Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

2 Thessalonicenzen 2

1 En wij bidden u, broeders, door de toekomst van onzen Heere Jezus Christus, en onze toevergadering tot Hem,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 En wij biddenG2065 uG4771, broedersG80, door de toekomstG3952 van onzen HeereG2962 JezusG2424 ChristusG5547, en onze toevergaderingG1997 totG1909 HemG846, En wij bidden u, broeders, door de toekomst van onzen Heere Jezus Christus, en onze toevergadering tot Hem,

KJV Now2 we beseech1 you, brethren,4 by5 the coming7 of our Lord9 Jesus11 Christ,12 and13 by our gathering together15 unto16 him,17

1 ερωτωμεν G2065 baden, bid, bad ask, beseech, desire, intreat, pray 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 4 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 5 υπερ G5228 voor, ten behoeve van; boven, meer dan (+ exceeding, abundantly) above, in (on) behalf of, beyond, by, + very chiefest, concerning, exceeding (above, -ly), for, + very highly, more (than), of, over, on the part of, for sake of, in stead, than, to(-ward), very 6 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 παρουσιας G3952 toekomst, tegenwoordigheid, komst coming, presence 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 10 ημων G1473 mij, ik I, me 11 ιησου G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 12 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ημων G1473 mij, ik I, me 15 επισυναγωγης G1997 onderlinge bijeenkomst, toevergadering assembling (gathering) together 16 επ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 17 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Dat gij niet haastelijk bewogen wordt van verstand, of verschrikt, noch door geest, noch door woord, noch door zendbrief, als van ons geschreven, alsof de dag van Christus aanstaande ware.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 DatG3754 gijG4771 nietG3361 haastelijkG5030 bewogenG4531 wordt vanG575 verstandG3563, of verschriktG2360, noch doorG1223 geestG4151, noch doorG1223 woordG3056, noch doorG1223 zendbriefG1992, als van ons geschreven, alsofG5613 de dagG2250 van ChristusG5547 aanstaandeG1764 ware. Dat gij niet haastelijk bewogen wordt van verstand, of verschrikt, noch door geest, noch door woord, noch door zendbrief, als van ons geschreven, alsof de dag van Christus aanstaande ware.

KJV That1 ye be5 ➔ not3 soon4 shaken in7 mind,9 or10 be troubled,11 neither12 by13 spirit,14 nor15 by16 word,17 nor18 by19 letter20 as21 from22 us, as24 that25 the day28 of Christ30 is at hand.26

1 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 2 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 4 ταχεως G5030 haastelijk, haast hastily, quickly, shortly, soon, suddenly 5 σαλευθηναι G4531 bewogen, bewegelijk, bewegelijke move, shake (together), which can(-not) be shaken, stir up 6 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 7 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 νοος G3563 verstand, zin, gemoeds mind, understanding 10 μητε G3383 noch, en niet neither, (n-)or, so as much 11 θροεισθαι G2360 verschrikt trouble 12 μητε G3383 noch, en niet neither, (n-)or, so as much 13 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 14 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 15 μητε G3383 noch, en niet neither, (n-)or, so as much 16 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 17 λογου G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 18 μητε G3383 noch, en niet neither, (n-)or, so as much 19 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 20 επιστολης G1992 brief, zendbrief, brieven "epistle," letter 21 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 22 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 23 ημων G1473 mij, ik I, me 24 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 25 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 26 ενεστηκεν G1764 tegenwoordige, aanstaande, aanstaanden come, be at hand, present 27 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 29 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 30 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Dat u niemand verleide op enigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Dat uG4771 niemandG3361 verleideG1818 opG2596 enigerleiG3367 wijzeG5158; wantG3754 die komt niet, tenzijG3362 dat eerstG4412 de afvalG646 gekomen zij, enG2532 dat geopenbaardG601 zij de mensG444 der zondeG266, de zoonG5207 des verderfsG684; Dat u niemand verleide op enigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs;

KJV Let4 ➔ no1 man2 deceive you by5 any6 means:7 for8 that day shall not come, except there come11 a falling away13 first,14 and15 that man18 of sin20 be revealed,16 the son22 of perdition;24

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 3 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 4 εξαπατηση G1818 bedriege, bedrogen, verleid beguile, deceive 5 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 6 μηδενα G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 7 τροπον G5158 wijze, gelijkerwijs, Gelijkerwijs (even) as, conversation, (+ like) manner, (+ by any) means, way 8 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 9 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 10 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 11 ελθη G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 12 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αποστασια G646 afval, afvallen falling away, forsake 14 πρωτον G4412 eerst, eerste, Eerstelijk before, at the beginning, chiefly (at, at the) first (of all) 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 αποκαλυφθη G601 geopenbaard, openbaren, ontdekt reveal 17 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 αμαρτιας G266 zonde, zonden, zondigen offence, sin(-ful) 21 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 23 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 απωλειας G684 verderf, verderve, verderfs damnable(-nation), destruction, die, perdition, X perish, pernicious ways, waste

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Die zich tegenstelt, en verheft boven al wat God genaamd, of als God geeerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende, dat hij God is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Die zich tegensteltG480, enG2532 verheftG5229 boven alG3956 wat GodG2316 genaamdG3004, ofG2228 als GodG2316 geeerdG4574 wordt, alzo dat hijG846 inG1519 den tempelG3485 GodsG2316 als een GodG2316 zal zittenG2523, zichzelvenG1438 vertonendeG584, dat hij God isG1510. Die zich tegenstelt, en verheft boven al wat God genaamd, of als God geeerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende, dat hij God is.

KJV Who1 opposeth2 and3 exalteth4 himself above5 all7 that is called8 God,14 or15 that is worshipped;16 so17 that he18 as24 God23 sitteth26 in19 the temple21 of God,25 shewing27 himself28 that29 he is God.31

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 αντικειμενος G480 staan, stelden, tegenstaan adversary, be contrary, oppose 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 υπεραιρομενος G5229 verheffen, verheft exalt self, be exalted above measure 5 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 7 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 8 λεγομενον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 παν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 λεγομενον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 14 θεον G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 15 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 16 σεβασμα G4574 geeerd, heiligdommen devotion, that is worshipped 17 ωστε G5620 zodat, daarom (insomuch) as, so that (then), (insomuch) that, therefore, to, wherefore 18 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 19 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 20 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 ναον G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 22 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 24 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 25 θεον G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 26 καθισαι G2523 gezeten, zitten, neder continue, set, sit (down), tarry 27 αποδεικνυντα G584 betoond, bewijzen, toon gesteld (ap-)prove, set forth, shew 28 εαυτον G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 29 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 30 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 31 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Gedenkt gij niet, dat ik, nog bij u zijnde, u deze dingen gezegd heb?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 GedenktG3421 gij nietG3756, dat ik, nog bijG4314 u zijnde, uG4771 dezeG3778 dingen gezegdG3004 heb? Gedenkt gij niet, dat ik, nog bij u zijnde, u deze dingen gezegd heb?

KJV Remember ye2 not,1 that,3 when I was yet4 with6 you, I told9 you these things?

1 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 μνημονευετε G3421 gedenkt, Gedenkt, Gedenk make mention; be mindful, remember 3 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 4 ετι G2089 nog, verder after that, also, ever, (any) further, (t-)henceforth (more), hereafter, (any) longer, (any) more(-one), now, still, yet 5 ων G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 7 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 8 ταυτα G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 9 ελεγον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En nu, wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 EnG2532 nu, wat hem wederhoudtG2722, weetG1492 gij, opdat hijG846 geopenbaardG601 worde te zijner eigenG1438 tijdG2540. En nu, wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd.

KJV And1 now2 ye know5 what withholdeth4 that6 he9 might be revealed8 in10 his12 time.13

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κατεχον G2722 behouden, behoudt, houden have, hold (fast), keep (in memory), let, X make toward, possess, retain, seize on, stay, take, withhold 5 οιδατε G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αποκαλυφθηναι G601 geopenbaard, openbaren, ontdekt reveal 9 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 11 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 εαυτου G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 13 καιρω G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 WantG1063 de verborgenheidG3466 der ongerechtigheidG458 wordt alredeG2235 gewrochtG1754; alleenlijk, Die hem nu wederhoudtG2722, Die zal hem wederhouden, totdat hij uitG1537 het middenG3319 zal weggedaan worden. Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden.

Ook in dit vers [weggedaan]G1096 [wederhouden]G2193

KJV For2 the mystery3 of iniquity7 doth5 ➔ already4 work: only8 he who now11 letteth10 will let, until12 he be taken15 out of13 the way.14

1 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 μυστηριον G3466 verborgenheid, verborgenheden, Verborgenheid mystery 4 ηδη G2235 alrede, Alrede already, (even) now (already), by this time 5 ενεργειται G1754 werkt, gewrocht, werken do, (be) effectual (fervent), be mighty in, shew forth self, work (effectually in) 6 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ανομιας G458 ongerechtigheid, ongerechtigheden, overtredingen iniquity, X transgress(-ion of) the law, unrighteousness 8 μονον G3440 alleen, slechts alone, but, only 9 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 κατεχων G2722 behouden, behoudt, houden have, hold (fast), keep (in memory), let, X make toward, possess, retain, seize on, stay, take, withhold 11 αρτι G737 nu, thans, terstond this day (hour), hence(-forth), here(-after), hither(-to), (even) now, (this) present 12 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 13 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 14 μεσου G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 15 γενηται G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 EnG2532 alsdanG5119 zal de ongerechtigeG459 geopenbaardG601 worden, denwelken de HeereG2962 verdoenG355 zal door den GeestG4151 Zijns mondsG4750, enG2532 te niet maken door de verschijningG2015 Zijner toekomstG3952; En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst;

KJV And1 then2 shall3 ➔ that Wicked5 be revealed, whom6 the Lord8 shall consume9 with the spirit11 of his14 mouth,13 and15 shall destroy16 with the brightness18 of his21 coming:20

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 3 αποκαλυφθησεται G601 geopenbaard, openbaren, ontdekt reveal 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 ανομος G459 wet, ongerechtige, onrechtvaardigen without law, lawless, transgressor, unlawful, wicked 6 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 7 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 9 αναλωσει G355 verdoen, verslinde, verteerd consume 10 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 πνευματι G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 στοματος G4750 mond, monde, monden edge, face, mouth 14 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 καταργησει G2673 tenietdoen, buiten werking stellen; vrijmaken abolish, cease, cumber, deliver, destroy, do away, become (make) of no (none, without) effect, fail, loose, bring (come) to nought, put away (down), vanish away, make void 17 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 επιφανεια G2015 verschijning appearing, brightness 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 παρουσιας G3952 toekomst, tegenwoordigheid, komst coming, presence 21 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Hem, zeg ik, wiens toekomst is naar de werking des satans, in alle kracht, en tekenen, en wonderen der leugen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Hem, zeg ik, wiens toekomstG3952 isG1510 naarG2596 de werkingG1753 des satansG4567, inG1722 alleG3956 krachtG1411, enG2532 tekenenG4592, enG2532 wonderenG5059 der leugenG5579; Hem, zeg ik, wiens toekomst is naar de werking des satans, in alle kracht, en tekenen, en wonderen der leugen;

KJV Even him, whose1 coming4 is after5 the working6 of Satan8 with9 all10 power11 and12 signs13 and14 lying16 wonders,15

1 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 παρουσια G3952 toekomst, tegenwoordigheid, komst coming, presence 5 κατ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 6 ενεργειαν G1753 werking, kracht operation, strong, (effectual) working 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 σατανα G4567 satan, satanas, satans Satan 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 παση G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 δυναμει G1411 kracht, krachten, vermogen ability, abundance, meaning, might(-ily, -y, -y deed), (worker of) miracle(-s), power, strength, violence, mighty (wonderful) work 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 σημειοις G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 τερασιν G5059 wonderen, wonderheden wonder 16 ψευδους G5579 leugen lie, lying
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En in alle verleiding der onrechtvaardigheid in degenen, die verloren gaan; daarvoor dat zij de liefde der waarheid niet aangenomen hebben, om zalig te worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 EnG2532 in alleG3956 verleidingG539 der onrechtvaardigheidG93 in degenen, die verlorenG622 gaan; daarvoor datG3739 zij de liefdeG26 der waarheidG225 nietG3756 aangenomenG1209 hebben, omG1519 zaligG846 te worden. En in alle verleiding der onrechtvaardigheid in degenen, die verloren gaan; daarvoor dat zij de liefde der waarheid niet aangenomen hebben, om zalig te worden.

KJV And1 with2 all3 deceivableness4 of unrighteousness6 in7 them that perish;9 because10 they received17 not16 the love13 of the truth,15 that18 they21 might be saved.20

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 παση G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 απατη G539 verleiding, bedriegerijen deceit(-ful, -fulness), deceivableness(-ving) 5 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αδικιας G93 ongerechtigheid, onrechtvaardigen, onrechtvaardigheid iniquity, unjust, unrighteousness, wrong 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 απολλυμενοις G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish 10 ανθ G473 in plaats van, voor, tegenover for, in the room of 11 ων G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αγαπην G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 14 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 αληθειας G225 waarheid, Waarheid, ware true, X truly, truth, verity 16 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 17 εδεξαντο G1209 ontvangen, ontvangt, aangenomen accept, receive, take 18 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 19 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 σωθηναι G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 21 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En daarom zal God hun zenden een kracht der dwaling, dat zij de leugen zouden geloven;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 EnG2532 daarom zal GodG2316 hunG846 zendenG3992 een krachtG1753 der dwalingG4106, datG3778 zijG846 de leugenG5579 zouden gelovenG4100; En daarom zal God hun zenden een kracht der dwaling, dat zij de leugen zouden geloven;

KJV And1 for this cause2 God7 shall send4 them5 strong8 delusion,9 that10 they13 should believe12 a lie:15

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 3 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 4 πεμψει G3992 gezonden, zenden, zond send, thrust in 5 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 8 ενεργειαν G1753 werking, kracht operation, strong, (effectual) working 9 πλανης G4106 dwaling, verleiding deceit, to deceive, delusion, error 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 πιστευσαι G4100 gelooft, geloven, geloofd believe(-r), commit (to trust), put in trust with 13 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ψευδει G5579 leugen lie, lying
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Opdat zij allen veroordeeld worden, die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welbehagen hebben gehad in de ongerechtigheid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 OpdatG2443 zij allenG3956 veroordeeldG2919 worden, die de waarheidG225 nietG3361 geloofdG4100 hebben, maarG235 een welbehagenG2106 hebben gehad inG1722 de ongerechtigheidG93. Opdat zij allen veroordeeld worden, die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welbehagen hebben gehad in de ongerechtigheid.

KJV That1 they all3 might be damned2 who4 believed6 not5 the truth,8 but9 had pleasure10 in11 unrighteousness.13

1 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 2 κριθωσιν G2919 oordeelt, geoordeeld, oordelen avenge, conclude, condemn, damn, decree, determine, esteem, judge, go to (sue at the) law, ordain, call in question, sentence to, think 3 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 πιστευσαντες G4100 gelooft, geloven, geloofd believe(-r), commit (to trust), put in trust with 7 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αληθεια G225 waarheid, Waarheid, ware true, X truly, truth, verity 9 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 10 ευδοκησαντες G2106 welbehagen, behaagd, behagen think good, (be well) please(-d), be the good (have, take) pleasure, be willing 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αδικια G93 ongerechtigheid, onrechtvaardigen, onrechtvaardigheid iniquity, unjust, unrighteousness, wrong
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Maar wij zijn schuldig altijd God te danken over u, broeders, die van den Heere bemind zijt, dat u God van den beginne verkoren heeft tot zaligheid, in heiligmaking des Geestes, en geloof der waarheid;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 MaarG1161 wij zijn schuldigG3784 altijdG3842 GodG2316 te dankenG2168 overG4012 uG4771, broedersG80, die van den HeereG2962 bemindG25 zijt, datG3754 uG4771 GodG2316 van den beginneG746 verkorenG138 heeft totG1519 zaligheidG4991, in heiligmakingG38 des GeestesG4151, en geloofG4102 der waarheidG225; Maar wij zijn schuldig altijd God te danken over u, broeders, die van den Heere bemind zijt, dat u God van den beginne verkoren heeft tot zaligheid, in heiligmaking des Geestes, en geloof der waarheid;

KJV But2 we are bound3 to give thanks4 alway7 to God6 for8 you, brethren10 beloved11 of12 the Lord,13 because14 God18 hath15 ➔ from19 the beginning20 chosen you to21 salvation22 through23 sanctification24 of the Spirit25 and26 belief27 of the truth:28

1 ημεις G1473 mij, ik I, me 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 οφειλομεν G3784 schuldig, moet, moeten behove, be bound, (be) debt(-or), (be) due(-ty), be guilty (indebted), (must) need(-s), ought, owe, should 4 ευχαριστειν G2168 gedankt, dank, danken (give) thank(-ful, -s) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θεω G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 παντοτε G3842 altijd, tijd, tijde alway(-s), ever(-more) 8 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 9 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 10 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 11 ηγαπημενοι G25 liefhebben, lief, liefgehad (be-)love(-ed) 12 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 13 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 14 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 15 ειλετο G138 Verkiezende, verkiezen, verkoren choose 16 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 17 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 19 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 20 αρχης G746 beginne, begin, overheden beginning, corner, (at the, the) first (estate), magistrate, power, principality, principle, rule 21 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 22 σωτηριαν G4991 zaligheid, verlossing, behoudenis deliver, health, salvation, save, saving 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 αγιασμω G38 heiligmaking holiness, sanctification 25 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 26 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 27 πιστει G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 28 αληθειας G225 waarheid, Waarheid, ware true, X truly, truth, verity
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Waartoe Hij u geroepen heeft door ons Evangelie, tot verkrijging der heerlijkheid van onzen Heere Jezus Christus.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 WaartoeG1519 Hij uG4771 geroepenG2564 heeft doorG1223 ons EvangelieG2098, tot verkrijgingG4047 der heerlijkheidG1391 van onzen HeereG2962 JezusG2424 ChristusG5547. Waartoe Hij u geroepen heeft door ons Evangelie, tot verkrijging der heerlijkheid van onzen Heere Jezus Christus.

KJV Whereunto1 he called3 you by5 our gospel,7 to9 the obtaining10 of the glory11 of our Lord13 Jesus15 Christ.16

1 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 2 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 εκαλεσεν G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 4 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 5 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 6 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ευαγγελιου G2098 Evangelie, Evangelies gospel 8 ημων G1473 mij, ik I, me 9 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 10 περιποιησιν G4047 verkrijging, Syrie, behouding obtain(-ing), peculiar, purchased, possession, saving 11 δοξης G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 14 ημων G1473 mij, ik I, me 15 ιησου G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 16 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Zo dan, broeders, staat vast en houdt de inzettingen, die u geleerd zijn, hetzij door ons woord, hetzij door onzen zendbrief.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Zo dan, broedersG80, staatG4739 vast enG2532 houdtG2902 de inzettingenG3862, dieG3739 u geleerdG1321 zijn, hetzij doorG1223 ons woordG3056, hetzij doorG1223 onzen zendbriefG1992. Zo dan, broeders, staat vast en houdt de inzettingen, die u geleerd zijn, hetzij door ons woord, hetzij door onzen zendbrief.

KJV Therefore,1 brethren,3 stand fast,4 and5 hold6 the traditions8 which9 ye have been taught,10 whether11 by12 word,13 or14 our epistle.16

1 αρα G686 dan, dus, derhalve haply, (what) manner (of man), no doubt, perhaps, so be, then, therefore, truly, wherefore 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 4 στηκετε G4739 staat, Staat stand (fast) 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 κρατειτε G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 7 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 παραδοσεις G3862 inzetting, inzettingen, overlevering ordinance, tradition 9 ας G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 10 εδιδαχθητε G1321 lerende, leerde, leren teach 11 ειτε G1535 hetzij, of ... of if, or, whether 12 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 13 λογου G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 14 ειτε G1535 hetzij, of ... of if, or, whether 15 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 16 επιστολης G1992 brief, zendbrief, brieven "epistle," letter 17 ημων G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En onze Heere Jezus Christus Zelf, en onze God en Vader, Die ons heeft liefgehad, en gegeven heeft een eeuwige vertroosting en goede hoop in genade,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 En onze HeereG2962 JezusG2424 ChristusG5547 ZelfG846, en onze GodG2316 en VaderG3962, Die ons heeft liefgehadG25, en gegevenG1325 heeft een eeuwigeG166 vertroostingG3874 en goedeG18 hoopG1680 inG1722 genadeG5485, En onze Heere Jezus Christus Zelf, en onze God en Vader, Die ons heeft liefgehad, en gegeven heeft een eeuwige vertroosting en goede hoop in genade,

KJV Now2 our Lord4 Jesus6 Christ7 himself,1 and8 God,10 even11 our Father,12 which3 hath loved15 us, and17 hath given18 us everlasting20 consolation19 and21 good23 hope22 through24 grace,25

1 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 5 ημων G1473 mij, ik I, me 6 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 7 χριστος G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 πατηρ G3962 Vader, vader, vaders father, parent 13 ημων G1473 mij, ik I, me 14 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 αγαπησας G25 liefhebben, lief, liefgehad (be-)love(-ed) 16 ημας G1473 mij, ik I, me 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 δους G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 19 παρακλησιν G3874 vertroosting, vermaning, vermanen comfort, consolation, exhortation, intreaty 20 αιωνιαν G166 eeuwige, eeuwigen, eeuwig eternal, for ever, everlasting, world (began) 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 ελπιδα G1680 hoop, hope, Hoop faith, hope 23 αγαθην G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 24 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 25 χαριτι G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Vertrooste uw harten, en versterke u in alle goed woord en werk.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 VertroosteG3870 uw hartenG2588, enG2532 versterkeG4741 uG4771 inG1722 alleG3956 goedG18 woordG3056 enG2532 werkG2041. Vertrooste uw harten, en versterke u in alle goed woord en werk.

KJV Comfort1 your hearts,4 and5 stablish6 you in8 every9 good13 word10 and11 work.12

1 παρακαλεσαι G3870 baden, bid, vertroost beseech, call for, (be of good) comfort, desire, (give) exhort(-ation), intreat, pray 2 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 3 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 καρδιας G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 στηριξαι G4741 versterkt, versterk, versterke fix, (e-)stablish, stedfastly set, strengthen 7 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 παντι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 10 λογω G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 εργω G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 13 αγαθω G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
2 Thessalonicenzen 2:1 Markus 13:27 1 Thessalonicenzen 4:14 Mattheüs 24:31 Romeinen 12:1 1 Thessalonicenzen 2:19 Genesis 49:10 1 Thessalonicenzen 3:13 Efeze 1:10
2 Thessalonicenzen 2:2 1 Johannes 4:1 1 Korinthe 1:8 Markus 13:7 1 Thessalonicenzen 5:2 1 Thessalonicenzen 4:15 Openbaring 19:20 Jesaja 7:2 Jeremia 23:25
2 Thessalonicenzen 2:3 Efeze 5:6 Daniël 7:25 Johannes 17:12 Mattheüs 24:4 1 Timotheüs 4:1 Openbaring 13:11 1 Korinthe 6:9 Daniël 11:36
2 Thessalonicenzen 2:4 Ezechiël 28:2 1 Korinthe 8:5 Openbaring 13:6 Jesaja 14:13 Daniël 7:8 Daniël 8:9 Ezechiël 28:6 Ezechiël 28:9
2 Thessalonicenzen 2:5 Lukas 24:6 Handelingen 20:31 2 Thessalonicenzen 3:10 1 Thessalonicenzen 2:11 Galaten 5:21 Johannes 16:4 Markus 8:18 Mattheüs 16:9
2 Thessalonicenzen 2:6 2 Thessalonicenzen 2:3 2 Thessalonicenzen 2:8
2 Thessalonicenzen 2:7 1 Johannes 2:18 Openbaring 17:5 Openbaring 17:7 1 Johannes 4:3 Kolossenzen 2:18 2 Timotheüs 2:17 1 Timotheüs 3:16 Handelingen 20:29
2 Thessalonicenzen 2:8 Jesaja 11:4 Openbaring 19:15 2 Thessalonicenzen 2:3 Daniël 7:10 Openbaring 2:16 Openbaring 19:20 Openbaring 18:8 2 Timotheüs 4:1
2 Thessalonicenzen 2:9 Mattheüs 24:24 Openbaring 18:23 Openbaring 19:20 Deuteronomium 13:1 Johannes 4:48 Markus 13:22 2 Korinthe 11:3 Johannes 8:44
2 Thessalonicenzen 2:10 Spreuken 1:7 1 Korinthe 1:18 2 Korinthe 4:2 1 Korinthe 16:22 Spreuken 2:1 1 Thessalonicenzen 2:16 2 Petrus 2:18 Efeze 4:14
2 Thessalonicenzen 2:11 Romeinen 1:28 Ezechiël 14:9 Ezechiël 21:29 Jeremia 27:10 Mattheüs 24:5 Johannes 12:39 Jesaja 66:4 1 Thessalonicenzen 2:3
2 Thessalonicenzen 2:12 Romeinen 1:32 Romeinen 2:8 Markus 16:16 Romeinen 8:7 2 Petrus 2:3 1 Thessalonicenzen 5:9 Psalmen 11:5 Romeinen 12:9
2 Thessalonicenzen 2:13 2 Timotheüs 1:9 1 Thessalonicenzen 1:4 2 Thessalonicenzen 1:3 Handelingen 13:48 1 Thessalonicenzen 5:9 1 Petrus 1:2 Efeze 1:4 Galaten 3:1
2 Thessalonicenzen 2:14 1 Thessalonicenzen 2:12 1 Petrus 5:10 1 Thessalonicenzen 1:5 Romeinen 8:28 Johannes 17:24 Johannes 17:22 Romeinen 8:17 Openbaring 3:21
2 Thessalonicenzen 2:15 1 Korinthe 11:2 1 Korinthe 16:13 2 Thessalonicenzen 2:2 2 Thessalonicenzen 3:6 Filippenzen 4:1 Romeinen 16:17 2 Thessalonicenzen 3:14 1 Korinthe 15:58
2 Thessalonicenzen 2:16 Johannes 3:16 1 Thessalonicenzen 3:11 1 Petrus 1:3 Efeze 5:25 Johannes 4:14 Jesaja 51:11 Lukas 16:25 2 Thessalonicenzen 1:1
2 Thessalonicenzen 2:17 2 Thessalonicenzen 3:3 1 Thessalonicenzen 3:2 1 Thessalonicenzen 3:13 2 Korinthe 1:3 1 Petrus 5:10 Jesaja 66:13 Kolossenzen 2:7 Judas 1:24
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
2 Thessalonicenzen 2 vers 1

door Dat is, zo zeker als gij deze toekomst van Christus en onze toevergadering tot Hem gelooft en verwacht. Anderen zetten het over: wat aangaat de toekomst; enz. namelijk waarvan hij in den voorgaande brief, 1 Thess. 4:5, had gesproken, hetwelk enigen onder hen niet wel schenen verstaan te hebben, waarom hij hen daarvan hier nader onderricht. Doch het eerste komt met de Griekse woorden het best overeen.

Hertaald: door Dat is: zo zeker als u deze komst van Christus en onze vergadering tot Hem gelooft en verwacht. Anderen vertalen het: wat de komst betreft, enzovoort, namelijk de komst waarover hij in de voorgaande brief, 1 Thess. 4:5, gesproken had en die sommigen onder hen niet goed begrepen leken te hebben; daarom onderricht hij hen daarover hier nader. Maar het eerste komt het best overeen met de Griekse woorden.

onze toevergadering Namelijk ten uitersten dage, in Zijne heerlijkheid, waarvan hij in den voorgaanden brief, 1 Thess. 4:16, had gehandeld.

Hertaald: onze toevergadering Namelijk onze vergadering tot Hem op de laatste dag, in Zijn heerlijkheid, waarover hij in de voorgaande brief, 1 Thess. 4:16, gesproken had.

2 Thessalonicenzen 2 vers 2

bewogen Eene gelijkenis genomen van de baren der zee, die door verschillende winden herwaarts en derwaarts worden gedreven.

Hertaald: bewogen Dit is een vergelijking, genomen van de golven van de zee, die door verschillende winden heen en weer gedreven worden.

van verstand Dat is, van de rechte mening over dit artikel des geloofs. Anderen nemen het voor het wezenlijk verstand der mensen zelf, die, wanneer zij zulke voorzeggingen van Christus' tweede komst, met uitdrukking van dag en uur, beginnen aan te nemen, dan gelijk uitzinnige mensen plegen gedreven te worden, gelijk eertijds zodanigen onder de Chiliasten (voorstanders van het duizendjarig rijk) zijn geweest, en in onzen tijd onder enige soorten van drijvers.

Hertaald: van verstand Dat is: van het juiste inzicht in dit geloofsartikel. Anderen vatten het op als het verstand van de mensen zelf: wanneer zij zulke voorzeggingen over de tweede komst van Christus met vermelding van dag en uur beginnen aan te nemen, worden zij als het ware voortgedreven als uitzinnige mensen. Zo zijn er vroeger onder de chiliasten, de voorstanders van het duizendjarig rijk, geweest, en in onze tijd onder sommige soorten drijvers.

verschrikt Of, ontroerd, ontzet, gelijk men pleegt over een haastig en onverwacht groot geroep van woelende mensen ontzet te worden.

Hertaald: verschrikt Of: verontrust, ontzet, zoals men gewoonlijk ontzet raakt door een plotseling en onverwacht groot geroep van opgewonden mensen.

door geest Dat is, door voorwending van geestelijke openbaringen, welke zulke lieden plegen voort te brengen. Zie ook 1 Joh. 4:1.

Hertaald: door geest Dat is: door het voorwenden van geestelijke openbaringen, die zulke mensen gewoonlijk naar voren brengen. Zie ook 1 Joh. 4:1.

door woord Of, rede; namelijk als van mij of Timotheüs en Silas gehoord. Anderen nemen het voor enige waarschijnlijke redenen hier en daar uit Gods Woord zonder grond bijeengebracht.

Hertaald: door woord Of: rede; namelijk een woord dat zij van mij of van Timotheüs en Silas gehoord zouden hebben. Anderen vatten het op als enkele schijnbaar aannemelijke redenen die hier en daar zonder grond uit Gods Woord bijeengebracht zijn.

door zendbrief Namelijk van hen op onzen naam verdicht, dien zodanige lieden ook plegen tevoorschijn te brengen.

Hertaald: door zendbrief Namelijk een brief die zij op onze naam verzonnen hebben; ook zulke brieven brengen zulke mensen gewoonlijk naar voren.

de dag Namelijk van Christus' tweede komst ten oordeel, alsof die terstond daarna zou geschieden.

Hertaald: de dag Namelijk de dag van de tweede komst van Christus ten oordeel, alsof die meteen daarna zou gebeuren.

2 Thessalonicenzen 2 vers 3

verleide Dit zegt de apostel, omdat deze lieden de gemeenten onder zulken schijn afkeerden van hun beroep en van hunnen gewonen arbeid, als voortaan onnodig, dewijl Christus in deze Zijne komst aan alles een einde zou maken, en een hemels leven invoeren, waarvan hij in het volgende hfdst. breder zal spreken. Anderen werden daardoor verleid om te twijfelen aan de vastigheid des Evangelies, omdat zij tevergeefs op de belofte dezer toekomst schenen te wachten, gelijk van zodanigen gesproken wordt 2 Petr. 3:3, 2 Petr. 3:8, 2 Petr. 3:9.

Hertaald: verleide Dit zegt de apostel omdat deze mensen de gemeenten onder zulk een voorwendsel afkeerden van hun beroep en van hun gewone arbeid. Dat zou voortaan niet meer nodig zijn, omdat Christus bij deze komst aan alles een einde zou maken en een hemels leven zou invoeren; daarover zal hij in het volgende hoofdstuk uitvoeriger spreken. Anderen werden daardoor verleid om te twijfelen aan de vastheid van het Evangelie, omdat zij tevergeefs op de belofte van deze komst leken te wachten, zoals over zulke mensen gesproken wordt in 2 Petr. 3:3, 2 Petr. 3:8, 2 Petr. 3:9.

die komt niet Namelijk dag van Christus, waarvan hij terstond had melding gemaakt.

Hertaald: die komt niet Namelijk de dag van Christus, waarover hij net gesproken had.

de afval Gr. Apostasia; hetwelk enige oude leraars verstaan van den afval veler koninkrijken van het Romeinse rijk, doch beter wordt genomen voor een algemenen afval van de zuiverheid des Evangelies, welken Paulus ook voorzegt 1 Tim. 4 en 2 Tim. 3, 4; Johannes, Openb. 11

Hertaald: de afval Grieks: apostasia. Enkele oude leraars verstaan dat van de afval van veel koninkrijken van het Romeinse rijk, maar het wordt beter opgevat als een algemene afval van de zuiverheid van het Evangelie, die Paulus ook voorzegt in 1 Tim. 4 en 2 Tim. 3 en 4, en Johannes in Openb. 11

geopenbaard Dat is, Zijne geestelijke heerschappij over het Christendom openlijhk zal hebben bekend gemaakte en vbevestigd, gel;ijk dit woord hierna ook gebruikt wordt, vs.6, vs.8.

Hertaald: geopenbaard Dat is: wanneer hij zijn geestelijke heerschappij over het christendom openlijk bekend gemaakt en bevestigd zal hebben, zoals dit woord hierna ook gebruikt wordt in vers 6 en vers 8.

de mens Dat is, de antichrist, de mens tot alle zonden overgegeven. Hieruit, gelijk ook uit het volgende woord de zoon, de ongerechtige, enz., willen sommigen besluiten, dat de antichrist, maar een persoon zou zijn, dien zij zeggen, dat drie en een half jaar zal heersen; dat hij al de Joden de gehele wereld door tot zich zal trekken, den tempel te Jeruzalem wederom opbouwen, en zich daarin als God zal laten eren, en alzo alle koninkrijken der aarde onder zijn gebied brengen, enz. Doch dit zijn verdichtselen, strijdende tegen alle menselijk beleid en macht, om den rechten antichrist te verduisteren, daar de werkingen en eigenschappen, die hem hierna, en doorgaans in de Openbaring van Johannes, worden toegeschreven, aan zulke verklaringen geheel vreemd zijn. Daarom, hoewel de antichrist hier onder den naam van een mens wordt beschreven, zo wordt noodzakelijk daaronder, niet één mens alleen, maar ene langdurige opvolging van mensen verstaan, die de een na den ander enerlei, ambt, macht en heerschappij hebben, gelijk zulk een manier van spreken in zodanige voorzeggingen gebruikelijk is. Zie Jes. 10:5 en Jes. 14:12;

Hertaald: de mens Dat is: de antichrist, de mens die aan alle zonden overgegeven is. Hieruit, en ook uit de volgende woorden de zoon, de ongerechtige, enzovoort, willen sommigen besluiten dat de antichrist maar één persoon zou zijn. Van hem zeggen zij dat hij drieënhalf jaar zal heersen, dat hij alle Joden over de hele wereld tot zich zal trekken, de tempel in Jeruzalem weer zal opbouwen, zich daarin als God zal laten eren en zo alle koninkrijken van de aarde onder zijn gezag zal brengen, enzovoort. Maar dat zijn verzinsels, die tegen alle menselijk beleid en macht ingaan en die dienen om de eigenlijke antichrist te verduisteren; want de werkingen en eigenschappen die hem hierna en telkens in de Openbaring van Johannes toegeschreven worden, zijn aan zulke verklaringen geheel vreemd. Daarom moet onder de naam van een mens, waarmee de antichrist hier beschreven wordt, noodzakelijk niet één mens alleen verstaan worden, maar een langdurige opeenvolging van mensen die de een na de ander hetzelfde ambt, dezelfde macht en dezelfde heerschappij hebben. Zulk een manier van spreken is in dergelijke voorzeggingen gebruikelijk. Zie Jes. 10:5 en Jes. 14:12;

de mens Jer. 48:40; Dan. 7:17; Hebr. 9:25; 1 Joh. 4:3; Openb. 17:10; te meer, dewijl de apostel in vs.7, betuigt dat deze verborgenheid der ongerechtigheid nu reeds in zijn tijd begon te werken.

Hertaald: de mens Jer. 48:40; Dan. 7:17; Hebr. 9:25; 1 Joh. 4:3; Openb. 17:10. Dat geldt te meer omdat de apostel in vers 7 betuigt dat deze verborgenheid van de ongerechtigheid in zijn tijd al begon te werken.

de zoon Dat is, die anderen verderft en zelf ten verderve gaat, en daartoe door Gods rechtvaardig oordeel beschikt is. Zie Joh. 17:12; Openb. 9:11.

Hertaald: de zoon Dat is: hij die anderen verderft en zelf naar het verderf gaat, en die daartoe door Gods rechtvaardig oordeel bestemd is. Zie Joh. 17:12; Openb. 9:11.

2 Thessalonicenzen 2 vers 4

tegenstelt Namelijk tegen Christus en Zijne leer, waarom hij ook de antichrist, dat is tegenchrist wordt genoemd, hetwelk verstaan wordt, niet van hetgeen hij met woorden zal voorgeven, maar dat zijn leer en daden zodanig zullen zijn, dat hij daardoor de ware leer van Christus en Zijn kerk zal zoeken te verdrukken, hoewel hij een anderen schijn zal willen hebben. Daarom worden hem twee hoornen toegeschreven, gelijk het lam, maar hij spreekt nochtans als de draak, en doet de werken van het eerste beest; Openb. 13:11, enz.

Hertaald: tegenstelt Namelijk tegen Christus en Zijn leer; daarom wordt hij ook de antichrist genoemd, dat is: tegenchristus. Dat moet niet verstaan worden van wat hij met woorden zal beweren, maar zo dat zijn leer en zijn daden zodanig zullen zijn dat hij daarmee de ware leer van Christus en Zijn kerk zal proberen te onderdrukken, terwijl hij toch een andere schijn zal willen ophouden. Daarom worden hem twee horens toegeschreven, zoals het Lam, terwijl hij toch spreekt als de draak en de werken van het eerste beest doet; Openb. 13:11, enzovoort.

verheft Dat is, neemt meerder gezag aan, dan iets dat God genoemd wordt in den hemel en op de aarde. Zie Ps. 82:6, en Ps. 115:3; 1 Kor. 8:5. Of, verheft tegen al. Anderen lezen, boven al dat God genoemd wordt.

Hertaald: verheft Dat is: hij neemt meer gezag aan dan wat ook maar god genoemd wordt in de hemel en op de aarde. Zie Ps. 82:6 en Ps. 115:3; 1 Kor. 8:5. Of: verheft zich tegen alles. Anderen lezen: boven alles wat god genoemd wordt.

in Of, tegen de tempel Gods. Waardoor de tempel van Jeruzalem niet kan verstaan worden, gelijk enigen voorgeven, overmits deze nu over vijftien honderd jaren verwoest is geweest, en ook verwoest moet blijven, naar de getuigenis des engels, Dan. 9:27, en van Christus Matt. 23:37, Matt. 23:38, en Matt. 24:1, Matt. 24:2. Die ook, zo hij van den antichrist weder gebouwed werd, om daarin geëerd te worden, niet de tempel Gods zou kunnen genoemd worden, maar de tempel van de antichrist, of van den duivel. Maar hierdoor wordt verstaan de gemeente Gods, waar de antichrist zichzelven in of tegen zal zetten, en welke hij met zijne heerschappij zal drukken, gelijk dit woord tempel Gods ook elders in de Schrift wordt gebruikt, 1 Kor. 3:16; 2 Kor. 6:16; 1 Tim. 3:15; 1 Petr. 2:5,enz.; en gelijk het woord zitten ook van de antichrist gebruikt wordt, Openb. 17:15, en Openb. 18:7.

Hertaald: in Of: tegen de tempel van God. Daaronder kan niet de tempel van Jeruzalem verstaan worden, zoals sommigen beweren, omdat die nu al meer dan vijftienhonderd jaar verwoest is en ook verwoest moet blijven, naar het getuigenis van de engel, Dan. 9:27, en van Christus, Matth. 23:37, Matth. 23:38 en Matth. 24:1, Matth. 24:2. En als die tempel door de antichrist weer opgebouwd zou worden om daarin geëerd te worden, dan zou hij ook niet de tempel van God genoemd kunnen worden, maar de tempel van de antichrist of van de duivel. Hieronder wordt de gemeente van God verstaan, waarin of waartegen de antichrist zich zal opstellen en die hij met zijn heerschappij zal onderdrukken; zo wordt het woord tempel van God ook elders in de Schrift gebruikt, 1 Kor. 3:16; 2 Kor. 6:16; 1 Tim. 3:15; 1 Petr. 2:5, enzovoort. En zo wordt ook het woord zitten van de antichrist gebruikt, Openb. 17:15 en Openb. 18:7.

als een Namelijk op aarde, zich zelven Goddelijke macht toeschrijvende.

Hertaald: als een Namelijk als een god op de aarde, terwijl hij zichzelf goddelijke macht toeschrijft.

zichzelven Dat is, zodanige majesteit, macht en heerschappij aannemende en oefenende, alsof hij God ware.

Hertaald: zichzelven Dat is: zulk een majesteit, macht en heerschappij aannemend en uitoefenend alsof hij God was.

2 Thessalonicenzen 2 vers 6

hem Namelijk de antichrist.

Hertaald: hem Namelijk de antichrist.

wederhoudt Dat is, zijn openbaring, of openlijke opkomst nog verhindert en ophoudt. Hierdoor wordt door sommigen verstaan de zuivere prediking van het Evangelie, en de oprechtheid der leraars in de gemeente Gods, die zolang zij in Christus' Kerk zijn behouden, zulke geestelijke heerszucht en dwaling hebben wederstaan en tegengehouden. Doch door meest alle oude leraars en van onzen tijd wordt hierdoor verstaan de opperste autoriteit en aanzien der oude keizers in het Romeinse rijk, die door hunnen wereldlijke macht de opkomende geestelijke macht van den antichrist over de Christenheid heeft wederhouden, totdat hun keizerlijke autoriteit door de Saracenen en Mohammedanen in het Oosten, en door verscheidene barbaarse volken in het Westen, zeer is gebroken en onder den voet gebracht; bij welke gelegenheid deze geestelijke overheersende macht in het Christendom is doorgebroken, en heeft hare heerschappij zelfs over keizers, koningen, prinsen en volken openlijk bevestigd, hetwelk omtrent zes honderd jaren na de geboorte van Christus van velen uit de historiën (geschiedenis) van dien tijd bewezen is. Wie

Hertaald: wederhoudt Dat is: zijn openbaring of zijn openlijke opkomst nog verhindert en tegenhoudt. Sommigen verstaan daaronder de zuivere prediking van het Evangelie en de oprechtheid van de leraars in de gemeente van God; zolang die in de kerk van Christus bewaard bleven, hebben zij zulke geestelijke heerszucht en dwaling weerstaan en tegengehouden. Maar bijna alle oude leraars en ook die van onze tijd verstaan daaronder het hoogste gezag en aanzien van de oude keizers in het Romeinse rijk. Die hebben met hun wereldlijke macht de opkomende geestelijke macht van de antichrist over de christenheid tegengehouden. Dat duurde totdat hun keizerlijk gezag zeer gebroken en onder de voet gebracht is, door de Saracenen en de mohammedanen in het Oosten en door verschillende barbaarse volken in het Westen. Bij die gelegenheid is deze geestelijke, overheersende macht in het christendom doorgebroken en heeft zij haar heerschappij zelfs over keizers, koningen, vorsten en volken openlijk gevestigd; dat is door velen uit de geschiedschrijving van die tijd bewezen voor de periode rond zeshonderd jaar na de geboorte van Christus. Wie

wederhoudt nu deze antichrist is, die deze macht in het Christendom vele honderden jaren heeft overheerst, wordt klaarlijk aangewezen Openb. 13:17, Openb. 13:18.

Hertaald: wederhoudt nu deze antichrist is, die deze macht in het christendom vele honderden jaren heeft uitgeoefend, wordt duidelijk aangewezen in Openb. 13:17, Openb. 13:18.

weet Namelijk door de waarschuwing van mij aan u gedaan, hetwelk de apostel daarom hier niet uitdrukt, om, zoals vele ouden menen, de keizers van Rome niet te zeer te vertoornen tegen de Christenen, alzo de Romeinen voorgaven dat hunne heerschappij geen einde zou hebben in de wereld.

Hertaald: weet Namelijk door de waarschuwing die ik aan u gedaan heb. De apostel drukt dat hier niet uit om, zoals veel ouden menen, de keizers van Rome niet te sterk tegen de christenen op te zetten, omdat de Romeinen beweerden dat hun heerschappij in de wereld geen einde zou hebben.

te Namelijk van God verordineerd, en den antichrist toegelaten, gelijk hier voor is verklaard.

Hertaald: te Namelijk de tijd die door God verordend is en die aan de antichrist toegelaten wordt, zoals hiervoor verklaard is.

2 Thessalonicenzen 2 vers 7

de Dat is, de heimelijk opkomst dezer ongerechtige antichristische heerschappij wordt allengskens in de Kerk van Christus bevorderd, namelijk door den Satan en enige zijner werktuigen, die door begeerte van heersen [gelijk een Diotrephes daarover bestraft wordt, 3Jo 9-10 ] ; en door invoering van valse en bijgelovige leerlingen en menselijke inzettingen, hier in den Satan, al van de tijden der apostelen af, de hand hebben geboden. Zie 1 Joh. 2:18. Of, de verborgenheid der ongerechtigheid werkt alrede.

Hertaald: de Dat is: de heimelijke opkomst van deze ongerechtige antichristische heerschappij wordt geleidelijk in de kerk van Christus bevorderd, namelijk door de satan en enkele van zijn werktuigen. Die hebben de satan al vanaf de tijd van de apostelen de hand geboden door heerszucht — zoals een Diótrefes daarover bestraft wordt, 3 Joh. 1:9-10 — en door het invoeren van valse en bijgelovige leringen en menselijke inzettingen. Zie 1 Joh. 2:18. Of: de verborgenheid van de ongerechtigheid werkt al.

Die hem Namelijk den antichrist in zijne opkomst wederhoudt, waarvan in het voorgaande vs. is gesproken.

Hertaald: Die hem Namelijk hij die de antichrist in zijn opkomst tegenhoudt, waarover in het voorgaande vers gesproken is.

hij Namelijk die hem wederhoudt.

Hertaald: hij Namelijk hij die hem tegenhoudt.

uit Dat is, alzo gebroken zal worden, en zijn kracht verliezen, dat hij deze opkomende geestelijke heerschappij niet langer zal kunnen wederstaan. Wie deze nu is, is op het voorgaande vs.6 verklaard.

Hertaald: uit Dat is: hij zal zo gebroken worden en zijn kracht zo verliezen dat hij deze opkomende geestelijke heerschappij niet langer zal kunnen weerstaan. Wie deze is, is bij het voorgaande vers 6 verklaard.

2 Thessalonicenzen 2 vers 8

alsdan Dat is, nadat hij nu zijne kracht van wederhouden zal verloren hebben.

Hertaald: alsdan Dat is: nadat hij dan zijn kracht om tegen te houden verloren zal hebben.

de ongerechtige Dat is, de antichrist die alzo genoemd wordt, omdat hij zich aan geen wetten zou onderwerpen, maar zichzelf boven alle wetten zou roemen te zijn; gelijk het Griekse woord anomos eigenlijk zonder wet, of wetteloos betekent.

Hertaald: de ongerechtige Dat is: de antichrist. Hij wordt zo genoemd omdat hij zich aan geen wetten zou onderwerpen, maar zich erop zou beroemen boven alle wetten te staan; het Griekse woord anomos betekent eigenlijk zonder wet of wetteloos.

geopenbaard Zie hiervoor de aantekening op vs.3.

Hertaald: geopenbaard Zie hiervoor de aantekening bij vers 3.

verdoen Of, verteren. Het Griekse woord analosei betekent eigenlijk spijs, drank, geld, goed, allengskens ombrengen en teniet maken. Alzo zal dan Christus te Zijner tijd ook den antichrist allengskens verdoen, en zijn aanzien benemen in de Christenheid.

Hertaald: verdoen Of: verteren. Het Griekse woord analōsei betekent eigenlijk voedsel, drank, geld en goed geleidelijk opmaken en tenietdoen. Zo zal Christus dan te Zijner tijd ook de antichrist geleidelijk tenietdoen en hem zijn aanzien in de christenheid ontnemen.

door den Geest Dat is, door de zuivere prediking des heiligen Evangelies, waardoor de Geest des Heeren krachtig is in de harten der mensen. Zie dergelijke Jes. 11:4; Hebr. 4:12; Openb. 1:16.

Hertaald: door den Geest Dat is: door de zuivere prediking van het heilige Evangelie, waardoor de Geest van de Heere krachtig werkt in de harten van de mensen. Zie iets dergelijks in Jes. 11:4; Hebr. 4:12; Openb. 1:16.

door de verschijning Dat is, door Zijn verschijning in Zijn laatste komst. Want alsdan zal het beest en de valse profeet gedood en in den poel des vuurs geworpen worden; Openb. 19:20.

Hertaald: door de verschijning Dat is: door Zijn verschijning bij Zijn laatste komst. Want dan zullen het beest en de valse profeet gedood en in de vuurpoel geworpen worden; Openb. 19:20.

2 Thessalonicenzen 2 vers 9

wiens Namelijk antichrist, waarvan hij in het begin van het voorgaande vs.8 had gesproken.

Hertaald: wiens Namelijk de antichrist, over wie hij aan het begin van het voorgaande vers 8 gesproken had.

des satans Dat is, met zodanige werking als de Satan pleegt te gebruiken om de mensen te verleiden, welke werking in de volgende verzen wordt verklaard.

Hertaald: des satans Dat is: met zulk een werking als de satan gewoonlijk gebruikt om de mensen te verleiden; die werking wordt in de volgende verzen verklaard.

in Dat is, kracht van tekenen, of wonderen, die de Satan zal te voorschijn brengen, om de heerschappij en valse leer van den antichrist te bevestigen. Zie Matt. 24:24; Openb. 13:13, enz.

Hertaald: in Dat is: kracht van tekenen of wonderen die de satan naar voren zal brengen om de heerschappij en de valse leer van de antichrist te bevestigen. Zie Matth. 24:24; Openb. 13:13, enzovoort.

wonderen Dat is, die ten dele verzonnen zullen zijn, ten dele van den Satan te weeg gebracht, om zijn dienaars in aanzien, en de arme verblinde mensen in hunnen valse voorgevingen en bijgelovigheden te houden.

Hertaald: wonderen Dat is: wonderen die gedeeltelijk verzonnen zullen zijn en gedeeltelijk door de satan tot stand gebracht, om zijn dienaars in aanzien te houden en de arme verblinde mensen bij hun valse beweringen en bijgelovigheden te houden.

2 Thessalonicenzen 2 vers 10

alle Dat is, allerlei. Want de Satam heeft ene bepaalde macht.

Hertaald: alle Dat is: allerlei. Want de macht van de satan is begrensd.

verleiding Dat is, tot ongerechtige en valse leer, gelijk het woord waarheid uitwijst, dat daartegen gesteld wordt, en gelijk hierna vs.12.

Hertaald: verleiding Dat is: verleiding tot ongerechtige en valse leer, zoals het woord waarheid aanwijst dat daartegenover gesteld wordt, en zoals hierna in vers 12.

daarvoor Dat is, in vergelding dat zij, enz., hetwelk het Griekse woord medebrengt. Het is dan ene rechtvaardige straf Gods over de verkeerdheid en ondankbaarheid van zulke mensen, gelijk in het volgende vs. nader uitgedrukt wordt.

Hertaald: daarvoor Dat is: als vergelding daarvoor dat zij, enzovoort; dat houdt het Griekse woord in. Het is dus een rechtvaardige straf van God over de verkeerdheid en de ondankbaarheid van zulke mensen, zoals in het volgende vers nader uitgedrukt wordt.

de liefde Dat is, de waarheid niet lief gehad hebben, en dientengevolgen ook niet geloofd en behouden. Zie dergelijke straf van God over de heidenen, die de natuurlijke kennis Gods niet hebben behouden; Rom. 1:28.

Hertaald: de liefde Dat is: de waarheid niet liefgehad hebben en die daarom ook niet geloofd hebben en niet behouden hebben. Zie een dergelijke straf van God over de heidenen, die de natuurlijke kennis van God niet vastgehouden hebben; Rom. 1:28.

2 Thessalonicenzen 2 vers 11

God Dat is, God zal den Satan den toom over hen los laten, om zijn kracht van verleiding tegen hen te gebruiken, en zal Zijne genade, die hen nog wederhield, voortaan inhouden, en hen alzo aan hunne eigen begeerten overgeven waardoor zij krachtiglijk tot dwaling zullen gebracht worden. Zie dergelijke oordelen Gods over de ondankbare mensen, Deut. 28:28; 2 Kron. 18:22; Job 12:17; Jes. 19:14; Rom. 1:24, en Rom. 11:8; 2 Kor. 4:3, 2 Kor. 4:4, enz.

Hertaald: God Dat is: God zal de satan de teugel over hen laten om zijn kracht van verleiding tegen hen te gebruiken; en Hij zal Zijn genade, die hen nog tegenhield, voortaan inhouden en hen zo aan hun eigen begeerten overgeven, waardoor zij krachtig tot de dwaling gebracht zullen worden. Zie dergelijke oordelen van God over ondankbare mensen in Deut. 28:28; 2 Kron. 18:22; Job 12:17; Jes. 19:14; Rom. 1:24 en Rom. 11:8; 2 Kor. 4:3, 2 Kor. 4:4, enzovoort.

leugen Dat is, verzonnen en valse leer.

Hertaald: leugen Dat is: verzonnen en valse leer.

2 Thessalonicenzen 2 vers 12

veroordeeld Gr. geoordeeld; dat is, veroordeeld, of verdoemd, gelijk meermalen in andere plaatsen.

Hertaald: veroordeeld Grieks: geoordeeld; dat is: veroordeeld of verdoemd, zoals meermalen op andere plaatsen.

de waarheid Namelijk des Evangelies.

Hertaald: de waarheid Namelijk de waarheid van het Evangelie.

ongerechtigheid Dat is, valse en ongerechtige leer, gelijk vs.10.

Hertaald: ongerechtigheid Dat is: valse en ongerechtige leer, zoals in vers 10.

2 Thessalonicenzen 2 vers 13

van den beginne Namelijk der wereld, gelijk Mi. 5:1; 1 Joh. 1:1. Dat is, van eeuwigheid, of voor de grondlegging der wereld, Ef. 1:4; hoewel het enige anderen verstaan van het begin toen hun het Evangelie is verkondigd, wanneer hen God door Zijnen Geest uit den verdorven hoop der mensen heeft verkoren, of uitgezonderd; gelijk het woord verkiezen of uitnemen, ook elders wordt genomen. Zie Joh. 15:16, en 1 Kor. 1:27. Dan, de eerste verklaring schijnt op het volgende vs. wel zo bekwamelijk te passen, dewijl de verkiezing, waar Paulus hier van spreekt, voor de roeping gaat, gelijk ook te zien is Rom. 8:29, Rom. 8:30, en Rom. 9:23, Rom. 9:24; maar de dadelijke uitverkiezing uit den verdorven hoop der mensen, die in den tijd geschiedt, volgt na de roeping, dewijl deze uitzondering door de roeping des Evangelies wordt teweeggebracht.

Hertaald: van den beginne Namelijk van het begin van de wereld, zoals in Micha 5:1; 1 Joh. 1:1. Dat is: van eeuwigheid, of vóór de grondlegging van de wereld, Ef. 1:4. Toch verstaan sommige anderen het van het begin waarop het Evangelie hun verkondigd is, toen God hen door Zijn Geest uit de verdorven menigte van de mensen verkoren of afgezonderd heeft; zo wordt het woord verkiezen of uitnemen ook elders gebruikt. Zie Joh. 15:16 en 1 Kor. 1:27. Maar de eerste verklaring lijkt beter te passen bij het volgende vers, omdat de verkiezing waarover Paulus hier spreekt aan de roeping voorafgaat, zoals ook te zien is in Rom. 8:29, Rom. 8:30 en Rom. 9:23, Rom. 9:24. De werkelijke afzondering uit de verdorven menigte van de mensen, die in de tijd gebeurt, volgt echter na de roeping, omdat die afzondering door de roeping van het Evangelie tot stand gebracht wordt.

in heiligmaking Of door, dat is, welke zaligheid door de heiligmaking des Geestes en het geloof wordt verkregen, en derhalve van uwe eeuwige verkiezing een onfeilbaar merkteken is; Rom. 8:14; 2 Kor. 1:22.

Hertaald: in heiligmaking Of: door heiligmaking; dat is: deze zaligheid wordt verkregen door de heiligmaking van de Geest en door het geloof, en die zijn daarom een onfeilbaar kenmerk van uw eeuwige verkiezing; Rom. 8:14; 2 Kor. 1:22.

geloof Dat is, hetwelk op de waarheid des Evangelies ziet en steunt.

Hertaald: geloof Dat is: het geloof dat op de waarheid van het Evangelie ziet en daarop steunt.

2 Thessalonicenzen 2 vers 14

tot Dat is, om de eeuwige heerlijkheid door Christus en met Christus te verkrijgen; Rom. 8:17; Openb. 3:21.

Hertaald: tot Dat is: om de eeuwige heerlijkheid door Christus en met Christus te verkrijgen; Rom. 8:17; Openb. 3:21.

2 Thessalonicenzen 2 vers 15

de inzettingen Gr. overleveringen, overgevingen. Zo noemt de apostel de vermaningen en leringen, die zij van hem hadden ontvangen, zowel de leer, als het leven aangaande, niet alleen als hij bij hen tegenwoordig was, maar ook die hij nu in deze zendbrieven heeft voorgesteld. Zie 1 Kor. 11:2; 2 Thess. 3:6.

Hertaald: de inzettingen Grieks: overleveringen, overdrachten. Zo noemt de apostel de aansporingen en leringen die zij van hem ontvangen hadden, zowel over de leer als over het leven; niet alleen die hij gaf toen hij bij hen was, maar ook die hij nu in deze brieven voorgesteld heeft. Zie 1 Kor. 11:2; 2 Thess. 3:6.

door ons Namelijk als ik bij u tegenwoordig was.

Hertaald: door ons Namelijk toen ik bij u aanwezig was.

2 Thessalonicenzen 2 vers 16

een Dat is een vaste vertroosting, gegrond op de belofte van het eeuwige leven.

Hertaald: een Dat is: een vaste troost, gegrond op de belofte van het eeuwige leven.

goede Namelijk van onze verlossing en eeuwige zaligheid; 1 Petr. 1:3, 1 Petr. 1:4.

Hertaald: goede Namelijk de hoop op onze verlossing en eeuwige zaligheid; 1 Petr. 1:3, 1 Petr. 1:4.

in Dat is, door Zijne genade.

Hertaald: in Dat is: door Zijn genade.

2 Thessalonicenzen 2 vers 17

goed Dat is, geven dat gij u zelven en anderen met godzalige woorden en werken altijd moogt stichten en versterken.

Hertaald: goed Dat is: geve dat u uzelf en anderen met godvrezende woorden en werken altijd mag opbouwen en versterken.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
De mens der zonde (de wederhouder)  — Paulus' aankondiging dat vóór de dag van Christus eerst "de afval" moet komen en "de mens der zonde, de zoon des verderfs" geopenbaard moet worden — een macht die nu nog tegengehouden wordt door "wat hem wederhoudt", totdat die wederhouder wordt weggenomen

Om de Thessalonicenzen gerust te stellen dat de dag van Christus niet reeds aangebroken was, schrijft Paulus: "die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs; die zich tegenstelt, en verheft boven al wat God genaamd, of als God geëerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende, dat hij God is" (2 Thess. 2:3-4). Deze openbaring wordt nog opgehouden: "wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd" (2 Thess. 2:6), en het vers erna: "Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden" (2 Thess. 2:6-7). Zijn optreden zal "naar de werking des satans" zijn, "in alle kracht, en tekenen, en wonderen der leugen" (2 Thess. 2:9), maar zijn einde staat vast: hij is degene "welken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst" (2 Thess. 2:8).

Bijbelse betekenis: Paulus laat de identiteit van wat hem wederhoudt met opzet ongenoemd — hij herinnert de Thessalonicenzen slechts aan wat hij hun mondeling al had uitgelegd (2 Thess. 2:5-6, niet apart aangehaald), en de tekst zelf geeft geen namen. Uitleggers hebben door de eeuwen heen verschillend gedacht over de precieze identificatie, zowel van "wat hem wederhoudt" als van de mens der zonde. Het register onthoudt zich hier bewust van een eigen identificatie en beperkt zich tot wat de tekst zelf zegt: een macht van zelfverheffende godslastering, tijdelijk tegengehouden, uiteindelijk door Christus Zelf teniet gedaan bij Zijn verschijning. Het hoofdstuk sluit overigens niet bij dit dreigende beeld, maar bij de troostvolle zekerheid van de verkiezing: "God van den beginne verkoren heeft tot zaligheid, in heiligmaking des Geestes, en geloof der waarheid" (2 Thess. 2:13-14).

Typologie: Johannes spreekt van "de antichrist" die komen zal, en van "vele antichristen" die er reeds zijn (1 Joh. 2:18; 1 Joh. 4:3). Daniël tekent in het Oude Testament al een vergelijkbare zelfverheffende figuur: "hij zal zichzelven verheffen, en groot maken boven allen God" (Dan. 11:36). En de Openbaring tekent eenzelfde godslasterlijke macht (Op. 13:5).

2 Thess. 2:1,3-4,6-9,13-14; Dan. 11:36; 1 Joh. 2:18; 1 Joh. 4:3; Op. 13:5

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Het verbond niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Van den beginne verkoren tot zaligheid — 2:13-17

In Thessalonica gaat het gerucht dat de dag van Christus al aangebroken is, en de gemeente is erdoor bewogen. Paulus schrijft eerst uitvoerig dat er nog iets aan vooraf moet gaan. En dan keert hij zich naar hen toe.

Tegenover onrust over de eindtijd zet Paulus geen tijdschema maar een vaste grond die vóór de tijd ligt.

De omslag is hoorbaar in de aanhef: maar wij zijn schuldig altijd God te danken over u, broeders, die van den Heere bemind zijt.

En dan de grond: dat u God van den beginne verkoren heeft tot zaligheid, in heiligmaking des Geestes en geloof der waarheid.

De kanttekening bespreekt eerlijk waar dat begin ligt. Zij noemt eerst: van het begin van de wereld, dat is van eeuwigheid, of vóór de grondlegging van de wereld, met verwijzing naar Efeze 1. En zij vermeldt dat sommige anderen het verstaan van het begin waarop het Evangelie hun verkondigd is.

Bij de heiligmaking en het geloof merkt zij iets op dat de pastorale bedoeling raakt: deze zaligheid wordt verkregen door de heiligmaking van de Geest en door het geloof, en die zijn daarom een onfeilbaar kenmerk van uw eeuwige verkiezing.

Daarmee is de verkiezing geen raadsel om over te tobben maar iets waarvan men de sporen kan zien.

Het gedeelte loopt uit op een zegenbede waarin de volgorde opvalt: en onze Heere Jezus Christus Zelf, en onze God en Vader, Die ons heeft liefgehad en gegeven heeft een eeuwige vertroosting en goede hoop in genade.

De Zoon wordt eerst genoemd, en het werkwoord dat volgt staat in het enkelvoud — beiden samen zijn de bron van die troost.

En wat gevraagd wordt is precies wat een verontruste gemeente nodig heeft: dat Hij uw harten vertrooste en u versterke in alle goed woord en werk. Geen nieuwe kennis over de tijden, maar vastheid.

  1. Efeze 1:4 — Uitverkoren vóór de grondlegging der wereld.
  2. 2 Thessalonicenzen 2:13 — Van den beginne verkoren tot zaligheid.
  3. 2 Thessalonicenzen 2:13 — In heiligmaking des Geestes en geloof der waarheid.
  4. 2 Thessalonicenzen 2:16 — Een eeuwige vertroosting en goede hoop in genade.
  5. Romeinen 8:30 — Die Hij tevoren verordineerd heeft, dezen heeft Hij ook geroepen.
  6. Johannes 10:29 — Niemand kan ze rukken uit de hand Mijns Vaders.

In het Nieuwe Testament: Efeze 1:3-6; Romeinen 8:29-30; 1 Petrus 1:2; Johannes 10:27-29

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

2 Thessalonicenzen 2

2 Thessalonicenzen 2:1-2

KruisverwijzingenMarkus 13:271 Thessalonicenzen 4:14Mattheüs 24:311 Johannes 4:11 Korinthe 1:8Markus 13:7Romeinen 12:11 Thessalonicenzen 2:19
— En wij bidden u, broeders, door de toekomst van onzen Heere Jezus Christus, en onze toevergadering tot Hem, Dat gij niet haastelijk bewogen wordt van verstand, of verschrikt, noch door geest, noch door woord, noch door zendbrief, als van ons geschreven, alsof de dag van Christus aanstaande ware.

In de gemeente van Christus is altijd geleerd dat Christus spoedig komt. Die leer mag nooit worden losgelaten, want Hij komt spoedig, zoals Hij tegen Johannes zei in de Openbaring. Tegelijk heeft deze leer aan sommige aanmatigende mensen de gelegenheid gegeven te profeteren dat Christus op zulk of zulk een tijdstip zal komen. Zij weten er niets van, en hun profetieën zijn de adem niet waard die zij eraan besteden. In zijn eerste brief aan de Thessalonicenzen had Paulus geschreven alsof hij verwachtte dat Christus onmiddellijk zou komen. De mensen schijnen zijn woorden zo letterlijk te hebben opgevat, dat zij in verwachting van Christus’ komst leefden, en misschien zelfs enige angst daarover toonden. Nu stelt hij hun gemoed gerust, door hun te vertellen dat Christus niet zou komen voordat bepaalde gebeurtenissen hadden plaatsgevonden. De geschiedenis van de wereld was nog niet voltooid, de oogst van de Gemeente was nog niet rijp. Ook de zonde van de mens, en vooral de “mens der zonde,” was nog niet ten volle ontwikkeld.

2 Thessalonicenzen 2:3-4

KruisverwijzingenEfeze 5:6Daniël 7:25Johannes 17:12Mattheüs 24:41 Timotheüs 4:1Ezechiël 28:21 Korinthe 8:5Openbaring 13:11
— Dat u niemand verleide op enigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij, en dat geopenbaard zij de mens der zonde, de zoon des verderfs; Die zich tegenstelt, en verheft boven al wat God genaamd, of als God geeerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende, dat hij God is.

Als deze “mens der zonde” niet de paus van Rome is, kunnen wij niet zeggen wie dan de antichrist is. Zou deze beschrijving in een opsporingsbericht staan, en waren wij politieagenten, dan zouden wij niet aarzelen. Wij zouden de paus aanhouden als de man wiens karakter overeenkomt met het signalement in onze hand. Hoe noemt hij zichzelf? “Plaatsbekleder van Christus op aarde.” Wat doet hij anders dan zichzelf laten aanbidden en vereren alsof hij goddelijk was, zich uitgevend voor de bron en het kanaal van alle genade? Ik geloof dat dit voor een groot deel al gebeurd is, en dat de “mens der zonde” geopenbaard is. Deze “zoon des verderfs” heeft al lang, in duisternis en verschrikking, geheerst over talloze mensen. Nog altijd zit hij op de zeven heuvelen van Rome, en heerst hij over menigten van zijn medezondaren. Er is gezegd dat de paus van Rome onfeilbaar is, dat zijn uitleg van de Schrift, wat die ook mag zijn, evenveel geldigheid heeft als de Schrift zelf. Wat hij ook verordent, moet volgens die leer door de gelovigen gehoorzaamd worden. Dit zijn enkele van de aanmatigingen die de “mens der zonde” ook in onze tijd nog heeft. Maar Paulus hield eraan vast dat het niet tegenstrijdig is te verwachten dat de Heere spoedig komt, en toch te weten dat er bepaalde gebeurtenissen moeten plaatsvinden voordat Hij komt. Dat is, denk ik, precies de gemoedsgesteldheid waartoe iemand komt die de Schrift, en vooral de profetische gedeelten ervan, ijverig en onpartijdig leest. De Heere zal komen op een uur dat wij niet verwachten. Toch zijn er duidelijke aanwijzingen van bepaalde dingen die moeten gebeuren voordat Hij komt.

2 Thessalonicenzen 2:5-7

Kruisverwijzingen1 Johannes 2:18Openbaring 17:5Openbaring 17:71 Johannes 4:3Lukas 24:6Handelingen 20:312 Thessalonicenzen 3:101 Thessalonicenzen 2:11
— Gedenkt gij niet, dat ik, nog bij u zijnde, u deze dingen gezegd heb? En nu, wat hem wederhoudt, weet gij, opdat hij geopenbaard worde te zijner eigen tijd. Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden.

Er waren bepaalde redenen waarom die reusachtige ongerechtigheid zich al moest beginnen te ontwikkelen, terwijl het Romeinse rijk nog aan de macht was om haar in toom te houden. Toen dat rijk verdween, kreeg “de verborgenheid der ongerechtigheid” de gelegenheid om de dwingeland van de wereld te worden.

2 Thessalonicenzen 2:7-10

KruisverwijzingenJesaja 11:4Mattheüs 24:24Spreuken 1:71 Korinthe 1:181 Johannes 2:18Openbaring 19:152 Thessalonicenzen 2:3Openbaring 18:23
— Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt alrede gewrocht; alleenlijk, Die hem nu wederhoudt, Die zal hem wederhouden, totdat hij uit het midden zal weggedaan worden. En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst; Hem, zeg ik, wiens toekomst is naar de werking des satans, in alle kracht, en tekenen, en wonderen der leugen; En in alle verleiding der onrechtvaardigheid in degenen, die verloren gaan; daarvoor dat zij de liefde der waarheid niet aangenomen hebben, om zalig te worden.

Dit is de laatste zonde van alle: dat goddeloze mensen “de liefde der waarheid” niet aannemen. Waren zij zelf oprecht, dan zouden zij de waarheid liefhebben. Was Gods genade in hen, dan zou Zijn eigen kostbare waarheid door hen boven alles geacht worden. Maar wanneer mensen uiteindelijk de waarheid verwerpen waardoor zij zalig konden worden, bezoekt God hen met verschrikkelijke oordelen.

2 Thessalonicenzen 2:11-14

Kruisverwijzingen2 Timotheüs 1:91 Thessalonicenzen 1:4Romeinen 1:322 Thessalonicenzen 1:3Handelingen 13:481 Thessalonicenzen 2:12Romeinen 1:28Romeinen 2:8
— En daarom zal God hun zenden een kracht der dwaling, dat zij de leugen zouden geloven; Opdat zij allen veroordeeld worden, die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welbehagen hebben gehad in de ongerechtigheid. Maar wij zijn schuldig altijd God te danken over u, broeders, die van den Heere bemind zijt, dat u God van den beginne verkoren heeft tot zaligheid, in heiligmaking des Geestes, en geloof der waarheid; Waartoe Hij u geroepen heeft door ons Evangelie, tot verkrijging der heerlijkheid van onzen Heere Jezus Christus.

Terwijl God over de ongelovigen “een kracht der dwaling” zendt, is het genadeverbond met de gelovigen juist tegenovergesteld. Overweeg uw ware positie in Gods oog, opdat u opgeheven wordt uit de ashopen van uw klachten. Schud het stof van uw twijfels af, en wind het rouwgewaad van uw vrees los. Doe uw prachtige klederen van heilige blijdschap aan, en zing luid voor Hem, door Wiens genade u waardig gemaakt bent om “broeders, die van den Heere bemind zijt” genoemd te worden.

2 Thessalonicenzen 2:16-17

KruisverwijzingenJohannes 3:162 Thessalonicenzen 3:31 Thessalonicenzen 3:21 Thessalonicenzen 3:131 Thessalonicenzen 3:111 Petrus 1:3Efeze 5:252 Korinthe 1:3
— En onze Heere Jezus Christus Zelf, en onze God en Vader, Die ons heeft liefgehad, en gegeven heeft een eeuwige vertroosting en goede hoop in genade, Vertrooste uw harten, en versterke u in alle goed woord en werk.

Daar ligt de bron van al onze zegeningen. De bron van onze tegenwoordige troost en van ons toekomstig volharden is het feit dat Christus de onze is. Wij moeten nu naar Hem opzien met de aanbiddende ogen van onze eerbiedige overdenking, in Zijn heerlijke Godheid en Zijn volmaakte mensheid. Omdat Hij God is, is Hij almachtig, en die almacht wendt Hij aan voor ons. Omdat Hij God is, is Hij alwetend, en die slapeloze ogen van Hem waken altijd over ons. Omdat Hij God is, is Hij onveranderlijk, en die eeuwige liefde van Hem, die geen schaduw van verandering kent, is op ons gevestigd. Verruim uw gedachten aangaande de Heere. Denk zeer hoog van Hem. Verheerlijk Hem met uw hart en met uw tong. Zo zij het, om Jezus’ wil! Amen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content