het derde en vierde gezicht (Amos 7:7-9 en 8:1-3) blijft dat berouw uit; de voorbede van de profeet heeft twee keer gewerkt, maar niet blijvend.

Typologie: Wat hier bij Amos gebeurt, gebeurde eerder bij Mozes na het gouden kalf, en later bij Ninevé: God zag hun werken, "en het berouwde God over het kwaad, dat Hij gesproken had hun te zullen doen, en Hij deed het niet" (Jona 3:10, reeds behandeld).

Amos 7:1-6; Jer. 18:7-8; Jona 3:10

Het paslood in het midden van Mijn volk  — een derde gezicht waarin het berouw van de vorige twee uitblijft (Amos 7:7-9)

"De Heere stond op een muur, die naar het paslood gemaakt was, en een paslood was in Zijn hand" (Amos 7:7). Op de vraag wat Amos ziet, antwoordt hij: "Een paslood", en de HEERE zegt: "Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk Israel; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan" (Amos 7:8). Het gezicht sluit met een concreet vonnis over Jerobeams huis (Amos 7:9).

Bijbelse betekenis: Merk op het verschil met de twee vorige gezichten. Daar bad Amos, en God had berouw; hier bidt Amos niet, en er komt geen verschoning. Let vervolgens op het beeld van het paslood zelf. Een muur die naar het paslood gemaakt is, staat recht; het paslood meet enkel na wat er al gebouwd is. Zo wordt hier niet een nieuwe eis gesteld, maar vastgesteld hoe scheef het volk al staat ten opzichte van de maatstaf die er altijd al was. Let ten slotte op de zin: "Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan." Dezelfde woorden keren terug bij het vierde gezicht (Amos 8:2); vanaf hier is de weg naar uitstel afgesloten.

Typologie: Jesaja gebruikt hetzelfde beeld van het meten wanneer hij aankondigt dat God "een richtsnoer der woestigheid" en "een richtlood der ledigheid" over Edom zal trekken (reeds behandeld bij Jes. 34:11). Een rechte maatstaf oordeelt niet naar willekeur, maar naar wat er werkelijk staat.

Amos 7:7-9; Jes. 34:11

Ik was geen profeet, en ik was geen profetenzoon  — de botsing met de priester Amazia, en de roeping die Amos daarbij noemt (Amos 7:10-17)

Amazia, priester te Beth-El, klaagt Amos aan bij koning Jerobeam en zegt tot Amos zelf: "Gij ziener! ga weg, vlied in het land van Juda, en eet aldaar brood, en profeteer aldaar" (Amos 7:12). Hij voegt eraan toe: "Maar te Beth-El zult gij voortaan niet meer profeteren; want dat is des konings heiligdom" (Amos 7:13). Amos antwoordt met zijn eigen geschiedenis: "Ik was geen profeet, en ik was geen profetenzoon; maar ik was een ossenherder, en las wilde vijgen af" (Amos 7:14). "Maar de HEERE nam mij van achter de kudde; en de HEERE zeide tot mij: Ga henen, profeteer tot Mijn volk Israel" (Amos 7:15). Dan volgt een persoonlijk vonnis over Amazia zelf (Amos 7:17).

Bijbelse betekenis: Merk op wat Amazia's bezwaar werkelijk is: niet dat Amos onwaarheid spreekt, maar dat hij op de verkeerde plaats spreekt — "des konings heiligdom." De boodschap wordt niet inhoudelijk bestreden, maar weggestuurd. Let vervolgens op Amos' antwoord. Hij beroept zich niet op een opleiding of een ambt — hij had geen van beide — maar alleen op een roeping: de HEERE nam mij. Wat hem het recht geeft te spreken, is niet zijn afkomst maar Zijn zending. Let ten slotte op het persoonlijke vonnis in Amos 7:17. Wie een boodschapper het zwijgen wil opleggen, ontloopt daarmee de boodschap zelf niet.

Typologie: Paulus spreekt in dezelfde toon over zijn eigen roeping: "de nood is mij opgelegd. En wee mij, indien ik het Evangelie niet verkondig!" (1 Kor. 9:16). En Jeremia hoorde al vóór zijn geboorte: "Ik heb u den volken tot een profeet gesteld" (reeds behandeld bij Jer. 1:5).

Amos 7:10-17; 1 Kor. 9:16; Jer. 1:5

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Profeet, priester en koning niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding ambt

Ik was een ossenherder, en las wilde vijgen af — 7:1-17

Amos komt uit Juda en spreekt in het noordelijke rijk, in de jaren voordat Assyrië komt. Hij is geen tempelman en geen hoveling. Hij is een veehouder uit Tekoa die ook vijgen kweekt, en hij zegt dingen die aan het hof van Bethel niet gehoord willen worden.

Een boer die geen profeet was, wordt weggehaald van achter zijn kudde, pleit tweemaal met succes voor het volk, en wordt daarna het land uitgestuurd.

Het hoofdstuk bestaat uit drie gezichten en één botsing, en die vier stukken horen bij elkaar.

In het eerste gezicht ziet Amos sprinkhanen die het gewas kaalvreten, en hij doet iets wat een profeet zelden doet: hij onderbreekt het gezicht met een gebed. “Heere HEERE! vergeef toch; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein!” Hij pleit niet op de deugd van het volk maar op zijn kleinheid. En dan staat er: “Toen berouwde zulks den HEERE; het zal niet geschieden, zeide de HEERE.” Bij het tweede gezicht, een vuur dat het land verteert, gebeurt precies hetzelfde.

Bij het derde gezicht houdt Amos zijn mond, en dat is het aangrijpendste van het hoofdstuk. Hij ziet de Heere staan op een muur die naar het paslood gemaakt was, met een paslood in Zijn hand. Een paslood is een simpel gereedschap: een gewicht aan een touw dat aanwijst of een muur recht staat. Het maakt niets krom en het buigt niets recht; het meet alleen. En God zegt: “Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk Israël; Ik zal het voortaan niet meer voorbijgaan.” Tegen een meetlat valt niet te pleiten.

En dan komt Amazia, de priester van Bethel. Hij stuurt naar de koning met de mededeling dat het land Amos' woorden niet verdragen kan, en hij raadt Amos aan in Juda zijn brood te gaan verdienen. Zijn argument is dat Bethel het heiligdom van de koning is.

Het antwoord van Amos is dat van dit hele hoofdstuk: “Ik was geen profeet, en ik was geen profetenzoon; maar ik was een ossenherder, en las wilde vijgen af. Maar de HEERE nam mij van achter de kudde; en de HEERE zeide tot mij: Ga henen, profeteer tot Mijn volk Israël.” Hij verdedigt zich niet met een opleiding of een aanstelling. Hij zegt: ik heb hier niet om gevraagd, en ik ben hier niet zelf begonnen.

Daar raakt dit hoofdstuk de lijn van de ambten. Wie namens God spreekt, is niet iemand die het beroep gekozen heeft. Bij de roeping van David staat er dat God hem nam van achter de zogende schapen, en Amos gebruikt bijna hetzelfde woord. En wanneer Christus Zijn eerste discipelen roept, staan zij bij hun netten en hun boot; Hij vraagt hun niet of zij ervoor geleerd hebben.

En er is nog een tweede lijn, die van de voorbede. Tweemaal staat er in dit hoofdstuk een mens tussen God en het oordeel in, en tweemaal wordt zijn gebed gehoord. Maar bij het paslood houdt het op. Wat Amos niet meer kon, is later gedaan door Iemand Die niet alleen bad maar ook de meetlat verdroeg.

  1. Amos 7:2-3 — Amos onderbreekt het gezicht met een gebed, en God ziet ervan af.
  2. Amos 7:7-8 — Bij het paslood zwijgt hij: tegen een meetlat valt niet te pleiten.
  3. Amos 7:12-13 — De priester van Bethel stuurt hem weg; het is het heiligdom van de koning.
  4. Amos 7:14-15 — Ik was geen profeet; de HEERE nam mij van achter de kudde.
  5. 2 Samuël 7:8 — Zo werd David ook genomen, van achter de schapen.
  6. Hebreeën 7:25 — Hij leeft altijd om voor hen te bidden, en kan volkomen zalig maken.

In het Nieuwe Testament: Mattheüs 4:18-22; 1 Korinthe 1:26-29; Hebreeën 7:25; Handelingen 4:13; 2 Samuël 7:8

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament haalt Amos 7 niet aan. Wat hier gelegd wordt rust op wat Amos zelf zegt: hij was geen profeet en geen profetenzoon, en de HEERE nam hem van achter de kudde. Dat God ook elders zo roept, blijkt uit 2 Samuël 7:8 en uit de roeping van de discipelen. De verbinding met de voorbede van Christus berust op de overeenkomst en niet op een aanhaling. En het paslood is in het hoofdstuk zelf een beeld van het oordeel, niet van Christus.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Amos 7

Amos 7:1-3.KruisverwijzingenJoël 1:4Deuteronomium 32:36Amos 8:1Exodus 10:15Jesaja 37:4Ezechiël 11:13Jona 3:10Hosea 11:8
— De Heere HEERE deed mij aldus zien; en ziet, Hij formeerde sprinkhanen, in het begin des opkomens van het nagras; en ziet, het was het nagras, na des konings afmaaiingen. En het geschiedde, als zij het kruid des lands geheel zouden hebben afgegeten, dat ik zeide: Heere HEERE! vergeef toch; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein! Toen berouwde zulks den HEERE; het zal niet geschieden, zeide de HEERE.
In een gezicht zag de profeet de sprinkhanen komen om alle groen van het land te verslinden — een zeer verschrikkelijke bezoeking. Hebt u het nooit gezien, dan kunt u zich niet voorstellen hoe volkomen kaal alles gemaakt wordt na het bezoek van de sprinkhanen.

De profeet bad een hevig en ernstig gebed; hij riep: Heere HEERE, vergeef toch! En nauwelijks was die voorbede gedaan of de HEERE zei: het zal niet geschieden. Zo werd het dreigende oordeel afgewend.

Amos 7:4-6.KruisverwijzingenJesaja 66:15Amos 7:1Psalmen 85:4Micha 1:4Amos 5:6Leviticus 10:2Hebreeën 1:7Amos 7:7
— Wijders deed mij de Heere HEERE aldus zien; en ziet, de Heere HEERE riep uit, dat Hij wilde twisten met vuur; en het verteerde een groten afgrond, ook verteerde het een stuk lands. Toen zeide ik: Heere HEERE! houd toch op; wie zou er van Jakob blijven staan; want hij is klein! Toen berouwde zulks den HEERE. Ook dit zal niet geschieden, zeide de Heere HEERE.
Ditmaal zag de profeet het vuur dat het land verteerde — misschien het vuur van de oorlog, dat zijn brandende fakkel op vreedzame woningen werpt. Maar dit vuur was iets ergers dan dat, want zelfs de afgrond zelf leek door tongen van vlammen opgelikt te worden.

En de profeet, in hartelijk meegevoel met het verdrukte volk, riep opnieuw zoals hij eerder gedaan had. En het antwoord kwam: ook dit zal niet geschieden, zegt de Heere HEERE. Dit moest u die de gedenkers van de Koning bent aanmoedigen om gebruik te maken van de plaats waarin Zijn genade u gesteld heeft. Roep ernstig tot Hem dat Hij Zijn toornige hand afwendt en Zich over zondaars ontfermt. God geve dat velen van ons zo’n voorbiddende geest mogen hebben als Amos, de veeherder-profeet!

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content