Welke invloeden hebben de jonge Charles gevormd? Vooral de puriteinse sfeer waarin hij opgroeide was belangrijk. Tegenwoordig heeft het woord ‘puritein’ voor velen een slecht imago. Het beeld van een puritein is dat van een streng en ontmoedigend persoon – iemand met een lange lijst van wat wel en niet mag (vooral niet mag), wiens belangrijkste doel in het leven is om het plezier van anderen te bederven. Maar de realiteit van het puritanisme dat in het Engeland van de zestiende en zeventiende eeuw bloeide, was heel anders dan dat beeld. Het is waar dat puriteinen vaak activiteiten wantrouwden die de meeste christenen vandaag de dag als onschuldig zouden beschouwen, zoals dansen en naar het theater gaan. Maar het waren hartelijke en zeer toegewijde christenen, die in de verste verte niet leken op de vreugdeloze bemoeials. Puriteinse predikers en schrijvers bestudeerden de Bijbel grondig en produceerden gedetailleerde theologische werken. Deze werken waren zelden droog of stoffig (hoewel ze extreem lang konden zijn). Wat opviel aan de puriteinen was de manier waarop hun krachtige leerstellingen hand in hand gingen met een rijke, diepe ervaring van God. We zouden kunnen zeggen dat ze een geloof hadden dat zowel hun hoofd als hun hart raakte. Het waren ook praktische mensen die in de praktijk voor Christus wilden leven.

De onafhankelijke kerk in Stambourne had een lange en gevierde puriteinse traditie, die was voortgezet door een reeks geliefde predikers. En James Spurgeon was er trots op dat hij het pad volgde dat anderen hadden gebaand. Een grote bibliotheek met puriteinse boeken was van predikant op predikant doorgegeven; deze werden in de pastorie bewaard. Toen Charles opgroeide, glipte hij vaak de donkere kamer binnen waar ze waren opgeborgen om ze te bekijken. Hij was een zeer begaafde jongen, maar het is nog steeds moeilijk te geloven dat hij veel begreep van wat hij las, tenminste in het begin, vooral omdat hij bekende dat hij sommige enorme boeken nauwelijks kon optillen. Maar één boek maakte vrijwel meteen een diepe indruk op hem. Dit was de puriteinse klassieker The Pilgrim’s Progress, geschreven door John Bunyan en voor het eerst gepubliceerd in de zeventiende eeuw. Het boek is een allegorie, of parabel, van het christelijke leven, geschreven in een levendige en populaire stijl.
Het vertelt het verhaal van een jonge man genaamd Christen die in Jezus gaat geloven en dan aan zijn pelgrimstocht van discipelschap begint. Onderweg ontmoet hij een kleurrijke verzameling personages met namen als Geloofwaardig, Hopende en Onkunde, die hem helpen of hinderen op zijn reis. Christen passeert plaatsen als de Ijdelheids Kermis en Kasteel Twijfel (waar hij een reus genaamd Wanhoop ontmoet) voordat hij uiteindelijk zijn bestemming bereikt, de Hemelse Stad, de hemel. Bij het omslaan van de pagina’s was de jonge Charles gefascineerd. De editie die hij had gevonden was rijk geïllustreerd met veel tekeningen die de gebeurtenissen in het boek beschreven. Niet alleen kon hij Bunyans levendige proza lezen, maar hij kon ook zien hoe Christus zich moedig door het moeras worstelde en heldhaftig de rivier des doods overstak. The Pilgrim’s Progress was een boek dat hij zijn hele leven zou koesteren – op een bepaald moment in zijn bediening beweerde hij het minstens honderd keer gelezen te hebben! Het was het enige boek, naast de Bijbel, dat hij meer waardeerde dan enig ander. Als kleine jongen werden beelden en uitdrukkingen uit The Pilgrim’s Progress in zijn bewustzijn gebrand en beetje bij beetje werd zijn visie op het christelijke leven gevormd.
Charles’ grootvader was sterk beïnvloed door werken als The Pilgrim’s Progress en de zwaardere delen van de puriteinse theologie die in de pastorie werden bewaard. In een tijd waarin sommige predikers begonnen te twijfelen aan de historische waarheden van het christelijk geloof, waren James’ preken en algemene principes robuust Bijbels. En wat hij vanaf de kansel predikte, bracht hij thuis in praktijk. Het familiegebed was altijd een belangrijk onderdeel van het puriteinse gedachtegoed. Het streven was dat het hele gezin dagelijks samenkwam om uit de Bijbel te lezen, samen een psalm te zingen en te bidden. Charles deed hier altijd aan mee en toen hij wat ouder was, mocht hij vaak uit de Bijbel lezen. Er waren momenten dat het jonge kind midden in een zin stopte en bekende dat hij geen idee had wat de woorden die hij las betekenden. James was altijd vriendelijk in de manier waarop hij zijn kleinzoon behandelde. Het is waarschijnlijk dat de familiegebeden langer duurden dan normaal als Charles thuis was.
De jongen keerde in 1841 terug naar zijn ouders. De financiële situatie van John en Eliza was iets verbeterd. Ze waren nu goed ingeburgerd in Colchester en waren blij Charles weer te kunnen verwelkomen. Terug in het ouderlijk huis nam Charles deel aan de huiselijke godsdienstoefeningen die door zijn vader werden geleid. Deze momenten waren belangrijk in het huishouden van zijn ouders, hoewel het erop lijkt dat, gezien hun groeiende gezin en de druk waaronder ze stonden, de routine van elke dag samen bidden soms in het gedrang kwam. Het vroegste bewaard gebleven geschrift van Charles getuigt hiervan. Toen hij elf jaar oud was, maakte hij een klein, handgeschreven ‘tijdschrift’ dat zijn familie kon lezen. Hierin schreef hij dat op zondag 11 april 1846 een geplande gebedsbijeenkomst voor het gezin was ‘overgeslagen’, en voegde eraan toe: ‘Ik hoop dat het hervat zal worden.’ De gebedsbijeenkomst de zondag daarop was ‘zeer goed’, en de zondag daarop werd het weer overgeslagen, waarop Charles schreef: Wat een achteruitgang! Hij geloofde er heilig in, zelfs op die leeftijd, dat zegeningen door gebed tot stand komen. Zoals we zullen zien, zou dit een essentieel aandachtspunt zijn voor zijn hele leven en bediening. Charles vond het niet gemakkelijk om naar zijn ouderlijk huis terug te keren. Terugkijkend op deze tijd schreef hij later:
Ik herinner me nog hoe verdrietig ik was toen ik de eerste keer afscheid nam van mijn opa; het was het grootste verdriet uit mijn jonge leven. Grootvader leek ook erg verdrietig en we huilden samen. Hij wist niet precies wat hij tegen me moest zeggen, maar hij zei: ‘Nou kind, als vanavond de maan schijnt in Colchester en je kijkt ernaar, bedenk dan dat het dezelfde maan is waar je grootvader vanaf Stambourne naar zal kijken.’ Als kind heb ik jarenlang van de maan gehouden omdat ik dacht dat op de een of andere manier de ogen van mijn grootvader en mij elkaar in de maan zouden ontmoeten.

Dit laat zien welke bijzondere relatie Charles met zijn grootvader had. Zelfs toen hij nog bij zijn ouders woonde, bezocht de jongen Stambourne zo vaak hij kon. Maar hij raakte ook gesteld op het huis van zijn ouders. Op zondagavond sprak zijn moeder vaak met haar kinderen over christelijke aangelegenheden, kleine gesprekjes waarvan Charles later zou zeggen dat ze diep in zijn jonge hart verankerd zaten en niet vergeten konden worden. Ze bad regelmatig en herhaaldelijk voor het heil van haar kinderen. Het is moeilijk om te overdrijven hoezeer het vrome voorbeeld en de christelijke liefde van zijn ouders en grootouders het leven van Charles hebben beïnvloed. Charles ging naar een plaatselijke school, het Stockwell House, in Colchester. Toen hij veertien was, gingen hij en zijn broer James naar een kostschool van de Church of England in Maidstone, Kent. Niets van dit alles was gratis en Charles’ ouders offerden veel op om het onderwijs voor hem en zijn broers te betalen. De jonge Charles deed het altijd goed. Hij was duidelijk buitengewoon intelligent, maar hij maakte zich niet geliefd bij de wiskundeleraar in Maidstone, die toevallig zijn oom was. De jonge scholier wees de leraar regelmatig op fouten – waar de hele klas bij was. Zijn oom was waarschijnlijk opgelucht toen Charles na een jaar vertrok naar een academie in Newmarket. Daar had hij de rol van assistent. Naast zijn eigen studie betekende dit ook dat hij een deel van zijn tijd besteedde aan het lesgeven aan de jongere jongens. Dit was in 1849, Charles Spurgeon was toen vijftien jaar oud.